‘We zoeken elkaar te weinig op’

Foto: Corp
Uit CBS-cijfers blijkt dat veel Nederlanders spanningen ervaren tussen verschillende groepen. Wat kan de politiek daaraan doen? ‘De politiek moet eerst eens bij zichzelf te rade gaan.’

De spanningen tussen ‘nieuwe’ Nederlanders en autochtonen nemen toe, blijkt uit een rapport dat het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) onlangs publiceerde. Maar liefst acht op de tien Nederlanders vindt dat er (heel) veel spanningen in de samenleving zijn tussen groepen, zoals tussen mensen met verschillende religies en mensen met en zonder migratieachtergrond. Minder dan de helft van hen ervaart die spanningen ook zelf in hun directe omgeving.

Momenteel praten de partijen CDA, GroenLinks, D66 en VVD over een te vormen kabinet. De Kanttekening vroeg politicoloog Jean Tillie (hoogleraar ‘electorale politiek’) en antropoloog Martijn de Koning, die beiden verbonden zijn de Universiteit van Amsterdam, wat hun advies is aan de formatiepartners.

‘Dit heeft te maken met fragmentatie’, zegt Tillie. ‘We zoeken elkaar te weinig op. Ben je moslim, dan ga je naar de moskee. Als je christelijk bent, trek je je terug in de kerk. Dat is logisch, maar het laat wel de polarisatie in Nederland zien.’ Tillie gelooft dat beter netwerken veel problemen kunnen verhelpen. ‘Dat is dé oplossing om bevolkingsgroepen met elkaar te verzoenen. Mensen moeten elkaar vaker ontmoeten. Mensen zoeken alleen hun eigen groep op, met als gevolg dat zij anderen bewust of onbewust aan de kant schuiven. Ik zeg niet dat we de hele dag samen koffie moeten drinken, maar het maatschappelijk belang moet wel voorop komen te staan.’ De hoogleraar ziet daarin een belangrijke rol weggelegd voor de politiek. ‘Het verstevigen van de netwerken tussen verschillende groepen mensen, is een taak voor de politiek.’

De Koning is het daarmee eens, maar hij gaat nog een stapje verder. ‘De politiek moet eerst eens bij zichzelf te rade gaan’, begint hij. ‘Met name de mainstreampartijen. Je zag tijdens de verkiezingscampagne dat partijen door hun retoriek bepaalde groepen buitensluiten.’ De Koning vindt de uitkomst van het onderzoek niet heel verrassend. ‘Steeds vaker lees je over aanvallen op moskeeën en kerken en er zijn natuurlijk de aanslagen van IS. Daarnaast zie je steeds vaker opinieartikelen verschijnen waarin nationalistische en racistische uitspraken als vanzelfsprekend worden gezien. Het is dus niet gek dat mensen spanningen voelen’, gaat hij verder. ‘We moeten ons juist focussen op het zoeken van verbindingen. Het contact tussen verschillende organisaties is daarom erg belangrijk. Ondanks al die spanningen moet je elkaar blijven vinden.’ De Koning waakt daarbij voor een grote misvatting. ‘Je ziet vaak dat een bepaalde groep wordt aangekeken op individueel gedrag, dat is echt fout. Bijvoorbeeld, als er ergens aanslagen zijn worden moslims daar snel op aangekeken. Het moet duidelijk zijn dat mensen ook individueel keuzes maken en niet gevangen zitten in een cultuur.’ Hij wijst erop dat het benadrukken van burgerrechten van groot belang is. ‘Voor iedereen moeten de burgerrechten hetzelfde zijn. Er wordt veel te vaak gemeten met twee maten, terwijl we allemaal hetzelfde zijn. Met name moslims en migranten worden geraakt door het politieke beleid. De politiek moet er juist voor iedereen zijn. Als dat niet het geval is, komen de Nederlandse grondrechten voor veel mensen in het geding.’

Feit is dat de onderlinge banden tussen verschillende groepen mensen niet optimaal zijn. Tillie besluit ondanks dat gegeven wel af met een positieve conclusie. ‘Uiteindelijk is het allemaal maar relatief. We moeten met zijn allen wel beseffen dat we in een land leven waar geen oorlog is en waar rellen niet de boventoon voeren.’

Niet alleen achtergronden en religies zorgen voor spanningen binnen de samenleving. Het CBS publiceerde in haar onderzoek ook dat er spanningen zijn tussen bijvoorbeeld arm en rijk. Al is dat wel wat minder. Vier op de tien mensen gaf aan dat de verschillen in inkomens zorgt voor wrijving. Daarnaast kan ook het verschil in geslacht zorgen voor onderlinge frustraties, zo voelen vrouwen en jongeren meer spanningen dan mannen en ouderen. De hoofddemograaf van het CBS, Jan Latten, denkt dat dat met name te maken heeft met de manier waarop vrouwen en jongeren angsten ervaren. ‘Ze hebben eerder een gevoel van onveiligheid. Maar het kan ook komen doordat ze spanningen misschien eerder melden.’

DELEN
Tom Brouwer
Journalist gespecialiseerd in maatschappij en sociale verschillen.