Religieus Nederland is nog niet eens bijgekomen van het komende verbod op het houden van politie-iftars en de volgende anti-geloofsmaatregel van overheidswege dient zich alweer aan. Staatssecretaris Erkens van Landbouw vindt dat er een verbod moet komen op het onbedwelmd slachten vanwege het dierenwelzijn. ‘Dit hoort niet thuis in Nederland.’
Pardon, meneer de bewindspersoon? Als dit ‘niet thuishoort in Nederland’, dan vindt u dus ook iets van de gebruikers van koosjer en halal vlees. Dat zijn die paar duizend Joden die er nog over zijn van ooit een veel grotere gemeenschap en die zoveel honderdduizend moslims voor wie deze manier van slachten een religieus voorschrift is. Die horen hier volgens u dus ook niet thuis?
Voor de zoveelste keer worden wij als moslims en Joden door onze overheid geschoffeerd en voorgesteld als dierenmishandelaars met middeleeuwse slachtpraktijken. Dit is andermaal een afschuwelijk waardeoordeel van rijkswege, over mij als Jood en over mijn islamitische buurman en buurvrouw.
Begin jaren tachtig van de vorige eeuw, toen deze huidige staatssecretaris nog geboren moest worden, zat ik al aan tafel met de toenmalige bewindspersoon op het ministerie van Landbouw, wijlen Ad Ploeg. Ook toen ging het over ‘dierenleed’ waarop de Jood en moslim aangepakt moesten worden. En weer zoveel jaren later was het, ook al een voorganger op die stoel, Henk Bleker met wie wij de degens mochten kruisen over dit soort slachtpraktijken die ‘zoveel weerstand oproepen’.
Net als nu ging het eveneens over het in de hoek plaatsen van religieuze Joden en moslims. Omdat het niet meer van deze tijd zou zijn hoe deze mensen hun geloof wensen te handhaven. En dat verschrikkelijke ‘dierenleed’ dat zij veroorzaken, moet nu maar eens afgelopen zijn.
Ik waag me nu al aan de voorspelling dat het hele scenario van die keren ook nu weer langs zal komen. ‘Jullie moeten niet zeuren over moslimhaat of anti-Joodse gevoelens. Daar gaat het helemaal niet om.’
Nooit werd toen de vraag beantwoord hoe het toch komt dat er zoveel diervriendelijke en politieke aandacht wordt gevraagd voor het welzijn van ritueel te slachten dieren.
Het totale slachtgebeuren in Nederland bedraagt zo’n 1,7 miljoen slachtingen per dag: pluimvee, kleinvee en grootvee. Of, zo u wilt, 630 miljoen op jaarbasis. Het ritueel slachten is daar maar een marginaal onderdeel van. Terwijl het welzijn van de dieren bij deze fabrieksmatige massaslacht, met alles wat daar op gezette tijden aan dierenleed te rapporteren is, nauwelijks of geen aandacht krijgt van dierenminnend Nederland.
Net als al die vorige keren zullen onze regering en de parlementsleden zich in allerlei bochten wringen om de samenleving toch vooral te laten geloven dat het niet om het inperken van godsdienst gaat. Ik zou bijna zeggen: ‘G’d verhoede.’ Geloof is toch een grondrecht?
Inmiddels weet de religieuze burger al lang dat het daar wel om gaat. Het was het geval bij het hoofddoek- en het keppeltjesverbod. Het is het geval bij de politie-iftar. Het is nu opnieuw het geval bij halal en koosjer.
Binnen onze gemeenschappen wordt het steeds meer duidelijk: ‘ze motten ons niet’
Bij de hoofdbedekking werd, om ook maar meteen een verbod op de integraalhelm meegenomen. Dit om ons een beetje voor de gek te houden; we mochten eens denken dat het tegen die Joden of moslims was gericht. En nu bij de iftar werd om dezelfde reden bij de politie het begrip neutraliteit ineens op een groot voetstuk gehesen.
Het klinkt plat, maar binnen onze gemeenschappen wordt het steeds meer duidelijk: ‘ze motten ons niet’.
Als onderschrijving hiervan zijn er de woorden van de heer Erkens. Hun religieuze levenswijze hoort niet thuis in Nederland. Dan behoren diegenen die hun leven geloofsmatig toch zo inrichten hier dus ook niet.
Na alles wat er de afgelopen jaren al aan institutionele discriminatie en racisme langs is gekomen binnen alle overheidsdiensten, hoog en laag, komt, terwijl ik deze woorden schrijf, het bericht voorbij dat er nu weer bij de uitkeringsinstantie UWV openlijk en genadeloos sprake is van racisme en discriminatie.
In de hal van veel openbare overheidsgebouwen hangt heel pontificaal de letterlijke tekst van artikel 1 van de Grondwet: ‘Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, handicap, seksuele gerichtheid of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.’
Het wordt tijd om ook deze woorden maar te laten verdwijnen. Dan weet iedere burger waar we aan toe zijn. En dan weten we ook wat de staatssecretaris precies bedoelt.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

