Door toenemende beperkingen voor gelovigen en Israëlische schendingen van de status quo staat de Masjid al-Aqsa in Jeruzalem steeds verder onder druk als islamitisch heiligdom. Hoe denken moslims daarover? Het blijkt een gevoelig onderwerp.
Invallen door Israëlische kolonisten, beperkingen voor moslims en gebiedsverboden voor imams vergroten de druk op moslims op de Haram al-Sharif, de islamitische naam voor de Tempelberg in Jeruzalem. Op het terrein staan twee islamitische heiligdommen, de moskee Masjid al-Aqsa en de gouden Rotskoepel. De onderdrukkende maatregelen die Israël heeft doorgevoerd, zijn volgens Palestijnen en mensenrechtenorganisaties deel van een strategie om het gebied geleidelijk een ander karakter te geven.
Eerder dit jaar sloot Israël de moskee voor veertig dagen tijdens de oorlog met Iran. Palestijnse moslims konden de moskee niet binnen op vrijdagen, ramadan-nachtgebeden en Eid al-Fitr. Palestijnse functionarissen veroordeelden de maatregelen en zeiden dat het bedoeld was om religieuze vrijheid in te perken en het complex verder te verjoodsen. De Israëlische kolonisten die er tegen de afspraken in komen bidden, krijgen de laatste jaren bovendien bijval van politici die het islamitische karakter van al-Aqsa willen wegnemen. Daar zijn al plannen voor.
Al-Aqsa onder druk
Robert Soeterik, voorzitter van het Nederlands Palestina Komitee, legt uit dat met de verovering in 1967 door Israël van Oost-Jeruzalem op Jordanië, met de jaren het islamitische heiligdom onder druk is komen te staan. Het complex bleef sindsdien onder beheer van de Jordaanse stichting Waqf, waardoor Israël er formeel geen zeggenschap over heeft. Toch heeft Israël een reeks restricties opgelegd aan moslims en gebiedsverboden voor Palestijnse imams uitgevaardigd. Vooral politici als Ariel Sharon, Benjamin Netanyahu en Itamar Ben-Gvir zijn daarvoor verantwoordelijk. Maar ook extremistische rabbijnen hebben hun partijtje meegeblazen.
‘Tot 2000 was het uitzonderlijk dat Joodse Israëliërs een incident veroorzaakten rond de Haram al-Sharif. Het bezoek in dat jaar van toenmalig premier Ariel Sharon aan de al-Haram al-Sharif was echter een bewuste provocatie, die door Palestijnen als zodanig is opgevat en uitdraaide op de Tweede Intifada. Sindsdien is het van kwaad tot erger geworden. Vooral na 7 oktober 2023 heeft extreemrechts in Israël nieuwe kansen gezien en genomen.’
Volgens Soeterik werd het joden aanvankelijk verboden om bij al-Aqsa te bidden, maar hielpen radicale rabbijnen de joodse aanwezigheid te legitimeren.
‘Het complex is vermoedelijk gebouwd op de resten van de Eerste en Tweede joodse Tempel. Door het te betreden, lopen joden het risico de plek waar ooit het Heilige der Heiligen lag – waarvan de precieze locatie onbekend is – letterlijk met voeten te treden. Radicale rabbijnen droegen de afgelopen jaren echter nieuwe interpretaties aan en betwijfelden of het verbod wel zo definitief was. Daarmee namen zij voor extremistische joodse kolonisten een belangrijk obstakel weg in de strijd om de controle over al-Aqsa volledig los te gaan’, zegt Soeterik.
‘Het vreet aan ons’
De Kanttekening vroeg aan bezoekers van een moskee in Alphen aan den Rijn hoe zij de ontwikkelingen rond al-Aqsa zien.
Na afloop van het vrijdaggebed vertelt een moskeebezoeker, die anoniem wil blijven, dat de al-Aqsa moskee voor hem een extra betekenis heeft. Hij zou er graag naartoe gaan, maar ziet daar vanwege de omstandigheden tot nu toe van af.
‘Eén gebed in de Masjid al-Aqsa weegt zwaarder voor Allah dan een gebed in een andere moskee, los van de andere twee [in Mekka en Medina]. Binnen de islam wordt een bezoek aan al-Aqsa om die reden gestimuleerd. Het reizen is geen verplichting, maar wel een geliefde daad voor Allah. Het vreet aan ons dat we dat onderdeel van de religie waar willen maken maar niet kunnen’, zegt hij.
‘Nadat ik verhalen hoorde over wat daar gebeurt en hoe mensen worden behandeld die er naartoe reizen, durfde ik het niet aan. Als ik weet dat ergens gevaar is, ga ik daar niet heen. Maar ik denk dat iedereen persoonlijk moet afwegen of hij daar naartoe wil.’
Ashraf, een andere man die de moskee in Alphen aan den Rijn uit komt lopen, vertelt dat de Masjid al-Aqsa een enorme religieuze en historische betekenis voor hem heeft. ‘Het is de eerste qibla van de islam, de richting waarin moslims aanvankelijk baden voordat deze werd veranderd naar de Ka’aba in Mekka. Daarnaast is het één van de drie heiligste plaatsen in de islam en wordt het in verband gebracht met de Isra en Mi’raj, de nachtreis en hemelvaart van de profeet Mohammed (vrede zij met hem).’
Vanwege de Israëlische restricties en de onderdrukking van de Palestijnen is hij niet van plan om naar de Haram al-Sharif af te reizen. ‘Ik zou er op dit moment niet naartoe willen. Ik zie op tegen de extra controles en ondervragingen op het vliegveld. Daarnaast vind ik de huidige situatie voor Palestijnen zorgelijk. Maar vanuit islamitisch oogpunt blijft de Masjid al-Aqsa een zeer belangrijke plaats om te bezoeken. De religieuze waarde van de moskee verandert niet door de huidige situatie.’
‘Het is een gevoelig onderwerp voor moslims’
Ook een andere man, die anoniem wil blijven en net de moskee verlaat, vertelt dat hij de al-Aqsa nog niet heeft bezocht. ‘Het is een gevoelig onderwerp voor moslims. We kijken allemaal machteloos toe terwijl moslims in Palestina worden onderdrukt. Allerlei verdragen die in het Westen zijn gemaakt, worden niet nageleefd. Ik zou het wel mooi vinden als ik daar naartoe kon gaan. Maar ik heb van andere gelovigen gehoord dat Israël het hen erg lastig maakt om al-Aqsa te bereiken. Ze werden geïntimideerd en alles werd gecontroleerd. Maar dat valt in het niet bij de situatie van de moslims die daar wonen.’
De Kanttekening heeft meerdere imams benaderd om over dit onderwerp te praten, maar kreeg geen reactie voor publicatie van dit artikel.
Soeterik wijst erop dat de toenemende wurggreep waarin moslims zich in Jeruzalem bevinden, onderdeel is van de politiek van de staat Israël om het sociaal-historische karakter van de stad te veranderen. Volgens hem treft dat niet alleen moslims. ‘Ook de christelijke gemeenschap in Jeruzalem heeft het erg moeilijk.’
Plannen voor een derde Tempel
Terwijl de Jordaanse stichting Waqf de Haram al-Sharif beheert, controleert de Israëlische politie de toegang. En daar gaat het mis: ultranationalistische joden krijgen onder bescherming van diezelfde Israëlische politie, steeds vaker de kans om al-Aqsa te betreden en er te bidden. Daarbij worden Palestijnse moslims aangevallen, soms zelfs tot in de moskee zelf.

Gisteren was er volgens Al Jazeera sprake van één van de grootste invallen op het al-Aqsa complex dit jaar toen ruim drieduizend joodse kolonisten het bestormde. Dit deden zij onder begeleiding van de Israëlische politie, en vergezeld door Itamar Ben-Gvir en leden van de Knesset. Dat toont volgens de nieuwszender aan dat de bestormingen inmiddels officieel worden goedgekeurd.
Ben-Gvir vertegenwoordigt een groeiende beweging van joodse kolonisten in Israël die een ‘derde tempel’ wil bouwen op de plek van de Masjid al-Aqsa.
Aangezien deze beweging de laatste jaren een steeds grotere invloed krijgt, zijn Palestijnen bang dat met al-Aqsa hetzelfde zal gebeuren als met de Masjid al-Ibrahimi, een moskee in Hebron. Na een schietincident door een joodse kolonist in 1994 deelde Israël de moskee in tweeën, waardoor één helft als synagoge in gebruik werd genomen.
Volgens Jerusalem Story is Israël bovendien bezig het gezag van de Waqf verder te ondermijnen, door personeel geen toegang meer te geven tot het complex, te arresteren en vergunningen in te trekken.
‘Waar Israël mogelijk op aanstuurt, is een opdeling van al-Aqsa’
The Middle East Eye onthulde afgelopen mei dat Israël en de VS actief bezig zijn om het beheer door de Jordaanse Waqf te vervangen door een bestuur dat ondergeschikt zou zijn aan Israëlische belangen. Daarbij zou Israël imams mogen aanwijzen en zich kunnen mengen in de inhoud van preken. Ook zou al-Aqsa niet langer meer een islamitisch heiligdom zijn, maar één van alle drie de religies. Daarbij hopen ze op medewerking van Marokko, Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten, die Israël hebben erkend in de Abraham-akkoorden.
Dat al-Aqsa wordt vervangen door een ‘derde tempel’, zoals de kolonistenbeweging wil, is onwaarschijnlijk, denkt Soeterik. ‘Waar Israël mogelijk op aanstuurt, is een opdeling van al-Aqsa. Het liefst zouden de kolonisten het hele complex opblazen en een nieuwe tempel bouwen. Dat zou echter een enorme escalatie betekenen en het toch al slechte imago van Israël verder verslechteren. Ik denk dat menige joodse Israëli tegen een dergelijke overduidelijk religieuze provocatie zal zijn. Daarom verwacht ik eerder dat de moskee in een context van verdere escalatie eventueel zal worden opgedeeld, net als in Hebron is gebeurd.’
Terwijl hij op het punt staat vanaf de moskee weer naar huis te rijden, zegt moskeebezoeker Ramin uit Alphen aan den Rijn dat als hij de kans zou krijgen, hij heel graag in de Masjid al-Aqsa zou bidden. Om veiligheidsredenen kan hij dat niet. ‘Ik heb gehoord hoe Israël moslims behandelt. Je hoeft maar even verkeerd te kijken en als het de Israëli’s niet aanstaat, pakken ze je. Ik heb ook nog een vrouw en kinderen hier.’
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

