1.5 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 4

Egyptische schrijver Abdelrahman ElGendy: Dankzij het schrijven overleefde ik de gevangenis

0

Hoe overleef je gevangenschap in een autoritair land? Op zijn zeventiende werd de Egyptische schrijver en activist Abdelrahman ElGendy opgepakt en tot vijftien jaar gevangenisstraf veroordeeld. Over zijn ervaringen heeft hij nu een boek geschreven: Huna.

Schrijven werd voor ElGendy een manier om zichzelf niet te verliezen. Tegelijkertijd is het boek meer dan een egodocument over politieke onderdrukking. Het is een verhaal over familie, herinnering, liefde en de vraag hoe je mens kunt blijven op een plek die erop gericht lijkt je uit te wissen. Het is kortom literatuur.

We spreken ElGendy via een videocall. Zijn antwoorden gaan zelden over politiek alleen. Steeds keert hij terug naar dezelfde vragen. Wat betekent het om aanwezig te blijven in het hier en nu? En hoe voorkom je dat een gevangenis niet alleen je lichaam, maar ook je verbeelding opsluit?

Het antwoord op die vragen ligt besloten in de titel van zijn boek. Huna betekent simpelweg ‘hier’, zo vertelt hij. Het woord verwijst naar een lied uit de tijd van de Arabische Lente. De betekenis ervan kreeg voor hem een nieuwe lading tijdens zijn eerste dagen in detentie. ‘Op de derde nacht zaten we met 68 mensen in een veel te kleine cel. We lagen letterlijk op elkaar. Voor het eerst kwamen er maaltijden binnen van familieleden, dat mocht van het regime. Ineens rook je iets van thuis. Toen begonnen mensen te zingen. Een van die liederen was Huna.’

‘Het woord verwijst naar een lied uit de tijd van de Arabische Lente’

Voor veel gevangenen stond dat woord voor een pijnlijke werkelijkheid. Niemand wilde daar zijn. ElGendy zat opgesloten met zijn vader, die ziek was en geen medicijnen kreeg. Toch raakte juist dat lied hem diep. ‘Het refrein kwam neer op: we blijven hier, totdat de pijn weggaat. Ik kreeg er kippenvel van. Dat woord, huna, werd iets groters. Wat betekent het om aanwezig te zijn op een plek waar je niet wilt zijn?’

Dat die vraag zo belangrijk werd, heeft alles te maken met de omstandigheden waarin hij gevangen werd genomen. De beelden van de massale Egyptische protesten van 2011 staan nog op ons netvlies gebrand. Maar volgens ElGendy begon het beslissende hoofdstuk twee jaar later, na de militaire staatsgreep van juli 2013.

‘Mijn familie was helemaal niet politiek’, zegt hij. ‘Mijn ouders ook niet. Maar na de coup werd ik politiek wakker.’

Militairen die op demonstranten schoten

Hij was zeventien toen veiligheidstroepen tijdens demonstraties op mensen begonnen te schieten. Een van de slachtoffers was de vader van een vriendin. Diens begrafenis groeide uit tot ElGendy’s eerste politieke protest. Daarna volgden meer demonstraties. Op 6 oktober 2013, de nationale dag van het Egyptische leger, liep het mis.

‘Ik stond te filmen hoe militairen op demonstranten schoten. Toen werd ik gearresteerd door agenten in burger. Ze wisten dat ik activist was, omdat ik demonstranten had gewaarschuwd dat ze dekking moesten zoeken. Ik was niet onpartijdig.’

‘Na de coup werd ik politiek wakker’

De aanklacht was zwaar: terrorisme. De aanklager eiste de doodstraf. Uiteindelijk werd het ‘slechts’ vijftien jaar gevangenisstraf. Zijn vader kreeg ook een hoge gevangenisstraf opgelegd. Eigenlijk had hij op die demonstratie helemaal niets te zoeken, maar zijn vrouw had hem gevraagd met ElGendy mee te gaan om hun zoon een beetje in de gaten te houden. ‘Ik voelde mij schuldig. Mijn vader was daar eigenlijk alleen vanwege mij.’

Uiteindelijk kwam zijn vader in 2017 vervroegd vrij. ElGendy zelf werd in 2020 vrijgelaten. Zijn straf werd verlaagd, mede omdat hij minderjarig was toen hij werd opgepakt. Maar veel andere arrestanten van dezelfde zaak zitten nog altijd vast.

Wanneer ik vraag hoe hij die jaren heeft doorstaan, antwoordt hij dat die vraag eigenlijk zijn hele boek omvat. ‘Het gaat over wat het betekent om op een plek te leven die jou wil laten verdwijnen. Als je te kwetsbaar bent, breek je. Maar als je te hard wordt, verlies je jezelf.’

Volgens ElGendy probeerde de Egyptische junta niet alleen mensen fysiek te breken, maar ook geestelijk. En daar verzette hij zich tegen.

‘Ik bleef tegen mijzelf zeggen dat ik daar niet hoorde en dat de gevangenis niet mijn horizon was. Het regime wil dat je een gevangenismentaliteit ontwikkelt, dat je wereld kleiner wordt. Daarom bleef ik lezen en schrijven en rondde ik mijn studie bouwkunde af. Ik bleef nadenken over een toekomst buiten de muren.’

Schrijven kreeg daarin een bijzondere rol. Niet pas na zijn vrijlating, maar juist tijdens zijn gevangenschap. ‘Toen ik werd gearresteerd, noemden ze mij een terrorist en een gevaar voor de samenleving. Op de eerste dag eiste een aanklager zelfs dat we zouden bungelen aan de galg.’

‘Het regime wil dat je een gevangenismentaliteit ontwikkelt’

Die beschuldigingen maakten diepe indruk. ElGendy voelde dat anderen zijn verhaal begonnen te bepalen. Daarom begon hij te schrijven, om de regie terug te krijgen. ‘Ik smokkelde teksten naar buiten. Die werden op Facebook gepubliceerd en maakten veel reacties los. Die werden vervolgens weer naar binnen gesmokkeld. Hierdoor aangemoedigd bleef ik schrijven.’

Maar langzamerhand veranderde het schrijven zijn verhouding tot de werkelijkheid.

‘Ik zag mezelf als zeventienjarige niet als schrijver. Maar schrijven gaf me controle terug. Het hielp mij het narratief over mijn leven terug te winnen. Daaruit ontstond uiteindelijk het idee voor een boek. Niet als einddoel na de gevangenis, maar als strategie om de gevangenis überhaupt te overleven. Al die ellende gebeurde niet mij, maar de hoofdpersoon uit mijn boek, de protagonist. Ik begon mijzelf, ook uit zelfbescherming, van een afstand te bekijken.’

Het schrijven van het boek gaf ElGendy kracht. ‘Ik dacht: als dit een boek wordt, dan gebeurt alles wat mij overkomt niet zomaar. Dan heeft alles een betekenis. Dan ben ik niet alleen een slachtoffer. Dan ben ik de auteur.’

Even valt er een stilte.

‘Dit is dus geen boek over hoe ik de gevangenis heb overleefd. Het boek ís de reden dat ik het overleefde.’

Relatie met zijn vader

Een van de meest aangrijpende lijnen in het boek is de relatie met zijn vader. Voor hun arrestatie was die band volgens ElGendy afstandelijk.

‘We hadden een vrij afstandelijke relatie. Er was weinig echte affectie. Maar de gevangenis veranderde dit. Mede door het schuldgevoel dat ik had. Mijn vader zat daar vanwege mij. Dat gevoel ben ik nooit helemaal kwijtgeraakt. Ik zag hem in elkaar gemept worden. Ik zag hoe kwetsbaar hij was. Voor het eerst zag ik hem niet alleen als mijn vader, maar soms ook als mijn celgenoot.’

Opvallend genoeg spreekt hij niet over hoop wanneer hij terugblikt op zijn tijd in de gevangenis. ‘Veel mensen denken aan een licht aan het einde van de tunnel. Dat interesseert mij eigenlijk minder. Mijn aandacht gaat eerder uit naar wat er gebeurt wanneer dat licht helemaal verdwijnt. Wat doe je wanneer je geen zekerheid meer hebt en niet weet wanneer het eindigt? Dan moet je leren liefhebben in het moment zelf. Je moet op dat moment niet hopen op een betere toekomst, maar betekenis vinden in het hier en nu.’

‘Ik wilde een literair werk schrijven’

Dat idee hangt samen met zijn visie op literatuur. Hoewel zijn boek onmiskenbaar politieke implicaties heeft, is het in de eerste plaats literatuur. Volgens ElGendy worden gevangenismemoires in de Arabische wereld vaak uitsluitend beoordeeld als egodocumenten. ‘Dan gaat alle aandacht naar de feiten. Maar ik wilde een literair werk schrijven. Een boek dat ook gaat over verlies, verdwijnen en het hervinden van jezelf.’

Heeft ElGendy nog literaire voorbeelden? De beroemde gevangenisroman Papillon bijvoorbeeld? Een belangrijke inspiratiebron was Maggie Smith, vertelt hij. Haar boek You Could Make This Place Beautiful gaat ook over verlies en het uitwissen van je identiteit, maar dan in de context van een echtscheiding. Die thematiek herkende hij onmiddellijk. ‘Dat maakte het voor mij universeler dan een verhaal over een gevangenis alleen.’

Politiek pamflet

Toch is zijn boek wel degelijk ook een politiek pamflet. ‘Je moet het zwijgen doorbreken. De Egyptische staat herschrijft voortdurend de geschiedenis. Demonstranten worden afgeschilderd als terroristen of buitenlandse agenten. Daarom moeten onze verhalen worden vastgelegd.’

ElGendy noemt zijn boek een persoonlijk archief. Hij baseerde zich niet alleen op herinneringen, maar ook op gevangenisbrieven, procesdocumenten, gesprekken met medegevangenen en discussies met zijn vader over wat er precies was gebeurd.

Opvallend is dat geweld nergens het centrum van het verhaal vormt. ‘Er is veel geweld in het boek. Maar ik wilde niet dat het geweld alle aandacht opslokte.’ Als voorbeeld noemt hij een vernederende ontvangstprocedure in de gevangenis, waarbij gevangenen worden uitgekleed en mishandeld. ‘Dat gebeurde. Het was verschrikkelijk. Maar wat mij meer bezighield, was dat ik op dat moment de hand van mijn vader aanraakte. Die aanraking bleef me sterker bij dan het geweld zelf.’

‘De huidige wereldorde houdt de onderdrukking in Egypte in stand’

Aan het einde van het gesprek vraag ik wat westerse lezers volgens hem beter zouden moeten begrijpen over het hedendaagse Egypte. Zijn antwoord verrast. ‘Eigenlijk ben ik meer geïnteresseerd in wat westerse lezers over zichzelf moeten begrijpen.’ Hij wijst op het feit dat met name de Verenigde Staten, maar ook de Europese Unie, de Egyptische junta ondersteunen. Volgens ElGendy kunnen de repressie en de duizenden politieke gevangenen niet los worden gezien van internationale machtsverhoudingen. ‘Mijn handboeien zijn betaald door het Westen’, zegt hij scherp.

Toch wil hij het gesprek niet reduceren tot schuldvragen.

‘We zijn allemaal met elkaar verbonden. Positief en negatief. De situatie in Egypte is geen uitzondering, maar een symptoom van een groter probleem. De huidige wereldorde houdt de onderdrukking in Egypte in stand, maar ook die van andere Arabische regimes en de genocide op de Palestijnen.’

Daarmee keert hij terug naar een thema dat door het hele boek loopt: het besef dat vrijheid, net als gevangenschap, nooit uitsluitend individueel is. ‘Zolang duizenden anderen nog vastzitten, is mijn vrijheid ook niet volledig.’

Huna, Abdelrahman ElGendy, Jurgen Maas, 376 blz., €24.99

Gen Z verdient hoop op een betere toekomst

0

Generatieconflicten zijn van alle tijden. De babyboomgeneratie, waar tegenwoordig zoveel over wordt geklaagd, kwam in de jaren zestig zelf in verzet tegen de dominantie van de generatie vóór haar. Vergeleken met de onstuimige jaren zestig, zeventig en tachtig zijn de huidige Gen Z-protesten die door Europa trekken, een lachertje. Zeker als je bedenkt dat de jeugd van tegenwoordig het ontzettend goed heeft, zonder dat zelf altijd te beseffen.

In alle opzichten leven we in de beste tijd ooit. Ja, er zijn oorlogen, klimaatverandering en de dreiging van AI. Maar we leven ook langer en gezonder, in grotere welvaart en met minder armoede, ziektes en andere ellende dan vroeger. De menselijke conditie gaat vooruit. Met elke generatie verbetert de wereld waarin we leven. En dat belooft veel goeds voor de toekomst.

Dit is geen naïef vooruitgangsoptimisme, maar een ontwikkeling die wordt beschreven door vooraanstaande denkers als Steven Pinker, Johan Norberg en Maarten Boudry. In hun werk onderbouwen zij waarom de mensheid langzaam maar zeker vooruitgaat en waarom de huidige jeugd het in veel opzichten beter heeft dan eerdere generaties.

Toch ziet de toekomst er vanuit het perspectief van veel Gen Z’ers weinig rooskleurig uit. Binnen enkele jaren hebben ze in hun ogen misschien geen baan meer, laat staan een betaalbare woning. De lusten en lasten van de verzorgingsstaat zijn ongelijk verdeeld. Straks moeten ze wellicht in dienst om als kanonnenvoer te dienen in de oorlogen van anderen. Ondertussen warmt de aarde verder op en dreigt technologie hun werk over te nemen. Geen wonder dat jongeren massaal de straat op gaan. Hun woede is begrijpelijk.

De ontevredenheid onder jongeren is vooral een westers fenomeen

We moeten de legitieme zorgen van Gen Z dan ook niet negeren. Onze verzorgingsstaat werkt immers een stuk beter voor babyboomers dan voor jongeren. Hervormingen zijn nodig om die toekomstbestendig te maken. Ook klimaatverandering vraagt om voortdurende aandacht en actie. Op de dreiging van oorlog hebben we zelf maar beperkt invloed, maar dat betekent niet dat we de zorgen daarover terzijde kunnen schuiven. En ook de opkomst van AI vraagt om antwoorden, vooral als het gaat om de toekomst van de arbeidsmarkt.

Juist dat laatste onderwerp kan ook de sleutel vormen tot een toekomst die er veel zonniger uitziet dan we nu denken. Want laten we wel wezen: de ontevredenheid onder jongeren is vooral een westers fenomeen. In bijvoorbeeld Azië heerst meer optimisme, ook over de komst van AI. En daar is reden toe. We staan mogelijk aan de vooravond van een technologische revolutie die de industriële revolutie zal doen verbleken.

De kans bestaat dat deze technologie niet alleen oplossingen biedt voor klimaatverandering, maar ons leven ook op tal van andere terreinen verbetert. Net zoals eerdere technologische revoluties dat hebben gedaan. Wat nu vooral als bedreiging wordt gezien, kan straks juist nieuwe mogelijkheden scheppen.

Misschien staan we wel op de drempel van een prachtige toekomst, zonder dat we dat zelf beseffen. Maar voorlopig is het nog even doorbijten. Laten we de zorgen die Gen Z op straat uit serieus nemen, zonder het vertrouwen in de toekomst te verliezen. Jongeren verdienen niet alleen antwoorden op hun problemen, maar ook perspectief.

Want dat is wat Gen Z nu zo hard nodig heeft: het vooruitgangsoptimisme dat eerdere generaties heeft geholpen om de toekomst met vertrouwen tegemoet te zien. De geschiedenis laat zien dat de wereld, ondanks alle tegenslagen, op veel terreinen vooruitgaat. Waarom zou dat voor deze generatie anders moeten zijn?

Dat is de boodschap die we jongeren moeten blijven meegeven: een betere toekomst is mogelijk. Ook voor Gen Z.

Suriname zet mennonieten uit na conflict over ontbossing

0

Suriname heeft dit weekend 63 christelijke mennonieten het land uitgezet vanwege illegale ontbossing en het ontbreken van geldige verblijfsvergunningen, zo bericht NOS. Deze gelovigen verbleven sinds 2024 in het Zuid-Amerikaanse land en wilden grootschalige landbouwprojecten ontwikkelen in het binnenland.

De uitzetting volgt op een langdurig juridisch conflict tussen de mennonieten en de Surinaamse autoriteiten. Omdat de mennonieten zich niets aantrokken van waarschuwingen van de overheid, organiseerden politie en leger eind oktober een missie naar het afgelegen Masonia-gebied. De 63 mennonieten bleken gevlucht naar een andere locatie. Na een zoekactie vonden politie en leger hen echter alsnog. De mennonieten zijn het land uitgezet. Hun pogingen om via de rechter deportatie te voorkomen zijn mislukt.

De mennonieten vormen een conservatieve geloofsgemeenschap binnen de doopsgezinde traditie. Hun oorsprong ligt bij de zestiende-eeuwse hervormer Menno Simons uit Friesland. Door de eeuwen heen vestigden mennonieten zich in verschillende landen in Latijns-Amerika, waar zij onder meer grootschalige landbouw bedrijven.

Hun aanwezigheid in Suriname leidde tot veel kritiek van milieuorganisaties, inheemse groepen en de zogenoemde marrongemeenschappen (afstammelingen van slaafgemaakten die in de zeventiende en achttiende eeuw het oerwoud waren ingevlucht). Al deze groepen  vrezen dat grootschalige landbouw ten koste gaat van het Amazonewoud en de traditionele leefgebieden van mensen. Ook internationale organisaties wijzen op de rol van mennonietenkolonies bij ontbossing in delen van Latijns-Amerika.

De regering van president Jennifer Simons heeft aangekondigd harder op te treden tegen illegale houtkap. Volgens de autoriteiten is landbouwontwikkeling mogelijk zonder tropisch regenwoud op te offeren. Ondanks de uitzetting verblijven naar schatting nog altijd honderden mennonieten in Suriname.

Dokter Joop blijft ook na zijn pensioen doorwerken

0

Buiten lijdt de wereld onder de grillen van gestoorde wereldleiders. Binnen zit ik op deze vroege ochtend met dokter Joop. De ochtenddienst op de huisartsenpost moet nog beginnen.

Al nippend aan zijn bakkie troost vertelt oudgediende dokter Joop dat hij lange tijd in een gezondheidscentrum heeft gewerkt. De zorg leed er onder het moderne arbeidsethos. Dokter Joop was de enige die er vast werkte. De andere artsen waren allemaal tijdelijke waarnemers. Ze kwamen en gingen weer. Ook het ondersteunend personeel was geen team te noemen. De ene na de andere doktersassistente kwam en vertrok. Dokter Joop was het enige geheugen van het centrum. Er was geen back-up.

Ik was ook wel eens in dat centrum geweest. Het was mooie nieuwbouw. Het had een binnentuin. Het gebouw was als een cirkel, maar dan bijna vierkant. In de gang kon je volgens dokter Joop joggen. Ik had mij die ene keer vol bewondering aan die gang vergaapt.

Het gezondheidscentrum is failliet gegaan. De kosten van alle flexwerkers hadden de organisatie de nek omgedraaid. Dokter Joop deed als laatste het licht uit, trok de deur achter zich dicht en ging met pensioen.

Onervaren en instabiele teams zorgen voor de zwaarste categorie patiënten

Wat doet een fitte dokter als hij met pensioen gaat? Hij blijft doorwerken. Op deze vroege ochtend was ik dus in gesprek met het zorggeheugen van deze stad. Hij vertelde dat dakloosheid van weleer was gestopt doordat de dakloze heroïneverslaafden via allerlei projecten zorg en opvang hadden gekregen. Toen er geen daklozen meer waren, stopten de projecten.

De stad is weer volgelopen met nieuwe daklozen. Nu zijn het vooral arbeidsmigranten die werk en woning zijn kwijtgeraakt. Nu zijn het geen heroïneverslaafden. Nu zijn het drank- en crackverslaafden. Maar de problematiek is hetzelfde.

Dokter Joop vertelde dat hij ook bij een grote GGZ-instelling werkt. Wat hij destijds in het gezondheidscentrum zag, ziet hij nu in de GGZ. Onervaren en instabiele teams zorgen voor de zwaarste categorie patiënten, zoals mensen die herhaaldelijk in psychosen belanden of bipolaire ontregelingen hebben.

Dokter Joop dronk een laatste slok van zijn bakkie, stond op en begon aan zijn dienst.

Pro-Russische Jotova wint Bulgaarse presidentsverkiezingen

0

Bulgarije krijgt voor het eerst een gekozen vrouwelijke president, zo bericht de NOS. Volgens de exitpolls heeft Iliana Jotova tussen de 56 en 58 procent van de stemmen behaald.

Haar pro-Europese tegenstander Andrej Gjoerov bleef steken op 38 tot 40 procent en feliciteerde haar direct met de overwinning. De officiële uitslag wordt na het tellen van alle stemmen verwacht.

Jotova was eerder vicepresident en vervult momenteel het interim-presidentschap. De functie in Bulgarije is grotendeels ceremonieel. Desalniettemin geldt haar overwinning als een belangrijke politieke steun voor premier Roemen Radev. Beide politici staan namelijk kritisch tegenover de Bulgaarse financiële en militaire steun aan Oekraïne en pleiten voor betere betrekkingen met Rusland.

De Bulgaarse presidentsverkiezingen werden overschaduwd door onrust op de Zwarte Zee. De afgelopen weken vonden meerdere droneaanvallen plaats op schepen in en nabij Bulgaarse wateren. Hoewel nog onduidelijk is wie verantwoordelijk is verwezen diverse media met een beschuldigende vinger naar Rusland. De incidenten leidden tot internationale bezorgdheid over een mogelijke uitbreiding van de oorlog in Oekraïne.

Naar aanleiding van de aanvallen riep premier Radev de Russische ambassadeur op het matje en sprak hij met NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte. Bulgarije vroeg de NAVO-bondgenoten om extra militaire steun, om zo de veiligheid op zee beter te kunnen waarborgen. De zorgen over escalatie namen verder toe, nadat een Grieks containerschip als gevolg van een droneaanval zonk. Van een eerder getroffen schip worden nog altijd de opvarenden vermist.

VS: islamofobe aanvallen op moslimkandidaten midterms

0

Op 3 november gaan Amerikanen naar de stembus voor de zogenoemde midterms. Tijdens de campagne worden islamitische kandidaten echter hard aangevallen. Volgens de Arabische nieuwszender Al Jazeera zijn deze islamofobe aanvallen genormaliseerd, in het Amerika van Donald Trump.

Het racisme tegen islamitische politici komt voornamelijk vanuit de Republikeinse hoek. Het belangrijkste doelwit is de Democraat Abdul El-Sayed, die dingt naar een senaatszetel namens de staat Michigan. 

Zo schreeuwt de extreemrechtse activist Jake Lang bij een verkiezingsrally van de Democratische partij, gehuld in een kogelwerend vest, rabiate anti-islamitische taal. Zijn kompanen zijn in kruisvaarderskostuums gekomen en steunen Mike Rogers, de Republikeinse senaatskandidaat in Michigan. ‘Oprotten, moslims’, roept Lang. ‘De kruistocht komt eraan, deporteer jezelf.’ 

Mensenrechtenactivisten maken zich grote zorgen over de moslimhaat, die volgens hen is genormaliseerd. Ook de Amerikaanse president Donald Trump maakt zich schuldig aan islamofobie en noemde Abdul El-Sayed vorige week nog een jihadist.

Michigan is niet de enige staat waar islamofobe leuzen klinken tijdens de midterms. De burgemeester van Dearborn (Detroit), Abdullah Hammoud, was getuige van een anti-moslimmars in zijn stad. ‘Het grote publiek is zich er niet van bewust hoeveel bedreigingen er dagelijks op de stad Dearborn worden afgevuurd via sociale media’, zegt hij tegen Al Jazeera. Ook vallen racisten het callcenter van de gemeente lastig met scheldkanonnades.  

Eindigt het tijdperk van Europese welvaart?

0

Al weken is het onrustig in Frankrijk. Wat eind september begon met protesten van scholieren tegen de slechte omstandigheden op school, is uitgegroeid tot een brede beweging. Inmiddels hebben ook studenten, vakbonden en de ‘gele hesjes’ zich bij de protesten aangesloten. Het gaat allang niet meer alleen over het onderwijs, maar ook over de stijgende kosten van levensonderhoud, bezuinigingen en de sombere toekomstperspectieven van jongeren. Daar komt bij de onvrede over de politiek, die er al jaren niet in slaagt maatschappelijke problemen op te lossen en onvoldoende naar burgers luistert.

Frankrijk is niet het enige land waar mensen massaal de straat op gaan. Ook in Spanje, Italië en Griekenland protesteerden duizenden mensen tegen de hoge kosten van levensonderhoud, het gebrek aan betaalbare woningen en de slechte staat van het onderwijs.

Vooral in Frankrijk gaan de demonstraties gepaard met geweld. Journalist Simon Kuper, die in Parijs woont, vertelde zondag bij Buitenhof hoe de supermarkt tegenover zijn huis werd geplunderd.

Historicus Niek Pas legt in een interview met de Kanttekening uit waarom de huidige protesten niet te vergelijken zijn met de studentenopstanden van 1968, een andere grote protestgolf in Frankrijk. Destijds ging het om de verdeling van de groeiende welvaart. Nu is er volgens hem sprake van een ‘krimpcrisis’, de verdeling van groeiende armoede. Schaarste, koopkrachtverlies en economische onzekerheid staan centraal. De protesten doen hem denken aan de broodoproeren uit de vroegmoderne tijd, toen mensen in opstand kwamen tegen armoede en hoge voedselprijzen. In Amsterdam hadden we ooit het aardappeloproer.

In Amsterdam hadden we ooit het aardappeloproer

Zijn de demonstraties in Frankrijk en andere Europese landen een voorbode van het einde van dat schijnbaar eindeloze tijdperk van Europese welvaart?

Zo stellig kun je het niet stellen, maar ik denk dat er wel iets aan de hand is. Europa behoort nog altijd tot de rijkste delen van de wereld. Maar die rijkdom is niet eerlijk verdeeld. Ruim 57 procent van het nettovermogen van huishoudens in de eurozone is in handen van de rijkste 10 procent. Tegelijkertijd leeft ruim 15 procent van de Fransen onder de armoedegrens.

Wat de demonstranten in Frankrijk en Italië ook dwarszit: de stijgende defensie-uitgaven, terwijl op andere voorzieningen wordt bezuinigd. Die onvrede zou ook in Nederland kunnen groeien. Onze politici zeggen dat we ons moeten voorbereiden op een mogelijke oorlog met Rusland en in staat moeten zijn onszelf te verdedigen. Maar voor veel mensen blijft die dreiging abstract.

Daar komen internationale ontwikkelingen bij die Europa voor grote uitdagingen stellen: de afhankelijkheid van de Verenigde Staten op het gebied van technologie en defensie, de economische concurrentie met China en de snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie. Europa moet in hoog tempo miljarden investeren in defensie, technologie en verouderde infrastructuur, terwijl burgers verwachten dat wonen, zorg, onderwijs en sociale voorzieningen betaalbaar blijven.

Europese regeringen staan voor moeilijke keuzes. Als zij de zorgen van burgers niet weten weg te nemen, zal de maatschappelijke onvrede verder groeien. Daarvan profiteren extreemrechtse partijen. In Frankrijk staat Marine Le Pen hoog in de peilingen en in Duitsland wint de radicaal-rechtse AfD verder terrein.

Europa staat voor een helse klus. Het moet de economie en veiligheid versterken, maar ook burgers tevreden houden. Europese welvaart gaat niet alleen om economische groei, maar ook om de subjectieve beleving daarvan. De vraag of mensen daarvan profiteren. Juist dat staat onder druk.

Partij voor de Dieren start petitie tegen ‘oerconservatieve’ SGP

0

De Partij voor de Dieren roept het kabinet op om de onderhandelingen met SGP te staken. ‘De partij probeert Nederland met een oerconservatieve agenda tientallen jaren terug in de tijd te zetten’, stelt de PvdD in een petitie, die gisteren online kwam.

Aanleiding van deze petitie is het verbond tussen SGP, JA21 en BBB. Hoewel de eerste twee partijen al vaker naar elkaar toe trokken in de onderhandelingen, vormen ze met de toevoeging van BBB een machtig blok in de onderhandelingen over het Belastingplan met het minderheidskabinet. Ze hebben hun steun voor dit plan opgehangen aan een lijst met voorwaarden.

De voorwaarden van de SGP – pas op de plaats bij medisch-ethische kwesties als het draagmoederschap en late abortussen – zijn volgens de Partij voor de Dieren ‘onacceptabel en ronduit gevaarlijk.

‘De SGP was altijd al een partij met schadelijke standpunten over vrouwen- en lhbtiq-rechten, maar is nu op een missie deze rechten terug te draaien. Wij zeggen: tot hier en niet verder.’

De partij vraagt het kabinet-Jetten om een duidelijke ethische en politieke grens te trekken door de onderhandelingen met de SGP te staken.

De eisen van de SGP zijn niet nieuw. De partij dringt al langer aan op het tegenhouden van de nieuwe wetgeving rond draagmoederschap en wil dat de ontwikkeling van de abortuspraktijk, waaronder de proef met late abortussen, wordt stilgelegd.

Het kabinet heeft tot dusver weinig bereidheid getoond om daarin mee te gaan. Premier Rob Jetten zei eerder dat de principiële standpunten van het kabinet en de SGP sterk uiteenlopen, maar dat er mogelijk op onderdelen van het beleid compromissen te sluiten zijn.

Ook binnen de coalitie is weerstand tegen de SGP-eisen. D66-fractievoorzitter Jan Paternotte liet weten dat zijn partij geen fundamentele vrouwenrechten wil inruilen voor steun aan de begroting. Het kabinet sprak donderdag over het gezamenlijke eisenpakket van JA21, BBB en SGP. Vrijdag worden de onderhandelingen met de oppositie voortgezet.

Israëlische verkiezingen: extreemrechtse blok van Netanyahu blijft de grootste

0

Ondanks verlies blijft Likud van premier Benjamin Netanyahu de grootste partij in Israël, met 27 zetels. Dit bericht het Franse persbureau AFP.

Netanyahu en zijn extreemrechtse blok hebben hun meerderheid in de Knesset, het Israëlische parlement, verloren. De coalitie heeft nu nog maar 53 zetels, in de 120 zetels tellende Knesset. Het Israëlische oppositieblok, onder leiding van Gadi Eisenkot, is echter nog kleiner, met 48 zetels. Voor een meerderheid zijn minimaal 61 zetels nodig.

Opvallend is het succes van Palestijns-Israëlische partijen, zoals Ra’am en de Gezamenlijke Lijst. Samen zijn ze goed voor 19 zetels. Ze worden echter met enorme achterdocht bekeken door Netanyahu en de zijnen. De premier beschuldigt de Palestijnse partijen van fraude. Hij noemt ze een vijfde colonne van de Arabische oliestaat Qatar en een verlengstuk van Hamas. Bewijzen hiervoor levert Netanyahu niet.

Ondertussen wordt er achter de schermen gespeculeerd over een nieuwe aanval op Iran. In nauwe afstemming met de Amerikaanse president Donald Trump zou Netanyahu aanvallen tegen Iran voorbereiden, meldt het AD.

Halloween en Día de los Muertos: waar gaan deze feesten precies over?

0

Zaterdag is het Halloween. Op zondag en maandag wordt Día de los Muertos, Spaans voor de Dag van de Doden, gevierd, vooral in Mexico. Hoe zit het precies met deze twee feesten? Hoe zijn ze ontstaan? En hoe verhouden ze zich tot elkaar?

Halloween wordt gevierd op 31 oktober en is verbonden met All Hallows’ Eve, de avond vóór Allerheiligen. Het feest heeft zowel katholieke als oudere, Keltische wortels. Veel historici zien een verband met Samhain, een oud Keltisch oogstfeest dat het begin van de winter markeerde. De oude Kelten geloofden dat in die periode de grens tussen de wereld van de levenden en de doden dunner werd. Later werd deze periode opgenomen in de rooms-katholieke kalender, met Allerheiligen op 1 november en Allerzielen op 2 november.

Día de los Muertos wordt gevierd op 1 en 2 november. Ook dit feest combineert verschillende tradities. Het feest is een samensmelting van katholieke feestdagen met precolumbiaanse gebruiken. De Azteken en andere inheemse volken in Mexico geloofden dat de doden tijdelijk konden terugkeren naar de wereld van de levenden.

Dat beide feesten vrijwel gelijktijdig worden gevierd is geen toeval. Beide feesten zijn verbonden met Allerheiligen en Allerzielen in de katholieke kalender. Waar Allerheiligen is gewijd aan alle heiligen, staat Allerzielen specifiek in het teken van de overledenen. Deze dagen vallen samen met het einde van de oogsttijd. Dit is een periode die in veel culturen traditioneel werd geassocieerd met sterfelijkheid, herinnering en de overgang naar de donkere wintermaanden.

Tegenwoordig heeft Halloween vaak een speels en commercieel karakter. Kinderen gaan langs de deuren voor snoep, mensen verkleden zich als heksen, monsters of filmfiguren, en winkels verkopen enorme hoeveelheden decoraties. Día de los Muertos is traditioneler. Families bouwen altaren (ofrendas), bezoeken graven en plaatsen bloemen, kaarsen en voedsel voor overleden dierbaren.

De beroemde oranje pompoenen van Halloween, de jack-o’-lanterns, zijn uitgesneden lantaarns die volgens de traditie geesten moesten afschrikken. Oorspronkelijk werden in Ierland vaak rapen gebruikt, maar in de Verenigde Staten werden die vervangen door pompoen omdat die makkelijker te verkrijgen waren.

De schedelmaskers en geschminkte gezichten van Día de los Muertos verwijzen naar de calaveras, symbolische schedels die laten zien dat de dood niet alleen iets verdrietigs is, maar ook onderdeel van het leven. Ze dienen niet om te griezelen, maar om overleden familieleden te herdenken en te eren.

Films en series
Halloween en de Día de los Muertos zijn geliefde thema’s voor televisieseries en films. Hieronder twee, uiteraard niet volledige, overzichten, met hyperlinks.

Films

Hocus Pocus (1993) van Disney is een van de bekendste Halloweenfilms. Drie heksen keren op Halloweenavond terug naar Salem, waar ze de boel op stelten zetten.

The Nightmare Before Christmas (1993) van Tim Burton is de bekendste tekenfilm over Halloween. Jack, de Pumpkin King, ontvoert met andere Halloweenmonsters de kerstman.

In The Crow (1994) worden Eric Draven (gespeeld door Brandon Lee, die tijdens de opnames van de film dodelijk verongelukte) en zijn verloofde Shelly vermoord op 30 oktober, tijdens Devil’s Night. In Detroit wordt deze nacht voor Halloween traditioneel geassocieerd met brandstichting, vandalisme en chaos. Een jaar later keert Eric terug uit de dood, om wraak te nemen om de moordenaars van zijn geliefde.

In The Crow: City of Angels (1996) keert Ashe Corven terug, om de moordenaars van zijn zoontje te wreken. Dit verhaal speelt zich af tegen de achtergrond van de Día de los Muertos en staat bekend om zijn gothic-sfeer.

Spectre (James Bond, 2015) opent met een enorme Día de los Muertos-optocht in Mexico-Stad. Ondertussen moet 007 een agent van de internationale misdaadorganisatie Spectre vinden.

De animatiefilm Coco (2017) van Pixar is dé Día de los Muertos-film. Het gaat over het belang van warme familiebanden, die ook na de dood blijven bestaan.

Series

Vampire Weekend (Castle, seizoen 2). Bestsellerauteur en aandoenlijke antiheld Richard Castle (gespeeld door Nathan Fillion) moet een moord oplossen in een vampiersubcultuur. Fillion draagt bovendien zijn space cowboy-outfit, een knipoog naar zijn karakter Malcolm Reynolds in de science fiction-serie Firefly.

Day of the Dead (Babylon 5, seizoen 5). De beroemdste Día de los Muertos-achtige aflevering in sciencefiction is zonder twijfel deze episode van Babylon 5. Tijdens een Brakiri-feestdag, die toevallig heel erg lijkt op de Día de los Muertos, krijgen de hoofdpersonen bezoek van overleden dierbaren, geliefden en vijanden.

Memorabel zijn ten slotte ook de Halloween-afleveringen The One with the Halloween Party (Friends, seizoen 8) en The Middle-Earth Paradigm (The Big Bang Theory, seizoen 1). De briljante maar wereldvreemde Sheldon Cooper verschijnt in die laatste aflevering als het Doppler-effect op het Halloweenfeest, een kostuum dat alleen hijzelf begrijpt.