Minder buitenbaden, meer verdrinkingen

Lees meer

Sinds een paar maanden woon ik in een woontoren op grote hoogte. Ver van de drukte van de straat. In huis is het stil en bereikt alleen soms een sirene mijn serene stulpje.

Toen de eerste warme dagen aanbraken, kon ik beneden in het haventje voor de toren veel mensen zien zwemmen, op zoek naar wat verkoeling. Ze hadden hun handdoeken en tassen op het kleine stukje grasveld voor het water neergelegd. Bij het aanschouwen van het voor mij nieuwe tafereel moest ik onbewust denken aan krioelende mieren.

En ik kon de gedachte niet onderdrukken dat ik blij was dat ik in alle rust kon genieten van het zwembad dat in mijn woontoren aanwezig is.

Toen ik een wandelingetje ging maken en langs de waterkant liep, zag ik pas echt hoe druk het was op dat stukje stedelijk recreatiegebied. De pubers waren overal: voor de deur van de ingang van de flat, op de kade voor de flat, bij de normaal zo rustige horeca onder de flat op dit tijdstip van de dag, en natuurlijk in het water en op het gras. Hier en daar zag ik wat mensen die alleen waren gekomen met een boek en een handvol ouders met hun kinderen.

Het zag er leuk uit. Volgens mij vermaakte men zich wel met deze nieuwe creatie van de stedelijke ontwikkeling, maar ik zag mezelf niet in badpak in het water van deze binnenhaven duiken. Na een duik in het chloorwater van het zwembad nestelde ik me op het terras beneden om als toeschouwer te genieten van de drukte.

Op minder mooie dagen zie ik alleen nog maar vroeg in de ochtend de vaste kleine groepjes mensen in het water duiken die ik ook in de wintermaanden zag. Een paar van hen ken ik uit de buurt. Ik weet dat ze als zelfstandige of als adviseur hun eigen tijd kunnen indelen, of al met pensioen zijn. Ze hebben de luxe om in rust van het water te genieten, waarbij de achterliggende reden om ook in de winter erin te springen wel of niet iets te maken kan hebben met de gezondheidsclaims van de IJsman, Wim Hof.

Ruim een kwart van de kinderen met een migratieachtergrond heeft helemaal geen zwemdiploma

Het contrast tussen de twee vormen van recreatie roept bij mij de vraag op wat de prijs is van fijn recreëren op het water, wat dat dan ook mag zijn. Wie kan zich dat veroorloven?

Het is niet vanuit arrogantie dat ik niet in het water van de haven voor mijn huis spring; ik ben een slechte zwemmer. Ik heb alleen mijn A-diploma en heb dit met moeite behaald. Voor mij waren de dagen die ik als puber in het zwembad doorbracht met vrienden cruciaal. Daar maakte ik ongemerkt meters in het water, wat mijn zwemvaardigheid ten goede kwam. Er was een buitenbad, een ligweide, een glijbaan en een duikplank voor de waaghalzen. Families waren er een hele dag; koelboxen en parasols gingen mee.

Dat soort baden bestaan steeds vaker niet meer. Als een buitenbad aan vervanging of groot onderhoud toe is, wordt er vaak gekozen voor een binnenbad, met de focus op zwemmen als sport, vaak in combinatie met zwemles, of er komt helemaal geen zwembad meer terug. Te duur, is het vaak gehoorde argument van gemeenten. Zo berekende de gemeente Hoogeveen onlangs nog dat het tonnen per jaar kost aan onderhoud en vele miljoenen om een nieuw zwembad te bouwen. En in de regio kan men al zwemmen, bijvoorbeeld in buitenwater.

Ik kan niet zwemmen in al het buitenwater. De diepte van het water moet voorspelbaar zijn, ik moet mijn voeten op elk gewenst moment stevig op de grond kunnen zetten en ik moet de stroming aankunnen.

Geboren en getogen in Vlissingen heb ik het stukje Noordzee daar goed leren kennen. Als er een containerschip voorbij komt, dan weet je dat je moet oppassen, want het water gaat zich roeren. De golven worden hoger en de zuigende kracht van het terugtrekkende water neemt enorm toe.

Nederland kent steeds meer nieuwkomers die niet vertrouwd zijn met ons waterlandschap. In 2024 verdronken 146 mensen, het hoogste aantal in bijna dertig jaar. Voor kinderen die buiten Europa zijn geboren is het verdrinkingsrisico elf keer hoger dan bij hier geboren kinderen, bij tieners zelfs zestien keer.

Mijn puberdochter heeft haar ABC, zoals dat nu in Nederland voor wie het zich kan veroorloven de norm is, met of zonder gemeentelijke bijdrage. Maar ruim een kwart van de kinderen met een migratieachtergrond heeft helemaal geen zwemdiploma, tegenover vijf procent van de kinderen zonder migratieachtergrond.

Met deze cijfers in gedachten kijk ik toch met andere ogen naar de ontwikkeling waarbij recreatiebaden vervangen worden door sportbaden of zelfs door buitenwater. Volgens mij is een recreatiebad juist heel goedkoop. Wel 146 keer goedkoper dan alle andere alternatieven.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -