Het is kinderboekenweek. Deze leesweek wil kinderen het plezier in lezen bijbrengen. De jeugd laten ontdekken dat lezen niet alleen iets is wat op school moet, maar iets wat leuk of meeslepend kan zijn. Daarachter zit natuurlijk het bredere belang van leesvaardigheid en taalontwikkeling.
Deze september zijn de resultaten van een groot internationaal leerlingenonderzoek (PISA) gepubliceerd. Het neemt de vaardigheden van 15-jarige leerlingen onder de loep. Onze 15-jarigen scoren bedroevend laag op leesvaardigheid. Nederlandse jeugd leest steeds slechter; 39 procent haalt het basisniveau niet.
De oorzaken mogen diffuus zijn, het probleem is groot. Goed kunnen lezen en schrijven is essentieel voor maatschappelijk succes. Het onderwijs helpt niet altijd mee. De teksten die mijn kinderen (13 en 16) voorgeschoteld krijgen bij ‘begrijpend lezen’ zijn vaak zielloos. In het 2-vwo-boek van mijn jongste stuit ik op bijna archaïsche terminologie. Ze moeten zoeken naar signaalwoorden die een ‘doel-middelverband’, een ‘redengevend verband’ of een ‘toegevend verband’ aangeven. Poeh.
Maar schoolboeken waren altijd al saai, dus zullen die niet plotseling het probleem zijn. Er is sprake van een groot onderliggend probleem dat vermoedelijk samenhangt met hoe de samenleving zich de afgelopen decennia heeft ontwikkeld. Sociaal-economische en culturele achtergrond (de thuistaal) spelen mee, aldus het onderzoek. Tussen het sociaal-economisch hoogste en laagste kwartiel Nederlandse leerlingen gaapt bij lezen een verschil van 105 PISA-punten, een van de grootste kloven internationaal.
Sociale media zijn de ideale zondebok, maar de onderzoekers zien dit niet als de automatisch boosdoener. Dat begrijp ik. Mijn kinderen lezen en schrijven best veel op hun smartphone en tablet. Geen boeken, maar toch.
Uit het PISA-onderzoek blijkt dat kinderen over de hele linie minder zijn gaan lezen, op alle niveaus, ook bij havo en vwo. Er zitten flinke verschillen in leesvaardigheid. Zoals eerder gezegd: de een leest uitstekend, de ander belabberd. Persoonlijk zie ik een sociaal-geografisch element in het probleem. In achterstandswijken van grote steden is taalachterstand een veel groter probleem dan op scholen in Wassenaar, Blaricum en de Biltkant van Utrecht. Taligheid is zeer overdraagbaar. Het woordgebruik en accent worden flink beïnvloed door de buurt, stad of regio waarin je opgroeit.
Daarom brengen hoogopgeleide ouders uit arme wijken hun kinderen met de auto naar de basisschool in die rijke wijk
Hoewel opleidingsniveau van de ouders wel als onderscheidende factor wordt aangewezen, zijn de PISA-onderzoekers (en publieke duiders van dit probleem) terughoudend in conclusies. Begrippen als tweedeling en segregatie vallen niet. Het lijkt alsof de afnemende leesvaardigheid een virus is met een nog onduidelijke bron.
Die houding is me al te open en vrijblijvend. Als sociaal-economische achtergrond en opleidingsniveau ermee samenhangen, is dat een harde aanwijzing. Ik zie dan hoe de inrichting van onze steden, stadsdelen, woonwijken en de aldaar staande scholen met achterblijvende leesvaardigheid te maken heeft. Het lerarentekort kan er ook mee te maken hebben, schrijven de onderzoekers. En daarvan weten we dat dit vooral problematisch is op zwakke scholen in kwetsbare postcodegebieden. Daarom brengen hoogopgeleide ouders uit arme wijken hun kinderen met de auto naar de basisschool in die rijke wijk. Categorale gymnasia staan in de rijke wijken. Omgekeerd clusteren kinderen uit lagere sociaal-economische klassen in hun eigen basisscholen en middelbare colleges. Dat doet iets met hun taalvaardigheid.
Concentratie van minder lees- en taalvaardige kinderen is wellicht het echte probleem. Dalende leesvaardigheid is dan niet alleen een algemeen kwestie van “de jeugd”, maar vooral een probleem van grote sociaal-geografische ongelijkheid. Zou ik als hypothese willen opwerpen. We kijken dus op de verkeerde schaal naar gebrek aan leesvaardigheid.
Prima als onderzoekers niet willen stigmatiseren. Terughoudendheid met voorbarige conclusies vind ik ook terecht. Maar we hebben het natuurlijk niet over een mysterieus virus dat plotseling opduikt. We richten onze wijken en scholen al vele jaren gesegregeerd in. Laten we stoppen met het boek der tweedeling, dan kunnen onze kinderen straks samen lezen.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

