Volgens oud-journalist Christopher Cheung volgen verhalen over mensen van kleur vaak dezelfde patronen. Hij merkte hoe lastig dat op een witte redactie te veranderen is.
Vier jaar geleden publiceerde Cheung een reeks essays over nieuwsverhalen die Canadese media uitbrengen over mensen van kleur en de verschillende culturen in het land. ‘We weten dat Canada een multiculturele samenleving is’, schrijft hij. ‘Maar waarom ontbreken mensen van kleur dan in de journalistiek of worden ze verkeerd gerepresenteerd?’ Daarmee doelt hij op de onvolledige manier waarop gevestigde media in Canada over deze groepen berichten.
Zijn overpeinzingen over culturele representatie in de Canadese journalistiek en ruim tien jaar ervaring als journalist van kleur bij meerdere gevestigde redacties vormden uiteindelijk de basis voor Under the White Gaze: Solving the Problem of Race and Representation in Canadian Journalism, het boek dat hij in 2024 publiceerde. Hoewel de auteur het boek specifiek heeft gericht op een Canadees publiek, denkt hij dat zijn bevindingen vergelijkbaar zijn met die over de journalistiek in andere westerse landen met een multiculturele samenleving, zoals Nederland.
Minderheid
‘Ik hou niet van het woord ‘minderheid’, maar dat ben ik wel als ik naar mezelf kijk op een witte redactie’, zegt hij via een videoverbinding in gesprek met de Kanttekening. ‘Tegelijkertijd zien we hoe andere collega’s journalistiek bedrijven op manieren die we zelf niet zouden doen vanwege onze kennis, achtergrond en inzichten. En daar willen we iets tegenin brengen, maar daar wordt niet altijd ruimte voor gemaakt.’

Cheung merkt dat er op redacties veel over diversiteit wordt gesproken en over hoe belangrijk hoofdredacteuren dit vinden. Toch ziet hij het zelden terug op de redacties zelf, waar het nieuws wordt gemaakt, en in de uiteindelijke publicaties van nieuwsverhalen. ‘De verhalen die over mensen van kleur worden verteld, zijn niet nieuw, omdat ze bepaalde patronen volgen’, legt hij uit. ‘Op redacties heb ik vaak genoeg collega’s horen pitchen over een succesvolle nieuwe zaak van een migrant, of van iemand die jaren geleden naar Canada verhuisde en volledig onderdeel is geworden van zijn gemeenschap.’
Maar hoe zit het met de mensen die nog niet zo lang geleden naar het Westen zijn geëmigreerd? En met mensen van kleur die er niet in slagen onderdeel te worden van hun gemeenschap? ‘Ik begon meer van dit soort vragen te stellen, omdat de meeste verhalen die witte redacties uitbrengen over mensen van kleur weinig ruimte bieden voor nuance en een volledig beeld van de ervaringen van deze mensen en hun culturele groep.’
‘Waarom ontbreken mensen van kleur in de journalistiek?’
Veel nieuwsverhalen gaan volgens hem over de voorbeeldige minderheid of de ‘modelmigrant’. ‘Maar er zijn meerdere patronen die journalisten volgen wanneer ze besluiten te berichten over mensen van kleur en de culturele gemeenschappen waarmee ze zich associëren.’
Voorspelbaar en herhalend
Volgens Cheung zijn de meeste verhalen over mensen uit verschillende diaspora’s voorspelbaar en herhalend. ‘Net als filmregisseurs maken journalisten ook gebruik van stereotypen om verhalen over mensen te vertellen, zeker vanwege de snelheid van het nieuws. Maar het ene stereotype is schadelijker dan het andere’, schrijft hij in zijn boek.
Hij noemt het voorbeeld van de succesvolle migrant of voorbeeldige minderheid, die hard werkt en ontzettend dankbaar is voor de kansen die diegene gekregen heeft in het land waar die nu woont. Dit kenmerkt Cheung als de ‘darlings’, waar witte redacties graag over berichten. Dan zijn er volgens Cheung nog de ‘deviants’, oftewel migranten die afwijken van de meerderheidsgroep en het nooit goed zullen doen omdat ze weigeren zich te assimileren aan de heersende normen van het land waar ze nu wonen.
‘Is deze groep niet interessant genoeg om dagelijks over te berichten?’
Vaak gaat het dan niet alleen om mensen van kleur die wetten hebben overtreden, maar ook om degenen die aan hun cultuur en geloof blijven vasthouden, zoals bijvoorbeeld moslimvrouwen die de hijab dragen, ondanks dat ze in het Westen zijn geboren en opgeleid.
Verder schrijft Cheung over de ‘damaged’, mensen van kleur die continu worden belicht vanwege de verschrikkelijke dingen die ze hebben moeten doorstaan, zoals bijvoorbeeld vluchten uit een door oorlog geteisterd land. Tot slot is er ‘delicious’, en dat gaat over kleurrijke uitingen van cultuur die meestal worden gepubliceerd rondom een jaarlijkse religieuze feestdag.
De mensen van kleur in dit verhaal worden op een niet-bedreigende manier geportretteerd en mogen enkel spreken over hun cultuur of religie en hoe ze daarmee verbinding proberen te zoeken met anderen in de samenleving. ‘De publicaties over deze groep verschijnen een aantal keren op het moment dat de feestdag plaatsvindt of in aanloop ernaartoe’, zegt hij. ‘Maar hoe zit het met de andere dagen in het jaar? Is deze groep dan niet interessant genoeg om dagelijks over te berichten als er geen culturele of religieuze feestdag aan ze gekoppeld kan worden?’
Witte blik
Deze stereotypen beïnvloeden volgens Cheung de manier waarop witte redacties mensen van kleur benaderen, welke vragen er aan ze gesteld worden en de invalshoek die de verhalen uiteindelijk krijgen. De mensen van kleur die onderwerp worden van het nieuwsverhaal, worden daardoor onderworpen aan de witte blik van de journalist en aan wat de journalist verwacht van zijn publiek, stelt hij.

De term white gaze, witte blik, werd in de jaren negentig gangbaar gemaakt en verspreid door de Afro-Amerikaanse auteur Toni Morrison. Ervaringen van witte mensen zijn de norm in literaire werken. Alle andere ervaringen zouden deze norm moeten bevestigen of ernaar moeten streven.
‘Iedereen op een redactie kan zich een witte blik aanmeten, ook journalisten van kleur’, zegt Cheung. Hij herinnert zich zijn begindagen als journalist bij gevestigde media en de ideeën die hij aan zijn eindredacteuren voorstelde. ‘Als ik mijn stukken uit het verleden nu nalees, dan valt het me op dat mijn verhalen ook onderverdeeld kunnen worden in de patronen op basis van de witte blik die ik eerder beschreef.’
‘Ik denk dat journalisten baat hebben bij transparantie’
Hij begon in te zien dat hij zijn schrijven beperkte tot een wit publiek. ‘Witte redacties doen verhalen over andere culturen vaak af als een speciale belangengroep die niets van doen heeft met hun eigen wereldbeeld en met wat ze denken dat hun witte publiek interessant vindt’, ziet Cheung. ‘Daarin doen ze zichzelf en hun publiek tekort.’
De taak van de journalist is om te berichten over iedereen binnen de samenleving, stelt de auteur. ‘Wanneer we op onze samenleving reflecteren en ons publiek een spiegel voorhouden, dan zijn de zorgen van mensen van kleur ook de zorgen van witte mensen’, zegt hij. ‘Het is niet alsof we in een klein dorpje leven waar alles wat binnen dat dorpje gebeurt geen invloed op elkaar heeft. Of het nu gaat om arbeidsrechten, milieu of klassenverschillen, daarin zijn belangen van zowel witte mensen als mensen van kleur te zien. Waarom wordt de ene groep dan meer en beter vertegenwoordigd dan de andere?’
Opvoedende journalist
De journalist zal zijn publiek steeds meer moeten opvoeden om volledig en inclusief over de samenleving te kunnen berichten, denkt Cheung. ‘De opvoedingsrol van de journalist is niet alleen belangrijk voor diversiteit, maar ook om het vertrouwen van het publiek te winnen en te behouden.’ Hij noemt andere uitdagingen waar de journalistiek mee te kampen heeft, zoals socialmedia-algoritmes die mensen alleen nieuwsverhalen voorschotelen op basis van hun interessegebieden, maar vaak ook op basis van vooroordelen.
‘Daarnaast heb je ook nog kunstmatige intelligentie en content creators die fake nieuws de wereld in slingeren zonder dat ze feiten checken of hun bronnen verifiëren’, zegt hij. ‘Ik denk dat journalisten baat hebben bij transparantie. Dat ze hun keuzes en manier van werken ook steeds meer moeten uitleggen aan het publiek, waardoor het publiek inziet dat de journalistiek belangrijk is, zeker wanneer het aankomt op volledigheid van de mensen en groepen waarover wordt bericht.’ Daarin ziet hij ook een rol voor journalisten van kleur.
‘Waarom zou een journalist van kleur minder objectief berichten?’
In Canada merkt Cheung dat journalisten van kleur vaak afhaken en de journalistiek verlaten. ‘Ik denk dat dat te maken heeft met de witte blik waaraan ze worden onderworpen en de lastige gesprekken die ze steeds moeten voeren om eindredacties te overtuigen dat de verhalen die ze willen uitbrengen ertoe doen en relevant zijn voor een breder publiek’, zegt hij. ‘Dat kan slopend zijn als je dat moet doen bij elk verhaal dat je wil maken over de groep die je zelf ook vertegenwoordigt.’
Volgens de auteur worden de expertise en inzichten van journalisten van kleur nog te vaak ondergewaardeerd binnen redacties en worden hun bezwaren over de witte blik afgedaan als emotioneel of niet objectief. ‘Waarom zou een journalist van kleur minder objectief berichten over de groep waartoe die zelf behoort als die de afgesproken journalistieke methoden toepast om het nieuwsverhaal te maken? Dat is ook weer zo’n aanname.’
Zelf is Cheung niet meer werkzaam als journalist op een redactie, maar geeft hij les aan studenten die de journalistiek willen betreden. In zijn lessen spreekt hij ook met journalisten van kleur. ‘Ik probeer ze dan zoveel mogelijk voor te bereiden op de weerstand die ze kunnen ervaren op witte redacties wanneer ze hun ideeën delen’, zegt hij. ‘We weten natuurlijk niet wat de toekomst hen gaat brengen, maar ik kan ze in ieder geval vertellen over mijn eigen ervaringen, in de hoop dat ze de witte redacties overleven en langer als journalisten blijven werken.’
Under the White Gaze, Christopher Cheung, UBC press, 288 blz., 2024
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

