15.8 C
Amsterdam

Uit de vergetelheid: de Nederlandse Carina en het bloedbad van Sivas, 1993

Ewout Klei
Journalist gespecialiseerd in politiek en geschiedenis.

Lees meer

Op 2 juli 1993 staken islamistische en extreemrechtse demonstranten het Madimak Hotel in Sivas, een stad in centraal Turkije, in brand. In het hotel was het progressieve Pir Sultan Abdal Cultuurfestival aan de gang, met vele kunstenaars en intellectuelen: voornamelijk alevieten, een islamitische minderheid in Turkije. Onder de 35 doden bevond zich ook de Nederlandse antropologiestudent Carina Thuijs. De Turks-Nederlandse historicus Mahmut Erciyas schreef een biografie over haar leven en dood.


Mahmut Erciyas samen met Carina’s moeder, Wil Ditters (Beeld: Mahmut Erciyas)

U schrijft dat Carina Thuijs onder alevitische Turken een beroemdheid is, maar dat in Nederland bijna niemand haar kent. Hoe komt dit?

‘Voor de alevieten is Sivas nog steeds een traumatische gebeurtenis. De 35 dodelijke slachtoffers worden als martelaars geëerd en over hun individuele levens zijn documentaires gemaakt. Hun foto’s hangen in alevitische verenigingslokalen en worden meegedragen tijdens herdenkingen. Carina is een bekend persoon, ook bij de alevitische gemeenschap in Nederland. Maar in Nederland heeft ze inderdaad nooit die aandacht gekregen. Dat heeft meerdere redenen.

‘Belangrijk is allereerst dat we in 1993 in dit land nog geen aandacht hadden voor de dreiging van de gewelddadige varianten van de politieke islam. Pas na de aanslagen van 9/11 in 2001 werden we wakker geschud. Als Carina na 9/11 zou zijn omgekomen, dan was ze nu bekender geweest, durf ik te stellen. Daarnaast was de Turkse context van haar dood nogal ingewikkeld, en dat interesseerde Nederland toen weinig. Ten slotte heeft de alevitische gemeenschap in Nederland weinig media-aandacht voor haar gevraagd, hebben ze de politiek niet onder druk gezet en hebben ze haar te veel voor zichzelf gehouden, als hun martelaar. Ik denk dat de alevitische gemeenschap hierin tekort is geschoten.’

‘Als Carina na 9/11 zou zijn omgekomen, dan was ze nu bekender geweest’

Waarom ging Carina naar Turkije? En wat deed ze op die fatale 2 juli 1993 in Sivas?

‘Carina was maatschappelijk betrokken, maar niet politiek actief. Ze had ook geen bijzondere band met alevieten. Voor haar studie Culturele Antropologie deed ze haar afstudeeronderzoek in Turkije. Ze was op het festival in Sivas omdat twee nichtjes van het gastgezin waar ze logeerde hiernaartoe wilden gaan en Carina veel van cultuur hield. Ze wilde het festival meepikken en de maandag daarop weer naar haar cursus Turks in Ankara.’

Waarom werd het hotel waarin Carina en de alevitische prominenten verbleven in brand gestoken?

‘In 1993 speelde in Turkije de controverse rond de atheïstische romanschrijver Aziz Nesin, die vond dat de omstreden roman De Duivelsverzen van Salman Rushdie in het Turks vertaald moest worden. In Turkije was het boek verboden, net als in vele andere islamitische landen, omdat in dit boek de islam – in het bijzonder de profeet Mohammed – zou worden beledigd. Maar Nesin wilde het boek graag in het Turks vertalen en was hier al mee bezig. Zijn dagblad had al delen van het boek in het Turks gepubliceerd. Nesin stond op een jihadistische dodenlijst. Conservatieve moslims haatten de schrijver, maar ook Turken uit extreem-nationalistische hoek.

‘De organisatoren van het alevitische Pir Sultan Abdal Cultuurfestival in Sivas besloten om Nesin uit te nodigen als spreker, omdat ze hem respecteerden als denker. Daardoor kwamen twee dingen samen: de haat tegen Nesin, die door De Duivelsverzen te willen vertalen de islam zou beledigen, en de haat tegen alevieten, die al eeuwenlang – eerst door het Ottomaanse Rijk, daarna door de Turkse Republiek – werden gediscrimineerd en vervolgd. De woedende menigte in Sivas was uit op bloed: het bloed van Nesin – die het bloedbad trouwens zou overleven – en het bloed van de alevieten. We kennen in Nederland wel de controverse rond het boek De Duivelsverzen, maar we weten niet dat de Rushdie-affaire ook een Nederlands slachtoffer eiste in de persoon van Carina.’

Is De Duivelsverzen uiteindelijk vertaald in het Turks?

‘Naar mijn weten niet, nee.’

Waarom hebben de plaatselijke autoriteiten, ondanks de levensbedreigende situatie, niet ingegrepen en de demonstranten weggejaagd?

‘Dat is een van de vragen die nog steeds niet goed is beantwoord. De beschikbare politiemacht in Sivas heeft geprobeerd om escalatie te voorkomen, maar was niet bij machte om dit te doen. Er waren voor het hotel te weinig agenten. Onder de demonstranten waren ook agenten, maar zij slaagden er niet in om de menigte te kalmeren. De gouverneur van Sivas heeft geprobeerd om versterkingen te regelen, en heeft hiervoor met Binnenlandse Zaken gebeld, en met de generale staf. Maar versterkingen kwamen niet. Hij kreeg nul op het rekest. Wel kreeg de gouverneur instructies: hij mocht onder geen beding geweld gebruiken tegen de demonstranten.

‘Is alles bewust op zijn beloop gelaten? Kreeg de gouverneur expres ‘nee’ te horen? Ik heb een afkeer van wilde complottheorieën, maar vind dat er terechte vragen worden gesteld. Wat als de daders geen islamisten en ultranationalisten waren geweest, maar alevitische, linkse en Koerdische demonstranten? Ik denk dat het leger dan wel had ingegrepen, en hard.’

Waarom reageerde de Turkse politiek zo lauw op het bloedbad in Sivas?

‘Premier Tansu Ciller en president Süleyman Demirel behoorden allebei tot de conservatief-liberale Partij van het Rechte Pad, de DYP. Ze maakten gebruik van de islamitische geschiedenis en symboliek in hun politiek. Ze wilden hun conservatieve electoraat niet voor het hoofd stoten en namen het daarom niet openlijk op voor de alevieten. De schuld van het drama, dat was Aziz Nesin natuurlijk. De sociaaldemocratische partij SHP (die in de jaren tachtig en negentig de oude staatspartij CHP had opgevolgd, maar uiteindelijk in de heropgerichte CHP opging, red.) ging ook mee in het vertoog van de regering. Pas na protesten van alevieten en links besloot deze partij een andere toon aan te slaan.’


Hoe reageerde de Nederlandse overheid en pers op het bloedbad?

‘Heel lauwtjes, in mijn ogen. De Nederlandse pers heeft het nieuws feitelijk gebracht, maar schreef nauwelijks over Carina. Nederlandse journalisten stelden zichzelf niet de vraag: ‘Hebben we geen extra verantwoordelijkheid met betrekking tot de berichtgeving over Sivas, tot de verhalen die we hierover maken, omdat er ook een Nederlands slachtoffer is?’

‘Ook de Nederlandse overheid bleef nalatig. Dat blijkt ook uit de getuigenissen van de familieleden van Carina. Ze voelden nooit de steun van de overheid. Die stelde zich koud en kil op. En elke keer stuurde de overheid een factuur naar de familie, die onder andere moest betalen om ervoor te zorgen dat Carina’s spullen vanuit Turkije naar Nederland werden vervoerd. Ook is Nederland nooit zichtbaar aanwezig geweest tijdens de processen tegen de verdachten. Dit gebeurde pas decennia later, toen toenmalig SP-Kamerlid Sadet Karabulut, zelf ook alevitisch, hierover Kamervragen stelde. Toen heeft de Nederlandse regering waarnemers naar de rechtbank gestuurd. Maar dit was too little too late, mosterd na de maaltijd – en hele slappe mosterd bovendien.’

‘Dit was niet het eerste bloedbad op alevieten, en mogelijk ook niet het laatste’

Moet de Nederlandse overheid excuses en misschien een schadevergoeding aanbieden aan de familie van Carina?

‘Wat ik vooral heb willen doen, is Carina’s levensverhaal niet verloren laten gaan. Met dit boek wilde ik haar uit de anonimiteit halen. Als ik dit verhaal niet zou opschrijven, dan zou ze, vreesde ik, met de tijd verdwijnen uit de herinnering. Dit wilde ik voorkomen. Mijn boek geeft een slachtoffer van het verschrikkelijke bloedbad in Sivas een gezicht, en door mijn onderzoek grondig te doen kom ik ook met correcte informatie. In Turkije, onder alevieten, is er wel over Carina gezegd en geschreven, maar die informatie is niet altijd feitelijk juist.

‘Verder hoop ik dat mijn boek leidt tot een discussie in Nederland, een discussie die hopelijk zal leiden tot een excuus van de Nederlandse overheid, die de familie van Carina niet de steun heeft geboden die ze had moeten bieden. Ik hoop dat Carina’s ouders en haar zus alsnog een gesprek met de Nederlandse overheid krijgen. Maar ik ben maar een individuele historicus. De strijd voor excuses, die moet collectief gevoerd worden.’

Zijn de daders van het bloedbad uiteindelijk ook bestraft?

‘Niet allemaal. De advocaten van de slachtoffers krijgen uiteenlopende gegevens hierover. Er zijn in 1997 maar liefst 33 doodstraffen uitgesproken, maar die werden omgezet tot levenslang nadat Turkije enkele jaren later de doodstraf officieel afschafte. Enkele daders zijn nooit gepakt. Ze doken onder of vluchtten naar het buitenland. De islamistische regering-Erdogan doet weinig moeite om deze verdachten in de kraag te vatten. De advocaten van de verdachten zijn, toen Erdogan aan de macht kwam, beloond met hoge regeringsbaantjes. En toen een groep verdachten werd vrijgesproken, omdat de misdaden waren verjaard, juichte Erdogan openlijk. Onder de nabestaanden leeft daarom het gevoel dat de Turkse overheid niet uit is op recht en rechtvaardigheid.’

Welke rol speelt het bloedbad van Sivas in de Turkse herinnering, in het bijzonder de Turks-soennitische herinnering? Krijgt de tragedie nu überhaupt wel een plek, omdat de islamistische AKP van president Erdogan en de extreemrechtse MHP aan de macht zijn in het land?

‘Ik ben bang dat het bloedbad bij conservatieve soennieten helemaal geen plek krijgt. Als je met elkaar wil samenleven als samenleving, dan moet je ook kritisch durven te zijn op je eigen verleden. Vooral de dominante groep moet dat zijn. Alleen dan kan een dialoog tot stand komen. Maar in Turkije is dat natuurlijk niet zo. Mede daarom worden alevieten, net als Koerden en Armeniërs, nog steeds gediscrimineerd.

‘Sivas blijft een open wond voor alevieten. Het bloedbad is niet het eerste bloedbad op alevieten, en mogelijk ook niet het laatste. Alevieten spreken van een continuüm van lijden. En in dit lijden speelt Sivas een prominente rol.

‘Onder conservatieve soennitische moslims bestaat veel ongemak over Sivas. Deze zwarte bladzijde in de Turkse geschiedenis willen ze het liefst zo snel mogelijk vergeten. Maar dat is niet de weg. Ik hoop dat ze hier een keer kritisch op gaan reflecteren, naar wat er is gebeurd.’

Denkt u werkelijk dat dit kan gaan gebeuren?

‘Niet zolang de AKP de scepter zwaait, inderdaad.’

Beeld: Uitgeverij Hermans

Toen ik uw boek las dacht ik: over dit verhaal zou je eigenlijk een documentaire moeten maken, die volgend jaar – dertig jaar na het bloedbad – uitgezonden zou moeten worden op Nederlandse televisie.

‘Vanuit Turkije krijg ik veel reacties op mijn boek. Ze willen graag dat er een Turkse vertaling van komt. Dat is mijn eerste prioriteit op dit moment. Een Nederlandse documentaire over Carina’s leven zou ik toejuichen, en ik zal ook vanuit mijn hart aan die documentaire meewerken.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -