20 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 2

Syrische journalisten willen hulp bij opbouw vrije pers

0

De val van het Assad-regime in december 2024 gaf Syriërs nieuwe hoop op vrijheid. Maar dat betekent niet dat journalisten nu zomaar kunnen schrijven wat ze willen. Tijdens een bijeenkomst over persvrijheid riepen Syrische journalisten daarom op tot meer steun voor de opbouw van onafhankelijke media in het land.

Woensdagavond kwamen Syrische en Nederlandse journalisten, activisten en beleidsmakers bij elkaar in Pakhuis De Zwijger in Amsterdam om de balans op te maken van de huidige staat van de journalistiek in Syrië. De avond werd georganiseerd door Het Grote Midden Oosten Platform, de Nederlandse Vereniging van Journalisten, Free Press Unlimited en het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten in Syrië.

Onder het regime van Bashar al-Assad en diens vader Hafez al-Assad werden journalisten gevolgd en massaal gevangengenomen, zoals te zien is in de documentaire Syria, the Forbidden Witnesses of the Assad Regime, die Reporters Without Borders (RSF) dit jaar uitbracht.

Volgens Jan Keulen, journalist en activist voor persvrijheid, hebben journalisten in Syrië een ‘enorme prijs’ betaald. ‘Sinds 2011 werden meer dan zevenhonderd journalisten en mediawerkers gedood’, zegt hij.

Na de val van een autoritair regime als dat van Assad lijkt het logisch om de situatie van nu te vergelijken met die van toen. Maar wat betreft de journalistiek in Syrië gaat dat niet op, vertellen de journalisten. Journalisten die onder Assad werkten, vertelden dat journalistiek toen eigenlijk niet bestond.

Mediawetten van Assad

Mutasim Khalaf, journalist en medeoprichter van het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten, legt uit dat we de situatie van de journalistiek onder Assad niet kunnen vergelijken met die van nu.

‘Voor de val van Assad had je als journalist twee keuzes: blijf je stil en leef je je leven, of kies je ervoor vragen te stellen en die te beantwoorden? Zal ik worden gearresteerd of zelfs worden gedood als ik hierover schrijf? Nadat Assad het land was ontvlucht, moesten we vanaf nul beginnen. We hadden helemaal geen ervaring met schrijven over politiek. We vroegen ons af of we nu wel de mogelijkheid kregen om in vrijheid te schrijven en hoe we onafhankelijke platforms moesten oprichten.’

‘Als je ook maar iets onwelgevalligs deelt op Facebook, dan kun je al worden gearresteerd’

De huidige regering van president Ahmad al-Sharaa heeft de mediawetten van Assad overgenomen en gebruikt die tegen journalisten, vertelt Khalaf. ‘De nieuwe regering geeft ons niet de hoop dat wij in vrijheid kunnen werken. Onlangs werden twee journalisten van ons syndicaat gearresteerd op basis van de cybercrimewet van Assad. Als je ook maar iets onwelgevalligs deelt op Facebook, dan kun je al worden gearresteerd.’

Syrië steeg flink op de ranglijst van RSF, van plek 179 in 2024 naar 141 in 2026. Maar de vrijheid van journalisten wordt nog steeds ingeperkt door instabiliteit en een zwakke economie, schrijft de organisatie. Volgens cijfers van SJA Center for Press Freedoms werden er in 2025 negenenveertig schendingen van de persvrijheid gesignaleerd. Zeventien journalisten werden gearresteerd, vier kwamen om en tien raakten gewond.

Ahmad Haj Hamdo, onderzoeksjournalist en medeoprichter van SIRAJ, zegt dat de situatie ‘nu beter’ is, maar ‘dit is een tijdelijke situatie’. ‘We moeten de persvrijheid op langere termijn kunnen garanderen en dat is een gedeelde verantwoordelijkheid.’

V.l.n.r. Eline Derakhshan (moderator), Iris de Leede, Jorg Zinken en Jan Keulen

Volgens Kamiran Sadoun, journalist en onderzoeker van Koerdische afkomst, is de journalistiek in Syrië, wanneer je die vergelijkt met die in andere landen, ‘non-existent’. ‘Journalisten kunnen niet aan de echte verhalen, de gevoelige onderwerpen, werken, want dan komen ze in de problemen.’ Volgens Sadoun is het nog onduidelijk hoe journalisten moeten omgaan met dit soort onderwerpen.

Influencers

Een zorgelijke ontwikkeling op dit moment is volgens Sadoun dat het huidige ministerie van Informatie opnieuw probeert de controle te houden over het narratief. Het maakt hierbij steeds meer gebruik van influencers. ‘Influencers hebben toegang tot iedereen in de regering, zelfs de president. Journalisten kunnen dit echter niet. Influencers gaan mee in de lijn van de regering en roepen de autoriteiten niet ter verantwoording. Het gaat bij hen niet om de waarheid. Echte vragen stellen kunnen ze niet. Zij zijn dan ook geen journalisten.’

In plaats van influencers moeten journalisten meer ruimte krijgen om te werken, zegt Khalaf. Hij begon het Syndicaat voor Onafhankelijke Journalisten in Syrië om samen met anderen een nieuwe start te maken, vertelt hij. ‘Het gaat er dan niet om vóór of tegen de regering van al-Sharaa te zijn, maar om hoe wij ruimte kunnen creëren waarin wij ons vrij kunnen uiten en kunnen vechten voor onze rechten. Maar wij kunnen nog altijd niet legaal opereren vanwege de oude wet die onafhankelijke syndicaten verbood. Zo mogen we bijvoorbeeld geen kantoren hebben of grote bijeenkomsten houden.’

‘Influencers gaan mee in de lijn van de regering en roepen de autoriteiten niet ter verantwoording’

Om weer een betrouwbare bron voor Syriërs te worden, zullen journalisten weer in contact moeten treden met de bevolking, zegt Haj Hamdo. ‘Journalisten moeten de ogen van de bevolking zijn en kwesties uitpluizen die mensen belangrijk vinden, zoals de wederopbouw en mensenrechten. Helaas komt daar nu geen antwoord op.’

Hiertoe zal de regering moeten worden gedwongen informatie prijs te geven aan journalisten, zegt Haj Hamdo. ‘Alleen dan kunnen wij de regering controleren, bijvoorbeeld hoe zij omgaat met publiek geld.’

Khalaf voegt eraan toe dat journalisten ook het vertrouwen van Syriërs moeten zien te winnen. ‘Wanneer ik iemand wil interviewen, word ik geweigerd omdat men bang is dat ik informatie doorgeef aan het regime. Net als in de tijd van Assad. Dat zit nog steeds in het hoofd van mensen.’

Haj Hamdo: ‘Wij moeten uitleggen dat wij feiten brengen en de waarheid willen achterhalen, in plaats van een [door de autoriteiten] opgelegd verhaal. Tegelijkertijd moeten we de geschiedenis niet vergeten. We moeten de mensen eren die een hoge prijs hebben betaald tijdens de revolutie. En degenen die onder Assad verantwoordelijk waren voor de misdaden tegen journalisten, moeten ter verantwoording worden geroepen.’

Diversiteit in Syrië

Een van de doelen van de bijeenkomst was om te bespreken hoe journalisten in Syrië geholpen kunnen worden in hun werk.

Volgens Khalaf moeten buitenlandse regeringen niet blindelings meegaan in het narratief van de regering-Sharaa en doen alsof alles goed gaat. ‘Door de situatie onder Assad hebben journalisten onvoldoende ervaring. Om te kunnen professionaliseren, moeten we een infrastructuur van vrijheid bouwen. Aan iedereen die journalisten wil helpen, hen wil beschermen: laten we samenwerken.’

Haj Hamdo wil graag dat ngo’s journalisten gaan trainen, zodat zij meer ervaring krijgen. Ook zullen onafhankelijke media op lange termijn financieel gesteund moeten worden, zodat journalisten een leefbaar inkomen krijgen. Hij voegt eraan toe dat de regering-Sharaa moet worden bewogen om de oude mediawet van Assad te vervangen door een nieuwe.

Sadoun sluit zich hierbij aan. Als Koerd die veel ervaring heeft met journalisten in de regio’s, roept hij op om media in alle regio’s van Syrië te ondersteunen en niet alleen in Damascus. ‘Nu probeert de nieuwe regering opnieuw alle media in Damascus te concentreren. Donateurs uit het buitenland lijken daarin mee te gaan. Maar de overige regio’s mogen niet worden vergeten: Deir al-Zor, Hasaka, Idlib, enzovoort. Daar zijn nu ook veel media die steun nodig hebben.’

Ministerie van Informatie

Volgens Iris de Leede, beleidsadviseur bij Free Press Unlimited, is dit erg belangrijk. ‘In ons werk in Syrië leggen we de nadruk op pluralisme en hebben we oog voor de enorme diversiteit van het land. Het is essentieel om in alle regio’s media te hebben die op lokaal niveau alle doelgroepen kunnen bereiken.’

‘Na de val van een autoritair regime is de nieuwe regering er vaak erg op gebrand om de controle te krijgen en weer erkend te worden door de internationale gemeenschap. Wij zijn bezorgd over het feit dat het ministerie van Informatie de controle probeert te krijgen over de media. Denk aan eisen om licenties te kunnen krijgen en het bepalen hoeveel advertentie-inkomsten media mogen binnenhalen. Zo maakt zij media afhankelijk van de regering, zowel politiek als economisch. De geschiedenis heeft ons geleerd dat hoe meer restricties er worden opgelegd, hoe minder inclusiviteit er is. Dat kan op langere termijn tot instabiliteit leiden.’

‘Kijk ook of er daadwerkelijke verbeteringen worden doorgevoerd’

Volgens De Leede zou de Nederlandse regering er bij het versterken van de band met Syrië voor moeten waken dat zij niet overgaat op ‘business as usual’. ‘Natuurlijk biedt het de kans om nieuwe zakenrelaties aan te gaan en vluchtelingen te laten terugkeren. Maar kijk ook of er daadwerkelijke verbeteringen worden doorgevoerd. Nu is een uitgelezen kans om vrije, onafhankelijke media te steunen die de regering ter verantwoording kunnen roepen, maar er ook voor kunnen zorgen dat de bevolking weer vertrouwen krijgt in de overheid.’

Activist Keulen wijst erop dat Syrische journalisten zich ook kunnen wenden tot hun collega’s in de regio. ‘Terwijl de Syrische journalisten zich opnieuw moeten uitvinden, is er zoveel expertise te vinden, zoals de Unie van Onafhankelijke Journalisten in Libanon en andere organisaties. Ik denk dat het heel belangrijk is om ook van hen te leren. Gebruik dit in combinatie met fondsen uit het Westen.’

Als eerbetoon aan de Syrische journalisten die tijdens hun werk omkwamen en aan degenen die de journalistiek weer willen opbouwen, zegt Keulen: ‘Na vijftig jaar te hebben gewerkt onder een dictatuur en onderdrukking, is het werken aan een vrije journalistiek in Syrië een werk van helden.’

Extreemrechtse studentenvereniging niet welkom bij introductiemarkt

0

De Radboud Universiteit in Nijmegen laat de Groot-Nederlandse Studentenvereniging niet langer toe tot de introductiemarkt voor studenten, omdat de vereniging rechts-extremistisch is.

Het College van Bestuur van de universiteit nam dat besluit nadat de AIVD de vereniging in een gezamenlijk rapport met de NCTV als rechts-extremistisch heeft bestempeld. In voorgaande jaren ging de deelname van deze groep aan de intro-weken van de universiteit al gepaard met veel spanning en kritiek.

In het rapport wordt gewaarschuwd dat de vereniging zich op de voorgrond begeeft als pleitbezorger van ‘remigratie’, een verzachtende term voor de deportatie van niet-witte Nederlanders met een migratieachtergrond. Voor die gedachte is nu geen plek meer op de Radboud Universiteit.

Intussen is bekend geworden dat Eerste Kamerlid Eric Kemperman van Forum voor Democratie afgelopen zaterdag aanwezig was bij een extreemrechts protest op het Malieveld in Den Haag. Het is niet bekend of het OM een onderzoek is gestart naar de demonstratie, waar antisemitische uitingen en Hitlergroeten veelvuldig voorkwamen.

De inlichtingendiensten AIVD en de NCTV waarschuwen dat rechts-extremisten hun gedachtegoed proberen te normaliseren. Dit doen zij door maatschappelijke domeinen en discussies te beïnvloeden.

Babs Gons wint Johannes Vermeer Prijs 2026

0

De Johannes Vermeerprijs gaat dit jaar naar dichter Babs Gons. De jury noemt haar werk ‘grensverleggend’ en prijst de wijze waarop zij ‘maatschappelijk engagement’ op multidisciplinaire wijze integreert met poëzie, spoken word en performance. Dit meldt de website van de kunstinstelling die de prijs uitreikt.

Gons weet met taal zowel het persoonlijke als het publieke domein te verrijken, stelt de jury onder voorzitterschap van Dagmar Oudshoorn, directeur van Amnesty International Nederland. Tevens wordt Gons genoemd als een van de belangrijkste ‘aanjagers’ van spoken-word-poëzie.

Vorig jaar gaf Gons stemadvies in de vorm van een gedicht. Dat luidde als volgt:

als ik zeg stem met je hart

dan bedoel ik stem met
de hele wereld in je handen
stem met een hart zo standvastig
dat het in tegenspoed geen slag mist

als ik zeg stem met je hart

dan bedoel ik stem met
de artritus van je oma
met haar eenzame buurman
dan bedoel ik stem met je dochters
en zussen met de rechten
van de vrouwen die je leerde rekenen
de mannen die je favoriete snacks
nog vlak voor sluitingstijd
in de olie laten zakken

Voor Prinsjesdag vorig jaar schreef ze het gedicht ‘Wat we verdedigen’:

sterke legers worden niet slechts gebouwd
door zwaar materieel en gebeden
defensie begint bij omarmend rijm
bij zeges op velden van kunstgras
bij krantenpapier en waterverftekeningen

defensie begint
bij het afwegen van woorden
weten dat taal niet onschuldig is
dat je met drie lettergrepen
iemands veiligheid te grabbel kan gooien
bij weten wat we buitensluiten
wie we welkom heten
wie we tot zondebok maken

De prestigieuze kunstprijs wordt in november uitgereikt door Rianne Letschert, minister van OCW, in de Nieuwe Kerk in Den Haag. Babs Gons (1971) was in 2024 Dichter des Vaderlands.

Abbas spreekt VN toe, delegaties lopen weg bij Netanyahu

0

In New York spraken donderdag zowel de Israëlische premier Benjamin Netanyahu als de Palestijnse president Mahmoud Abbas de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties toe. Abbas deed dit met een videoboodschap, omdat hij opnieuw geen visum had gekregen.

Beide toespraken maakten indruk, maar om verschillende redenen. De toespraak van de Israëlische premier was nog niet begonnen, of tientallen delegaties pakten hun spullen en verlieten de zaal. Het was een georganiseerde actie, waarmee de deelnemers protesteerden tegen de aanwezigheid van de premier en de genocide in Gaza. Netanyahu noemde hen morele lafaards en de burgemeester van New York antisemitisch. Ook verklaarde hij dat de oorlog van Israël in Gaza, waarbij naar schatting meer dan zeventigduizend Gazanen zijn gedood en duizenden anderen nog onder het puin liggen, geen genocide is: ‘Het is het tegenovergestelde van genocide.’

Hoewel de premier kon rekenen op slechts een aantal steunbetuigingen, was hij in staat de vergadering in persoon bij te wonen, ondanks eerdere arrestatiebevelen. Dit was niet het geval voor de Palestijnse president. De Verenigde Staten hadden Abbas en andere Palestijnse vertegenwoordigers opnieuw geen visum verleend, waardoor zij niet persoonlijk in New York aanwezig konden zijn.

In zijn videotoespraak waarschuwde Abbas dat het Palestijnse voortbestaan wordt bedreigd door het Israëlische beleid in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever. Hij verwees daarbij naar de humanitaire situatie in Gaza en de uitbreiding van Israëlische nederzettingen. Abbas riep de internationale gemeenschap op een nieuwe gedwongen verdrijving van Palestijnen te voorkomen en de mogelijkheid van een tweestatenoplossing te behouden.

Buiten het VN-hoofdkwartier waren ondertussen demonstraties tegen Netanyahu. Volgens berichtgeving van the Guardian werden meer dan honderd demonstranten gearresteerd.

Welten steunt Marcouch: ‘Politie-iftar is onderdeel van politiewerk’

0

‘Ahmed Marcouch heeft gelijk’, zegt de Amsterdamse oud-hoofdcommissaris Bernard Welten over het afschaffen van politie-iftars op LinkedIn. ‘Aanwezig zijn bij een iftar en mensen samenbrengen, maakt de politie niet islamitisch.’

Marcouch, burgemeester van Arnhem, pleitte er gisteren in een interview voor dat het organiseren van politie-iftars niet hoeft te betekenen dat het neutraliteitsprincipe van de politie wordt aangetast. Ook zou het volgens hem niet moeten worden beschouwd als voortrekkerij van de islam.

Marcouch krijgt nu bijval van een oude bekende uit Amsterdam. ‘Als hoofdcommissaris van Amsterdam heb ik meerdere malen een iftar mogen organiseren. Honderden Amsterdammers met een islamitische achtergrond gingen op onze uitnodiging in’, schrijft Welten. Vervolgens legt hij uit waarom hij destijds politie-iftars organiseerde.

‘Wanneer ik hen [moslims, red.] toesprak, zei ik ongeveer het volgende:

“Vanavond zitten we als vrienden aan tafel. We ontmoeten elkaar en geven onze verbondenheid vorm. Maar wanneer er later spanningen in de stad ontstaan, wil ik ook een beroep kunnen doen op die vriendschap en op het vertrouwen dat we hier met elkaar hebben opgebouwd.”’

Welten beschouwt het organiseren van een politie-iftar dus als onderdeel van het reguliere politiewerk. In zijn eigen woorden:

‘Dat [het houden van politie-iftars, red.] was geen religieuze activiteit van de politie. Het was politiewerk: investeren in relaties, vertrouwen en wederkerigheid — juist vóórdat de maatschappelijke spanningen oplopen.’

‘Neutraliteit betekent niet dat de politie afstand moet houden van de samenleving’, schrijft Welten. ‘Neutraliteit betekent dat zij er voor iedereen is. Aanwezig zijn bij een iftar en mensen samenbrengen, maakt de politie niet islamitisch. Net zomin als aanwezigheid bij een kerstviering haar christelijk maakt.’

Wie is Bernard Welten?

Bernard Welten (1956) is een Nederlandse oud-politiechef. Hij was van 2004 tot 2011 hoofdcommissaris van de politie Amsterdam-Amstelland. Daarvoor vervulde hij verschillende functies binnen de Amsterdamse politie. Na zijn vertrek bij de politie bleef Welten actief als bestuurder, adviseur en spreker op het gebied van politie, veiligheid en maatschappelijke vraagstukken.

Lees verder:

Marcouch over afschaffing iftar: ‘Politie bezweek voor politieke druk’
Coenradie (JA21): geen iftars, wel kerstborrels bij de politie

Die Linke stuit op weerstand in Berlijn

0

De progressie partij Die Linke mag de Berlijnse deelstaatverkiezingen van 20 september dan gewonnen hebben, de vorming van een nieuwe regering is nog alles behalve zeker.

Die Linke kwam als grootste partij uit de bus met 25,7 procent van de stemmen. Maar om te kunnen regeren, heeft de partij de sociaaldemocratische SPD en de Groenen nodig. Juist die mogelijke coalitiepartners hebben grote twijfels over Die Linke, onder meer vanwege beschuldigingen van antisemitisme en contacten met personen uit een crimineel milieu, schrijft Trouw.

De kwestie rond antisemitisme speelt al langer binnen de Berlijnse Linke. De partij raakte de afgelopen jaren verdeeld over de manier waarop zij zich moet uitspreken over Israël, de Palestijnse gebieden en de oorlog in Gaza. Op een partijcongres in 2024 ontstond daarover een felle ruzie. Een aantal prominente leden stapte vervolgens uit de partij. De huidige partijleiding benadrukt inmiddels dat antisemitisme in iedere vorm moet worden bestreden en dat het bloedbad van Hamas op 7 oktober 2023 wordt veroordeeld.

Toch willen de Groenen en SPD garanties voordat zij met Die Linke een regering vormen. Zij willen onder meer duidelijke afspraken over de bescherming van Joodse inwoners en de bestrijding van antisemitisme en racisme. Binnen de Joodse gemeenschap bestaat overigens geen eensgezindheid over de kritiek op Die Linke. Zo ondertekenden ongeveer 150 Joodse Berlijners onlangs een brief waarin zij waarschuwen dat kritiek op Israël niet zonder meer als antisemitisme moet worden bestempeld.

Ook de contacten met de zogenoemde Remmo-clan vormen een probleem. Die Linke-politicus Ferat Kocak heeft toegegeven contact te hebben gehad met Firas Remmo, die deel uitmaakt van de bekende Berlijnse criminele familie. Kocak noemt dat achteraf een fout, maar tijdens de verkiezingsavond verscheen Issa Remmo op een bijeenkomst van Die Linke in Neukölln. De partij zegt dat zijn aanwezigheid niet was gepland.

Mijn laatste column over de Marokkaan van toen

0

Tijd voor de jaarlijkse APK. Ik schrijf deze column vanuit een garage. De Marokkaanse monteur schenkt koffie voor me in. Zijn stagiair – een jongen met staalblauwe ogen en een oorbel – komt binnengelopen. In zijn kleine bureautje ligt het opgevouwen bidkleed naast een autoband. De geur van olie en rubber.

Het brengt me terug naar de jaren tachtig, toen ik als slagerszoon op maandagavond wacht moest houden in de slagerij, in afwachting van mijn vader, die ergens in Brabant bij een slachterij, waarvan hij alleen het adres wist, geitenvlees haalde. Ook hij had een kantoortje in de zaak. Je kwam er via eenzelfde steil trappetje als ik net ben opgegaan. Vanachter een stalen bureau keek ik uit over de winkel – het adelaarsnest.

Ik was twaalf, dertien jaar. Mijn vader had ook een knecht, een achterneef die een paar jaar ouder was. Hij verdreef de verveling door te bellen met wat ik vermoed dat een vriendinnetje was. De telefoon hing naast het trappetje. Ik hoorde hem zoete woordjes zeggen. Het was maar heel kort, een gestolen moment.

Met de monteur bespreek ik de toestand in Marokko. De exodus van Marokkanen naar Ceuta, de gapende kloof tussen arm en rijk, de verkiezingen waarvoor maar heel weinig mensen kwamen opdagen. Hij heeft familie in Spanje wonen, in een klein stadje in het binnenland waar ze elkaar allemaal kennen. De gemeenschap heeft er twee moskeeën, want één was niet genoeg.

Een Marokkaanse vader fluisterde dat hij in Friesland was gaan varen

Terwijl ik in gedachten reis tussen Marokko, Spanje en mijn Rotterdamse jeugd, bekruipt me het gevoel dat dit misschien mijn laatste column over Marokkanen zou kunnen zijn. Of laat ik het anders zeggen door met u te delen dat ik denk dat Marokkanen een nieuwe fase ingaan.

De Marokkaan die in de jaren tachtig, negentig zijn weg zocht in het paradijs van verlangens dat Nederland is, is niet de Marokkaan van vandaag de dag. Ik zat daar als jochie aan het bureau te wachten op mijn vader, maar wanneer hij zou komen, wist ik niet – en dat karakteriseert wel een beetje het levensgevoel: wachten zonder te weten wat je te wachten stond.

De Marokkaan van nu wacht niet meer. Die is in beweging, laat van zich horen en bijt van zich af. En als we wachten, dan is dat in het besef dat het wachten een scherp begin en einde kent, zoals ik zag toen ik mijn kinderen naar de atletiek bracht, waar tientallen kinderen met een Marokkaanse achtergrond vrij het spel aangingen met elkaar.

Aan de kant stonden de ouders te wachten, met de armen over elkaar, sommigen met elkaar in gesprek. Ik herkende ouders die vroeger snelle hardlopers waren geweest. We wachten onder een waterige zon geduldig tot onze kinderen zijn uitgespeeld, om ze daarna naar huis te brengen.

De Marokkaanse ouders werken allebei. Hun kinderen weten niet beter of er is altijd wel iemand aan de slag. Kinderen krijgen dramales, bijles, Marokkaanse les, zwemles. Een Marokkaanse vader fluisterde dat hij in Friesland was gaan varen. Het beviel hem wel.

In gedachten zie ik dat jongetje aan het bureau zitten terwijl ik deze column afsluit. De APK zit er bijna op. Deze monteur werd me getipt door een Marokkaanse vriend wiens zoon planologie aan de universiteit studeert.

Er is een oneindig netwerk van losse verbanden ontstaan waarin we elkaar bijna blindelings lijken te vinden. Dat het zo vanzelfsprekend voelt, is misschien wel het grootste wonder.

De opmars van de AfD raakt ook Nederland

0

Begin deze maand won de AfD met 43,8 procent van de stemmen de verkiezingen in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt. Twee weken later werd de partij met 38,8 procent ook de grootste in Mecklenburg-Vorpommern. De CDU (christendemocraten) behaalde daar slechts 4,9 procent en bleef voor het eerst in haar geschiedenis bij een deelstaatverkiezing onder de kiesdrempel. De opmars van een bewezen rechtsextremistische partij schrikte niet alleen Duitsland op.

In haar verkiezingsprogramma pleit de AfD onder meer voor het ‘deporteren’ van criminele buitenlanders en een volledige immigratiestop voor bepaalde niet-EU-landen. Vluchtelingen die hun land van herkomst bezoeken, zouden hun beschermingsstatus moeten verliezen en Oekraïners wil de partij niet langer als oorlogsvluchtelingen erkennen. Ook moet het grondwettelijke recht op asiel plaatsmaken voor een toelatingsrecht dat door de staat wordt verleend. Van nieuwe Duitsers eist de AfD dat zij hun oude identiteit loslaten en een Duitse identiteit aannemen. Vluchtelingenkinderen moeten op school in aparte klassen les krijgen. Ook wil de partij een instituut voor kritisch onderzoek naar de islam.

Voor iemand zoals ik, een Turkse Nederlander, zijn dit geen abstracte programmapunten. Dat geldt ook voor veel Nederlanders en Duitsers met wortels elders. Onze ouders kwamen ooit naar Nederland en Duitsland om te helpen bij de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Wij groeiden hier op, net als onze kinderen. Nederland is ons thuis, zoals Duitsland het thuis is van miljoenen Duitsers met een migratieachtergrond.

Niet alleen Nederlanders met een migratieachtergrond zijn verontrust. Ook autochtone Nederlanders en – gelukkig maar – veel Duitsers zien met zorg de rücksichtslose opmars van de AfD. Nog geen eeuw geleden vervolgden en vermoordden de Duitse nazi’s miljoenen mensen vanwege hun afkomst en identiteit. Dat juist in Duitsland opnieuw een partij opkomt die mensen op grond van afkomst en identiteit van elkaar onderscheidt, maakt de opmars van de AfD extra beladen.

Terrorismedeskundige Beatrice de Graaf wees in De Ongelooflijke Podcast op de geschiedenis van de twee voormalige Oost-Duitse deelstaten waar de AfD nu de grootste partij is. Na de val van de Muur in 1989 bleven grote economische en sociale verschillen met West-Duitsland bestaan. Dat kan de opkomst van extreemrechts deels verklaren.

De rechtsstaat verdwijnt zelden in één klap

Maar extreemrechts is niet alleen een Oost-Duits verschijnsel. Zowel in het oosten als het westen kent Duitsland een lange geschiedenis van racistisch geweld: van Hoyerswerda, Rostock-Lichtenhagen, Mölln en Solingen in de jaren negentig tot de NSU-moorden en de aanslagen in Halle en Hanau.

En dat geweld behoort niet tot het verleden. In 2025 registreerden de Duitse autoriteiten 42.544 extreemrechts-politiek gemotiveerde misdrijven, waaronder bijna 1.600 geweldsdelicten. Juist in Mecklenburg-Vorpommern behoort het aantal van zulke geweldsdelicten per inwoner tot de hoogste van Duitsland. Tegen die achtergrond krijgt de verkiezingswinst van de AfD een welhaast nucleaire lading.

Columnist Yavuz Baydar wees erop dat AfD-politicus Siegmund na zijn overwinning Elon Musk op X bedankte. Musk heeft de AfD geregeld een groot podium gegeven. Ook mogelijke Russische beïnvloeding van de partij leidt tot zorgen in Duitse veiligheidskringen. Mocht de AfD gaan meeregeren, welke vertrouwelijke informatie kan dan nog met de deelstaat worden gedeeld?

In Nederland leven we in betrekkelijke politieke rust onder het kabinet-Jetten. Maar de honden liggen aan de poort. De Algemene Politieke Beschouwingen van afgelopen week maakten duidelijk hoe kwetsbaar het minderheidskabinet is. D66, VVD en CDA zijn voor meerderheden afhankelijk van oppositiepartijen, terwijl ook binnen de coalitie verschillend wordt gedacht over de koers.

Wie denkt dat de ontwikkelingen elders in Europa aan Nederland voorbijgaan, hoeft niet ver te kijken. Extreemrechtse symbolen en ideeën worden ook hier steeds zichtbaarder: Hitlergroeten duiken op bij demonstraties, politieke partijen stellen ‘remigratie’ voor. Columnist Frank Heinen schreef onlangs over de normalisering van extreemrechts in de Volkskrant.

De Kanttekening was afgelopen zaterdag bij het congres Cultuurdefensie in Amersfoort, georganiseerd door de wetenschappelijke bureaus van SGP, BBB en NSC. Daar ging het over ‘massamigratie’, de islam, woke en de vermeende invloed van een linkse elite. Mona Keijzer zei te vrezen dat haar kleindochter later een hoofddoek zal moeten dragen.

Duitsland is Nederland niet. Maar mijn wijlen vader zei altijd: ‘Als er in Duitsland wolken te zien zijn, gaat het in Nederland regenen.’ Wat daar gebeurt is ook voor ons van groot belang. Met het kabinet-Schoof hebben we gezien hoe snel politieke verhoudingen kunnen verschuiven en hoe kwetsbaar onze rechtsstaat kan zijn.

De les uit Duitsland is dat democratische verworvenheden nooit vanzelfsprekend zijn. De rechtsstaat verdwijnt zelden in één klap; hij wordt stap voor stap uitgehold. Eerst worden de rechten van vluchtelingen, moslims of mensen met een migratieachtergrond ter discussie gesteld. Maar wie accepteert dat de rechten van de ander minder waard worden, verliest uiteindelijk ook zijn eigen vrijheid. Tegen de tijd dat we dat beseffen, kan het al te laat zijn.

Mitra Nazar: ‘Als journalist ben je in Turkije altijd op je hoede’

0

In haar boek In de greep van Erdoğan vertelt journalist Mitra Nazar over haar jaren als correspondent in Turkije, van 2019 tot 2025.

Mitra Nazar was zes jaar lang NOS-correspondent in Turkije. Ze deed onder meer verslag van de aardbeving van 2023 en de arrestatie van de Istanbulse burgemeester Ekrem Imamoglu. Inmiddels is ze weer terug in Nederland. Met In de greep van Erdoğan sluit ze haar jaren als correspondent af. Jaren waarin ze merkte dat je, hoe je het ook wendt of keert de belangrijkste man van Turkije heen kunt.

In vrijwel elk verhaal dat Nazar maakte, dook Erdogan op. Dat is volgens haar niet zo vreemd. Sinds de invoering van het presidentiële systeem in 2018 is veel macht bij de president komen te liggen. Hij heeft directe controle over ministers, het ambtenarenapparaat en het leger. Ook het communicatiedepartement, waar buitenlandse journalisten zich moeten melden, valt rechtstreeks onder de president. Bovendien kan Erdogan per decreet regeren.

Je begint je boek met een citaat van journalist Christiane Amanpour: ‘Het is onze taak waarheidsgetrouw te zijn, niet neutraal.’ Waarom juist dit citaat?  journalisten meer zijn dan ‘objectief’?

‘Neutraliteit wordt vaak verward met objectiviteit, terwijl neutraliteit betekent dat je twee tegengestelde standpunten op hetzelfde platform zet en er gelijk gewicht aan geeft. Objectiviteit is niet beide kanten evenveel ruimte geven, maar de feiten laten bepalen waar de waarheid ligt. Als iemand zegt: het regent, en iemand anders zegt: het regent niet. Dan is het aan ons als journalisten om naar buiten te gaan en te kijken of het regent. In de Turkse context: de regering kan zeggen: er is persvrijheid en onafhankelijkheid van de rechtspraak in Turkije. Het is aan ons om naar buiten te gaan en verslag te doen van hoe het werkelijk is, niet om te zeggen: de Turkse regering zegt X en de oppositie zegt Y.’

Gaf de aardbeving de doorslag om dit boek te schrijven, of was je er al langer mee bezig?

‘Het idee om een boek te schrijven kwam nadat ik de podcast Erdogan: de Naschok maakte in 2023, die gaat over de periode tussen de aardbeving en de verkiezingen. Ik had al voor de ramp het plan om een podcast te maken over Erdogans leiderschap in de context van het honderdjarige bestaan van de republiek Turkije. Maar de ramp veranderde de insteek en het ging meer over Erdogans politieke lot. Het boek werd uiteindelijk nog een stuk breder.’

Ik moet bekennen dat ik de delen over de aardbeving het interessantst vond, ook omdat je er zelf bijna aan onderdoor ging. Het heeft er flink ingehakt, hè? Voel je geen survivor’s guilt?

‘De ramp heeft een grote impact gehad, ja. Ik was de eerste twee weken non-stop in het rampgebied, ik zag, hoorde en voelde de primaire paniek van mensen die zochten naar familieleden onder het puin. Dan sta je erbij en voel je je behoorlijk machteloos. Rationeel weet je dat je als journalist een taak hebt, maar gevoelsmatig wil je meer doen. Het leed waar ik getuige van was, is in me gaan zitten.

‘In Istanbul is het aardbevingsrisico ook groot´

Daarnaast worstelde ik erna erg met mijn gevoel van veiligheid, en dat van mijn gezin. In Istanbul is het aardbevingsrisico ook groot, en ik moest mijn dochter uitleggen waarom ik aan haar bed een fluitje had opgehangen (zodat ze sneller gevonden kan worden als ze onder het puin terechtkomt). Iedereen die ik kende had er last van, ik was onderdeel van een collectief trauma.’

Je noemt Erdogans Turkije in het boek meerdere keren een ‘regime’. Maar zijn macht berust toch op democratische verkiezingen? Waarom spreek je dan niet van de regering-Erdogan?

‘In de afgelopen jaren zijn academici en duiders steeds vaker van een regime gaan spreken vanwege het democratische verval en gebrek aan onafhankelijkheid van instituties, maar ook vanwege het ongelijke speelveld bij verkiezingen, et cetera. Die tekenen waren er natuurlijk al veel eerder, maar vooral na de aanval op de oppositie in 2025 en de arrestatie van Imamoglu vind ik het geoorloofd om te spreken van een regime. Reële concurrentie bij volgende verkiezingen is er op dit moment nauwelijks nog.’

Dus het is objectiever om over een regime te spreken?

‘Lastig. Wellicht zitten we in een tussenfase.’

Die tussenfase duurt dan al meer dan een kwart eeuw. Je zou de mislukte vredesonderhandelingen met de Koerden in 2015 of de couppoging van 2016 als kantelpunt kunnen zien en vanaf dat moment van het Erdogan-regime kunnen spreken. Sindsdien heeft Erdogan op ondemocratische wijze veel levens verwoest, direct of indirect, in Turkije en daarbuiten. Zo kijk ik er althans naar. Moeten journalisten niet kleur bekennen? Speaking truth to power?

‘Natuurlijk is duidelijk dat Erdogans Turkije al heel lang geen liberale democratie meer is en dat Erdogan een autocratische leider is. Aan de andere kant lieten de lokale verkiezingen van 2019 toch ook zien dat de oppositie via de stembusgang kon winnen van de machtige AKP. Wat je er ook van vindt, dat was voor veel mensen een teken dat er nog iets over was van het democratische proces. Er was hoop dat Erdogan wellicht ook op landelijk niveau te verslaan was. IJdele hoop, zo bleek vijf jaar later.’

Is Turkije wel te begrijpen vanuit het seculiere Kadıköy met cocktailavonden?

‘Je doelt op de plek waar ik woonde. Gelukkig bleef ik voor mijn verslaggeving niet alleen in de wijk waar ik woonde, integendeel. Ik vond het trouwens juist een interessante wijk omdat Kadıköy vol zit met Gen Z, de nieuwe generatie, erg belangrijk voor de toekomst.’

Zijn zij niet, met alle respect, een beetje internally displaced persons? Zij willen toch allemaal weg uit Turkije?

‘De jonge generatie is interessant. Ze zijn namelijk enerzijds helemaal niet politiek (en bijster weinig bereid om te stemmen), maar aan de andere kant zijn ze juist wel erg politiek uitgesproken. Ze stonden in de frontlinie van de protesten na de arrestatie van Imamoglu. Het is de generatie die opgroeide met maar één leider: Erdogan. Maar het is ook de generatie die grotendeels opgroeide zonder lineaire televisie (tv die veelal onder controle staat van de regering). Ik heb jongeren horen zeggen dat Erdogan de president is van hun ouders, niet van hen. Wat jongeren het meest dwarszit, is hun gebrek aan perspectief in Turkije. Ze zien hun kansen met het jaar slinken, hun economische situatie keihard achteruitgaan. De braindrain is al in volle gang en zal nog groter worden. Gen Z stemt met de voeten.’

Je zegt geen Erdogan-watcher te willen worden, maar werd het toch. Toch heb je geen interview met hem kunnen regelen. Wel geprobeerd?

‘Wel geprobeerd, niet gelukt. Helaas.’

Had de seculiere CHP vanwege haar verleden eigenlijk wel een kans tegen Erdogan? De partij heeft het minderheden en religieuze, niet-seculiere Turken in het verleden behoorlijk moeilijk gemaakt.

‘Ik denk dat de CHP lange tijd inderdaad geen kans had tegen Erdogan. Maar dat is in de laatste jaren wel veranderd. De partij is in de loop der jaren inclusiever geworden. Het Imamoglu-effect is daarin niet te onderschatten. Een politicus met een conservatieve achtergrond, afkomstig uit het Zwarte Zeegebied, die zowel seculieren als conservatieven aanspreekt. Pas toen Imamoglu zich vestigde in de politiek, werd de oppositie een bedreiging voor Erdogans macht. En daar ligt ook de verklaring voor het feit dat hij nu in de gevangenis zit.’

‘Pas toen Imamoglu zich vestigde in de politiek, werd de oppositie een bedreiging voor Erdogans macht’

Aan de andere kant: had het seculiere regime gelijk? Was Erdogan een islamistische wolf in schaapskleren?

‘Daar zijn de meningen over verdeeld. De vraag is of Erdogan altijd van plan was het autocratische pad te gaan bewandelen of niet. We zullen het misschien nooit echt weten.’

Je schrijft: ‘Atatürk was een bijzonder knappe man, zelfs op latere leeftijd. Zijn grote, felblauwe ogen versterkten dat beeld. Zijn oogkleur week af van die van de gemiddelde Anatolische Turk, die meestal bruine ogen heeft. Blauwe ogen golden als een teken van Europeesheid, van vooruitgang en moderniteit. Die associatie werkt tot op heden door in de laatdunkende manier waarop wordt gesproken over ‘witte Turken’ en ‘zwarte Turken’. Waarbij de witte Turken het seculiere en hoogopgeleide deel van de bevolking vertegenwoordigen en de zwarte Turken de rurale en laagopgeleide conservatieve Turken.’

Heb jij, als iemand die niet blond is, dit ook zo ervaren in Turkije? Hoe werd jij beoordeeld op je uiterlijk? Genoot je ‘Turks privilege’ onder ‘zwarte Turken’ (zoals ik heb als ik in Turkije ben), of hadden mensen meteen door dat je niet-Turks bent?

‘Ik werd in Turkije gewoon gezien als een buitenlander, iemand uit het Westen. Vooral ook vanwege mijn gebrekkige Turks. Als mijn naam viel, veranderde de sfeer soms wel. Vooral op het platteland reageerden mensen enthousiaster als ik vertelde dat ik half Iraans ben dan als ik vertelde dat ik half Nederlands ben.’

Je schrijft: ‘Atatürks project, hoewel niet altijd vrijwillig en al helemaal niet democratisch, was wel succesvol. Hij wist een groot deel van de bevolking achter zich te krijgen: mensen die zijn afkeer van het Ottomaanse kalifaat deelden. Wat ervoor in de plaats kwam, was echter opnieuw een sterk sturend en ideologisch systeem, dat door sommigen als even dogmatisch werd ervaren als de rol die de islam eerder in het Ottomaanse Rijk had gespeeld. Het secularisme werd voor veel aanhangers ervan hun religie, en Atatürk was hun God.’

Hoe kan Atatürks project een succes zijn als een islamist vijftig jaar later toch via verkiezingen de macht grijpt? Of hebben Atatürk en Erdogan meer gemeen dan op het eerste gezicht lijkt?

‘Erdogan en Atatürk worden vaak vergeleken, omdat ze de twee belangrijkste mannen in de Turkse geschiedenis zijn. Maar ook omdat ze allebei bekendstaan als sterke, charismatische leiders die lang aan de macht waren en weinig tegenspraak duldden. Natuurlijk is een andere bindende factor het Turkse nationalisme, dat ze beiden uitdragen. Maar ze zijn ook elkaars grootste tegenpolen en staan voor de diepgewortelde polarisatie die tot op de dag van vandaag springlevend is in de samenleving. Ik vond het vooral bijzonder om te zien hoe een historische figuur die al 87 jaar dood is, nog zo’n grote rol speelt in de hedendaagse politiek, cultuur en samenleving.’

In je boek schrijf je ook over zelfcensuur onder journalisten in Turkije. Heb je daar zelf ook mee geworsteld? En hoe bepaal je als journalist hoever je kunt gaan?

‘Als journalist ben je in Turkije altijd op je hoede. Je bent je ervan bewust dat alles wat je doet, schrijft en publiceert, wordt gezien en gemonitord. Toch heb ik zonder concrete beperkingen mijn werk kunnen doen, en dat heb ik te danken aan het feit dat ik een buitenlandse journalist ben en dat de betrekkingen tussen Nederland en Turkije redelijk goed waren in de periode dat ik er zat. Mijn Turkse collega’s zijn degenen die de grootste risico’s lopen, zij staan echt in de frontlinie. Dat zie je nu ook weer bij de golf van arrestaties van lhbti+’ers onlangs, waarbij ook weer een aantal journalisten is opgepakt. Toen in 2025, rond de protesten na de arrestatie van Imamoglu, talloze journalisten van hun bed werden gelicht en gearresteerd, werd het wel even heel gespannen voor ons allemaal. Ook BBC-journalist Mark Lowen werd toen in zijn hotel aangehouden en het land uitgezet. Dat voelde voor ons als buitenlandse journalisten als een waarschuwing.’

Ik denk bijvoorbeeld aan de Gülen-sympathisanten die na de mislukte staatsgreep van 2016 massaal zijn vervolgd. Je schrijft daar wel over, maar in het boek komt geen Gülen-sympathisant zelf aan het woord. Terwijl het nog altijd een van de zwaarst vervolgde groepen in Turkije is.

‘In de jaren waarin ik in Turkije werkte, werden er nog steeds mensen opgepakt vanwege banden met de Gülen-beweging. Dat gaat inderdaad nog altijd door. Maar het is ook een groep die in Turkije onder de radar leeft en vanwege de risico’s liever niet met journalisten praat.’

En dan nu de blik op het Westen. ‘Maar het Turkije van Erdoğan is geen gezonde democratie zoals Duitsland. Rechters en aanklagers volgen de wil van de president, en in zo’n context kan een wet tegen nepnieuws makkelijk worden gebruikt tegen iedereen die de regering niet aanstaat’, schrijf je ergens.

Is Europa sinds de genocide in Gaza niet meer op Turkije gaan lijken als het gaat om censuur en de aanpak van pro-Palestinademonstranten? Zijn onze media wel echt onafhankelijk? Kunnen we hier wel de waarheid over (westerse) machthebbers opschrijven?

‘Ik denk dat je moet oppassen met het vergelijken van Europese democratieën met de Turkse. In de meeste Europese landen is sprake van een goed functionerende, onafhankelijke rechtspraak. En ja, pro-Palestinademonstranten worden geregeld opgepakt. De proportionaliteit ervan is terecht een discussiepunt, maar in een land als Nederland kun je rekenen op een eerlijk proces. Dat gezegd hebbende, denk ik dat elke democratie kwetsbaar is en dat het een hellend vlak kan zijn. Kijk maar naar de Verenigde Staten onder Trump.’

‘Het verwijt van morele hypocrisie slaat altijd weer terug op hemzelf’

Je haalt Erdogan aan over Israël en Gaza. ‘Hij sprak over morele hypocrisie. “Israëls oorlogsmisdaden en genocidale acties worden gepleegd in het volle zicht van de hele wereld”, zei hij in mei 2024. “Die internationale organisaties die ons de les lezen over mensenrechten, die zwijgen over Gaza.”’

Heeft Erdogan hier een punt? Hebben we hier in het Westen nog enige geloofwaardigheid tegenover de islamitische wereld?

‘Hij heeft een punt als het gaat om het uitblijven van harde sancties tegen Israël en het gebrek aan veroordeling van genocidale acties in Gaza. Maar het verwijt van morele hypocrisie slaat altijd weer terug op hemzelf. Als je kijkt naar de repressie en schendingen van mensenrechten in eigen land, kun je je afvragen of Erdogan de meest geloofwaardige scheidsrechter is. Je kunt er ook voor kiezen om die twee zaken los van elkaar te zien.’

Uitstel van het uitroeien

0

Ezra Klein schreef in september in The New York Times dat het niet zo heel veel uitmaakt of je naar het einde van de klif toe wandelt of dat je erheen rent: te pletter vallen is te pletter vallen. Het ging natuurlijk over AI en er zit wel iets in de redenering van Klein, al zou je kunnen zeggen dat de gehele geneeskunde niet veel meer doet dan het vertragen van het onvermijdelijke. Uitstel van te pletter vallen kan heel prettig zijn, zeker als het substantieel uitstel is.

Zoals genoegzaam bekend zei Anthropic-onderzoeker Evan Hubinger recent dat hij de kans groter dan 10 procent acht dat AI de mensheid zou uitroeien. Over de vraag hoe groot hij de kans achtte dat het atoomwapen dat zou doen, repte hij niet. En als de vraag slechts is: zullen we naar de klif wandelen of rennen, dan is het toch wel aardig uit te zoeken welke klif het dichtstbij ligt. Het klimaat, atoomwapens, AI? Om welke bedreiging moeten we samendrommen op het Museumplein?

Over het atoomwapen kunnen we nog zeggen dat er redelijke pogingen zijn gedaan om de verspreiding ervan een beetje te reguleren, en Amerika, zeker na 9/11, heeft besloten dat atoomwapens niet in handen mogen vallen van terroristen en andere onverantwoordelijken. Die weten immers niet wat afschrikking is.

De hele oorlog tegen Iran werd officieel gevoerd om te voorkomen dat Iran een atoomwapen in handen zou krijgen. Dat land zou volgens sommige experts – en een beetje ironisch is het wel – juist na de Amerikaanse Irakoorlog in 2003 geconcludeerd hebben dat het atoomwapen zeer wenselijk is. Je staat anders machteloos tegenover het imperium.

In zijn stuk over het rennen naar de klif citeerde Ezra Klein de romanschrijver Madeline Miller: ‘Wie tegen de profetie vecht, trekt haar alleen maar strakker om zijn keel.’

Was de oorlog minder genocidaal en bloederig geweest als niet AI, maar mensen de doelen hadden uitgekozen?

Dat geldt niet alleen voor AI. Neem weer Irak en de pogingen van de VS om het Midden-Oosten door middel van geweld te doen veranderen in bloeiende landschappen, met heersers die de Amerikanen welgezind zijn en die, als het een beetje kan, de democratie hoog in het vaandel dragen. Het resultaat was chaos, bloedbaden, oorlogen en het versterken van oude vijanden.

Maar het citaat van Miller heeft dus ook betrekking op AI. De waarschuwingen die aan het eind van de zomer over de wereld spoelden, hadden te maken met wat ‘recursieve zelfverbetering’ wordt genoemd. AI leert zichzelf steeds beter te worden en ontsnapt zo aan de controle van de mens, gaat zich tegen de mens keren – niet eens zozeer omdat AI een hekel heeft aan de mens, maar omdat AI zijn doelen wil bereiken, desnoods met middelen die de mens onethisch vindt.

De voorbeelden zijn min of meer bekend. Tijdens een oefening – let wel: een oefening, blijf rustig zitten – van het Amerikaanse leger schakelde AI Amerikaanse officieren uit omdat die ethische bezwaren hadden tegen bepaalde middelen die AI wilde inzetten.

Een man in Australië had AI de opdracht gegeven een plaatsje voor hem te boeken in een sportklas. De klas zat echter vol, waarna AI de sportschool hackte, wat reserveringen voor het bewuste klasje verwijderde en de naam van zijn opdrachtgever erbij zette.

Gaat de mensheid hieraan kapot? Iedereen die weleens AI heeft gebruikt, weet dat AI liegt, vaak op uiterst subtiele wijze. Citaten die oorspronkelijk lijken, maar waarin gerommeld is zodat de opdrachtgever tevreden blijft (‘bewijs dat Spinoza een liefhebber was van democratie’), biografieën die net niet kloppen of soms zelfs helemaal niet kloppen. Een Duitse filosoof beklaagde zich onlangs op X dat hij op een evenement rond zijn eigen boek werd voorgesteld door een gerenommeerde zestiger die hem volledig fout introduceerde. De filosoof schreef dat hij liever zijn ballen zou afsnijden dan dat hij ooit AI een letter voor hem zou laten schrijven.

Misschien moeten we het dreigement met zelfmutilatie even laten voor wat het is en constateren dat AI heel goed is in jokken. En ook kunnen we aannemen, zoals velen ons al hebben verzekerd, dat de AI-bazen allerlei belangen hebben om de AI-apocalyps van de daken te schreeuwen. Die vaststellingen mogen alleen niet verbloemen dat er ook concrete gevaren aan AI zitten, niet in de laatste plaats op het gebied van oorlogvoering.

Hack dit ziekenhuis. Maak binnen 24 uur je eigen biologische wapen.

We weten dat het Israëlische leger systematisch AI de opdracht gaf doelen in Gaza te selecteren om die vervolgens te bombarderen. Maar was de oorlog minder genocidaal en bloederig geweest als niet AI, maar mensen de doelen hadden uitgekozen?

Ooit verdedigden oorlogsmisdadigers zichzelf met de woorden dat ze slechts, als elke andere goede soldaat, bevelen hadden opgevolgd.

Straks zullen mensen zeggen: ‘Ik was het niet, AI is het geweest.’