16.6 C
Amsterdam

Een vreemde vogel die besloot te blijven

Lees meer

Dit weekend werd aan het IJ in Amsterdam een bijzonder beeld onthuld. In het Wilhelmina Druckerpark, een weids grasveld achter het EYE Filmmuseum, staat sinds vrijdag een reusachtige halsbandparkiet. Deze knalgroene vogels zijn inmiddels een bekend fenomeen in de meeste Nederlandse steden. Ze zijn geliefd vanwege hun kleurenpracht, maar soms ook irritant omdat ze luidruchtig krijsen.

De halsbandparkiet komt van oorsprong uit Azië en Afrika. De Nederlandse stadsparkiet landde midden jaren zeventig in Amsterdam. De anekdote dat één persoon één kooi openzette en daarmee alle Nederlandse halsbandparkieten heeft veroorzaakt, wordt soms verteld, maar is waarschijnlijk te simpel. Ook dat de Surinaamse migratie ermee samenhangt, is waarschijnlijk een fabeltje. Surinamers houden traditioneel Zuid-Amerikaanse zangvogels. Bovendien vloog de eerste Nederlandse populatie al eind jaren zestig in Den Haag. Ze moeten uit volières zijn ontsnapt of vrijgelaten. Sindsdien verspreidde de exotische vogel zich geleidelijk over Nederlandse stadsparken. Halsbandparkieten kunnen goed tegen kou. In steden vinden ze precies wat ze nodig hebben: restvoedsel en een stedelijk klimaat dat gemiddeld wat warmer is dan het buitengebied. Bijvoeren door stedelingen heeft waarschijnlijk eveneens geholpen.

Waarom dan toch steeds weer roepen dat hij terug moet naar zijn eigen land?

Geheel onomstreden is de halsbandparkiet niet. Het is best een lawaaiige vogel en ook nog eens brutaal. Toch vindt kunstenaar Teun Castelein, maker van het Amsterdamse beeld, dat deze vogel een ode verdient. Hij werkte enkele jaren aan het zeven meter hoge beeld van kleurrijk keramiek. Volgens Castelein zien Nederlanders ‘invasieve’ soorten te lang als exoot. Hij wijst erop dat de parkiet al meer dan vijftig jaar in ons land is. Waarom dan toch steeds weer roepen dat hij terug moet naar zijn eigen land? Zo is het beeld een eerbetoon aan een vreemde vogel die gewoon besloot te blijven.

De locatie van het kunstwerk zet deze boodschap toevallig kracht bij. In vroeger eeuwen was dit park het galgenveld van Amsterdam. Er stonden raderen, schandpalen, spiesen, staken en galgenputten. Dit alles ‘ter grauwelijck exempel’ totdat de lijken waren ‘verteerd door de lucht en de vogelen des velds’. ‘Pronkstuk’ was de Leeuwenput, een stenen galgenput met drie zuilen met daarop gebeeldhouwde leeuwen. Van de veertiende tot en met de achttiende eeuw vergingen hier zo’n duizend ter dood gebrachten. Tentoongesteld worden op het galgenveld was een extra straf die vaak armen en buitenlanders ten deel viel. Zij hadden minder geld of familie die hun deze straf kon besparen.

Een eerder voorstel om een kunstwerk op te richten ter nagedachtenis aan de slachtoffers van het galgenveld haalde het niet. De parkiet biedt een vrolijk alternatief. Het is vooral een knipoog richting migratie die past in een traditie van geëngageerde kunstenaars. Denk aan het grote beeld van de jonge zwarte vrouw op het Stationsplein van Rotterdam. Die staat er in alledaagse kleding, met haar handen in haar zakken. Geen standbeeld voor een held, maar voor iemand die er gewoon is en daarmee waardigheid uitstraalt. Op het bekende standbeeld van filosoof Spinoza – zoon van Joodse migranten – voor het stadhuis van Amsterdam draagt de denker een mantel vol parkieten. Migranten blijven geen vreemdelingen, ze voegen kleur toe aan de stad.

Als je op Amsterdam CS bent, neem dan vooral de gratis pont naar EYE. Dit kunstwerk zal binnen enkele jaren het bekendste standbeeld van de hoofdstad zijn. Want het is zeer instagrammable. Die zeven meter hoge immigrant heeft z’n plek veroverd en is niet van plan op te vliegen.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -