‘Angst is besmettelijk, maar lef ook’

Foto: HDP. Zarife Atik (Dersim, 1958) is sinds 2012 verbonden aan de HDP. Ze is bestuurder van het landelijk bureau en vooral actief voor de vrouwenbeweging van de partij. Eerder was ze onder meer co-voorzitter van HDP Antalya (2015-2016). Voor haar HDP-periode was ze mensenrechtenactivist. Na de coup van 1980 werd ze opgepakt, omdat ze deelnam aan een betoging tegen de Nationale Veiligheid Rechtbanken (opgeheven in 2004), die berucht waren vanwege de politiek gemotiveerde vonnissen die ze uitspraken tegen tegenstanders van het bewind, onder wie veel Koerden. Ze zat ruim tien maanden in de gevangenis en kreeg een verbod van vijf jaar om deel te nemen aan politieke activiteiten.
‘Mensen informeren, daar doe ik het voor. Dat beschouw ik als een morele verplichting. ‘Angst voorkomt je eind niet’, luidt een Turks gezegde. Daar geloof ik in. Je kunt bang zijn, maar daarmee verander je je toekomst niet. Wat komt, komt, hoe dan ook, op de ene of andere manier.’

Op 27 mei vond in Hotel Haarhuis in Arnhem een meeting plaats van de democratisch-socialistische partij HDP (Democratische Partij van de Volkeren), in het kader van de aankomende parlements- en presidentsverkiezingen in Turkije (24 juni). De spreker van de avond was HDP-topbestuurder Zarife Atik. Uw reporter was ter plaatse en sprak haar.

Atik is vooral actief voor de vrouwenbeweging van de HDP. Eerder was ze co-voorzitter van de HDP-afdeling in de kustprovincie Antalya. Ze is een idealist en devrimci (revolutionair) in hart en nieren. Ze begon vroeg met actievoeren, in haar tienerjaren. Ze droomt van een democratisch en progressief Turkije. ‘Een Turkije waarin oppositiepartijen zoals de HDP vrij deel kunnen nemen aan de politiek, zonder gelabeld te worden als bastions van terreur.’

Sinds de couppoging van 15-16 juli 2016 zijn volgens de laatste cijfers bijna tachtigduizend mensen vastgezet, onder wie politici, journalisten, activisten, vakbondsbestuurders, politieagenten, militairen, ondernemers, rechters, aanklagers, advocaten, academici, docenten, vrijwilligers en huisvrouwen. Een specifiek doelwit van het regime is de Koerdische politieke beweging, met name de HDP. Volgens de HDP zitten op dit moment rond de vijfduizend HDP’ers vast en lopen tegen duizenden andere HDP’ers gerechtelijke onderzoeken, op basis van vooral terreurbeschuldigingen. Onder hen zijn behalve leden, bestuurders en burgemeesters, ook parlementsleden, onder wie de twee leiders van de partij, Selahattin Demirtas en Figen Yüksekdag.

Foto: HDP. Selahattin Demirtas & Figen Yüksekdag.

Ankara’s offensief tegen de Koerdische politieke beweging houdt niet op bij de HDP. Het richt zich ook op kleinere initiatieven, zoals de eveneens democratisch-socialistische DBP (Partij van de Democratische Regio’s). Ook DBP’ers, onder wie de twee leiders van de partij, Kamuran Yüksek en Mehmet Arslan, zijn vastgezet. Als beweegreden beweert Ankara al van oudsher dat de Koerdische organisaties en bewegingen die vervolgd worden verlengstukken zijn van de PKK. Zowel de HDP als de DBP ontkennen gelieerd te zijn aan de PKK. Koerdische islamistische clubs, zoals de AKP-gezinde Hüda-Par (Vrijheidsideaal Partij), worden doorgaans wel met rust gelaten.

Het offensief tegen de Koerdische politieke beweging, dat Ankara lanceerde na de parlementsverkiezingen van 7 juni 2015, kwam na de couppoging in een stroomversnelling. President Recep Tayyip Erdogans islamistische AKP (Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling) verloor bij de verkiezingen haar absolute meerderheid in het parlement, voor het eerst sinds haar oprichting in 2001 en eerste deelname aan de parlementsverkiezingen in 2002. De HDP boekte een historische zege: met ruim zes miljoen stemmen (bijna vijftien procent), behaalde de partij tachtig van de vijfhonderdvijftig zetels, evenveel als de nationalistische MHP (Partij van de Nationalistische Beweging). De HDP en de kemalistische CHP (Republikeinse Volkspartij) pleitten voor het vormen van een coalitieregering om de AKP buitenspel te zetten, maar door de afwijzende houding van de MHP mislukten de coalitiebesprekingen. Op 1 november 2015 werden opnieuw verkiezingen gehouden: de AKP heroverde haar meerderheid in het parlement. Daarop sloot de MHP een alliantie met de AKP.

Atik is net als duizenden andere HDP’ers doelwit van terreurbeschuldigingen. Ze wordt beschuldigd van lidmaatschap van de PKK (Koerdische Arbeiderspartij) en de KCK (Unie van Gemeenschappen in Koerdistan). Ze noemt de aantijgingen aan haar adres ‘volledig politiek gemotiveerd’. ‘Er is geen sprake van strafbare feiten. Het regime doet zelfs de geringste kritiek af als terrorisme en beschouwt inmiddels zo’n beetje de helft van de bevolking als terroristisch.’ Atik is sinds afgelopen februari in Nederland. Ze is hier eerder meermaals geweest om haar zusje en vrienden te bezoeken, maar of haar verblijf hier wederom tijdelijk zal zijn, is nog niet zeker. Ze overweegt hier een asielaanvraag in te dienen, omdat in Turkije onlangs een arrestatiebevel is uitgevaardigd tegen haar. Ze laat haar besluit afhangen van de Turkse verkiezingen. ‘Als het regime verliest, keer ik huiswaarts.’

Voor Atik is de situatie zelfs nog complexer dan voor andere dissidenten. Ze is namelijk naast vrouw, Koerd en HDP-politica, ook nog eens aleviet en geboren en getogen in Dersim. ‘Een uiterst gevaarlijke cocktail in de ogen van de staat.’ Dersim is de door de plaatselijke bevolking geprefereerde historische naam van de huidige provincie Tunceli, waar vooral alevitische Koerden en Zaza’s wonen. De staat beschouwt Dersim al decennia als een probleemregio. In het gebied vonden beruchte strafexpedities plaats, in 1937 en 1938. Tijdens de militaire operaties in het gebied is een groot aantal alevitische Koerden en Zaza’s gedood, de schattingen lopen uiteen van tienduizend tot enkele tienduizenden doden. De moorden staan bekend als het Bloedbad van Dersim.

Atik koestert geen haat jegens Turkije of het Turkse volk. ‘Mijn man is nota bene Turks. Ondanks alles, ondanks de repressiepolitiek tegenover de Koerden en vele andere volkeren en groepen, hou ik nog altijd zielsveel van Turkije. Onze strijd is niet gericht tegen Turkije of het Turkse volk, maar tegen fascisme. Van Edirne (provincie in het uiterste noordwesten van Turkije, red.) en Mugla (provincie in het uiterste zuidwesten van Turkije, red.) tot Hakkari (provincie in het uiterste zuidoosten van Turkije, red.) en Ardahan (provincie in het uiterste noordoosten van Turkije, red.), Turkije is mijn land. De AKP en andere fascisten beweren dat wij Turkije uit elkaar willen rukken, dat is een smerige leugen. Iedereen die ons kent, écht kent, weet dat ons doel het creëren van een democratisch en progressief Turkije is, waarin álle verschillende volkeren en groepen in het land vrij zijn en in harmonie samenleven, van de Koerden en de Armeniërs tot de Yörüks en de Lazen en van de LGBTQ+’ers en de atheïsten tot de christenen en de moslims. Juist die droom boezemt de fascisten angst in, omdat ze zich voeden met haat en de voortzetting van hun hegemonie afhankelijk is van de constante aanwezigheid van vijandigheid, afkeer, frictie, conflict, oorlog en chaos.’

Een groot deel van de HDP-organisatie is gevangengezet. Wat doet dat met je?
‘Na de verkiezingen van 7 juni 2015 heeft de AKP de oorlog verklaard aan de HDP. Zo’n tachtig procent van de volledige HDP-organisatie is inmiddels uitgeschakeld. Leden, lokale en landelijke bestuurders, burgemeesters en parlementsleden zijn uit hun functie ontheven, gevangengezet, worden gezocht of zijn gevlucht naar het buitenland. Toch zet de HDP haar strijd voort, we weigeren op te geven. Als ik niet bereid was tegenslagen te trotseren, was ik nooit lid geworden van de HDP. Natuurlijk is niet alleen de HDP het slachtoffer van de harde repressie, alle critici en tegenstanders van het regime staan onder hevige druk. Ons recht om kritiek te uiten is ons afgenomen. Het regime heeft een openluchtgevangenis gemaakt van Turkije. Alle pro-democratische oppositiegroepen moeten samenwerken om daar een eind aan te maken. Iedereen heeft democratie nodig.’

Ondanks het offensief tegen de HDP hebben weinig massaprotesten plaatsgevonden in Turkije. Waar heeft dat mee te maken?
‘Mensen die betogen worden keihard aangepakt. Zelfs als je simpelweg een persverklaring wil voorlezen, kan je doelwit worden van staatsgeweld. Behalve een openluchtgevangenis, heeft het regime een angstrepubliek gecreëerd. Het regime maakt zich schuldig aan intimidaties, doodsbedreigingen, aanvallen, brandstichtingen, arrestaties, ontvoeringen, martelingen, moorden en zelfs aanslagen op burgers. Zo hebben terroristen van het regime op 10 oktober 2015 onschuldige mensen afgeslacht bij het centraal station van Ankara (deze aanslag, waarbij meer dan honderd mensen omkwamen en meer dan vijfhonderd mensen gewond raakten, is niet opgeëist, de regering houdt IS verantwoordelijk, red.). De boodschap van die aanslag op de ‘arbeid, vrede en democratie’-rally, georganiseerd door de HDP en andere progressieve pro-democratische organisaties, was duidelijk: hou je kritiek voor je en ga de straat niet op. Door het gecreëerde angstklimaat zijn veel mensen bang de straat op te gaan. Kun je ze dat kwalijk nemen? Maar vergis je niet, wat er ook gebeurt, wij blijven de straat opgaan om mensen te bereiken, al moeten we dat met ons leven bekopen. We gingen afgelopen maart twee keer massaal de straat op, op Internationale Vrouwendag en Newroz (nieuwjaars- en voorjaarsfeest dat gevierd wordt door onder meer Koerden en Iraniërs, red.), en ook in de aanloop naar het grondwetsreferendum van 16 april 2017. Dat geeft mensen hoop en moed. We gaan door en stoppen niet totdat de angstrepubliek ten onder gaat.’

Wat doen de terreurbeschuldigingen aan jouw adres met jou? Wat voor andere nare dingen heb je de afgelopen tijd zoal meegemaakt?
‘Het baart me grote zorgen, want ik kan, net zoals tienduizenden anderen die zich nergens schuldig aan hebben gemaakt, opeens zomaar in de gevangenis belanden. Het regime heeft carte blanche om levens kapot te maken, des te meer omdat de noodtoestand, die is uitgeroepen na de couppoging, nog steeds van kracht is. De afgelopen tijd heb ik veel gezien en meegemaakt, zoals intimidaties, doodsbedreigingen, aanvallen en brandstichtingen. Zo zijn HDP-kantoren en werkplekken van Koerdische burgers in Antalya aangevallen en in brand gestoken door fascisten. Ik was toen co-voorzitter van de Antalya-afdeling van de partij en heb die nachtmerrie van dichtbij meegemaakt.’

Wat kunnen we onder deze moeilijke omstandigheden verwachten van de HDP bij de aankomende verkiezingen? Heb je nog steeds hoop op betere tijden?
‘Op 7 juni 2015 maakten wij, onder wie Koerden, Armeniërs, Assyriërs, Arameeërs, alevieten, yezidi’s en ‘dissidente’ Turken, kortom ‘de anderen’, gezamenlijk een vuist tegen onrecht en behaalden een historische monsterzege door tachtig zetels te veroveren in het parlement. Deze strijd voor gerechtigheid en erkenning is niet begonnen met de HDP. Het is een oude strijd. Het is de strijd van onderdrukte arbeiders en dorpelingen, van verzetshelden zoals Mahir Cayan (1946-1972; medeoprichter van de in 1970 opgerichte en in 1972 opgeheven marxistisch-leninistische organisatie THKP/C, red.), Ibrahim Kaypakkaya (1948-1973; oprichter van de in 1972 opgerichte marxistisch-leninistische organisatie TKP/ML, red.), Mazlum Dogan (1955-1982; medeoprichter van de PKK, red.) en vele anderen. Op 7 juni 2015 behaalde de HDP stemmen in alle regio’s van Turkije, zelfs in het Zwarte Zee-gebied (in deze regio behalen nationalistische partijen van oudsher veel stemmen, red.). Waarom? Omdat de HDP heel Turkije omarmt. De HDP is de meest diverse partij van Turkije: de partij kent een gelijke vertegenwoordiging door mannen en vrouwen, ongeveer fifty-fifty, en is multi-etnisch en multi-levensbeschouwelijk. Wij zijn zowel Dersim als het Zwarte Zee-gebied, zowel Konya als Izmir, zowel Istanbul als Kars, zowel Ankara als Diyarbakir, zowel Canakkale als Sirnak. De omstandigheden zijn weliswaar veranderd. Zo krijgen oppositiepartijen vandaag de dag zelfs nog minder ruimte campagne te voeren dan vóór 7 juni 2015 vanwege de volledig uit bocht gevlogen dictatoriale strategie van de AKP. Maar onze boodschap is niet veranderd. Ondanks de snode plannen van het regime zijn wij vastbesloten bij de aankomende verkiezingen opnieuw een mijlpaal te behalen.’

Waarom hebben zoveel Turken een afkeer van de HDP?
‘Ze kennen ons niet. Mensen die ons niet kennen en de walgelijke propaganda van het regime geloven, denken dat we terroristen zijn. Onbekend maakt onbemind. De fascisten willen niet dat de Turken en de niet-Turken nader tot elkaar komen, want conflict is hun reddingsboei. In het ideale Turkije dat zij voor ogen hebben, is er haat, nijd en afgunst tussen mensen. Dat hebben ze nodig om het volk te manipuleren, brainwashen en controleren, zodat ze de status quo kunnen handhaven en hun grip op de macht kunnen behouden en verder verstevigen. Daarom voelen ze zich bedreigd door het feit dat de HDP mensen niet tegenover elkaar zet, maar bij elkaar brengt.’

Foto: de Kanttekening

Wat vind je van de CHP?
‘De CHP is van oudsher een echte staatspartij, onderdeel van het bestaande systeem en de status quo (de CHP stemde tijdens een algemene stemming in het parlement voor de opheffing van de juridische onschendbaarheid van HDP-politici, onder wie Demirtas en Yüksekdag, red.). Binnen de partij bestaan verschillende stromingen, van nationalistische en secularistische tot devrimci en pro-Koerdische facties. Het grootste deel van de achterban van de CHP is onomwonden anti-fascistisch en wil democratie. Vrijdenkers binnen de partij, zoals Sezgin Tanrikulu, Baris Yarkadas en Eren Erdem, spelen een belangrijke rol in het verdedigen en verkondigen van die boodschap. De presidentskandidaat van de CHP, Muharrem Ince, zoekt duidelijk meer toenadering tot de Koerden, zoals blijkt uit recente toespraken die hij heeft gegeven. Dat hij zijn eerste rally in de Koerdische provincie Hakkari heeft gehouden, is veelzeggend. Wij hechten waarde aan dit soort handreikingen, want om democratie tot gemeengoed te maken, is het belangrijk dat mensen met verschillende achtergronden dezelfde boodschap verkondigen, de boodschap van vrijheid. Eendracht maakt macht.’

De nieuwe nationalistische, liberaal-conservatieve partij Iyi Parti (Goede Partij) doet ook mee aan de verkiezingen. Wat vind je van deze partij?
‘Elk pro-democratisch initiatief kan op mijn steun rekenen. Over de Iyi Parti heb ik echter grote vraagtekens. De leider van de partij, Meral Aksener, was ruim zeven maanden minister van Binnenlandse Zaken (1996-1997, red.), in één van de donkerste periodes in de geschiedenis van Turkije, berucht vooral vanwege de vele onopgeloste politieke moorden die werden gepleegd. Aksener heeft nooit afstand genomen van die periode. Sterker nog, ze heeft gezegd dat het toenmalige staatsbeleid juist was. Aksener heeft dan ook zeer zeker geen clean record. Ik heb weinig reden om haar te vertrouwen en te geloven dat democratisering het doel van haar partij is. Ik beschouw haar partij niet als een onderdeel van de pro-democratische oppositie. Onze focus momenteel is echter niet de Iyi Parti, maar de AKP, de MHP en de BBP (Grote Eenheidspartij; nationalistisch, red.), die wat ze zelf noemen een ‘nationale alliantie’ hebben gesloten. ‘Nationaal’… grappig. Over welk land, welke samenleving hebben ze het? De juiste term voor die alliantie is niet ‘nationale alliantie’, maar ‘fascismealliantie’.’

De CHP, de Iyi Parti, de SP (Gelukzaligheidspartij; islamistisch, Milli Görüs) en de DP (Democratische Partij; liberaal-conservatief) hebben ook een alliantie gesloten, de ‘volksalliantie’. De HDP mag niet meedoen. Zelfs in deze moeilijke tijden, waarin de verkiezingen als het ware een zaak van leven en dood is, worden jullie uitgesloten.
‘Dat zegt meer over deze partijen dan over ons. Het is jammer dat de CHP hierin meegaat. Ik weet dat sommige facties binnen de CHP kritiek hebben op dit bondgenootschap en het feit dat de HDP is uitgesloten. Als deze vier partijen niet willen inzien dat als het ware heel het schip dreigt te zinken, het leven van iedereen in gevaar is en samenwerking de enige manier is om dat te voorkomen, dan moeten ze dat zelf weten. Ze hebben het over een ‘volksalliantie’ waar de HDP, die ruim zes miljoen stemmen heeft behaald, veel meer dan de SP en de DP samen, niet onderdeel van is. Hoe is dat mogelijk? Wat een gotspe.’

Wat is je visie op de PKK?
‘Als Koerd en aleviet, als volks- en geloofsgenoot van mensen die zijn ontvoerd, gemarteld, vermoord, als kind van een regio dat het Bloedbad van Dersim en vele andere barbaarse daden heeft meegemaakt, heb ik veel verkropte woede. Ik en vele anderen zoals ik hebben ervoor gekozen onze woede te bedwingen en in te slikken. We weten dat als we onze woede niet in goede banen leiden, ons meer leed berokkend gaat worden en we meer gaan lijden. Ik wil niet dat mijn kinderen en toekomstige generaties lijden. De HDP gelooft dat een politiek beleid gebaseerd op geweld op de lange termijn geen vruchtbare resultaten zal opleveren. Daarom kiezen wij voor dialoog in plaats van geweld. Maar verwacht van mij niet dat ik degenen die wel de wapens oppakken, omdat ze hun woede weigeren te verkroppen, ga veroordelen. De PKK is een directe reactie op de vele grove mensenrechtenschendingen waar de staat zich schuldig aan heeft gemaakt, zoals ontvoeringen, martelingen en moorden. Als je mensen keihard onderdrukt, isoleert en geen ruimte geeft om op een democratische manier op te komen voor hun rechten, dan dwing je hen gebruik te maken van alternatieve methoden. Als je dierbaren voor je ogen worden vermoord, dan begrijp ik dat je dialoog niet meer ziet zitten. Als je als staat een gewelddadige repressiepolitiek voert, dan moet je niet vreemd opkijken wanneer een defensiemechanisme in werking treedt. Overigens vindt de staat dat prima, omdat ze het verzet van de PKK gretig misbruikt om de Koerdische gemeenschap te criminaliseren en onderdrukken. Ik geloof niet in het bestrijden van vuur met vuur. Maar vergeet niet dat haat leidt tot meer haat. Daarom weiger ik mensen die noodgedwongen de wapens oppakken te labelen als terroristen.’

Hoe kan het geweld een halt toegeroepen worden?
‘Het Koerdische probleem, het Armeense probleem, het Assyrische probleem, het Aramese probleem, het alevitische probleem, het yezidische probleem en soortgelijke issues, maar bijvoorbeeld ook het arbeidersprobleem, zijn de problemen van héél Turkije. We moeten deze problemen erkennen en onder ogen zien om ze op te kunnen lossen in plaats van ze te verergeren door geweld te gebruiken. Als Erdogan Turkije daadwerkelijk een plezier wil doen, moet hij stoppen met de haattaal waarmee hij de samenleving vergiftigt. Ze kunnen een voorbeeld nemen aan Selahattin (Demirtas, red.) baskan (voorzitter, leider, red.), die populair is juist omdat hij de taal van vrede spreekt zonder daarbij onderscheid te maken tussen mensen op basis van kenmerken zoals etniciteit, religie, sekse en seksuele voorkeur. Turkije is conflictmoe, moe van al het leed en het bloedvergieten, Turkije verlangt naar vrede.’

Je windt er geen doekjes om in dit interview. Je geeft geen politiek correcte antwoorden. Dit interview wordt weliswaar gepubliceerd in een Nederlandse krant, maar Erdogans arm is lang. Sommige van je uitlatingen kunnen tegen je gebruikt worden. Ben je niet bang?
‘Angst is menselijk, ik zou liegen als ik zou zeggen dat angst mij vreemd is, dat ik nooit bang ben. Echter, ‘angst is besmettelijk, maar lef ook’, zei Demirtas. Dat is mijn credo. Mensen informeren, daar doe ik het voor. Dat beschouw ik als een morele verplichting. ‘Angst voorkomt je eind niet’, luidt een Turks gezegde. Daar geloof ik in. Je kunt bang zijn, maar daarmee verander je je toekomst niet. Wat komt, komt, hoe dan ook, op de ene of andere manier.’

Oftewel: death smiles at us all, all we can do is smile back.
‘Zo is het. Ik lig al onder het vergrootglas van het regime. Misschien lanceren ze na dit interview nog een ‘terreuronderzoek’ naar mij… en wellicht ook naar jou (lacht).’

DELEN
Hakan Büyük
Voormalig journalist en eindredacteur van de Kanttekening.