De jarenlange oproep van vele Nederlandse moslims en moskeeën voor meer aandacht voor moslimhaat lijkt te worden gehoord. De Tweede Kamer komt binnenkort voor het eerst plenair bijeen om te spreken over de recente gewelds- en vandalisme-incidenten bij moskeeën.
D66-Kamerlid Mpanzu Bamenga spreekt zich op LinkedIn uit over de toenemende aanvallen op de moslimgemeenschap in Nederland. ‘De aanvallen op moskeeën die we de laatste tijd hebben gezien, maken mij ernstig bezorgd. Vernielingen, bekladdingen, regelrechte intimidaties. Deze acties lijken maar één doel te hebben: moslims het gevoel geven dat er geen plek voor hen is in Nederland’, zegt hij.
Hij heeft samen met zijn collega Mahjoub Mathlouti (ook D66) Kamervragen gesteld. Zij willen weten of er een ‘patroon’ is van ‘gerichte aanvallen met een discriminerend karakter’. Ook vinden zij het belangrijk om met belangenorganisaties in gesprek te gaan en blijvend in kaart te brengen hoeveel aanvallen er plaatsvinden.
Voor Bamenga is het tijd voor ‘actie’: ‘In dit land heeft iedereen de vrijheid om zichzelf te zijn. Dat laten wij ons niet afpakken.’ Nederlanders moeten volgens hem beter hun best doen om de gevoelens van onveiligheid onder Nederlandse moslims te bestrijden. ‘Niemand mag zich in Nederland onveilig voelen vanwege zijn of haar geloof. De veiligheid van moslims in Nederland moet daarom nu vooropstaan’, aldus Bamenga die samen met collega’s van Denk en Volt een debat over moslimdiscriminatie heeft aangevraagd.
Opvallend genoeg kreeg dat verzoek wel steun van coalitiepartij CDA (naast Pro, PvdD, ChristenUnie, SP, D66, Volt en Denk), maar niet van de VVD en de partijen rechts daarvan. In een reactie aan de Kanttekening zegt Bamenga het vreemd te vinden dat geweld en vernielingen bij moskeeën door de media vaak worden omschreven als ‘vandalisme’


