We moeten het over het weer hebben. Dat doen we altijd, maar nu is het echt anders. Kinderen die dit jaar tien worden, maken voor het eerst in hun leven dagenlang een wit landschap mee. Tenzij het rijkeluiskindjes zijn die elke winter de sneeuw in Oostenrijk opzoeken.
Ik las dat de ijsbeer in Diergaarde Blijdorp voor het eerst in zijn leven sneeuw heeft gezien. Dat is toch sneu. Hoe het ook zij: er ligt nu al een aantal dagen sneeuw.
Sneeuw en kou zijn leuk voor de gegoeden: sneeuwballen, sneeuwpoppen, schaatsen en skiën.
In arme streken is dat afzien. In mijn geboortedorp Gapira viel altijd veel sneeuw, tot wel twee meter. Als klein kind heb ik er gewoond. Dorpelingen bereidden zich de hele zomer voor op de winter. Er werd genoeg hooi voor de dieren opgeslagen. Er werd tezek, mest, voor de kachels gedroogd. Vlak voor de sneeuwval werd er voldoende voedsel, thee en suiker uit de stad ingeslagen.
De herinnering aan die vroege winters is nu nostalgisch
Het pak sneeuw sneed het dorp van de buitenwereld af. Er was geen elektriciteit. Er was geen telefoon. Het dorp was op zichzelf aangewezen. Als er een zieke was, werd deze met paard en slee naar het ziekenhuis vervoerd.
Mijn geboortedorp doet inmiddels ook mee in de vaart der volkeren. Er is al lang elektriciteit. Ook de wegen blijven bij sneeuwval open. De herinnering aan die vroege winters is nu nostalgisch. De mensen van toen vonden er geen bal aan.
Nu ligt er hier sneeuw. In elke straat is een sneeuwpop gerezen. Kinderen hebben dolle pret. Er zijn geen afgesloten wegen. Uit betrouwbare bron heb ik begrepen dat de weermannen het niet eens zijn over hoe lang dit tafereel nog kan duren. Het kan vriezen. Het kan dooien.
De Amerikaanse president Donald Trump wil een derde termijn als president, wat niet is toegestaan in de Verenigde Staten. Tijdens een partijbijeenkomst van de Republikeinen maakte hij bekend dat hij daarvoor de grondwet wil veranderen. Zo meldt de Turkse nieuwssiteEnsonhaber.
De uitspraken van Trump suggereren dat hij een Republikeins verlies bij de midterms in november niet uitsluit. In dat geval zou voor de Democraten de kans ontstaan om hem uit zijn functie te zetten.
‘We moeten de tussentijdse verkiezingen winnen, want als we dat niet doen, zullen zij (Democraten, red.) een reden vinden om mij uit mijn functie te zetten. Ik zal uit mijn functie worden gezet’, aldus Trump.
Daarom wil hij nu alvast de grondwet wijzigen. ‘Ik mag geen president meer worden. Maar stel dat ik me wel kandidaat mag stellen (van de Republikeinse Partij, red.), dan komt er een grondwetswijziging’, zei hij, om er vervolgens aan toe te voegen: ‘Ik ben een koning.’
Tegen Trump is twee keer eerder een impeachmentprocedure in gang gezet: in 2019 vanwege machtsmisbruik en tegenwerking van het Congres, onder meer over Oekraïne, en in januari 2021, na de bestorming van het Capitool op 6 januari, wegens het aanzetten tot opstand. In beide gevallen is hij vrijgesproken.
Bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen stemde het platteland opnieuw massaal rechts. Met de gemeenteraadsverkiezingen in maart in zicht is de vraag hoe een lokale linkse partij nog stemmen kan trekken. Journalist Arjan van Westen nam een kijkje in de West-Brabantse gemeente Rucphen.
In het gemeentehuis van Rucphen hebben we afgesproken met PvdA-raadslid Alex Wagemakers (54), PvdA-secretaris Mathieu van der Meijs (77) en oud-raadslid Ad Jansen (67). Eén raadszetel heeft de PvdA. Net als het radicaal-rechtse Forza. De PVV is drie keer zo groot. Het CDA heeft twee zetels, de VVD vijf en met zeven zetels is de Rucphense Volkspartij de grootste. Landelijk ging bij de laatste verkiezingen in Rucphen van alle uitgebrachte stemmen ruim 60 procent naar PVV, JA21, FvD en BBB.
Wagemakers werd begin 2021 PvdA-lid. De Rucphense PvdA was aan de vooravond van de verkiezingen van 2022 door gebrek aan actieve leden op sterven na dood. Van der Meijs stelde voor de partij op te heffen en het enige PvdA-raadslid vertrok naar de VVD. Wagemakers: ‘Dat was voor mij de druppel om in te stappen. Dan moet iemand opstaan.’
Het in de gemeente Rucphen gelegen dorp Sint Willebrord is bij de buitenwereld enigszins bekend door Het Mirakel van Brabant. Dit reality-tv-programma volgt markante inwoners. Als er al wordt gestemd in dit dorp, gebeurt dat massaal op de PVV. Een tegenstem, aldus Jansen. ‘Vroeger waren de mensen in Willebrord arm. Tegenwoordig overcompenseren ze dat met grote huizen. De meesten hebben één kind en zeggen: alles voor het jong.’ Zo komen ze op de PVV uit, door het frame dat huizen naar asielzoekers gaan en niet naar de plaatselijke jeugd.
Van oudsher is het voor de PvdA moeilijk om Willebrorders te bereiken. Jansen vertelt dat bewoners, als ze al lid werden van zijn partij, ook iets terugverwachtten. ‘Een “teeravond”, met lekker eten en drinken.’ Zaken die de PvdA niet kon en kan bieden. Wagemakers trekt een parallel met het heden: ‘We hebben vijf totaal verschillende kernen. Sprundel, Schijf en Zegge hebben een gigantisch verenigingsleven. Rucphen redelijk. Willebrord bijna niet. Het eerste wat ze daar zeggen is: wat schaft dat?’
‘Ze kijken op naar zo’n Trump’
De toptijd voor de PvdA in geheel Rucphen was in de jaren tachtig. Jansen: ‘Bij landelijke verkiezingen stemde op het hoogtepunt bijna de helft PvdA.’ Bij gemeenteraadsverkiezingen was dat veel minder, maar niettemin haalde de partij tot vijftien jaar geleden nog drie zetels en leverde zij een wethouder. Jansen: ‘Veel ouderen die links waren zijn nu gestorven.’ De populariteit van rechts, ook onder jongeren, steekt Jansen. ‘Ze kijken op naar zo’n Trump. Het is een maatschappij geworden van ieder voor zich en God voor ons allen.’
Wagemakers vindt dat de lokale en landelijke politiek haaks op elkaar staan. ‘Wij zitten hier in de gemeenteraad met één insteek: het beste voor je inwoners.’ Hij zit in de raad naast de PVV. ‘Wij kunnen gewoon een arm om elkaar slaan en lopen samen de deur uit.’ Van der Meijs voegt wel toe: ‘Heikele onderwerpen met asielzoekers hebben we hier nog nauwelijks gehad.’
‘Er komt bijna niemand naar een raadsvergadering’
Dat veel Rucphenaren afgehaakt zijn, wordt niet direct als kans gezien voor meer linkse politiek. Jansen stelt dat de PvdA weinig mogelijkheden heeft om die mensen te bereiken. ‘De VVD en het CDA hebben nog een goed georganiseerde achterban van boeren- of ondernemersverenigingen.’ De tijd dat vakbonden de PvdA op het platteland ondersteunden is voorbij. Wagemakers heeft zich ingezet om energiearmoede in de gemeente tegen te gaan, door het college te bewegen inwoners met een laag inkomen aan te schrijven zodat ze gebruikmaken van speciale regelingen. ‘Een mooie prestatie, of die mensen nu gaan stemmen of niet’, zegt het raadslid.
Van der Meijs signaleert desinteresse in de gemeentepolitiek. ‘Er komt bijna niemand naar een raadsvergadering.’ Volgens hem is de oorzaak ‘de oude cultuur van het individueel regelen’. Daar heeft de PvdA geen profijt van. ‘We hebben geen wethouder, geen vier, vijf raadsleden.’ Het wethouderschap is de joker, weet Wagemakers: ‘Als wethouder trek je meer stemmen, dan denken de mensen dat je meer bereikt.’
Meer actieve leden lijkt de enige remedie voor een sterker progressief geluid op lokaal niveau. Met enige jaloezie kijken ze naar de VVD en de Rucphense Volkspartij, waar recent nieuwe en jongere mensen commissiewerk kwamen doen. Van der Meijs ontmoette laatst twee nieuwe PvdA-leden die actief willen worden. ‘Ik kwam er blij van thuis. Want die zijn politiek onderlegd en staan met drie poten in de gemeenschap. De ene heeft gestudeerd in Amerika. En die komt nu terug met het idee dat het in Nederland niet goed gaat.’
‘Je gaat niet op voorhand afspreken: ik wil wel met jou en met Jantje, maar niet met Pietje’
De PvdA-secretaris is ‘een beetje angstig’ hoe lang de idealistische nieuwe leden, die tegelijk ook lid werden van GroenLinks, enthousiast blijven over de lokale politiek. Eerder nam hij een ander nieuw lid mee naar de Rucphense algemene beschouwingen. Dat werd niet als erg spannend ervaren.
v.l.n.r Alex Wagemakers, Mathieu van der Meijs en Ad Jansen. Beeld: Arjan van Westen
Het is voor de Rucphense PvdA van groot belang dat men kandidaten heeft die iedereen kent, die populair zijn. Wagemakers kwam 27 jaar geleden in Sprundel wonen en zit 26 jaar in het bestuur van wijkvereniging De Branden. ‘Ik doe van alles! Bij het voetballen, het dorpswerk en de Roparun ben ik vrijwilliger. Ik ben Prins Carnaval geweest. Iedereen in Sprundel kent mij. Dat helpt.’
Er moet bij de Rucphense PvdA-lijsttrekker iets van het hart over hoe hij de landelijke politiek ervaart. ‘Die is geen democratie meer.’ Wagemakers vindt dat na verkiezingen de partijen die de grootste zijn vanzelfsprekend een kabinet vormen. ‘Of je het nu leuk vindt of niet, daar moet een compromis uitkomen. Je gaat niet op voorhand afspreken: ik wil wel met jou en met Jantje, maar niet met Pietje.’
‘We zijn allemaal volwassenen die met elkaar kunnen praten’
Dat kan betekenen dat GroenLinks-PvdA met de PVV in een kabinet komt. Wagemakers ziet niet waarom dat niet zou kunnen. ‘We zijn allemaal volwassenen die met elkaar kunnen praten.’ Het raadslid beargumenteert dat in Rucphen tegenpolen ook samenwerken. ‘Moties en amendementen worden raadsbreed ingediend.’ Wagemakers: ‘Je haalt meer voordeel voor je inwoners door dingen samen te doen dan door elkaar tegen te werken. Elkaar tegenwerken kost de gemeenschap geld.’
Het gesprek gaat even over de lokale lijsttrekker van de PVV. Wagemakers richt zich tot Van der Meijs: ‘Wat zeg jij altijd over hem? Dat is geen PVV’er!’ Ze zien de PVV-raadsleden vooral als mensen die ‘sterk geworteld zijn in de lokale gemeenschap en daar vervolgens een partij bij vonden’. Oud-raadslid Jansen kijkt er met jaloezie naar. ‘Vroeger gingen wij in Rucphen in de campagne huis-aan-huis. Nu kun je puur op de naam van Wilders heel veel stemmen halen.’
Vrouwtje in een boerka
Bij de laatste landelijke verkiezingen scoorde Forum voor Democratie goed in Rucphen. Wagemakers: ‘Dat is nog een stuk extremer.’ Op lokaal niveau vertegenwoordigt Forza het FvD-geluid. Forza pleitte voor strenge handhaving van het boerkaverbod. Een bewust door het Forza-raadslid opgeblazen verhaal, vindt Wagemakers: ‘Op de lagere school in Sint Willebrord kwam een vrouwtje langs in een boerka en dat vonden sommigen niet kunnen. Als je afwijkt van de rest, ben je de lul.’
Stel dat ook Rucphen een azc krijgt. Ze verwachten geen groot grimmig protest. Jansen noemt een voormalig trappistenklooster aan de rand van de gemeente. ‘Nauwelijks buren, een prima locatie voor het COA.’ Van der Meijs heeft wel twijfels over hoe de bevolking reageert als er door de Spreidingswet meer asielzoekersopvang in Rucphen komt. Hij noemt een schoolgebouw in een woonwijk dat mogelijk vrijkomt: ‘Op zo’n plek, nou, dan komt er wel iets los in de buurt.’
PvdA-raadslid Ad Jansen (tweede van rechts) en PvdA-prominent Joop den Uyl, 1978
Jansen vindt die rabiate obsessie voor migranten ‘absurd’. Hij wijst erop dat alle tuinders en boeren in de gemeente afhankelijk zijn van migratie. ‘In de kerk in Rucphen is zondagochtend een speciale mis voor soms vierhonderd Roemenen. Stuur je al die mensen terug, dan zakken al die tuinders- en boerenbedrijven als een plumpudding in elkaar.’
Joop den Uyl
Als PvdA’er moet je in deze omgeving opboksen tegen vooroordelen. Van der Meijs hoorde ze vroeger al. ‘Joop den Uyl had het geld opgemaakt en alles kapotgemaakt.’ Dat beeld van linkse geldverkwistende politiek is hardnekkig. Wagemakers: ‘Nu hoor je: we moeten van jullie alles maar delen. Ik houd al niks over na belastingen.’ Ook het onderwerp asielzoekers zorgt in Rucphen voor negativiteit rondom de PvdA. Dat de partij bewust asielzoekers binnenhaalt. ‘Je moet je schamen voor je partij’, hoort Wagemakers dan.
Wat te doen zodat minder mensen in Rucphen radicaal-rechts stemmen? Jansen ging vroeger ‘door weer en wind’ in campagnetijd langs de deuren, maar stelt dat dit nu geen zin meer heeft. ‘Van collectanten hoor je dat niemand meer opendoet.’ Ook de huidige lijsttrekker heeft niet de illusie dat ‘met een gekleurde jas langs de deuren gaan’ tot meer linkse kiezers leidt. Jansen vindt dat zijn partij bij de les moet blijven. ‘Opkomen voor mensen die het moeilijker hebben. Vanaf de oprichting zijn we daarmee bezig.’ Thematiek die Wagemakers goed ligt. Hij komt uit een ouderwets links nest. ‘We hadden thuis geen stuiver om de kont te krabben.’
Het gaf interne discussie, maar de drie Rucphense PvdA’ers accepteren het feit dat hun partij nu als GroenLinks-PvdA de gemeenteraadsverkiezingen ingaat. De sociaaldemocraten verwachten dat het samengaan met GroenLinks meer jongeren trekt. En ze rekenen in maart op electoraal voordeel nu Jesse Klaver landelijk het gezicht van GroenLinks-PvdA is. Jansen verklaart: ‘Ze zijn hier chauvinistisch. Klaver komt uit Roosendaal, die werd in West-Brabant groot.’
De Turkse minister voor Familie en Sociale Zaken, Mahinur Özdemir, bereidt een wet voor om het gebruik van sociale media door kinderen onder de 15 jaar aan banden te leggen. Dat meldt de nieuwssite Turkish Minute.
Volgens het wetsvoorstel zou het voor kinderen onder de 15 onmogelijk moeten worden om accounts aan te maken op sociale-mediaplatforms. Die verantwoordelijkheid zou bij de sociale-mediabedrijven komen te liggen en niet uitsluitend bij de ouders. Via filtersystemen moet een effectief systeem worden opgezet dat moet voorkomen dat kinderen in aanraking komen met ‘schadelijke content’.
Göktaş zei in een verklaring dat de autoriteiten niet ‘passief’ kunnen blijven terwijl digitale platforms kinderen tot ‘commerciële doelwitten’ hebben gemaakt. De overheid heeft volgens haar een taak om kinderen te beschermen. Daarbij verwees zij naar onderzoek waaruit blijkt dat sociale media in toenemende mate leiden tot depressies, angststoornissen en gedragsproblemen onder kinderen.
‘Hoewel onze kinderen baat hebben bij digitale platforms, zijn we verplicht hun geestelijke gezondheid en emotionele welzijn te beschermen’, voegde de minister eraan toe.
Ook maken de Turkse autoriteiten zich zorgen over ‘illegale activiteiten’ van ‘criminele netwerken’.
Het is de vraag in hoeverre de voorgestelde maatregelen daadwerkelijk zullen worden uitgevoerd en of sociale-mediabedrijven, die vanuit de Amerikaanse overheid grotendeels de vrije hand hebben gekregen, zich hier ook naar zullen voegen.
Ik hoopte stiekem dat Trump Groenland was vergeten. Hij praatte druk over andere waanzinnige projecten, zoals voorgewende vredesonderhandelingen om een eind te maken aan het bloedvergieten in Oekraïne. Hij was druk met het bewieroken van zijn ‘succes’ in Gaza. Over de ruïnes en lijken heen roemde hij zichzelf als vredesstichter. Maar vooral was hij druk, zonder erover te babbelen, met het beperken van de schade van zijn Epstein-verleden.
Opnieuw lijkt hij in een roes. Venezuela is hij binnengevallen, en ‘narco-terrorist’ Maduro heeft hij ontvoerd en voor een rechter gehelikopterd. Trump slaat zich op de borst en bedreigt in één adem een reeks andere landen. Mexico, Cuba, Colombia, Iran, en ook … Groenland. De grote Trump is de held van zijn ‘Donroe Doctrine’. ‘I NEED GREENLAND!’ kraait hij vanuit zijn Air Force One.
Maar dat gaat zomaar niet. De Groenlandse premier Jens Frederik Nielsen heeft er schoon genoeg van. ‘Geen druk meer’, schrijft hij naar Trump, op Facebook, vanuit het ijzige Nuuk. Geen insinuaties. Geen fantasieën meer over annexatie. Hij heeft groot gelijk. Herhaaldelijk hebben de Denen al aangeboden dat de VS meer militaire bases op Groenland vestigen en dat de landen gaan samenwerken bij het winnen van delfstoffen. Vergeefs. Trump heeft geen enkel geldig argument voor zijn egoïstisch imperialisme.
Ook de Deense premier Mette Frederiksen zegt dat Washington moet stoppen met dreigen. Ze noemt daarbij nadrukkelijk de NAVO. ‘Een aanval van de VS betekent het einde van de alliantie.’
Trump voor de rechter
Over Trumps agressie tegen Venezuela hebben de Europese leiders gemompeld. Kallas verklaarde dat het internationaal recht moest worden nageleefd en dat de wil van het Venezolaanse volk gerespecteerd moest worden, punt. Geen kritiek op Trump, ook al begrijpt een kind dat wat de Amerikaanse leider doet een nieuwe schending van het Handvest van de Verenigde Naties is. Officieel is er geen militaire invasie, eigenlijk ook geen regime change, zoals het er nu naar uitziet. Want Delcy Rodríguez, rechterhand van Maduro, is nu de hoogste leider in het overvallen land. Het blijft dus even ondemocratisch als het was. Het gaat Trump vooral om de olie en ook om de schok die hij met zijn ontvoering door de wereld laat varen. Hij geniet van het machtsvertoon en van onze angst. Donald heeft het sterkste leger en wij sidderen, delicious!
Eigenlijk zou Trump nu zelf voor de rechter moeten staan, maar we leven in een omgekeerde wereld.
Trump splijt NAVO
Frankrijk, Engeland, zo’n beetje alle Europese regeringen, met als vaste uitzondering Hongarije, steunen Denemarken. Hoog spel, want Mette Frederiksen heeft gelijk: als de VS Groenland militair aanvallen en Denemarken zich daar militair tegen verzet, dan zijn er minstens twee NAVO-bondgenoten met elkaar in oorlog. Dan is er kortsluiting. De NAVO is een defensief bondgenootschap en niets is meer in strijd met het Verdrag dan een agressie van de ene bondgenoot tegen de andere. We hebben zoiets eerder meegemaakt, toen in 1974 het Turkse leger Cyprus binnenviel. Maar dat vond plaats in een uithoekje van Europa, tussen twee gewone leden. Een gewapend conflict om Groenland daarentegen, dat begonnen wordt door agressie van de meest vooraanstaande lidstaat tegen de wil van bijna alle andere bondgenoten: dat splijt de NAVO.
Invloedssferen zijn dit keer niet netjes op de wereldkaart getekend, zoals in 1944 in Jalta
Daar helpt dan geen ‘lieve Daddy’ meer aan. Ook aan Ruttes slijmkracht komt een eind.
Als het zover komt, is het logisch dat Trump doet wat hij al eerder heeft aangekondigd. Hij haalt dan zijn troepen uit Europa terug en wij moeten ons dan op twee fronten verdedigen. Tegen Trump in Groenland en tegen Poetin in Oekraïne. Is er een overeenkomst tussen Trump en Poetin dat de een Zuid-Amerika mag pakken en de andere Oekraïne?
Ja, het lijkt er sterk op dat de twee wereldcriminelen de wereld in invloedssferen willen verdelen. Maar tegelijk gaat hun onderlinge strijd om de wereldmacht ook verder. De VS raden hun landgenoten die nog in Rusland verblijven aan om het land te verlaten, vanwege de Oekraïne-oorlog. Dat laatste lijkt me een smoes. In werkelijkheid gaat het om hun onderlinge conflict in Venezuela, dat nog steeds door Rusland en China gesteund wordt. Trumps slag in Venezuela heeft immers ook Rusland en China getroffen, die daar een groot aandeel in de olie-business (China) en wapenhandel (Rusland) hebben.
Ja, het gaat om invloedssferen, met China als schaduwspelgenoot. Die kan nu nog meer aanspraak maken op Taiwan en zal het doen ook. Maar de invloedssferen zijn dit keer niet netjes op de wereldkaart getekend, zoals in 1944 in Jalta, toen Roosevelt, Stalin en Churchill netjes de grenzen van hun invloed afbakenden. Dit keer is het een verdeling in vage invloedssferen. Trump beperkt zich niet tot zijn Donroe-project op het Amerikaanse continent. Hij donderjaagt ook in het Midden-Oosten, bombardeert Nigeria en misschien opnieuw Iran. Terwijl Poetin en Xi zich niet netjes tot Eurazië beperken, maar ook in Afrika en Zuid-Amerika op buit jagen.
Wat Europa doen kan
Is Europa machteloos tegenover Trumps dreigement tegen Groenland? Meer dan symbolische militaire weerstand zal Denemarken niet kunnen opbrengen en ik denk niet dat grote Europese landen er hun strijdkrachten zullen verspillen; die zijn in het oosten meer dan nodig. Maar juridisch en moreel staan Denemarken en de EU buitengewoon sterk als zij Amerikaanse agressie tegen het Deense eiland weerstaan. Zelfs extreemrechts in Europa kan dat moeilijk ontkennen. Profiteert Poetin in Oekraïne van Trumps gerommel? Vast niet. Hij verliest in Venezuela een bondgenoot en Oekraïense drones vliegen nu dagelijks in flinke aantallen boven Moskou.
Europa kan zich versterken. Het kan proberen sancties tegen de VS in te stellen. Ook met nieuwe bondgenoten. Ik ben nu ook voor het afsluiten van een handelsverdrag met Zuid-Amerika, het Mercosur-verdrag. Dat vinden onze boerenorganisaties ongunstig, maar politiek lijkt het me nodig om Europa niet te laten vermorzelen door het geweld van de dictators Trump en Poetin.
Een aanval op Groenland door de Verenigde Staten zou het einde betekenen van de NAVO. Daarover zijn de Denen het eens. ‘Alles zou ophouden’, zei de Deense minister-president Mette Frederiksen maandag.
Artikel 5 van het NAVO-handvest schrijft voor dat NAVO-landen elkaar niet mogen aanvallen. Groenland hoort officieel bij Denemarken, en dus zou een Amerikaanse aanval of erger – een annexatie van Groenland een ernstige breuk van de spelregels zijn waarop het veiligheidsverbond na de Tweede Wereldoorlog werd gebaseerd.
Het zou het einde van NAVO betekenen, zei Frederiksen gisteren. ‘Als de VS als belangrijkste NAVO-lid het bondgenootschap niet meer serieus neemt, is dat ongekend’, zei de in Denemarken geboren politicoloog Claes de Vreese van de Universiteit van Amsterdam tegen NOS.
Of er daadwerkelijk sprake is van plannen om Groenland te annexeren, wordt betwijfeld. De Groenlanders zelf zien het niet als een reële optie, zo blijkt uit een reactie van de Groenlandse premier Jens Frederik Nielsen. Hij noemt het een fantasie en spoort Trump aan tot een volwassen gesprek via officiële kanalen.
Trump heeft volgens experts interesse in Groenland om drie redenen. Ten eerste heeft Groenland veel belangrijke grondstoffen, zoals ijzererts, goud en olie. Daarnaast zou de Noordelijke IJszee steeds meer open komen te liggen voor scheepvaart door de opwarming van de aarde. De noordelijke scheepvaartroute is een aantrekkelijke optie, voor zowel Noord-Amerika als Azië.
Bovendien ligt Groenland op een strategische plek. Amerika zou hier een frontlinie willen realiseren voor het geval Rusland ooit Amerika aanvalt. Er is reeds een Amerikaanse basis in Groenland, deze zou Trump willen uitbreiden. Hier staan de Groenlanders wel voor open.
De staat Israël breidt gestaag zijn controle over nog meer Syrisch grondgebied uit. Twaalf gepantserde Israëlische voertuigen zijn het dorp Saida al-Golan in Zuid-Syrië binnengereden. Dat meldt de Arabische nieuwszender Al Jazeera.
De nieuwste Israëlische expansie in Syrië vindt juist plaats op een moment dat er onderhandelingen gaande zijn in Parijs tussen Syrië en Israël, onder bemiddeling van de Verenigde Staten. Het is niet bekend of de besprekingen na de laatste schendingen door Israël zullen doorgaan.
‘Israël schendt opnieuw de Syrische soevereiniteit en ondermijnt de onderhandelingen’, zegt journalist Ayman Oghanna uit Damascus tegen Al Jazeera. Volgens hem is er een ‘diepe kloof’ tussen de verwachtingen van Syrië en Israël met betrekking tot de onderhandelingen.
Israël eist volledige demilitarisering van Zuid‑Syrië. Het wil bovendien militair aanwezig blijven met posten in Jabal al‑Sheikh (in Israël bekend als de Hermonberg) om de druzische minderheid te beschermen. Syrië ziet dit echter als een excuus om nog meer Syrisch grondgebied in te lijven. Daarom wil Syrië dat Israël zich terugtrekt en alle bombardementen staakt.
De kans dat dit gebeurt is echter vrijwel nihil. Sinds de val van het Assad-regime in december 2024 heeft Israël langzaam maar zeker meer Syrisch grondgebied toegeëigend. In de Syrische gebieden die de Israëliërs nu controleren, is feitelijk sprake van hetzelfde patroon als dat waarmee Palestijnen sinds het ontstaan van Israël worden geconfronteerd: checkpoints, land dat wordt gebulldozerd en mensen die zich verzetten worden gearresteerd of straffeloos doodgeschoten.
Ook tussen Turkije, dat Syrië beschouwt als zijn Ottomaanse achtertuin, en Israël bestaan spanningen. De Turken verdenken de Syrische Koerden, die de macht hebben in Oost-Syrië, ervan onder één hoedje te spelen met de Verenigde Staten en Israël in het Midden-Oosten. Daarom zetten zij hun eigen Syrische proxy’s (de nieuwe machthebbers van Syrië) in om de zogenoemde ‘Amerikaans-Israëlisch-Koerdische as’ te dwarsbomen.
Tot een Israëlisch-Turkse confrontatie over Syrië is het vooralsnog niet gekomen, maar in Israëlische en Turkse media wordt er bijna dagelijks gesproken over oorlog tussen deze twee regionale machten. Ook doen er geruchten de ronde over een mogelijke deal over de indeling van Syrië in Israëlische en Turkse invloedssferen.
Nu de Amerikaanse president Donald Trump heeft laten zien waartoe hij bereid is in Venezuela, krijgen ook zijn waarschuwen richting Iran een nieuwe lading. Hij zal actie ondernemen als er doden vallen onder demonstranten.
Afgelopen weekend waarschuwde Trump Iran. Dat er al twintig doden zijn gevallen sinds in Iran een nieuwe golf van demonstraties plaatsvindt, is wellicht langs hem heengegaan. Toch worden zijn woorden nu zwaarder gewogen dan een week geleden.
Dit heeft alles te maken met de ontvoering van de Venezolaanse president Nicolás Maduro afgelopen zaterdag. Sinds deze onconventionele operatie – het is volgens het Handvest van de NAVO niet toegestaan een ander NAVO-land aan te vallen – vreest een aantal landen dat zij misschien de volgende zijn. Dit geldt voor Colombia, Mexico en Cuba, en nu is ook Iran toegevoegd aan dit rijtje.
In Iran zijn vlak voor het jaareinde hevige protesten uitgebroken. Deze protesten begonnen door onvrede over de economische situatie, maar hebben zich inmiddels ook tegen het regime gekeerd. De laatste keer dat mensen massaal het aftreden van de huidige leiders eisten was in 2022 tijdens de Women, Life, Freedom-protesten. Deze zijn toen hardhandig neergeslagen.
Hoewel de demonstraties nog niet even groot zijn als toen, worden ook nu demonstranten hard aangepakt. Volgens de BBC zijn al twintig mensen gedood, waaronder een kind. Het regime is niet van plan concessies te doen, of überhaupt naar de eisen te luisteren.
Trump doet zich nu voor als beschermer van de demonstranten. In werkelijkheid zal zijn interesse waarschijnlijk ergens anders liggen. Israël en de Verenigde Staten staan al jaren op gespannen voet met de Iraanse regering. Vorig jaar voerde Israël, uiteindelijk met behulp van de VS, aanvallen uit op vitale infrastructuur in Iran. Het bleef toen bij een impasse, maar de wens om Iran voorgoed van het islamitische regime te ontdoen blijft nog altijd gekoesterd door deze bondgenoten.
Nu Iran steeds meer eigen bondgenoten aan het kortste eind ziet trekken – ook Venezuela was een belangrijke bondgenoot en handelspartner van Iran – is het kwetsbaar voor interne onrust en aanvallen van buitenaf. Dit zou een kans kunnen zijn die de VS en Israël niet graag laten liggen.
Dat Republikeinen vandaag rechts zijn en Democraten links lijkt vanzelfsprekend. Maar in de negentiende eeuw was het precies andersom. Die omkering verklaart niet alleen de Amerikaanse Burgeroorlog, maar ook de hardnekkige polarisatie van nu.
Wie naar de Verenigde Staten van vandaag kijkt, ziet een vertrouwd schema. Republikeinen gelden als rechts, conservatief en nationalistisch; Democraten op hun beurt als links, progressief en cultureel liberaal. Maar wie dat schema zonder meer terug projecteert op het verleden, raakt al snel in de knoop. In de negentiende eeuw waren het juist de Republikeinen die zich presenteerden als hervormers, terwijl de Democratische Partij gold als de behoeder van traditie, lokale autonomie en een bestaande sociale hiërarchie, inclusief slavernij.
Hoe kan het dat de partijen die nu elkaars tegenpolen zijn, ooit zo anders gepositioneerd waren? Hoe droegen de partijpolitieke tegenstellingen bij aan het uitbreken van de Amerikaanse Burgeroorlog van 1861–1865? En hoe kwam het dat de Republikeinse Partij in de lange periode daarna uiteindelijk verrechtste en de Democraten links werden?
Om dat te begrijpen, moeten we terug naar het midden van de negentiende eeuw, toen het Amerikaanse partijstelsel instortte en opnieuw werd opgebouwd.
Slavernij was een politiek machtsblok
De kern van het conflict dat leidde tot de Amerikaanse Burgeroorlog was niet simpelweg morele verontwaardiging over het inderdaad verschrikkelijk mensonterende fenomeen slavernij. Het ging om een structureel probleem, namelijk om de vraag wie Amerika bestuurde. Slavernij was niet slechts een economisch systeem, het was een politiek machtsblok.
In het Zuiden heerste King Cotton, maar zijn macht reikte veel verder dan de regionale grenzen. De slavenstaten kregen namelijk extra politieke vertegenwoordiging dankzij de zogeheten Three-Fifths Clause. Tot slaaf gemaakte mensen hadden geen stemrecht, maar telden wel voor drie vijfde mee in de bevolkingsaantallen. Daardoor beschikten de zuidelijke staten over meer zetels in zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat dan hun vrije bevolking rechtvaardigde.
Tot slaaf gemaakte mensen telden wel voor drie vijfde mee in de bevolkingsaantallen
Die scheve machtsverhouding was ook zichtbaar in de federale instituties. Hoewel slechts ongeveer twee procent van de Amerikanen zelf slaven bezat, waren in 1857 vijf van de negen rechters van het Hooggerechtshof slaveneigenaren. Voor veel Noordelingen was dit het bewijs dat de invloed van de slavernijstaten onevenredig groot was. Zij spraken daarom van de Slave Power: een kleine, maar machtige elite die de rest van het land haar wil oplegde.
Slavenwinkel en veilinghuis in Atlanta, Georgia (VS), 1864, kort voor de afschaffing van de slavernij. Beeld: George Barnard/Library of Congress
De meeste noorderlingen accepteerden lange tijd de slavernij als een voldongen feit. Slavernij was moreel misschien afkeurenswaardig, maar vooralsnog een regionale aangelegenheid, vooral geen politiek vraagstuk. Wellicht zou de slavernij bij gebrek aan winstgevendheid uiteindelijk vanzelf uitsterven. Dat gebeurde echter niet. Ook begon de slavernij zich uit te breiden naar nieuwe territoria in het westen. De kwestie werd daarmee onontkoombaar. Zouden de Verenigde Staten zich ontwikkelen als een natie van vrije arbeid, of als een slavenrepubliek met steeds meer macht voor de Slave Power?
In die context was de Democratische Partij de dominante politieke kracht. Zij beriep zich op de erfenis van Thomas Jefferson (president van 1801 tot 1809) en Andrew Jackson (president van 1829 tot 1837). Hun politieke ideologie bestond uit wantrouwen tegen een sterke federale overheid, nadruk op de rechten van de afzonderlijke staten en een populistische afkeer van elites in banken en de industrie. In de praktijk betekende dit echter dat de partij steeds sterker verstrengeld raakte met de belangen van het slavensysteem.
De Democraten waren geen monolithisch pro-slavernijblok. Er bestonden ook noordelijke Democraten die slavernij liever zagen verdwijnen. De partij als geheel tolereerde echter geen fundamentele kritiek op het systeem. Wie te ver ging, werd politiek gemarginaliseerd of zelfs fysiek geïntimideerd. Vrijheid van meningsuiting eindigde waar de belangen van het Zuiden begonnen.
Whigs en Know-Nothings
Tegenover de Democraten stond lange tijd de Whig-partij. Die was ontstaan als een brede oppositiebeweging tegen het presidentschap van Andrew Jackson. De Whigs geloofden in economische modernisering, infrastructuur, onderwijs en een actievere rol van de federale overheid. Ze hadden steun onder ondernemers, professionals en hervormingsgezinde burgers in het Noorden.
Maar de Whigs hadden een fatale zwakte: ze wisten zich geen houding te geven in de slavernijkwestie. Om zowel noordelijke als zuidelijke kiezers vast te houden, probeerden ze het onderwerp te neutraliseren. Dat lukte zolang slavernij politiek ‘beheersbaar’ bleef, maar faalde volledig toen de uitbreiding ervan centraal kwam te staan.
De dubbelhartigheid van de Whigs werd belichaamd door hun leider Henry Clay (1777–1852), die zelf ook een slaveneigenaar was. Clay was de man van het compromis en architect van de Missouri Compromise, dat bepaalde dat alle staten ten noorden van 36° 30′ noorderbreedte (de zuidelijke grens van de staat Missouri, red.) slaafvrije staten zouden worden. Ook het compromis van 1850 werd door Clay gesteund. Toen werd onder meer bepaald dat Californië als vrije staat tot de Unie zou toetreden, ook al lag een deel van de staat ten zuiden van de 36° 30′-noorderbreedtegrens. Een andere bepaling was de omstreden Fugitive Slave Act, die elke steun aan ontsnapte slaven die naar het vrije Noorden waren gevlucht, verbood. In het Noorden was er veel verzet tegen deze wet, onder andere in de beroemde roman Uncle Tom’s Cabin (1852).
In Kansas barstte een miniburgeroorlog uit tussen voor- en tegenstanders van de slavernij
In 1854 kwam de Kansas–Nebraska Act tot stand, die bepaalde dat bewoners van nieuwe territoria zelf mochten beslissen of ze slavernij toestonden. Dit compromis maakte een einde aan de eerdere compromissen en zette de politieke verhoudingen op scherp. In Kansas barstte een miniburgeroorlog uit tussen voor- en tegenstanders van de slavernij, die de geschiedenis is ingegaan als ‘Bleeding Kansas’. De Whigs raakten als gevolg van de Kansas–Nebraska Act intern hevig verdeeld en de partij stortte in. Hun poging om boven de morele en politieke strijd te blijven hangen maakte hen irrelevant.
In het politieke vacuüm dat volgde, bloeiden kortstondige protestbewegingen op. De bekendste was de Know Nothing-partij, officieel de American Party. Deze beweging keerde zich fel tegen katholieke immigranten uit Ierland en Duitsland en zag hen als een bedreiging voor het ‘oorspronkelijke’ WASP (White, Anglo-Saxon, Protestant)-karakter van de Verenigde Staten.
De Know Nothings waren geen oplossing voor de slavernijkwestie, maar boden wel een tijdelijk onderkomen voor kiezers die genoeg hadden van de oude partijen. Hun succes laat zien hoezeer het partijstelsel in crisis verkeerde. Toen slavernij definitief het politieke debat ging domineren, bleek nativisme onvoldoende samenbindend. De Know Nothings implodeerden vrijwel net zo snel als ze waren opgekomen.
De Republikeinse Partij ontstond in 1854
Uit de brokstukken van Whigs, de zogenoemde Free Soilers, antislavernij-Democraten en voormalige Know Nothings ontstond in 1854 de Republikeinse Partij. Het was geen ideologisch zuivere beweging, maar een pragmatische coalitie. Wat hen verenigde, was de overtuiging dat slavernij een gevaar vormde voor de republiek, moreel, economisch en politiek.
De Republikeinen waren in hun tijd vooruitstrevend. Ze verdedigden vrije arbeid, sociale mobiliteit, onderwijs en een actieve overheid die infrastructuur en industrie stimuleerde. Ze zagen zichzelf als hervormers die een vastgelopen systeem wilden openbreken. Dat sommige leden ook nativistische of racistische opvattingen hadden, was geen tegenstelling, maar kenmerkend voor een negentiende-eeuwse hervormingsbeweging. Die was progressief op het ene terrein en reactionair op het andere. Interessant in dit verband zijn de militante jongerenclubs die Abraham Lincoln steunden, de zogenoemde Wide Awakes. De term Wide Awake kwam uit de Know Nothing-beweging en betekent ‘klaarwakker’. De Know Nothings waren klaarwakker en zagen daardoor het ‘gevaar’ van de Ierse katholieken en de paus; de Wide Awakes konden, omdat ze ‘wakker’ waren, het gevaar zien van de eerder genoemde Slave Power. Woke in de moderne zin van het woord waren de Republikeinse Wide Awakes absoluut niet.
Toen Abraham Lincoln in 1860 namens de Republikeinen werd gekozen, betekende dat niet alleen een machtswisseling, maar een systeemschok. Voor het eerst verloor het slavensysteem zijn greep op de federale regering. Voor veel zuidelijke leiders was dat onacceptabel. Zij kozen niet voor politieke oppositie, maar voor afscheiding.
Abraham Lincoln (1809 – 1865) was de 16de president van de Verenigde Staten van 1861 tot in 1865. Beeld: Alexander Gardner/Library of Congress
De Burgeroorlog was dus geen ongeluk, maar het resultaat van een langdurige partijpolitieke implosie. De oude compromissen hielden geen stand meer. Nieuwe partijen kwamen op, oude verdwenen, en de Verenigde Staten moesten via oorlog uitvechten wat politiek onoplosbaar was geworden.
Politieke verschuiving
Na de Burgeroorlog bleef de Republikeinse Partij nog decennialang de partij van hervorming. Tijdens de Reconstruction Era (1865–1877) probeerden Republikeinen het Zuiden te hervormen, zwarte mannen stemrecht te geven en het federale gezag te versterken. Dat project stuitte echter op hevig verzet. Toen de noordelijke bereidheid om militair en politiek in te grijpen afnam, heroverden conservatieve witte elites in het Zuiden de macht. Zij sloten zich massaal aan bij de Democratische Partij, die daar uitgroeide tot een uitgesproken reactionaire partij van segregatie, statenrechten en witte suprematie. Het Zuiden werd de zogeheten Solid South. De regio was decennialang vrijwel automatisch Democratisch, maar ideologisch diep conservatief.
Tegelijkertijd veranderde de Republikeinse Partij zelf van karakter. Naarmate slavernij geen politiek strijdpunt meer was, verschoof de aandacht naar economische groei, industrialisatie en ondernemerschap. Republikeinen werden steeds meer de partij van het bedrijfsleven, hoge tarieven en een kleine overheid, vooral in sociaal opzicht. Progressieve Republikeinen bleven bestaan, maar kwamen steeds meer onder druk te staan. Theodore Roosevelt (president van 1901 tot 1909), die grote bedrijven wilde reguleren en sociale hervormingen nastreefde, belichaamde nog één keer de hervormingsgezinde traditie binnen de partij. Zijn breuk met de Republikeinen in 1912 en de oprichting van de mislukte Progressive Party markeerden symbolisch het einde van die fase.
De echte ideologische aardverschuiving kwam tijdens de Grote Depressie. Met zijn New Deal gaf president Franklin Delano Roosevelt (president van 1933 tot 1945) – een verre verwant van Theodore – de Democratische Partij een nieuw profiel. De federale overheid werd voortaan gezien als instrument om sociale ongelijkheid te bestrijden, werkgelegenheid te creëren en burgers te beschermen tegen de grillen van de markt. Vakbonden, minderheden, stedelijke kiezers en intellectuelen schaarden zich achter de Democraten. Daarmee werd de partij voor het eerst duidelijk links in sociaal-economische zin. Toch bleven de zuidelijke Democraten voorlopig aan boord, ondanks hun afkeer van federale inmenging en raciale gelijkheid.
Het verzet van zuidelijke Democraten tegen desegregatie en stemrecht voor zwarte Amerikanen leidde uiteindelijk tot een politieke breuk
Die spanning werd onhoudbaar toen Democratische presidenten na de Tweede Wereldoorlog steeds explicieter kozen voor burgerrechten, met president Lyndon B. Johnson (president van 1963 tot 1969) voorop. Het verzet van zuidelijke Democraten tegen desegregatie en stemrecht voor zwarte Amerikanen leidde uiteindelijk tot een politieke breuk. Vanaf de jaren zestig begonnen veel conservatieve zuiderlingen over te stappen naar de Republikeinse Partij, die zich profileerde als tegenstander van federale dwang en culturele liberalisering.
Zo voltrok zich in de loop van een eeuw een opmerkelijke politieke aardverschuiving. De partij die was opgericht om slavernij te bestrijden, werd het politieke thuis van conservatief Amerika, terwijl de Democratische Partij uitgroeide tot de belangrijkste drager van progressieve politiek.
Wie de hedendaagse Amerikaanse polarisatie, van MAGA tot Black Lives Matter, beter wil begrijpen, moet beseffen dat de strijd tussen Republikeinen en Democraten geen zwart-witverhaal is tussen rechts en links. Wat deze geschiedenis duidelijk maakt, is dat politieke partijen geen vaste ideologische entiteiten zijn. Ze veranderen mee met de grote morele en sociale breuklijnen van hun tijd. In de negentiende eeuw draaide die breuklijn om slavernij en de macht van de zogenoemde Slave Power. In de twintigste eeuw ging het om sociale zekerheid, burgerrechten en de rol van de federale overheid. En vandaag de dag staan identiteit, cultuur en democratische instituties centraal.
Steeds meer burgemeesters over de hele wereld pakken een steeds grotere rol op het politieke toneel. Extreemrechtse tijden zouden hen daartoe nopen, meldt the Guardian.
‘We hebben een nieuwe rol’, klinkt het van Boedapest tot Barcelona en van New York tot Parijs. In de Hongaarse hoofdstad was het verbod op de pridemars de aanleiding voor burgemeester Gergely Karácsony om nadrukkelijk op de voorgrond te treden. Hij nodigde onder anderen zijn collega-burgemeester Femke Halsema uit voor de Pride Walk, een uitnodiging die zij gretig aannam door toch mee te demonstreren.
De Amsterdamse burgemeester, die zich in 2025 onder meer uitsprak tegen de politiek van Geert Wilders en tegen de genocide op de Palestijnen in Gaza, is een van de boegbeelden van het burgemeesterschap 2.0, oftewel bestuurders die geen genoegen nemen met een louter ceremoniële rol van lintjes knippen. Integendeel, zij pakken het podium en begeven zich in de frontlinie van het politieke debat.
‘Ik denk dat burgemeesters over de hele wereld zich beginnen te realiseren dat we een nieuwe rol hebben, een rol die voorheen niet bestond’, aldus Jaume Collboni, burgemeester van Barcelona, tegen the Guardian. ‘We hebben ons gerealiseerd dat de mondiale problemen waar we allemaal mee te maken hebben, lokale oplossingen vereisen.’
In Barcelona deed hij van zich spreken door de toenemende huizencrisis te agenderen, maar ook door een streep te zetten door sloopplannen voor relatief goedkope appartementenblokken. Daarnaast nam hij een leidende rol in het nieuwe collectief Burgemeesters voor Volkshuisvesting, waar ook de burgemeester van Amsterdam bij is aangesloten.
‘Wij staan in de frontlinie van het dagelijks leven van burgers’, aldus Collboni. ‘Het is dan ook niet verwonderlijk dat wij degenen zijn die zeggen dat het zo niet verder kan.’
Andere belangrijke spelers in het nieuwe burgemeesterschap zijn Zohran Mamdani en Sadiq Khan, respectievelijk burgemeester van New York en Londen. Ook zij bevinden zich in de frontlinie van de zogenoemde ‘cultuuroorlog’ die volgens sommigen in de westerse wereld woedt: het idee dat de westerse cultuur onder druk zou staan door immigratie. Tegelijkertijd stellen deze progressieve burgemeesters dat juist in hun steden Europese waarden en democratie volledig tot uiting komen en actief worden verdedigd.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.