13.7 C
Amsterdam

Tien jaar cel dreigt voor kritische journalisten in Turkije

Lees meer

Nu Turkije opnieuw journalisten tot tien jaar cel dreigt te veroordelen, laat journaliste Füsun Erdogan haar stem horen na acht jaar gevangenschap en een vlucht naar Nederland. ‘In Turkije heeft persvrijheid nooit bestaan.’

In Turkije zijn begin dit jaar vanwege pro-Koerdische berichtgeving tegen journalisten en andere betrokkenen bij de publicaties celstraffen geëist tot 10 jaar. Over het vervolg van de rechtszaak wordt in Turkije nauwelijks gepubliceerd. ‘Censuur is een groot probleem’, aldus Füsun.

Het jonge jaar 2026 is voor de journalistiek in Turkije inktzwart gestart. Voorbeelden genoeg naast de genoemde zaak. In januari was er bij het Koerdische Mezopotamya News Agency een politie-inval. Computers werden meegenomen en verschillende medewerkers zitten volgens Füsun in de gevangenis. In februari viel de politie binnen bij persorganisaties Etkin Haber Ajansi-Etha en Atilim Gazetesi. Verschillende, met name linkse verslaggevers, zijn gearresteerd. Vanuit Nederland volgt ze het op de voet. ‘Een redactionele manager van Etha is inmiddels veroordeeld tot twaalf jaar celstraf.’ Dan is er nog de zaak tegen een Turkse Deutsche Welle-verslaggever, die recent gevangen is gezet vanwege ‘belediging van de president’.

De nu 65-jarige Füsun heeft na haar vrijlating een leven opgebouwd in Nederland. Op haar verzoek laten we achterwege waar we de journaliste spreken. Vanwege haar veiligheid. ‘De aanvallen namens de Turkse staat op opposanten die in Europa wonen zijn bekend.’

Weerstand bij een deel van de Turkse gemeenschap

Ze kwam in het Nederlandse nieuws. Haar kritische houding tegenover de Turkse machthebber roept weerstand op bij een deel van de Turkse gemeenschap in Nederland, die loyaal is aan het regime van Recep Tayyip Erdogan. Na een televisieoptreden werd ze op Facebook bedreigd. ‘Mevrouw, je lacht, maar wij kunnen jou laten huilen.’ Het ging gepaard met bedreigingen van haar familieleden. Ze deed aangifte bij de Nederlandse politie. ‘Ik heb gezegd: als er iets met mij gebeurt, mijn man of zoon, is het de schuld van de Turkse politie. Die zat erachter.’ Toch wil, nee moet ze haar stem laten horen. ‘Ik kan niet met angst leven.’

Füsun Erdogan in 2012. De foto is genomen in de gevangenis in Gebze

In 1979 maakte Füsun als journalist haar debuut bij een persbureau. Na de militaire staatsgreep in 1980 nam de persbreidel toe. ‘Kranten werden vóór publicatie aan controle van de generaals onderworpen. Boeken namen ze in beslag en werden verbrand; journalisten en uitgevers werden gearresteerd. Ze kregen gevangenisstraffen van honderden jaren.’ Ook het persbureau waar Füsun werkte werd gesloten. Samen met haar man, eveneens journalist, vertrok ze naar Nederland. Ze begon aan de Erasmus Universiteit een studie politicologie die ze vanwege een zwangerschap later afbrak. In 1987 besloten ze terug te keren naar Turkije. Haar man ging eerst. Füsun wachtte totdat hun pasgeboren zoon iets ouder was. Na vestiging in Istanbul werd haar echtgenoot snel gearresteerd, gemarteld en vervolgd. Na zijn vrijlating vestigden Füsun en haar zoon zich in 1989 in Turkije.

Gauw pakte ze als activistische, links geëngageerde journalist haar werk weer op. Ze was onder meer redacteur bij twee vrouwentijdschriften. In 1991 werd er een anti-terrorismewet aangenomen. Een wet die journalistiek werk nog gevaarlijker maakte. Ze vertelt hoe vele journalisten en andere ‘denkbare regimekritische personen’ zonder enig bewijs voor terroristische activiteiten tot extreem lange gevangenisstraffen zijn veroordeeld.

Füsun, die zichzelf omschrijft als ‘socialist, marxist’, kwam door de anti-terrorismewet in de problemen. In 1995 was ze oprichter en hoofdredacteur van het democratische radiostation Özgür Radyo in Istanbul. In 1996 werd ze samen met haar man gearresteerd, op verdenking van contacten met verboden organisaties. Na zes maanden gevangenschap werden ze vrijgelaten én vrijgesproken. Omdat ze tijdens hun detentie waren gemarteld, volgde een zaak tegen de folterende politieagenten. Deze agenten kregen gevangenisstraffen, maar door bureaucratie ‘verjaarden’ deze straffen. ‘Wij stapten naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en dat besliste dat mijn echtgenoot en ik schadevergoeding van Turkije moesten krijgen.’

‘Wij stapten naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens’

In 2006 werd Füsun, die door haar journalistieke werk een bekende kritische stem was geworden, in Izmir door de politie ‘ontvoerd’ en gearresteerd. Füsun en haar advocaten hoorden maandenlang niet waarom ze was gearresteerd. Na bekendmaking van het dossier bleek dat er geen enkel bewijs was voor de beschuldiging van ‘leiding geven aan een illegale organisatie’. Vanuit de gevangenis heeft ze steeds alle beschuldigingen weerlegd.

In 2014 kwam ze uit de gevangenis, maar ze mocht van de rechters het land niet verlaten. Een jaar eerder was haar levenslang plus het bizarre aantal van 789 jaar straf opgelegd en een geldstraf van bijna een half miljoen euro. ‘Om haar in Turkije te houden kreeg ze ook geen paspoort.’ Hoe het haar lukte om naar Nederland te vluchten houdt ze voor zich. ‘Het is bij Humanitas bekend, maar ik wil niet dat anderen gevaar lopen als ik hier gedetailleerd op inga.’

Bianet

Vanaf eind 1996 was Füsun betrokken bij het onafhankelijke communicatienetwerk Bianet. Aanvankelijk een netwerk om lokale kranten, radiostations en televisiezenders in heel Turkije te ondersteunen. Vanaf 2001 ontwikkelde Bianet zich tot de nieuwssite Bianet.org.

In 2011 begon Füsun voor Bianet vanuit de gevangenis artikelen te schrijven. Het werd met de ‘gezien-stempel’ van de gevangenis naar de redactie gestuurd. ‘Deze artikelen werden voor mij een venster van binnen naar buiten.’ Tot aan haar vrijlating schreef ze honderden artikelen. Ook na haar vrijlating en vertrek naar Nederland bleef ze dat doen. In 2018 stopte Füsun bij Bianet, maar ze volgt het platform uiteraard nog. ‘Het is, zoals alle oppositiemedia, een belangrijk medium. Voor persvrijheid en het laten horen van andere stemmen is Bianet een noodzaak.’

Füsun Erdogan in de gevangenis in Gebze

De journaliste wijst erop dat het extreem beperken van de persvrijheid in Turkije in de jaren 1990-2000 sterk gerelateerd is aan de strijd van de Koerdische Vrijheidsbeweging. ‘Er werd een grootschalige staatsterreur ontketend tegen het Koerdische volk. Voor ons, Koerdische journalisten, uitgevers en regimekritische journalisten die probeerden de stem van de waarheid te laten horen, waren dit zeer slechte jaren. Vele journalisten zijn door de politie of antiterreureenheden opgepakt.’ Systematische marteling was volgens Füsun daarbij aan de orde van de dag. Een beeld dat overeenkomt met rapportages van mensenrechtenorganisaties.

Alliantie valt uiteen

In 2002 kwam Erdogans partij, de AKP, aan de macht en creëerde voor de Europese buitenwereld aanvankelijk een positief imago. Een vals beeld volgens Füsun. ‘Hij bouwde geleidelijk aan een politiek-islamitisch fascistisch regime.’ Waar volgens Füsun ook ‘het oorlogsconcept van de Turkse staat tegen de Koerden’ verder op stoom kwam. Ze hekelt daarbij de rol van de Gülen-gemeenschap, die volgens haar tot aan de mislukte staatsgreep de rechterlijke macht bepaalde en zo de persvrijheid aan banden legde. Totdat de alliantie tussen Recep Tayyip Erdogan en Fetullah Gülen uiteen viel en de Gülenisten de schuld kregen van de mislukte staatsgreep van 2016. ‘Erdogans eerste daad was het in beslag nemen van radio- en televisiezenders en kranten die aan Gülen toebehoorden. Gedurende deze periode sloten ze ook “democratische” media en confisqueerden hun bezittingen.’

‘Een X-bericht dat het Erdogan-regime bekritiseert, is reden voor jarenlange gevangenisstraf’

Ze beschrijft hoe stap voor stap het bekritiseren van het regime van Erdogan, zoals het benoemen van corruptie, automatisch een misdrijf werd. Bij de invoering van het presidentiële staatsstelsel, ‘het eenmansregime’, in juli 2018 ziet Füsun een nieuwe, nog benauwender periode voor alle regimekritische mensen in Turkije. De websites van oppositiekranten worden nu voortdurend gesloten en journalisten belanden achter tralies. ‘Ook vele advocaten en opposanten uit uiteenlopende beroepen krijgen gevangenisstraffen.’ Een uitdaging voor de Turkse pers om over dit soort autoritaire praktijken te berichten. ‘Journalisten moeten onder zware censuur en de dreiging van arrestatie en gevangenisstraf al deze gebeurtenissen bij het volk brengen. Een X-bericht dat het Erdogan-regime bekritiseert, is reden voor jarenlange gevangenisstraf.’

Füsun beschrijft hoe moeilijk het is om nu met behoud van beroepsethiek in Turkije journalistiek werk te doen. Ze vertelt hoe recent bij onder meer media als Mezopotamya News Agency, Jinnews en Pirha kantoren zijn binnengevallen en geplunderd, medewerkers zijn bedreigd en tot gevangenisstraffen zijn veroordeeld. ‘Helaas is oppositiejournalist zijn in Turkije vandaag niet alleen werkloos worden.’

Brieven aan haar man

Tijdens haar gevangenschap schreef ze naast vele artikelen aan drie boeken, zoals het vorig jaar in het Nederlands vertaalde Mijn Tweeling van de Pruimenboom, Brieven uit de gevangenis aan mijn geliefde. Het zijn brieven die ze schreef aan haar man, die opnieuw dreigde te worden gearresteerd. ‘Hij vertrok naar het buitenland waardoor ons contact werd verbroken.’ Ze had ook gewerkt aan interviews met vrouwen die jaren gevangen zitten. ‘Eenmaal vrij zag ik dat mensen nauwelijks meer lezen en ik zag af van publicatie.’ In Nederland is Füsun als vrijwilliger betrokken bij Koerdische televisiezenders. Sinds 2020 bij vrouwenzender JINTV.

‘Eenmaal vrij zag ik dat mensen nauwelijks meer lezen’

Turkije en persvrijheid, het is een haast onmogelijk huwelijk. Füsun vertelt hoe Turkije vanaf het uitroepen van de republiek in 1923 al de pers muilkorfde. Ze verwijst naar wetsartikelen overgenomen uit het strafrecht van de Italiaanse fascistische dictator Mussolini. ‘Ze beschouwden toen al pers- en gedachtevrijheid als misdaad.’

In een bijna vijftig jaar omvattend leven als journalist én politiek gevangene ziet ze één constante: ‘Een politiek-islamitisch fascistisch regime dat in Turkije en daarbuiten een existentiële bedreiging vormt.’ Ze weet dat het vrij handelen van ‘oppositiepers’ in Turkije grote offers vraagt. ‘Journalisten worden in Turkije nooit berecht vanwege hun journalistieke activiteiten. Altijd wordt beweerd dat zij lid zijn van een illegale organisatie of propaganda ervoor maken.’

Verbitterd komt ze zeker niet over, strijdvaardig wel. Niettemin constateert Füsun dat er in de Nederlandse politiek en journalistiek weinig aandacht is voor de benarde situatie van de kritische Turkse pers. Een soort gewenning wellicht, oppert ze. Gewenning aan de uitzichtloosheid. ‘Als een situatie lang duurt dan daalt de interesse. Dat is het lot van Turkije.’ Daarbij signaleert ze concurrentie om de publieksaandacht. ‘Als je aan Gaza denkt, dan denk je niet aan Turkije.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -