Volgens schrijver Arnon Grunberg heeft de christelijke naastenliefde de westerse cultuur diep beïnvloed. ‘Mensen kunnen alleen niet voldoen aan de eisen die Jezus stelt.’
Voor niet-christenen kan de Bergrede een aha-erlebnis zijn. Volgens de overlevering hield Jezus deze toespraak op een heuvel in Galilea, een streek in het noorden van het huidige Israël. Er staan bekende uitspraken in als: ‘Wie je op de rechterwang slaat, kun je de linkerwang toekeren’, ‘Heb je vijanden lief’ en: ‘Behandel anderen zoals je zelf behandeld wilt worden.’
Deze wijsheden komen dus uit de Bergrede in het Nieuwe Testament, uit Matteüs 5 tot en met 7. Het nieuwe boek van Arnon Grunberg, Mogen we nog een beetje leven?, bevat beschouwingen over deze tekst. Ook de Bijbeltekst zelf is integraal opgenomen. Grunberg is naar eigen zeggen ‘helemaal niet christelijk’ opgevoed, ‘wel religieus, maar joods’. Waarom wilde hij dan juist over deze toespraak van Jezus aan zijn volgelingen schrijven?
‘In de Bijbel staan prachtige verhalen die mij, ook als agnost, nog steeds aanspreken, ook literair gezien’, vertelt Grunberg. ‘Denk aan het verhaal van Abraham en Isaak of aan het boek Job uit het Oude Testament. Maar ook het Nieuwe Testament bevat schitterende teksten. Er zit een soort poëzie in.’
‘Wat mij betreft komen de mensenrechten voort uit de leer van Jezus, uit de Bergrede: het idee dat bepaalde rechten voor iedereen gelden. Het westerse denken, inclusief de Verlichting, is voor een belangrijk deel schatplichtig aan het christendom. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het humanisme een vorm van christendom zonder Jezus is.’
En het christendom is weer schatplichtig aan het jodendom?
‘Ja, dat klopt. Zoals ik ook in mijn boek schrijf: geen enkele cultuur staat op zichzelf. Elke cultuur is beïnvloed door andere culturen. De monotheïstische religies – het christendom, het jodendom en de islam – hebben ontzettend veel gemeen. Ze delen profeten en verhalen. Maar wat het christendom enigszins onderscheidt, is dat het sterk heeft ingezet op universalisme.’
Wat bedoel je?
‘Bijzonder aan het christendom, en tegelijk de kracht en zwakte ervan, is dat het zegt: iedereen kan christen worden. Vandaar ook dat missionarissen eeuwenlang naar Afrika, Zuid-Amerika en andere delen van de wereld trokken om mensen te bekeren.
‘Wat mij betreft komen de mensenrechten voort uit de leer van Jezus’
Ik heb met missionarissen gesproken, in Paraguay maar ook in de Verenigde Staten. Zij gaan van deur tot deur. In hun ogen gaan mensen verloren als ze Jezus niet erkennen als hun redder. Dat missionaire karakter is typisch christelijk en heeft goede en slechte kanten.
De slechte kanten zijn vrij duidelijk. Het heeft iets kolonialistisch: het idee dat je tegen anderen zegt dat jouw geloof beter is dan dat van hen. Dat staat op gespannen voet met moderne ideeën over gelijkwaardigheid en respect.
Maar de positieve kant is dat ook het idee van universele mensenrechten daaruit voortkomt. Het Kantiaanse idee dat ieder mens een doel op zichzelf is, is sterk beïnvloed door de christelijke cultuur. Immanuel Kant (Duitse filosoof, red.), de bedenker hiervan, was natuurlijk een product van die cultuur.’
Ik zie secularisering als een voortzetting van het christendom. Nietzsche zei dat God dood is. Je kunt ook zeggen: mensen hebben zich losgemaakt van de kerk. Vroeger hoorde je vanzelfsprekend bij een kerkgenootschap. In Nederland was je katholiek of protestants. Er waren zelfs tijden waarin een relatie tussen een katholiek en een protestant grote problemen kon veroorzaken.
Voor mij begint die secularisering al eerder, bij Jezus zelf. Volgens de overlevering zei hij dat veel religieuze wetten niet langer noodzakelijk waren. Besnijdenis hoefde niet meer, voedselwetten ook niet. Je mocht eten wat je wilde. Dat is een groot verschil met zowel het jodendom als de islam.’
In je boek betoog je dat de Bergrede de westerse mens heeft beïnvloed, ook als die geen christen is. En dat het bijna een politiek programma is?
‘Zeker. Er zit iets revolutionairs in de Bergrede. Het is een tekst met een enorme politieke en maatschappelijke kracht. Een geloof heeft grote invloed op hoe mensen denken en samenleven, ook als ze die religie niet aanhangen. Je groeit altijd op binnen een cultuur.
Het idee van een God die een moreel geweten vertegenwoordigt, het onderscheid tussen goed en kwaad, maar ook het idee dat ieder mens ertoe doet: dat zijn allemaal christelijke ideeën die diep in onze cultuur zijn doorgedrongen.
Als je kijkt naar het Oude Testament (het boek van het jodendom, red.), zie je een andere nadruk. Daar gaat het veel meer over het hier en nu. Over hoe mensen samenleven met God en met elkaar. Het gaat om praktische voorschriften en om het dagelijkse leven. Wat je moet eten, wanneer je moet rusten, hoe je moet oogsten, hoe je moet bidden.
Door Jezus verschuift de nadruk van wet naar liefde. Tegelijkertijd is liefde natuurlijk een lastig begrip. Het klinkt prachtig, maar het is vaak onduidelijk wat het concreet van mensen vraagt.’
Als liefde zo centraal staat in de westerse cultuur, waarom doen mensen elkaar dan zoveel kwaad?
‘Omdat mensen niet kunnen voldoen aan de eisen die Jezus stelt. Dat zie je in alle monotheïstische religies terug. Mensen blijken telkens minder volmaakt dan de idealen die hun worden voorgehouden. In naam van het christendom zijn ketters verbrand en in naam van de liefde zijn mensen vermoord. Hetzelfde zie je bij seculiere ideologieën zoals het communisme, dat rechtvaardigheid op aarde wilde realiseren. Zodra idealen een ideologie worden, gaat het vaak mis en dreigt ontmenselijking. Zodra je de wereld indeelt in goede en slechte mensen, ontstaat de verleiding anderen uit te sluiten of zelfs te vernietigen.’
Kun je al die idealen terugvinden in de Bergrede?
‘De Bergrede is een poëtische tekst waarin Jezus oproept je vijanden lief te hebben. Dat is misschien wel de kern van de boodschap. Mensen die lijden en aan de rand van de samenleving staan, worden gezien. Jezus richt zich juist tot hen. In de Bergrede staat dat wie hongert naar gerechtigheid verzadigd zal worden en dat de laatsten de eersten zullen zijn. Dat was toen een krachtige boodschap en is dat nog steeds.’
De weerstand tegen asielzoekers en de acties van rechtsextremistische activisten gaan dus recht in tegen de boodschap van de Bergrede?
‘Absoluut. De mensen die zich tegenwoordig beroepen op de christelijke cultuur noem ik in mijn boek post-christenen. Zij handelen vaak juist in strijd met de geest van de Bergrede. Hoewel je natuurlijk ook gelovig christelijk kunt zijn en asielzoekers kunt haten, of welke groep dan ook kunt haten. Voor de postchristenen is het christendom vaak eerder een identiteitsmarker dan een werkelijk geloof.
‘Besnijdenis hoefde niet meer, voedselwetten ook niet’
Ik wil overigens niemand voorschrijven hoe hij of zij moet geloven. Ik wil ook niemand bekeren. Ik vind dat mensen het recht hebben om hun eigen keuzes te maken.’
Maar is dat niet in tegenspraak met wat je eerder zei? Iedereen in het Westen is toch door de christelijke naastenliefde beïnvloed?
‘Dat klopt. Iedereen is erdoor beïnvloed, maar dat betekent niet dat iedereen er ook naar handelt. Of dat mensen beseffen erdoor beïnvloed te zijn. Je bent altijd ook een product van je cultuur en die cultuur is groter dan je ouderlijk huis, je school, en je tempel.
Ik denk dat veel mensen die demonstreren tegen asielzoekers, soms zelfs met geweld, diep van binnen best weten wat barmhartigheid is. Ook als ze de Bijbel nooit hebben gelezen, weten ze vaak heel goed wat als goed en slecht wordt beschouwd. Juist daarom denk ik dat ze zich ergens anders tegen afzetten. Ze verwerpen het appel dat in de Bergrede wordt gedaan.’
En waarom doen ze dat?
‘Omdat het heel menselijk is om onderscheid te maken tussen “wij” en “zij”.
Mensen willen vaak dat het goede leven beschikbaar is voor hun eigen groep, maar niet noodzakelijk voor anderen. Die ander kan van alles zijn: een asielzoeker, een moslim, een jood, een Rus, een zwarte Nederlander of een Nederlander van kleur. Er is altijd wel een groep die buiten de kring wordt geplaatst.
Daarnaast speelt onzekerheid een rol. Mensen die zich onzeker voelen over hun positie in de samenleving kunnen zichzelf een gevoel van status geven door neer te kijken op mensen die het nog moeilijker hebben.
‘Wie een ander ziet voordringen in een rij hoeft hem niet meteen tot de orde te roepen’
Door zich af te zetten tegen een kwetsbare groep creëren ze een gevoel van eigenwaarde. Ze kunnen tegen zichzelf zeggen: misschien heb ik het moeilijk, maar er zijn mensen die nog lager staan dan ik.’
Je boek heet Mogen we nog een beetje leven? Wat bedoel je met die titel?
‘Dat is wat je vaak hoort van juist de mensen waar we het net over hadden. Van mensen die zich afzetten tegen de boodschap van de Bergrede.
Tegelijkertijd vind ik dat je die vraag serieus moet nemen. Wie idealen nastreeft, moet ook rekening houden met de werkelijkheid waarin mensen leven. Je kunt niet van mensen verwachten dat ze vierentwintig uur per dag moreel perfect zijn. Dat ze nooit egoïstisch zijn, nooit fouten maken en altijd het goede doen.
Daarom doe ik in mijn boek ook een oproep om met mededogen naar anderen te kijken. Zelfs naar mensen die verkeerde dingen doen. Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.
Pas wanneer je erkent dat dezelfde menselijke zwakheden ook in jezelf aanwezig zijn, kun je op een geloofwaardige manier kritiek hebben op anderen of proberen hen tot ander gedrag te bewegen. Hoewel ik er ook diep van overtuigd ben dat we de ander meer met rust moeten laten. Wie een ander ziet voordringen in een rij hoeft hem niet meteen tot de orde te roepen. We zouden geen amateur-politieagenten moeten willen zijn.
Dat betekent niet dat je alles moet goedkeuren. Ik heb weinig sympathie voor mensen die tegen asielzoekers demonstreren. Maar zij lijken waarschijnlijk meer op mij dan ik zou willen toegeven.’
Arnon Grunberg, Mogen we nog een beetje leven?, Atlas Contact, 128 blz., € 19,99
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

