9.2 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 3

Een minderheidskabinet legt de gevolgen bij burgers neer

0

Het minderheidskabinet dat D66, CDA en VVD willen vormen, lijkt een praktische oplossing, maar zorgt voor onzekerheid. Omdat er geen vaste meerderheid is, kunnen besluiten sneller veranderen of worden uitgesteld. Die onzekerheid merken vooral burgers, stelt Yunus Kaplan.

Het komende minderheidskabinet wordt gepresenteerd als een logische oplossing in een versnipperd politiek landschap. Niet als ideologisch project, maar als werkvorm: een manier om het land bestuurbaar te houden zonder grote beloftes. Instabiliteit wordt daarbij voorgesteld als iets technisch, iets wat je kunt organiseren zolang iedereen bereid is mee te bewegen.

Maar een minderheidskabinet is geen neutrale bestuursvorm. Het is geen abstracte constructie, maar een politieke keuze. Een keuze die onzekerheid accepteert als uitgangspunt en de gevolgen daarvan doorschuift naar burgers. Instabiliteit wordt zo geen probleem dat opgelost moet worden, maar een vast onderdeel van het bestuur.

Voor wie al weinig vertrouwen had in de overheid, kan dat voelen als bevestiging: besluiten zijn voorlopig, bescherming hangt af van wisselende meerderheden en beleid geldt zolang het geen grote weerstand oproept. De vraag is niet of regels kunnen veranderen, maar of ze er morgen nog zijn. Dat wordt concreet wanneer je dit moet uitleggen aan leerlingen die al weinig verwachten van de politiek.

Tijdelijke bemiddelaar

In die zin zegt een minderheidskabinet iets over hoe de overheid zichzelf positioneert. Niet langer als stabiele factor die richting geeft, maar als tijdelijke bemiddelaar tussen belangen. In een situatie waarin beleid steeds opnieuw moet worden heronderhandeld, krijgt politiek geen vaste uitkomst maar een tijdelijk karakter. Dat klinkt flexibel, maar heeft een prijs. Juist omdat een minderheidskabinet zelden voorkomt, wordt die betekenis gemakkelijk onderschat.

Die prijs wordt niet door iedereen in gelijke mate betaald. Voor mensen die leven met onzekerheid is dit geen theoretisch debat. Wie afhankelijk is van overheidsbescherming, onderwijs, zorg of sociale voorzieningen weet dat stabiliteit geen luxe is, maar een voorwaarde om te kunnen plannen en vertrouwen. Instabiliteit betekent hier geen vrijheid, maar voortdurende alertheid: aanpassen, uitstellen, leven met onzekerheid.

Een minderheidskabinet belooft overleg en afweging. Wat het ook normaliseert, is bestuurlijke terughoudendheid. Besluiten worden uitgesteld omdat ze gevoelig liggen. Dossiers blijven liggen omdat er geen meerderheid te vinden is. Verantwoordelijkheid wordt gedeeld omdat niemand haar volledig kan dragen. Zo ontstaat een politiek die formeel aanwezig is, maar inhoudelijk voorzichtig blijft om geen steun te verliezen.

Dossiers blijven liggen omdat er geen meerderheid te vinden is

Opvallend is hoe weinig politieke partijen deze instabiliteit problematiseren. Integendeel, ze presenteren haar als compromis. Maar een minderheidskabinet is ook comfortabel: het maakt invloed mogelijk zonder volledig eigenaarschap. Standpunten kunnen worden ingebracht zonder dat ze hoeven te worden waargemaakt. Wie vandaag instemt, kan zich morgen terugtrekken.

Wat gebeurt er met politieke verantwoordelijkheid wanneer partijen wel meebeslissen, maar niet volledig aanspreekbaar zijn op de gevolgen? Dat is geen onmacht, maar een keuze. Instabiliteit wordt niet alleen geaccepteerd, maar actief genormaliseerd.

Die voorzichtigheid wordt vaak gepresenteerd als zorgvuldigheid, maar zorgvuldig is niet hetzelfde als afwezig. Wanneer instabiliteit structureel wordt, verschuift ook de norm van bestuur. Tijdelijkheid wordt acceptabel. Onzekerheid wordt een bestuursstijl. Wat vandaag niet lukt, kan morgen opnieuw worden besproken. Wat nu geen meerderheid vindt, verdwijnt uit beeld — zonder consequenties voor partijen, maar wel voor burgers.

Dat heeft gevolgen voor hoe burgers de overheid ervaren en voor wat zij nog durven verwachten. Niet alleen in grote dossiers, maar in het dagelijkse contact met instituties. Wanneer beleid voortdurend voorlopig is, wordt ook bescherming voorwaardelijk. De overheid is er, maar onder voorbehoud. Ze luistert, maar belooft weinig. Ze handelt, maar pas wanneer het niet anders kan.

Politieke standaard

Een minderheidskabinet hoeft niet per definitie te mislukken. Het kan zelfs leiden tot bredere samenwerking en meer debat. Het risico zit in wat we normaal gaan vinden. Als instabiliteit de standaard wordt, verschuift ook onze verwachting van wat politiek hoort te zijn: niet langer een plek waar verantwoordelijkheid wordt genomen, maar een ruimte waar verantwoordelijkheid circuleert.

Het minderheidskabinet wordt gepresenteerd als bestuurlijke noodzaak, maar het is ook een politieke keuze. Besturen is niet eindeloos overleg of permanente voorzichtigheid, maar verantwoordelijkheid nemen — ook wanneer dat ongemakkelijk is en de meerderheid ontbreekt.

Zolang partijen instabiliteit blijven framen als onvermijdelijk, zonder te erkennen wie daar structureel de prijs voor betaalt, verschuift politiek van bescherming naar beheer. Dan wordt onzekerheid geen tijdelijk risico, maar een geaccepteerde bestuursvorm.

Dat is geen neutrale ontwikkeling. Het is een politieke keuze. En zoals bij elke keuze geldt: wie haar maakt, draagt verantwoordelijkheid voor wie ermee moet leven.

Amerika-deskundige Koen Petersen: Trump staat in een lange Amerikaanse traditie

0

Volgens Rob Wijnberg van de Correspondent is Donald Trump het grootste gevaar voor de wereldvrede sinds Adolf Hitler. Amerika-deskundige Koen Petersen ziet dit toch anders en wil de Amerikaanse president vooral begrijpen.

Petersen begint zijn verhaal niet bij Donald Trump zelf, maar bij een plek die voor hem symbool staat voor de grilligheid en het geweld van de Amerikaanse geschiedenis. Onlangs bezocht hij het Civil Rights Museum in Memphis, gevestigd op de plek waar Martin Luther King Jr. in 1968 werd vermoord. Het maakte diepe indruk op Petersen, die zelf in 1968 geboren is. Hij realiseerde zich opnieuw hoe recent en ontwrichtend die periode eigenlijk was. De Vietnamoorlog, de rassenrellen, de moorden op King en Robert Kennedy, het zijn geen verre herinneringen maar gebeurtenissen die nog altijd doorwerken in het Amerikaanse zelfbeeld. Het museum laat dat volgens hem indringend zien.

Om het presidentschap van Donald Trump te begrijpen moet je de Amerikaanse geschiedenis kennen, benadrukt Petersen. ‘Elke Amerikaanse president heeft zijn eigen wereldbeeld en visie op de rol van de Verenigde Staten in de wereld. Trump vormt daarop geen uitzondering, al wijkt zijn stijl sterk af van die van zijn voorgangers.’ Wie hem uitsluitend ziet als een ontspoorde populist of een historische anomalie, mist volgens Petersen een belangrijk punt. Donald Trump staat in een lange Amerikaanse traditie, met name die van isolationisme en ongebondenheid.

Monroe-doctrine

Aanvankelijk was het isolationisme zelfs de dominante stroming in de Amerikaanse buitenlandse politiek. De eerste president van de Verenigde Staten, George Washington, waarschuwde al aan het einde van zijn presidentschap tegen permanente allianties met buitenlandse mogendheden. In de negentiende eeuw werd dat denken geconcretiseerd in de Monroe-doctrine, die stelde dat Europese mogendheden zich niet moesten bemoeien met het westelijk halfrond. De Verenigde Staten beschouwden Latijns-Amerika als hun achtertuin. President Woodrow Wilson probeerde na de Eerste Wereldoorlog hiermee te breken en was de drijvende kracht achter de Volkerenbond, maar omdat hij in eigen land hiervoor geen steun kreeg werden de Verenigde Staten nooit lid. Pas onder Franklin Delano Roosevelt en, na diens dood, Harry Truman, werd het isolationisme definitief doorbroken, met de oprichting van de Verenigde Naties. Een ander belangrijk resultaat was de oprichting van de NAVO in 1949, al was die alliantie aanvankelijk bedoeld voor slechts tien jaar.

Koen Petersen
Koen Petersen

Trump grijpt volgens Petersen bewust terug op de oudere traditie van het isolationisme. Zijn focus ligt op de Verenigde Staten zelf en op het Amerikaanse werelddeel. In die zin is zijn herwaardering van de Monroe-doctrine geen toeval. Waar die doctrine ooit vooral geopolitiek en antikoloniaal gemotiveerd was, spelen nu ook economische belangen een grote rol. Denk aan olie in Venezuela of strategische grondstoffen elders in Latijns-Amerika. Trump handelt dus niet willekeurig; hij opereert deels binnen een herkenbaar historisch kader.

Afkeer van China

Tegelijkertijd is Trump geen klassieke strateeg. ‘Hij is uiterst intuïtief, soms impulsief en vaak onvoorspelbaar. Zijn diepgewortelde afkeer van China is daar een voorbeeld van. Al als ondernemer vond hij dat China de Verenigde Staten uitbuitte. Als president ziet hij China als de grote rivaal, Rusland speelt in zijn denken een secundaire rol: eerder een onruststoker dan een existentiële bedreiging. Iran en Noord-Korea beschouwt hij als regionale gevaren, Oekraïne als geopolitiek van ondergeschikt belang. In Trumps ogen moet je soms iets slikken om iets groters binnen te halen. Vandaar zijn bereidheid om met Rusland te dealen, als dat hem ruimte geeft om zich op China te concentreren.’

‘Hij komt uit de wereld van New Yorkse projectontwikkelaars’

Dat alles past bij Trumps overtuiging dat vrede vooral via zaken kan worden bereikt: peace through business. Petersen: ‘Miljardencontracten, economische druk en handelsdeals zijn voor hem effectiever dan langdurige militaire inzet. Hij komt uit de wereld van New Yorkse projectontwikkelaars, waar alles onderhandelbaar is en waar je elk drukmiddel inzet om je zin te krijgen. Dat zie je terug in zijn presidentschap. Toen de Braziliaanse ex-president Jaïr Bolsonaro volgens Trump onheus werd behandeld, dreigde hij met hogere importtarieven voor Brazilië. Veel waarnemers vonden dat ongehoord, maar juridisch mocht het. Trump maakte maximaal gebruik van die ruimte.’

Trump wil de geschiedenisboeken in

‘In Oekraïne en het Midden-Oosten wil Trump snel akkoorden sluiten’, vervolgt Petersen. ‘Niet zozeer uit idealisme, maar omdat hij die dossiers wil afsluiten om zich volledig op China te kunnen richten. Tegelijkertijd is hij in zijn tweede termijn, zoals veel presidenten, nadrukkelijk bezig met zijn nalatenschap.’ De Amerika-deskundige wijst op historische voorbeelden. Zo verdubbelde Thomas Jefferson het Amerikaanse grondgebied met de Louisiana Purchase, Andrew Johnson kocht in 1867 Alaska van Rusland. De Verenigde Staten probeerden eerder en vlak na de Tweede Wereldoorlog Groenland te kopen, maar dat wilde Denemarken niet. Trump heeft dat idee nieuw leven ingeblazen. En bij Trump geldt bijna altijd: waar hij aan rammelt daar zit ook een businessplan achter, voor zichzelf, voor zijn familie of zijn entourage. ‘Denk hierbij ook aan mineralendeals met Oekraïne, oliebelangen in Venezuela of zelfs ideeën over toeristische ontwikkeling van de Gazastrook.’

Trump wil de geschiedenisboeken in. Hij hoopt daarom dat het communistische regime in Cuba eindelijk bezwijkt, een droom die al sinds John F. Kennedy rondwaart in Washington. Petersen benadrukt dat Trump op meerdere schaakborden tegelijk speelt, zij het instinctief en niet conceptueel. Het is vaak zijn omgeving die achteraf het trumpisme van zijn handelen beschrijft.

‘Trump is vooral trumpiaans’

Ook Trumps kritiek op de NAVO past in een langere lijn. ‘Hij vindt dat de Verenigde Staten onevenredig veel betalen voor Europese veiligheid. Dat standpunt klinkt radicaal, maar president Dwight Eisenhower zei in 1960 al tegen zijn opvolger Kennedy dat Europa meer moest bijdragen, anders zouden Amerikaanse troepen worden teruggetrokken. Het debat is dus allesbehalve nieuw.’

Label

De vraag welk label op Trump past, blijft lastig. Is hij extreemrechts? Fascistisch? Populistisch misschien? Petersen vindt die termen tekortschieten. ‘Trump is vooral trumpiaans. Uniek in zijn mix van isolationisme, zakelijk denken, intuïtieve machtspolitiek en binnenlands ‘America First’, waarbij Amerikanen, en dan vooral witte Amerikanen, voorop staan. Dat laatste heeft onmiskenbaar xenofobe trekken, zichtbaar in zijn migratiebeleid, zijn inreisverboden en de harde opstelling van immigratiediensten. Tegelijkertijd heeft Trump Europa nodig, voor veiligheid en technologie, ook al zet hij vraagtekens bij de culturele en demografische veranderingen op het continent. Trump en de zijnen zijn bang dat als gevolg van islamitische migranten Europa straks Europa niet meer is. Daarom steunt vicepresident J.D. Vance Alternative für Deutschland als bondgenoot.’

Wat China betreft, is containment voor Trump het hoogste doel. Alles wijkt daarvoor. Ook Taiwan past in dat spanningsveld. De VS zijn afhankelijk van Taiwanese chips en leveren wapens aan het eiland, maar de angst bestaat dat Trump ooit een deal sluit met China waarbij Taiwan het kind van de rekening wordt. Petersen acht een volledige Chinese overname voorlopig onwaarschijnlijk, maar sluit handelsconcessies niet uit.

Tot slot wijst hij op Trumps voorkeur voor ‘chirurgische ingrepen’: bombardementen op Iran, het verwijderen van de president van Venezuela, maar geen grootschalige invasies zoals de invasie van Irak onder George W. Bush. De mainstream vindt vaak dat het doel — bijvoorbeeld het verwijderen van dictator Nicolás Maduro — legitiem is, maar worstelt met de middelen. Petersen stelt nuchter vast dat Trump met deze aanpak, hoe controversieel ook, soms meer heeft bereikt dan zijn voorgangers in decennia. ‘Dat maakt zijn presidentschap zo ongemakkelijk én zo fascinerend.’

Mensenrechtenorganisatie: meer dan 500 doden bij protesten in Iran

0

Iraanse autoriteiten hebben sinds het begin van de protesten eind december zeker 544 betogers gedood. Ook dit weekend vonden in verschillende grote steden opnieuw confrontaties plaats.

De in de Verenigde Staten gevestigde mensenrechtenorganisatie HRANA, die beschikt over een netwerk van bronnen in Iran, publiceerde deze cijfers zondag. Volgens de organisatie grijpen de autoriteiten hard in om de recente golf van demonstraties te onderdrukken. Ooggetuigen melden dat veiligheidstroepen gericht schieten op demonstranten.

Afgelopen weekend gingen op meerdere plaatsen in Iran opnieuw duizenden mensen de straat op, ondanks waarschuwingen die via sms door de politie werden verspreid. Daarin werd gesteld dat de demonstraties gevaarlijk zouden zijn en werden ouders opgeroepen hun kinderen binnen te houden. De autoriteiten leggen de verantwoordelijkheid voor het geweld bij de demonstranten, die zij aanduiden als terroristen.

Ondanks de risico’s blijven Iraniërs protesteren. Wat op 28 december begon als een protest tegen de economische situatie, heeft zich ontwikkeld tot bredere demonstraties waarin wordt opgeroepen tot het aftreden van het huidige regime. De opperste leider Ali Khamenei sprak zich dit weekend kritisch uit over de protesten; zijn uitspraken werden door waarnemers gezien als steun voor een hardere aanpak door de veiligheidsdiensten.

Naast het ingrijpen op straat legt de regering ook regelmatig het internet plat. Daardoor is het voor Iraniërs moeilijk om met elkaar te communiceren over nieuwe protesten. Tegelijkertijd blijft informatie over de situatie beperkt; er zijn momenteel weinig liveverslagen beschikbaar. Wel krijgt de onrust brede aandacht in internationale media.

In de Verenigde Staten heeft president Trump laten onderzoeken welke opties er zijn voor een mogelijke aanval op Iran. Eerder verklaarde hij dat hij geweld tegen demonstranten niet zou accepteren en dat de VS het Iraanse volk te hulp zouden schieten indien nodig. .

Trump suggereerde daarnaast dat technologie een rol zou kan spelen bij het ondersteunen van Iraniërs. Daarbij noemde hij Elon Musk, eigenaar van satellietinternetdienst Starlink, die internettoegang zou kunnen herstellen. ‘Hij is goed in dat soort dingen’, aldus Trump.

Ook vanuit Israël klinken reacties. Rechts-extreme Israëlische politici spraken zich fel uit over het optreden van het Iraanse regime en verwezen naar eerdere spanningen tussen beide landen. Volgens waarnemers gebruikt de Iraanse regering deze uitlatingen in haar communicatie om demonstranten te beschuldigen van het in de hand werken van buitenlandse vijanden, met name Israël en de Verenigde Staten.

Deze ontwikkelingen illustreren de complexe positie waarin de Iraanse bevolking zich bevindt. Hoewel de hoop op politieke verandering bij een deel van de bevolking leeft, zijn de alternatieven beperkt. Er bestaat verdeeldheid over de vraag hoe Iran bestuurd moet worden en er zijn weinig figuren die brede steun genieten.

Lees ook:

Iraanse demonstranten hebben niets meer te verliezen

Oproepen tot boycot van het WK nemen toe

0

De Libanese VN-diplomaat Mohamad Safa meldt op X dat hij zijn WK-ticket heeft geannuleerd. Hij  verwijst naar het optreden van de Amerikaanse immigratiedienst ICE, die vorige week een vrouw in Minneapolis doodschoot.

‘ICE kan besluiten dat ik lid ben van een bende, en dan word ik een jaar lang opgesloten zonder aanklacht, zonder hoorzitting, zonder proces, zonder recht op een advocaat en zonder telefoongesprekken. De VS is geen veilig land om te bezoeken’, meldt Safa op X.

Hij maakt deel uit van een groeiende groep mensen die het WK voetbal, dat dit jaar wordt gehouden in de Verenigde Staten, Mexico en Canada, willen boycotten. Dat meldt Newsweek, dat geen cijfers noemt over het aantal annuleringen. Op sociale media circuleren oproepen om het toernooi massaal links te laten liggen. Naar verluidt zouden al 17.000 mensen hun ticket hebben geannuleerd, maar dat aantal is niet geverifieerd.

Er was al kritiek op wereldvoetbalbond FIFA vanwege de vredesprijs die Donald Trump vorig jaar ontving uit handen van directeur Gianni Infantino. Die kritiek zwelt nu verder aan door het agressieve optreden van de Verenigde Staten op het wereldtoneel. Zo is de Venezolaanse president Maduro ontvoerd, wordt Groenland bedreigd met kolonisatie en blijft de VS Israël onvoorwaardelijk steunen, ondanks de genocide in Gaza.

Diplomaat Safa meldt dat door de boycot inmiddels bijna ‘20.000’ mensen hun ticket hebben geannuleerd, al ontbreekt onafhankelijke bevestiging van dat aantal. ‘Het WK mag niet worden gehouden in een politiestaat waar onschuldige mensen op straat worden neergeschoten’, aldus Safa.

Waarom ik mijn dochtertje een Amazigh-naam gaf

0

Voor mij is de wereld de afgelopen maanden kleiner geworden, beperkt tot de muren van de babykamer en het ritme van voeden en wiegen. Terwijl de tijd hierbinnen soms lijkt stil te staan, voel ik in mijn armen een geschiedenis die duizenden jaren teruggaat. Vandaag vieren we haar eerste Yennayer, het Amazigh-nieuwjaar. Het jaar 2976. In elke ademhaling van mijn dochtertje hoor ik een erfenis die weigert te zwijgen. Die erfenis draagt zij in haar naam: Thusna. ⵝⵓⵙⵏⴰ

Haar naam betekent kennis. Voor mij is dat meer dan alleen een mooie klank. Het is de rode draad in mijn eigen leven. Ik heb me vaak afgevraagd wie ik zou zijn geweest zonder die kennis. Zonder de ontdekking van mijn eigen geschiedenis en mijn Amazigh-identiteit was ik misschien verdwaald geraakt in een wereld die mij steeds probeert te labelen. Daarom is kennis voor mij het kompas dat me naar huis leidt. Die gedachte wilde ik Thusna meegeven, als haar basis en als haar eerste geschenk.

Toen ik haar naam voor het eerst deelde met mijn dierbaren, voelde ik een diepe trots. De reacties waren een mix van verrassing en nieuwsgierigheid. Voor veel mensen in Nederland is de naam nog onbekend, een nieuwe klank die niet meteen te plaatsen is. Mensen stonden even stil bij haar naam en vroegen naar de betekenis. Dat deed veel met me. Ik voelde dat ik met haar naam alleen al iets in beweging zette. Het was niet zomaar een geboorteaankondiging, maar een opeising van onze plek, een kennismaking.

Voor mij zit het vooral in die ‘th’. Die zachte, blazende klank is zo kenmerkend voor het Thamazight, maar wordt in bureaucratische systemen jammer genoeg vaak platgeslagen tot een harde ‘t’. Zelfs de naam van onze taal wordt vaak geschreven als ‘Tamazight’, met die harde t. Het lijkt misschien een klein detail, maar die ‘th’ is een politiek statement. Achter die twee letters schuilt een geschiedenis van diepe wonden.

In Noord-Afrika werden Amazigh-namen decennialang verboden of aangepast onder regimes die onze taal en cultuur probeerden uit te wissen via arabiseringspolitiek. Onze klanken passen nog steeds niet in het hokje van de machthebbers. Zelfs nu worden onze namen door overheidssystemen vaak niet erkend of vastgelegd via het Frans of Arabisch, waardoor de eigenheid van het Thamazight verloren gaat. Door vast te houden aan die klank verdedig ik een identiteit die wij Imazighen generatie na generatie moeten bevechten en beschermen.

Er is niets politieker dan het opeisen van je cultuur, je taal en je eigen naam

Diezelfde strijd voel ik hier in Nederland, maar dan verpakt in een vriendelijke glimlach. Voor velen is het verleidelijk om de weg van de minste weerstand te kiezen en de naam van een kind makkelijker te maken voor de buitenwereld, zodat niemand erover struikelt. Maar ik voelde al snel dat ik me bij Thusna moest verzetten tegen die verleiding. Ik weigerde opnieuw water bij de wijn te doen en haar naam plat te slaan voor het gemak van anderen. Met haar naam eiste ik niet alleen haar plek op, maar ook de onze. Ik besloot dat het niet langer mijn taak was om de wereld comfortabel te houden. Ik kies voor de rijkdom van haar afkomst boven het gemak van de ander.

In die context is het vieren van Yennayer voor mij veel meer dan een kleurrijk ritueel. Het herinnert me aan de kracht van een volk dat weigerde uitgewist te worden. Er is niets politieker dan het opeisen van je cultuur, je taal en je eigen naam. Voor Thusna hoop ik dat zij deze kennis draagt als een schild. Niet alleen de feitelijke geschiedenis, maar ook het besef dat haar identiteit geen compromis is. Dat kennis verzet is, en dat zij dat verzet in zich draagt. Haar naam is een grens die zij trekt, een ruimte die zij opeist in een wereld die vaak vraagt om jezelf kleiner te maken.

Terwijl ik haar nu in slaap wieg, weet ik dat Thusna zich straks niet hoeft aan te passen. De wereld zal moeten leren hoe ze haar naam uitspreekt. Dus als je haar straks ontmoet, luister dan goed. Niet naar een harde ‘t’, maar naar de ‘th’ van een geschiedenis die niet langer zwijgt. Thusna is onze weg terug naar onszelf. Daarom wens ik iedereen een gezegend Yennayer. Dat het een jaar mag worden waarin we de ‘th’ weer overal durven te laten lezen en horen.

Assegas Amaynu! ⴰⵙⴻⴳⴳⴰⵙ ⴷ ⴰⵎⴰⵢⵏⵓ

Wat doen we met al die koeien?

0

Hier wonen we met 18 miljoen mensen. Boeren houden 3,7 miljoen koeien. Is dat te veel? Dat weet ik niet.

Deskundigen vinden van wel. Ze zeggen dat die koeien allemaal poepen. Mest wordt weer uitgereden. Te veel stikstof. En dat is slecht voor het milieu. Heel slecht zelfs.

Europa vraagt al langere tijd dat we daar iets aan gaan doen. De BBB heeft daar schijt aan. De Boze Boeren Beweging vindt dat het niet te veel is en dat we dankbaar moeten zijn dat we eten krijgen.

Ze hebben zeker groot gelijk dat boeren in dit kleine land rijkelijk voedsel produceren. Te rijkelijk zelfs. Naast alles wat we zelf eten, wordt er voor meer dan 100 miljard euro aan landbouwproducten aan het buitenland verkocht. Is daar iets mis mee? Zeker niet.

Kunnen sommigen niet gewoon stoppen en in Benidorm gaan rentenieren?

De maatschappelijke discussie verloopt deze dagen gepolariseerd. Rechts schreeuwt moord en brand bij migratie. Links doet dat bij stikstof en mest. Stel dat iemand met een marxistische ideologie — de zolderkamercommunisten van de jongerentak van de SP bijvoorbeeld — een greep naar de macht zou doen en de dictatuur van het proletariaat zou uitroepen. En stel dat ze dan de kapitalistische boeren onteigenen en de koeien aan het volk geven.

Alle even of oneven huisnummers krijgen dan een koe. Welke kant van de straat het wordt, kunnen ze tossen. Dan staat er in elke straat overal een koe in de gang. De Nederlandse koe is weldoorvoed. Velen passen niet in de gang. Er zijn gelukkig overal parkjes waar ze kunnen grazen. ’s Avonds kunnen ze dan met de hand gemolken worden.

Als de nieuwe microboer goed voor de koe zorgt, zal ze goed melk blijven geven. Bijna 30 liter per dag. Eén liter drinken zal wel lukken. Maar met de rest moet toch boter, kaas en eieren gemaakt worden. Pardon, geen eieren.

Ook moeten de 3,7 miljoen nieuwe boerengezinnen een oplossing vinden voor de 30 kilo mest die de koe elke dag poept. Dat kun je niet zomaar door de wc wegspoelen.

Ik hoop nu niet een of andere neo-communist op een idee te brengen. Wij zijn blij met onze boeren. Ze zijn een wereldmerk. Maar kunnen sommigen niet gewoon stoppen en in Benidorm gaan rentenieren? Dan zijn de deskundigen weer blij. En per slot van rekening is Benidorm ook gewoon Nederland.

Kathmann (GL-PvdA): ‘Minderheidskabinet D66‑VVD‑CDA is onverantwoord experiment’

0

GroenLinks-PvdA‑Kamerlid Barbara Kathmann heeft in haar nieuwjaarstoespraak, vrijdag 9 januari in Rotterdam, felle kritiek geuit op de formatiepoging die momenteel leidt naar een minderheidskabinet van D66, VVD en CDA. Volgens haar is zo’n constructie ‘in dit geopolitieke vaarwater een onverantwoord experiment’ dat haaks staat op de behoefte aan stabiliteit in het land.

Kathmann stelde dat de roep om duidelijkheid en bestuurlijke rust ‘nog nooit zo luid heeft geklonken’, maar dat de formerende partijen die signalen negeren. ‘Het laat je afvragen of die mensen aan de formatietafel wel eens buiten komen’, zei ze. Volgens haar hebben Nederlanders juist gekozen voor verandering en nieuwe politiek, maar krijgen zij ‘stilstand en het belonen van oude politieke spelletjes’ terug.

‘Uitsluiten, traineren en blokkeren’

De politica hekelde wat zij ziet als een formatieproces dat wordt gedomineerd door ‘uitsluiten, traineren en blokkeren’. De gevolgen daarvan, benadrukte ze, worden volgens haar vooral gevoeld door mensen die al onder druk staan: huurders die hun lasten niet meer kunnen dragen, vastlopende zorg en jeugdzorg, en mensen die in armoede of dakloosheid leven.

Kathmann verbond haar kritiek expliciet aan het thema veiligheid en weerbaarheid, dat centraal stond in haar toespraak. ‘Wie de verzorgingsstaat verder afbreekt, draait solidariteit de nek om en maakt onze collectieve weerbaarheid kapot’, zei ze.

‘Politieke lafheid’

De GroenLinks‑PvdA‑fractie verwijt de formerende partijen dat zij zich laten leiden door permanente campagnevoering in plaats van door staatsmanschap. Kathmann sprak van ‘politieke lafheid’ en een gebrek aan leiders die moeilijke keuzes durven te maken.

Tegelijkertijd benadrukte ze dat boosheid voor haar partij geen eindpunt is. Volgens Kathmann zet haar fractie die energie om in inzet voor veiligheid, betaalbaarheid en klimaatactie. Hoop, zei ze, moet de drijvende kracht zijn achter nieuwe politiek.

Nieuwe partij in opbouw

In haar toespraak verwees Kathmann ook naar de oprichting van de nieuwe gezamenlijke partij van GroenLinks en PvdA, die dit jaar vorm moet krijgen. Ze omschreef die als een beweging ‘van positiviteit en lef’, die zich wil onderscheiden van politiek die vooral zou reageren op peilingen of sociale media.

 

Dat de Islamitische Republiek snel moge vallen

0

Toen ik in 2016 door Centraal-Iran reisde, was er een aantal zaken dat zo doordringend naar voren kwam, dat het me bijna tien jaar later nog steeds is bijgebleven. Iran was en is een fantastisch mooi land met een geweldige geschiedenis.

Met name de warmte van de bevolking staat me nog steeds goed bij. Overal wilden Iraniërs op straat met je praten en je welkom heten. En vooral: ze wilden je duidelijk maken dat ze niet het Westen of democratie haatten, maar hun eigen overheid.

Verder herinner ik me nog goed hoe leeg de moskeeën waren tijdens gebedstijd. Hoe Iraniërs openlijk praatten over hun niet-religieus zijn.

Ze vertelden hoe graag ze wilden dat hun land een democratie zou worden en aansluiting zou vinden bij de westerse democratieën waarmee ze zich verbonden voelden. De houding van veel Iraniërs stond in schril contrast met de anti-westerse propaganda van het Iraanse regime, die overal zichtbaar was, en de religieuze regels die dit regime aan de eigen bevolking oplegde.

Al vrij snel werd het me als rondreiziger in Iran duidelijk: er is vermoedelijk geen land ter wereld waar de kloof tussen de machthebbers en een groot deel van de bevolking zo groot is.

De Islamitische Republiek, die sinds 1979 het land overheerst, geniet voor de meerderheid van de Iraniërs geen enkele legitimiteit meer. Dit wordt ook duidelijk wanneer je naar de cijfers van protestbewegingen in de recente geschiedenis van het land kijkt.

Sinds 2009 zijn er om de paar jaar grote protesten gaande in Iran tegen het regime. Keer op keer gaan Iraniërs de straat op. Soms vanuit verschillende beweegredenen, maar veelal met een concreet doel: de afkeer van hun overheid en het verlangen naar de val van de Islamitische Republiek.

En deze Islamitische Republiek kan niet snel genoeg vallen. Dat maken ook de meest recente golven van protesten, die op dit moment in Iran woeden, duidelijk.

Net als in de afgelopen zestien jaar gaan Iraniërs nu opnieuw de straat op om te protesteren tegen het regime. Het is niet zozeer de staat van de economie, inflatie of voedselprijzen die de Iraniërs primair drijven.

Het is de overtuiging dat het systeem dat hen regeert volstrekt failliet is en klaar om vervangen te worden. Iraniërs willen leven in vrijheid en democratie. Zonder angst, onderdrukking en overheersing door een overheid die niet om hen geeft, maar alleen om haar eigen fundamentalistische religieuze overtuiging.

En datzelfde failliete regime maakt elke dag weer aan de demonstranten duidelijk dat het nog maar één manier heeft om in het zadel te blijven zitten: namelijk middels geweld.

De EU zou zich samen met de VS hard moeten maken voor het einde van het regime van Khamenei

Alleen door protesten met geweld te onderdrukken wisten Khamenei en zijn Revolutionaire Garde de afgelopen jaren aan de macht te blijven. De Islamitische Republiek Iran heerst niet middels legitimiteit, maar middels geweld en angst.

Ook dit keer wordt het internet weer platgelegd, schieten politie en leger weer met scherp op demonstranten en worden demonstranten weer massaal opgepakt om later door het regime opgehangen te worden.

En toch blijven de Iraniërs doorgaan. Zij geven niet op en blijven hun leven riskeren om de regimeverandering te realiseren waar zij zo naar verlangen. Zij verdienen onze onvoorwaardelijke steun.

Maar steun alleen is niet genoeg. Steun beschermt de Iraanse demonstranten niet tegen de kogels uit de geweren van het regime. De EU zou zich samen met de VS hard moeten maken voor het einde van het regime van Khamenei.

Als er een moment geschikt is om de Islamitische Republiek – en daarmee de grootste sponsor van terrorisme in het Midden-Oosten, evenals de belangrijkste bron van instabiliteit in conflicten in die regio – ten val te doen komen, dan is dat nu.

Een directe oorlog of invasie zou niet wenselijk zijn. Maar vanuit Europa en Amerika zouden we er wel naar kunnen streven om de demonstranten maximaal te steunen en te doen wat nodig is om geweld vanuit het regime tegen haar burgers te voorkomen.

Daarnaast zouden we moeten proberen het regime zoveel mogelijk te destabiliseren om het op die manier ten val te brengen. Khamenei’s tijd lijkt erop te zitten. Zijn regime wankelt.

Nu is het moment gekomen om de Islamitische Republiek het laatste zetje richting de afgrond te geven. Om zo dat nieuwe, vrije, democratische Iran waar de Iraanse bevolking zo sterk naar verlangt eindelijk te realiseren.

Na gevechten in Aleppo vertrekken Koerdische strijders in bussen. Wat is er aan de hand?

0

In de Syrische stad Aleppo waren de afgelopen dagen gevechten tussen Koerdische strijders en het regeringsleger. Nu zijn er berichten over een staakt-het-vuren en Koerdische strijders die per bus de stad verlaten. Koerdische deskundigen leggen uit wat er speelt.

Terwijl in Turkije door pro-Koerdische partijen wordt gedemonstreerd tegen wat zij ‘de etnische zuivering’ en zelfs ‘genocide’ van de Koerden in Aleppo noemen, lijkt in het Syrische Aleppo een wankel staakt-het-vuren bereikt. Koerdische strijders van de YPG en de SDF zouden per bus uit de stad worden geëscorteerd, terwijl duizenden Koerdische burgers al zijn gevlucht.

In Turkije lopen de spanningen intussen ook op. Turkije heeft al aangegeven bij een verzoek van de Syrische regering te zullen ingrijpen. Sinds het uitbreken van de Syrische burgeroorlog is Turkije meerdere malen Syrië binnengevallen en bezet het grote delen van Noord-Syrië.

De Turkse politiek in Syrië is vanaf het begin van de Syrische opstand anti-Koerdisch geweest. Het idee van een Koerdische autonome staat net over de grens is de grootste nachtmerrie voor Turkse nationalisten, die daar niets van willen weten.

Luchtfoto van een rotonde bij de wijk Sheikh Maqsud in Aleppo, waar gevechten uitbraken tussen Koerdische strijders en het regeringsleger. Beeld: Bakr Alkasem/AFP

Ondertussen zijn vele demonstranten in Istanbul opgepakt en worden Koerdische nieuwsmedia uit de lucht gehaald. Dit alles gebeurt te midden van een zogenoemd vredesproces met de Turkse Koerden. Het is alsof er sprake is van een parallelle werkelijkheid, waarin Turkse politici aan de ene kant de vredespijp roken met de Koerden en aan de andere kant in toenemende mate anti-Koerdische stappen zetten, zowel in binnen- als buitenland.

Op het Syrische toneel worden Koerdische partijen door pro-regeringsmedia steevast afgeschilderd als handlangers van Amerika en Israël, zoals een eeuw geleden ook het lot was van de christelijke Armeniërs en Grieken, met alle gevolgen van dien.

Europees antwoord

Wat is het Europese antwoord op mogelijk een nieuwe genocide in het Midden-Oosten? En wat heeft het Westen nog te zeggen in de regio na de genocide in Gaza? Met Syrië-deskundige Peshmerge Morad, de Koerdische journalist Baki Karadeniz en de Koerdische politiek analist Hadi, een schuilnaam, bespreken we de ontwikkelingen in Aleppo.

Morad is kritisch op de berichtgeving. Hij pikt een zin uit een bericht van de Kanttekening:

‘Het Syrische leger heeft de SDF-eenheden in de Koerdische wijken van Aleppo de oorlog verklaard.’

Wat klopt er niet?

‘Dit is het narratief van de interim-regering (de Syrische regering, geleid door de strijdgroep Hayat Tahrir al-Sham (HTS), red.). Het feit is dat de SDF met de interim-regering twee akkoorden heeft getekend om juist geweld te voorkomen. De interim-regering komt de eigen afspraken niet na. Ook de term SDF is niet helemaal juist. Wanneer we in de context van Aleppo over de SDF spreken, gaat het in feite om YPG-eenheden, die de ruggengraat van de SDF vormen.’

Wat is er volgens jou dan aan de hand?

‘Na het akkoord van 10 maart 2025 tussen de SDF en de interim-regering, onder leiding van Al Joulani, ook bekend als Ahmad al-Sharaa, heeft de SDF alle eenheden uit de Koerdische wijken van Aleppo teruggetrokken. Dat gebeurde na het bereiken en ondertekenen van het akkoord van 1 april 2025, waarin dit was vastgelegd. De SDF, inclusief de YPG-eenheden met hun zware militaire materieel, bevindt zich dus al geruime tijd niet meer in die wijken.’

Er wordt wel teruggeschoten, toch?

‘Wat er nog wel in die wijken aanwezig is, is de Asayish, het Koerdische politieapparaat. Het plan was dat, na implementatie en afronding van het akkoord van 10 maart, de Asayish zou opgaan in de veiligheidsdiensten van de interim-regering.’

Die integratie lijkt mislukt, of niet?

‘Ja, die is mislukt, en dat is een slecht voorteken. Het betekent dat het een kwestie van tijd is voordat de interim-regering andere SDF-gebieden in het noorden en oosten van Syrië aanvalt.’

Kan Europa nog een rol van betekenis spelen voor de Koerden, of is die rol na de genocide in Gaza volledig uitgespeeld in het Midden-Oosten?

‘Het gaat om belangen. Ursula von der Leyen en António Costa, die dag en nacht terecht Russische acties in Oekraïne veroordelen, waren vandaag nog op bezoek bij de interim-regering en hebben inmiddels Al Joulani, de interim-president, ontmoet. Dit is een groot middelvingergebaar naar alle slachtoffers van deze regering, naar alle minderheden in Syrië, en vooral naar transitional justice (de verantwoording voor misdaden uit het verleden, red.).’

Handlangers van de VS en Israël

De Koerdische analist Hadi, die werkzaam is bij een internationale mensenrechtenorganisatie en uit veiligheidsoverwegingen niet met zijn echte naam in de krant wil, reageert op een aantal Turkse en Syrische aantijgingen.

‘Het probleem is dat Turkije de Koerden beschouwt als handlangers van de VS en Israël, terwijl tegelijkertijd de Syrische regering — die alles heeft gedaan om de VS te accommoderen — nu de nieuwe bondgenoot is. De Syrische regering voert zelfs gesprekken met Israël, en het is zeer waarschijnlijk dat zij ermee instemmen om het zuiden, tot aan de grenzen van de Damascus-administratie, tot een gedemilitariseerde zone te maken. De Syrische regering zal waarschijnlijk niet eens durven eisen dat de dorpen die na 8 december zijn ingenomen, worden teruggegeven. Maar Koerden worden meteen bestempeld als agenten van Israël en de VS. Dat is absoluut belachelijk.’

Volgens Hadi is het na veertien jaar oorlog en 54 jaar dictatuur hoog tijd voor ‘stappen van vertrouwen’ bij de verschillende groepen.

‘Zolang dat niet gebeurt, kunnen alle Syriërs niet zomaar onder de paraplu van de nieuwe interim-regering schuiven. Het Syrische leger is in wezen een verzameling milities en krijgsheren, wier primaire belang het handhaven van de status quo is, zodat zij kunnen blijven profiteren. Ik twijfel er niet aan dat mensen als Ahmed al-Sharaa of Asaad Hassan al-Shibani, de minister van Buitenlandse Zaken, deze situatie willen veranderen, maar zij missen zowel de macht als de kwalificaties om dat te doen. Loyaliteit, en niet vaardigheden of capaciteiten,  blijft het belangrijkste criterium voor leiderschap.’

‘Het nieuwe Syrische leger gebruikte exact dezelfde militaire technieken als het Israëlische leger’

Hij zegt dat bij de nieuwe machthebbers van Syrië groepen ‘islamistische nationalisten’ zitten met een diep gevoel van slachtofferschap en grieven. ‘Zij zullen vrouwenrechten, meertaligheid, rechten voor minderheden of enige vorm van gedecentraliseerd bestuur niet accepteren. Dit zijn fundamentele kwesties die zij weigeren te erkennen of aan te pakken. De situatie is ongelooflijk moeilijk.’

Hadi vindt dat de vergelijking met genocidaal beleid terecht is. ‘Onlangs gebruikte het nieuwe Syrische leger exact dezelfde militaire technieken als het Israëlische leger, zoals het droppen van evacuatiebevelen en vervolgens het platbombarderen van een reeds belegerd stedelijk gebied waar mensen niet kunnen evacueren om geen demografische verandering in hun wijk toe te staan.’

Kwalijke rol van Turkije

Ten slotte is het woord aan de gevluchte Koerdische journalist Baki Karadeniz.

‘Helaas herhaalt de geschiedenis zich opnieuw en op wrede wijze voor de Koerden, maar ook voor de druzen, alevieten en andere religieuze groeperingen. De uitsluitende, ontkennende en criminaliserende retoriek waaraan de oude volkeren in deze regio een eeuw geleden werden blootgesteld, wordt vandaag de dag op dezelfde manier gebruikt tegen de Koerden en andere religieuze minderheden. Het stempel ‘marionet van buitenlandse mogendheden’ fungeerde in het verleden als een mechanisme voor lynchpartijen tegen Armeniërs en Grieken, en vandaag doet het hetzelfde voor de Koerden.’

Karadeniz wijst op de kwalijke rol die Turkije volgens hem speelt. ‘Terwijl aan de ene kant wordt gesproken over vrede en normalisering, laat de directe en indirecte steun aan moorddadige, barbaarse gewapende groepen die Koerden in Syrië aanvallen zien hoe leeg die woorden zijn.’

Volgens hem is het Turkse onderscheid tussen interne vrede en externe oorlogvoering onhoudbaar. ‘Het Koerdische vredesproces vereist erkenning van het bestaan en de wil van het Koerdische volk. Zonder die erkenning is vrede geen echte vrede, maar slechts een tijdelijke stilte. De manier waarop Turkije in Syrië met de Koerden omgaat, maakt de Koerdische kwestie niet alleen onoplosbaar, maar op regionaal niveau ook kwetsbaarder en gevaarlijker. Duurzame vrede is alleen mogelijk als Koerden overal worden erkend als gelijkwaardige en legitieme politieke spelers; alles daarbuiten stelt nieuwe conflicten slechts uit.’

VS trekken zich terug uit 66 internationale organisaties

0

De Verenigde Staten trekken zich terug uit 66 internationale organisaties, die volgens Donald Trump het Amerikaanse belang niet meer dienen. Dit liet de Amerikaanse president donderdag weten op zijn sociale media account.

Het gaat om 31 organisaties van de Verenigde Naties en 35 andere internationale organisaties. Trumps regering zegt dat deze organisaties ‘radicaal klimaatbeleid en ideologische programma’s bevorderen die in strijd zijn met de Amerikaanse soevereiniteit en economische kracht’.

NRC lichtte een aantal van de organisaties uit om de impact van de terugtrekking te begrijpen. Zo gaat om het United Nations Framework Convention on Climate Change (UNFCCC) en het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC). Beiden zijn in het leven zijn geroepen om een wereldwijd klimaatbeleid te ontwikkelen.

De VS zullen ook niet langer aan tafel zitten bij de VN-organisatie voor handel en ontwikkeling (Unctad). Deze organisatie wil ontwikkelingslanden meer van de wereldhandel te laten profiteren. Trump gaf al eerder aan dat hij af wil van de vele dollars die naar ontwikkelingslanden stromen.

De Verenigde Staten trekken zich ook terug uit organisaties die zich hard maken voor democratie en rechtsstaat. Het gaat hier onder andere om de International Law Commission (ILC) en International Institute for Democracy and Electoral Assistance (International IDEA).