5.4 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 2

Kanttekening-panellid Ahmed Abdillahi verkozen in wijkraad Afrikaanderwijk

0

Marathonloper en Kanttekening-panellid Ahmed Abdillahi, bekend van zijn actie vorig jaar om in één jaar 25 marathons te lopen tegen armoede, is verkozen in de wijkraad van de Afrikaanderwijk in Rotterdam-Zuid. Naar alle waarschijnlijkheid is ook Kanttekening-panellid Ruben Arnhem weer verkozen in dezelfde wijkraad.

Vier jaar geleden greep Ahmed nog net naast een zetel, maar dit keer kreeg hij zelfs de meeste stemmen in een wijk waar Denk traditioneel veel stemmen krijgt. Voor Abdillahi (GroenLinks-PvdA) voelt de uitslag als een bekroning van jarenlange inzet. ‘De aanhouder wint’, zegt hij tegen AD Rotterdam. Adbillahi wil graag bewoners meer betrekken bij beslissingen in de wijk.

Ook Ruben Arnhem is, naar alle waarschijnlijkheid, weer verkozen voor de wijkraad van de Afrikaanderwijk, zo laat hij de Kanttekening weten. Volgens een voorlopige uitslag heeft Arnhem 172 stemmen gehaald en is hij daarmee het zesde en laatste lid dat in de wijkraad verkozen is. Arnhem was kandidaat voor de VVD, maar vertelde de christelijke website Revive dat hij ook lid is van de christelijke SGP.

De wijkraadsverkiezingen leverden in heel Rotterdam opvallende uitslagen op. In meerdere wijken behaalden Leefbaar Rotterdam-kandidaten overtuigende meerderheden, zoals Gerben Vreugdenhil in Lage Land-Prinsenland en Marcel Verhoef in IJsselmonde. Ook schrijver Ernest van der Kwast, bekend van het boek Mama Tandoori, lijkt met ruim vijfhonderd stemmen een plek te bemachtigen in de wijkraad van Kralingen.

Denk bleef sterk in wijken als Feijenoord, Bloemhof en Hillesluis. In Bloemhof kreeg kandidaat Tuncay Tekin zelfs bijna een derde van alle stemmen.

Op sommige stembureaus bleek dat kiezers weinig informatie hadden over de kandidaten. In de Tarwewijk deed zich bovendien een incident voor: een zogenaamd slechtziende kiezer werd ‘begeleid’ door iemand die later zelf kandidaat bleek te zijn — en inmiddels genoeg stemmen heeft gehaald voor een zetel.

Tulpen, koffie en de Mezquita: waarom Europa islamitischer is dan we denken

0

In Erfgoed van Europa stelt Elizabeth Drayson dat de islamitische cultuur diep verankerd is in de Europese geschiedenis. Maar heeft de islam Europa ook ‘gesmeed’?

Volgens het invloedrijke boek The Clash of civilizations and the remaking of world order van Samuel Huntington zijn de islamitische wereld en het christelijke Westen totaal verschillende beschavingen, die regelmatig botsen. Maar zijn de tegenstellingen tussen het Westen en de islam wel zo absoluut? Emeritus-hoogleraar Spaanse letterkunde aan Cambridge Elizabeth Drayson meent van niet. In haar boek Erfgoed van Europa (oorspronkelijk verschenen onder de titel Crucible of light) wil ze de belangrijke plek die de islamitische cultuur innam en nu weer inneemt in de Europese geschiedenis herstellen. Want zonder de islamitische cultuur rekenden we nog steeds met Romeinse cijfers, dronken we geen koffie, was de tulp niet de nationale bloem van Nederland geworden en was veel werk van Griekse filosofen voorgoed verloren gegaan.

Omajjaden

Omslag boek. Beeld: Het Spectrum

Het is een dikke pil, van maar liefst 639 pagina’s. Drayson is een echte verteller. Zo lezen we over de Romeins-Perzische Oorlogen die begin zevende eeuw de stormachtige opkomst van de islam mede mogelijk maakten, het leven van de profeet Mohammed, de Omajjadendynastie die in Andalusië een alternatief kalifaat stichtte, de Spaanse ridder El Cid, de islamitische verovering van Sicilië, de kruistochten, de opkomst van de Ottomanen en de val van Constantinopel, het beleg van Wenen van 1683, Napoleons expeditie naar Egypte in 1798, het negentiende-eeuwse oriëntalisme, de Circassische genocide (in de jaren 1860 in Rusland), de oprichting van de seculiere staat Turkije in 1923 en de opdeling van Cyprus in 1974.

Ook waren er Europeanen met bewondering voor de islamitische cultuur, zoals de Duitse keizer Frederik II

Het is niet alleen maar vrede, waarover Drayson schrijft. Europese staten kwamen regelmatig met islamitische in conflict. Maar het ligt genuanceerder dan de Huntingtons van deze wereld ons doen geloven. Zo sloten de islamitische machthebbers in Cordoba een alliantie met het Byzantijnse Rijk, om de Frankische invloed tegen te gaan en werkten Frankrijk en de Nederlandse Republiek samen met het Ottomaanse Rijk tegen de Spaanse Habsburgers. Ook waren er Europeanen met bewondering voor de islamitische cultuur, zoals de Duitse keizer Frederik II die vloeiend Arabisch sprak en de eerder genoemde El Cid. Andersom zag de Ottomaanse sultan Mehmet II zichzelf na de verovering van Constantinopel als de legitieme opvolger van de Romeinse keizers en had hij een enorme bewondering voor Alexander de Grote, die volgens veel moslimgeleerden trouwens ook in de Koran voorkomt als Dhul-Qarnayn (‘De Tweehoornige’) in Soera De Spelonk (Al-Kahf 83-99).

Omissies

Ondanks de lengte is de pil van Drayson niet het antwoord op al je vragen over het onderwerp. Zo lezen we helaas niets over de geuzen, die met de leuze ‘Liever Turks dan Paaps’ Leiden bevrijdden van de Spanjaarden. Ook de roman Lettres Persanes van Montesquieu, het toneelstuk Nathan der Weise van Gotthold Ephraim Lessing en last but not least Wolfgang Amadeus Mozarts Turkse opera Die Entführung aus dem Serail ontbreken. Het boek focust zich op Andalusië en Zuidoost-Europa. Dit ligt voor de hand, omdat Spanje acht eeuwen lang – deels – in handen van de Moren was en Zuidoost-Europa van de veertiende tot begin twintigste eeuw bezet was door de Ottomanen. Toch missen we hierdoor enkele relevante verhalen die heel goed in haar boek zouden hebben gepast.
De ondertitel van Draysons boek is ‘hoe de islam onze geschiedenis smeedde’, ‘forging’ in het Engels. Deze claim is eigenlijk te groot om waar te maken en Drayson slaagt er dan ook niet in om ons hiervan te overtuigen. Hoewel de islam natuurlijk van invloed was op de geschiedenis van Europa hebben ook tal van andere ideeën dit werelddeel gevormd. De these van Huntington is onhoudbaar, maar deze these ook.

Niettemin is dit boek, gezien de rijkdom aan verhalen, een must voor iedereen die meer wil weten over islamitisch cultureel erfgoed in Europa, met name op het gebied van architectuur. Veel aandacht besteed Drayson – terecht – aan de Mezquita in Córdoba, die vele eeuwen de op een na grootste moskee ter wereld was. De Mezquita is een unieke blend van Romeinse architectuur (de zuilen) en Arabisch-islamitisch vakmanschap. Helaas is het gebouw na de Reconquista, herovering, van Spanje onherstelbaar verminkt door de katholieke kerk, die de moskee in een kerk veranderd heeft. Zelfs de zeer katholieke keizer Karel V vond deze architectonische transitie maar niets: ‘Jullie hebben iets wat uniek was in de wereld tot iets alledaags gemaakt.’

N.a.v.: Elizabeth Drayson, Erfgoed van Europa. Hoe de islam onze geschiedenis smeedde (Amsterdam Het Spectrum 2026). 9789000386260. 639 pagina’s.

Ministerie van Sociale Zaken wil onderzoek naar antisemitisme ‘per afkomstgroep’, moslims vrezen stereotypering

0

Het ministerie van Sociale Zaken heeft een tender (aanbesteding) openstaan voor onderzoek naar antisemitisme onder Nederlandse jongeren, waarbij expliciet wordt verwezen naar een omstreden onderzoek van het Verwey-Jonkerinstituut uit 2015 naar antisemitisme per afkomstgroep. Nederlandse moslims zijn bang weer te worden gestereotypeerd als antisemitisch. 

Gegevens over afkomst vallen onder bijzondere persoonsgegevens. Het verzamelen daarvan kan botsen met privacywetgeving. Bovendien ligt stereotypering van groepen op de loer, vooral van moslims.

Onderzoeksbureaus kunnen zich nog twee dagen inschrijven op de tender. ‘Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, directie Samenleving en Integratie, heeft behoefte aan nieuw onderzoek naar de prevalentie van antisemitische vooroordelen in de Nederlandse samenleving en naar de (trigger)factoren die van invloed zijn op het ontstaan en het daadwerkelijk uiten van deze vooroordelen’, staat op de website Tenderned.nl. ‘Met dit onderzoek wil de Opdrachtgever de inzichten uit eerder onderzoek (uit 2015) naar “Antisemitisme onder jongeren in Nederland, oorzaken en triggerfactoren” (Bijlage A), actualiseren en verbreden.’

De verwijzing naar het omstreden onderzoek van het Verwey-Jonkerinstituut is opvallend. Uit dat onderzoek bleek dat jongeren duidelijk negatieve gevoelens hebben over Joden in Nederland en dat het percentage het hoogst ligt onder moslimjongeren: 12 procent.

Maar het onderzoek concludeerde ook iets anders:

‘Een klein percentage van de christelijke en niet-gelovige jongeren denkt niet zo positief over Joden in Nederland; onder islamitische jongeren is dit aantal iets hoger. Christelijke en niet-gelovige jongeren denken veel vaker niet zo positief over Antillianen, Surinamers, Marokkanen, Turken en in het algemeen moslims dan over Joden in Nederland. We zien verder dat christelijke en niet-gelovige jongeren veel vaker niet zo positief denken over Antillianen, Surinamers, Marokkanen, Turken en in het algemeen moslims dan islamitische jongeren denken over Joden in Nederland. Tegelijkertijd constateren we dat aanzienlijk meer jongeren, in het bijzonder islamitische jongeren, niet zo positief denken over Joden in Israël, over de staat Israël en over zionisten.’

Kennelijk heeft het ministerie van Sociale Zaken nu geen behoefte om verder onderzoek te doen naar islamofobie en dat nader te specificeren per afkomstgroep.

In 2015 verscheen bovendien nog een relevant vervolgonderzoek, van het Verwey Jonkerinstituut en de Anne Frank Stichting, waaruit bleek dat ‘negatieve gevoelens over Joden’ onder moslims sterk samenhingen met het beleid van Israël en dus het ‘islamitische antisemitisme’ werd genuanceerd.

In de nieuwe tender wordt vreemd genoeg niet naar dit vervolgonderzoek en naar de Israëlische politieke context verwezen. De Israëlische krant Haaretz schreef onlangs dat Israël steeds meer een gevaar vormt voor Joden over de hele wereld.

Het belangrijkste is dat onderzoeken degelijk worden uitgevoerd. Dat gebeurt niet altijd, soms met verstrekkende gevolgen. Het meest beruchte voorbeeld is het Motivaction-onderzoek uit 2014, dat stelde dat 90 procent van de Turks-Nederlandse jongeren sympathie zou hebben voor de terreurbeweging IS. Toenmalig minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher (PvdA) ging hiermee aan de haal en wilde een gesprek aangaan met Turkse organisaties over de integratie van hun achterban. Later bleek echter dat het onderzoek methodologisch gezien rammelde. Ten onrechte waren Turks-Nederlandse jongeren als extremistische fundamentalisten weggezet.

Dakloze gezinnen. ‘Ik maak me vooral zorgen om de kinderen’

0

Uit de recente Ethos*-telling blijkt dat er in Amsterdam 11.000 daklozen zijn, met een veel hoger percentage buitenslapers dan in de rest van het land. Daklozen en hulpverleners vertellen wat erachter schuilgaat en wat eraan te doen is. Aflevering 4: teammanager Nicole Karels leidt alle vier de HVO-Querido-noodopvanglocaties voor dakloze gezinnen in Amsterdam.

‘Het zijn vooral ook de kinderen waar ik me zorgen over maak’, zegt Nicole Karels en schetst desgevraagd een niet ongewone situatie in de Amsterdamse gezinsnoodopvang De Westlander. ‘Moet je je voorstellen: een moeder, een jochie van veertien, een meisje van acht en nog een baby in een kleine kamer die vooral door stapelbedden wordt bezet. Dat kan een maand. Dat kan misschien drie maanden. Maar met deze woningmarkt, zomaar drie jaar… dan verdwijnt de hoop.’

Karels, nuchter mens met lange ervaring in een tbs-kliniek, leidt nu al meer dan vier jaar de vier noodopvanglocaties van HVO-Querido voor dakloze gezinnen in Amsterdam en windt er geen doekjes om. De Kanttekening heeft in voorgaande interviews de hulp aan daklozen al beschreven als onhoudbare situatie, ondanks de niet aflatende inzet van onder meer De Regenboog Groep. De opvang van dakloze gezinnen, waar HVO-Querido al het mogelijke voor doet, stemt, zacht gezegd, helemaal niet tot vrolijkheid. De Westlander biedt plek aan 24 gezinnen. Tijdelijke huisvesting is met nadruk de bedoeling, maar in praktijk onhaalbaar. Het is een grijze, zes verdiepingen tellende flat met containerunits eronder en hekwerk eromheen. ‘Voor zo’n jongen in de puberteit is dit echt geen plek om zicht op een betere toekomst te ontwikkelen’, zegt Karels.

Kun je kort de precieze functie van een noodopvanglocatie als De Westlander schetsen?

‘We hebben hier de snelgroeiende groep economisch daklozen. Dat zijn mensen die als voornaamste probleem gewoon geen huis hebben. De grens daarnaartoe is gezien de situatie op de woningmarkt makkelijk overschreden. Dat kan zomaar door een scheiding komen of verlies van werk. Soms hebben mensen eerst nog een tijd bij familie, vrienden of kennissen gewoond, maar zeker met kinderen is dat op de lange duur niet vol te houden. De tweede groep heeft een zogeheten maatschappelijke opvang-indicatie. Daarbij gaat het vaak om meervoudige problemen: economische, psychische, eventueel een licht verstandelijke beperking, soms huiselijk geweld. Die twee groepen wonen hier gemengd.’

‘Voor zo’n jongen in de puberteit is dit echt geen plek’

Hoe zou jij de woonruimtes omschrijven?

‘Sober en gemaakt dus voor kortdurende opvang. Het is echt één ruimte van zo’n vijftien tot vijfentwintig vierkante meter. Er staan stapelbedden in, er is een klein keukentje met een koelkast en kookplaatje, een tafel met stoelen en een kledingkast, een badkamer met douche, wc en wasbak. Geen bank, geen echte kasten. Ouders slapen ook in stapelbedden, want er is geen plaats voor een tweepersoonsbed. En er is voor het gezin geen gemeenschappelijke ruimte. Als de jongste naar bed gaat, moet de rest de hele avond stil zijn. Totaal geen privacy.’

Teammanager Nicole Karels. Beeld: Gijs de Swarte

Wat doet dat met de kinderen?

‘Kinderen kunnen zich niet goed ontwikkelen in zo’n situatie. Denk nog even aan die tiener die samen met zusje van acht en die baby in die ene ruimte leeft. Huiswerk maken lukt nauwelijks. Vriendjes meenemen gebeurt niet. De moeder spreekt vaak ook niet met vriendinnen af. Schaamte speelt vaak mee. Mensen zijn soms eenzaam.’

Een van de problemen met de daklozenopvang, zo werd duidelijk in interviews met mensen van De Regenboog Groep, is de enorme drukte en de snel toenemende vraag. Er is geen tijd voor aandacht en daardoor zakken mensen verder weg. Ook economisch daklozen, die in aanvang nog een goede kans hebben om weer een bestendige plek in de maatschappij te verwerven. Hoe is dat bij jullie? Wat kunnen jullie als hulpverleners doen?

‘We krijgen subsidie voor drie uur begeleiding per gezin per week’

‘Je wil activiteiten kunnen organiseren, meer verbinding maken met de mensen die hier zijn. We zijn getraind in een methodiek die ‘veerkracht’ heet, waarbij je wekelijks contact hebt met elk kind: hoe gaat het, hoe gaat het op school, wat zou je graag willen, wat kunnen we doen? Maar over het algemeen hebben we daar helaas te weinig mensen voor.’

Wat is daar in jouw ogen de voornaamste oorzaak van?

‘Dat is makkelijk geschetst. Op deze locatie hebben we hier drie gezinsbegeleiders voor vierentwintig gezinnen. We krijgen subsidie voor drie uur begeleiding per gezin per week. Maar als je een gezin hebt met twee ouders en drie kinderen, en je moet voor iedereen afzonderlijk contact onderhouden met bijvoorbeeld de school, externe hulpverlening en de huisarts, dan is dat in drie uur niet te doen. De mensen die hier werken zijn per definitie gedreven om er het best mogelijke van te maken en zetten altijd een stapje extra, maar het is zorgelijk.’

Wat moet er echt veranderen?

‘Eigenlijk zou een overvolle noodopvang helemaal niet moeten bestaan. In een goed functionerend land heeft iedereen gewoon een huis. Ik zou voor de noodopvang graag een kindbegeleider willen toevoegen aan mijn team. Iemand die er dus speciaal voor de kinderen is, misschien gecombineerd met een activiteitenbegeleider. De kinderen zijn de toekomst.’

Hoe ervaar je het werk zelf? Of, anders gezegd, waar beleef jij plezier aan?

‘Als er een gezin kan doorstromen naar een woning, is dat natuurlijk geweldig. Gelukkig gebeurt ook dat. In zekere zin zijn wij natuurlijk probleemoplossers. Daar ben je op ingesteld. Lukt er iets, dan is dat voor ons succes. Daar werk je voor. Dat geeft energie.’

 

(*) De ETHOS-methode van de Europese Unie telt niet alleen mensen die op straat leven, maar ook mensen in tijdelijke opvang, mensen die net uit een instelling komen en mensen die tijdelijk bij familie of vrienden verblijven. In de hele regio Amsterdam-Amstelland gaat het om 13.070 dak- en thuislozen: 11.352 volwassenen en 1.718 kinderen.


Lees ook de drie andere afleveringen in deze reeks:

Dakloze Pieneke hoopt op een vaste woonplek. ‘Op straat is het heel zwaar’

Ruim 11.000 daklozen in Amsterdam. ‘De meeste inloophuizen zijn overvol’

Ook moeders met kinderen raken dakloos. ‘Een drama’

Wilders klikt over premier Jetten bij president Trump

0

PVV-leider Geert Wilders heeft op X een eerdere tweet van Rob Jetten onder de aandacht gebracht van Donald Trump, met als bedoeling de Nederlandse premier zwart te maken bij de Amerikaanse president.

In het ‘gewraakte’ bericht omschreef Jetten Trump als een ‘veroordeelde crimineel’, een ‘vrouwenhater’ en iemand die ‘openlijk flirt met dictators’. Jetten waarschuwde destijds bovendien: ‘Wat voor ons ligt, zijn jaren van chaos, verdeeldheid en roekeloosheid’.

Wilders richt zich in zijn bericht rechtstreeks tot Trump. Over Jetten schrijft hij: ‘Vertrouw hem alstublieft niet’, en noemt hem ‘een links-liberale politicus en een vijand van het volk’. Ook stelt Wilders dat Jetten ‘een hekel aan u (Trump)’ zou hebben en contrasteert hij hem met de Hongaarse premier Viktor Orbán, die volgens de PVV-voorman ‘duizend keer een betere leider is dan Jetten zelf’.

Op sociale media wordt Wilders’ actie met landverraad in verband gebracht door BNNVARA-journalist Tim Hofman. Oud-Kamerlid Jo Horn (PvdA) vergelijkt de PVV-leider met NSB-leider Anton Mussert.

Afshin Ellian door Iraanse kroonprins benoemd in ‘comité voor gerechtigheid’

0

Afshin Ellian (Universiteit Leiden) is door de Iraanse kroonprins en oppositieleider in ballingschap Reza Pahlavi benoemd in een ‘comité voor gerechtigheid’. Dit schrijft de Iraans-Nederlandse rechtsgeleerde op Facebook.

Andere leden van dit comité zijn de rechtsgeleerden Shirin Ebadi, Leyla Bahmany en Iraj Mesdaghi. Hun taak? Een wettelijk kader maken voor de berechting van de ayatollahs en commandanten van de Revolutionaire Garde, als Iran straks misschien van regime wisselt.

Volgens Ellian krijgt het comité de taak ‘om een ontwerp te maken van een wettelijk systeem voor de berechting van gewelddadige mensenrechtenschenders in Iran’. Daarnaast moet er een Waarheidscommissie komen voor ‘de grote groep van mensen die met het regime hebben samengewerkt’, zo schrijft hij.

Ellian benadrukt dat de vier leden verschillende generaties vertegenwoordigen. Zo was Shirin Ebadi onder de sjah nog rechter, maar na 1979 mocht zij dat ‘vanwege haar geslacht’ niet meer uitoefenen. Mesdaghi werd na de revolutie gevangengezet, gemarteld en was ooggetuige van verschillende executies. Bahmany groeide op in de Islamitische Republiek, vluchtte later en promoveerde in de Verenigde Staten.

Wat de vier bindt, schrijft Ellian, is niet hun persoonlijke geschiedenis, maar de oppositieleider zelf: ‘Het is niet onze individuele strijd tegen het regime die ons verenigt, maar prins Reza Pahlavi.’ Hij besluit dat zij ‘in de nieuwe lente… met een opgeheven hoofd de gerechtigheid’ nastreven.

Ellian is betrokken bij het Comité Iran Vrij, dat volgens critici pro-monarchistisch en pro-Israël is. Ook oud-politici Uri Rosenthal (VVD) en Gert-Jan Segers (ChristenUnie) zitten in het bestuur van dit comité, evenals voormalig CIDI-directeur Ronny Naftaniel. Het comité wil een regime change in Iran en hoopt dat de Amerikaans-Israëlische oorlog zal leiden tot een grote volksopstand.

Maar niet alle Iraniërs in de diaspora in het Westen steunen de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran. Op zondag 22 maart protesteerden tientallen demonstranten in Amsterdam voor het Amerikaanse consulaat, met Iraanse, Libanese en Palestijnse vlaggen. Ze riepen onder andere ‘Fuck you, Israël’, ‘We saw the [Epstein] files, you dirty, dirty pedophiles’ en ‘Free, free Palestine’. Tegendemonstranten droegen Koerdische en Israëlische vlaggen, aldus AT5.

Raad van Europa bezorgd over mogelijke uitbreiding doodstraf in Israël

0

De juridische commissie van de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa (PACE) slaat alarm over wetsvoorstellen in het Israëlische parlement, de Knesset, die de doodstraf uitbreiden. De commissie zegt ‘diep bezorgd’ te zijn en waarschuwt dat de plannen kunnen leiden tot ‘potentieel discriminatoire gevolgen voor Palestijnen’.

De voorstellen van de Knesset betekenen volgens de commissie een duidelijke breuk met Israëls eerdere terughoudendheid ten aanzien van de doodstraf. ‘Als deze wetsvoorstellen zouden worden aangenomen, zouden ze een duidelijke terugslag betekenen voor Israëls langdurige standpunt over het gebruik van de doodstraf en een schending van zijn verplichtingen onder de internationale mensenrechtenwetgeving’, aldus de commissie. PACE roept Israël daarom op om af te zien van een uitbreiding van misdrijven die met de dood bestraft kunnen worden, zeker wanneer dat ‘op een discriminatoire manier’ zou gebeuren.

Naast Israël richt de juridische commissie haar pijlen ook op andere landen. Ze veroordeelt de voortdurende executies in Belarus, het enige Europese land dat nog doodstraffen uitvoert. Ook de Verenigde Staten en Japan, beide waarnemers bij de Raad van Europa, worden opgeroepen om onmiddellijk een moratorium in te stellen en een einde te maken aan ‘wrede methodes van terechtstelling’. De commissie verwelkomt tegelijkertijd ‘positieve stappen’ in landen als Marokko en benadrukt dat herinvoering van de doodstraf onverenigbaar is met lidmaatschap van de Raad van Europa.

Israël heeft de doodstraf nooit afgeschaft, maar sinds 1962 nooit meer uitgevoerd. De tweede en laatste persoon die officieel door de Israëlische staat werd geëxecuteerd was de beruchte nazi Adolf Eichmann, voor zijn rol in de Holocaust. Extreemrechtse partijen in de Knesset willen nu dat de doodstraf wordt uitgevoerd op Palestijnen die voor terrorisme zijn veroordeeld. De grootste voorstander van uitbreiding van de doodstraf is Itamar Ben-Gvir. Hij en zijn partijgenoten droegen speldjes met een galg in de Knesset om hun standpunt kracht bij te zetten. Vorige week bezocht Ben-Gvir ook het Jeruzalem Museum, waar een galg staat die werd gebruikt toen Palestina nog een Brits protectoraat was.

Wie Iran wil begrijpen, moet terug naar 1953

0

De westerse aanval op Iran past in een patroon. In 1953 werd de democratisch gekozen premier Mohammed Mossadegh afgezet door de CIA.

Op 28 februari dit jaar startten de Verenigde Staten en Israël een oorlog tegen Iran. Critici spreken over een agressieoorlog en wijzen erop dat dit niet de eerste keer is dat het Westen besloot dat Iran een andere regering nodig had. Die geschiedenis begint 75 jaar geleden, met de verkiezing van de anti-westerse, nationalistische politicus Mohammad Mossadegh tot premier. Waarom wilden het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten van hem af? En wat waren de gevolgen van de coup van 1953 voor de verdere geschiedenis van Iran?

De opkomst van Mossadegh

Toen Mossadegh in 1951 tot minister-president werd gekozen was hij al een gerespecteerde jurist en politicus. Onder het Iraanse volk genoot hij brede populariteit, omdat hij de olieproductie wilde nationaliseren. Sjah Mohammad Reza Pahlavi was geen fan van Mossadegh, omdat de koning vreesde voor zijn troon.

Mohammad Mossadegh. Beeld: Wikimedia Commons

Sinds het begin van de twintigste eeuw lag de Iraanse olieproductie in handen van de Anglo-Iranian Oil Company (AIOC), de voorloper van British Petroleum. Hoewel de olie uit Iraanse bodem kwam waren het de Britten die profiteerden. In 1950 verdiende Londen meer aan Iraanse olie dan Iran zelf in de halve eeuw daarvoor. Mossadegh noemde het kolonialisme en uitbuiting. Hij geloofde dat Iran op de lange termijn zou bezwijken onder dit beleid als er geen verandering kwam.

Daarom nationaliseerde hij vrijwel onmiddellijk na zijn aantreden de AIOC. De Majlis, het Iraanse parlement, en de senaat stemden in en de nationalisatie werd wet. Mossadegh kreeg brede steun voor zijn beleid. Zijn eigen partij Nationaal Front, de communistische Tudeh-partij en tal van andere politieke groeperingen schaarden zich achter hem. Voor veel Iraniërs was het een kwestie van nationale trots. Eindelijk zouden ze zelf profiteren van hun eigen rijkdommen.

Conflict met de Britten en met de sjah

Het Verenigd Koninkrijk reageerde furieus. De Britten bewapenden marineschepen in de Perzische Golf en daagden Mossadegh voor het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, die de Iraanse premier in het gelijk stelde. Uiteindelijk verbrak het VK de diplomatieke relaties met Iran, nadat Mossadegh de banden met Londen doorsneed. De Britten sloten olie-installaties, trokken technici terug en zetten een wereldwijde boycot in gang. Vervolgens kwam de Iraanse olieproductie vrijwel tot stilstand. Iran verloor zijn belangrijkste inkomstenbron en de beloofde hervormingen van Mossadegh kwamen in gevaar.

Vervolgens kwam de Iraanse olieproductie vrijwel tot stilstand

Terwijl Iran verzwakte profiteerden landen als Saoedi-Arabië, Koeweit en Irak, waar Groot-Brittannië zijn olie-inkoop voortzette. De economische druk leidde tot politieke spanningen in Iran. Conservatieve Iraniërs, grootgrondbezitters en religieuze leiders begonnen zich tegen Mossadegh te keren.

In juli 1952 trad Mossadegh tijdelijk af na een conflict met de sjah over de controle over het leger. De sjah weigerde de militaire macht aan het parlement over te dragen. De bevolking reageerde met massale protesten, waarin ook de communistische Tudeh-partij een opvallende rol speelde. Zo’n 250 mensen kwamen daarbij om. De sjah voelde zich zo onder druk gezet dat hij Mossadegh opnieuw benoemde als minister-president en hem bovendien ook minister van Defensie maakte.

Maar de crisis bleef voortduren. Mossadegh vroeg een noodwet aan die hem voor zes maanden vrijwel onbeperkte bevoegdheden gaf op financieel, juridisch en electoraal gebied. De wet werd later verlengd tot een jaar. De steeds autoritair wordende premier voerde landhervormingen door die boeren meer zeggenschap gaven. Ook probeerde de macht van de sjah verder in te perken door diens budget te verkleinen en hem te verbieden zelfstandig met buitenlandse diplomaten te spreken.

De spanningen tussen Mossadegh en de monarchie liepen steeds verder op. Oud-officieren beraamden een moordaanslag op de minister-president, maar die werd tijdig verijdeld. In augustus 1953 vluchtte de sjah het land uit. Officieel was hij op vakantie, maar de koning vreesde voor zijn positie.

Koude Oorlog en Operatie Ajax

De communistische Tudeh-partij en het Nationaal Front van Mossadegh waren geen ideologische geestverwanten, maar werkten vanwege pragmatische redenen met elkaar samen. Maar het was de Koude Oorlog. De Amerikanen zagen de groeiende invloed van de Tudeh-partij met lede ogen aan en vreesden een communistische machtsovername. In 1948 was Tsjechoslowakije communistisch geworden en in 1949 China. Zou Iran in 1953 volgen? De Amerikanen waarschuwden Mossadegh daarom dat hij de invloed van de communisten op de Iraanse regering moest terugdringen, anders zou de Amerikaanse steun wegvallen. Mossadegh koos eieren voor zijn geld en ontmantelde de macht van de Tudeh.

De economische malaise, de Britse boycot en de politieke verdeeldheid putten Iran uit. Zelfs binnen zijn eigen beweging begonnen mensen zich tegen Mossadegh te keren, waaronder de islamitische geestelijkheid.

De economische malaise, de Britse boycot en de politieke verdeeldheid putten Iran uit

In deze context besloten het VK en de VS dat Mossadegh moest verdwijnen. De Britten hadden al een plan klaarstaan, Operation Boot, en wisten de Amerikanen te overtuigen om mee te doen. De CIA, onder leiding van Kermit Roosevelt Jr., zette Operatie Ajax in gang. Het was een combinatie van propaganda, omkoping, in scène gezette opstootjes en betaalde demonstraties. Mossadeghs uitspraak dat het Verenigd Koninkrijk officieel een vijand was gaf Londen en Washington het laatste zetje.

CIA-document over de coup van 1953. Beeld: Wikimedia Commons

Op 19 augustus 1953 werden bussen vol ingehuurde mannen naar Teheran gebracht om chaos te creëren. De situatie escaleerde snel. Tijdens gevechten kwamen er tussen de tweehonderd en driehonderd mensen om. Mossadegh werd gearresteerd, berecht en tot de doodstraf veroordeeld voor verraad. Deze straf werd dankzij tussenkomst van de sjah omgezet in drie jaar gevangenisstraf, gevolgd door een levenslang huisarrest op zijn landgoed in Ahmad Abad. Daar leefde Mossadegh tot zijn dood in 1967, verbannen uit het openbare leven.

De democratie keerde niet terug

Na zijn afzetting werd sjah Mohammad Reza Pahlavi opnieuw de onbetwiste machthebber van Iran. De democratie keerde niet terug. Iran werd een seculiere, pro-westerse, pro-Israëlische en autoritair geleide absolute monarchie. Gevreesd was de inlichtingendienst van de sjah, de Savak, die dissidenten martelde in folterkamers. In de grote steden liepen jonge vrouwen in korte rokjes en ging de middenklasse naar de bioscoop, maar op het platteland en onder de armen werd het sjiitisch fundamentalisme steeds populairder.

Iran werd een seculiere, pro-westerse, pro-Israëlische en autoritair geleide absolute monarchie

Deze omstandigheden vormden de voedingsbodem voor de islamitische revolutie van 1979, waarin ayatollah Ruhollah Khomeini de macht kon grijpen. Tot op de dag van vandaag blijft Iran een land dat openlijke vijandschap toont tegenover alles wat westers oogt. Dit kun je niet los zien van de gebeurtenissen van 1951-1953.

Sjah Mohammad Reza Pahlavi geeft zijn koningin een vuurtje. Beeld: Wikimedia Commons

In Iran zelf is Mossadegh nog altijd een van de meest geliefde figuren uit de moderne geschiedenis. Zijn ideeën over democratie, secularisme en nationale onafhankelijkheid spreken nog steeds tot de verbeelding. Toch wordt hij in de Islamitische Republiek vaak genegeerd, omdat zijn denkbeelden te vooruitstrevend en te seculier waren voor het huidige ayatollah-regime. Hoewel ook Mossadegh zelf niet verschoond was van autoritaire trekjes, is zijn val het moment in de geschiedenis waarop Iran de kans op een democratische toekomst verloor.

De staatsgreep tegen Mossadegh stond niet op zichzelf. Ook elders greep de CIA in wanneer Washington meende dat nationalisme of onafhankelijkheidsbewegingen te veel naar links neigden. In 1961 speelde de Amerikaanse inlichtingendienst een sleutelrol bij de val en uiteindelijke dood van de Congolese premier Patrice Lumumba, die door de VS en België werd gezien als te ontvankelijk voor invloed van de Sovjet-Unie. In 1965 steunde de CIA de Indonesische generaals die president Soekarno ten val brachten, uit angst dat zijn anti-westerse koers en samenwerking met communisten Indonesië in het kamp van de Sovjet-Unie zou duwen. En we mogen ook 11 september 1973 niet vergeten, toen generaal Augusto Pinochet met steun van de CIA de democratisch gekozen socialistische Chileense president Salvador Allende omverwierp, opnieuw uit angst voor vermeende communistische invloed.

De staatsgreep tegen Mossadegh stond niet op zichzelf. Ook elders greep de CIA in

Operatie Ajax was dus allesbehalve een geïsoleerd incident. Het was het begin van een patroon waarin de Amerikanen, al dan niet in samenwerking met andere westerse regeringen, zonder aarzelen democratisch gekozen leiders aan de kant schoven, zodra die hun belangen of invloedssfeer in de weg stonden.

Amerikaanse erkenning

In de Verenigde Staten duurde het decennia voordat de rol van Washington in de coup van 1953 werd erkend. President Dwight D. Eisenhower sprak zich destijds wel negatief uit over Mossadegh, maar zweeg over Amerikaanse betrokkenheid bij de staatsgreep. Pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw kwamen CIA-documenten naar buiten die de Amerikaanse rol bevestigden.

In 2009 erkende toenmalig president Barack Obama openlijk dat de VS betrokken waren geweest bij de omverwerping van een democratisch gekozen regering. Vier jaar later, op 19 augustus 2013, gaf de CIA voor het eerst officieel toe dat de coup van 1953 onder haar leiding was uitgevoerd en was goedgekeurd op het hoogste niveau van de Amerikaanse regering.

Jetten gooide de islamitische gemeenschap meteen voor de bus

0

Minister-president Jetten was bij Eva om op genuanceerde en doordachte wijze de premier van alle Nederlanders te zijn door erop te wijzen dat de gepleegde aanslagen op joodse gebouwen een misdaad zijn en dat de daders ervan gezocht zullen worden om hun straf te krijgen. Hij voegde daaraan ook toe dat het nooit de bedoeling moet zijn om groepen in de samenleving daarvoor verantwoordelijk te houden en dat elke suggestie dat de misdaad een collectieve misdaad is van de hand gewezen moet worden. Hij illustreerde dat het absurd en fout zou zijn om de wandaden van de Joodse staat Israël toe te schrijven aan de Joden die in Nederland wonen. Hij maakte ook duidelijk dat deze argumentatie dus ook geldt voor de moslimgemeenschap, die groot en divers is, maar zoals het een liberaal premier betaamt, moet men altijd naar het individu kijken.

Helaas, er gebeurde iets anders. Hij zei dit: ‘Er zijn islamitische gemeenschappen in Nederland waar je, als je de tv aanzet, online of op weekendscholen, verkeerde dingen krijgt aangeleerd. Niet alleen over Joden, maar ook over vrouwen en homo’s.’ Jetten kon niet wachten om de islamitische gemeenschap voor de bus te gooien. Naarstig ging ik zoeken naar de kanalen en weekendscholen waar moslims op systematische wijze worden gedrild om Joden te haten en homo’s te vervloeken. Zitten de islamitische gemeenschappen aan het haatinfuus? Is het aanzetten van de televisie een gemeenschappelijke activiteit om full focus te kijken naar de anti-Joodse haattaal? Is er een onlinekanaal genaamd ‘Moslimbroeders tegen Joden en homo’s, speciaal voor u!’, waar alleen fullblood moslims toegang toe hebben? Zijn er weekendscholen waar systematisch antisemitisme wordt onderwezen?

‘Types als Mona Keijzer, Wilders en Gidi Markuszower zijn het contact met de werkelijkheid kwijt’

Voor al deze beweringen is geen snippertje bewijs. Incidenten zijn er zeker, onwenselijk, maar als we islamofobie onder Joodse of christelijke kringen zouden onderzoeken, dan ben ik bang dat ook daar heel wat drek komt bovendrijven. Is alles pais en vree wat betreft acceptatie van homoseksualiteit in de islamitische gemeenschappen? Zeker niet. Is er nog een lange weg te gaan? Zeker wel. Kan de opvoeding een tikkeltje beter? Absoluut. Maar dat valt echt onder emancipatie: opgroeien in de westerse samenleving waar religieuze waarden kunnen schuren en soms ook botsen, iets waar alle religieuze gemeenschappen mee te maken hebben.

Afgelopen week werd ik geïnterviewd voor de podcast van Wilfred Genee voor BNR; het ging daarin over het onbehagen rond de islam in Nederland. Het was een open gesprek en ik was blij dat hij me als gast had. Hij vroeg me naar de commotie rond de iftarviering in het parlement, het voorstel van vervroeging van de schorsing opdat enkele DENK-parlementariërs het vasten konden breken. Mijn antwoord was dat daar een heel krachtig en positief signaal van afging naar de samenleving. De moslim mag er zijn, ook in het huis van de democratie.

Problematischer vind ik de islamofobie die loskomt van de rechtse en extreemrechtse partijen die de iftar demoniseren. Extreemrechts gunt moslims niks, ook niet als moslims iets zoets doen, als ze het leven vieren, als ze melk drinken en dadels eten en glimlachen. Damned if you do, damned if you don’t. Talloze iftars zijn door het land gevierd; alles eraan was verbindend — zo vrolijk was het dat het bijna misselijk maakte. Voor extreemrechts is die vrolijkheid een gevaar en dus onwenselijk.

Niet de moslims, maar types als Mona Keijzer, Wilders en Gidi Markuszower zijn het contact met de werkelijkheid kwijt. Wat wreven ze zich in hun handen om die moslims even aan te pakken. En naar aanleiding van de aanslagen op de Joodse gebouwen zag ik politieke leiders, bestuurders en opiniemakers zich iets te vrolijk maken over het stuitende en gevaarlijke antisemitisme uit islamitische hoek. Ze gingen vol op het orgel. Weg alle nuance, weg alle voorzichtigheid, weg alle beleefdheid, ook wanneer moslims in de hoek getrapt kunnen worden.

Misschien iets om een verbindende borrel over te organiseren na de Eid, minister-president?

Ex-PVV’er Richard de Mos boekt ‘monsterzege’ met Hart voor Den Haag

0

Voormalig PVV-Kamerlid Richard de Mos (49) heeft met zijn partij Hart voor Den Haag een ‘monsterzege’ geboekt. Zo meldt de Volkskrant.

Maar liefst zeventien zetels heeft Hart voor Den Haag binnengehaald bij de verkiezingen. Dat zijn er acht meer dan in 2022. ‘Wat een fantastisch resultaat’, spreekt De Mos zijn uitzinnige aanhang toe in een zaaltje. ‘Dit is jullie overwinning, dit is de overwinning voor Den Haag!’

Puur bezien vanuit de kandidatenlijst, met een van de meest diverse lijst Hagenezen, is daar bijna niets op af te dingen. Hart voor Den Haag heeft de representatie in bijna alle stadsdelen goed op orde. Ook bijvoorbeeld in een multiculturele wijk als Transvaal. Daar hangen overal flyers van de partij, met lokale vertegenwoordigers die zich 100 procent achter de ex-PVV’er scharen.

De focus van de partij ligt vooral op ondernemers en mensen die Den Haag bereikbaar willen houden voor autogebruikers. Opvallend is dat Hart voor Den Haag ook Bulgaarse Nederlanders zo ver heeft gekregen om te flyeren op de Haagse Markt. Het is niet bekend of zij daarvoor zijn betaald, zoals het YouTube-kanaal Left Laser suggereert.

Voor De Mos vormt dit het moment waar hij jarenlang naartoe heeft gewerkt. In 2019 legde hij zijn functie als wethouder neer, een jaar nadat zijn partij acht van de 45 zetels had behaald. Hij en mede‑wethouder Rachid Guernaoui werden beschuldigd van corruptie. De rechtszaak duurde vervolgens vijf jaar, een periode die hij later omschreef als een ‘nachtmerrie’, aldus de Volkskrant.