Moord in het Oriënt-consulaat

Foto: Reuters

Het doet als thriller weinig onder voor Agatha Christies meermaals verfilmde Moord in de Oriënt-expres en het zou mij weinig verbazen als er over een half jaar een script ligt voor de kaskraker Moord in het Oriënt-consulaat. Elke gelijkenis met bestaande personen en echte gebeurtenissen, zo zal het dan heten, is puur toevallig en zowel de naam van de ‘grote stad in het Midden-Oosten’ waar zich een en ander afspeelt als die van het ‘grote Arabische land’, om welks diplomatieke post het gaat, zal in het vage worden gehouden. Anders worden ze ergens in dat grote land bijzonder boos, met gevolgen voor de olieprijs.

Maar de ingrediënten voor een bloedstollende detective over de moord op de Amerikaans-Arabische journalist Jamal Khashoggi liggen nu al voor het oprapen: een prille liefde over de landsgrenzen heen, een dubbelganger met vermomming, een botzaag, geheime film- en bandopnames, met een smoes weggestuurde potentiële pottenkijkers, fabelachtige rijkdom en talloze intriges binnen een zeer omvangrijke koninklijke familie. En ook de oplossing van de moord zal vast aan die van Christies beroemde verhaal herinneren: zo’n beetje iedereen blijkt een duistere rol te spelen.

Afgezien van Donald Trump, die op dit soort momenten zijn vergaande infantiliteit niet weet te verbergen – het zou bij de moordenaars om woestelingen gaan die geheel op eigen houtje hadden geopereerd en hij noemde de ontkenning van de Saoedische koning Salman ‘erg sterk’, zoals hij dat al eerder in Poetins geval ten aanzien van de Russische verkiezingshacks had gedaan – is er niemand die de kletskoek van Riyad over een uit de hand gelopen worsteling serieus neemt. Eén bijna zestigjarige die op eigen houtje een vuistgevecht aangaat met achttien anderen? Omdat zijn pasfoto werd afgekeurd, of wat? En dan zeker geheel per ongeluk in stukken wordt gezaagd? Het is, gezien de ingevlogen slagersploeg die deels uit de entourage van de kroonprins stamt, tamelijk onwaarschijnlijk dat deze Mohammed bin Salman (‘MBS’) er níet veel mee te maken heeft.

Intussen zijn de politieke repercussies groot. De eerste die er zeer van profiteert is de Turkse president Erdogan, overigens zelf niet bepaald iemand met schone handen en leider van een land dat op het grootste aantal journalisten achter de tralies bogen kan – maar dat is uiteraard nog altijd iets anders dan een dergelijke moord met voorbedachten rade. Hij zal niet nalaten dit ‘godsgeschenk’ – ik citeer de woorden die Erdogan zelf eens in een ander verband hanteerde – tot op de bodem uit te melken. Turkije is een van de grote geopolitieke tegenspelers van Saoedi-Arabië en nauw verbonden met de Saoedische aartsvijand Iran. Met kennis van de betrokkenheid van MBS bij de moord in het Oriënt-consulaat kan hij de Saoedi’s onder grote druk zetten en de nodige concessies afdwingen ofwel matiging van de houding jegens Teheran, ofwel een lagere Saoedische olieprijs.

Ook het Westen ontkomt er nu niet aan om zijn plaats ten aanzien van dit barbaarse moordenaarsregime opnieuw te bepalen. Te lang heeft het bij alles weggekeken en in het Midden-Oosten met twee maten gemeten. Groot was een paar jaar geleden de openlijke afschuw, door menig democratische politicus op opgewonden toon verwoord, toen IS in haar nieuwe kalifaat allerlei wrede lijfstraffen introduceerde. Ook Iran wordt om die reden regelmatig gehekeld.

Nu is het verre van mij om de theocratie in Teheran te verdedigen, maar precies diezelfde ‘middeleeuwse’ strafpraktijken worden sinds jaar en dag ook in Saoedi-Arabië in het openbaar gepraktiseerd, zonder dat dit het gemoed van al die politici kennelijk bijzonder heeft gekweld. En nadat IS haar publieke onthoofdingen op YouTube begon te plaatsen, heeft ook maar zelden een journalist bij zulke opgewonden politici over deze vorm van cognitieve dissonantie doorgevraagd. Daarbij komt dan dat Osama Bin Laden uit een gegoede Saoedische familie stamde en dit land – en níet het door Washington steeds als bron van alle terrorisme verketterde Iran – zowel de daders als de ideologie voor nine eleven geleverd heeft.

Dat alles stond goede en soms zelfs innige, contacten met de machthebbers in Riyad niet in de weg. Ook, bijvoorbeeld, niet tussen de Nederlandse en Saoedische royals. In dat opzicht blijkt er toch een soort vanzelfsprekende band te bestaan tussen alle staatshoofden die hun hoge positie niet aan eigen verdiensten, maar aan andermans baarmoeder danken. Menig officiële handelsdelegatie ging reeds vanuit Den Haag richting Riyad op pad. Ook Trump – en dat verklaart tevens zijn gretigheid om nu Saoedische sprookjes over de gang van zaken in het Oriënt-consulaat te geloven – heeft, deels via zijn dubieuze schoonzoon, de nodige zakelijke belangen op het Arabisch Schiereiland en lucratieve persoonlijke contacten met het Saoedische koningshuis.

Saoedi-Arabië geldt als westerse bondgenoot en Iran als Rijk van het Kwaad en dus kijken we bij Saoedische wanpraktijken stelselmatig weg. Het land doet in de praktijk immers niet moeilijk over Israël en dat is vooral voor Washington een cruciaal punt. Bovenal treedt een aantal westerse landen, Amerika voorop, in ruil voor Arabische olie, op als belangrijke wapenleverancier, waaraan goed wordt verdiend. Het was ook zo’n beetje het eerste wat Trump, nadat een dubieuze rol van Riyad bij het voortijdig verscheiden van Khashoggi niet langer te ontkennen viel, zei: ‘Ik ga geen miljardendeal in de waagschaal stellen.’

Gezien het bloedbad dat Riyad met die westerse wapens nu al enige jaren in Jemen aanricht, zal dit uiteindelijk toch moeten, wil het Westen niet volledig zijn toch al tanende morele geloofwaardigheid in de regio verliezen. En die vorm van soft power is, tegenover de autocraten van Rusland, China, Turkije en de meeste Arabische landen, toch nog altijd het belangrijkste wapen dat het Westen bezit.

DELEN
Thomas von der Dunk
Publicist. Cultuurhistoricus.