Home Blog Pagina 2

In het kinderdagverblijf van Clarita lopen werk en privé door elkaar. ‘Ik ben hun tante’

In Nieuwe Pioniers spreekt de Kanttekening migranten met een eigen onderneming. Deze keer de in Suriname geboren Clarita Moore (51), eigenaar van een kinderdagverblijf in Almere-Buiten.

Bij binnenkomst van Kinderdagverblijf One Family krijgt de bezoeker van Clarita plastic slofjes voor over de schoenen aangereikt. De geur van Surinaamse kruiden doet niet vermoeden dat je een Nederlands kinderdagverblijf betreedt. De eigenaresse laat de gezellige ruimtes zien waar, verdeeld over kleine groepjes, onder toeziend oog van leidsters tientallen dreumesen aan een maaltijd zitten. Kip met rijst. Verschillende kinderen klampen zich aan ‘Tante’ vast als ze Clarita spotten.

Clarita werd geboren in Paramaribo en kwam op vierjarige leeftijd met haar ouders naar Nederland. Maar ziet ze zichzelf eigenlijk als migrant-ondernemer? Op die vraag hoeft ze niet lang na te denken. ‘Ik ben nu eenmaal migrant, daar heb je geen keuze in.’

De economische vooruitzichten van het net onafhankelijke Suriname waren slecht en haar vader vertrok met zijn vrouw en drie kinderen naar Nederland. Naar Venray. Hij ging er werken bij voedselproducent Nestlé. ‘Eigenlijk werkte het hele dorp bij Nestlé.’

‘Wij spraken gewoon Venrays’

Voor Clarita was Venray een wereld waarin ze voortdurend op zoek was naar aansluiting. Ze was een van de weinige kinderen met een migratieachtergrond. ‘Je bent iemand met een andere huidskleur in een boerendorp waar ze erg plat praten.’ Zelf sprak ze al snel hetzelfde dialect. ‘Wij spraken gewoon Venrays.’

Toch voelde ze zich er nooit helemaal thuis. De cultuur was anders dan die van haar ouders. Nederlandse vriendinnetjes verdwenen stipt om vijf uur naar huis voor het avondeten. In haar eigen gezin stond de deur altijd open. ‘Bij ons kon iedereen mee-eten. Andersom gebeurde dat veel minder.’

Naast de taal had ze nog iets gemeen met haar Limburgse streekgenoten: het katholieke geloof. Ze ging naar de kerk, deed haar communie en vormsel. Maar hoe ouder ze werd, hoe meer Venray begon te knellen. ‘Het was me te klein. Niet uitdagend genoeg.’

Amsterdam voelde als een bevrijding

Toen ze zeventien was, vertrok ze naar Amsterdam voor een opleiding in de zorg. De hoofdstad voelde als een bevrijding. ‘Het was één miljoen keer leuker. Bruisend. Uitdagend.’

In de zorg ontdekte ze twee dingen over zichzelf. Het eerste was dat ze graag met mensen werkte. Het tweede dat ze zich niet kon neerleggen bij routine. Na functies in de kraamzorg, ouderenzorg en het welzijnswerk bleef ze zoeken naar nieuwe uitdagingen. Achteraf ziet ze daarin al de ondernemer die ze later zou worden.

In de periode dat ze in verwachting raakte van haar tweeling werd ze activiteitenbegeleider in een buurt in Amsterdam-Zuidoost. Ze zei tegen haar man Dennis dat ze haar kinderen niet daar wilde laten opgroeien. Te druk.

‘Mag mijn zoontje ook bij u komen als ik werk?’

Eenmaal moeder en verhuisd naar Almere bracht ze de tweeling naar een kinderopvang. Dat beviel niet. ‘Ze haalden de tweeling uit elkaar. Dan zaten ze de hele dag te huilen.’ Ze stopte met werken en besloot zelf voor de tweeling te zorgen. Ze deed leuke dingen met ze. ‘Visjes kijken in de tuincentra.’ Een Antilliaanse vrouw zei tegen haar: ‘U bent leuk met uw kinderen, kunt u ook op mijn kindje passen?’ Al gauw volgde een tweede moeder. ‘Ik heb gehoord dat u op kindjes let, mag mijn zoontje ook bij u komen als ik werk?’ Nu ze twee ouders als ‘klant’ had, besloot ze er haar werk van te maken. Haar moeder – tegenwoordig werkzaam bij One Family, waar de kleintjes haar oma noemen – zag er toen niks in. ‘Dat is ondankbaar werk.’

Clarita zette door en voordat ze het wist had ze zes kinderen erbij in huis. Dat was intensief, want die ouders bleven ook hangen, aten soms mee. Een buurthuis bood uitkomst en al gauw zorgde ze voor twintig kinderen. ‘Daar had ik geen vergunning voor nodig. Dat was gewoon “oppas”.’ Een volgende stap was om er een erkende opvang van te maken. Ze schreef een plan. En in 2007 opende ze de eerste kinderopvang, waar ouders ook kinderopvangtoeslag voor konden aanvragen.

Twee oppaskinderen van Clarita Moor eten een boterham. Beeld: Arjan van Westen

Deze vrijdag zijn er alleen donkere kindjes aanwezig. Volgens Clarita is One Family de enige kinderopvang in Almere waar zoveel donkere kinderen naartoe gaan. Ouders kiezen er heel bewust voor. Ze hebben gehoord over het Surinaamse eten dat de kinderen krijgen. ‘En we hebben wat striktere normen en waarden.’ Het zit soms in de details. ‘Een kind zal hier niet zo snel lopen met een snotneus.’ Huidverzorging is nog zoiets. ‘Ik zorg ervoor dat hun gezicht wordt behandeld met een bepaalde vaseline. We herkennen het sneller als een kind een huidziekte heeft.’ Voor de voeding koos ze bewust voor halal. ‘Dan hoeven we geen rekening te houden met andere culturen. Iedereen halal.’

‘Ik ben hun tante’

Grootste troef van One Family is dat ze staan voor familiebanden. ‘We staan voor eenheid, warmte, geborgenheid.’ De hele familie is ook bij de opvang betrokken. ‘Mijn moeder werkt hier. Mijn zus en mijn man eveneens.’ En haar eigen twee kinderen werken voor One Family. De tweeling, inmiddels 25, waar de hele opvang mee begonnen is.

Veel kinderen komen uit het buitenland en lieten familie achter. ‘Sommige kinderen hebben geen oma en mijn moeder is dan hier hun oma. En ik ben hun tante, mijn zus tante Gwen, mijn man oom Dennis voor ze.’ Kinderen met diverse achtergronden: Hindoestaans, Afrikaans, Antilliaans, maar ook een paar kinderen uit voormalige Oostbloklanden. De harde kern van One Family is hun familie. Soms ook letterlijk, zegt de eigenaresse trots. ‘Zegt er iemand: Tante, ik ga afzwemmen. Kom je kijken? Dan gaan we op een zaterdag naar het afzwemmen. Bij ons gaat de kinderopvang niet dicht. Die is altijd open.’

 ‘Je bent ook maatschappelijk werkster’

Ze ervaart dat veel kinderen met een migratieachtergrond het soms moeilijk hebben. ‘Ze gaan niet op vakantie, want ouders hebben weinig geld.’ Het is Clarita’s streven daar een beetje balans in te brengen door extra dingen aan te bieden. ‘We gaan dan bijvoorbeeld naar de Efteling.’ Ouders vragen soms of ze daar subsidie voor krijgt. Nee, gewoon een kwestie van prioriteiten stellen binnen het budget. En de ouders vragen aandacht. ‘Sommige mensen zijn vluchtelingen, die weten helemaal niks van Nederland en die komen dan met vragen naar mij toe. Je bent ook maatschappelijk werkster.’

Toeslagenaffaire

De toeslagenaffaire betekende voor Clarita veel meer dan een financiële tegenvaller. Driekwart van de ouders van haar kinderopvang heeft een migratieachtergrond en een groot deel van hen kwam terecht in onderzoeken van de Belastingdienst. Kinderopvangtoeslagen werden stopgezet, teruggevorderd of jarenlang vastgehouden. Voor veel gezinnen betekende dat financiële problemen. Voor de kinderopvang betekende het dat rekeningen onbetaald bleven.

‘Wij wisten toen niet dat er een toeslagenaffaire was. We zagen alleen dat ouders niet meer betaalden.’

Zoals gebruikelijk werden openstaande rekeningen doorgestuurd naar deurwaarders. Pas jaren later werd duidelijk dat veel van die ouders zelf slachtoffer waren van de overheid. Tegen die tijd was de schade al aangericht. In 2013 ging het bedrijf failliet.

Ze maakte een doorstart door de kinderopvang op naam van haar moeder voort te zetten, terwijl zij zelf de dagelijkse leiding behield. Maar de gevolgen bleven nog lang voelbaar. Het meest pijn doet haar achteraf misschien wel dat ze jarenlang de verkeerde mensen verantwoordelijk hield. ‘Van 2013 tot 2020 heb ik gedacht dat ouders mij niet wilden betalen. Dat ze er met het geld vandoor waren gegaan. Pas veel later ontdekte ik dat zij net zo goed slachtoffer waren als wij.’

Lunchtijd in kinderdagverblijf One Family. Beeld: Arjan van Westen

De affaire kostte haar niet alleen een bedrijf, maar gaf ook een deuk in haar vertrouwen in mensen. ‘Je komt weer terug bij de basis. Je denkt alleen nog aan je gezin en hoe je verder moet. Het heeft jaren geduurd voordat ik weer ruimte voelde om vooruit te kijken.’ En het zorgde ervoor dat ze minder wil ondernemen. ‘Ik hoef niet specifiek te groeien. Dat is waar mijn fout lag. We hadden toen vier locaties, nu gewoon één. Laat mij maar doen wat mooi is, wat me gelukkig maakt, in plaats van dat ik me concentreer op groei.’

Tien uur ’s avonds

Werk en privé lopen bij Clarita door elkaar heen. Ouders bellen haar om tien uur ’s avonds als hun kind niet kan slapen en dan krijgt ze het kind aan de lijn. Ze zet een tedere stem op. ‘Dit is je tante, je moet nu echt gaan slapen, want morgen moet jij naar school.’ Gedreven vertelt ze wat kinderen aan haar voorleggen. ‘Tante, mijn moeder ging mij slaan.’ Clarita roept dan de moeder op het matje. Met een strenge stem speelt ze de scène na. ‘Dit is de laatste keer dat jij haar hebt geklapt. Zeg sorry tegen je kind!’ En weer met tedere stem: ‘En volgende keer als mama je slaat, kom je weer naar mij.’

‘Tante, mijn moeder ging mij slaan’

Ze heeft onder haar klanten ook ouders die een eigen bedrijf willen beginnen. Clarita geeft altijd advies. Algemeen: doe onderzoek naar hoe de markt in elkaar zit. En ze waarschuwt uit ervaring ondernemers met een migratieachtergrond dat ze spaarzame kansen moeten benutten. Reken op tegenwerking. ‘Er zijn zoveel mensen die je vanwege je huidskleur niets gunnen.’ Meer kleur in een stad als Almere heeft volgens haar het pad voor de migrant als ondernemer niet begaanbaarder gemaakt. ‘Ik denk dat er helemaal niks veranderd is. Wij worden zwaarder onder de loep genomen dan een witte kinderopvang.’

Haar tweeling is inmiddels 25. Misschien nemen ze One Family ooit over. Volgens Clarita gaan haar dochters anders om met hun achtergrond dan zijzelf. ‘Ze zoeken juist verbinding met waar ze vandaan komen. Ze zijn trots op waar ze vandaan komen.’

Zelf groeide ze op in Venray, waar ze vooral probeerde op te gaan in haar omgeving. ‘Ik moest Venrays zijn. Ik moest blenden, ik moest me mengen.’

Voetbal kijken bij buren met relatieproblemen

0

Ik werd uitgenodigd om voetbal met BBQ te kijken bij de buren: Nederland tegen Japan.

Wat voetbal vooral doet, is gezelligheid creëren met een doel.

Tweeëntwintig miljonairs rennen achter een bal aan. Met een haarbandje, ingevlochten haren of een gebleekte hanenkam; je kunt het zo gek niet bedenken. Voetbal is de volkssport in alle stijlen, kleuren, imago’s en ego’s op het veld. En wij, ‘het volk’, juichen, zweten en tranen mee. We kunnen er van alles van vinden en zeggen, maar de waarheid blijft dat volkeren tot eenheid worden gesmeed door voetbal.

Daar waar geloof elkaar op afstand zet, brengt voetbal ons juist tot elkaar. Diep in ons hart willen we gezien worden, geliefd worden en erbij horen. Hoe we dat uiten, is een ander verhaal. Het enige doel is winnen. Zoet is de overwinning telkens weer. Helemaal in ons kleine landje, dat juist zo groot is in zijn nationaliteiten.

Het feit dat er bij elke wedstrijd wel een groot feest wordt gevierd, zegt genoeg over multicultureel Nederland. Er woont uit vrijwel elk land wel iemand in ons land. Polen, Turken, Portugezen, Kroaten, Brazilianen, Iraniërs, Irakezen, Koreanen, Marokkanen, Tunesiërs en noem maar op… Al is ons land voor velen vol en wordt het vaak als zwakte gezien, het is ook onze grote kracht. Je kunt altijd met iedereen meefeesten bij een overwinning.

Terwijl ik bij de buren naar de wedstrijd Nederland tegen Japan kijk, gaat dit alles door mij heen. Buurman draait de kippenvleugels op de barbecue even om en moppert naar zijn vrouw dat ze de vleugels niet goed heeft gemarineerd.

‘Jij kan ook niks, jij bent zelfs te dom om de kippenvleugels op smaak te brengen. Waar is de pindasaus? Hè, alles moet ik zelf doen’, schreeuwt hij tegen haar.

Ik heb een buurvrouw die leuk, lief en aardig is. Drie woorden die eigenlijk niets zeggen, maar toch aangeven dat je de desbetreffende persoon best mag. Het feit dat ik haar niet geweldig vind, komt misschien toch omdat ze zo ‘zwak’ is. Ze is mooi, intelligent en erg carrièrebewust, maar dat zijn haar zwaktes ook niet. Haar zwakte is haar huwelijk, dat vol liefde en genegenheid begon, maar zich nu nog steeds moeizaam voortsleept, ondanks al het geweld van haar man. Elke keer vergeeft ze het hem. Eerst koffie bij mij met tranen en onmacht en vastbesloten hem te verlaten, en de dag erna vergeeft ze het hem weer.

‘Hij is gewoon boos om het Japanse doelpunt’

Waarom in godsnaam accepteert zij dat disrespect van haar man?

‘Omdat hij erna sorry zegt en het hem oprecht spijt’, zegt ze dan, ‘en ondanks alles, omdat ik heel veel van hem houd’, voegt ze eraan toe.

Is houden van voldoende in een relatie? Is een relatie niet net als een cake die je bakt?

Zonder alle ingrediënten mislukt de cake en bij mijn buurvrouw waren wellicht ooit alle ingrediënten aanwezig, maar in de loop der jaren is de suiker veranderd in zout. Ja, hartige cake kan ook lekker zijn, denk je dan, maar de eieren zijn ook verrot.

Vaak is het de economische afhankelijkheid waarom mensen bij elkaar blijven, maar in dit geval is dat niet zo; ze verdienen beiden evenveel. Als je de vernedering en het geweld van je partner accepteert en je relatie voortzet, wie ben ik dan om te zeggen: stop ermee. Want ik denk rationeel, terwijl jij misschien in vele golven van emoties en onmacht zit.

‘Oo nee, Japan scoort weer, 2-2. Kunnen we nog door?’, vraagt mijn buurvrouw.

‘Wat een domme vraag, natuurlijk gaan we door’, zegt m’n buurman.

‘Ongelofelijk, laatste minuut nog een doelpunt’, zegt ze.

‘Hou je mond nou maar… dat getetter van je verstoort alleen maar’, zegt hij, en toen kneep hij in haar arm…

Ze lacht als een boer met kiespijn en zegt met gêne: ‘Hij houdt van stoeien…’

‘Niet echt aardig’, zeg ik.

‘Ja, maar het is begrijpelijk, hij is gewoon boos om het Japanse doelpunt’, zegt ze in volle verdediging.

‘Onze leeuwtjes hadden het doel beter moeten verdedigen’, zegt haar man volmondig.

‘Verdedigen’… goed woord uit zijn mond, nodig ook.

Net zoals je bij voetbal alleen kunt winnen als je een doelpunt maakt, moet je bij een relatie vol tirannie, geweld en disrespect ook een punt erachter durven te zetten. Alleen dan kan je met een hoofdletter beginnen.

Minder buitenbaden, meer verdrinkingen

0

Sinds een paar maanden woon ik in een woontoren op grote hoogte. Ver van de drukte van de straat. In huis is het stil en bereikt alleen soms een sirene mijn serene stulpje.

Toen de eerste warme dagen aanbraken, kon ik beneden in het haventje voor de toren veel mensen zien zwemmen, op zoek naar wat verkoeling. Ze hadden hun handdoeken en tassen op het kleine stukje grasveld voor het water neergelegd. Bij het aanschouwen van het voor mij nieuwe tafereel moest ik onbewust denken aan krioelende mieren.

En ik kon de gedachte niet onderdrukken dat ik blij was dat ik in alle rust kon genieten van het zwembad dat in mijn woontoren aanwezig is.

Toen ik een wandelingetje ging maken en langs de waterkant liep, zag ik pas echt hoe druk het was op dat stukje stedelijk recreatiegebied. De pubers waren overal: voor de deur van de ingang van de flat, op de kade voor de flat, bij de normaal zo rustige horeca onder de flat op dit tijdstip van de dag, en natuurlijk in het water en op het gras. Hier en daar zag ik wat mensen die alleen waren gekomen met een boek en een handvol ouders met hun kinderen.

Het zag er leuk uit. Volgens mij vermaakte men zich wel met deze nieuwe creatie van de stedelijke ontwikkeling, maar ik zag mezelf niet in badpak in het water van deze binnenhaven duiken. Na een duik in het chloorwater van het zwembad nestelde ik me op het terras beneden om als toeschouwer te genieten van de drukte.

Op minder mooie dagen zie ik alleen nog maar vroeg in de ochtend de vaste kleine groepjes mensen in het water duiken die ik ook in de wintermaanden zag. Een paar van hen ken ik uit de buurt. Ik weet dat ze als zelfstandige of als adviseur hun eigen tijd kunnen indelen, of al met pensioen zijn. Ze hebben de luxe om in rust van het water te genieten, waarbij de achterliggende reden om ook in de winter erin te springen wel of niet iets te maken kan hebben met de gezondheidsclaims van de IJsman, Wim Hof.

Ruim een kwart van de kinderen met een migratieachtergrond heeft helemaal geen zwemdiploma

Het contrast tussen de twee vormen van recreatie roept bij mij de vraag op wat de prijs is van fijn recreëren op het water, wat dat dan ook mag zijn. Wie kan zich dat veroorloven?

Het is niet vanuit arrogantie dat ik niet in het water van de haven voor mijn huis spring; ik ben een slechte zwemmer. Ik heb alleen mijn A-diploma en heb dit met moeite behaald. Voor mij waren de dagen die ik als puber in het zwembad doorbracht met vrienden cruciaal. Daar maakte ik ongemerkt meters in het water, wat mijn zwemvaardigheid ten goede kwam. Er was een buitenbad, een ligweide, een glijbaan en een duikplank voor de waaghalzen. Families waren er een hele dag; koelboxen en parasols gingen mee.

Dat soort baden bestaan steeds vaker niet meer. Als een buitenbad aan vervanging of groot onderhoud toe is, wordt er vaak gekozen voor een binnenbad, met de focus op zwemmen als sport, vaak in combinatie met zwemles, of er komt helemaal geen zwembad meer terug. Te duur, is het vaak gehoorde argument van gemeenten. Zo berekende de gemeente Hoogeveen onlangs nog dat het tonnen per jaar kost aan onderhoud en vele miljoenen om een nieuw zwembad te bouwen. En in de regio kan men al zwemmen, bijvoorbeeld in buitenwater.

Ik kan niet zwemmen in al het buitenwater. De diepte van het water moet voorspelbaar zijn, ik moet mijn voeten op elk gewenst moment stevig op de grond kunnen zetten en ik moet de stroming aankunnen.

Geboren en getogen in Vlissingen heb ik het stukje Noordzee daar goed leren kennen. Als er een containerschip voorbij komt, dan weet je dat je moet oppassen, want het water gaat zich roeren. De golven worden hoger en de zuigende kracht van het terugtrekkende water neemt enorm toe.

Nederland kent steeds meer nieuwkomers die niet vertrouwd zijn met ons waterlandschap. In 2024 verdronken 146 mensen, het hoogste aantal in bijna dertig jaar. Voor kinderen die buiten Europa zijn geboren is het verdrinkingsrisico elf keer hoger dan bij hier geboren kinderen, bij tieners zelfs zestien keer.

Mijn puberdochter heeft haar ABC, zoals dat nu in Nederland voor wie het zich kan veroorloven de norm is, met of zonder gemeentelijke bijdrage. Maar ruim een kwart van de kinderen met een migratieachtergrond heeft helemaal geen zwemdiploma, tegenover vijf procent van de kinderen zonder migratieachtergrond.

Met deze cijfers in gedachten kijk ik toch met andere ogen naar de ontwikkeling waarbij recreatiebaden vervangen worden door sportbaden of zelfs door buitenwater. Volgens mij is een recreatiebad juist heel goedkoop. Wel 146 keer goedkoper dan alle andere alternatieven.

Onze smartphones draaien op grondstoffen uit Congo. Daarom gaat de strijd daar ook ons aan

0

Veel grondstoffen voor onze smartphones komen uit Congo, waar een oorlog woedt die de bevolking zwaar treft. Daarom kunnen ook wij niet wegkijken, zeggen de organisatoren van ‘Don’t Stop Talking About Congo’.

De Democratische Republiek Congo zou het rijkste land ter wereld zou kunnen zijn, met voor miljarden aan kobalt, goud en diamant in de grond. Je zou dan denken dat Congolese burgers daar ook van zouden profiteren, maar dat is allesbehalve waar.

Tijdens een serie avonden vragen de stichting Wij zijn Congolezen en Oxfam Novib aandacht voor de erbarmelijke situatie in het land. Congo wordt namelijk niet alleen getroffen door het ebolavirus, dat nu vooral in het nieuws is, maar ook door de conflicten die worden gevoerd over grondstoffen.

In het oosten van Congo vechten ruim tweehonderd zwaarbewapende groepen over de controle van de grondstoffen die essentieel zijn voor onder andere smartphones, batterijen en de energietransitie. De grootste groep, M23, nam eind vorig jaar Goma in, de hoofdstad van de mineraalrijke provincie Noord-Kivu.

Zo’n 700.000 inwoners moesten hun huizen ontvluchten. Volgens de International Crisis Group, een internationale onafhankelijke denktank voor crisisgebieden, leidde de machtsovername door M23 tot verval van staatsinstituties, terwijl de beweging de lokale bevolking onderdrukt. M23 wordt gesteund door Rwanda, dat voet aan de grond wil krijgen in Noord-Kivu om toegang te krijgen tot de grondstoffen.

21 miljoen Congolezen hadden volgens de Verenigde Naties in 2025 hulp nodig.  Velen van hen zijn meerdere keren gevlucht, steeds opnieuw op zoek naar veiligheid. In de provincie Noord-Kivu neemt de honger toe, want door het conflict moesten vele boeren vluchten, zijn geen zaden geplant en oogsten misgelopen of gestolen. Volgens de VN is de situatie in Oost-Congo één van de meest complexe humanitaire crises ter wereld.

Congolese bevolking profiteert niet van rijkdom

Tijdens een drukbezochte bijeenkomst op 4 juni in de Melkweg in Amsterdam gingen Wij zijn Congolezen en Oxfam Novib met het publiek in gesprek over de situatie in Congo, en waren er hippe optredens van Congolese artiesten. Naast zware onderwerpen was er ook plaats voor het vieren van de Congolese cultuur en hoe je met kunst uiting kunt geven aan verzet.

Globi Mbwete, medeoprichter van Wij zijn Congolezen, een organisatie die de Congolese gemeenschap in Nederland vertegenwoordigt, legt uit dat buitenlandse mogendheden al heel lang hebben geprofiteerd van de vele grondstoffen die het land rijk is.

‘Is een leven van een Congolees niets waard?’

‘Congo is ontzettend rijk aan grondstoffen die wij allemaal nodig hebben voor onze telefoons en andere elektronica. Niet alleen tijdens de kolonisatie door België vanaf de negentiende eeuw tot aan 1960 is het enorme land geëxploiteerd voor deze grondstoffen. Na de dekolonisatie wilde de eerste premier van het land, Patrice Lumumba, alle bevolkingsgroepen verenigen, maar koloniale machten als België zagen dat niet zitten en lieten hem zes maanden later vermoorden. Congo is zó belangrijk voor de wereld, met zeventig procent van de grondstoffen die we nodig hebben, dat sommigen baat hebben bij het feit dat er ‘chaos’ is in Congo. Op die manier kunnen grondstoffen op een sluwe manier worden gewonnen en naar het Westen worden gebracht.’

Congo beschikt inderdaad over zo’n zeventig procent van de mondiale reserves aan kobalt, een mineraal dat net als lithium een essentieel onderdeel is van batterijen.

Panelgesprek met vlnr Nawa Sira van Sluijs, David Katshiunga, Latifa Mwazi en Michael Middelkoop. Op de achtergrond het kunstwerk ‘Les Oubliers’. Beeld: Erik Prins

Mbwete vertelt dat hij van dichtbij ziet dat de Congolese bevolking niet profiteert van de rijkdom aan grondstoffen in hun land. ‘Ik heb neven die aan de universiteit hebben gestudeerd. Zij hebben geen baan, en als ze al een baan hebben, dan werken ze in de supermarkt. Ze leven van vijftig dollar in de maand. Hoe kun je dan rondkomen en je leven opbouwen? Zij moeten overleven, terwijl zij ook dromen hebben. Maar die worden hen afgenomen.’

Eerlijke handel

Om de lokale bevolking wel mee te laten profiteren van de rijkdom, zouden de grondstoffen voor onze onmisbare telefoons op een eerlijke manier moeten worden gewonnen en verhandeld, zegt Mbwete.

‘Wij Congolezen willen dat er op een normale manier zaken wordt gedaan met Congo. Als je zaken wilt doen met Congo, kom dan via de voordeur en niet via de achterdeur.’

Mbwete zegt dat in het licht van de groeisectoren van Nederland waarbij Congo een rol zou kunnen spelen, de energietransitie en defensie, ook Nederland haar verantwoordelijkheid zou nemen.

‘Koop niet ieder jaar een nieuwe telefoon of tablet’

‘Als je investeert in defensie, heb je grondstoffen nodig en dan kun je niet om Congo heen. De groene energietransitie waar we nu in Nederland mee bezig zijn is voor de Congolezen rood. Want het bloed is aan het druppelen, mensen sterven dagelijks. Vorig jaar verscheen er een rapport van Unicef dat zei dat er elk half uur iemand wordt verkracht; een vrouw, een kind, een man. En dat wetende, hoe kan je dan als politiek leider, als mens, niets doen? Is een leven van een Congolees niets waard?’

Hij zegt dat consumenten die elektronica zoals smartphones kopen, zich ook eens zouden moeten indenken dat het niet nodig is om ieder jaar iets nieuws te kopen waarvoor veel materialen nodig zijn die uit Congo komen. ‘Koop bijvoorbeeld niet ieder jaar een nieuwe telefoon of tablet. Als je in plaats daarvan gaat voor refurbished, dan help je het probleem iets te verlichten omdat die grondstoffen dan niet meer nodig zijn. Wij staan misschien heel ver van wat er in Congo gebeurt, maar als iedereen hier in de zaal vijf jaar lang geen nieuwe telefoon koopt, dan maak je al verschil. Als consument heb je veel macht. Samen kunnen wij het verschil maken.’

Rol van Rwanda in het conflict

Maar wat kan er op politiek niveau aan worden gedaan om de situatie in Congo te verbeteren?

Noël van Veen, campaigner bij Oxfam Novib, zegt dat Nederland zich binnen de Europese Unie meer zou moeten inzetten om ervoor te zorgen dat de grondstoffen uit Congo eerlijk en duurzaam worden verhandeld en de situatie in Congo te verbeteren.

‘Wij roepen Nederland en de EU op om kritisch te kijken naar grondstoffendeals met landen die een rol spelen in dit conflict. Ook zou het controlemechanisme voor de duurzaamheid van grondstoffenketens aangescherpt moeten worden. Verder zou er meer werk moeten worden gemaakt van onafhankelijke toezichthouders bij mijnen om illegale handel en smokkel te stoppen.’

‘De EU heeft een partnerschap gesloten met Rwanda voor het leveren van grondstoffen’

Wij zijn Congolezen-voorman Mbwete uit zich ook kritisch over de rol van de EU. ‘De EU heeft een partnerschap gesloten met Rwanda voor het leveren van grondstoffen, maar in Oost-Congo vindt een genocide plaats. En onze belastingcenten gaan indirect naar Rwanda. Wat houdt Nederland tegen om nee te zeggen tegen die overeenkomst?’

Volgens Van Veen spelen er grote belangen van bedrijven, die ervoor zorgen dat wetgeving wordt afgezwakt.

‘Terwijl het vorige kabinet-Schoof nauwelijks interesse toonde om zich hard te maken voor duurzame grondstoffenketens, heeft het nieuwe kabinet onder Rob Jetten nu een kans om Nederland zich op een andere manier te positioneren. En dat zien we nu nog niet duidelijk terug.’

Hij verwijst ook naar de verantwoordelijkheid van bedrijven om mensenrechtenschendingen te voorkomen bij het delven van grondstoffen. ‘Wetgeving die daarvoor bestaat is ontoereikend en wordt onvoldoende nageleefd.’

Kunst als verzet

Optredens van onder andere de Namibisch-Belgische zanger Shishani, en zangeres en psalmist Eve-Rose zorgden voor een luchtige invulling van de avond. Deze artiesten gebruiken allen muziek om zich te verzetten tegen de situatie in Congo.

Ook kunstenaars vertelden over hoe zij in hun werk uiting geven aan verzet.

Michael Middelkoop, filmmaker wiens vader Congolees is en moeder Nederlands:

‘Mijn familie heeft verhalen over de pijn heel lang weggehouden bij mij. Mijn ouders dachten waarschijnlijk dat ze die wond niet aan mij zouden moeten meegeven. Daarom heb ik het pas op latere leeftijd ontdekt tijdens gesprekken met mijn vader. Dit heeft mijn werk gevoed, waarbij ik de paradox van Congo in mijn werk kon verwerken. De paradox van immense welvaart aan de ene kant en humanitaire uitdagingen aan de andere kant; de paradox van het meest waardevolle en rijkste land dat er is tegenover anderen die dit koste wat kost kapot willen maken. Ik heb geprobeerd van de pijn die hieruit voortvloeit een wapen te maken in mijn werk.’ In de film Cronos, over een man die op zoek gaat naar zijn familiegeschiedenis. heeft Middelkoop de band met zijn vader verwerkt.

‘Vroeger schaamde ik mij ervoor om te zeggen dat ik uit Congo kwam’

De Belgisch-Congolese kunstenaar David Katshiunga maakte voor een boek over Congo het schilderij Les Oubliers, de vergetenen, dat verwijst naar Congolezen die tijdens de Eerste Wereldoorlog voor de Belgen kwamen vechten, maar over wie nooit iets is verteld. ‘Als Belg, Congolees en kunstenaar vond ik dit moment om hen te eren.’

Mbwete benadrukt dat het van belang is dat meer mensen zich op de hoogte stellen van de situatie in Congo. ‘Vroeger schaamde ik mij ervoor om te zeggen dat ik uit Congo kwam. Ik zei dat ik uit Frankrijk kwam omdat wij Frans spreken. Het was niet stoer om Congolees of Afrikaan te zijn. Maar dankzij mensen om me heen die er wel trots op waren, durfde ik meer te spreken over Congo. Congo staat niet alleen voor allerlei negatieve zaken, Congo staat ook bekend om de muziek, het eten en de dans, en dat mag ook gevierd worden.’

De volgende avond ‘Don’t Stop Talking About Congo’ is op 25 juni in Den Haag.

Duitse omroep past uitzending aan na aanvaring met Elon Musk

0

De Duitse publieke omroep ZDF heeft een deel van een reportage verwijderd, waarin gesteld werd dat Elon Musk met zijn gehits mede verantwoordelijk is voor de gewelddadige rellen tegen migranten in Noord-Ierland. De biljonair zette daarop een Duits advocatenbureau tegen de omroep, die op zijn beurt daarvoor boog, zo bericht Nu.nl.

Het programma ZDFheute zond een verhaal uit, met de titel Hoe Musk de protesten aanwakkert. In de deze uitzending wordt verteld over een ‘racistische menigte die op jacht gaat naar migranten’ na publicatie van een video van een mesaanval door een Soedanese migrant. ‘De oproep daartoe kwam van een Britse rechts-extremist en techbiljonair Elon Musk’, vertelt ZDF in de uitzending.

Deze formulering schoot Musk in het verkeerde keelgat. Hij besloot een advocatenbureau in te schakelen.

ZDF geeft nu aan dat ‘sommige formuleringen potentieel misleidend waren’ en heeft een deel van de uitzending verwijderd. Een woordvoerder zegt tegen de BBC dat dit is gedaan na een sommatie van Musk via een Duits advocatenkantoor. Online staat dat de uitzending ‘om juridische redenen is ingekort.’

Tweede Kamer stemt voor Denk-moties tegen kolonistengeweld op Westbank

0

Het zal in Israël nog lang niet tot grote zorgen leiden, maar de Tweede Kamer heeft twee Denk-moties tegen het toenemende kolonistengeweld op de bezette Westelijke Jordaanoever aangenomen.

Denk is daar blij mee en laat dat weten op sociale media. De uitslag van de stemmingen voor de moties wordt gedeeld met een foto waarin Stephan van Baarle is te zien, met een keffiyeh-sjaal om zijn nek en op zijn pak een Palestina-vlag gespeld.

‘De regering moet nu sancties instellen tegen Israëlische overheidsfunctionarissen die illegale nederzettingen mogelijk maken of kolonistengeweld faciliteren’, schrijft Denk op LinkedIn. ‘Ook moet de handhaving worden versterkt, zodat producten uit illegale nederzettingen geen oneerlijke handelsvoordelen krijgen.’

PVV, FvD, JA21, BBB, SGP, Groep Markuszower en Lid Keijzer hebben tegengestemd. VVD en CDA hebben daarentegen wel voor gestemd.

Een nieuw gepubliceerd rapport, Erasing Anything Palestinian, van de mensenrechtenorganisatie Amnesty International bevestigt dat het kolonistengeweld niet het werk is van individuen, maar dat de Israëlische apartheidsstaat hier actief aan meewerkt.

‘De internationale gemeenschap is geen passieve toeschouwer bij het onrecht dat de Palestijnen wordt aangedaan, maar draagt daar actief aan bij. Israël is zich bewust dat het straffeloos misdaden tegen Palestijnen kan plegen. Het uitblijven van maatregelen moedigt Israël aan om de Westelijke Jordaanoever etnisch te zuiveren van Palestijnen en te annexeren’, aldus Amnesty.

JA21 en PVV woedend op minister OCW, vanwege selfie met moslimstudenten

0

Minister Rianne Letschert (D66) van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap krijgt felle kritiek van JA21 en de PVV. Aanleiding is een Instagrampost van 11 juni, waarin ze verslag deed van een gesprek met leden van de Moslim Studenten Associatie (MSA) en met hen een selfie maakte.

Zowel JA21 als de PVV hebben Kamervragen gesteld over de ontmoeting. Hun vragen gaan over de positie van moslimstudenten en over de organisatiestructuur achter de MSA.

De vragen van JA21‑Kamerleden Diederik Boomsma en Annabel Nanninga richten zich vooral op de internationale verbanden van de MSA. Zij wijzen erop dat lokale MSA‑afdelingen zijn aangesloten bij FEMYSO, een Europese koepelorganisatie die in rapporten van Belgische, Duitse en Franse inlichtingendiensten wordt beschreven als gelieerd aan de Moslimbroederschap. JA21 wil weten of de minister hiervan op de hoogte was en of dit tijdens het gesprek met de MSA ter sprake is gekomen.

Daarnaast vragen de Kamerleden waarom de minister in haar Instagrampost zich hard maakte voor de positie van moslimstudenten, die zich vaak gediscrimineerd voelen in het hoger onderwijs. JA21 wil weten hoeveel studenten zich gediscrimineerd voelen, welke klachten zij precies hebben en of de minister zich realiseert dat zij hiermee het narratief van slachtofferschap legitimeert. Ook vragen zij om een inventarisatie van subsidies die lokale MSA‑afdelingen ontvangen van onderwijsinstellingen en gemeenten.

PVV-Kamerleden Annette Raijer en Geert Wilders kiezen voor een andere invalshoek. Hun vragen richten zich op de positie van joodse studenten sinds 7 oktober 2023. De partij stelt dat joodse studenten worden ‘weggepest’ en ‘bedreigd’ en ‘de campus moeten mijden uit doodsangst door islamitische haat’. De minister zou, door zich publiekelijk zo met de MSA te profileren, de indruk wekken dat de zorgen van joodse studenten voor haar niet belangrijk zijn. De PVV-Kamerleden vragen hoeveel gesprekken de minister met joodse studentenorganisaties heeft gevoerd en beschuldigt haar van een eenzijdige aandacht voor de islamitische agenda.

De minister moet beide sets vragen nog beantwoorden.

Anti‑asielprotesten blijken landelijk rondreizend kernteam te hebben

0

Uit een analyse van de NOS blijkt dat bij lokale protesten tegen asielopvang steeds opnieuw dezelfde kleine groep actievoerders opduikt. Het gaat om hooguit enkele tientallen mensen die door het hele land aanwezig zijn, zowel fysiek als online.

Zij reageren op oproepen via Facebook en Telegram en voeren geregeld het woord bij demonstraties. Eén man werd zelfs bij 31 van de 48 onderzochte protesten gesignaleerd.

De meest zichtbare rol is weggelegd voor de zogenoemde Defendgroepen, ontstaan tijdens de coronaprotesten. Hoewel zij ontkennen extreemrechts te zijn typeerde de NCTV hen eerder als anti‑overheidsgroepen met mogelijk extreemrechtse invloeden. Defend‑leden waren aanwezig bij 43 van de 48 onderzochte protesten en zijn herkenbaar aan hun online verkrijgbare emblemen.

Naast Defend duiken ook kleinere groepen op, zoals Nationale Trots, Vaderlandsliefde en Freedom Fighters. Sommige actievoerders blijken voor meerdere groepen tegelijk actief. Volgens de NOS is er geen bewijs dat Defend bewust onrust organiseert, maar voormannen benadrukken wel dat onrust helpt om lokale plannen tegen te houden.

De AIVD onderzoekt inmiddels of er sprake is van georganiseerde acties die uitlopen op geweld. Bij recente protesten, in onder meer Wijk bij Duurstede en Vriezenveen, waren opnieuw veel ‘buitenstaanders’ aanwezig. Op sociale media variëren de oproepen van vredelievend tot ronduit intimiderend. Defend Netherlands wilde niet reageren op vragen van de NOS.

Trump regeert als Corleone: hij wil er altijd iets voor terug

0

Toen het Sovjetblok instortte, ontstonden er niet automatisch democratieën. Er bleven staten achter met instellingen zonder democratische cultuur, zonder sterke burgerlijke normen en met oligarchische netwerken die jarenlang hadden geleerd te functioneren op basis van dwang en loyaliteit.

Het resultaat in het voormalige Oostblok was niet de liberale orde waarop westerse beleidsmakers hadden gehoopt. In plaats daarvan ontstond een vermenging van staatsmacht en criminele logica, iets wat wetenschappers een ‘kleptocratie’ noemen. Barbara McQuade, voormalig federaal aanklager in Michigan met jarenlange ervaring in de bestrijding van georganiseerde misdaad, noemt het een systeem dat gebaseerd is op ‘maffiacodes’.

McQuades boek The Fix: Saving America from the Corruption of a Mob-Style Government (Seven Stories Press, 2026) onderscheidt zich van veel andere boeken over Trump door de nauwkeurigheid van haar analyse. Haar ervaring als aanklager geeft het boek een bijna forensische precisie. Wat het boek ook buiten de Verenigde Staten belangrijk maakt, is dat het een naam en structuur geeft aan een mondiaal patroon dat zich sinds het einde van de Koude Oorlog heeft ontwikkeld.

Dit model ontstond voor het eerst in de voormalige Sovjet-invloedssfeer. Alexander Loekasjenko in Belarus perfectioneerde de ‘afpersingsstaat’: loyaliteit werd gekocht met gunsten, tegenstanders werden onderdrukt met buitengerechtelijk geweld en verkiezingen waren vooral rituelen van onderwerping in plaats van vrije keuzes. In Azerbeidzjan erfde Ilham Aliyev een systeem waarin de regerende familie en de staatskas nauwelijks van elkaar te onderscheiden waren, en bouwde dat verder uit.

McQuade verwijst regelmatig naar een scène uit The Godfather

Beide leiders werkten volgens een patroon dat kenners van georganiseerde misdaad direct herkennen: controleer de rechtbanken, beheers de media en zorg ervoor dat iedereen rond de macht zoveel te verliezen heeft dat verraad geen optie is.

McQuade verwijst regelmatig naar een scène uit The Godfather. Don Corleone verleent iemand een gunst en zegt vervolgens: ‘Ooit – en die dag komt misschien nooit – zal ik je vragen iets voor mij terug te doen.’ Volgens haar is dit geen fictie, maar een nauwkeurige beschrijving van hoe Donald Trump regeert.

‘Elke keer dat iemand iets voor hem doet’, schrijft zij, ‘of het nu een gunst is of iets anders, wordt er altijd iets terugverwacht.’ Het Corleone-model is volgens haar het besturingssysteem van de Amerikaanse macht geworden.

Wat er na 2010 gebeurde, was niet zozeer dat autoritarisme zich naar nieuwe gebieden verspreidde. Het kreeg juist meer invloed binnen democratische systemen.

Dat patroon was ook zichtbaar aan de andere kant van de voormalige Koude Oorlog-grens. Recep Tayyip Erdogan in Turkije leverde een belangrijk voorbeeld: een leider die via democratische verkiezingen aan de macht kwam, maar daarna stap voor stap de instellingen verzwakte die zijn macht moesten beperken. De rechterlijke macht werd gevuld met loyalisten, de veiligheidsdiensten werden omgevormd tot persoonlijke instrumenten en overheidsopdrachten werden gebruikt om bedrijven afhankelijk te maken van de machthebber. Het resultaat was een systeem waarin maar twee opties overbleven: volledige loyaliteit of bestraffing.

De Braziliaanse president Jair Bolsonaro volgde een vergelijkbaar pad: een sterke nadruk op persoonlijke loyaliteit, het bewust creëren van chaos als politiek instrument en minachting voor juridische verantwoording.

McQuade vat dit samen in de ‘drie C’s’ van bestuur in maffiastijl: corruptie, wreedheid en chaos. Dat zijn geen bijwerkingen of bestuurlijke fouten, maar bewuste instrumenten. Corruptie bindt mensen aan elkaar door gedeelde schuld. Wreedheid laat zien dat regels niet gelden voor de machtigen. Chaos maakt het moeilijk om machthebbers ter verantwoording te roepen.

Ik zou daar nog iets aan willen toevoegen: dit soort leiders geven op het internationale toneel vaak de voorkeur aan persoonlijke ontmoetingen boven institutionele overlegvormen. Zij kiezen meestal voor één-op-één-gesprekken, waarbij instellingen worden omzeild en de nadruk ligt op persoonlijk vertrouwen volgens een maffia-achtige erecode.

The Fix verwerpt het idee dat de Verenigde Staten uitzonderlijk zijn en dat wat in Ankara of Minsk gebeurde nooit in Washington zou kunnen gebeuren. Vanuit haar ervaring met de vervolging van maffianetwerken laat McQuade zien hoe herkenbaar Trumps methoden zijn voor soortgelijke leiders elders. ‘De manier om te winnen is aanvallen, aanvallen, aanvallen – nooit toegeven, nooit excuses aanbieden en altijd loyaliteit terug eisen.’

Vanuit Turks perspectief is dat een bekend verhaal

De overeenkomsten met Erdogans vervolging van politieke tegenstanders of het staatsapparaat van Loekasjenko dat critici straft, zijn volgens haar geen toeval. Ze zijn structureel. Ze laten zien hoe verschillende systemen dezelfde oplossing hebben gevonden: macht gebruiken om macht te beschermen.

McQuades onderzoek ondersteunt een verontrustende conclusie: Trump heeft laten zien hoe ver een liberale democratie die kant op kan bewegen voordat burgers beseffen wat er gebeurt. Vanuit Turks perspectief is dat een bekend verhaal.

Wat McQuade toevoegt, is de blik van de aanklager: de vraag waarom bepaald gedrag logisch lijkt. Haar antwoord is dat het logisch is binnen de wereld van de georganiseerde misdaad. En volgens haar heeft die wereld voor het eerst in de moderne geschiedenis de uitvoerende macht van de Verenigde Staten in handen gekregen.

McQuade eindigt niet met wanhoop, maar met voorstellen voor hervormingen. Zij blijft geloven in constitutionele oplossingen, mits die daadwerkelijk worden toegepast. De belangrijkste bijdrage van haar boek is echter dat het lezers in Bakoe, Minsk, Ankara en Washington een gemeenschappelijke taal geeft om te beschrijven wat zij hebben zien gebeuren. De ‘fix’, zoals haar titel luidt, bestaat al lange tijd. De vraag is of genoeg mensen dat op tijd inzien om er iets aan te doen.

Unicef: klimaatverandering brengt miljoenen kinderen in gevaar

0

Bijna de helft van de kinderen wereldwijd, oftewel 1.1 miljard mensen, wordt blootgesteld aan ten minste drie overlappende klimaatdreigingen, wat hun gezondheid, onderwijs en overleving in gevaar brengt. Dit blijkt uit een nieuw rapport van Unicef dat vandaag is gepresenteerd.

Bijna elk kind ter wereld wordt geconfronteerd met minstens één klimaatbedreiging, schrijft de kinderrechtenorganisatie van de Verenigde Naties, terwijl meer dan 4 miljoen kinderen zelfs met zes overlappende dreigingen te maken kunnen krijgen.

Unicef maakte voor haar rapport gebruik van de meest recente gegevens om de blootstelling van kinderen aan de acht meest voorkomende klimaatbedreigingen in kaart te brengen. Dit zijn kustoverstromingen, droogte, extreme hitte, branden, hittegolven, rivieroverstromingen, zand- en stofstormen en tropische stormen. Voor het eerst onthult het rapport welk effect meerdere en overlappende klimaatdreigingen precies hebben op kinderen en hoe overheden concreet actie kunnen ondernemen.

Volgens de bevindingen komt de combinatie van droogte, extreme hitte en hittegolven het meest voor. 296 miljoen kinderen wonen in gebieden die aan alle drie omstandigheden zijn blootgesteld. Aan de tweede meest voorkomende combinatie – droogte, extreme hitte en tropische stormen – worden meer dan 115 miljoen kinderen wereldwijd blootgesteld.

In de Sahel-regio van Afrika, één van de zwaarst getroffen gebieden, worden meer dan 4 miljoen kinderen geconfronteerd met de drievoudige dreiging van hittegolven, extreme hitte en zand- en stofstormen. In landen als Bangladesh, Myanmar en Pakistan, worden kinderen blootgesteld aan meer klimaatdreigingen tegelijkertijd en met een hogere intensiteit dan waar ook ter wereld.

Ook rijke landen blijven niet gespaard van overlappende klimaatdreigingen, zo schrijft Unicef. In Italië bijvoorbeeld worden meer dan zes miljoen kinderen blootgesteld aan langdurige hittegolven en droogte. Het land laat echter zien hoe investeringen in klimaatadaptatie sommige risico’s voor kinderen kunnen verminderen.

Luchtvervuiling en malaria

Naast de acht meest voorkomende klimaatbedreigingen analyseert het rapport ook hoe kinderen worden blootgesteld aan luchtvervuiling en malaria, twee risico’s die volgens Unicef sterk onderhevig zijn aan de effecten van klimaatverandering. Gegevens tonen aan dat luchtvervuiling bijna elk kind wereldwijd treft, terwijl 1 miljard kinderen worden blootgesteld aan malaria. Voor deze kinderen komt malaria nog bovenop het gevaar van meerdere klimaatdreigingen waarmee zij te maken hebben.

De kinderrechtenorganisatie waarschuwt dat wanneer onmiddellijke actie om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen uitblijft, klimaatdreigingen frequenter en ernstiger zullen worden. Dit zal een nog grotere druk leggen op overheidsbudgetten en het welzijn van kinderen in gevaar zal brengen.

Om de rechten van kinderen te beschermen tegen klimaatdreigingen roept Unicef overheden, bedrijven en andere betrokken partijen op om de uitstoot te verminderen en actie te ondernemen om bestaande internationale verplichtingen na te komen. Gebruik van fossiele brandstoffen moet hierbij worden afgebouwd en in plaats ervan worden overgegaan naar hernieuwbare energie. De organisatie roept ook op om kinderen te beschermen door de belangen van kinderen worden meegenomen in klimaatadaptatieplannen en rampscenario’s. Verder zouden kinderen en jongeren in staat moeten worden gesteld om op betekenisvolle wijze deel te nemen aan klimaatacties, door te investeren in klimaatonderwijs en vaardigheden, schrijft Unicef.