Steeds meer burgemeesters over de hele wereld pakken een steeds grotere rol op het politieke toneel. Extreemrechtse tijden zouden hen daartoe nopen, meldt the Guardian.
‘We hebben een nieuwe rol’, klinkt het van Boedapest tot Barcelona en van New York tot Parijs. In de Hongaarse hoofdstad was het verbod op de pridemars de aanleiding voor burgemeester Gergely Karácsony om nadrukkelijk op de voorgrond te treden. Hij nodigde onder anderen zijn collega-burgemeester Femke Halsema uit voor de Pride Walk, een uitnodiging die zij gretig aannam door toch mee te demonstreren.
De Amsterdamse burgemeester, die zich in 2025 onder meer uitsprak tegen de politiek van Geert Wilders en tegen de genocide op de Palestijnen in Gaza, is een van de boegbeelden van het burgemeesterschap 2.0, oftewel bestuurders die geen genoegen nemen met een louter ceremoniële rol van lintjes knippen. Integendeel, zij pakken het podium en begeven zich in de frontlinie van het politieke debat.
‘Ik denk dat burgemeesters over de hele wereld zich beginnen te realiseren dat we een nieuwe rol hebben, een rol die voorheen niet bestond’, aldus Jaume Collboni, burgemeester van Barcelona, tegen the Guardian. ‘We hebben ons gerealiseerd dat de mondiale problemen waar we allemaal mee te maken hebben, lokale oplossingen vereisen.’
In Barcelona deed hij van zich spreken door de toenemende huizencrisis te agenderen, maar ook door een streep te zetten door sloopplannen voor relatief goedkope appartementenblokken. Daarnaast nam hij een leidende rol in het nieuwe collectief Burgemeesters voor Volkshuisvesting, waar ook de burgemeester van Amsterdam bij is aangesloten.
‘Wij staan in de frontlinie van het dagelijks leven van burgers’, aldus Collboni. ‘Het is dan ook niet verwonderlijk dat wij degenen zijn die zeggen dat het zo niet verder kan.’
Andere belangrijke spelers in het nieuwe burgemeesterschap zijn Zohran Mamdani en Sadiq Khan, respectievelijk burgemeester van New York en Londen. Ook zij bevinden zich in de frontlinie van de zogenoemde ‘cultuuroorlog’ die volgens sommigen in de westerse wereld woedt: het idee dat de westerse cultuur onder druk zou staan door immigratie. Tegelijkertijd stellen deze progressieve burgemeesters dat juist in hun steden Europese waarden en democratie volledig tot uiting komen en actief worden verdedigd.
Vorig jaar zijn we er niet in geslaagd. Gaat het ons dit jaar wel lukken?
Moslims en Joden in Nederland lijken met hun onderlinge verhouding gevangen te zitten in een vicieuze cirkel. Althans, om de waarheid geen geweld aan te doen, in ieder geval een deel van beide gemeenschappen.
Vanaf het moment dat de gewelddadigheden op de bekende, onbeschrijfelijke zevende oktober ’23 uitbraken, met alles wat daarna kwam, werden verwoede pogingen ondernomen om te proberen hoe dan ook onze gemeenschappen bij elkaar te houden. Ondanks de pijn, het verdriet, de boosheid en al die andere emoties die er heersten en nog steeds volop aanwezig zijn.
Een eerste bijeenkomst hiertoe, in de ambtswoning van de Amsterdamse burgemeester, luttele uren na het uitbreken van het eerste geweld, was een initiatief dat kwam vanuit beide gemeenschappen zelf. ‘Alsjeblieft, laten wij proberen hier in Nederland de vrede te bewaren. Laten wij ervoor zorgen dat wij ons hier niet tot elkaars vijand laten maken.’ Helaas gaf niet iedereen gehoor aan deze oproep. En dat dit gebeurde lag ook voor de hand. Leven met de voortdurende beelden vanuit Israël, Palestina en Gaza is nu eenmaal voedsel voor verbittering, haat en nijd.
Demonstraties, vlaggengeweld, solidariteitsbijeenkomsten en vernielingen begonnen het straatbeeld op momenten in onze steden te beheersen. Naast alle andere sentimenten kwam daarbij ook het fenomeen angst bij velen naar boven. Angst voor die ander in ons land. De Jood werd de vertolking van het ene kwaad in het Midden-Oosten. De moslim werd de verpersoonlijking van het andere kwaad. Met ons allen lieten we de beeldvorming haar werk doen.
We weten hoe fragiel de onderlinge verhoudingen zijn
Allemaal hebben we hierin fouten gemaakt. Met het voortschrijden van de tijd sinds oktober 2023 konden we met onze eigen ogen zien hoe de verhoudingen radicaliseerden. We zagen wat er misging bij de demonstratie op de dag van de opening van het Nationaal Holocaust Museum. Daarnaast het geweld en de zinloze vernielingen op en rond universiteiten in ons land. Dit had een wake-upcall moeten zijn. Zo benaderen wij elkaars gemeenschappen? Roepen dat er daar in het Midden-Oosten vrede moet komen en hier in ons eigen land vijandschap creëren?
Maar wat waren dan onze fouten? Een enkel voorbeeld.
We koesteren onze vrijheid van meningsuiting. In woord en geschrift. In de sport en bij kunst en cultuur. En dat moeten we vooral blijven doen. Maar, en dat is een grote ‘maar’, hóé blijven we dit doen?
Een artiest op het podium of een vlaggenwaaier op het kerkplein zouden we geen strobreed in de weg moeten leggen, zolang het uitdragen van de boodschap, ook wanneer het een politieke is, maar binnen de grenzen van het wettelijk toelaatbare blijft.
Maar altijd moeten we ons wel afvragen of dat wat we doen verstandig is. Een popartiest in een van die cultuurtempels die ons land rijk is, moet, zoals gezegd, binnen de grenzen van de vrijheden die er zijn, uit laten kramen wat deze wenst. Maar wanneer we weten dat dit de medeburger met wie onze politieke of religieuze inzichten zo verschillen een gevoel van animositeit, angst of niet gewenst zijn geeft, is het dan wel verstandig om zo’n evenement op deze manier te organiseren?
Een Joods concert met ook religieuze dimensies zal natuurlijk in ons land altijd plaats moeten kunnen vinden. Op de manier zoals de organisator of de gemeenschap die hierbij betrokken is het wenst. Met welke artiesten dan ook. Echter, ook hier geldt hetzelfde. We weten hoe fragiel de onderlinge verhoudingen zijn. We hebben het gezien bij de opening van het Holocaust Museum. We maken het mee op de campussen van de universiteiten en hogescholen. We hebben gezien hoe vreselijk het mis kan gaan tussen voetbalhooligans. Nogmaals, de vraag is niet of het mocht, maar was het wel zo verstandig om dan die zanger te brengen die in de ogen van die ander als een uitlokking of een uitdaging wordt gezien?
Op het grote politieke wereldtoneel is het helaas ook dit jaar nog niet gelukt om vrede in het Midden-Oosten te brengen.
In ons kleine Nederland is het binnen delen van onze beide islamitische en Joodse gemeenschappen niet gelukt om de animositeit, de negatieve beeldvorming, het wantrouwen en de vooroordelen voor elkaar weg te nemen. Het afgelopen jaar niet.
Gaat het nu in 2026 wel lukken? Met het voortdurend beantwoorden van de vraag ‘is dit wel verstandig?’ kan het dit jaar zeker lukken om de vicieuze cirkel van wederzijds misnoegen en gebrek aan vertrouwen te doorbreken.
Ook wanneer het ons nog niet gegeven is om de vrede in het Midden-Oosten te beleven, kunnen wij tenminste dicht bij huis samenwerken om een vreedzaam Nederland wel dichterbij te brengen.
De ontvoering van de Venezolaanse president Nicolás Maduro door de Verenigde Staten is in strijd met het internationaal recht. Trump schokt de wereld, en tart ook zijn eigen Amerikaanse grondwet. Het illustreert dat hij zich niets tot weinig aantrekt van morele en juridische grenzen.
Dat groepen Venezolanen opgelucht zijn over het vertrek van Maduro is begrijpelijk. Hij was een wrede dictator, liet tegenstanders opsluiten en vermoorden en stortte het land in de economische afgrond. Maar de schurkenstatus van Maduro maakt Trumps ingrijpen niet legitiem. Is de VS unilateraal de politieagent van de wereld? Nee. Was er een arrestatiebevel voor Maduro uitgevaardigd vanuit het Internationaal Strafhof? Nee. Dat was er overigens wel tegen oorlogsmisdadiger Benjamin Netanyahu, maar die wordt door de VS juist met alle egards ontvangen.
Extra zorgwekkend zijn Trumps uitspraken over Venezolaanse olievoorraden, die volgens hem bestemd zouden zijn voor de Verenigde Staten, evenals zijn suggestie dat hij het land tijdelijk zou willen besturen. Wat ‘tijdelijk’ precies betekent en hoe zo’n bestuur eruit zou zien, blijft onduidelijk.
Het enige wat Trump wel bereikt, is dat andere grootmachten ook verdergaan op de reeds ingeslagen weg van landverovering. Vladimir Poetin kan na Oekraïne verdergaan: wordt het Estland, Letland of Litouwen? Xi Jinping zal zijn aarzeling ten aanzien van Taiwan laten varen. Israël blijft doorgaan met landjepik en de terrorisering van Palestina, Libanon en Syrië. Zo verandert de wereld na de koloniale tijd en de wereldoorlogen van de 20e eeuw opnieuw in een verdeelkaart van imperialistische invloedssferen. Het internationaal recht was bedoeld om daar een einde aan te maken, maar vanuit Den Haag en Brussel klinkt slechts voorzichtig gemor.
Voor veel (progressieve) Europeanen is deze koers van de Verenigde Staten evenwel een schok. De onrust werd dit weekend verder aangewakkerd door Trumps opmerkingen over Groenland, dat de VS volgens hem ‘nodig heeft’, gevolgd door de woorden: ‘Laten we over twintig dagen over Groenland praten.’
Wat wél nieuw is, is dat Trump zich niet eens meer beroept op mensenrechten of rechtsprincipes
Voor landen buiten Europa is dit alles minder verrassend. De Verenigde Staten hebben een lange geschiedenis van dergelijke interventies: van de inval in Panama en de arrestatie van dictator Noriega in 1989 tot de oorlog in Irak en de afzetting van Saddam Hoessein in 2003, geïnitieerd onder valse voorwendselen van massavernietigingswapens en vermeende banden met al-Qaeda.
Wat wél nieuw is, is dat Trump zich niet eens meer beroept op mensenrechten of rechtsprincipes. Dat moet worden opgevat — Trump laat daar geen twijfel over bestaan — als de definitieve ontmaskering van Amerika als vermeende ‘brenger van vrijheid en rechten’, een kernmythe van het Amerikaanse liberalisme. Hij ziet de wereld als een handelsarena waarin het recht van de sterkste geldt, en waarin macht wordt afgedwongen door dreigen, binnenvallen en afpersen. Tegelijkertijd trekt hij zich verder terug uit de NAVO en blijft hij het Internationaal Strafhof ondermijnen. De zelfverklaarde leider van ‘de vrije wereld’ toont daarmee opnieuw zijn ware gezicht. Dit kan niet zonder verzet blijven van iedereen die vrijheid liefheeft.
Het is daarom geruststellend dat Nederland, zoals het er nu naar uitziet, een kabinet krijgt dat enige weerstand zal bieden tegen deze afbraak. Rob Jetten veroordeelde Trumps actie als strijdig met het internationaal recht en wees terecht op de mogelijke gevolgen voor het Caribische deel van het Koninkrijk, met Curaçao, Aruba en Bonaire.
Die Europese reactie is even noodzakelijk als precair. Klare taal ligt gevoelig. Er lopen ontelbaar veel economische, politieke en militaire lijnen van ons continent naar de Verenigde Staten, wat Europa kwetsbaar maakt. We weten: Europa moet snel op eigen benen staan. Die ontvlechting vraagt een Houdiniaanse krachttoer die ten koste gaat van de Europese welvaart. Maar er zit niets anders op; we hebben haast.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het een veilige haven voor nazi’s, nu lijkt het een uitvalsbasis te worden van gedesillusioneerde Nederlanders: het Zuid-Amerikaanse Paraguay.
De grondvesten zijn inmiddels gelegd door Nederlanders Jeroen Pols en Jan Engel. De laatste is bekend van de corona-sceptische actiegroep Viruswaarheid en de beruchte camping Fort Oranje. De mannen zijn onlangs geëmigreerd en bieden andere Nederlanders die zich niet meer thuis voelen hulp of een oriëntatiereis om dezelfde stap te nemen.
Hierover schrijft het Algemeen Dagbladin een uitgebreide reportage. Een journalist van deze krant nam polshoogte en ontmoette meerdere Nederlanders in Paraguay. Ze waren onlangs verhuisd, of kwamen alvast kijken naar mogelijke opties tijdens een door Pols en Engel georganiseerde reis van 5.300 euro, exclusief vlucht.
De mannen wonen in Hohenau, een Duitse enclave in het Zuid-Amerikaanse land. Hier kwamen na de Tweede Wereldoorlog veel nazi’s wonen, omdat de regering zich weinig bemoeide met de inwoners. Precies deze opstelling is wat de Nederlanders ook aantrekt. In Paraguay is de staatsbemoeienis is op z’n minst. In Nederland zijn juist te veel regels, vinden ze.
Andere Nederlanders die wellicht in Paraguay willen neerstrijken vinden dat ze in Nederland te veel belasting betalen, te weinig verdienen of niet kunnen zeggen wat ze echt vinden. Veel van hen zijn bovendien vermogend, zo valt de journalist op.
De bekendste émigré, naast Pols en Engel, is de conservatieve publicist Sid Lukkassen, bekend vanwege zijn boeken over de ondergang van het Nederlandse Avondland. Gelukkig gaat de zon in Paraguay later onder.
Israël heeft maandag weer een groot aantal Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever gearresteerd tijdens een gewelddadige razzia. Een van de arrestanten was slechts 15 jaar oud.
Dit meldt Middle East Eye. In een vluchtelingenkamp in Betlehem zijn 25 mensen opgepakt, maar ook op andere plekken gingen de autoriteiten langs kampen en huizen. Geweld en intimidatie werden hierbij niet geschuwd. Ook de journalist Enas Ikhlawi is opgepakt.
Israël staat bekend om het grote aantal arrestaties van Palestijnen, vaak zonder opgaaf van reden of eerlijk proces. Soms verblijven arrestanten jaren achter de tralies. Bij een recente gevangenenruil kwamen de meest schrijnende verhalen aan het licht.
In de Israëlische gevangenis zijn mishandelingen en verkrachtingen aan de orde van de dag. Inmiddels zijn er veel getuigenissen van de wreedheden, die op weinig erkenning kunnen rekenen van de internationale gemeenschap.
In een rapport van de Israëlische ngo Physicians for Human Rights Israel (PHRI) staat dat er sinds 7 oktober 2023 bijna honderd Palestijnen zijn overleden in Israëlische gevangenissen. De meesten als gevolg van marteling, medische verwaarlozing en/of ondervoeding.
Op kerstavond trok de jaarlijkse fakkeltocht weer door Eindhoven. De tocht, ontstaan na de brandstichting in Solingen in 1993 waarbij een Turks gezin omkwam, staat voor verbinding en herdenking, maar leidt ook tot verdeeldheid: de moskee trok zich terug en uit de Turkse gemeenschap doen minder mensen mee.
De fakkeltocht is een jaarlijkse traditie in de binnenstad van Eindhoven. Sinds 1993 trekt de Lichtstad rond kerst met fakkels door de straten, gedragen door één boodschap: verbinding, respect, vrede en vertrouwen. Vorig jaar ging de tocht niet door, maar dit jaar is hij terug. Voor organisatoren Tinus Kanters en Kay Sachse voelt die terugkeer als een opluchting, juist omdat de afwezigheid meer losmaakte dan ze vooraf hadden gedacht.
Voor Kanters voelde het jaar zonder tocht als een verlies. De fakkeltocht is voor veel mensen een vast moment in het jaar, zegt hij, en pas toen hij wegviel werd duidelijk hoe diep de traditie in de stad verankerd is. Mensen spraken hem er regelmatig op aan: wat jammer dat hij er niet is. Dat was confronterend, maar ook bevestigend. Sachse herkende dat, maar werd vooral getroffen door de breedte van de reacties. Ze kwamen niet alleen uit hun eigen netwerk, maar ook van mensen die je normaal nauwelijks hoort. Daardoor werd voor hem extra duidelijk dat de tocht geen niche-activiteit is, maar iets wat veel inwoners als betekenisvol ervaren.
‘De fakkeltocht is voor veel mensen een vast moment in het jaar’
Tegelijk bracht het gemis iets anders op gang: nieuwe energie. Na het afblazen meldden zich spontaan nieuwe vrijwilligers, vertelt Kanters. Mensen zeiden: volgend jaar help ik mee, en ze deden het ook. Voor hem was dat een belangrijk signaal: de tocht wordt niet gedragen door een paar individuen, maar door de stad zelf.
Die avond verzamelt iedereen zich bij de Willemstraat, die dit jaar start- en eindpunt is omdat het Wilhelminaplein door werkzaamheden niet gebruikt kan worden. Groepjes druppelen binnen: gezinnen met kinderen, stelletjes, ouderen die met rustige pas hun plek zoeken, jongeren die half gniffelen en half serieus lijken, en vrijwilligers in reflecterende hesjes die de stroom in banen leiden. Officieel begint het programma al vroeg, met ontvangst, speeches en gedichten, waarna de stoet rond zeven uur vertrekt.
Racistische brandstichting
De oorsprong van de tocht ligt in november 1993, wanneer een racistische brandstichting in het Duitse Solingen Europa schokt. Rechtsextremisten steken het huis van een Turks gezin in brand; vijf vrouwen en meisjes komen om het leven. De verontwaardiging is groot en in veel steden ontstaan fakkeltochten, rond kerst, als symbool van rouw, solidariteit en waakzaamheid.
Beeld: Caner Mert
Sachse plaatst die aanslag ook in de context van de tijd: kort na de Duitse hereniging, in een periode waarin meerdere racistische aanvallen plaatsvonden. Voor veel mensen voelde het als een schokkende herhaling van een geschiedenis waarvan je had gehoopt dat die voorgoed voorbij was. Solingen werd zo meer dan een nieuwsbericht: het werd een waarschuwing voor wat er kan gebeuren wanneer haat weer ruimte krijgt.
Waarom het ook in Nederland belangrijk was om erbij stil te staan, ziet Kanters als een kwestie van nabijheid. Racisme en haat houden zich niet aan landsgrenzen, zegt hij, en Solingen was geen geïsoleerd incident. Het liet zien hoe snel ontmenselijking kan normaliseren.
Daarnaast waren er ook in Nederland signalen die zorgelijk stemden. Sachse sluit daarbij aan: het is te gemakkelijk om Solingen als iets ‘van daar’ te blijven zien. De vragen die het oproept, spelen inmiddels net zo goed hier, zichtbaar in protesten tegen asielzoekerscentra en in de verharding van het publieke debat. De geschiedenis, waarschuwt hij, is dichterbij dan we denken.
De oorspronkelijke aanleiding is volgens beiden nog steeds voelbaar. Kanters ziet dat vooral binnen de Turkse gemeenschap; bij een jubileumeditie werden familieleden uit Solingen uitgenodigd. Tegelijk is de tocht al lang breder geworden. Solingen is een symbool geworden: een herinnering aan wat er kan gebeuren als we niet opletten. Sachse benadrukt dat het niet alleen om herdenken gaat, maar om waakzaam blijven en om niet te denken: dit gebeurt hier niet. Juist die gedachte vindt hij misschien wel de gevaarlijkste.
Geen optocht met vlaggen en jasjes
Dat de Eindhovense fakkeltocht vorig jaar niet doorging, had dan ook niet te maken met een minder urgente boodschap, maar juist met toenemende druk rondom die boodschap. De organisatie was, zoals het zelf werd genoemd, ‘gekraakt’: het werd steeds moeilijker om de tocht als één gezamenlijke uiting overeind te houden. Binnen de organisatie ontstond druk om tijdens de tocht aandacht te vragen voor specifieke standpunten en kwesties. Waar de tocht jarenlang een breed gedragen ritueel was met één kern, vrede en verdraagzaamheid, verschoof het naar discussies over wie er wel en niet op het podium mocht, en welke boodschap zichtbaar mocht zijn.
Organisatoren Tinus Kanters (l.) en Kay Sachse (r.). Beeld: Caner Mert
De organisatie wilde die gezamenlijke paraplu bewaken: geen ‘reclameding’ voor partijen of losse agenda’s, geen optocht met vlaggen, jasjes en claims. Hun angst was dat twaalf organisaties met twaalf uitingen ook twaalf redenen zouden vormen voor anderen om af te haken.
Die polarisatie werd extra zichtbaar toen de Fatih-moskee zich onverwacht terugtrok uit de organisatie, uit onvrede over de deelname van de Turkse Arbeiderspartij. Daardoor kwam er plots veel extra regelwerk bij, en zelfs een telefoontje van burgemeester Jeroen Dijsselbloem, met steun en een hulpaanbod, veranderde niets aan het gevoel dat het draagvlak weg was.
Achteraf liet de afgelasting zien hoe polarisatie niet alleen een maatschappelijk verschijnsel ‘buiten’ is, maar ook doorwerkt in vrijwilligersgroepen: in onderlinge verwachtingen, in angst voor politieke uitingen en in de vraag wat ‘neutraal’ eigenlijk nog betekent. De tocht, bedoeld als bindend moment, werd juist een plek waar scheidslijnen zichtbaar werden. Zoals Sachse het zegt: polarisatie leeft van simplificatie, van wij tegen zij. De fakkeltocht weigert dat frame, door mensen uit te nodigen om naast elkaar te lopen, niet tegenover elkaar te staan.
Moet de fakkeltocht zich dan aanpassen en zich uitspreken tegen diverse problemen? Of is de tocht vooral symbolisch bedoeld? Kanters is daar duidelijk over. Symbolen zijn belangrijk, zegt hij, omdat ze laten zien wat een samenleving normaal vindt, en omdat stilte of afwezigheid ook een boodschap kan zijn.
Wanneer niemand zich zichtbaar uitspreekt, zelfs niet in een gezamenlijk ritueel, kan het lijken alsof verharding en haat de norm zijn. Juist daarom, vinden de organisatoren, blijft het belangrijk dat de stad ieder jaar opnieuw samenkomt, hoe ingewikkeld de tijdgeest ook is: niet om alle verschillen op te lossen, maar om te blijven oefenen in samen lopen.
Dan volgt het ritueel waarmee de fakkeltocht zichzelf elk jaar opnieuw verklaart: het vuur dat wordt doorgegeven. De eerste fakkel wordt ontstoken met de World Peace Flame, samen met de scouting en burgemeester Jeroen Dijsselbloem. Daarna gaat het snel. Eén licht wordt twee, twee worden tien, en binnen enkele minuten zijn het er honderden. De straat verandert. Niet door fel licht, maar door een warme gloed van kleine vlammen die samen een schijnsel maken dat de stad en de koude wind even laat vergeten.
Daarna gaat het vuur van hand tot hand. Niet zomaar met een aansteker, maar vanuit één bron: de wereldvredesvlam. Het is een bijna ouderwets ritueel, en toch werkt het ieder jaar opnieuw. Mensen buigen naar elkaar toe om hun vlam te beschermen tegen de wind, laten de vlammen overspringen, zonder hun synthetische jassen aan te steken, en helpen onbekenden met het aanhouden van hun vlam. De symboliek hoeft niemand uit te leggen: je hebt de ander nodig om je eigen vuur brandend te houden.
Beeld: Caner Mert
Nog voordat de stoet goed en wel op gang is, begint het tempo vooraan al op te lopen. De kop wil lopen, alsof het lichaam van de tocht al vooruit is voordat iedereen mee kan. Vrijwilligers proberen het ritme te bewaken met korte aanwijzingen, en ergens klinkt het woord dat bijna het motto van de avond wordt: yavaş, langzaam. Het is een klein detail waarin honderden individuen proberen één stoet te vormen.
Wanneer de stoet eenmaal loopt, wordt het ritme opnieuw een kwestie. Voorin gaat het stevig, de rest moet volgen. Vrijwilligers proberen het tempo te reguleren zodat de groep bij elkaar blijft, en opnieuw klinkt yavaş.
Kersttraditie
Langs de route klinkt muziek; soms is het alsof de tocht een zachte mars wordt naast een band. Even later duikt een lied op dat vanzelf bij de fakkels in het donker past: This Little Light of Mine. Het geeft de stoet iets van een nachtmis, maar dan buiten: geen kerkbanken, wel kou, wind en kleine vlammen die samen een soort warmte vormen.
Voor twee jonge vrouwen is meelopen met de fakkeltocht inmiddels net zo’n vaste kersttraditie als het diner thuis; ze hebben het van hun vader geleerd. Voor hem is het al jarenlang een vanzelfsprekend onderdeel van kerstavond, iets wat je niet overslaat omdat het betekenis geeft aan de dag. Hij noemt het zelfs zijn ‘nachtmis’.
‘Waarom doet de moskee niet mee?’
Tegelijk is het niet alleen een verhaal van wie er meeloopt, maar ook van wie er ontbreekt. In het publiek klinkt Turks, en langs de kant stelt iemand hardop een vraag die blijft hangen: waarom doet de moskee niet mee? Door wat er vorig jaar gebeurde, landt die opmerking extra zwaar.
Twee Turkse mannen die vooraan meelopen noemen de avond daarom later een mixed bag. Ze zijn blij dat de traditie terug is, maar zien al langer dat er vanuit de Turkse gemeenschap minder mensen komen. Waar het ooit vanzelfsprekend leek, is het nu een klein groepje dat trouw blijft opduiken. Eén van hen zegt dat ze vroeger met vijftienduizend man door een halve meter sneeuw liepen, en dat ze nu al blij zijn als er tweeduizend zijn. Misschien groeit zo’n getal mee met de tijd, maar het gevoel erachter is helder: de gezamenlijke ruimte lijkt kleiner te zijn geworden.
Warme dranken en koekjes
Halverwege merk je dat de kou zijn eigen rol speelt. Als de wind verkeerd staat, snijdt hij door lagen kleding heen. Mensen wrijven hun handen en stampen met hun voeten om ze weer even te voelen. Langs de route staan mensen voor hun huis warme dranken en koekjes uit te delen aan de verkleumde deelnemers. Hoewel het er minder zijn dan bij eerdere edities, zijn de warme dranken voor velen een belangrijk geschenk.
Aan het eind klontert alles samen rond vuurkorven. Door de windvlagen voelt het alsof de kou nog scherper wordt, en mensen houden hun handen boven het vuur om weer gevoel in hun vingers te krijgen. Terwijl de laatste groepjes binnendruppelen van een inmiddels wat uitwaaierende tocht, begint een band aan de eerste nummers. Toch blijft het grootste deel niet hangen. Kerstavond trekt mensen naar binnen: naar familie, naar vrienden, naar warme huizen en gedekte tafels. De meeste fakkels worden uitgebrand in een grote rode container waar mensen samenkomen om weer gevoel te krijgen in hun vingertoppen.
De burgemeester was na het aansteken van de fakkels niet meer te zien, maar voor Sachse en Kanters was het een succes, met een schatting van zo’n 2500 mensen die hebben meegelopen. In de kou blijft vooral de vraag hangen wat je met zo’n avond doet, en wat je eraan hebt. Voor Sachse is de boodschap eenvoudig: laat je niet opsluiten in je bubbel, zoek ontmoeting, ook als dat ongemakkelijk is.
Beeld: Caner Mert
Als het over de toekomst gaat, klinkt er geen triomf, maar noodzaak. Kanters zegt dat hij hoopt dat er ooit een moment komt waarop de fakkeltocht haar doel heeft bereikt, maar als hij naar de wereld kijkt, denkt hij: voorlopig niet. Sachse gaat nog verder: misschien is de tocht op dit moment wel urgenter dan twintig jaar geleden, juist omdat maatschappelijke verandering vaak symbolisch begint. Zonder symbolen, zegt hij, kun je je geen alternatief voorstellen.
Misschien is dat ook wat er gebeurt op het moment dat de fakkels worden aangestoken. Kanters zegt dat het hem ieder jaar opnieuw raakt omdat het zo letterlijk is: mensen geven het vuur aan elkaar door, en niet iedereen heeft een aansteker, dus je bent afhankelijk van elkaar. Dat is symbolisch, maar ook heel concreet. Sachse ziet hoe mensen om zich heen kijken en beseffen: ik ben niet alleen. En precies dat gevoel, gedeelde aanwezigheid, even uit de eigen kring, even naast elkaar, blijft hangen, ook wanneer de laatste vlammen doven.
De conservatieve Leidse hoogleraar rechtsfilosofie Andreas Kinneging, tevens partijideoloog bij JA21, heeft in een bericht Venezuela geschaard binnen de zogenoemde ‘invloedssfeer van Amerika’. In een volgende zin plaatste hij Oekraïne binnen de invloedssfeer van Rusland en stelde hij dat Europa daar lering uit zou moeten trekken.
Op sociale media wordt de indeling van de wereld in invloedssferen al in verband gebracht met de coalitiebesprekingen. ‘Is dit de lijn waarmee zijn partij, JA21, een alliantie met D66 en het CDA denkt te kunnen sluiten?’, vraagt historicus en CDA-watcher Pieter Gerrit Kroeger zich af.
D66-leider Rob Jetten heeft de Amerikaanse inval in Venezuela in een uitgebalanceerd bericht op X afgekeurd en gezegd te streven naar ‘de-escalatie’. Ook verklaarde hij dat de Amerikaanse bombardementen op Caracas, het gevangennemen van de Venezuelaanse president Nicolás Maduro en zijn vrouw en het overnemen van het landsbestuur ‘haaks’ staan op het internationaal recht.
Maar vanuit Kinnegings optiek doet het internationale recht er echter niet toe. De wereld is nu eenmaal verdeeld in ‘invloedssferen’.
De Deense premier Mette Frederiksen is klaar met de expansionistische plannen van de Amerikaanse president Donald Trump met betrekking tot Groenland. Ze wil dat de dreiging vanuit de Verenigde Staten stopt, zo meldt France 24.
Een dag na de ontvoering van de Venezolaanse president Maduro heeft de Amerikaanse president Trump opnieuw zijn wens herhaald om Groenland in te lijven. Het enorme eiland, rijk aan vele grondstoffen en een autonoom gebied binnen het Koninkrijk Denemarken, zou ‘absoluut’ noodzakelijk zijn om de ‘nationale veiligheid’ van de VS te waarborgen.
De expansionistische ambities van de VS rondom Groenland hebben de angst op het eiland doen heropleven. Trump maakt er langer geen geheim van dat hij het eiland wil annexeren. De bombastische taal vanuit het Witte Huis sinds de regimewisseling in Venezuela belooft daarbij weinig goeds voor Groenland.
Terwijl in Europa terughoudend wordt gereageerd of zelfs helemaal niets wordt gezegd over de Amerikaanse invallen in Venezuela, laat de Deense premier nu ook haar eigen grondgebied bedreigd lijkt te worden wél van zich horen.
‘Ik moet dit heel duidelijk tegen de Verenigde Staten zeggen: het is volstrekt absurd om te beweren dat de Verenigde Staten de controle over Groenland zouden moeten overnemen’, aldus de Deense premier Mette Frederiksen in een verklaring zondagavond.
Volgens Frederiksen zou Washington met deze annexatieplannen bovendien een ‘historische bondgenoot’ bedreigen.
Denemarken is al sinds 1949 lid van de NAVO en maakte bovendien deel uit van de ‘coalitie van de bereidwilligen’ tijdens de Amerikaanse invasie van Irak in 2003.
In mijn huis heb ik verschillende schilderijen of kunstwerken hangen. Zo is er een schilderij in roze en oranje met daarop twee jonge vrouwen. De titel van het werk is Les jeunes et la tendresse, de jeugd en de tederheid. Ooit gekregen van de kunstenares in een tijd waarin er weinig tederheid in mijn leven was. Het werk zeul ik al bijna dertig jaar met me mee. Vond ik het eerst gewoon mooi en bijzonder om een schilderij te hebben, nu fungeert het als een herinnering aan de weg die ik heb afgelegd. Wanneer ik er nu naar kijk, zie ik naast de afbeelding ook alle wanden waar het ooit heeft gehangen, alle tranen die ik heb geschreid, alle keren dat ik in wanhoop op mijn knieën viel en mij wendde tot de Heer. Door de tijd heen heb ik geleerd om met meer compassie naar mijn jongere ik te kijken.
Helaas is het niet iedereen gegeven om een blik van compassie te treffen. De mannen die ik op straat zie, bedelend om lege blikjes of flesjes, ontvangen naast de aalmoezen ook verstarde schouders, een wegkijkende bestuurder of een onomwonden negeren.
Dat het voor sommigen van ons nodig is om in de kou te staan met een vragende hand, raakt me. In steeds meer steden zie ik mensen, voornamelijk mannen, op straat met een uiterlijk waar de dakloosheid vanaf straalt. Vaak zijn het Oost-Europese arbeidsmigranten. Afgedankt door malafide werkgevers en uitzendbureaus waar de baan gekoppeld was aan huisvesting, hoe slecht ook. Zo zichtbaar als hun gebrek aan geld, warmte en een huis is, zo onzichtbaar kan de armoede van gezinnen zijn. Een stichting als het Rode Kruis of als Stem Zonder Gezicht ziet de gebreken achter de voordeur.
Het aantal kinderen dat in Nederland in armoede opgroeit, bedraagt ruim 338 duizend. Oftewel: hun ouders zijn arm, want kinderarmoede is ouderarmoede, zoals Tim ’s Jongers terecht stelt. Voor kinderen zijn er veel regelingen en initiatieven om hun armoede te bestrijden. Het fietsfonds, laptopfonds, sportfonds en ontbijt op school zijn slechts enkele voorbeelden van dergelijke regelingen.
Mensen zijn gewoon niet in staat om alle rekeningen te betalen
Maar hoe werken we ouderarmoede in Nederland de wereld uit?
Uit onderzoek blijkt dat in Nederland 450 duizend mensen te maken hebben met voedselnood en geen hulp ontvangen. Het Rode Kruis verleent sinds corona ook in Nederland voedselhulp, onder andere door het verstrekken van boodschappenkaarten. Hiermee kunnen mensen zelf boodschappen doen, in plaats van dat zij een door anderen samengesteld voedselpakket ontvangen. Het Rode Kruis is eigenlijk bedoeld voor noodhulp, maar de organisatie ziet geen mogelijkheid om de geboden hulp in Nederland af te bouwen. De overheid dient haar verantwoordelijkheid te nemen en te zorgen voor uitkeringen die hoog genoeg zijn om te voorzien in het levensonderhoud. Daarnaast moet het stelsel van toeslagen simpeler en laagdrempeliger worden, of gewoon verdwijnen. Elke toeslag is een pleister op een symptoom van armoede. Huurtoeslag, energietoeslag, zorgtoeslag. Mensen zijn gewoon niet in staat om alle rekeningen te betalen van de uitkering of het loon dat men ontvangt.
Kijkend naar de laatste verkiezingen en de politieke periode die achter ons ligt, vrees ik, met grote vrees, dat er weinig compassie getoond zal worden voor de mannen op straat of de gezinnen.
Zo worden dakloze mensen geconfronteerd met registraties voor het veroorzaken van overlast, maar ook voor slapen op straat. Bij zes registraties kan de politie overgaan tot gedwongen uitzetting naar het land van herkomst, mocht dat aan de orde zijn.
Gezinnen met geldzorgen hebben te maken met hulpverlening en een bureaucratie die per gemeente verschillend is. Wordt er in de ene gemeente gewerkt met een loket en een coach of adviseur, in een andere gemeente dient men van loket naar loket te gaan om de verschillende regelingen aan te vragen. En wordt er in de ene stad gewerkt vanuit vertrouwen, dan treft men in een andere stad alleen maar controle en wantrouwen. Bewijs maar eens dat je arm genoeg bent om geholpen te worden.
Hopelijk neemt de overheid hierin haar verantwoordelijkheid, te beginnen met een zachte blik en een warme hand. En een vermindering van regels en een verruiming van de hulp, gelijk voor iedereen, waar ook in Nederland.
Ik wens iedereen in Nederland meer compassie toe, meer medemenselijkheid. We kunnen het goed gebruiken.
In Saoedi-Arabië werd vorig jaar een recordaantal mensen geëxecuteerd. De meeste van hen waren buitenlanders die betrokken waren bij drugshandel.
Dit schrijft AFPop basis van een eigen telling. Volgens de nieuwsdienst werden vorig jaar 356 gevangenen geëxecuteerd. Dat aantal werd volgens AFP bevestigd door de Europese Saoedische Organisatie voor Mensenrechten.
Analisten schrijven de toename van het aantal executies grotendeels toe aan de aanhoudende ‘oorlog tegen drugs’. Saoedi-Arabië was een van de grootste afzetmarkten voor captagon, een illegale stimulerende drug en het belangrijkste exportproduct van Syrië onder Bashar al-Assad.
Sinds de start van de oorlog tegen drugs heeft het land het aantal politiecontroleposten op snelwegen en bij grensovergangen opgevoerd. Miljoenen pillen zijn in beslag genomen en tientallen drugshandelaren zijn gearresteerd.
Volgens de telling van AFP werden in 2025 alleen al 243 mensen geëxecuteerd in drugsgerelateerde zaken. Dit betrof voornamelijk niet-Saoediërs. Veel van de mensen die vorig jaar werden geëxecuteerd, waren al eerder opgepakt. Hun dossiers werden vorig jaar afgerond.
Er is veel kritiek op het gebruik van de doodstraf in Saoedi-Arabië, dat tegelijkertijd bezig is met een moderniseringsslag om zijn imago op het wereldtoneel te verbeteren. De doodstraf draagt volgens critici niet bij aan dat imago.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.