Rond de brand in de Amsterdamse Vondelkerk in de nacht van 31 december op 1 januari circuleren op sociale media duizenden ongefundeerde berichten, aldus de NOS. Hierin wordt gesuggereerd dat sprake zou zijn van een islamitische aanslag.
Volgens directeur Jelle Postma, voormalig AIVD-medewerker, is sprake van een georganiseerde desinformatiecampagne. Hij stelt dat op 1 en 2 januari ongeveer 20 procent van de berichten op X een link legde tussen de brand en moslims. ‘Al een paar minuten na het nieuws over de brand zien we de eerste valse claims verschijnen’, zegt hij tegen de NOS.
Aanvankelijk gaat het om suggestieve vragen als ‘Zouden het moslims zijn?’, maar binnen een uur worden die vervangen door stellige beschuldigingen. Een van de berichten luidde: ‘Heel toevallig een kerk en geen moskee… FU tering moslims.’
Extreemrechtse influencers als Eva Vlaardingerbroek en Tommy Robinson (pseudoniem van Stephen Christopher Yaxley-Lennon) pikten de berichten snel op. Vlaardingerbroek sprak over een ‘act of war’ en riep op om terug te vechten om ‘onze beschaving’ te redden. Robinson pleitte voor massale deportaties.
Volgens Postma verandert de verspreiding daarna in hoog tempo in een massale golf van desinformatie. Steeds opnieuw wordt daarin gesuggereerd dat de brand een bewuste aanval op christenen was, toegeschreven aan moslims en een linkse elite.
Ook pro-Kremlinkanalen deden een duit in het zakje, wat volgens Postma past in een bredere strategie om lokale gebeurtenissen te polariseren. UvA-hoogleraar Politieke Communicatie Claes de Vreese wijst op het commerciële en politieke belang van influencers die inspelen op woede: ‘Het wordt dan gebruikt om in te spelen op de woede en boosheid die er al is: ragebait heet dat.’
De gevolgen zijn volgens Postma merkbaar op verschillende niveaus, van jongeren die op straat worden aangesproken tot politieke partijen die retoriek overnemen. Het ontkrachten van de claims is lastig zolang het onderzoek naar de brand loopt. Postma waarschuwt dat desinformatie de democratie kan ondermijnen: ‘Soms moet je democratie ook tegen zichzelf beschermen.’
Eduard Mangal heeft van de kantonrechter een vergoeding van meer dan 20.000 euro toegewezen gekregen, nadat hij in de zomer van vorig jaar op staande voet was ontslagen door de Amsterdamse afdeling van Denk. Dit schrijft Quote.
Mangal werkte sinds 2018 voor de Denk-fractie in Amsterdam en vervulde later ook de rol van fractievertegenwoordiger. De arbeidsrelatie verslechterde echter al langere tijd, met onder meer moeizame functioneringsgesprekken en mediationtrajecten in 2024 en begin 2025.
De spanningen liepen verder op toen Mangal kritiek uitte op een interne vergadering, waarin volgens hem onderscheid werd gemaakt tussen islamitische en niet-islamitische collega’s. Kort daarna mocht hij de fractie niet langer vertegenwoordigen. In dezelfde periode meldde hij zich ziek, waarna discussies ontstonden over zijn re-integratie.
Het conflict escaleerde in juli, toen Denk hem per direct ontsloeg. De partij vond dat Mangal een eigen politiek initiatief – de Coalitie van Kleur – had gepromoot terwijl hij nog in dienst was. Dit deed hij onder meer via sociale media en tijdens een publiek evenement. Mangal ontkende dat sprake was van een formele partij en stelde dat hij handelde binnen de afspraken.
De rechter oordeelde dat het ontslag op staande voet disproportioneel was. Hoewel Mangal verwijtbaar had gehandeld, had Denk volgens de rechtbank minder ingrijpende stappen moeten zetten. Daarom heeft hij recht op meerdere vergoedingen, samen goed voor ruim 20.000 euro. Inmiddels werkt Mangal aan zijn nieuwe partij, die nu De Nieuwe Politiek heet. Hij hoopt op 18 maart tussen de een en drie zetels te halen, zo vertelde hij de Kanttekening.
Binnen het Afrikaanse denken is de gemeenschap cruciaal en ondersteun je elkaar, vertellen filosofen Pius Mosima en Henk Haenen. ‘Als een oude oom ziek is, bel je hem.’
Bij Uitgeverij Noordboek verscheen onlangs het boek Afrikaanse filosofie. Het is een inleiding op de brede filosofische tradities die al eeuwen bestaan in Afrika ten zuiden van de Sahara. We spraken hierover met auteurs Pius Mosima en Henk Haenen.
Bestaat er eigenlijk zoiets als Afrikaanse filosofie?
Pius Mosima: ‘Opmerkelijk genoeg vraagt niemand zich af of er zoiets bestaat als Griekse, westerse of Chinese filosofie. Maar zodra het over Afrika gaat, lijkt die vraag ineens vanzelfsprekend. Natuurlijk bestaat er Afrikaanse filosofie. Veel Afrikaanse denktradities draaien om richtinggevende principes over het leven, over de betekenis van het bestaan en over hoe mensen zich tot elkaar verhouden. Afrikaanse filosofie is altijd verbonden met context en culturele waarden. Ze was lange tijd onzichtbaar, onder een soort koloniale betovering. Nu proberen we haar weer zichtbaar te maken. Filosofie is niet alleen rede; het is ook cultuur die de rede op een bepaalde manier inkleurt. Daarom spreken we van culturele filosofie, maar net zo goed van een wereldbeschouwing, wat de Duitsers Weltanschauung noemen. We willen het begrip filosofie verbreden. Afrikaans denken is breder dan academische filosofie. Om die reden besteden we ook aandacht aan de sages, de wijzen.’
Henk Haenen: ‘Daarom is de ondertitel van ons boek Stemmen van wijsheid. In het Westen is filosofie vooral een geschreven traditie, gericht op een relatief klein publiek. Afrikaanse filosofie is in oorsprong een orale traditie: mensen filosoferen met elkaar, in ontmoeting. Dat lijkt eigenlijk sterk op Socrates. Voor veel Afrikaanse denkers ís Socrates ook een sage: iemand die vragen stelt om de samenleving cultureel en sociaal verder te brengen.’
En hoe zit het dan met Noord-Afrikaanse denkers zoals Augustinus of Ibn Khaldoun? Vallen zij ook onder Afrikaanse filosofie?
Pius Mosima
Mosima: ‘In ons boek richten we ons vooral op Sub-Sahara-Afrika. De tendensen die we beschrijven, komen daar vandaan. Noord-Afrika is historisch en cultureel veel sterker verbonden met de Arabische wereld. We noemen die tradities wel in onze inleiding, maar de filosofie die wij analyseren is fundamenteel anders. Ze draait om ubuntu en om sage-filosofie.’
Haenen: ‘We hebben vooral gekeken naar de inhoudelijke structuur van het denken. De filosofie van Sub-Sahara-Afrika heeft andere grondpatronen dan de Noord-Afrikaanse filosofie. Wij onderzoeken hoe er in deze traditie gekeken wordt naar politiek, de samenleving en de onderliggende structuren van het bestaan.’
Wat is ubuntu precies? Is het dé Afrikaanse filosofie, of slechts één stroming?
Mosima: ‘Afrika kent talloze culturen en filosofieën; wij kunnen alleen de grote lijnen schetsen. Ubuntu, ik ben omdat wij zijn, is een van de meest invloedrijke. In Sub-Sahara-Afrika is de gemeenschap essentieel. Ubuntu drukt die wereldblik uit. Mensen zijn verbonden met elkaar, maar ook met dieren, de omgeving en de natuur. Het gaat om onderlinge verbondenheid.’
Haenen: ‘Die verbondenheid heeft ook een spirituele dimensie. Het familieconcept is veel breder dan in het Westen. Wie ben jij? Je bent deel van een gemeenschap die zich uitstrekt over generaties. Voorouders, de levende doden en de nog niet geborenen zijn aanwezig. Dat intergenerationele “wij” is doorslaggevend.’
Heeft Afrikaanse filosofie ook een eigen epistemologie (kennisleer), of is het vooral een ‘way of life’?
Haenen: ‘Ubuntu bevat zeker een kennisleer. In het woord zelf zit al een kosmologie: ubu verwijst naar “zijn”, ntu naar de spirituele kracht die de werkelijkheid ontvouwt. Gemeenschappen spelen daarin een cruciale rol. De epistemologie gaat over hoe je de werkelijkheid ziet. En die blik is relationeel.’
Mosima: ‘Gemeenschap en context zijn essentieel voor weten. Veel westerse filosofie maakt onderscheid tussen materie en vorm, tussen fysiek en spiritueel. In Afrika bestaat dat onderscheid niet als radicale tegenstelling. Weten is daarentegen complementair: je kent dingen niet in stukjes, maar in hun geheel. Kennis is zowel fysiek als spiritueel.’
Afrikaanse filosofie begint bij de gemeenschap. Hoe geven we samen zin aan het leven?
Haenen: ‘Het dynamische aspect is belangrijk. Westerse filosofie heeft de neiging de werkelijkheid te fixeren, te analyseren in onderdelen en die later weer samen te voegen. Binnen veel Afrikaanse filosofische tradities wordt de werkelijkheid eerder als een geheel benaderd.’
Veel Afrikaanse filosofie is mondeling overgeleverd. Maakt dat haar niet moeilijker te begrijpen?
Mosima: ‘Veel Afrikaanse denktradities zijn inderdaad oraal, al bestaat er ook schriftelijke filosofie. De afgelopen decennia is veel werk verricht om de wijsheid van sages op te tekenen en te systematiseren. De Keniaanse filosoof Henry Odera Oruka heeft hiertoe met zijn boek Sage Philosophy een belangrijke stap gezet. Hij bracht met deze publicatie een levendige discussie op gang die weer tot nieuwe wegen en publicaties in de Afrikaanse filosofie leidde. Maar het strikte onderscheid tussen schriftelijk en mondeling is zelf al een gevolg van een westerse blik. Er is nu een debat hierover: moet filosofie geschreven zijn om kritisch te kunnen worden onderzocht? Sommige filosofen vinden van wel, anderen niet. Zelf pleit ik voor een evenwicht en vooral een interactie tussen de twee.’
Wat kan westerse filosofie leren van Afrikaanse filosofie?
Henk Haenen
Haenen: ‘Het belang van het “wij”. In het Westen is eenzaamheid een groot probleem. Afrikaanse filosofie begint bij de gemeenschap. Hoe geven we samen zin aan het leven? Westerse filosofie leidt soms tot atomisering: het verlies van sociale ruimte en relaties. In verschillende Afrikaanse politieke tradities wordt consensus als belangrijk uitgangspunt gezien. Mensen luisteren en zoeken gezamenlijk naar rechtvaardigheid en naar ruimte om te leven. Onderlinge verbondenheid is hierbij essentieel. En verzoening; denk aan conflicten zoals in Oekraïne. Het is belangrijk dat je de ander echt begrijpt. Afrikaanse filosofie biedt handvatten hiervoor, inclusief emotionele motieven. Ze geeft ruimte aan de emotionele kant van communicatie. Dat is een rijke bron voor westerse politici en samenlevingen.’
Mosima: ‘En we zien dat het Westen zelf verandert. Het autonome individu staat minder centraal, de verhouding tot de natuur verandert en er komt meer ruimte voor spirituele kennis.’
Hoe kijkt Afrikaanse filosofie naar politiek en economie?
Mosima: ‘In de politiek draait het om consensus. Iedereen wordt gehoord, ook de voorouders. Ubuntu betekent dat iedereen wint, niet the winner takes it all. Het nadeel van deze benadering is wel dat minderheden soms minder gehoord worden, maar het uitgangspunt blijft dat de gemeenschap centraal staat. Economie is niet alleen kapitalisme. Het gaat om welzijn, gemeenschap en natuur. Julius Nyerere in Tanzania probeerde dat. Het draait niet alleen om winst, maar om gedeeld welzijn.’
Haenen: ‘Het draait om delen, om verantwoordelijkheid voor de aarde. Sharing first. Het is niet communistisch of socialistisch, maar wel sociaal. De gemeenschap is het basisprincipe. De uitgebreide familie is cruciaal om Afrikaanse filosofie te begrijpen.’
Mosima: ‘Precies. De uitgebreide familie is het tegenovergestelde van het westerse kerngezin. Het is de boom van Ubuntu, inclusief de overledenen en de nog niet geborenen. Je ondersteunt elkaar. Het gaat om het “wij”. Als een oude oom ziek is, bel je hem. Je staat dicht bij elkaar.’
De drie belangrijkste eigentijdse Afrikaanse filosofen volgens Pius Mosima en Henk Haenen:
Mogobe Ramose (Zuid-Afrika): Hij heeft de Ubuntu-filosofie op de kaart gezet; een filosofie van het ‘wij’ die in grote lijnen (en onder andere benamingen) in een groot deel van Afrika erkend wordt als uitgangspunt voor verder filosoferen. Ramose benadrukt de noodzakelijke verbinding tussen filosofisch denken en handelen. Hij geeft daarmee een algemene karakteristiek van Afrikaanse filosofie aan: de studeerkamer en de collegezalen hebben veel open deuren en ramen naar de samenleving toe.
Paulin Hountondji (Benin): Hij heeft de Afrikaanse filosofie verbonden met de westerse wetenschapsfilosofie en epistemologie. Hierbij bieden fenomenologische denkers als Edmund Husserl, maar ook taalfilosofen als Jacques Derrida, hem de nodige aanknopingspunten. Voor hem is het belangrijk dat filosofie ook schriftelijk wordt vastgelegd, zodat het bereik en de precisie van het filosoferen vergroot en verdiept kunnen worden.
Sophie Bosèdé Olúwolé (Nigeria): Zij heeft er filosofisch voor gepleit het volledige ‘stemrecht’ te erkennen van bepaalde mondeling overgeleverde filosofie die zorgvuldig door kenners van generatie op generatie is overgedragen, zoals het Ifa-corpus van de Yoruba-bevolking. Ook is haar streven naar emancipatie gericht op het filosofische stemrecht van vrouwen.
Afrikaanse filosofie, Henk Haenen en Pius Mosima, Noordboek, 428 blz., € 34,90
AVROTROS heeft de serie Hila voorbij de Taliban offline gehaald nadat een Afghaanse vrouw die herkenbaar in beeld was door de Taliban is gearresteerd. Volgens de omroep gebeurt dit uit veiligheidsoverwegingen voor de betrokkenen aldus Villamedia.
De vrouw, een sportlerares uit de Afghaanse stad Herat, werd samen met haar vader opgepakt door de Taliban-inlichtingendienst. Zoals te zien is in de serie gaf ze vrouwen les in de vechtsport taekwondo. Dit gebeurde in het geheim, omdat vrouwen niet mogen sporten in Afghanistan.
Het is niet duidelijk of haar arrestatie direct verband houdt met haar deelname aan de documentaire, waarin zij openlijk sprak over de positie van vrouwen onder het Taliban-bewind. Afghaanse media maken deze link wel.
De serie, gepresenteerd door Hila Noorzai, volgt vrouwen in Afghanistan na de machtsovername door de Taliban in 2021. Mensenrechtenorganisaties en internationale waarnemers hebben hun zorgen uitgesproken over de arrestaties en roepen op tot onmiddellijke vrijlating.
In de laatste opiniepeiling van Maurice de Hond staat de PVV op zeventien zetels, negen minder dan de partij nu in de Tweede Kamer heeft. Het radicaal-rechtse Forum voor Democratie zit echter in de lift: de partij stijgt van zeven zetels naar veertien.
Dat de populariteit van de PVV afneemt is misschien niet zo verrassend. Sinds de partij van Geert Wilders door VVD wordt uitgesloten zijn veel PVV-stemmers uitgeweken naar andere partijen. Velen kwamen terecht bij JA21.
Ondertussen groeide ook Forum voor Democratie. De partij werd lange tijd geleid door Thierry Baudet, maar hij is omstreden vanwege buitenissige uitspraken over de Uil van Minerva, de maanlanding, 9/11 en reptielen. Bij de laatste verkiezingen liet de partij zich daarom vertegenwoordigen door Lidewij de Vos. Deze strategie had succes. FvD steeg van drie zetels naar zeven. Maar de groei stopte daar niet, blijkt nu uit de peilingen van Maurice de Hond.
FvD heeft extreme standpunten op het gebied van migratie, veiligheid en grensbewaking. De partij wil een asielstop van tien jaar, ‘criminele asielzoekers’ uitzetten en remigratie bevorderen. Bovendien wil FvD zoveel mogelijk klimaatbeleid terugdraaien en juist ruimte bieden aan diesel- en gasvoertuigen.
FvD onderscheidt zich echter vooral in zijn buitenlandbeleid en heeft zich meerdere malen achter de Russische president Vladimir Poetin geschaard. De partij wil dat Nederland een neutrale positie inneemt in de wereldpolitiek, net als Zwitserland, en wil vooral geen Nederlandse jongeren naar Oekraïne sturen.
De partij zet stevig in op de gemeenteraadsverkiezingen. Op 18 maart doet FvD mee in minimaal 100 Nederlandse gemeenten.
Vandaag is het negentien jaar geleden dat de Turks-Armeense journalist Hrant Dink werd vermoord. ‘Hij was een ongekend moedige en principiële journalist’, vertelt de Armeens-Nederlandse journalist Chris de Ploeg.
Dink werd, na hoogoplopende spanningen in Turkije, voor zijn kantoor van de door hem opgerichte krant Agos op klaarlichte dag doodgeschoten. ‘Onze pijn is niet weg, gerechtigheid is er niet’, kopt de krant vandaag. Dink zal vandaag om 14.30 uur voor zijn kantoor worden herdacht.
‘Het is nu 19 jaar geleden dat Hrant van ons werd weggenomen’, staat in een persverklaring van Agos over de herdenking, waarin ook de nadruk wordt gelegd op het feit dat de moordzaak nog steeds niet is opgelost. ‘De rechtszaak heeft zich in de tijd uitgestrekt; veel van degenen die berecht hadden moeten worden, zijn door verjaring vrijuit gegaan en degenen die hem tot doelwit hadden gemaakt, zijn onaangeroerd gebleven.’
Toch is er in de treurig stemmende verklaring ook aandacht voor wat Dink heeft bereikt. ‘De woorden van Hrant Dink zijn niet verloren gegaan. Ze zijn in de loop der jaren alleen maar sterker geworden. Voor degenen die zijn geboren toen hij werd vermoord, gaat er een wereld open waarin “vrede” en “verzoening” centraal staan, naarmate zij Hrant leren kennen. Dat is een troost.’
Met de Armeens-Nederlandse activist en journalist Chris de Ploeg reflecteert de Kanttekening kort op de nalatenschap van ahparig, broeder in het Armeens, Hrant Dink.
Hoe zou Hrant Dink kijken naar de huidige periode van oorlog en geweld?
‘Hrant Dink was een ongekend moedige en principiële journalist. Hij heeft zich altijd ingezet voor verbinding en verzoening binnen Anatolië, maar altijd op een stevige basis van rechtvaardigheid en mensenrechten. Ik denk daarom niet dat hij tevreden zou zijn met de huidige situatie in Turkije, Armenië, Koerdistan en Azerbeidzjan. Hoewel er steeds meer vredesprocessen zijn – tussen de PKK en Turkije, tussen Armenië en Azerbeidzjan – zien we dat deze grotendeels voortkomen uit harde machtspolitiek.’
Wat bedoel je precies?
‘In Syrië steunt Turkije milities en een regime dat alawieten, druzen, Armenen en Koerden afslacht. De overeenkomst rond Artsakh tussen Armenië en Azerbeidzjan kwam tot stand onder druk van een brute humanitaire blokkade, gevolgd door etnische zuivering en culturele genocide. Nota bene bewapend door Israël, dat zijn kans direct daarna schoon zag om een genocide te plegen in Gaza, grotendeels uitgevoerd met olie uit Azerbeidzjan, die via Turkije naar Israël wordt verscheept.’
Dink zou zich daar zeker over opwinden, meen je?
‘Dink had altijd weinig geduld met hypocrisie, ook van onze zogenoemde “vrienden” in Europa. Hij deed veel voor de erkenning van de Armeense genocide, maar wanneer Turkse genocideontkenning door xenofoben werd misbruikt om Turkije uit de EU te weren, sprak hij zich daartegen uit. En over islamofoob beleid tegen de hijab was hij net zo scherp, ongeacht dat hij zelf christen was. Ik weet zeker dat zijn oordeel nu, over partijen als de ChristenUnie, nog vele malen harder zou zijn. Er is geen ruimte om een Armeense genocide te herdenken en tegelijkertijd een genocide in Palestina te steunen.’
Interessant. En over Trump?
‘Voor een racist als Trump zou Dink natuurlijk geen enkel respect hebben. Het is een leider die grootschalig geweld tegen migranten pleegt en in één jaar tijd al zeven landen bombardeerde. Het enige positieve dat er over Trump kan worden gezegd, is dat hij niet meer de moeite doet om met liberale excuses te komen voor zijn agressie. Het is klinkklare taal: oorlog voor olie.’
Nog laatste woorden over Dink?
‘Wat minder vaak wordt benoemd, is dat Hrant Dink ook een socialist was. Zeker in zijn vroege jaren was hij sympathisant van communistische groeperingen in Turkije, die vaak ook de uitzonderingen waren waarin wel erkenning was voor de Armeense genocide. Het past in een bredere geschiedenis van socialistisch antiracisme, die ik uitgebreid behandel in mijn boekentrilogie De Grote Koloniale Oorlog. En in een traditie die ik nu probeer voort te zetten als lijsttrekker in Amsterdam namens De Vonk. Er is duidelijk een lange weg te gaan, en de risico’s die Dink trotseerde in Turkije zijn vele malen groter dan wat wij hier nu in Nederland trotseren. Juist daarom moet zijn principiële, moedige houding ons inspireren en ons het doorzettingsvermogen geven om te blijven strijden: voor een wereld zonder racisme, fascisme en armoede.’
Uit de recente ETHOS-telling (*) blijkt dat er in Amsterdam zo’n 11.000 daklozen zijn, met een veel hoger percentage buitenslapers dan in de rest van het land. In het straatbeeld is dat niet meer te missen. Experts vertellen wat erachter schuilgaat en wat eraan te doen is. Aflevering 2: het locatiehoofd.
‘Zoveel nu nog functionerende mensen zijn zo kwetsbaar, die zitten echt op een kantelpunt’, aldus Kathleen Denkers, locatiehoofd bij inloophuis Makom in de Amsterdamse Pijp, en al twintig jaar actief in deze vorm van hulpverlening. Inloophuis Makom is onderdeel van De Regenboog Groep, een voor de stad onmisbare organisatie die zich op alle mogelijke manieren inzet voor degenen die dat het hardst nodig hebben.
Het gaat op deze vroege ochtend bijna open. Binnen is het warm, de zaaltjes zijn schoon en fris. Er staan planten, er hangen schilderijtjes aan de muren en het ruikt naar koffie. Personeel en vrijwilligers lopen druk heen en weer ter voorbereiding op het lhbtqia+-ontbijt.
‘De stress van economische dakloosheid drijft mensen die verkeerde kant op’
Kathleen schetst het nut en de noodzaak van het huis. ‘We zijn zeven dagen per week open. Zo’n honderd mensen per dag kloppen hier aan. Je kunt hier douchen, kleding krijgen, vuile kleding voor schone ruilen, en we bieden gratis koffie, thee en maaltijden. We hebben een ruimte waar bezoekers kunst kunnen maken. We doen aan film- en thema-avonden, speciale dagen voor vrouwen en voor de lhbtqia+-gemeenschap. In de kern gaat het er vooral ook om de mensen te leren kennen; ze bij hun naam noemen, zorgen dat ze zich gezien voelen, zich even ergens thuis kunnen voelen. Op straat ben je er niet, of hooguit als storende factor. Mensen lopen je voorbij, willen niets met je te maken hebben. We kennen dat allemaal wel. Je hebt niet altijd zin in zo’n contactmoment. Maar als dakloze is het iets dat aan je gaat vreten. Dat moment van menselijkheid en rust vormt de dagelijkse basis van wat we hier proberen te doen.’
Helpen jullie daklozen ook op de langere termijn?
‘Een groot deel van ons werk bestaat er inderdaad ook uit dat we de route richting maatschappelijk werk en hulpverlening faciliteren. We bieden bijvoorbeeld ook hulptrajecten aan op het gebied van schulden, verslaving en psychische problemen. Wil je dat allemaal optimaal doen… dat vraagt aandacht en tijd. En dan komen we bij de huidige situatie…’
‘Veel daklozen verdoven het gevoel van de straat’
U bedoelt dat er inmiddels 11.000 daklozen in Amsterdam zijn?
‘Ja. Een nacht buiten doorbrengen is veel zwaarder dan men doorgaans denkt. Twee nachten, en laat staan langer, dat hakt er enorm in. Soms moeten we ’s ochtends, vanwege brandveiligheid, mensen buiten laten wachten; één eruit, één erin. Dat kan niet anders. Stel je dat even voor, in de regen en de kou, na zo’n nacht buiten slapen – of eigenlijk “buiten lopen”, want daar komt het in de praktijk op neer. En we hebben, omdat het vaak zo druk is, voor persoonlijk contact bijna geen tijd. En juist daar ligt vaak het kantelpunt. Zakt iemand verder weg of is er zicht op een weg naar boven?’
En dat kantelpunt zie je steeds vaker bij wat ‘economische dakloosheid’ wordt genoemd: mensen die hier en daar moeten slapen door financiële problemen, bijvoorbeeld na een scheiding en door de vastgelopen woningmarkt.
‘Ja. Een belangrijk aspect van deze recente telling is dat nu dus ook de economisch daklozen zijn meegenomen. Dat zijn inderdaad mensen die het moeten hebben van kort slapen bij familie, vrienden en vage kennissen, met al dan niet goede bedoelingen. Veel daklozen verdoven het gevoel van de straat en alles wat daarbij komt. En de stress van economische dakloosheid drijft mensen die verkeerde kant op. Dat bedoel ik met dat kantelpunt.’
Kunt u daar een voorbeeld uit de praktijk van geven?
‘Aan schrijnende verhalen geen gebrek natuurlijk. Maar als voorbeeld: we hebben hier een vrouw van in de vijftig, we noemen haar maar even Marieke. Ze komt hier steeds vaker. Ze is goed opgeleid en spreekt keurig. Heeft een achtergrond die in ieder geval op het eerste gezicht redelijk stabiel is. Ze kwam erachter dat ze op vrouwen viel en is gaan scheiden. Kon geen woning vinden – en dan eerst het kennissencircuit, toen de straat. Ze kwam terecht bij de geestelijke gezondheidszorg, in een instelling waar ze uiteindelijk niet wilde blijven. Dat is die glijdende schaal.’
Waar zit volgens u de oplossing?
‘Dat ligt eigenlijk nogal voor de hand. Deze situatie mag in een rijk land als het onze gewoon niet bestaan. Het is eigenlijk vanzelfsprekend, uit oogpunt van beschaving, dat we mensen opvangen. En voor het straatbeeld is het ook veel beter. Het begint bij menselijk contact: wat vertrouwen laten ontstaan, hoop bieden en zicht op een uitweg. De meeste inloophuizen zijn overvol en de gevolgen daarvan heb ik net zo’n beetje geschetst. We hebben er tien in de regio Amsterdam en er zijn er gewoonweg meer nodig.’
(*) De ETHOS-methode van de Europese Unie telt niet alleen mensen die op straat leven, maar ook mensen in tijdelijke opvang, mensen die net uit een instelling komen en mensen die tijdelijk bij familie of vrienden verblijven. In de hele regio Amsterdam-Amstelland gaat het om 13.070 dak- en thuislozen: 11.352 volwassenen en 1.718 kinderen.
Het Koerdische autonome gebied in Noord-Syrië bestaat niet meer in de vorm zoals het was. Sinds de nederlaag van IS hadden de Koerden de macht in het gebied ten oosten van de Eufraat, maar dat is nu voorbij.
In minder dan 48 uur heeft het Syrische leger grote delen van het gebied veroverd, nadat ook interne opstanden van Arabische stammen waren ontstaan tegen het SDF-bestuur. Dat bestuur trok zich noodgedwongen terug naar noordelijker gebieden waar Koerden een meerderheid vormen, zo meldt de NOS.
Halsoverkop is er een nieuw staakt-het-vuren gesloten tussen de Syrische interim-president Ahmed al-Sharaa en Mazloum Abdi van de Koerdisch geleide SDF. Een saillant detail is dat Abdi het bestand online heeft ‘getekend’, via een videoverbinding. Damascus lijkt voor hem en andere aan de SDF gelieerde Koerden niet langer een veilige plek.
Syrië krijgt met deze deal toegang tot de grootste olievelden van het land, die lange tijd in Koerdische handen waren. Daarnaast moeten de Koerden ook de duizenden IS-gevangenen overdragen, waaronder die uit kamp Al-Hol. Deze gevangenen zijn lange tijd tevergeefs als wisselgeld voor internationale erkenning gebruikt door de Koerden. Naar verluidt zouden sommige buitenlandse IS-gevangenen al zijn vrijgelaten.
De Verenigde Staten maar ook Turkije hebben een stevige vinger in de pap bij de ontwikkelingen van de afgelopen dagen. Terwijl Turkije Syrië steunt om separatistische Koerdische neigingen in binnen- en buitenland de kop in te drukken, lijken de Verenigde Staten de laatste strohalm voor de Koerden. Zonder hun steun dreigt het hele gebied van meerdere kanten te worden bezet door Turkse en Syrische troepen.
Devlet Bahceli, leider van de extreem-nationalistische MHP en coalitiepartner van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan, wil niets weten van Koerdische autonomie bij de zuiderburen. Hij noemde SDF-leider Mazloum Abdi onlangs zelfs een ‘proxy van zionisten’.
De Amerikaanse speciale gezant Tom Barack sprak over ’twee grote Syrische leiders’ die zijn samengekomen ‘om een betere toekomst voor alle Syriërs te creëren’. Maar zijn sussende woorden kunnen de vijandige Turkse en Syrische houding tegenover de Koerden nauwelijks verhullen.
Een normale collegedag aan de Birzeit-universiteit op de Westoever verandert in chaos wanneer het Israëlische leger de campus binnenvalt. Tijdens de inval raken elf studenten gewond. Studenten en docenten spreken van intimidatie en een aanval op het recht op onderwijs.
‘Een student is in zijn been geschoten’, zegt Mohammad Hureini op Instagram op 6 januari. Het Israëlische leger is zojuist zijn universiteit op de bezette Westelijke Jordaanoever binnengevallen. Mohammed filmt met zijn telefoon terwijl hij over het universiteitsterrein loopt. Je hoort harde knallen en geweerschoten. Hij stopt bij een jongen die op de grond ligt; hij is geraakt door een kogel. ‘Dit is onderdeel van het dagelijks leven onder de bezetting’, zegt Mohammed.
Het had een normale dinsdag moeten zijn. Een dag waarop studenten colleges volgen en zich voorbereiden op hun tentamens. ‘We gingen naar onze lessen. De dag begon zoals iedere andere dag op de universiteit’, vertelt student Hiba Jabra via WhatsApp aan de Kanttekening. Palestijnse studenten zijn veel gewend: dagelijkse controles bij checkpoints, militaire invallen in hun dorpen, de constante dreiging van geweld. ‘Maar op de universiteit hoort het anders te zijn. Een incident als dit, tijdens lesuren, heb ik nog nooit meegemaakt.’
‘Ineens was het leger er’
De inval begint met een harde knal. ‘Ineens was het leger er’, zegt Jabra. Drie gepantserde wagens met Israëlische militairen komen aan bij de ingang van de Birzeit-universiteit. Te voet gaan de militairen vervolgens naar binnen en schieten daar een traangasgranaat af. ‘Mijn vrienden en ik renden bij de kunstfaculteit naar binnen. We waren op zoek naar een veilige plek. Op de bovenste verdieping verstopten we ons uiteindelijk op een gang.’
Groepen studenten lijken op dat moment het doelwit van de inval. Er wordt een traangasgranaat afgevuurd en er wordt geschoten – ook met echte kogels. Elf studenten raken gewond door het geweld van de Israëlische militairen; drie van hen worden geraakt door kogels, meldt de Rode Halve Maan. ‘We zijn heel erg geschrokken’, zegt Jabra. ‘Ik zag dat sommige studenten zo bang waren dat ze al hun spullen hadden achtergelaten. Andere studenten waren aan het huilen.’ Jabra zit uiteindelijk driekwartier verstopt op de gang van het universiteitsgebouw voordat ze weer naar buiten durft.
Inval is ‘zeldzaam’
Lector dr. Ghassan Khatib is op het moment van de inval niet op de universiteit. Hij wordt thuis gebeld en vertrekt meteen richting de universiteit. Eenmaal aangekomen moet hij buiten bij de ingang wachten totdat de inval voorbij is. ‘Toen we uiteindelijk naar binnen konden, zagen we dat er studenten gewond waren’, vertelt Khatib via de telefoon. ‘De verplegers uit de universiteitskliniek hielpen hen tot de ambulances kwamen. Daarna ging ik met de studenten mee naar het ziekenhuis.’
Khatib heeft nog nooit een inval als deze meegemaakt bij de universiteit. Hij vertelt dat het gebruikelijk is dat het leger ongeveer één keer per jaar ’s nachts een inval doet. ‘Ze doorzoeken dan alle gebouwen, maar er vallen geen gewonden.’ Ook zijn er weleens clashes tussen studenten en militairen, zegt Khatib. ‘Maar zo’n inval, zonder provocatie, zonder enige reden, dat is zeldzaam.’
De reden blijkt een bijeenkomst te zijn die studenten hebben georganiseerd uit solidariteit met de duizenden Palestijnen die vastzitten in Israëlische gevangenissen. Ook wordt daar de film over Hind Rajab vertoond, een zesjarig meisje dat door troepen in Gaza werd vermoord. Volgens het Israëlische leger was het een bijeenkomst ’ter ondersteuning van terrorisme’.
Solidariteit met Palestijnse gevangenen
‘Het is geen terreur; studenten willen gewoon hun steun betuigen aan de Palestijnen die vastzitten. Er zijn recent weer gevangenen gestorven in Israëlische gevangenissen’, zegt Khatib. Sinds het begin van de genocide in Gaza zijn er minstens 87 Palestijnen omgekomen in Israëlische gevangenissen. Volgens de Commissie Gevangenenzaken ligt het aantal boven de 100, maar Israël heeft niet van iedereen die is gestorven de identiteit vrijgegeven. Het exacte aantal is daarom moeilijk te controleren. De sterfgevallen zijn volgens mensenrechtenorganisaties het gevolg van slechte omstandigheden in de gevangenissen, waar Palestijnen onder meer te maken hebben met marteling, uithongering, medische nalatigheid en slechte hygiëne.
‘Er zijn meer checkpoints, meer moorden’
‘En er zitten ook nog eens ruim 100 studenten van Birzeit vast’, zegt Khatib. ‘Medestudenten willen hun solidariteit laten zien en de Israëli’s willen dat voorkomen.’ Volgens de lector wordt het gedrag van het Israëlische leger op de Westoever steeds agressiever. ‘Er worden meer mensen opgepakt, er zijn meer checkpoints, meer moorden, meer inname van land. Alles wordt agressiever, ook richting het onderwijs.’ In de afgelopen twee jaar zijn er volgens VN-organisatie OCHA zo’n 150 checkpoints bijgekomen op de Westoever. Ook werden in diezelfde periode ruim 1000 Palestijnen gedood door Israëlische militairen en kolonisten.
Traumaverwerking: ‘we gaan door’
Het Palestijnse ministerie van Onderwijs veroordeelde de gewelddadige inval en stelde dat de aanval alle internationale normen en verdragen met betrekking tot onderwijsinstellingen negeerde. De aanval zal ‘de wil van Palestijnse studenten of medewerkers niet breken’, zegt het ministerie in een statement. Ook roept het ministerie de Internationale Vereniging van Universiteiten, de Vereniging van Arabische Universiteiten en internationale mensenrechtenorganisaties op de Israëlische inval te veroordelen.
‘Na de inval zijn de meeste studenten zo snel mogelijk naar huis gegaan’, zegt Jabra. ‘We waren bang dat de militairen terug zouden komen.’ De volgende dag keert Jabra alweer terug naar de universiteit. ‘We hebben geen andere keuze. We moeten op dit soort situaties voorbereid zijn. Helaas zijn die onderdeel van ons dagelijks leven geworden.’
‘Wij zijn een universiteit en we blijven open’
In de dagen na de inval krijgen de studenten psychologische hulp bij het verwerken van wat er is gebeurd. ‘We praten met de studenten’, zegt lector Khatib. ‘Docenten praten met studenten tijdens de lessen over wat er is gebeurd. Het mentale aspect is heel belangrijk. Studenten waren erg bang en zijn getraumatiseerd door de inval. Het is niet niks om een half uur lang geweerschoten te horen en niet te weten hoe het met andere studenten gaat; het is traumatiserend. Tegelijkertijd willen we een duidelijk signaal afgeven: wat er ook gebeurt, wij zijn een universiteit en we blijven open, we blijven onderwijzen, we gaan door.’
Khatib sluit zich aan bij het statement dat de Birzeit-universiteit uiteindelijk naar buiten brengt. ‘Het bestormen van de campus op klaarlichte dag en het veranderen ervan in een militair gebied weerspiegelt een systematisch beleid dat erop gericht is studenten te intimideren, hun recht op onderwijs te ondermijnen en het Palestijnse bewustzijn aan te vallen’, aldus de verklaring.
Khatib: ‘Het was een vreselijke dag, en het had nog zoveel erger kunnen zijn. Er werd met echte kogels geschoten. Het is een wonder dat er niemand is overleden.’
Het sprookje van de Atlasleeuwen inspireert duizenden jonge Marokkanen over de hele wereld. Het zorgt voor trots en verbinding op een manier die maar zelden voorkomt onder Marokkanen, en dat ook nog eens voor het oog van de rest van de wereld. Tot nu toe heeft de Kanttekening de prestaties van het Marokkaanse elftal vooral met mannelijke duiders besproken. Maar hoe zit het met de ‘leeuwinnen van de Atlas’? Hoe ervaren Marokkaans-Nederlandse vrouwen de Afrika Cup?
Zondag is het zover. De beste van Afrika zal er met de cup vandoor gaan en meteen het visitekaartje voor het WK later dit jaar in Amerika afgeven. De Afrikaanse finalisten Marokko en Senegal hebben zich immers ook voor het WK gekwalificeerd. De Afrika Cup wordt nauwlettend gevolgd, bijvoorbeeld op Ziggo Sport, waar vrijwel elke wedstrijd van Marokko in feeststemming wordt nabeschouwd. Komt er zondag ook een happy end? We gaan het zien.
Tot nu toe heeft de Kanttekening de Afrika Cup vooral besproken met Marokkaans-Nederlandse mannen. ‘Bij ons thuis – en eigenlijk in de hele familie – leeft de Afrika Cup enorm. Mijn kinderen tussen de 11 en 15 jaar, inclusief onze jongste dochter, zitten er helemaal in, vooral bij de wedstrijden van Marokko’, zei Abdel el Bacha over hoe het toernooi.
De Amsterdamse presentator en docent Esmaa Alariachi is blij met de aandacht voor de leeuwinnen van de Atlas. ‘Ja, dat zijn de moeders die de leeuwen van de Atlas hebben gebaard en hen steunen en bijstaan, en zodoende hun steentje bijdragen aan de samenleving. Het zijn dochters en levenspartners van de leeuwen. Zonder de leeuwinnen van de Atlas waren er geen leeuwen van de Atlas.’
Alariachi is lyrisch en trots op het Marokkaanse elftal. ‘Zij vormen de rode draad in dit hele verhaal, en rood en groen kleuren nu de hele wereld. Azië, Europa, Amerika: overal zie je mensen die iets met Marokko hebben opstaan en sociale media volledig overnemen. Ik vind het prachtig. Marokkanen hebben altijd gestreden. De Atlasleeuwen en -leeuwinnen hebben altijd gestreden. Daarom zijn het de Atlasleeuwen. Het verschil is dat het nu op het wereldtoneel zichtbaar wordt, en dat gevoel van erkenning is erg zoet.’
De Rotterdamse Khamissa Boussekla geeft niet veel om voetbal, maar wil wel kwijt dat haar moeder van 84 daar heel anders in staat. ‘Zo belde ik haar standaard voor een gezellig babbeltje in de avond. Ze nam zoals gewoonlijk vrolijk op, maar zei ook: ‘Het gaat goed met mij, ik heb gegeten en gedronken en het is helemaal prima, maar dochter, niet beledigd zijn, want ik hou het kort.’
‘Ik hoop dat de Afrika Cup voor vrouwen evenveel aandacht krijgt’
Boussekla stond perplex van die lichte afwijzing, en al helemaal van de afronding van het korte gesprek. ‘’Nou, love you schat, maar voetbal begint, ik heb er zin in’, aldus mevrouw Boussekla van 84.
Samen in de spotlights
De kritische verhalenverteller Soumaya Bazi uit Amsterdam Nieuw-West kan ook genieten van de Afrika Cup, maar plaatst ook kanttekeningen. ‘Het enige wat ik als vrouw kan zeggen, is dat ik de hele tijd kritisch ben – en dat blijf rondom deze hele Afrika Cup. Ik geniet echt van de saamhorigheid en de verbinding. Wanneer staan Afrikanen nu samen in de spotlights en kunnen ze elkaar ontmoeten en tegen elkaar spelen? Dat is mooi. Maar ik hoop dat de Afrika Cup voor vrouwen in maart evenveel aandacht krijgt.’
Ze heeft nog meer kritiek.
‘We weten allemaal dat de FIFA (waar de CAF, die de Afrika Cup organiseert, bij aangesloten is, red.) een corrupte bende is. Het is niet voor niets dat de Afrika Cup dit jaar in Marokko wordt gehouden. En ook het WK voor clubs wordt in 2029 waarschijnlijk in Marokko gehouden.’
‘We weten allemaal dat de FIFA een corrupte bende is’
Dat de FIFA goede banden onderhoudt met de Marokkaanse overheid is volgens Bazi een teken aan de wand. ‘Voetbal is tegenwoordig helaas meer politiek dan spel geworden.’
Alariachi beziet dat juist als positief. ‘De Afrika Cup zet Marokko op de wereldkaart. Alle ogen zijn gericht op Marokko’, zegt ze, en meent dat dat ook goed is voor Marokkaanse vrouwen. ‘Het zijn de vrouwen die de gemeenschap maken. De vrouwen zijn de bouwstenen. Zonder de vrouwen is er niks. Wij zijn het sterke geslacht. En als je ook nog eens Atlasleeuwenbloed door je aderen hebt stromen, kijk dan maar uit wereld. Because you’re going to get infected by the red and green virus.’
Gen Z-protesten
Bazi herinnert echter aan de Gen Z-protesten van vorig jaar. ‘Die werden met veel geweld door de Marokkaanse staat neergeslagen. Dat waren jonge mensen, meisjes en jongens, vrouwen en mannen, alweer een nieuwe generatie die om precies dezelfde rechten vroeg als weleer. Namelijk goed onderwijs, goede zorg en waardigheid als Marokkaans burger.’
Volgens haar zorgen zulke grote sportevenementen ervoor dat onderdrukking wordt verstopt onder versiering. ‘Zo’n cup is daarom ook afleiding. Om de corruptie van de overheid wit te wassen. Het is daarom echt ontzettend dubbel wat ik voel bij de Afrika Cup in Marokko. Twee realiteiten, Afrikaanse saamhorigheid en de vieze spelletjes van de Marokkaanse overheid, die dragen we tegelijk, hoe tegenstrijdig ze ook zijn.’
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.