Duitsland staat onder druk. Tien jaar geleden was het land nog een voorbeeld: een sterke economie, een stabiele democratie en een betrouwbare partner in Europa. Das war einmal, zegt Duitslandkenner Bjorn Gens.
Jarenlang gold Duitsland als het toonbeeld van de liberale democratie. Na de val van de Berlijnse Muur leek de geschiedenis een duidelijke richting te hebben gekozen: democratie, Europese integratie en economische vooruitgang hadden gewonnen. Maar volgens de Belgische Duitslandkenner Bjorn Gens is dat zelfvertrouwen inmiddels verdwenen, zo schrijft hij in zijn boek Duitsland. Gidsland op een kantelpunt, dat volgende maand bij De Bezige Bij verschijnt. Staat de Duitse democratie onder druk? Hoe gevaarlijk is Alternative für Deutschland eigenlijk? En hoe zit het met de steun aan Israël? Is die steun nog wel onvoorwaardelijk, nu Israël genocide pleegt in Gaza?
‘Duitsland staat vandaag niet alleen symbool voor zichzelf, maar ook voor de crisis waarin een groot deel van Europa verkeert’, vertelt Gens. ‘De oorlog in Oekraïne, de opkomst van radicaal-rechtse partijen en groeiende onzekerheid over de internationale orde zetten de fundamenten van de Bondsrepubliek onder druk.’

Tegelijkertijd blijft Duitsland de onvermijdelijke leider van Europa. ‘Na de Tweede Wereldoorlog werd bewust gekozen voor een Europees Duitsland en niet voor een Duits Europa. Duitse macht moest worden ingebed in Europese samenwerking. Ook na de hereniging van 1990 bleef dat uitgangspunt overeind. Tijdens de eurocrisis in de jaren 2010 stelde Berlijn zich volgens Gens vaak op als verdediger van het Europese project, zelfs wanneer de Duitsers dat financieel of politiek zelf niet direct in het Duitse belang vonden.
Toch is er nu een nieuwe fase aangebroken. ‘De Russische invasie van Oekraïne in 2022 heeft Duitsland wakker geschud. De Duitse richtingloosheid die al langer groeide, werd zichtbaar. Daar komt de vrees bij dat de Verenigde Staten zich in de toekomst minder zullen inzetten voor de Europese veiligheid. Om die reden is er afscheid genomen van het beeld van Duitsland als uitgesproken pacifistische mogendheid. Berlijn investeert inmiddels fors in defensie en koestert openlijk de ambitie om de sterkste militaire macht van Europa te worden.’
Volgens Gens is die ontwikkeling begrijpelijk. Europa kan zich niet blijven verlaten op Amerikaanse bescherming en zal meer verantwoordelijkheid voor zijn eigen veiligheid moeten nemen. Maar die ontwikkeling heeft ook een schaduwzijde, benadrukt hij. In zijn boek spreekt hij over een mogelijke terugkeer van de ‘Duitse kwestie’. ‘Als Duitsland veruit de sterkste militaire en economische macht van Europa wordt, ontstaat opnieuw een ongemakkelijke situatie. Frankrijk beschikt immers niet over de financiële ruimte om dezelfde rol te spelen en kleinere landen zoals Nederland en België kunnen dat al helemaal niet. Daarmee lijkt het natuurlijke evenwicht tussen de andere grote landen in de EU verloren te gaan en dreigt Duitsland opnieuw te groot te worden voor Europa, een vraagstuk waarvan velen dachten dat het definitief was opgelost.’
Björn Höcke, leider van de radicale vleugel
Die zorg wordt versterkt door de opkomst van de Alternative für Deutschland (AfD). De partij staat al jaren hoog in de peilingen en een verdere electorale doorbraak valt niet uit te sluiten. Gens acht het zelfs denkbaar dat de partij rond 2029 deel uitmaakt van een regering. Het vooruitzicht van een sterk bewapend Duitsland onder invloed van een radicaal-nationalistische partij noemt hij een scenario dat Europa serieus moet nemen.
Een centrale figuur in die radicalisering is Björn Höcke, de leider van Der Flügel, de radicale vleugel van de AfD die ontbonden werd. Hoewel het AfD-succes vaak wordt geassocieerd met de vluchtelingencrisis van 2015, is de partij meer dan ‘slechts’ een anti-immigrantenpartij. ‘Voor Höcke is deelname aan het parlement nooit een doel op zich geweest’, analyseert Gens. ‘Hij ziet het als een middel om politieke macht te verkrijgen. Hij begrijpt dat de partij van binnenuit moest worden veroverd door ideologisch gedreven netwerken, jongerenorganisaties en denktanks.’
‘Ook in deelstaten als Nordrhein-Westfalen winnen de AfD-extremisten terrein’
Die strategie bleek succesvol. ‘Oorspronkelijk werd de AfD gedomineerd door eurosceptische professoren en economen, maar inmiddels hebben radicalere krachten het initiatief van hen overgenomen en zijn de gematigden weggevlucht. Veel jongere politici en bestuurders komen voort uit de Junge Alternative, de jongerenorganisatie die uiteindelijk door de staatsveiligheidsdienst als extremistisch werd bevonden en formeel werd ontbonden. Ook prominente figuren als Ulrich Siegmund [de leider van AfD in Sachsen-Anhalt waar de partij de verkiezingen gewonnen heeft] behoren tot deze generatie radicale partijactivisten. Ze domineren de partij.’
‘Het vriendelijke gezicht van het nationaal-socialisme’
Volgens Gens is het daarom een misverstand te denken dat de AfD zich vanzelf zal matigen zodra de partij dichter bij de macht komt. ‘Het is juist het tegenovergestelde. De partij radicaliseert verder en dat geldt niet alleen voor Oost-Duitsland. Ook in deelstaten als Nordrhein-Westfalen winnen de AfD-extremisten terrein. Partijlid Alice Weidel probeerde in het verleden nog afstand te nemen van Höcke en zelfs zijn royement te bepleiten, maar heeft haar koers aangepast naarmate de invloed van de radicale vleugel groeide. Weidel ondersteunt in Noordrijn-Westfalen zelfs iemand die zichzelf ‘het vriendelijke gezicht van het nationaalsocialisme’ noemde. Binnen de partij wordt tegenwoordig eerder de positie van gematigde leden bedreigd dan die van extremisten.’
Internationaal bevindt de AfD zich in een merkwaardige positie. De partij onderhoudt contacten met andere radicaal-rechtse bewegingen, maar veroorzaakt ook spanningen. Marine Le Pen van Rassemblement National beschouwt de AfD bijvoorbeeld als te extreem. Waar Le Pen haar beweging bewust probeert te matigen om ooit het Franse presidentschap te kunnen winnen, werkt de Duitse politieke logica anders, legt Gens uit. ‘Omdat Duitsland geen rechtstreeks gekozen president kent, kan een radicalere strategie electorale voordelen opleveren.’
‘Steeds meer Duitsers vinden dat hun land zich minder intensief met de Holocaust zou moeten bezighouden’
Daarmee raakt Gens aan een tweede grote thema in zijn boek, de erosie van de Duitse herinneringscultuur. Decennialang bestond er een brede maatschappelijke consensus over de Holocaust en de bijzondere verantwoordelijkheid die Duitsland draagt voor zijn verleden. Die consensus wordt tegenwoordig van verschillende kanten aangevallen. ‘Höcke noemde het Holocaustmonument in Berlijn ooit een ‘monument van schaamte’’, zegt Gens. ‘Steeds meer Duitsers vinden dat hun land zich minder intensief met de Holocaust zou moeten bezighouden.’ Hoe lang blijft Duitsland nog de Vergangenheitsbewältigungsmeister (dixit Jan Böhmermann), wereldkampioen in het verantwoording afleggen van je verleden?
Debat over Israël
De oorlog in Gaza heeft deze discussie verder verscherpt. ‘Wat betekent de herinneringscultuur nog als Duitsland als land met zo’n gruwelijke geschiedenis van etnische zuiveringen zich niet kan uitspreken over Gaza? Het binnenlandse debat is daardoor grimmiger geworden. ‘Beide kampen beroepen zich op het begrip Nie wieder, maar geven er een andere betekenis aan. Voor pro-Israëlische stemmen betekent het dat Duitsland ook in deze tijd Israël onvoorwaardelijk moet blijven steunen, waardoor ze de realiteit van Gaza soms niet onder ogen willen zien. Voor veel pro-Palestijnse activisten betekent het juist dat massaal geweld en onderdrukking altijd bestreden moeten worden, ongeacht door wie die worden gepleegd. Aan die kant heerst dan vaak een blindheid over de gruwel en de impact van de Hamas-terreur op 7 oktober.’
Daardoor is het debat over Israël in Duitsland tegelijkertijd een debat over Duitsland zelf geworden. ‘Voormalig kanselier Angela Merkel verklaarde ooit dat de veiligheid van Israël tot de Duitse Staatsräson behoort. Maar die opvatting wordt steeds vaker ter discussie gesteld. De Duitse regering blijft pro-Israël, maar onder de bevolking groeit de kritiek op het optreden van Israël in Gaza en op de Westbank. Volgens Gens maakt de Gazadiscussie duidelijk hoe een historisch trauma, dat lange tijd richting gaf aan de buitenlandse politiek, steeds minder eenduidig wordt geïnterpreteerd.
‘Je moet de AfD niet gelijkstellen aan Adolf Hitler en de nazi’s, maar de partij is wel fundamenteel autocratisch’
Ook de discussie over antisemitisme is veranderd. Rechts legt de nadruk op zogenoemd ‘geïmporteerd antisemitisme’ onder migranten, met name onder moslims. Gens erkent dat dit fenomeen bestaat, maar wijst erop dat onderzoeken eveneens aanzienlijke antisemitische opvattingen onder AfD-aanhangers laten zien. ‘De vraag is daarom niet alleen in hoeverre antisemitisme van buiten komt, maar ook hoe sterk het nog altijd binnen de Duitse samenleving zelf aanwezig is.’

Ondanks alle zorgen waarschuwt Gens voor doemdenken. Duitsland bevindt zich op een kruispunt, maar de toekomst ligt niet vast. Veel zal afhangen van de keuzes die politici de komende jaren maken. Daarbij speelt vooral de CDU een sleutelrol. De partij worstelt met de vraag of de zogenoemde Brandmauer, het principiële cordon sanitaire tegen de AfD, nog steeds overeind moet blijven.
Gens is daar helder over. ‘Het afbreken van de Brandmauer lijkt op korte termijn misschien slim, maar zal op langere termijn een vergissing blijken. Kijk, je moet de AfD niet gelijkstellen aan Adolf Hitler en de nazi’s, maar de partij is wel fundamenteel autocratisch. Iemand als Höcke ziet democratie als een middel, niet als doel. Hij wil een autoritairder Duitsland. Ook Weidel is niet geïnteresseerd in het klassieke parlementaire spel. Ze noemt de andere partijen consequent vijanden van Duitsland. In dat denken belichaamt alleen de AfD de volkswil.’ Juist daarom moeten democratische partijen bereid zijn compromissen te sluiten en het politieke midden proberen bijeen te houden, vindt Gens. Ook in Duitsland dreigt immers hetzelfde probleem als in Nederland en België, namelijk de uitholling van het politieke centrum ten gunste van partijen aan de uiterste rechter- en linkerflank.
Of Duitsland de huidige spanningen kan doorstaan, zal volgens Gens uiteindelijk afhangen van politieke keuzes, niet van historische wetten. ‘Niets is onvermijdelijk. Duitsland hoeft niet af te glijden naar een donkere toekomst. Maar de vanzelfsprekendheid waarmee Duitsland tien jaar terug werd gezien als een stabiele democratische ankerplaats in Europa behoort tot het verleden.’
Bjorn Gens, Duitsland op een kantelpunt, De Bezige Bij, 304 blz., € 22,99
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

