JA21, een afsplitsing van het extreemrechtse en racistische Forum voor Democratie (FvD), onderhoudt banden met extreemrechtse organisaties in Europa, schrijft Vrij Nederland. Een domper voor de partij, die de afgelopen jaren hard haar best heeft gedaan om zich als een gematigde, salonfähige variant van het populisme te presenteren.
Naar buiten toe presenteert JA21 zich als een ‘gezond’ en ‘fatsoenlijk’ alternatief voor Forum voor Democratie. Maar op Europees niveau trekken de partij en haar jongerentak op met extreemrechtse organisaties. Echt eerlijk tegenover de kiezer is dat niet’, schrijft Vrij Nederland. Het linkse maandblad baseert zijn bevindingen op een onderzoek naar de activiteiten en contacten van de jongerentak van JA21, JONG21.
De jongeren zouden de afgelopen maanden contacten hebben onderhouden met organisatoren en deelnemers van extreemrechtse evenementen van de Europese fractie European Conservatives and Reformists (ECR). Daarbij waren ook extreemrechtse organisaties en politici betrokken, die bijvoorbeeld aanhangers zijn van de racistische omvolkingstheorie.
Hoofdredacteur Sander Heijne grijpt het onderzoeksartikel om kritiek te uiten op de onderhandelingen van coalitiepartijen D66, VVD en CDA met JA21, om voor hun voorstellen en plannen een meerderheid te krijgen in de Tweede Kamer.
‘De vraag is of de coalitie dit ook zo ziet, nu zij voor de keuze wordt gesteld tussen een progressief blok van Volt Nederland en Progressief Nederland, of het monsterverbond van JA21, de BBB en de SGP’, schrijft Heijne op LinkedIn.
JA21 is in 2021 opgericht door Joost Eerdmans en Annabel Nanninga. Beide poltici staan negatief tegenover de multiculturele samenleving. Zo sprak Nanninga in een column voor de rechtse opiniewebsite GeenStijl bijvoorbeeld over ‘dobbern*g*rs’, waarmee ze zwarte vluchtelingen bedoelde die via de Middellandse Zee Europa proberen te bereiken. Ook heeft ze zich veelvuldig negatief uitgelaten over de islam en moslims.
Eerdmans is evenmin postief over de multiculturele samenleving. In 2017 organiseerde hij met Leefbaar Rotterdam zelfs een evenement waarbij Turkse Nederlanders openlijk als een ‘vijfde colonne’ werden neergezet. Onder de gastsprekers bevonden zich de controversiële islamcriticasters Ebru Umar en Wierd Duk.
Ik weet niet hoe het met u zit, maar op 8 november aanstaande trek ik mijn rode jas aan, doe ik mijn rode sjaal om en vertrek ik richting het Museumplein in Amsterdam om mee te lopen in De Rode Lijn Voorbij. Waarom (weer) demonstreren?
Omdat onze regering ruim drie jaar na de afschuwelijke aanval van Hamas en de daaropvolgende genocide op Palestijnse burgers nog steeds veel te weinig doet om het Israëlische geweld in Gaza te stoppen.
Omdat de situatie van de Palestijnse bevolking in Gaza en in de bezette gebieden al veel langer uiterst schrijnend is. Verschillende lokale en internationale mensenrechtenorganisaties luiden hierover al jaren tevergeefs de noodklok. Zo noemde de Israëlische organisatie B’Tselem Israël al in 2021 een apartheidsstaat.
Omdat ik me schaam voor de terughoudendheid van de Nederlandse regering om zich uit te spreken en ik het belangrijk vind om een stevig signaal af te geven. Hoe meer mensen van zich laten horen, hoe moeilijker het wordt om dat tegengeluid naast zich neer te leggen.
Omdat ik teleurgesteld ben in premier Rob Jetten, die vlak voor de verkiezingen zelf meeliep in de Rode Lijn, maar nu bar weinig daadkracht laat zien. Om over andere leden van zijn kabinet nog maar te zwijgen.
Omdat Nederland ruimhartig studenten, gewonden en andere Palestijnse vluchtelingen zou moeten opvangen, in plaats van de deuren angstvallig dicht te houden en zelfs studenten met een geldig uitreisvisum weigeren te helpen. Om je rot te schamen.
Omdat het internationale recht het verdient om beschermd te worden. Internationale gerechtshoven die in ons land gevestigd zijn, nota bene op loopafstand van het Catshuis en ons parlement, deden niet voor niets verregaande uitspraken. Die uitspraken moeten worden opgevolgd. Artikel 90 van onze Grondwet luidt niet voor niets: ‘De regering bevordert de ontwikkeling van de internationale rechtsorde.’
Hoe meer mensen van zich laten horen, hoe moeilijker het wordt om dat tegengeluid naast zich neer te leggen
Omdat we nooit met twee maten mogen meten als het om internationaal en humanitair oorlogsrecht gaat.
Omdat sinds 7 oktober 2023 al bijna 300 journalisten werden gedood en nog eens honderden gewond raakten door Israëlische aanvallen. Bovendien worden kritische journalisten monddood gemaakt en is er sprake van een propagandaoorlog, met eenzijdige berichtgeving tot gevolg, zo bleek ook uit het recente rapport van speciaal rapporteur Albanese, De waarheid onder het puin.
Omdat tijdens de Gaza-oorlog minstens 20.000 kinderen werden vermoord en ook na het afgekondigde staakt-het-vuren bijna dagelijks nog kinderen werden gedood. Volgens Unicef raakten 60.000 kinderen één of beide ouders kwijt en zijn 800.000 kinderen ontheemd. (Voor meer informatie over de impact van de genocide op kinderen, lees het recent gepubliceerde Unicef-rapport Hope amid the Pain: Palestinian children in the Gaza Strip one year after the ceasefire.)
Omdat vrouwen, zoals zo vaak in oorlogen, ook hier extra hard geraakt worden. Vrouwen zijn nog steeds onveilig en worden niet alleen bedreigd door militair geweld, maar ook door seksueel en fysiek geweld, armoede en het ontbreken van medische voorzieningen.
Omdat het Israëlische geweld niet alleen in de Gazastrook, maar ook op de Westelijke Jordaanoever blijft doorgaan.
Omdat Nederland nog steeds wapens importeert uit Israël en nog steeds, via omwegen, onderdelen levert aan Israël.
Omdat het EU-associatieverdrag met Israël nog steeds niet is opgeschort.
Omdat Nederland nog steeds een van de grootste buitenlandse investeerders in Israël is, maar we die positie niet gebruiken om een einde aan het geweld af te dwingen.
Omdat steeds meer experts erkennen dat er wel degelijk sprake is van een genocide, ook experts die eerder terughoudend waren of zelfs weigerden dat beladen woord te gebruiken.
Omdat inmiddels ook Israëlische oud-militairen en reservisten zich kritisch hebben uitgelaten over onder meer het hoge aantal burgerslachtoffers, het gebruik van AI en het gebrek aan moreel besef.
Omdat De Rode Lijn Voorbij een vreedzame demonstratie is die wordt georganiseerd door een brede coalitie van maatschappelijke organisaties, waaronder Palestijnse en Joodse organisaties.
Omdat ik me machteloos voel en mezelf erop betrap soms berichten over Gaza of de bezette Westelijke Jordaanoever te vermijden, omdat het gewoon te pijnlijk en frustrerend is.
Omdat ik verdrietig ben dat er nog steeds mensen zijn die beweren dat je uitspreken tegen de genocide in Gaza automatisch betekent dat je antisemitisch bent.
Omdat er nog steeds mensen zijn die doen alsof demonstreren tegen genocide het probleem is en niet de genocide zelf.
Omdat ik, als ik een genocide zou meemaken, ook zou willen dat de hele wereld de straat opging.
Omdat ‘nooit meer’ nu is.
Omdat wegkijken geen optie is.
Omdat niks doen sowieso niks verandert.
Omdat, als we nu geen rode lijn trekken, wanneer dan wel?
Het aantal eerste asielaanvragen in Nederland is in het derde kwartaal van 2026 met 13 procent gedaald ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Dat blijkt uit voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In totaal vroegen bijna 5.900 mensen voor het eerst asiel aan, 850 minder dan een jaar eerder. Vooral het aantal aanvragen van Eritreeërs en Syriërs nam af. Beide groepen dienden ongeveer de helft minder aanvragen in dan in het derde kwartaal van 2025.
Ook kwamen er in het derde kwartaal van 2026 minder nareizigers naar Nederland, in vergelijking met het jaar ervoor. Het ging nu om zo’n 3200 nareizigers, een jaar eerder waren het er ongeveer 4700.
Maar over de eerste negen maanden van 2026 ligt het aantal eerste asielaanvragen nog altijd 8 procent hoger dan in dezelfde periode vorig jaar. Het derde kwartaal was het eerste volledige kwartaal na de invoering van het Europese migratiepact. Of de daling daarmee samenhangt is niet duidelijk.
De cijfers komen op een moment dat de discussie over de Europese asielinstroom en de opvang in andere landen van de Europese Unie opnieuw is opgelaaid. Vorige week ontstond ophef, nadat VVD-Kamerlid Ulysse Ellian en CDA-Kamerlid Jeltje Straatman onjuiste cijfers hadden gebruikt in hun kritiek op Nederlandse rechterlijke uitspraken over het terugsturen van asielzoekers naar Italië.
Beide Kamerleden suggereerden na een werkbezoek aan Italië dat de asielinstroom daar lager was dan in Nederland. Dat bleek niet te kloppen: in september vroegen in Italië ruim 5.100 mensen voor het eerst asiel aan, tegenover ongeveer 2.000 in Nederland. Ellian erkende dat zijn formulering onjuist was. Straatman gaf toe cijfers over irreguliere aankomsten te hebben verward met cijfers over asielaanvragen.
De succesvolle ondernemer Abdullah Tirpan is op 73-jarige leeftijd overleden, als gevolg van verwaarlozing in de gevangenis. Hij zat gevangen vanwege vermeende banden met de Gülenbeweging. Tirpan was de CEO van een groot vleesbedrijf in Tekirdag, in het Europese deel Turkije.
Tirpan overleed twee weken geleden in een ziekenhuis, terwijl hij een gevangenisstraf van zeven jaar en zes maanden uitzat. Tijdens zijn detentie verslechterde zijn gezondheid in rap tempo. Zo moest enkele jaren terug zelfs zijn linkerbeen worden geamputeerd. Critici beschuldigen het Turkse regime ervan hem onder erbarmelijke medische omstandigheden vast te hebben gehouden, wat uiteindelijk tot zijn dood heeft geleid.
Zijn vroegtijdige dood is een voorbeeld van wat de Turkse politicus Ömer Faruk Gergerlioglu onlangs in de Kanttekening een ‘sociale dood’ noemde. Turkse politieke gevangenen worden ernstig verwaarloosd. Dit blijkt ook uit het rapport ‘A Child’s Plea Ignored: Don’t Let My Father Die There’, opgesteld door de mensenrechtenorganisatie Silenced Turkey na het overlijden van Tirpan. ‘Eigenlijk zijn we al dood, maar beseffen we het nog niet’, citeerde Ömer Faruk Gergerlioglu onlangs een slachtoffer van de Turkse repressie, die het land was ontvlucht.
Tirpan en talloze anderen verloren hun baan, zaten gevangen of moesten hun land ontvluchten, vanwege hun al dan niet vermeende banden met de Gülenbeweging. De Turkse overheid houdt deze religieuze beweging verantwoordelijk voor de mislukte coup tegen president Recep Tayyip Erdogan, op 15 juli 2016. Gülenisten zouden allemaal terroristen zijn.
Tirpan werd aangeklaagd voor terrorisme, omdat hij een rekening had bij Bank Asya, geabonneerd was op de krant Zaman, zijn kinderen stuurde naar ‘Gülenscholen’ en deelnam aan dialoogbijeenkomsten, de zogenoemde sohbet. Tirpan heeft deze beschuldigingen, gebaseerd op activiteiten die vóór 15 juli volkomen legaal waren, altijd ontkend.
Op 8 oktober bezocht voormalig AKP-parlementariër Mustafa Yeneroglu Tirpan in de Metris-gevangenis. De oud-politicus schrok hoe slecht het met Tirpan gesteld was. Voor de krant Serbestiyet schreef Yeneroglu vervolgens een vlammend opiniestuk, waarin hij de onmiddellijke vrijlating van Tirpan eiste en dat hij medische zorg nodig had. Het mocht niet baten. Tirpan laat vijf kinderen achter.
Hoe overleef je gevangenschap in een autoritair land? Op zijn zeventiende werd de Egyptische schrijver en activist Abdelrahman ElGendy opgepakt en tot vijftien jaar gevangenisstraf veroordeeld. Over zijn ervaringen heeft hij nu een boek geschreven: Huna.
Schrijven werd voor ElGendy een manier om zichzelf niet te verliezen. Tegelijkertijd is het boek meer dan een egodocument over politieke onderdrukking. Het is een verhaal over familie, herinnering, liefde en de vraag hoe je mens kunt blijven op een plek die erop gericht lijkt je uit te wissen. Het is kortom literatuur.
We spreken ElGendy via een videocall. Zijn antwoorden gaan zelden over politiek alleen. Steeds keert hij terug naar dezelfde vragen. Wat betekent het om aanwezig te blijven in het hier en nu? En hoe voorkom je dat een gevangenis niet alleen je lichaam, maar ook je verbeelding opsluit?
Het antwoord op die vragen ligt besloten in de titel van zijn boek. Huna betekent simpelweg ‘hier’, zo vertelt hij. Het woord verwijst naar een lied uit de tijd van de Arabische Lente. De betekenis ervan kreeg voor hem een nieuwe lading tijdens zijn eerste dagen in detentie. ‘Op de derde nacht zaten we met 68 mensen in een veel te kleine cel. We lagen letterlijk op elkaar. Voor het eerst kwamen er maaltijden binnen van familieleden, dat mocht van het regime. Ineens rook je iets van thuis. Toen begonnen mensen te zingen. Een van die liederen was Huna.’
‘Het woord verwijst naar een lied uit de tijd van de Arabische Lente’
Voor veel gevangenen stond dat woord voor een pijnlijke werkelijkheid. Niemand wilde daar zijn. ElGendy zat opgesloten met zijn vader, die ziek was en geen medicijnen kreeg. Toch raakte juist dat lied hem diep. ‘Het refrein kwam neer op: we blijven hier, totdat de pijn weggaat. Ik kreeg er kippenvel van. Dat woord, huna, werd iets groters. Wat betekent het om aanwezig te zijn op een plek waar je niet wilt zijn?’
Dat die vraag zo belangrijk werd, heeft alles te maken met de omstandigheden waarin hij gevangen werd genomen. De beelden van de massale Egyptische protesten van 2011 staan nog op ons netvlies gebrand. Maar volgens ElGendy begon het beslissende hoofdstuk twee jaar later, na de militaire staatsgreep van juli 2013.
‘Mijn familie was helemaal niet politiek’, zegt hij. ‘Mijn ouders ook niet. Maar na de coup werd ik politiek wakker.’
Militairen die op demonstranten schoten
Hij was zeventien toen veiligheidstroepen tijdens demonstraties op mensen begonnen te schieten. Een van de slachtoffers was de vader van een vriendin. Diens begrafenis groeide uit tot ElGendy’s eerste politieke protest. Daarna volgden meer demonstraties. Op 6 oktober 2013, de nationale dag van het Egyptische leger, liep het mis.
‘Ik stond te filmen hoe militairen op demonstranten schoten. Toen werd ik gearresteerd door agenten in burger. Ze wisten dat ik activist was, omdat ik demonstranten had gewaarschuwd dat ze dekking moesten zoeken. Ik was niet onpartijdig.’
‘Na de coup werd ik politiek wakker’
De aanklacht was zwaar: terrorisme. De aanklager eiste de doodstraf. Uiteindelijk werd het ‘slechts’ vijftien jaar gevangenisstraf. Zijn vader kreeg ook een hoge gevangenisstraf opgelegd. Eigenlijk had hij op die demonstratie helemaal niets te zoeken, maar zijn vrouw had hem gevraagd met ElGendy mee te gaan om hun zoon een beetje in de gaten te houden. ‘Ik voelde mij schuldig. Mijn vader was daar eigenlijk alleen vanwege mij.’
Uiteindelijk kwam zijn vader in 2017 vervroegd vrij. ElGendy zelf werd in 2020 vrijgelaten. Zijn straf werd verlaagd, mede omdat hij minderjarig was toen hij werd opgepakt. Maar veel andere arrestanten van dezelfde zaak zitten nog altijd vast.
Wanneer ik vraag hoe hij die jaren heeft doorstaan, antwoordt hij dat die vraag eigenlijk zijn hele boek omvat. ‘Het gaat over wat het betekent om op een plek te leven die jou wil laten verdwijnen. Als je te kwetsbaar bent, breek je. Maar als je te hard wordt, verlies je jezelf.’
Volgens ElGendy probeerde de Egyptische junta niet alleen mensen fysiek te breken, maar ook geestelijk. En daar verzette hij zich tegen.
‘Ik bleef tegen mijzelf zeggen dat ik daar niet hoorde en dat de gevangenis niet mijn horizon was. Het regime wil dat je een gevangenismentaliteit ontwikkelt, dat je wereld kleiner wordt. Daarom bleef ik lezen en schrijven en rondde ik mijn studie bouwkunde af. Ik bleef nadenken over een toekomst buiten de muren.’
Schrijven kreeg daarin een bijzondere rol. Niet pas na zijn vrijlating, maar juist tijdens zijn gevangenschap. ‘Toen ik werd gearresteerd, noemden ze mij een terrorist en een gevaar voor de samenleving. Op de eerste dag eiste een aanklager zelfs dat we zouden bungelen aan de galg.’
‘Het regime wil dat je een gevangenismentaliteit ontwikkelt’
Die beschuldigingen maakten diepe indruk. ElGendy voelde dat anderen zijn verhaal begonnen te bepalen. Daarom begon hij te schrijven, om de regie terug te krijgen. ‘Ik smokkelde teksten naar buiten. Die werden op Facebook gepubliceerd en maakten veel reacties los. Die werden vervolgens weer naar binnen gesmokkeld. Hierdoor aangemoedigd bleef ik schrijven.’
Maar langzamerhand veranderde het schrijven zijn verhouding tot de werkelijkheid.
‘Ik zag mezelf als zeventienjarige niet als schrijver. Maar schrijven gaf me controle terug. Het hielp mij het narratief over mijn leven terug te winnen. Daaruit ontstond uiteindelijk het idee voor een boek. Niet als einddoel na de gevangenis, maar als strategie om de gevangenis überhaupt te overleven. Al die ellende gebeurde niet mij, maar de hoofdpersoon uit mijn boek, de protagonist. Ik begon mijzelf, ook uit zelfbescherming, van een afstand te bekijken.’
Het schrijven van het boek gaf ElGendy kracht. ‘Ik dacht: als dit een boek wordt, dan gebeurt alles wat mij overkomt niet zomaar. Dan heeft alles een betekenis. Dan ben ik niet alleen een slachtoffer. Dan ben ik de auteur.’
Even valt er een stilte.
‘Dit is dus geen boek over hoe ik de gevangenis heb overleefd. Het boek ís de reden dat ik het overleefde.’
Relatie met zijn vader
Een van de meest aangrijpende lijnen in het boek is de relatie met zijn vader. Voor hun arrestatie was die band volgens ElGendy afstandelijk.
‘We hadden een vrij afstandelijke relatie. Er was weinig echte affectie. Maar de gevangenis veranderde dit. Mede door het schuldgevoel dat ik had. Mijn vader zat daar vanwege mij. Dat gevoel ben ik nooit helemaal kwijtgeraakt. Ik zag hem in elkaar gemept worden. Ik zag hoe kwetsbaar hij was. Voor het eerst zag ik hem niet alleen als mijn vader, maar soms ook als mijn celgenoot.’
Opvallend genoeg spreekt hij niet over hoop wanneer hij terugblikt op zijn tijd in de gevangenis. ‘Veel mensen denken aan een licht aan het einde van de tunnel. Dat interesseert mij eigenlijk minder. Mijn aandacht gaat eerder uit naar wat er gebeurt wanneer dat licht helemaal verdwijnt. Wat doe je wanneer je geen zekerheid meer hebt en niet weet wanneer het eindigt? Dan moet je leren liefhebben in het moment zelf. Je moet op dat moment niet hopen op een betere toekomst, maar betekenis vinden in het hier en nu.’
‘Ik wilde een literair werk schrijven’
Dat idee hangt samen met zijn visie op literatuur. Hoewel zijn boek onmiskenbaar politieke implicaties heeft, is het in de eerste plaats literatuur. Volgens ElGendy worden gevangenismemoires in de Arabische wereld vaak uitsluitend beoordeeld als egodocumenten. ‘Dan gaat alle aandacht naar de feiten. Maar ik wilde een literair werk schrijven. Een boek dat ook gaat over verlies, verdwijnen en het hervinden van jezelf.’
Heeft ElGendy nog literaire voorbeelden? De beroemde gevangenisroman Papillon bijvoorbeeld? Een belangrijke inspiratiebron was Maggie Smith, vertelt hij. Haar boek You Could Make This Place Beautiful gaat ook over verlies en het uitwissen van je identiteit, maar dan in de context van een echtscheiding. Die thematiek herkende hij onmiddellijk. ‘Dat maakte het voor mij universeler dan een verhaal over een gevangenis alleen.’
Politiek pamflet
Toch is zijn boek wel degelijk ook een politiek pamflet. ‘Je moet het zwijgen doorbreken. De Egyptische staat herschrijft voortdurend de geschiedenis. Demonstranten worden afgeschilderd als terroristen of buitenlandse agenten. Daarom moeten onze verhalen worden vastgelegd.’
ElGendy noemt zijn boek een persoonlijk archief. Hij baseerde zich niet alleen op herinneringen, maar ook op gevangenisbrieven, procesdocumenten, gesprekken met medegevangenen en discussies met zijn vader over wat er precies was gebeurd.
Opvallend is dat geweld nergens het centrum van het verhaal vormt. ‘Er is veel geweld in het boek. Maar ik wilde niet dat het geweld alle aandacht opslokte.’ Als voorbeeld noemt hij een vernederende ontvangstprocedure in de gevangenis, waarbij gevangenen worden uitgekleed en mishandeld. ‘Dat gebeurde. Het was verschrikkelijk. Maar wat mij meer bezighield, was dat ik op dat moment de hand van mijn vader aanraakte. Die aanraking bleef me sterker bij dan het geweld zelf.’
‘De huidige wereldorde houdt de onderdrukking in Egypte in stand’
Aan het einde van het gesprek vraag ik wat westerse lezers volgens hem beter zouden moeten begrijpen over het hedendaagse Egypte. Zijn antwoord verrast. ‘Eigenlijk ben ik meer geïnteresseerd in wat westerse lezers over zichzelf moeten begrijpen.’ Hij wijst op het feit dat met name de Verenigde Staten, maar ook de Europese Unie, de Egyptische junta ondersteunen. Volgens ElGendy kunnen de repressie en de duizenden politieke gevangenen niet los worden gezien van internationale machtsverhoudingen. ‘Mijn handboeien zijn betaald door het Westen’, zegt hij scherp.
Toch wil hij het gesprek niet reduceren tot schuldvragen.
‘We zijn allemaal met elkaar verbonden. Positief en negatief. De situatie in Egypte is geen uitzondering, maar een symptoom van een groter probleem. De huidige wereldorde houdt de onderdrukking in Egypte in stand, maar ook die van andere Arabische regimes en de genocide op de Palestijnen.’
Daarmee keert hij terug naar een thema dat door het hele boek loopt: het besef dat vrijheid, net als gevangenschap, nooit uitsluitend individueel is. ‘Zolang duizenden anderen nog vastzitten, is mijn vrijheid ook niet volledig.’
Generatieconflicten zijn van alle tijden. De babyboomgeneratie, waar tegenwoordig zoveel over wordt geklaagd, kwam in de jaren zestig zelf in verzet tegen de dominantie van de generatie vóór haar. Vergeleken met de onstuimige jaren zestig, zeventig en tachtig zijn de huidige Gen Z-protesten die door Europa trekken, een lachertje. Zeker als je bedenkt dat de jeugd van tegenwoordig het ontzettend goed heeft, zonder dat zelf altijd te beseffen.
In alle opzichten leven we in de beste tijd ooit. Ja, er zijn oorlogen, klimaatverandering en de dreiging van AI. Maar we leven ook langer en gezonder, in grotere welvaart en met minder armoede, ziektes en andere ellende dan vroeger. De menselijke conditie gaat vooruit. Met elke generatie verbetert de wereld waarin we leven. En dat belooft veel goeds voor de toekomst.
Dit is geen naïef vooruitgangsoptimisme, maar een ontwikkeling die wordt beschreven door vooraanstaande denkers als Steven Pinker, Johan Norberg en Maarten Boudry. In hun werk onderbouwen zij waarom de mensheid langzaam maar zeker vooruitgaat en waarom de huidige jeugd het in veel opzichten beter heeft dan eerdere generaties.
Toch ziet de toekomst er vanuit het perspectief van veel Gen Z’ers weinig rooskleurig uit. Binnen enkele jaren hebben ze in hun ogen misschien geen baan meer, laat staan een betaalbare woning. De lusten en lasten van de verzorgingsstaat zijn ongelijk verdeeld. Straks moeten ze wellicht in dienst om als kanonnenvoer te dienen in de oorlogen van anderen. Ondertussen warmt de aarde verder op en dreigt technologie hun werk over te nemen. Geen wonder dat jongeren massaal de straat op gaan. Hun woede is begrijpelijk.
De ontevredenheid onder jongeren is vooral een westers fenomeen
We moeten de legitieme zorgen van Gen Z dan ook niet negeren. Onze verzorgingsstaat werkt immers een stuk beter voor babyboomers dan voor jongeren. Hervormingen zijn nodig om die toekomstbestendig te maken. Ook klimaatverandering vraagt om voortdurende aandacht en actie. Op de dreiging van oorlog hebben we zelf maar beperkt invloed, maar dat betekent niet dat we de zorgen daarover terzijde kunnen schuiven. En ook de opkomst van AI vraagt om antwoorden, vooral als het gaat om de toekomst van de arbeidsmarkt.
Juist dat laatste onderwerp kan ook de sleutel vormen tot een toekomst die er veel zonniger uitziet dan we nu denken. Want laten we wel wezen: de ontevredenheid onder jongeren is vooral een westers fenomeen. In bijvoorbeeld Azië heerst meer optimisme, ook over de komst van AI. En daar is reden toe. We staan mogelijk aan de vooravond van een technologische revolutie die de industriële revolutie zal doen verbleken.
De kans bestaat dat deze technologie niet alleen oplossingen biedt voor klimaatverandering, maar ons leven ook op tal van andere terreinen verbetert. Net zoals eerdere technologische revoluties dat hebben gedaan. Wat nu vooral als bedreiging wordt gezien, kan straks juist nieuwe mogelijkheden scheppen.
Misschien staan we wel op de drempel van een prachtige toekomst, zonder dat we dat zelf beseffen. Maar voorlopig is het nog even doorbijten. Laten we de zorgen die Gen Z op straat uit serieus nemen, zonder het vertrouwen in de toekomst te verliezen. Jongeren verdienen niet alleen antwoorden op hun problemen, maar ook perspectief.
Want dat is wat Gen Z nu zo hard nodig heeft: het vooruitgangsoptimisme dat eerdere generaties heeft geholpen om de toekomst met vertrouwen tegemoet te zien. De geschiedenis laat zien dat de wereld, ondanks alle tegenslagen, op veel terreinen vooruitgaat. Waarom zou dat voor deze generatie anders moeten zijn?
Dat is de boodschap die we jongeren moeten blijven meegeven: een betere toekomst is mogelijk. Ook voor Gen Z.
Suriname heeft dit weekend 63 christelijke mennonieten het land uitgezet vanwege illegale ontbossing en het ontbreken van geldige verblijfsvergunningen, zo bericht NOS. Deze gelovigen verbleven sinds 2024 in het Zuid-Amerikaanse land en wilden grootschalige landbouwprojecten ontwikkelen in het binnenland.
De uitzetting volgt op een langdurig juridisch conflict tussen de mennonieten en de Surinaamse autoriteiten. Omdat de mennonieten zich niets aantrokken van waarschuwingen van de overheid, organiseerden politie en leger eind oktober een missie naar het afgelegen Masonia-gebied. De 63 mennonieten bleken gevlucht naar een andere locatie. Na een zoekactie vonden politie en leger hen echter alsnog. De mennonieten zijn het land uitgezet. Hun pogingen om via de rechter deportatie te voorkomen zijn mislukt.
De mennonieten vormen een conservatieve geloofsgemeenschap binnen de doopsgezinde traditie. Hun oorsprong ligt bij de zestiende-eeuwse hervormer Menno Simons uit Friesland. Door de eeuwen heen vestigden mennonieten zich in verschillende landen in Latijns-Amerika, waar zij onder meer grootschalige landbouw bedrijven.
Hun aanwezigheid in Suriname leidde tot veel kritiek van milieuorganisaties, inheemse groepen en de zogenoemde marrongemeenschappen (afstammelingen van slaafgemaakten die in de zeventiende en achttiende eeuw het oerwoud waren ingevlucht). Al deze groepen vrezen dat grootschalige landbouw ten koste gaat van het Amazonewoud en de traditionele leefgebieden van mensen. Ook internationale organisaties wijzen op de rol van mennonietenkolonies bij ontbossing in delen van Latijns-Amerika.
De regering van president Jennifer Simons heeft aangekondigd harder op te treden tegen illegale houtkap. Volgens de autoriteiten is landbouwontwikkeling mogelijk zonder tropisch regenwoud op te offeren. Ondanks de uitzetting verblijven naar schatting nog altijd honderden mennonieten in Suriname.
Buiten lijdt de wereld onder de grillen van gestoorde wereldleiders. Binnen zit ik op deze vroege ochtend met dokter Joop. De ochtenddienst op de huisartsenpost moet nog beginnen.
Al nippend aan zijn bakkie troost vertelt oudgediende dokter Joop dat hij lange tijd in een gezondheidscentrum heeft gewerkt. De zorg leed er onder het moderne arbeidsethos. Dokter Joop was de enige die er vast werkte. De andere artsen waren allemaal tijdelijke waarnemers. Ze kwamen en gingen weer. Ook het ondersteunend personeel was geen team te noemen. De ene na de andere doktersassistente kwam en vertrok. Dokter Joop was het enige geheugen van het centrum. Er was geen back-up.
Ik was ook wel eens in dat centrum geweest. Het was mooie nieuwbouw. Het had een binnentuin. Het gebouw was als een cirkel, maar dan bijna vierkant. In de gang kon je volgens dokter Joop joggen. Ik had mij die ene keer vol bewondering aan die gang vergaapt.
Het gezondheidscentrum is failliet gegaan. De kosten van alle flexwerkers hadden de organisatie de nek omgedraaid. Dokter Joop deed als laatste het licht uit, trok de deur achter zich dicht en ging met pensioen.
Onervaren en instabiele teams zorgen voor de zwaarste categorie patiënten
Wat doet een fitte dokter als hij met pensioen gaat? Hij blijft doorwerken. Op deze vroege ochtend was ik dus in gesprek met het zorggeheugen van deze stad. Hij vertelde dat dakloosheid van weleer was gestopt doordat de dakloze heroïneverslaafden via allerlei projecten zorg en opvang hadden gekregen. Toen er geen daklozen meer waren, stopten de projecten.
De stad is weer volgelopen met nieuwe daklozen. Nu zijn het vooral arbeidsmigranten die werk en woning zijn kwijtgeraakt. Nu zijn het geen heroïneverslaafden. Nu zijn het drank- en crackverslaafden. Maar de problematiek is hetzelfde.
Dokter Joop vertelde dat hij ook bij een grote GGZ-instelling werkt. Wat hij destijds in het gezondheidscentrum zag, ziet hij nu in de GGZ. Onervaren en instabiele teams zorgen voor de zwaarste categorie patiënten, zoals mensen die herhaaldelijk in psychosen belanden of bipolaire ontregelingen hebben.
Dokter Joop dronk een laatste slok van zijn bakkie, stond op en begon aan zijn dienst.
Bulgarije krijgt voor het eerst een gekozen vrouwelijke president, zo bericht de NOS. Volgens de exitpolls heeft Iliana Jotova tussen de 56 en 58 procent van de stemmen behaald.
Haar pro-Europese tegenstander Andrej Gjoerov bleef steken op 38 tot 40 procent en feliciteerde haar direct met de overwinning. De officiële uitslag wordt na het tellen van alle stemmen verwacht.
Jotova was eerder vicepresident en vervult momenteel het interim-presidentschap. De functie in Bulgarije is grotendeels ceremonieel. Desalniettemin geldt haar overwinning als een belangrijke politieke steun voor premier Roemen Radev. Beide politici staan namelijk kritisch tegenover de Bulgaarse financiële en militaire steun aan Oekraïne en pleiten voor betere betrekkingen met Rusland.
De Bulgaarse presidentsverkiezingen werden overschaduwd door onrust op de Zwarte Zee. De afgelopen weken vonden meerdere droneaanvallen plaats op schepen in en nabij Bulgaarse wateren. Hoewel nog onduidelijk is wie verantwoordelijk is verwezen diverse media met een beschuldigende vinger naar Rusland. De incidenten leidden tot internationale bezorgdheid over een mogelijke uitbreiding van de oorlog in Oekraïne.
Naar aanleiding van de aanvallen riep premier Radev de Russische ambassadeur op het matje en sprak hij met NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte. Bulgarije vroeg de NAVO-bondgenoten om extra militaire steun, om zo de veiligheid op zee beter te kunnen waarborgen. De zorgen over escalatie namen verder toe, nadat een Grieks containerschip als gevolg van een droneaanval zonk. Van een eerder getroffen schip worden nog altijd de opvarenden vermist.
Op 3 november gaan Amerikanen naar de stembus voor de zogenoemde midterms. Tijdens de campagne worden islamitische kandidaten echter hard aangevallen. Volgens de Arabische nieuwszender Al Jazeera zijn deze islamofobe aanvallen genormaliseerd, in het Amerika van Donald Trump.
Het racisme tegen islamitische politici komt voornamelijk vanuit de Republikeinse hoek. Het belangrijkste doelwit is de Democraat Abdul El-Sayed, die dingt naar een senaatszetel namens de staat Michigan.
Zo schreeuwt de extreemrechtse activist Jake Lang bij een verkiezingsrally van de Democratische partij, gehuld in een kogelwerend vest, rabiate anti-islamitische taal. Zijn kompanen zijn in kruisvaarderskostuums gekomen en steunen Mike Rogers, de Republikeinse senaatskandidaat in Michigan. ‘Oprotten, moslims’, roept Lang. ‘De kruistocht komt eraan, deporteer jezelf.’ Mensenrechtenactivisten maken zich grote zorgen over de moslimhaat, die volgens hen is genormaliseerd. Ook de Amerikaanse president Donald Trump maakt zich schuldig aan islamofobie en noemde Abdul El-Sayed vorige week nog een jihadist.
Michigan is niet de enige staat waar islamofobe leuzen klinken tijdens de midterms. De burgemeester van Dearborn (Detroit), Abdullah Hammoud, was getuige van een anti-moslimmars in zijn stad. ‘Het grote publiek is zich er niet van bewust hoeveel bedreigingen er dagelijks op de stad Dearborn worden afgevuurd via sociale media’, zegt hij tegen Al Jazeera. Ook vallen racisten het callcenter van de gemeente lastig met scheldkanonnades.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.