Alleen samen krijgen we racisme onder controle

‘Als je als zwarte Nederlander deelneemt aan het racismedebat onder leiding van Jort Kelder, dan ben je een Uncle Tom en een sell-out!’ Zomaar een uitspraak die ik ontving in de aanloop naar dit veelbesproken debat van zondag 12 juli. Met dit sentiment hield ik al rekening. Daarom heb ik maar een beperkt aantal mensen vooraf verteld dat ik één van de deelnemers zou zijn aan het debat. Ik werd bovendien al enorm moe van het debat over het debat. Dat leidt alleen maar af van het realiseren van het einddoel: Nederland bewust maken dat racisme een feit is en dat we dit veelkoppige monster samen moeten verslaan. Alleen samen krijgen we het racismevirus onder controle.

Een andere deelnemer aan het debat was Farid Azarkan, politiek leider van Denk. Naar eigen zeggen de leider van de enige politieke partij die zich al jaren in de Kamer hard maakt voor discriminatie- en racismebestrijding. Opvallend is dat Denk zelf ook niet vies is van etnisch profileren als het om Turks-Nederlandse collega-politici gaat.

En dat niet alleen. Politici van Denk maakten mijn partijgenoot Ibrahim Wijbenga (CDA) en mij op Twitter en daarbuiten herhaaldelijk uit voor ‘basja’. Dit is een term die afkomstig is uit de tijd van de slavernij. Basja was de naam voor de slaaf die onder toezicht van de witte opzichter toezicht hield over het werk van de slaven op een plantage. Zo’n basja was allesbehalve populair onder andere slaven, want hij deed er alles aan om in de gunst te komen van zijn witte baas. Zoals het extreem hard en genadeloos straffen van andere slaven.

Iemand een basja noemen, is derhalve vergelijkbaar met iemand een verraderlijke NSB’er noemen. En bij iemand die afstamt van onder andere zwarte slaven, is ‘basja’ niet bepaald een waardevrije of constructieve vorm van bejegening. Sterker nog, ik vind het simpelweg racistisch. Een opvallende strategie voor een ‘antiracistische partij’: racisme bestrijden met racisme. Dat heeft in de geschiedenis van de mensheid nog nooit gewerkt en zal ook nooit werken.

En toch hebben we Denk nodig om discriminatie en racisme te bestrijden, want deze partij heeft ook goede ideeën om dat te doen. Er lopen de nodige politici rond die dat oprecht en doelgericht willen doen. Zo hebben Denk en de VVD in Rotterdam onlangs gezamenlijk een plan gemaakt om discriminatie aan te pakken. ‘De partijen willen het bewustzijn vergroten met een publiekscampagne en discriminatiedialogen in de stad. Ook denken ze aan een schoolbesturenconvenant in het basisonderwijs.’

Dit hebben we nodig in Nederland. Bruggen bouwen en vanuit verbinding en gemeenschappelijke idealen concreet aan de slag, om ons land mooier en inclusiever te maken.

Bovendien zijn discriminatie en racisme zulke hardnekkig problemen in onze samenleving, dat we het ons simpelweg niet kunnen veroorloven om partijen en personen uit te sluiten die kunnen bijdragen aan het oplossen van het probleem. Die luxe hebben we niet en zullen we de komende jaren ook nog niet krijgen.

Racisme zit sinds jaar en dag verankerd in (onbewuste) vooroordelen van mensen en organisaties. Zelfs bij de overheid, van wie je het goede voorbeeld zou mogen verwachten, zit het ingebakken in werkwijzen, procedures en in ambtelijk handelen. Denk alleen al aan etnisch profileren bij de Belastingdienst, de Immigratie- en Naturalisatiedienst, de politie of aan marechaussee. Om zulke grote instituties te veranderen, hebben we vriend en vijand nodig. Van Jort Kelder tot Farid Azarkan. Van Mark Rutte tot Lodewijk Asscher. Van Akwasi tot Wilfred Genee. Iedereen die erkent dat discriminatie en racisme bestaan en serieuze maatschappelijke problemen zijn is mijn partner in het racismevrij maken van Nederland.

Het zou AVROTROS sieren als men een structureel vervolg geeft aan dit racismedebat

Deze strijd vraagt niet alleen om bondgenoten, maar ook om een gemeenschappelijke agenda en strategie. En bovendien: om een lange adem. Structurele problemen kunnen alleen met structurele oplossingen worden bestreden, maar in een goed georganiseerd land als Nederland kost dat tijd. Het kost tijd om wetten aan te passen, maar het kost vooral tijd om procedures, beleid, werkwijzen en gewoonten te veranderen. En helemaal als er mensen bij betrokken zijn die hun eigen, persoonlijke gedrag en de gezamenlijke (organisatie)cultuur moeten veranderen.

Dan kan vanwege de vluchtigheid van het huidige maatschappelijke debat juist contraproductief werken. En dat was één van de redenen waarom ik achteraf toch wel enige spijt had van mijn deelname aan het racismedebat. De opzet leidde namelijk niet tot een inhoudelijke dialoog tussen Nederlanders, maar het was een kakafonie van individuele standpunten.

We gingen niet met elkaar in gesprek om elkaar beter te begrijpen, maar maakten in razend tempo onder leiding van een eveneens gehaaste debatleider allemaal ons eigen punt. Het is maar zeer de vraag of één van de 651.000 mensen die naar het racismedebat hebben gekeken zich ook daadwerkelijk meer bewust is geworden van de achtergronden en oorzaken van racisme in onze samenleving. Laat staan over welke oplossingsmogelijkheden er bestaan.

Het zou AVROTROS daarom sieren als men een structureel vervolg geeft aan dit racismedebat. Zeker voor een omroep als AVROTROS, naar eigen zeggen een ‘maatschappelijk betrokken omroep die Nederland verrijkt en verbindt’ en wil bijdragen ‘aan een veilige en rechtvaardige samenleving’.

Deze omroep is het aan zichzelf en zijn leden verplicht om niet incidenteel een rol te spelen om racisme te bestrijden, maar structureel. Niet via hetzelfde format dat in meerdere opzichten heeft gefaald, maar door een meer verfijnde en doordachte reeks van programma’s, én door in de samenstelling van de redactie en presentatoren een weerspiegeling te organiseren van onze multiculturele samenleving. Ik reken op hun structurele partnerschap en die van u om racisme onder controle te krijgen.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berchtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!