‘Anti-fascisme’ is het fascisme van deze tijd

Foto: Reuters

Enkele maanden geleden was ik aanwezig op een conferentie waar een Griekse professor sprak over zijn ervaringen met Griekse ‘anti-fascisten’. De beste man, Angelos Syrigos, die doceerde aan de Panteion Universiteit, had het aan de stok gekregen met de daar aanwezige ‘anti-fascisten’. Hij was al bij hen in de picture gekomen doordat hij in een interview had gezegd dat fascisten geweld gebruiken. Toen hij op een dag een ‘anti-fascist’ die op zijn universiteit graffiti aan het aanbrengen was, probeerde te stoppen, was het hek van de dam. Hij werd door ‘anti-fascisten’ in elkaar geslagen. Op zijn universiteit werden overal posters opgehangen met zijn gezicht erop en erboven de tekst ‘dit is de fascist’. In Griekenland hebben ‘anti-fascistische’ knokploegen op universiteitscampussen vrij spel, omdat een oude wet de politie verbiedt het universiteitsterrein te betreden en de beveiliging het niet aandurft in te grijpen.

Nu is Nederland geen Griekenland. Maar ook hier is de dreiging die uitgaat van het ‘anti-fascisme’ reëel. Het aantal incidenten in Nederland waarbij ‘anti-fascisten’ laten zien gebruik te maken van ondemocratische middelen om hun doelen te bereiken, stapelt zich op, in zoverre dat het inmiddels een trend is geworden. De bekladding van de huizen van PVV’ers in verkiezingstijd. De intimidatie van IND-medewerkers. Gewelddadige acties bij demonstraties van extreem-rechts. De bekladding van het huis van Thierry Baudet. Het huisbezoek aan activist Anne Fleur Dekker door mensen uit haar vroegere extreem-linkse milieu. Het ingooien van de ruiten en het bekladden van de deuren van de Rode Hoed. Het is maar een greep uit de activiteiten van ‘anti-fascisten’ van de laatste tijd waarbij men door middel van geweld, bedreiging, intimidatie, bekladding en vernieling probeert tegenstanders te intimideren, het zwijgen op te leggen, het functioneren te beletten of in hun veiligheidsgevoel aan te tasten. Het aanpakken van deze groep faalt: onlangs zijn onderzoeksresultaten gepresenteerd waaruit blijkt dat extreem-links geweld zelden tot vervolging leidt, omdat de overheid niet in staat is daders van dergelijke acties in voldoende mate op te sporen en te vervolgen.

‘Anti-fascisten’ claimen een legitieme zaak te hebben: de strijd tegen het fascisme waaraan ze hun bestaansrecht ontlenen. De vraag wat ze precies bedoelen met ‘het fascisme’ doemt op. Jaar in jaar uit stelt de AIVD dat extreem-links de definitie van fascisme dermate ver oprekt dat ze een breed palet aan individuen en organisaties op de korrel neemt. Ook is de AIVD duidelijk omtrent het gebruik van geweld: extreem-links is gewelddadiger dan extreem-rechts.

‘Anti-fascisten’ pogen alles wat ze beschouwen als extreem-rechts van de straat te verdrijven, op een vergelijkbare wijze als hoe ooit de fascisten in Europa met geweld de straat voor henzelf probeerden te claimen. Het zou beter zijn dat we de definitie van de in elkaar geslagen professor Syrigos volgen voor onze beoordeling van wat precies fascisme is. Een fascist is iemand die geweld gebruikt om zijn, al dan niet politieke, doelen te bereiken. En fascisme is het naar ‘anti-democratische’ methoden grijpen, en door middel van bedreiging, intimidatie, vernieling of geweld proberen bepaalde idealen te realiseren.

Is ‘anti-fascisme’ dan een groot kwaad? Zeker niet. De waarschuwing voor de opkomst van extreem-rechts in onze samenleving is terecht, evenals het (vreedzame) verzet daartegen. Want net als van het jihadisme gaat ook vanuit bepaalde elementen op extreem-rechts een fundamentele veiligheidsdreiging uit voor (een deel van) onze samenleving. Alleen gaat die dreiging ook uit van extreem-links. Ook van diezelfde ‘anti-fascisten’ die claimen het fascisme te bestrijden, maar daarbij gebruik maken van dezelfde methoden die ooit het fascisme kenmerkten.

Het is tijd dat gegeven te onderkennen en ernaar te handelen. Te lang is vanuit progressieve hoek bij het geweld van ‘anti-fascisten’ weggekeken. Te lang is het kwalijke handelen goedgepraat. Vergoelijkt onder de noemer van de strijd tegen racisme en fascisme. We kunnen niet langer wegkijken terwijl een kleine groep zich vrijwel zonder gevolgen voor henzelf, maar met grote gevolgen voor anderen, op gewelddadige wijze manifesteert in onze samenleving. Niet zolang mensen daar slachtoffer van worden. Het is tijd om te erkennen dat het ‘anti-fascisme’ dat zich in onze samenleving manifesteert, misschien nog wel het dichtst in de buurt komt van het fascisme dat ‘anti-fascisten’ claimen te bestrijden. ‘Anti-fascisme’ is het fascisme van deze tijd.

DELEN
Gert Jan Geling
Publicist. Kernlid van de denktank Liberales. Onderzoeker aan het Leids Universitair Centrum voor de Studie van Islam en Samenleving dat verbonden is aan de Universiteit Leiden.