‘Met een zonnecollector op je dak steun je kinderarbeid in Congo’

Foto: Twitter. Alphonse Muambi (Lubumbashi, 1968) is schrijver, opiniemaker en lobbyist. Hij schreef het boek 'Democratie kun je niet eten: reisverslag van een verkiezingswaarnemer' (2009) over de verkiezingen van 2006 in Congo. Ook schreef hij mee aan de verhalenbundel 'Zwart' (2018). In 2006 en in 2011 trad hij namens Nederland op als internationale verkiezingswaarnemer in Congo. Hij gaf een TEDx-lezing over democratie in Afrika. Hij stond op de kandidatenlijst van GroenLinks voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2017.
‘Het hoort bij een emancipatiebeweging dat eerst een botsing plaatsvindt voordat de toenadering verwezenlijkt wordt’, zegt Alphonse Muambi.

Schrijver, lobbyist en opiniemaker Alphonse Muambi is geboren in Congo. Hij kwam in 1994 naar Nederland. In 2006 volgde hij van dichtbij de Congolese verkiezingen en schreef daarover het boek Democratie kun je niet eten: reisverslag van een verkiezingswaarnemer (2009). Hij interviewt wetenschappers en andere experts voor het digitale tv-kanaal Café Weltschmerz. Onlangs interviewde hij historicus Piet Emmer, emeritus hoogleraar Europese Expansie en Migratie (Universiteit Leiden), over slavernij. In een opiniestuk in Trouw schrijft hij dat de oplossing voor de Afrikaanse migratiestroom ligt in het sluiten van de grenzen, voor zowel mensen als voor de zeldzame mineralen die Europa importeert uit Afrika. Eerder deze maand verscheen het boek Zwart, een verhalenbundel van Afro-Nederlandse schrijvers waarin ook een verhaal van Muambi is opgenomen. De Kanttekening spreekt Muambi onder meer over de gevolgen van de handel in mineralen tussen Afrika en Europa, de rol van Afrika tijdens de trans-Atlantische slavernij en het huidige racismedebat.

In wat voor omstandigheden ben je opgegroeid in Congo?
‘Ik ben geboren in Lubumbashi, in het zuiden van Congo, waar veel mineralen gedelft worden, zoals koper, kobalt en coltan. Van die grondstoffen worden bijvoorbeeld onze mooie mobieltjes en wapens gemaakt. In 1994 ben ik met hulp van een mensensmokkelaar naar Nederland gekomen. Ik kom uit een christelijk gezin bestaande uit vijf meisjes en vijf jongens. Mijn vader was monteur en werkte bij de luchthaven, mijn moeder werkte op de markt.’

Hoe ben je in Nederland verzeild geraakt?
‘Dat ik naar Nederland ben gekomen is eigenlijk een ongeluk van de globalisering. Zoals de minarelen van Congo hier in Nederland zijn terechtgekomen, zo ben ik hier ook terechtgekomen. De grondstoffen van Congo gaan zonder problemen de grens over, mensen lopen die grens ook over, die twee dingen hangen met elkaar samen. Ik heb in Nederland asiel aangevraagd, omdat er politieke problemen in Congo waren. Ik was student en we gingen in opstand tegen de dictatuur van Mobutu. Hij stuurde militairen op ons af. De scholen bleven door zijn toedoen ruim vijf jaar lang dicht. Er werd gejaagd op ons, daarom ben ik het land ontvlucht. Ik ben de enige van mijn familie die naar Europa is gegaan. Een deel van mijn familie woont in Congo, het andere deel in andere Afrikaanse landen.’

Wat is de Nederlandse identiteit?
‘Ik ben het wat dat betreft eens met koningin Maxima. De Nederlandse identiteit is een globale identiteit. Heeft het te maken met eten? Heeft het te maken met de schrijvers die wij lezen? Ons eten en onze boeken komen meestal niet uit Nederland. Dus de Nederlandse identiteit is veel eerder een samensmelting van verschillende identiteiten. Is Nederland uniek als democratie? Nee. Is Nederland uniek in de vrijheid van meningsuiting? Misschien politiek gezien, maar ook in Congo kunnen mensen zich over heel veel dingen uitspreken, alleen politiek gezien kan dat tot problemen leiden.’

Maar wat dat betreft is er toch een groot verschil tussen Congo en Nederland?
‘Nee, dat vind ik niet. Ik zie niet zoveel verschil. De verhoudingen tussen mannen en vrouwen, de waarden die mensen verdedigen, daarin zie ik geen verschil. Op de politieke vrijheid na, is een Congolees net zo vrij als een Nederlander. De taal was een barrière toen ik hier kwam, maar verder was het voor mij niet anders dan in Congo.’

Je hebt dus geen cultuurclash ervaren?
‘Nee, op het moment dat je hier komt, zie je natuurlijk wel dat er bepaalde culturele verschillen zijn, maar ik heb het over het universele contact tussen mensen. Zoveel verschillen mensen niet van elkaar. Er zijn wetten en regels die overal ter wereld gelden. Bijvoorbeeld als iets jouw eigendom is dan weet ik dat ik daar niet aan moet komen. Als je respect voor jezelf hebt, dan heb je respect voor anderen. De normen en waarden die ik in Congo heb geleerd, zijn ook de Nederlandse normen en waarden. Ik ben christen. Nederland is een christelijk land met ook atheïsten, dat geldt ook voor Congo.’

Zijn er dan geen grote verschillen als het bijvoorbeeld gaat om homoseksualiteit?
‘Homoseksualiteit wordt niet besproken op televisie zoals dat hier gebeurt. Maar ook in Congo zijn er homoseksuelen, ze lopen rond, het is geen issue. Mensen leven hun eigen leven.’

Ze hoeven niet te vrezen voor hun leven bedoel je?
‘Ja.’

Dat is toch heel wat anders dan acceptatie?
‘Acceptatie in maatschappelijke structuren, bijvoorbeeld het krijgen van een baan, dat is een andere stap. Congo is een informele staat. Mensen creëren in Congo hun eigen mogelijkheden en bron van inkomsten. Als je dat stelt als een verschil, oké dan heb je daar gelijk in, maar de mate van homoacceptatie is toch niet de kern van de Nederlandse identiteit?’

Misschien niet specifiek de Nederlandse identiteit, maar het hoort wel bij de Europese verlichtingsidealen waarbij de individuele vrijheid van de mens centraal is komen te staan. Die verlichtingswaarden zijn toch niet wijdverbreid in Afrikaanse landen?
‘Er zijn verschillen inderdaad. Voor iemand uit Afrika valt het op dat hier een man met een man kan trouwen, maar voor iemand die vanuit hier naar Afrika emigreert valt het op dat een man in Afrika met meerdere vrouwen kan trouwen. Dat is een verschil in cultuur, maar ik zie dat niet als wezenlijk voor een identiteit, ik denk dat identiteit veel meer is dan zulke culturele verschillen.’

Wat is dan bijvoorbeeld de Congolese identiteit?
‘Dat is ook heel lastig te definiëren. De Congolese identiteit bestaat uit verschillende filosofieën, culturen en stammen. Congo heeft niet één identiteit. Er zijn in Congo meer dan zeshonderd stammen, samen vormen die een bepaalde cultuur.’

Je wil dat de handel in zeldzame mineralen tussen Afrika en het Westen stopt. Waarom is de handel die Europa drijft met Afrika zo vernietigend voor het continent?
‘Afrika wordt leeggeroofd door het Westen, dat is geen geheim. Het roven gaat via de Afrikaanse presidenten die door Europeanen in het zadel zijn gezet. Dat doen ze ofwel via de wapenindustrie ofwel door verkiezingen.’

Dus volgens jou is de huidige president van Congo Joseph Kabila door Europese inmenging aan de macht gekomen?
‘Zeker, hij heeft dankzij de Europeanen in 2006 de macht gegrepen. Vlak voor de verkiezingen is er een militaire macht van de Europese Unie bestaande uit onder anderen Fransen, Belgen en Nederlanders naar Congo gestuurd. Die militairen waren zogenaamd gestuurd om de veiligheid van de verkiezingen te waarborgen, maar in werkelijkheid waren ze daar om Kabila in het zadel te helpen. Die militairen hebben de tegenstanders van Kabila geneutraliseerd. De verkiezingen werden met een half miljard dollar gefinancierd door de Verenigde Staten en Europa. En de toenmalige Belgische minister van Buitenlandse Zaken Louis Michel was in Congo een belangrijke lobbyist van Kabila voor Europese regeringen. Al die aspecten samen hebben ertoe geleid dat Kabila zichzelf via de verkiezingen heeft kunnen uitroepen tot president. Het is een feit dat Kabila daar is neergezet, terwijl hij corrupt was en is en niet de belangen van het volk dient.’

Heeft het Westen niet gewoon geprobeerd om eerlijke verkiezingen tot stand te brengen?
‘Nee, het Westen heeft de boel gemanipuleerd. Het Westen heeft doelbewust Congo gedestabiliseerd. Dat heeft geleidt tot massa-immigratie van Afrikanen en duizenden doden in de Sahara.’

Dat kan toch niet in het belang zijn van het Westen?
‘Westerse landen, maar ook China bijvoorbeeld, hebben daar belang bij, want ze willen goedkoop aan de grondstoffen in Congo geraken. Doordat het land instabiel is kunnen de grondstoffen voor een bodemprijs verkocht worden. De massa-immigratie is daar een bijproduct van en dat nemen ze blijkbaar op de koop toe. Onder andere Frankrijk en Spanje hebben bijvoorbeeld allerlei contracten ondertekend met Kabila. Nederland legt Kabila ook geen strobreedte in de weg. Alleen België heeft zich openlijk tegen de regering gekeerd. Dat is geen filosofische discussie, het is een gegeven dat het Westen Congo heeft gedestabiliseerd.’

Had Congo een stabiele regering gehad als de Europese Unie geen militairen had gestuurd?
‘Ja, daar ben ik van overtuigd.’

Geloof je in westerse ontwikkelingshulp of is dat hooguit een doekje voor het bloeden?
‘Toen PVV-leider Geert Wilders pleitte voor het afschaffen daarvan, heeft Ben Bot (van 2003 tot 2007 minister van Buitenlandse Zaken, red.) ontwikkelingshulp omschreven als een manier om in de landen waar de hulp naartoe gaat kleine vlaggetjes achter te laten. Mensen zullen dan zeggen ‘oh, deze waterput of school is tot stand gekomen dankzij de Nederlanders’. Op die manier verschaf je jezelf als Nederland toegang en daardoor ook zeggenschap tot een gebied. Het is marketing, niets meer dan dat. Als ontwikkelingshulp bedoelt zou zijn om een land te ontwikkelen, dan zou dat nuttig kunnen zijn, maar het is een heel klein aspect in een veel groter geheel. Het weegt bij lange na niet op tegen het neo-kolonialisme dat het Westen bedrijft door Afrikaanse landen te destabiliseren.’

België heeft zijn consulaten vanwege de politieke situatie in Congo recent teruggetrokken. Ook de vijfentwintig miljoen euro aan ontwikkelingsgeld die België in Congo had gestoken krijgt nu een andere bestemming. Wat vind je daarvan?
‘Ik heb het berekend, vijfentwintig miljoen gedeeld door twaalf miljoen mensen in alleen Kinshasa, dan heb je twee euro per inwoner, dat is geen geld.’

Voor een klein land als België is dat toch wel een behoorlijke som?
‘Ja, maar weet je voor hoeveel miljarden België heeft verdiend aan Congo? Het zijn bedriegende cijfers. Alleen al de vrouw van Kabila heeft zo’n vijfentwintig miljoen euro aan zakgeld. Voor de handelaren in mineralen die zaken doen met Kabila is vijfentwintig miljoen euro een schijntje. Daarom ben ik voor het sluiten van de grenzen. Op het moment dat de KLM niet meer landt in Afrika om mineralen op te halen, maar elders, dan betekent dat ook dat de migranten geen reden meer hebben om het land te verlaten. Congo en Europa zijn dan beide beter af.’

Stort je Nederland niet in een heel diepe crisis als je zou stoppen met die handel? En roept dat ook niet een veel fundamentelere vraag op, namelijk: kan je een welvarend land zijn zonder een ander land uit te buiten?
‘Dat is een vraag die wij in Europa oprecht moeten bespreken. Kan een land als Nederland zonder oneerlijke handel? Die vraag hoor ik niet in de politiek. Politici durven niet openlijk te spreken over dat dilemma. Ergens weten ze ook wel dat je niet voor uitbuiting kan kiezen.’

Foto: Stichting Lm Publishers

Dat is natuurlijk ook een heel gevaarlijke vraag. Bijna iedereen wil wel iets goeds doen voor mensen in een arm land, maar niet als het grote gevolgen heeft voor het leven hier.
‘Als Nederlander begrijp ik dat heel goed. Om hier te kunnen overleven moet je andere landen leegroven, dat is gewoon zo. De discussie over de gaswinning in Groningen legt dat dilemma heel goed bloot. Wij hebben dat Groningse gas nodig, want op Russisch gas overgaan betekent dat we een heel dure transitie moeten doormaken. Daar worden we allemaal armer van. Dat offer willen we niet brengen en daarom laten we de Groninger lijden. Groningers moeten toezien hoe hun huizen kapotgaan. Afrika gaat om precies dezelfde reden kapot. Populistische politici zeggen dat de problemen worden veroorzaakt door migranten. ‘Zij pikken onze banen in’, zegt men. Maar migranten uit Afrika zijn een direct gevolg van de oneerlijke handel die wij met dat continent voeren. Daarom moet die handel stoppen.’

Hoe komen we dan aan onze smartphones?
‘Dat is een vraag voor de politiek en voor de bedrijven die dat soort producten maken. Ik pleit voor een stop van twintig jaar. Na twintig jaar kunnen we evalueren. Misschien kunnen we de telefoontjes recyclen of oude telefoontjes repareren? Ik heb gehoord dat in het Westen heel veel mensen met een hoog iq rondlopen, dan kunnen die mensen toch ook wel een alternatief verzinnen voor coltan?’

Coltan zit ook in zonnecollectoren. Zonne-energie heeft de naam duurzaam te zijn. Kan het wel duurzaam zijn als de mineralen uit Congo worden geroofd?
‘Het opvangen van zon is op zich een natuurlijk proces. Vanuit ons perspectief gezien is het duurzame energie, maar met een zonnecollector op je dak steun je de kinderarbeid in Congo. De levensduur van de kinderen wordt verkort en het gebied rondom de mijnen worden vervuild. Dankzij de chantabele president Kabila hebben Nederlanders zogenaamde groene energie, maar de grondstoffen voor het winnen van zonne-energie zijn alles behalve schoon.’

Waarom wordt Kabila, als hij zo ontzettend slecht is, niet door een eensgezinde revolutie van de troon gestoten?
‘Er is elke dag revolutie in Congo. Alleen dat komt in Nederland niet in de krant. Dat is ook een vraag waar ik mee zit. Waarom worden gebeurtenissen in Congo niet op de televisie vertoont? De afgelopen twee maanden zijn onder andere katholieken de straat opgegaan in Congo, er werd geschoten op die mensen. Er werd op kerken geschoten en priesters zijn opgepakt en gemolesteerd. De paus is daar van op de hoogte, maar hier heb ik daar niks over gelezen.’

Je hebt voor Café Weltschmerz de slavernijexpert Piet Emmer geïnterviewd. Hij stelt onder andere dat de slavernij in Afrika groter was dan de trans-Atlantische slavernij. De Europese slavenhandelaren maakten volgens Emmer zelf niemand tot slaaf, maar kochten de slaven van Afrikaanse slavenhandelaren. Vind je dat Afrikanen daarmee ook een schuld hebben te vereffenen met het verleden?
‘De schuld ligt bij alle partijen. Alleen ik heb gemerkt dat Emmer niet het verhaal vertelt dat verteld moet worden. Hij is hoogleraar geweest, maar hij zet de geschiedenis neer als een politicus. Dan bedoel ik de manier waarop hij met absolute zekerheid stelt dat Afrikanen beslisten wie slaaf werd en wie niet en dat hij zegt zeker te weten dat de Afrikaanse slavenhandel groter was dan de trans-Atlantische slavernij. Daarin schuilt wat mij betreft een politieke agenda. Dat zijn geen objectieve wetenschappelijke feiten. Wat we nodig hebben is dat de geschiedenis wordt verteld zonder dat die door een ideologie wordt toegeëigend.’

Het is toch wel een feit dat de Europese slavenhandelaren slaven kochten van Afrikaanse slavenhandelaren?
‘Ik denk dat de feiten verdraaid worden om de Afrikanen de schuld in de schoenen te schuiven. Dat Afrikanen de slaven hebben verkocht aan de Europeanen kan wel waar zijn, maar noem één land in de wereld buiten Amerika en landen in het Caraïbisch gebied dat bevolkt wordt door nazaten van zwarte slaven? De hele trans-Atlantische slavernij toeschrijven aan Afrika, daar geloof ik niet in. Bovendien, na de slavernij bleef de kolonisatie. En de kolonisatie is het verlengstuk van de slavenhandel. De uitbuiting heeft zich voortgezet op een andere manier.’

Wat moeten we nu met de geschiedenis van de slavernij?
‘We moeten vooral niet teruggaan naar het verleden. De geschiedenis kan ons helpen om bepaalde fouten niet nogmaals te maken. Bepaalde vooroordelen en vormen van discriminatie zijn in die tijd ontstaan. Als we ons bewust zijn van hoe dat ontstaan is, dan kunnen we er ook mee afrekenen, we kunnen dan het verleden laten rusten. Soms wordt er geopperd dat de opbrengsten van de slavernij moeten worden terugbetaald, maar dat kan niet. Dat is niet in geld uit te drukken. Het belangrijkste dat we kunnen doen is gewetensvol omgaan met de geschiedenis.’

Je hebt een bijdrage geleverd aan het boek Zwart, een verhalenbundel van auteurs met Afrikaanse roots. De Marokkaanse Nederlander Jamal Ouariachi schreef een kritische recensie over het boek. Zijn kritiek is dat jullie omgekeerd racistisch zijn door voortdurend onderscheid te maken tussen blank versus donker. Wat vind je daarvan?
‘Als dat zo is, dan is het goed. Als hij dat boek ziet als racistisch dan is het een antwoord op racisme. Ik ben het niet met hem eens op die manier. Het boek bestaat grotendeels uit verhalen van jongeren die hier opgegroeid zijn of op een heel jonge leeftijd hierheen zijn gekomen. Ze zijn getekend door racisme. Het heeft hen gevormd. Het is belangrijk dat mensen kunnen lezen hoe zij dat ervaren hebben. Daarom zijn hun verhalen van belang. Dat staat los van de vraag of de verhalen literair zijn of niet. Goed geschreven of niet goed geschreven, het gaat om dat deze verhalen gelezen kunnen worden.’

De kritiek is dat het in die verhalen wel heel vaak over huidskleur gaat. Het is zwart-wit-denken volgens Ouariachi. Welk belang dient dat?
‘Ik denk dat die vorm op dit moment nodig is, om te laten zien wat racisme doet met mensen. De toenadering, het opheffen van dat onderscheid is een volgende stap. De schrijvers uit het boek leven in de witte wereld. Tot nu toe zijn het andere mensen die voor hen het woord hebben gevoerd. Het is belangrijk dat ze als jonge schrijvers eerst hun eigen stem vinden. Het boek zie ik als een platform dat jonge zwarte schrijvers de gelegenheid geeft verhalen te vertellen vanuit hun eigen perspectief. Het hoort bij een emancipatiebeweging dat er eerst een botsing plaatsvindt voordat de toenadering verwezenlijkt wordt. Eerst moeten we op gelijke voet met elkaar praten.’

Er wordt in het voorwoord van het boek ook gesteld dat de literaire wereld bewust ‘wit’ wordt gehouden. Ervaar je dat ook zo?
‘Ik denk niet dat je met je manuscript gediscrimineerd wordt omdat je zwart bent. Het heeft denk ik eerder te maken met de lezer. Nederland heeft relatief weinig te maken gehad met Afrikanen. Er zijn hooguit twee generaties Afrikanen in Nederland. Het heeft tijd nodig om een schrijf- en leescultuur te ontwikkelen. In Frankrijk, Engeland en zelfs België wordt Afrikaanse literatuur veel meer gelezen. Het boek Zwart is hopelijk het begin van verandering in dat opzicht.’

Michael Jackson zong in de jaren tachtig It don’t matter if you’re black or white. Martin Luther King zei dat hij niet beoordeeld wilde worden op zijn huidskleur. Zij hadden het over kleurenblindheid, terwijl nu veel anti-racisme-activisten kleurenblindheid als iets verkeerds zien. Wat vind jij van kleurenblindheid?
‘Dat klopt, Martin Luther King en Michael Jackson hebben in een andere tijd geleefd. King heeft gestreden tegen de apartheid in Amerika. In Amerika is dat helaas nog steeds heel duidelijk aanwezig. Het racisme in Amerika is op geen enkele manier te vergelijken met wat erin Nederland aan de hand is. Amerika heeft een veel heftigere geschiedenis met dit onderwerp. Het racisme in Amerika gaat zo ver dat de politie zwarte mensen doodschiet. Dat heb je niet hier, in Nederland zijn het incidenten. De strijd van de activisten moet je ook altijd zien binnen de context van het land en de tijd. Het debat in Nederland is heftig, ik denk dat we meer overeenstemming moeten vinden. Elk weldenkend mens is immers tegen racisme. De anti-racisme-activisten richten zich nu vaak op één bepaalde doelgroep, maar uiteindelijk moet het ons allemaal aangaan. Idealiter is huidskleur inderdaad onbelangrijk.’

DELEN
Gemme Burger
Journalist gespecialiseerd in religie en filosofie.