19.9 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 2

Hoe een Joods jongetje in Palestina terecht kwam

0

In 1943 reist een groep van ongeveer 870 Joodse weeskinderen via een levensgevaarlijke omweg van de Sovjet-Unie naar het toenmalige Palestina. Over één van hen, de Poolse Joseph Rosenbaum, schreef Nicolette Knobbe het boek De vlucht van David Brenner.

In het boek heet Joseph namelijk David Brenner. Het verhaal is mooi geschreven en voert je mee naar de tijd van toen, maar het bevat ook passages waarvan de rillingen over je rug lopen. Het is het eerste Nederlandstalige boek over dit onderbelicht stukje geschiedenis.

Geen reis, maar een vlucht

Hoewel David Brenner een hele lange reis heeft gemaakt, heeft Knobbe bewust voor het woord ‘vlucht’ gekozen. ‘Vluchtelingen van deze tijd gebruiken dat ook. Ze hebben geen reis achter de rug, maar een vlucht. David maakte heel veel mee in zijn jonge leven en moest heel vroeg volwassen worden. Om het verhaal geloofwaardig te maken, heb ik hem een paar jaar ouder gemaakt. In het verhaal is hij van 1928 in plaats van 1931.’

In een oorlog hangt veel af van de keuzes die je maakt, wat ook dit verhaal ondubbelzinnig laat zien. David was de middelste van drie kinderen. Zijn zus Rachel was wat ouder, Sara was jonger. Hij woonde met zijn familie in Keulen, waar ze het anno 1938 niet makkelijk hadden als Joods-Pools gezin.

‘De vader van David voelde onraad aankomen en wilde met zijn gezin naar de Verenigde Staten, maar de moeder van David wilde niet mee. Daarom reisde de vader van David alvast vooruit, zijn gezin had moeten volgen. Het lot besliste anders. In oktober 1938 moesten alle Poolse Joden Duitsland verlaten. Rachel, de oudste dochter, is op dat moment bij familie in België en zij vluchtten op tijd naar de VS. David komt echter met zijn moeder en zusje terecht in Polen, waar ze niet erg welkom zijn. Ze gaan bij de grootouders wonen, maar as Polen wordt aangevallen en bezet door de Duitsers moeten ze weer vertrekken.’

Tussen 1939 en 1941 werden ongeveer 1,5 miljoen Poolse mensen weggevoerd naar de Sovjet-Unie

Het is de tweede keer dat David moet vluchten. Samen met zijn moeder, zus en grootouders bereikt hij de Sovjet-Unie. Daar zijn ze onderdeel van een pijnlijk stuk geschiedenis. Tussen 1939 en 1941 werden ongeveer 1,5 miljoen Poolse mensen weggevoerd naar de Sovjet-Unie. Ze waren geen vrije burgers, de meesten van hen belandden in werkkampen, onder andere in Siberië. Bij aanvang van de Tweede Wereldoorlog waren miljoenen mensen naar deze werkkampen gedeporteerd.

Door de mensonterende omstandigheden heeft slechts een derde van alle gevangenen dit overleefd. Alleen al de reis er naartoe was een drama. Ze reisden met treinen waar normaalgesproken vee in werd vervoerd, waar veel te veel mensen op elkaar zaten en waar gemakkelijk besmettelijke ziekten uitbraken. In een scène in het boek moet een kind de trein verlaten omdat ze roodvonk heeft. De moeder weigert om zonder haar kind te vertrekken. Ze worden samen uit de trein gezet. Iedereen wist dat ze door de lage temperaturen zouden doodvriezen, maar niemand durfde iets te zeggen. ‘Mensen moesten overleven. Iemand met een besmettelijke ziekte kon de andere aanwezigen ziek maken, want er was absoluut geen ruimte om zieken te isoleren.’

Siberische werkkampen 

Was het de bedoeling dat mensen deze kampen niet zouden overleven? ‘Nee’, denkt Knobbe. ‘Ze werden echt als werkkampen gezien. Overigens was het heel moeilijk om te achterhalen waar David precies zat. Ik heb zijn hele vlucht in kaart kunnen brengen, maar niet zijn kamp, alleen een indicatie van waar hij zat. Dit stukje geschiedenis is met mist omgeven en je kunt er niet even naartoe reizen, zeker nu niet. Mogelijk schamen de autoriteiten zich voor dit stukje geschiedenis. Toch hadden deze kampen niet hetzelfde doel als de concentratiekampen. Er moest zwaar werk worden verzet in ruil voor te weinig eten. Het moest allemaal op de allergoedkoopste manier. In praktijk was het slavernij. Er moest op het land worden gewerkt, wat zwaar werk was. In combinatie met het schaarse voedsel werd dit veel mensen fataal.’

De moeder van David is in dit kamp overleden. In juni 1941 vielen de Duitsers de Sovjet-Unie binnen. Daardoor veranderde de situatie in de ogen van de Sovjet-reging. Polen en Russen hadden nu een gezamenlijke vijand. Het gevolg was dat alle Polen de werkkampen binnen twee maanden mochten verlaten. Maar waar moesten ze heen?

‘David en Sara gingen met hun oma en een broer van hun opa naar Tasjkent, waar het leven ook zwaar bleek. Ze hoorden dat er in Turkestan, wat zuidelijker lag en dus een beter klimaat had, werk en voedsel waren. Maar daar kwamen ze in verkapte werkkampen terecht, met wederom te weinig eten. Sara kwam er te overlijden. David komt op een moment in een weeshuis terecht. Opzettelijk, want hij heeft gehoord over het leger van generaal Anders, dat uit Poolse soldaten bestond en als eindbestemming had. Er mogen ook kinderen mee. Via dat weeshuis wil hij naar Palestina.’

David maakt niet veel vrienden in het weeshuis omdat hij Joods is. De Poolse kinderen discrimineren hun Joodse leeftijdgenoten openlijk, iets waar niet iedere priester tegen optreedt. Dit doet zijn verlangen naar Palestina groeien. Maar David wilde niet alleen naar Palestina omdat het daar veilig was voor Joden. Hij had nog een motief, hoe tragisch ook. Hij had inmiddels een paar jaar school gemist en wist daardoor niet waar Palestina precies lag. Hij denkt dat Palestina naast Amerika ligt en hij dan vlak bij zijn vader is. David heeft op dat moment vijf familieleden verloren, rampzalige treinreizen meegemaakt en in een Siberisch werkkamp overleefd. Toch is hij nog een beetje kind.

Teheran-kinderen

De treinreis van Turkestan naar Teheran valt mee, de ellende komt pas daarna. De organisatie krijgt géén toestemming om door Irak en Turkije te reizen met de kinderen. Deze kinderen kinderen moeten daarom via het toenmalige Brits-Indië naar Palestina reizen. Hier hebben ze hun naam ‘de Teheran-kinderen’ te danken. Het wordt géén luxe bootreis. De kinderen brengen, net als tijdens een eerdere bootreis, het grootste deel van de tocht in het benauwde ruim door, waar ze dicht op elkaar zitten en alleen een deken hebben om onder te slapen. Niet alle kinderen overleven de reis. Ook hier breken ziekten uit als gevolg van een gebrek aan hygiëne en voedsel.

Tijdens alle routes die David aflegt komen mensen te overlijden

Tijdens alle routes die David aflegt komen mensen te overlijden. Als hij in Palestina arriveert is het 1943. Hij is dan bijna vijf jaar weg uit Duitsland. Al die tijd is hij niet naar school geweest en heeft hij te weinig eten gehad, behalve wanneer hij in het ziekenhuis ligt. In het verhaal is hij op dat moment vijftien, maar in werkelijkheid is hij pas twaalf.

‘Als zijn moeder ervoor had gekozen om met haar man mee te gaan naar New York, dan was het anders gelopen. Dat geldt ook voor Joden die ervoor kozen om niet naar de Sovjet-Unie te gaan, maar terug naar Duitsland. Dat bleek ook niet veilig te zijn. De mensen die ervoor kozen om naar de Sovjet-Unie te gaan hadden geen idee wat hen te wachten stond’, vertelt Knobbe. Begrijpelijk. Het bestaan van de werkkampen en de onmenselijke omstandigheden was bij het grote publiek onbekend, wat eigenlijk nog steeds het geval is.

Onderzoek

Ongeveer tien jaar geleden las Nicolette Knobbe een samenvatting van het boek Die Odyssee der Kinder van Jutta Vogel over de Teheran-kinderen. Ze ging op onderzoek uit en stuitte op een uitspraak van Piotr Cywinsi, directeur van museum en herinneringencentrum Auschwitz-Birkenau: ‘Als er geen overlevenden meer zijn, is het aan ons om zorg te dragen voor hun verhalen.’

Dit was voor haar het laatste zetje om met dit onderwerp aan de gang te gaan. Er kwam veel onderzoek bij kijken. Het onderzoek om dit boek te kunnen schrijven kostte zelfs meer tijd dan het schrijven zelf. ‘Ik heb heel veel foto’s en filmpjes bekeken in zwart-wit, soms zoveel dat ik bijna vergat dat de wereld in kleur is. Het gebeurde dat ik zo onder de indruk was van alles dat ik het even weglegde. Over de omstandigheden in die tijd heb ik veel kunnen achterhalen via het internet.’

Joseph Rosenbaum is maar liefst 92 jaar geworden. Onlangs ontmoette Nicolette Knobbe zijn zoon. De familie is erg blij met het boek en heeft foto’s ter beschikking gesteld.

Het is zeer de moeite waard om te lezen. Het boek bevat dramatische situaties, maar ook tragikomische. Het is een verhaal met tranen én vertedering. Het is goed geschreven én educatief.

De vlucht van David Brenner, Nicolette Knobbe. Uitgever: Just Publishers. 353 blz.

Israël verbiedt prominente Palestijnse imams toegang tot Al-Aqsa moskee

0

Twee prominente Palestijnse voorgangers kregen maandag van de Israëlische
autoriteiten een verbod opgelegd, waardoor zij een week lang de al-Aqsa moskee in bezet Oost-Jeruzalem niet mogen betreden.

Sheikh Raed Salah en Sheikh Kamal al-Khatib zeiden tegen de Turkse nieuwssite Anadolu dat zij werden verhoord door Israëlische autoriteiten, waarna zij het verbod kregen opgelegd. Volgens Salah is het toetreden tot al-Aqsa een islamitisch recht en hebben zij dus het recht om er te komen. Hij veroordeelde het besluit van Israël als ‘onrechtmatig’
en ‘onrechtvaardig’. Verder noemde de Palestijnse voorganger het verbod ‘een
aanval op ons geloof’ en ‘religieuze vervolging’. Hij benadrukte dat de islamitische
waqf (islamitische instantie) in Jeruzalem exclusief gezag heeft over de moskee.

Al-Khatib zegt bang te zijn dat de Israëlische politie het verbod met een half jaar zal verlengen. Israëlische autoriteiten hebben dit jaar al honderden van dit soort verboden opgelegd aan voorgangers en gelovigen in bezet Oost-Jeruzalem en in Israël zelf. Zo’n verbod begint meestal met een ban van een week, waarna deze kan worden verlengd met zes maanden.

Al-Khatib en Salah waren voorheen leiders van de Islamitische Beweging in Israël. Israël verbood de noordelijke tak van de beweging in November 2015, omdat zij banden zou hebben met Hamas en de Moslimbroederschap. Israël had Salah al eerder een dergelijk verbod opgelegd van vijftien jaar, die in 2022 afliep.

De al-Aqsa moskee is één van de belangrijkste heilige plaatsen voor moslims. De locatie in bezet Oost-Jeruzalem wordt door moslims al-Haram al-Sharif en door Joden de Tempelberg genoemd. Israël bezette Oost-Jeruzalem in 1967 en annexeerde dit gedeelte van de stad in 1980, in strijd met het internationaal recht. De overgrote meerderheid van de internationale gemeenschap beschouwt Oost-Jeruzalem als bezet Palestijns gebied. Palestijnen beogen het als hoofdstad van een toekomstige eigen staat.

Toch gaat Israël door met pogingen om haar controle over Oost-Jeruzalem te vergroten. Dit gebeurt onder meer door het uitbreiden van illegale Israëlische nederzettingen, het innemen van religieuze en historische plaatsen en het creëren van een demografische meerderheid van joden. Dit alles gaat ten koste van de Palestijnen.

Dit gebeurt niet alleen in de bezette Palestijnse gebieden, maar ook in Israël zelf. Zo verbood de extreemrechtse Israëlische minister van Nationale Veiligheid Itamar Ben Gvir eerder de azaan (de gebedsoproep) in Israël. Het verbod voor de Palestijnse voorgangers kan dan ook in dit patroon worden gezien.

Anti-azc protesten in Loosdrecht bereiken climax

0

Protesten in Loosdrecht tegen de tijdelijke opvang van asielzoekers in het gemeentehuis hebben maandagavond een climax bereikt. Demonstranten gooiden met stoeptegels en betonblokken en vernielden een hek, meldden verschillende media.

Volgens de politie was een groep van tientallen mensen verantwoordelijk voor de vernielingen. Er is één verdachte aangehouden.

Afgelopen week werd in Loosdrecht meerdere keren gedemonstreerd tegen het besluit van de gemeente Wijdemeren, waar het Noord-Hollandse dorp onder valt, om 110 alleenstaande mannelijke asielzoekers tijdelijk op te vangen. De gemeente had opvang geregeld in het leegstaande gedeelte van het gemeentehuis. Volgens NRC deden ook landelijke anti-azc groepen mee aan de demonstraties.

Nadat omwonenden en ondernemers bezwaar hadden gemaakt tegen de opvang, oordeelde de rechter afgelopen woensdag dat opvang van deze groep maximaal een half jaar zou mogen duren. Het belang van humane opvang weegt hierbij zwaarder dan het belang van omwonenden om daar inspraak in te hebben, vond de rechter. Omwonenden waren het niet eens met de komst van de asielzoekers, omdat zij de nood niet extreem hoog vonden. Het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) wierp tegen dat iedere opvangplek die nu geregeld kan worden noodzakelijk is.

Minister Van den Brink van Asiel en Migratie riep gemeenten vorige maand op meer opvangplekken te regelen. Er dreigt namelijk een tekort aan opvanglocaties. Na meerdere protesten vorige week, die uit de hand liepen, stelde de gemeente de komst van de asielzoekers uit naar begin mei, en verminderde het aantal asielzoekers van 110 naar 70.

Aanvankelijk zouden de asielzoekers afgelopen week al aankomen in Loosdrecht. De gemeente vond dat het kleinere aantal beter zou passen bij de lokale situatie, gezien de maatschappelijke onrust in het dorp. Ook zei zij de veiligheid niet te kunnen garanderen, gezien de beperkte politiecapaciteit met Koningsdag en een lokale feestweek in aantocht.

Volgens de NOS concludeerde de gemeente na de protesten dat de opvang ‘qua snelheid en omvang niet passend was bij de lokale situatie’, maar dat zij met het besluit niet was gezwicht voor geweld. Waarnemend burgemeester Mark Verheijen zei dat de gemeente niet heeft overwogen te stoppen met de opvang, maar wel heeft geluisterd naar de zorgen van omwonenden.

Islamisten en Toeareg-rebellen rukken samen op tegen junta in Mali

0

Rivaliserende groepen in Mali hebben de handen ineengeslagen tegen het militaire junta-regime. Ze voeren gecoördineerde aanvallen uit in heel Mali.

Zo meldt de Arabische nieuwszender Al Jazeera. Het militaire bestuur in Mali blijkt kwetsbaarder dan tot op heden werd gedacht. Het was in ieder geval niet bestand tegen de plotselinge samenwerking van islamisten en Toeareg-rebellen.

Het gaat om de de aan Al Qaida gelinkte groep Jamaat Nusral al-Islam wal Muslimin (JNIM) en het door Touaregs gedomineerde Azawad Bevrijdingsfront (FLA). Samen vielen ze militaire posten aan in heel het land, inclusief in de hoofdstad Bamako. De stad Kidal in het noorden werd door hen ‘bevrijd’ en zondag werd defensieminister Sadio Camara bij een aanval vermoord.

Mathias Hounkpe, directeur van de International Foundation for Electoral Systems voor Mali
maakt zich grote zorgen over de kwetsbaarheid van het land en de beveiliging van het bestuur. De troepen hebben het hele land bestreken, ook de stad Kati, het centrum van de macht, zo zei hij tegen Al Jazeera.

De twee groepen hebben verschillende belangen. De islamisten willen een strikte interpretatie van de islamitische wetgeving in heel Mali, terwijl de FLA strijdt voor een onafhankelijke regio. Toch werkten ze al eerder samen, namelijk in 2012, om de toenmalige regering af te zetten. De junta die op dit moment aan de macht is wordt gesteund door de Russische Wagnergroep.

Nieuwe dramaserie Mocros gaat over ‘mensen zoals zij’

De nieuwe dramaserie Mocros gaat over vriendschap, dromen en de dagelijkse strubbelingen van een biculturele generatie die klaar is met hokjesdenken. Makers Sahil Amar Aïssa en Shariff Nasr maakten een serie over mensen zoals zijzelf.

Het was ’s nachts, ergens aan een tafel met snacks, midden in de voorbereiding van een heel andere film. Sahil en Shariff waren aan het werk toen Sahil op het idee van een nieuwe serie kwam, over mensen zoals zij. Geen opgelegd drama van buitenaf, maar een verhaal vanuit de biculturele gemeenschap.

‘We herkenden onszelf niet in de series en films die er waren’, zegt Shariff. ‘Daar begon het eigenlijk mee.’ Sahil voegt toe: ‘Onze vrienden zijn bezig met afstuderen, met schulden en met de liefde. Ze zijn bezig met wat ze willen in hun leven, of met een partner die de ouders niet zien zitten. Maar op televisie gaat het bij mensen die op ons lijken altijd over een lading cocaïne die morgen ergens moet zijn, een broer die naar Syrië gaat, of een zus die vermoord wordt. We denken dan: wie zijn die mensen eigenlijk? Dat zijn niet de mensen tussen wie wij leven.’

Door de populaire serie Mocro Maffia roept Mocros onmiddellijk associaties op met misdaad. Dat weten Sahil en Shariff, juist daarom kozen ze bewust voor deze titel. ‘Dat woord gebruiken we onderling’, zegt Sahil. ‘Als ik met mijn matties praat, zeg ik gewoon: ‘hee Mocro’.’

Sahil snapt dat de titel ook negatieve reacties kan oproepen bij Marokkaanse Nederlanders. Volgens hem kijken zij niet zonder reden met wantrouwen naar media. ‘In Nederland zijn er twee groepen die de afgelopen dertig jaar heel erg getraumatiseerd zijn geraakt door de media. Dat zijn de Palestijnen en de Marokkanen.’

‘Ik vind het juist een verarming als je maar één perspectief hebt’

‘Veel mensen weten niet dat wij dit hebben gemaakt. Die zien BNNVARA, die zien NPO, en die denken gelijk: de witte televisiewereld maakt weer iets over ons. En dan zien ze de titel Mocros en denken ze meteen: here we go again. Maar deze Nederlandse dramaserie heeft de meeste biculturele Nederlanders achter de schermen ooit.’

Shariff heeft een Palestijnse achtergrond en groeide op in Rotterdam. Dat was niet altijd eenvoudig. ‘Toen ik klein was, zag ik mijn Palestijnse achtergrond als een verrijking. Tijdens de puberteit leek het alsof de maatschappij me vertelde dat het een verarming was en dat ik mijn Nederlandse kant meer naar voren moest brengen. Daarna ben ik het weer gaan omarmen’, zegt hij. ‘Ik vind het juist een verarming als je maar één perspectief hebt. Palestina is voor mij heel dichtbij. Afrika voelt voor veel witte Nederlanders ver weg, maar voor mij niet, door reizen met vrienden. Als je beseft hoe klein de wereld is, ga je de ander minder als ‘de ander’ zien.’

Mocros is ook de eerste Nederlandse serie waarin de Riffijnse taal Tharifit de hoofdtaal is. ‘Bijna alle Marokkaanse families in Nederlandse films en series praten Arabisch of Darija’, zegt Sahil. Voor het vinden van de juiste acteurs was een grote zoektocht nodig. ‘Er zijn in de Nederlandse film- en televisiewereld bijna geen acteurs die Tharifit spreken’, zegt Shariff. ‘Actrice Fatima Khanfour speelt de moeder en heeft speciaal voor de serie Tharifit geleerd. Voor de vader hebben we zelfs iemand gevonden zonder acteerervaring. Na een lang castingproces bleek hij een natuurtalent.’

Om de serie zo echt mogelijk te laten voelen, is ook goed nagedacht over de muziek. Zo hebben Shariff en Sahil bewust gekozen voor iconische Riffijnse artiesten zoals Mourad Sellam, Twattoun en Mimoun Rafraou, bekende namen voor de Amazigh-gemeenschap, maar ook andere MENA-muziek die nooit eerder in een Nederlandse serie te horen was.

Het hoofdpersonage heeft de Riffijnse achternaam Temsamani. Zijn voornaam is Souf en hij droomt van acteerwerk, maar vertelt zijn ouders dat hij studeert. In de trailer lijkt het te gaan om een Marokkaanse jongen die vecht tegen zijn ouders. Maar zo simpel is het niet. ‘Souf liegt niet omdat zijn ouders hem verbieden om acteur te worden’, zegt Sahil. ‘Hij liegt omdat hij hen niet wil teleurstellen, juist omdat ze hem steunen en zorgzaam zijn. Dat is dus een heel ander verhaal.’

Dit herkent Sahil van dichtbij. ‘Mijn vader heeft een camera voor mij gekocht en mijn theaterlessen betaald. Ik kom uit een liefdevolle familie. Maar juist omdat mijn ouders zo liefdevol zijn, voelde ik de druk om te presteren. Ik wilde hen niet teleurstellen.’ Die nuance, zegt hij, is precies wat je krijgt als je een serie laat maken door een Palestijn en een Marokkaan. ‘In bijna elk Marokkaans gezin dat ik ken, is de moeder de baas. Maar in Nederlandse fictie zie je dat zelden. Dat soort dingen weet je gewoon niet als je zelf niet in deze cultuur bent opgegroeid.’

‘De generatie van na 9/11 heeft vanuit de televisiewereld alleen maar klappen gehad’

De serie gaat verder dan alleen de huiskamer. Er zijn ook zwaardere lagen. Zo is er een aflevering die begint met een aanslag in België die niets te maken heeft met de hoofdpersonages, maar waarvan de sporen gedurende de hele aflevering door hun levens trekken en de sfeer op straat veranderen. ‘We willen die herkenning van microagressie bereiken’, zegt Shariff. Sahil voegt eraan toe: ‘De generatie van na 9/11 heeft vanuit de televisiewereld alleen maar klappen gehad. Met deze serie willen we hen eigenlijk een knuffel geven.’

Om ook kijkers mee te nemen die minder vertrouwd zijn met deze wereld, zijn er bewust rollen voor bekende gezichten. Loes Luca speelt de docent van Souf. ‘Ze is ook een goede vriendin van me én een echte Rotterdammer’, zegt Shariff trots. Sahil ziet er de humor van in. ‘Het lijkt me fantastisch als het publiek van ’t Schaep met de 5 pooten ook naar Mocros gaat kijken omdat ze Loes Luca zo goed vinden. Dan komen ze ineens in een heel andere wereld terecht.’ Shariff vult aan: ‘We willen dat mensen die op ons lijken zichzelf herkennen, maar ook dat kijkers zonder biculturele achtergrond voelen wat er bij ons onder de huid zit en uiteindelijk onderdeel willen worden van deze vriendengroep.’

Shariff hoopt dat deze serie over 10 jaar heeft bijgedragen aan meer verbinding. ‘Het zou een enorme eer zijn als we de status van Dunya & Desie mogen bereiken’, vertelt Sahil. ‘Dat was een serie waarin een hele generatie zich herkende’, zegt Shariff. ‘Als wij dat over tien jaar ook hebben bereikt, hebben we iets veranderd in hoe we naar elkaar kijken.’

De makers denken daarbij ook specifiek aan de jonge kijkers. ‘Ik hoop dat er een generatie opgroeit die zichzelf op televisie ziet, niet als een probleem, maar als een gegeven’, zegt Shariff. Sahil: ‘Een generatie die gewoon trots is op wie ze zijn, zonder twijfel.’

Aan het einde van het gesprek schiet Sahil nog iets te binnen. Er hoeft niet weggezapt te worden, we hebben ook aan de Marokkaanse huiskamer gedacht. ‘Als er een zoenscène in de serie zit, dan knippen we net op het goede moment weg’, lacht hij. ‘Ja, we hebben echt aan alles gedacht’, zegt Shariff. ‘Dus leg de afstandsbediening op tafel en kijk gewoon samen met je familie.’

Mocros is vanaf zondag 26 april te zien bij BNNVARA op NPO 3 en te streamen via NPO Start.

Zelfcensuur tweede natuur geworden voor Turken

0

Uit een enquête van het Turkse onderzoeksbureau Saher blijkt dat meer dan de helft van de Turkse bevolking uit angst voor rechtszaken de lippen stijf op elkaar houdt. Zelfcensuur zou voor Turken een tweede natuur zijn geworden onder het Erdogan-regime.

Dit meldt de nieuwssite Turkish Minute. De zelfcensuur zou zelfs zijn doorgesijpeld in het dagelijks leven van Turken. Vier van de vijf respondenten geeft aan dat ze op hun woorden letten tijdens telefoongesprekken, uit angst voor afluisterpraktijken (tapping) door de overheid. Bijna de helft denkt goed na voordat ze politieke berichten online delen.

De enquête van Saha werd gehouden van 23 maart tot 10 april, onder 760 Turken. Driekwart van de respondenten is hoogopgeleid en bijna alle respondenten kennen wel iemand die problemen heeft ondervonden met de autoriteiten vanwege het uiten van hun politieke mening.

Van de respondenten is 70 procent ervan overtuigd dat het bekritiseren van de staat niet veilig is. Slechts 17 procent van de ondervraagden vindt dat mensen vrijelijk hun gedachten kunnen uiten in Turkije.

Vrijheid van meningsuiting, dat er in Turkije nooit echt is geweest, is onder het Erdogan-regime sterk achteruitgegaan. Mensen die kritiek hebben op zijn beleid kunnen achter de tralies belanden op beschuldiging van terrorisme. Dit gebeurt bijvoorbeeld met Koerden, linkse groepen en gülenisten.

ICC-rechter: ‘sancties zijn een gevangenisstraf’

Ze noemt het civil death. Door de sancties die Francesca Albanese kreeg opgelegd door de Verenigde Staten, kan ze geen online betalingen doen, geen bankrekening openen en zelf geen vliegticket boeken. ‘Het is alsof ik weer minderjarig ben’, vertelde ze tijdens een bijeenkomst van de Coalitie voor het Internationaal Strafhof donderdagavond.

‘Sancties zijn een extreme maatregel, bedoeld voor criminelen, drugsdealers, terroristen of dictators; mensen die een gevaar vormen voor een land. Wat heb ik nu gemeen met deze mensen? De VS zouden zich bezig moeten houden met het bestrijden van oorlogsmisdadigers of pedofielen, maar die reizen nog steeds de wereld over’, zei de altijd even vurige Albanese, speciaal rapporteur voor de VN voor de mensenrechten in de Palestijnse gebieden op de bewuste avond in Den Haag.

Presentatie van het rapport op donderdag 23 april

Op donderdag 23 april presenteerde de Coalitie voor het Internationaal Strafhof een nieuw rapport over het effect van sancties op individuen en organisaties. Albanese was niet de enige die uit ervaring kwam spreken. Aan het rechterzijde zat rechter Solomy Balungi Bossa van het Internationaal Strafhof. Aan haar linkerflank zaten vertegenwoordigers van drie non-profit organisaties die actief waren in de Palestijnse gebieden, totdat ook zij te maken kregen met de sancties van de VS.

‘We waren ter plaatse aanwezig in Gaza en de Westbank om mensenrechtenschendingen te documenteren, maar dat mag nu niet meer. inspecteurs, rapporteurs en journalisten; iedereen die getuige kan zijn wordt buiten de deur gehouden. Er is zero tolerance voor het nastreven van gerechtigheid in Israël’, zei Issam Younis, directeur van  het Mezan Center voor Mensenrechten.

Lawfare

Lawfare wordt het ook wel genoemd; wettelijke sancties inzetten om mensen of organisaties te intimideren als ze mogelijk tot conclusies komen die niet in het belang zijn van een land. Het is een wapen dat vooral Donald Trump lijkt te bezigen. Al tijdens zijn eerste ambtstermijn – in 2020 – voerde zijn regering sancties in tegen functionarissen van het Internationaal Strafhof, omdat het  onderzoek wilde doen naar mogelijke misdrijven in Afghanistan.

Deze sancties werden teruggedraaid door de regering Biden, maar werden opnieuw op tafel gelegd tijdens de oorlog in Gaza. Toen bleek dat het Internationaal Strafhof – onder leiding van aanklager Karim Khan—actiever werd in het onderzoeken van mogelijke oorlogsmisdaden in Gaza en de Westelijke Jordaanoever, kondigde Trump opnieuw sancties af tegen ICC-functionarissen of andere betrokkenen, uit zorg dat bondgenoot Israël oneerlijk zou worden behandeld.

In februari 2025 kondigde de Amerikaanse president een nieuw sanctieregime aan via een presidentieel decreet, en gedurende dat jaar werden steeds meer rechters en aanklagers toegevoegd. Inmiddels zijn de sancties niet meer beperkt tot mensen uit de rechtspraak; een ieder die zich bezighoudt met de mensenrechtenschendingen door Israël kan worden geraakt.

‘Sancties zijn een straf’

De persoonlijke gevolgen zijn enorm. ‘Mijn man en ik hebben een huis in de VS, dat is nu ingenomen. Mijn rekeningen zijn in beslag genomen, mijn ziektekostenverzekering is afgesloten. Maar het gaat verder dan dat. Amerikaanse burgers, banken en instellingen kunnen in de problemen komen als ze mij ondersteunen’ vertelt Albanese.

‘Mijn dochter is in de VS geboren en ik heb een familielid dat werkt voor een Amerikaanse organisatie. Als ze mij ook maar een glas water aanreiken, zijn ze strafbaar en natuurlijk doen ze dat. Zij riskeren nu dus ook gesanctioneerd te worden. Ik ben uit Signal-groepen gezet, uit email accounts gehaald en zelfs mensen met diplomatieke immuniteit willen liever niet meer met me praten.’

‘Het omgaan met sancties is een dagelijkse klus’

‘Het omgaan met sancties is een dagelijkse klus’, vertelt rechter Bossa van het Internationaal Strafhof. Haar ervaring gaat al enkele jaren terug. Bossa was een van de rechters die door de VS werd gesanctioneerd toen het Strafhof onderzoek wilde doen naar mogelijke misstanden in Afghanistan, waarbij ook Amerikaanse militairen betrokken waren.

‘Toen we over de sancties geïnformeerd werden, begrepen we er helemaal niets van. We waren rechters, onze beslissingen waren gebaseerd op het recht en op niets anders. Het Strafhof is er om verantwoording af te dwingen voor gruwelijke misdaden. Het is een laatste redmiddel als alles en iedereen heeft gefaald en nu werden wij de slachtoffers.

‘De sancties gingen 7 uur later in. We hadden geen tijd om ons voor te bereiden. We waren totaal in shock, gebroken en in paniek. Het eerste wat ik dacht was: hoe ga ik dit aan mijn kinderen uitleggen? Het deed echt pijn. Sancties zijn een straf, een gevangenisstraf. We staan op een en dezelfde lijst met terroristen en drugsdealers en er is geen onderscheid.’

Een staat, zoveel impact

Het is ongelooflijk dat een land zoveel impact heeft op de rest van de wereld, merkt Zoë Paris van de Coalitie voor het Internationaal Strafhof op. Dit komt doordat het niet alleen de persoon betreft waarop de sancties betrekking hebben, maar iedere Amerikaanse burger die met deze persoon te maken heeft.

Dit gaat verder dan mensen en organisaties die in de VS wonen. Ook Amerikaanse bedrijven in het buitenland kunnen in overtreding zijn als zij zaken doen met een gesanctioneerd persoon of bedrijf. Veel internationale transacties lopen via de Amerikaanse dollar en dus via Amerikaanse banken. Zelfs een Europese bank die een dollarbetaling verwerkt, kan indirect betrokken raken.

Buitenlandse bedrijven of banken die zaken doen met gesanctioneerde partijen kunnen worden afgestraft door bijvoorbeeld uitsluiting van de Amerikaanse markt, verlies van toegang tot dollartransacties of reputatieschade. Sanctieadvocaten staan regelmatig bedrijven bij die zonder zich bewust te zijn toch het Amerikaanse sanctierecht hebben overtreden. Dit verklaart de terughoudendheid van bedrijven en banken in Europa ten opzichte van individuen die onder sancties staan.

Het betreft ook digitale diensten, vertelt Paris tijdens de bijeenkomst. Er zijn ngo’s die geen toegang meer hadden tot Microsoft, hun Meta-accounts en hun YouTube. Ze waren jaren aan data kwijt waardoor ze hun werk niet meer konden uitvoeren. Het ging om gegevens over Palestijnse gevangenen.’’

Blocking Statute

Europese landen zouden meer moeten doen om staatsburgers te beschermen tegen de grillen van – in dit geval – de VS, vindt de Coalitie van het Internationaal Strafhof. ‘Deze mensen gaan verder met hun werk omdat ze ontzettend veerkrachtig zijn, maar internationaal recht zou niet afhankelijk moeten zijn van individuele veerkracht’, aldus Paris. ‘We hebben een systeem nodig dat ons beschermd voor aanvallen op het internationaal recht.’

In theorie bestaat dit systeem, namelijk in de vorm van het Blocking Statute, een mechanisme om extraterritoriale sancties tegen te gaan. Deze verordening verbiedt Europese bedrijven om zich te houden aan bepaalde buitenlandse sancties en maakt het mogelijk om schade te verhalen op basis van die sancties.

Ik krijg helemaal geen steun van de Italiaanse regering

In oktober vorig jaar werd een motie van Jan Paternotte (D66) aangenomen om het Blocking statute toe te passen, toch is dit nog niet gebeurd. Sarah Dobbe (SP) diende deze maand een motie in om hier opnieuw de aandacht op te vestigen, ook deze werd aangenomen.

Vorige week werd in de Tweede Kamer vergaderd over de rol van Nederland hierin. Als gastland van het Internationaal Strafhof zou Nederland een leidende rol moeten nemen in het actief inzetten van de Blocking Statute, op zijn minst om medewerkers van het Strafhof te beschermen, zo vond een meerderheid.

Voldoende politieke wil, zou je zeggen, maar het moet zijn vruchten nog afwerpen. Tot nu toe is de reactie van de EU ontoereikend geweest, vindt Paris, zo ook de respons van verschillende lidstaten. ‘De impact van sancties kan ook nog eens erg verschillen per nationaliteit. Er zijn regeringen die hun burgers beschermen en er zijn regeringen die dit helemaal niet doen. Personen uit deze landen worden nog harder geraakt.’

Dit kan Albanese beamen. ‘Ik krijg helemaal geen steun van de Italiaanse regering’, zegt ze. ‘Net als Duitsland staat Italië geheel achter Israël.’ Er is maar een land nodig om de VS voor de rechter te dagen, maar niemand wil de pestkop aanpakken, iedereen is veel te druk bezig om hun associatieverdrag met Israël te beschermen. Mijn dochter van 13 heeft daarom besloten Donald Trump zelf voor de rechter dagen.’

Data

0

We leven in het tijdperk van data. Alles wordt bijgehouden. Daar kunnen we iets mee. Of anderen kunnen daar iets mee. De stappenteller leidt tot meer stappen. Dat is goed, want stappen zetten is goed voor de nek en de rug, het hoofd en de darmen, de psyche en de heupen. Stappen zetten is een wondermiddel dat door mechanisering, automatisering en automobilisering ondergesneeuwd is geraakt.

Er wordt natuurlijk nog veel meer bijgehouden. Telefoons registreren onze schermtijd en geven wekelijks rapporten over hoe nuttig die nou was. Ook onze interesses worden door de techbro’s gretig uitgebuit. Continu proberen ze onze vluchtige aandacht op het scherm om te zetten in verkoop en omzet.

Daar zag ik dat iemand zich om half vier ’s nachts bij onze praktijk had ingeschreven

Gelukkig kunnen we zelf ook data bijhouden waar we iets aan hebben. Bij ons op het werk kunnen we telefoongegevens, wachtrijen en dergelijke realtime inzien. Dan kunnen we nadenken over de vraag of dit goed gaat, of dat we onze patiënten beter op een andere manier kunnen helpen door wat aanpassingen te doen.

Binnen het elektronisch patiëntensysteem kunnen we allerlei statistieken uitdraaien: hoeveel mensen een bepaalde diagnosecode hebben, welke medicijnen hoe vaak worden gebruikt. Daar kunnen we in principe ook iets mee, maar zo ver zijn we nog niet. Gelukkig komt de wetenschappelijke club van ons dokters nu met de Thuisarts-app, ondersteund door eigen AI. Geen commerciële flauwekul, maar ontwikkeld door echte dokters met hart voor de patiënt — voor ons allemaal dus. De website thuisarts.nl is al jaren een baken van betrouwbare medische informatie. Dat was al goed en wordt nu verder verbeterd.

We kunnen nog meer bijhouden. Zo liep ik zojuist langs het scherm met inschrijvingen. Daar zag ik dat iemand zich om half vier ’s nachts bij onze praktijk had ingeschreven. Had deze persoon zo’n lange actielijst na een verhuizing dat hij of zij daar pas toen aan toe kwam? Of had deze persoon pijn, kon die niet slapen en zocht die in het holst van de nacht hulp? Eigenlijk zouden we zulke mensen ’s ochtends direct moeten bellen om te vragen wat er aan de hand is.

Amjad Youssef, ‘slager van Tadamon’, gearresteerd in Syrië

0

De Syrische minister van Binnenlandse Zaken heeft bekendgemaakt dat Amjad Youssef, de man die bekendstaat als de ‘slager van Tadamon’, is gearresteerd. Enige tijd geleden doken beelden uit 2013 op waarop te zien is hoe hij Syrische burgers in Damascus één voor één vermoordt. Nederlandse onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam hebben hem destijds ontmaskerd.

Ex-kroonprins Reza Pahlavi aangevallen in Berlijn

0

De omstreden zoon van de voormalige sjah Pahlavi, die wordt gezien als mogelijk leider van Iran na een eventuele ‘regime change’, is gisteren tijdens een bezoek aan Berlijn besmeurd met tomatenpuree. Opvallend is dat de Duitse regering hem niet heeft ontvangen, iets wat hij zelf ‘schande’ noemde. Dit meldt Deutsche Welle.

Reza Pahlavi en het voormalige sjah-regime zijn omstreden bij veel Iraniërs. Het regime werd door westerse mogendheden geïnstalleerd na een coup tegen premier Mohammed Mossadegh in 1953. De pro-westerse koers van de sjahisten is een doorn in het oog van het huidige regime in Iran. Hoewel er ook in Iran steun is voor Pahlavi, is een massale opstand tegen het theocratische regime uitgebleven na de Israëlisch-Amerikaanse aanvallen.

Pahlavi ziet het tij in de wereldpolitiek keren en smeekt Europese regeringen om geen appeasementpolitiek te bedrijven tegen het sjiitisch-islamistische regime in Iran. Onderhandelingen met dit regime zouden hun positie alleen maar versterken. ‘Als je denkt dat er vrede mogelijk is met dit regime, dan ben je ernstig misleid’, zei hij tijdens een persconferentie in Berlijn. Voor Europa is de keuze volgens hem duidelijk: ‘Kiezen tussen een stervend regime dat ons allemaal bedreigt en een vrij Iran.’

Niet iedereen deelt deze mening. Zo viel een demonstrant hem aan met tomatenpuree. De politie doet onderzoek naar het incident.