7.4 C
Amsterdam

Noem mij maar Ismaël

Lees meer

Ik schrijf aan een roman waarin de hoofdpersoon, ‘noem mij maar Ismaël’, van de ene op de andere dag acteur wordt. Gewoon, omdat het kan. Ismaël krijgt een filmrolletje aangeboden; als de draaidagen achter de rug zijn, wordt zijn honorarium uitbetaald. Hij gaat ervan op reis. Gaandeweg het verhaal speelt Ismaël in meer films – de rol van mensensmokkelaar, religieus fanaticus en terrorist – totdat hem op een dag wordt gevraagd of hij de rol van Pontius Pilatus wil spelen in The Passion, de jaarlijkse uitvoering van het lijdensverhaal van Jezus voor de nationale televisie.

Ismaël is niet Bijbelvast, zijn agente legt hem uit dat het om een belangrijk personage gaat: de Romeinse bureaucraat die Jezus tot het kruis veroordeelde. De aanleiding voor zijn dood: Jezus roept om geen belasting te betalen! De hoofdpersoon vindt het wel een interessante rol, hij hoeft er niet voor te zingen. Een vriend raadt hem af Pontius Pilatus te spelen; het ligt best wel politiek gevoelig. Ismaël heeft een islamitische achtergrond en het spelen van Pontius Pilatus gooit olie op het vuur voor de islamofoben. De vriend ziet de krantenkoppen al voor zich: ‘Het is een moslim die Jezus heeft gedood.’

Hoe dit verhaal afloopt kan ik u niet vertellen, want ik schrijf nog aan de roman. Wat ik u wel kan vertellen, is dat Ismaël door de verwarring die ontstaat over zijn rol en zijn afkomst uiteindelijk de weg kwijtraakt. Letterlijk. De politie moet hem van de weg afhalen omdat hij daar als een zombie rondloopt, het verkeer ophoudend. Hoe meer Ismaël groeit in zijn talent, hoe meer hij zichzelf kwijtraakt, totdat er niet meer van hem over is dan een hoopje mens, een spookrijder. Is dat het lot van elke westerse moslim, dat je vroeg of laat, door omstandigheden waar je geen vat op hebt, op de verkeerde baan van de weg komt te liggen?

Ik zie een bruisende samenleving, anderen zien een opvallende aanwezigheid van de islam in het straatbeeld

De verrechtsing in Europa is mede veroorzaakt door het onbehagen rond migratie. De afgelopen jaren echter is de islamofobie ontzagwekkend toegenomen. En ik kan dat niet los zien van de rol die Ismaël is gaan spelen in de samenleving; het begint tot de politieke werkelijkheid door te dringen dat moslims niet weg te denken zijn. Punt. Er zijn altijd moslims geweest in Europa, zonder de culturele impulsen van de islam zou Europa niet zijn wat het vandaag is. De architectuur van kerken, ons dagelijks brood, de omgangsvormen, kleding: het draagt allemaal het DNA van de islamitische beschavingen. We zijn met elkaar verbonden.

Maar toen moslims een andere rol dan de klassieke gingen spelen, toen steeg ook het onbehagen en daarmee de weerzin. Het is de klassieke contradictie van de liberale samenleving: vanuit het vrijheidsprincipe ben je welwillend om minderheden te tolereren, maar vanaf het moment dat zij hun rechten, talenten en kansen volledig willen verwezenlijken, verkruimelt het ideaal. De reactie erop is die giftige cocktail van xeno-nostalgie, heimwee naar wat eigen was, toen de wereld stabiel was. Dat is een mooi verhaal, maar het klopt niet. Rotterdam in de jaren zeventig was een veel gewelddadigere plek dan het nu is, de armoede was schrijnend.

Hoe sterker de rol die moslims spelen in de samenleving, hoe groter hun aanwezigheid, hoe groter de apocalyptische angstdroom dat ze alles zullen overnemen – de vicieuze cirkel van haat is gelegd. En wanneer een moslim een voorname rol kreeg ’toebedeeld’, moest hij vooral bescheidenheid veinzen om zo de mensen gerust te stellen: zijn ambitie zou niemand schaden. Noem mij maar Ismaël.

Ik was laatst op Rotterdam Zuidplein, waar de multiculturele samenleving bruist – een potpourri van minderheden. Ik zie een bruisende samenleving, anderen zien een opvallende aanwezigheid van de islam in het straatbeeld, en dat zonder er echt geweest te zijn. Het is in deze wereld waarin Ismaël zich voorbereidt op de rol van zijn leven, om samen te vallen met zijn rol zonder daar excuses voor te hoeven maken.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -