18.5 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 2

Rapport: kinderen in de noodopvang verwaarloosd

0

Uit het maandag verschenen rapport ‘Kinderen in nood’ blijkt dat de noodopvang op veel punten onveilig is voor kinderen. Zo verblijven zij volgens de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in kamers zonder voldoende privacy, met het risico op aanranding door medebewoners, zo bericht NRC.

Daarnaast kunnen kinderen langdurig niet naar school gaan zonder dat dit wordt opgemerkt, terwijl sommigen wel tien keer in korte tijd moeten verhuizen. De OVV spreekt van ‘structurele verwaarlozing’ en stelt dat de verantwoordelijke minister moet ingrijpen. Er is immers sprake van een noodsituatie in de noodopvang.

Uit een eerste reactie van minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink (CDA) blijkt dat hij niet kan garanderen dat de situatie binnen zes maanden verbetert, zoals de OVV dringend adviseert. Volgens de minister is hij daarvoor afhankelijk van gemeenten, die voldoende goede opvangplekken moeten realiseren. Wel zegt hij de onveiligste plekken snel in kaart te willen brengen en die situaties aan te pakken.

Vredesactivisten: ‘Russische dreiging gebruikt om van Europa oorlogsmacht te maken’

0

De organisatoren van de vredesdemonstratie ‘Stop de oorlogskoorts’, die zondag in Amsterdam wordt gehouden, pleiten voor ‘een derde weg van vrede’ in Oekraïne. Op sociale media worden ze vaak weggezet als antiwesterse Poetin-gekkies. Maar klopt dat beeld wel?

Het Nationaal Vredesprotest ‘Stop de oorlogskoorts’ krijgt veel aandacht op sociale media. Twee weken geleden ging de organisatie van start met de fotocampagne ‘Ik kies voor vrede’, waaraan ook Tweede Kamerleden zoals SP-leider Jimmy Dijk meededen. Hij werd daarop op sociale media afgefakkeld als Poetinist, iets wat vredesactivisten vaker overkomt. Reden voor een aantal vragen aan de organisatie.

Zijn vredesactivisten ‘naïeve Poetinverstehers’, zoals ze vaak worden afgeschilderd, of juist de laatste spartelende krachten van de westerse beschaving?

‘Militaristen en oorlogspartijen doen graag alsof iedere kritiek op de militarisering van Nederland gelijkstaat aan steun voor Poetin. Dat is een bewuste valse tegenstelling: wie iedere scepticus tot ‘Poetinversteher’ verklaart, hoeft niet te antwoorden op de legitieme kritiek op hun plannen om Nederland om te bouwen tot een oorlogseconomie, op de escalerende Europese oorlogspolitiek en op de aanstaande opkomstplicht.

Niets mag hun grote militariseringsproject in de weg staan, dus wordt iedere tegenstander vakkundig in de hoek van de vijand gedrukt. Maar werkelijk naïef en gevaarlijk is juist het koppige geloof dat meer wapens, meer dreiging en meer oorlogsvoorbereiding uiteindelijk vanzelf wel vrede zullen brengen.’

Waarom zijn vredesactivisten tegen geweld, terwijl de Russische agressie in Oekraïne zo overduidelijk is?

‘Ons manifest is duidelijk: de Russische invasie van Oekraïne was een misdaad met gruwelijke gevolgen voor de Oekraïense bevolking. Wij zijn ook niet tegen zelfverdediging en evenmin uitsluitend pacifistisch.

Tegelijk is er na vierenhalf jaar bloedvergieten nog steeds geen geloofwaardig plan om de oorlog te beëindigen, terwijl Oekraïne demografisch, sociaal en economisch uiteen wordt gereten. Het is niet voor niets dat 66 procent van de Oekraïners inmiddels een zo snel mogelijk onderhandeld einde aan de oorlog wil. Die oorlogsmoeheid blijkt ook uit de enorme mobilisatieproblemen: begin 2026 sprak de Oekraïense minister van Defensie over bijna twee miljoen dienstplichtontduikers en circa 200.000 ongeoorloofd afwezige militairen.

‘Het is niet voor niets dat 66 procent van de Oekraïners inmiddels een zo snel mogelijk onderhandeld einde aan de oorlog wil’

Europese militaristen negeren die realiteit en eisen over de rug van Oekraïners dat de oorlog koste wat kost doorgaat. Waartoe? Waar is hun realistische vredesplan? Hoeveel Oekraïense levens mag hun strategie nog kosten?

Het beroep op geweldloosheid en mensenrechten is bovendien uiterst selectief. Dezelfde regeringen die Russische dreiging aangrijpen om Europa tot de tanden toe te bewapenen, bewapenen de genocide op de Palestijnse bevolking en steunen de illegale agressieoorlog tegen Iran. En die bewapening wordt gefaciliteerd door dezelfde bedrijven die al jarenlang het meest profiteren van die schendingen.

Laat ons dus die illusie wegnemen: achter hun militarisering schuilt geen consequente morele kern. Hun moralistische taal dient vooral om geopolitieke en economische belangen te verhullen.’

Waarom wordt de schuld van deze oorlog bij het Westen neergelegd?

‘Dat wordt het niet. Rusland had Oekraïne nooit mogen binnenvallen. Het Kremlin nam dat besluit en draagt daarvoor de verantwoordelijkheid.

Het is echter wel al decennialang bekend dat verdere militaire integratie van Oekraïne in de NAVO door Rusland zou worden opgevat als bedreiging en zou kunnen leiden tot conflict. Toch werd de integratie doorgezet, zonder het land daadwerkelijk NAVO-lidmaatschap en de bijbehorende bescherming te geven. Machthebbers plaatsten Oekraïne daarmee in een levensgevaarlijk geopolitiek niemandsland. Ondanks dringende waarschuwingen van experts, zelfs van de Amerikaanse ambassadeur in Moskou.

´Rusland had Oekraïne nooit mogen binnenvallen´

Dat benoemen is geen verdediging van Poetin en zijn illegale invasie, maar een aanklacht tegen de roekeloosheid van onze eigen machthebbers. Zij gokten met de veiligheid van een heel volk en presenteren de ramp die volgde nu als bewijs dat hun koers altijd al de juiste was.

Wie dat negeert en iedere analyse van de aanleidingen ‘Russische propaganda’ noemt, wil de oorlog helemaal niet begrijpen, maar vooral de eigen verantwoordelijkheid buiten beeld houden. Dat is een recept voor herhaling.’

Wat stellen vredesactivisten voor ten aanzien van het beleid tegenover Rusland?

‘Een duurzame politieke oplossing die het bloedvergieten beëindigt, moet de hoogste prioriteit krijgen. Rusland moet de oorlog staken. Oekraïne moet volwaardig aan tafel zitten en harde veiligheidsgaranties krijgen, met internationaal toezicht, afdwingbare afspraken en duidelijke consequenties bij een nieuwe aanval. Die garanties kunnen niet uitsluitend van NAVO-landen komen, maar moeten worden gedragen door een veel bredere groep landen, die een akkoord kan afdwingen en dragen.

Precies daar ligt onze kritiek op Europa en Nederland. Er moet vrede komen. Voor Oekraïners en voor de veiligheid van alle Europeanen. Daarom moet een internationaal gedragen vredesregeling, met garanties van zowel NAVO-landen als landen daarbuiten, met de grootst mogelijke urgentie worden onderzocht. In plaats daarvan krijgen juist toenemende bewapening, militaire escalaties en de oorlogsgereedheid van Europa voorrang, terwijl pogingen tot vrede buiten het kader van de Europese NAVO terzijde worden geschoven.

‘De militaire machtsopbouw gaat namelijk allang niet meer alleen over Oekraïne’

Europa moet dus kiezen: wil het werkelijk werken aan veiligheid en vrede voor Oekraïne, of wil het de oorlog gebruiken om zijn eigen geopolitieke positie verder uit te bouwen? Het antwoord van de militaristen daarop is duidelijk. De militaire machtsopbouw gaat namelijk allang niet meer alleen over Oekraïne. De Russische dreiging wordt gebruikt om van Europa een oorlogsmacht te maken die ook ver buiten het eigen continent offensief kan optreden.

De miljardenorders voor de wapenindustrie creëren bovendien een machtig economisch belang bij permanente militarisering en oorlog. Dat is waarom vrede door militaristen niet als oplossing wordt gezien, maar slechts als bedreiging voor hun koers. Daarom vertellen ze ons dat een bestand riskanter zou zijn dan een actieve oorlog tussen kernmachten.

Het is de absurde logica van het militarisme: oorlog wordt veiligheid en vrede wordt een bedreiging. Het Nationaal Vredesprotest is bedoeld om daar eindelijk eens iets tegenover te stellen, samen met iedereen die onze roep om vrede deelt.’

Lees verder:

Deze tijd vraagt om meer vredesjournalistiek

Nieuw meldpunt moet aanvallen op moskeeën in kaart brengen

0

Nederland heeft er een nieuw meldpunt bij: het Landelijk Meldpunt Voorvallen Islamitische Instellingen. Dit meldpunt moet islamofobe incidenten en aanslagen tegen moskeeën in kaart brengen, aldus de NOS.

Al decennialang vinden er gewelddadige incidenten tegen islamitische instellingen plaats in Nederland. Tot nu toe ontbrak een centraal landelijk orgaan dat deze voorvallen registreerde, wat een veelbesproken pijnpunt was onder Nederlandse moslims. Met de oprichting van dit meldpunt lijkt er eindelijk een stap richting de moslimgemeenschap te worden gezet. Volgens de NOS zal de instelling zorgen voor ‘een structureel beeld van de omvang van deze incidenten’.

Opvallend is dat alleen moskeebesturen online een melding kunnen doen bij het meldpunt. Deze beperking lijkt bedoeld om overbelasting te voorkomen en de focus strikt op islamitische instellingen te houden. Het is echter de vraag of alle moskeebesturen zullen deelnemen. Ingewijden wijzen erop dat de moskeekoepel K9, waar vooral Marokkaanse moskeeën bij zijn aangesloten, niet meedoet.

Binnen Marokkaanse en andere migrantenorganisaties heerst al langer onvrede over het ontbreken van een Nationaal Coördinator tegen Islamofobie, naar het voorbeeld van de Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding. Critici stellen dat een meldpunt dat zich enkel richt op fysieke incidenten bij instellingen onvoldoende is om het bredere maatschappelijke probleem van moslimdiscriminatie aan te pakken. Zij pleiten voor een bredere, structurele aanpak op overheidsniveau die ook de sociale en politieke dimensies van islamofobie adresseert.

Zonder de deelname van K9 dreigt het meldpunt bovendien eenzijdig te worden. Het initiatief wordt nu vooral gedragen door het CMO, waarbij met name moskeeën die gelieerd zijn aan de Turkse gemeenschap en de Turkse staat (Diyanet) zijn aangesloten.

Voormalige Trump-bondgenoot Tucker Carlson steunt linkse Democraat Abdul El-Sayed

0

Na het binnenhalen van de Democratische nominatie voor een Senaatszetel in de VS kreeg de radicaal-linkse socialist Abdul El-Sayed steun uit onverwachte hoek.

Tucker Carlson, Russofiel, conservatief commentator en voormalig steunpilaar van Donald Trump, verdedigde El-Sayed. De linkse Sayed lag onder vuur, nadat hij kritiek kreeg op zijn opmerkingen over de consequenties van 9/11, aldus USA Today.

Abdul El-Sayed is geboren en getogen in Michigan. Zijn ouders zijn Egyptisch. Enkele jaren terug wees hij in een podcast op de miljoenen slachtoffers die de War against Terror na 9/11 maakten. Deze uitspraken zijn weer actueel, nu hij de Democratische kandidaat is voor de Senaatszetel van Michigan. De Republikeinse kandidaat Mike Rogers omschreef de opmerkingen als ‘walgelijk’ en oordeelde dat Abdul El-Sayed ‘volledig ongeschikt is om de publieke zaak te dienen.’

Maar El-Sayed kreeg steun uit onverwachte hoek. De conservatieve commentator Carlson wees critici op het feit dat de opmerkingen van El-Sayed niet gezien moeten worden als lofprijzingen aan Al Qaida, maar dat de Amerikaanse reactie op 9/11 ‘niet passend’ was. In een podcast deed Carlson afstand van Rogers en zei dat hij ‘zelfs met het mes op de keel niet op Rogers zou stemmen.’

Vorige maand won El-Sayed de Democratische voorverkiezingen, waardoor hij de Democratische kandidaat is voor de Senaatsverkiezingen in Michigan. Volgens de NOS is die winst op zich al spraakmakend en een waarschuwing aan het adres van de top van de Democratische Partij, die al jaren worstelt met de vraag hoe de Democraten de Republikeinen kunnen verslaan. 

De partijtop voert een gematigde koers en staat nog steeds achter Israël. Een deel van het Democratische electoraat is heel kritisch over Israël en voelt zich daardoor ongehoord. De winst van El-Sayed, die zich zeer kritisch heeft uitgesproken over Israël, is mogelijk een teken dat de Democraten op links willen koersen.

Vorige maand versloeg de uitgesproken socialist Melat Kiros in een voorverkiezing van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een zittende Democratische afgevaardigde. Ook de verkiezing van Zohran Mamdani als burgemeester van New York heeft de socialistische flank van de partij momentum gegeven, schrijft de NOS.

Nederlandse jongeren stuk minder tolerant tegenover homoseksualiteit

0

De acceptatie van homoseksualiteit onder middelbare scholieren in Nederland is in vier jaar flink gedaald.

Uit onderzoek onder 11 tot 16-jarigen blijkt dat de acceptatie vooral onder jongens is gedaald. Terwijl in 2021 40.3 procent van hen positief dachten over homoseksualiteit, is dit aandeel gedaald naar 22,3 procent, schrijft Nu.nl. Onder meisjes is dit aandeel gedaald van 78,1 procent in 2021 naar 51,3 procent vier jaar later. 

De Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut ondervragen jongeren iedere vier jaar naar hun mentale gezondheid, middelengebruik en seksuele opvattingen. Dit jaar valt op dat de dalende acceptatie van homoseksualiteit de grootste verandering van de afgelopen vier jaar is, schrijft NRC

Volgens de krant is de tolerantie afgenomen tot ongeveer het niveau van 2009, toen jongeren voor het eerst vragen kregen over acceptatie van homoseksualiteit. 

Eén van de oorzaken van de afgenomen tolerantie is de toenemende invloed van de manosfeer, de online omgeving van blogs, podcasts, sociale media en websites waarin negatieve ideeën over onder meer vrouwen en homoseksuele personen worden gedeeld. de bekendste van deze influencers in de controversiële Andrew Tate. Volgens Nu.nl wordt de helft van de Nederlandse jongeren geconfronteerd met dergelijke content. 

Het feit dat meisjes, die positiever denken over homoseksualiteit, ook minder tolerant zijn geworden tegenover homoseksualiteit, wijst op andere mogelijke oorzaken. Onderzoekers wijzen op de ‘verruwing’ van het maatschappelijke debat rond seksuele identiteit, bijvoorbeeld kritiek op Paarse Vrijdag, regenboogvlaggen of seksuele vorming in het onderwijs. Ook worden jongeren geconfronteerd met de negatieve uitingen van politici over het thema, schrijft NRC.

Jongeren met een migratieachtergrond denken minder vaak positief over homoseksualiteit (31,3 procent) dan jongeren met alleen een Nederlandse afkomst (40,1 procent), maar dat is volgens de krant op zich geen nieuws. De tolerantie is onder alle groepen gedaald, onafhankelijk van opleidingsniveau, migratieachtergrond en welvaartsniveau.

SGP, BBB en NSC praten op radicaal congres over massamigratie, islam en woke. Mona Keijzer krijgt meeste applaus

0

De wetenschappelijke bureaus van SGP, BBB en NSC kwamen afgelopen zaterdag bijeen op het congres Cultuurdefensie. Ze spraken er over de ‘gevaren’ van massamigratie, islam, woke en de linkse elite. Een Duits-Nederlands NSC-lid pleitte voor meer ‘levensruimte’. Mona Keijzer zei te vrezen dat haar kleindochter straks een hoofddoek moet dragen. Druk was het niet.

In de Bergkerk in Amersfoort kwamen afgelopen zaterdag een paar honderd mensen samen voor het congres Cultuurdefensie. De bijeenkomst werd georganiseerd door de wetenschappelijke bureaus van SGP, BBB en NSC, aangevuld met de Stichting Democratische Vernieuwing van Andrea Speyerbach. Het was een merkwaardige combinatie: een partij die niet meer in de Tweede Kamer zit (NSC), een partij waarvan het wetenschappelijk bureau in conflict is met de partij zelf (BBB), en een stichting die de Nederlandse staat wil aanklagen vanwege het migratiebeleid, wat geframed wordt als ‘cultuurdefensie’.

De kerkelijke setting en de orgelmuziek gaven het congres een sacraal randje. Toch sprak dagvoorzitter Gouke Moes – voormalig BBB-minister van Onderwijs en tegenwoordig actief binnen de beweging Project2029 van Mona Keijzer – over een ‘volle zaal’. De werkelijkheid was minder indrukwekkend. Veel stoelen waren leeg.

Maar wat voor publiek komt eigenlijk op zo’n event af? Naast enkele journalisten – en natuurlijk was Chris Aalberts erbij – waren het vooral politieke gelukszoekers die hopen dat Mona Keijzer de nieuwe stemmentrekker wordt op rechts. Op de terugweg richting het station liep, sprak de verslaggever met een man van middelbare leeftijd die hoopt actief te kunnen worden voor Mona’s partij in wording.

Veel stoelen waren leeg

Officieel was het congres Cultuurdefensie een inhoudelijke conferentie over cultuur, democratie en rechtsstatelijkheid. In de praktijk was het vooral een radicaal-rechtse safe space, waar zorgen over migratie, islam, gender, feminisme, Europa en de linkse elite samenkwamen in een verhaal over culturele bedreiging en politieke machteloosheid. En waar Mona Keijzer zich nadrukkelijk profileerde als de nieuwe belofte van rechts.

Cultuur als eigendomsrecht

Centraal stond het idee van cultuurdefensie, het beschermen van de Nederlandse cultuur die onder druk zou staan door migratie en islam, internationale verdragen, de Europese Unie, gender en woke.

De term werd vooral ingevuld door Andrea Speyerbach, filosoof en oprichter van de Stichting Democratische Vernieuwing. Ze betoogde dat de Nederlandse staat de ‘meerderheidscultuur’ onvoldoende beschermt. Minderheden – zoals Roma, Joden en lhbti-groepen – hebben volgens haar terecht bescherming, maar de ‘meerderheid’ zou rechteloos zijn wanneer de leefomgeving verandert door migratie. Ze verwees naar dorpen als Loosdrecht en het Engelse Piddington, waar burgers ‘ontheemd’ zouden raken door de komst van asielzoekers. Artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat bescherming biedt tegen onrechtmatige inmenging in het privéleven, moet volgens haar ook gelden voor culturele veranderingen in de buurt.

Andrea Speyerbach. Beeld: YouTube/Blckbx

Het is een opmerkelijke redenering. Speyerbach ziet cultuur als een eigendomsrecht en migratie als onteigening. Ze wil daarom een rechtszaak tegen de Nederlandse staat voeren, omdat die ‘massamigratie’ zou faciliteren en daarmee de meerderheidscultuur zou schaden. Ze verpakte haar betoog in ingewikkelde filosofische redeneringen, maar de onderliggende ideologische boodschap was glashelder. Het ging om minder migratie, meer nationale soevereiniteit en bescherming van ‘gewortelde mensen’.

Het publiek reageerde enthousiast. Vooral wanneer Speyerbach sprak over boze burgers die zich niet gehoord voelen en over internationale verdragen, zoals het VN-Vluchtelingenverdrag, die de nationale democratie zouden ondermijnen. Haar boodschap sloot naadloos aan bij de bredere rechtse narratieven die de hele dag rondzongen: het idee dat Nederland wordt bedreigd door migratie, dat de linkse elite niet luistert en dat de meerderheid haar land dreigt kwijt te raken.

Filosofen tegen links waarheidsrelativisme

Naast Speyerbach spraken twee andere filosofen. De Leidse hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap Afshin Ellian waarschuwde voor ‘subjectivering van waarden’ en voor linkse demonstranten die de Dodenherdenking verstoorden. Ellian benadrukte dat cultuurverdediging niet gaat om folklore, maar om fundamentele waarden. Het draait om tolerantie, de scheiding van kerk en staat en vrijheid van meningsuiting. Hij verwees naar de Verlichting en belangrijke filosofen als Karl Popper en Jürgen Habermas en schetste een beschaving die kwetsbaar is en verdedigd moet worden.

De dreiging kwam alleen van de kant van de islam en van links

Opvallend was wat hij níét zei. Ellian sprak niet over de genocide in Gaza, niet over islamofobie of over de manier waarop radicaal-rechtse partijen zelf de democratische rechtsstaat onder druk zetten. Ellian sprak over universele waarden die onder druk staan, maar de dreiging kwam alleen van de kant van de islam en van links.

De Belgische emeritus hoogleraar Filip Buekens deed precies hetzelfde. Hij hekelde wat hij in navolging van de Nederlandse anti-communistische schrijver Karel van het Reve de Algemeen Vooruitstrevende Levensbeschouwing noemde. Van het Reve had begin jaren tachtig stevige kritiek op de vredesbeweging, die pleitte voor eenzijdige ontwapening en blind was voor de misdaden die in naam van het communisme werden gepleegd. Als communistische regimes toch de mensenrechten schonden – de Sovjet-luchtmacht die een Zuid-Koreaans passagiersvliegtuig neerschoot met honderden burgerdoden tot gevolg – gaven de zichzelf moreel superieur achtende pacifisten alsnog het Westen de schuld. Volgens Buekens ondermijnen radicaal-linkse activisten en wetenschappers de waarheid door hun marxistische intersectionele ideologie boven waarheidsvinding te plaatsen. Ook Buekens was selectief in zijn kritiek, want radicaal-rechts heeft ook geen boodschap aan de waarheid, denk aan al het nepnieuws dat Donald Trump, Elon Musk en Thierry Baudet promoten.

Meer ‘levensruimte’

De meest surrealistische bijdrage kwam van Sebastian Meyer, de directeur van het wetenschappelijk bureau van NSC, die met een zwaar Duits accent een zeer conservatief betoog hield. Dat NSC niet meer in de Tweede Kamer zit en de subsidie voor het wetenschappelijke bureau binnenkort zal ophouden, maakte allemaal niet uit, ook niet voor de zaal, die niet de gelegenheid kreeg om kritische vragen te stellen, maar kennelijk ook niet die behoefte voelde. Meyer pleitte voor een sociaal-conservatief alternatief voor het ‘liberale constitutionalisme’ en verwees bewonderend naar de Hongaarse ex-premier Viktor Orbán, die de christelijke cultuur in zijn land wilde beschermen tegen de zogenoemde genderideologie.

Volgens Meyer worden mensenrechten instrumenteel ingezet om traditionele waarden te ondermijnen. Europese rechters zouden te veel macht hebben, nationale soevereiniteit zou worden uitgehold en migratie zou de democratie bedreigen omdat autochtone burgers zich niet langer gehoord voelen. Hij steunde expliciet de rechtszaak van Speyerbach en pleitte, nog steeds met zijn zware Duitse accent, voor meer ‘levensruimte’ voor de meerderheid. De onbedoelde ironie hiervan ontging echter iedereen.

Dagvoorzitter Gouke Moes spreekt de zaal toe. Beeld: Ewout Klei

Mona Keijzer: de nieuwe ster van rechts

Het slotpanel bracht de verschillende lijnen van de dag samen. Op de stoelen zaten Mona Keijzer, Andrea Speyerbach, SGP-parlementariër Diederik van Dijk en Hidde Heutink van Groep Markuszower/DNA. Ze spraken over rechtse zorgen, rechtse oplossingen en rechtse identiteitsvorming.

Heutink ageerde tegen migranten die verantwoordelijk zouden zijn voor de woningcrisis, Van Dijk bereed zijn christelijke stokpaardjes en Speyerbach herhaalde haar verhaal over een meerderheid die zich verraden voelt door de staat. Mona Keijzer, die pas aan het einde van de middag naar de conferentie was gekomen, stal de show. Ze sprak over het ‘sensorisch erfgoed’ van het platteland en de geuren van de boerderij en sprak vol nostalgie over haar geboortedorp Volendam. Ze ageerde fel tegen de islam, tegen hoofddoeken en tegen het ‘linkse’ College voor de Rechten van de Mens. Ze gebruikte haar vrouwelijkheid om zich af te zetten tegen links en feminisme in het bijzonder en zei te vrezen dat haar kleindochter straks een hoofddoek zal moeten dragen als we onze cultuur niet verdedigen.

Ze ageerde fel tegen de islam, tegen hoofddoeken en tegen het ‘linkse’ College voor de Rechten van de Mens

Het was een mix van nostalgie, angst en rechtse ondergangsretoriek. De zaal smulde ervan. Keijzer kreeg veruit het meeste applaus. Voor velen was zij de reden om te komen. Ze is een nieuwe rechtse leider die zich presenteert als nuchter, vrouwelijk, volkser en natuurlijk keihard op migratie. Keijzer vertelde ook vol trots dat ze vier kinderen heeft en dat vrouwen wat haar betreft meer kinderen moeten krijgen om onze cultuur te verdedigen. Speyerbach, die ooit progressief begon, vertelde dat ze dankzij haar moederschap pas echt zelfvertrouwen kreeg en niet meer de linkse neuroot was die ze eerst was. De nuance moest komen van Diederik van Dijk, die als SGP’er vanzelfsprekend voor grote gezinnen is, maar het krijgen van kinderen niet als wapen wilde zien voor de grote cultuurstrijd tegen woke en de islam.

Het grote gelijk

Een prangende vraag werd niet beantwoord op het congres. Hoe juridisch kansrijk is de rechtszaak van Speyerbach eigenlijk? Hadden ze geen jurist kunnen uitnodigen die de zaak kritisch tegen het licht zou houden? Dat zou een echt inhoudelijk debat hebben opgeleverd. Maar daar hadden de organisatoren blijkbaar geen behoefte aan. Ze wilden een feestje van conservatieve zelfbevestiging. Dat het Congres Cultuurdefensie in een kerk plaatsvond, was dus heel symbolisch. Het grote gelijk moet boven twijfel verheven zijn.

Duitsland: linkse zege in Berlijn, AfD domineert in Mecklenburg‑Vorpommern

0

De deelstaatverkiezingen in Duitsland hebben geleid tot een opvallende politieke tweedeling tussen hoofdstad Berlijn en het noordoosten van het land.

In Berlijn kwam de radicaal-linkse partij Die Linke als grootste partij uit de bus, met de Turks-Duitse politica Elif Eralp als lijsttrekker. Volgens de Turkse websites Serbestiyet en Turkish Minute behaalde de partij ongeveer een kwart van de stemmen, waarmee zij de CDU ruim achter zich liet.

Eralp is een dochter van Turkse politieke vluchtelingen. Ze profileerde zich met een programma gericht op het beteugelen van de woningcrisis en het terugdringen van sociale ongelijkheid. Haar voorstel om grote vastgoedbedrijven te onteigenen blijft omstreden, maar haar overwinning maakt haar de belangrijkste kandidaat voor het bestuursburgemeesterschap.

Een coalitie met de sociaal-democratische SPD en Groenen lijkt noodzakelijk. Wel zijn er inhoudelijke verschillen tussen de drie linkse partijen, onder meer over veiligheidsbeleid en de omgang met Israëlkritiek binnen lokale afdelingen van Die Linke. De partij van Elif Eralp is nogal pro-Russisch.

In Mecklenburg‑Vorpommern tekent zich een heel ander beeld af. De extreemrechtse partij Alternative für Deutsland eindigde daar als grootste partij, met ruim 38 procent van de stemmen. De SPD volgde op korte afstand, terwijl de CDU onder de vijfprocentsdrempel zakte en daardoor uit het deelstaatparlement verdwijnt.

Bondskanselier Friedrich Merz erkende dat de uitslag een zware nederlaag vormt voor zijn CDU, die eerder al terrein verloor in Sachsen‑Anhalt. Hij wil aanblijven als kanselier, maar zegt wel werk te zullen maken van economische hervormingen.

AfD profiteerde vooral van onvrede over stijgende kosten en prijzen. De partij wist met name kiezers tussen 30 en 59 jaar te mobiliseren.

Vrede als verraad

0

Vrede. Wie wil het niet? We zouden het liefst allemaal met elkaar in vrede leven. De mensen die zich op dit moment in een oorlog bevinden al helemaal. De murw gebeukte bevolking van Oekraïne, die al ruim vier jaar zucht onder Russische agressie en oorlogsvoering, wil niets liever. Maar is het willen van vrede in Oekraïne op dit moment wel wat nodig is? Want wanneer de agressie van één kant komt, namelijk de Russische, dan kan het zijn dat het streven naar vrede niet zozeer een goede daad is, maar eerder een vorm van verraad.

Op 27 september vindt op de Dam het Nationaal Vredesprotest Stop de Oorlogskoorts plaats. Het is een initiatief van verschillende maatschappelijke organisaties, waaronder de Landelijke Studentenvakbond LSVb, dat gesteund wordt door sommige politieke partijen, met name door de SP. Het is vooral een links initiatief dat zich keert tegen de verhoogde defensie-uitgaven en de herbewapening, en tegen de bezuinigingen op sociale zekerheid die daar het gevolg van zijn.

Op zich allemaal punten waar je zeker over kunt discussiëren. Want inderdaad, de investeringen in defensie brengen bepaalde maatschappelijke kosten met zich mee. Debat daarover is goed en noodzakelijk. Dit initiatief had dus mooi kunnen zijn, ware het niet dat dit nobel lijkende streven naar vrede ook gepaard gaat met victim blaming, namelijk de oorlog in Oekraïne in de schoenen schuiven van Oekraïne, het willen appeasen van Rusland middels diplomatie – iets wat Rusland systematisch afhoudt – en een diepgewortelde afkeer van het zogeheten ‘imperialistische Westen’.

Want het probleem van Stop de Oorlogskoorts is dat het dezelfde fout maakt die de vredesbeweging in Nederland en Europa al decennialang maakt, namelijk het Westen portretteren als imperialistisch, fout en eenzijdig schuldig aan alle oorlogen en conflicten in de wereld. Hierdoor sluit men de ogen voor het feit dat ook niet-westerse landen als bijvoorbeeld Rusland en China, maar ook bijvoorbeeld Turkije of Iran, hun eigen vormen van imperialisme kennen. Maar imperialisme – volgens de ‘vredesbeweging’ – dat zijn wij, en niet de ander. Alleen wij zijn schuldig aan oorlog. Anderen zijn hoe dan ook slachtoffer.

Het Westen móét volgens hun ideologie wel fout zijn

Deze manier van redeneren leidt ertoe dat de op het eerste gezicht sympathiek lijkende vredesdemonstranten met een totaal verknipte blik kijken naar de oorlog in Oekraïne. Volgens hen is dit geen conflict waarbij de agressor Rusland uit imperialistische overwegingen het bestaan van Oekraïne probeert uit te wissen, maar een door westerse NAVO-agressie veroorzaakte oorlog waar Rusland het slachtoffer van is, waardoor het wel terug moest slaan naar Oekraïne.

Linkse pro-vredesdemonstranten zijn zo doordrongen van anti-westerse progressieve zelfhaat dat ze niet in staat zijn om in Oekraïne goed van fout te onderscheiden. Het Westen móét volgens hun ideologie wel fout zijn. En Russische agressie past simpelweg niet in dat narratief. Het gevolg is niet alleen dat het arme Oekraïne door de ‘vredesbeweging’ wordt opgeofferd, maar ook dat wij hier in de rest van Europa in het zogenaamde nobele streven naar vrede riskeren blootgesteld te worden aan de immer toenemende Russische agressie.

En hier is het waar het streven naar vrede een vorm van verraad wordt. De reden dat we ons nu zo aan het herbewapenen zijn, is niet omdat we oorlog willen. Decennialang werd er in Europa bezuinigd op vrede omdat we hoopten in een betere wereld te kunnen leven. De reden dat we nu weer opnieuw moeten investeren in defensie, is omdat we geconfronteerd worden met een ongekende Russische agressie en oorlogsdreiging, een nog grotere dan gedurende de Koude Oorlog. Onszelf opnieuw bewapenen is dan pure noodzaak om deze dreiging af te kunnen wenden.

Want wie de geschiedenis kent, weet dat het streven naar vrede door Poetin en Rusland gezien wordt als een teken van zwakte. En juist die zwakte kan verdere agressie uitlokken. Alleen op het moment dat we sterk genoeg zijn om die Russische dreiging te kunnen weerstaan, zijn we wellicht in staat om deze af te wenden. Herbewapenen is op dit moment dan ook pure noodzaak. Voor onze eigen veiligheid en om het aan systematische Russische agressie blootgestelde Oekraïne bij te staan. Laten we degenen die zich hiertegen keren bij de naam noemen. Het streven naar vrede is gewoon een ordinaire vorm van verraad.

In het najaar nemen mentale klachten toe

0

In de lage landen missen we twee dingen. Zon en bergen. Beiden zoeken we traditioneel in de zomermaanden op. Deze zomer kwam de zon wel zelf naar ons toe. De onverwachte gast bleef wekenlang hangen. Het kwik tikte geregeld bijna 40 graden. Als dit zich blijft herhalen hoeven we in volgende zomers ons niet te verroeren om de zon te ontmoeten. Dan blijven de bergen over. Zolang bergen nog niet lopen moeten we ze zelf opzoeken.

De scholen zijn weer begonnen. Iedereen is weer aan het werk. Eigenlijk begint het jaar in september. Nieuwjaar zouden we naar 1 september kunnen verschuiven.

Jaargetijden hebben een grote invloed op het spreekuur van de dokter. We staan er nog niet bij stil. Maar het is zo najaar. Het weer wordt grauw. De dagen kort. Dan zien we mensen met mentale klachten de spreekkamer binnendruppelen. Ook pijnklachten nemen weer toe.

Psychologen moeten overuren draaien om iedereen te kunnen helpen. Zelf ben ik zuinig op medicijnen. Vaak zorgen pillen voor meer ellende dan dat ze echt iets helends opleveren.

Wij lopen hier rond alsof we de last van de hele aarde op onze rug dragen

Volgens brancheorganisatie GGZ Nederland zijn er meer dan 1 miljoen mensen met mentale klachten. En volgens een ander rekensommetje stellen ze dat het er nog veel meer mensen zijn.

In zonnige landen zie je duidelijk dat mensen in veel slechtere economische omstandigheden toch vrolijk kijken. Wij lopen hier rond alsof we de last van de hele aarde op onze rug dragen.

Zolang we niet emigreren moeten we ermee dealen. Dit is het. Het weer wordt grauw. De dagen kort. Ellenlange nachten komen eraan.

Als oud-arbo-arts en al wat jaren huisarts geloof ik in preventie van seizoengebonden mentale klachten en pijnklachten. Werken en school zijn belangrijk. Onderhouden van goede relaties met gesprekken waarin je tijd voor elkaar neemt zijn als zuurstof. Sporten geeft een boost aan endorfine. Daar word je vrolijk van.

En als we nu beginnen met sparen kunnen we de zon en bergen weer een keer opzoeken.

Volgens filosoof Helmuth Plessner hoeven we het niet eens te zijn

0

Filosoof Plessner maakte zich zorgen om de opkomst van extreemrechts en -links tijdens de Weimarrepubliek. ‘Hij zag de polarisatie als groot gevaar’, zegt kenner Julien Kloeg.

Filosoof Helmuth Plessner (1892-1985) is bij het grote publiek een onbekende naam. Dat komt, denkt kenner Julien Kloeg, doordat de Tweede Wereldoorlog zijn carrière brak. Na de machtsovername van de nazi’s vluchtte de Duitse filosoof, die een Joodse vader had, in 1934 naar Nederland.

Na een onderduikperiode tijdens de oorlog werd Plessner hoogleraar in Groningen. In de jaren vijftig keerde hij terug naar Duitsland en hielp hij bij de denazificatie van de academische wereld. Bovendien was Plessner achter de schermen druk met het opzetten van een nieuw filosofisch instituut. Zijn belangrijkste werken verschenen al ver daarvoor, in de jaren twintig en dertig, ten tijde van de Weimarrepubliek.

Kloeg, filosoof aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam, is co-auteur van de inleiding bij de onlangs verschenen vertaling van Macht en menselijke natuur (1931).

De Weimarrepubliek, wat was dat voor periode?

‘Een tijd van grote politieke en economische onrust, en van culturele bloei. De Weimarrepubliek ontstond in 1919, na de Eerste Wereldoorlog. Duitsland was nog maar net een democratie, met actief en passief kiesrecht voor vrouwen, referenda en grondrechten voor alle Duitsers.

De keuze voor Weimar als oprichtingsplaats was niet toevallig. De stad was verbonden met grote namen als Bach, Goethe en Schiller. Ook elders in Duitsland bloeide de cultuur, met moderne schilderkunst, het Bauhaus, vernieuwende muziek, cabaret en film. Vooral in Berlijn werd volop geëxperimenteerd.

‘Op het dieptepunt kostte één Amerikaanse dollar een biljoen Duitse mark’

Politiek was het een ander verhaal. Al in 1920 verloor de coalitie van drie grote middenpartijen de absolute meerderheid. Daar kwamen grote economische problemen bovenop. Duitsland moest vanwege het Verdrag van Versailles enorme herstelbetalingen doen en kreeg te maken met hyperinflatie. Op het dieptepunt kostte één Amerikaanse dollar een biljoen Duitse mark. Zelfs Plessner, die uit een gegoede familie kwam, kon zich nog maar twee warme maaltijden per week veroorloven. Verder leefde hij op leverworst en cacao. Tegen deze achtergrond kwamen extreemlinks en extreemrechts steeds scherper tegenover elkaar te staan.’

Hoe zag die polarisatie eruit?

‘Aan de linkerkant waren er communistische revolutionairen die met couppogingen de maatschappij omver wilden werpen. Aan de rechterkant stonden de nationaalsocialisten, die ook tegen het bestaande politieke systeem waren. Zij deden onder leiding van Hitler in 1923 een couppoging. In 1922 vermoordden extreemrechtse officieren de Joodse minister van Buitenlandse Zaken Walther Rathenau.

Bij de communisten kwam hun overtuiging voort uit een visie op de geschiedenis en de klassenstrijd, bij de nationaalsocialisten uit hun ideeën over volk en ras. Beide bewegingen wilden niet binnen de democratie met anderen onderhandelen en compromissen sluiten. Plessner zag dit als een groot gevaar.’

Wat bedoelt hij met Gemeinschaft?

Gemeinschaft, gemeenschap, is een hechte groep mensen die zich sterk met elkaar verbonden voelt en dezelfde waarden en overtuigingen deelt, zoals een gezin of een kerk. Zo’n gemeenschap biedt geborgenheid en draagt tradities over. Maar het wordt gevaarlijk als je de gemeenschap als ideaal voor de hele samenleving neemt. Gemeenschapsdenken kan dan al snel tot radicalisering leiden.

Een fascist kan bijvoorbeeld denken dat uitsluitend mensen met dezelfde afkomst en opvoeding zijn waarden delen. De samenleving moet dan rond die groep en die waarden worden ingericht. Wie daar niet bij past, valt af en wordt buitengesloten.

Volgens Plessner moeten er daarom duidelijke grenzen worden gesteld aan de macht van de gemeenschap. En hij stelt er een ander begrip tegenover: Gesellschaft, maatschappij.’

Wat bedoelt hij daarmee?

‘Hij vindt dat er een midden moet zijn. Niet een politiek midden tussen links en rechts, maar een gedeelde ruimte waarin mensen met verschillende opvattingen in gesprek kunnen.

Ook politiek vindt plaats in de Gesellschaft. Je kunt van een parlement zeggen dat alles er draait om regels en procedures en dat politici afstandelijk zijn. Maar dat is juist de kracht: ze voorkomen dat één groep zomaar de eigen waarheid aan de rest kan opleggen. Het spelen van een rol hoort daar ook bij. Een politicus hoeft niet voortdurend zijn persoonlijke gevoelens en overtuigingen te laten zien.’

Plessner hield zich ook bezig met de begrippen ‘vriend en vijand’.

‘Dat is een discussie die echt bij die tijd hoort. Het onderscheid komt van Carl Schmitt, die behalve als jurist ook bekend is als verdediger van het nazi-regime.

Voor Schmitt, maar ook voor Plessner, bestaat er geen ideale wereld waarin we allemaal met elkaar kunnen opschieten. Verschillen en conflicten horen bij de politiek. Voor Schmitt was het eenvoudig: vrienden zijn ons soort mensen, vijanden zijn de anderen. Plessner dacht daar anders over. De ander staat, ook als die vreemd of zelfs vijandig is, nooit helemaal los van ons. We kunnen iets van onszelf in de ander herkennen en andersom.

Je kunt niet zomaar zeggen: ik weet precies wie bij “ons” hoort, wie “echt Duits” is en wie niet. Want ook de identiteit van een mens ligt volgens Plessner niet vast. Ben ik bijvoorbeeld een echte Nederlander? Op een bepaalde manier wel: ik heb een Nederlands paspoort. Maar ik voel me ook verbonden met Duitstalige filosofen. Misschien heb ik een ander land waar ik graag naartoe ga. En andere mensen geven weer op een heel andere manier invulling aan wat het betekent om Nederlander te zijn.

‘Je moet steeds zelf invulling geven aan wie en wat je bent’

Als je zegt dat een echte Nederlander iemand is wiens familie hier al generaties woont en alleen Nederlandse genen heeft, dan ga je uit van een rigide beeld van Nederlanderschap. En uiteindelijk ook van de mens: je neemt aan dat iemand vanzelfsprekend tot de ene of de andere groep behoort.

Plessner zegt juist dat de mens altijd een open vraag is. Je moet steeds zelf invulling geven aan wie en wat je bent. Dat geldt ook voor wie wij zijn als maatschappij. Daar bestaat geen vaststaand antwoord op. Daar moeten we met al onze verschillen steeds weer samen vorm aan geven.’

Lijkt onze tijd op die van de Weimarrepubliek?

Ik denk dat veel mensen dat zo voelen. Ik zelf ook. De vraag is vooral of er nog een gedeelde publieke ruimte bestaat die we met z’n allen bewonen. Of leven we steeds meer in hechte groepen van mensen die ongeveer hetzelfde denken en elkaar goed begrijpen, maar nauwelijks nog contact hebben met mensen buiten hun eigen kring?

Wat Plessner zegt is: we hoeven het niet met elkaar eens te zijn. Het gaat erom dat we afstand doen van het idee dat wij als enigen de waarheid bezitten. Alleen dan kunnen we ruimte laten voor andere opvattingen en verdragen dat mensen fundamenteel anders denken dan wij.’

Macht en menselijke natuur, Helmuth Plessner, Boom, 224 blz., € 24,90