Imam van de dood of het leven

Foto: Reuters

Hoe staat het met het zelfreinigend vermogen van moskeeën? Die vraag kwam in me op toen ik vernam dat de groep onthutsend jonge aanslagplegers in Catalonië blijkbaar onderwijs had genoten van een relatief jonge imam die predikte in een moskee in het slaperige, aan de voet van de Pyreneeën gelegen stadje Ripoll. Van de imam schijnt niets meer over te zijn door een ontploffing in het hoofdkwartier van de Catalaanse terreurcel. Daaruit blijkt maar weer dat een schoenmaker bij zijn leest moet blijven en het verder nog maar valt te bezien of bij de Finale Afrekening aan het Einde der Tijden, die in de beste islamitische traditie voor iedereen geldt, al die honderdduizend stukjes weer een echte imam gaan worden zodat hij rekenschap kan afleggen voor zijn wandaden, gesteld dat hij het kwade genius achter de aanslagen is. De imam was eerder al bekend in het Belgische Diegem waar hij voet aan de grond probeerde te krijgen, maar er maar niet in slaagde een bewijs van goed gedrag te krijgen. De Diegemse moslimgemeenschap heeft er goed aan gedaan verder geen gebruik meer te willen maken van de diensten van de man die negen maal vader is. Wat moeten zijn bloedjes van kinderen wel niet van hem denken, trouwens?

Het meest onthutsend van de aanslagen vind ik het profiel van de daders. Ze zijn grotendeels afkomstig uit de kleine gemeenschap moslims van Ripoll. De reportages die journalisten van het bergstadje maken ademen allemaal schrik en verbijstering uit. Er was niet veel aan de hand. De mensen leefden er in relatieve welstand en in een zekere harmonie. De jongens vielen niet in kwade zin op. Ze waren denkelijk niet getraumatiseerd of outcasts. Geen enkele indicatie daarvoor. Hoe kan het dan dat juist ze tot zulke verschrikkelijke daden kwamen die nog veel erger hadden kunnen zijn als ze hun plannen zoals ze daar lagen hadden uitgevoerd?

Bart Schuurman van de Universiteit Leiden promoveerde eerder dit jaar op een proefschrift over jihadisten, met name leden van de Hofstad-groep. Opmerkelijk aan zijn verhaal is dat de fanatici vooral gedreven werden door hun ideaal een ware moslim te willen zijn en niet zozeer of in mindere mate door haat tegen de westerse samenleving of door gevoelens van frustratie. Wel waren nogal wat terroristen in de dop geconfronteerd geweest met dramatische familiekwesties zoals scheidingen. Ik breng ook het geval van Sultan Berzel in herinnering, een zachtaardige jongen uit Maastricht die gewoon een opleiding volgde en zich op een gegeven moment liet ontploffen op een plein in Baghdad: de grootste terrorist uit de recente Nederlandse geschiedenis. Ook bij hem was er de ambitie een goede en echte moslim te willen zijn. Overigens was sprake van een schimmige imam wiens rol nooit helemaal duidelijk geworden is in het radicaliseringsproces van Berzel.

Ik vrees dat de Catalaanse jongens helemaal niet gedreven werden door frustratie’s of trauma’s. Ik vrees dat ze gestimuleerd werden door dezelfde motieven als hun collega terroristen elders in Europa: ze menen een goede en echte moslim te zijn als ze dood en verderf zaaien onder de ongelovigen wier buren zij al sinds hun geboorte zijn. Dit moorddadige gedachtegoed wordt hen ongetwijfeld ingefluisterd op internet, maar toch vooral ook door imams die haatzaaien in plaats van vrede.

De profeet Mohammed, vrede zij met hem, zou zich in zijn graf omdraaien als hij zag op welke schaal zijn religie vandaag de dag misbruikt wordt. In zijn omgang met ongelovigen was hij indertijd pragmatisch. Hij wilde ze overtuigen van zijn gelijk en deed dat op de eerste plaats door het gesprek met hen aan te gaan. Ik zal de laatste zijn om de profeet te verdedigen – persoonlijk moet ik niets van religie hebben, dus ook niet van islam – maar ik ben er van overtuigd – ik lees wel eens wat en ik praat wel eens met mensen – dat dat het laatste is wat hij zou willen. Mohammed is de profeet van een religie van het leven, niet van de dood. Laat moskeebesturen vanuit het perspectief van een religie van het leven hun imams beoordelen en op geen enkele wijze hun mond houden als ze twijfels hebben.

DELEN
Jan Jaap de Ruiter
Arabist aan de Tilburg University.
  • Geachte heer De Ruiter, het lijkt me hoog tijd om een serieuze, wetenschappelijke biografie te lezen over meneer Mohammed, die u heel lief ‘vrede’ toewenst omdat hij zo graag met andere mensen praatte; maar die in werkelijkheid als wreed krijgsheer talloze malen het zwaard opnam tegen opponenten, eerst in kleinere, later in grotere militaire campagnes, samen met zijn grote vriend Khalid Ibn al-Walid.

    De verspreiding van islam ging gepaard met veel geweld. Ook in dit opzicht doet IS hun grote leider na. Laten we ons daar niet blind voor houden. En Mohammed niet als excuus opvoeren.