Antisemitisme domineert de kranten, andere discriminatie krijgt minder aandacht

Ewoud Butter
Ewoud Butter
Onderzoeksjournalist.

Lees meer

Wie zijn beeld van Nederland vooral op de media baseert, kan gemakkelijk denken dat antisemitisme de meest voorkomende vorm van discriminatie is. Geen enkele andere discriminatiegrond krijgt in vijf landelijke kranten zoveel aandacht. De meldcijfers van de antidiscriminatievoorzieningen ondersteunen dat beeld echter niet, schrijft onderzoeker Ewoud Butter.

Hoeveel aandacht besteden Nederlandse kranten aan discriminatie en racisme? Welke vormen van discriminatie halen het vaakst het nieuws? Om een antwoord op die vraag te geven, heb ik gezocht in het archief van LexisNexis en gekeken naar het aantal artikelen waarin woorden die verwijzen naar discriminatie in het algemeen of een specifieke vorm van discriminatie. Ik heb gekeken naar vijf landelijke kranten: AD, NRC, De Telegraaf, Trouw en de Volkskrant. Omdat voor bijna iedere vorm van discriminatie verschillende woorden bestaan, heb ik ook naar varianten gekeken. Zo kan de uitsluiting van moslims worden beschreven met woorden als moslimdiscriminatie, discriminatie van moslims, moslimhaat, of anti-moslimracisme.

De cijfers geven onvoldoende informatie voor een inhoudelijke media-analyse. Door woorden te tellen, wordt niet duidelijk in welke context woorden zijn gebruikt. De cijfers vertellen niet of deze context positief of negatief was, of een woord gebruikt werd in berichtgeving over ontwikkelingen in binnen- of buitenland, of dat het om een nieuwsbericht, achtergrondartikel, recensie, opinieartikel of column ging. De cijfers doen niet veel meer dan een indruk geven van de aandacht in vijf grote kranten voor bepaalde vormen van discriminatie.

Discriminatie blijft redelijk stabiel

Het aantal artikelen waarin het algemene woord discriminatie voorkomt, is over een langere periode redelijk stabiel. Sinds 2000 verschenen in de vijf kranten samen meestal tussen de 800 en 1.400 artikelen per jaar waarin over discriminatie geschreven werd.

Vanaf 2018 kwam het woord racisme vaker voor dan discriminatie

Bij racisme is een andere ontwikkeling zichtbaar. Tot ongeveer 2012 verschenen jaarlijks meestal tussen de 400 en 600 artikelen waarin dat woord voorkwam. Vanaf 2013 nam het aantal sterk toe, waarschijnlijk in verband met de groeiende discussie over Zwarte Piet. In de jaren daarna kregen ook het slavernijverleden en institutioneel racisme meer aandacht. Vanaf 2018 kwam het woord racisme vaker voor dan discriminatie.

Black Lives Matter-protest op de Dam op 1 juni 2020. Beeld: Luciano de Boterman

Het absolute hoogtepunt lag in 2020. In dat jaar verschenen bijna 2.700 artikelen waarin racisme werd genoemd. De wereldwijde Black Lives Matter-protesten na de dood van George Floyd speelden hierbij waarschijnlijk een belangrijke rol. Na 2020 nam de aandacht weer af. In 2021 verschenen nog bijna 1.700 artikelen over racisme. In 2025 waren het er ongeveer 1.020. Dat was net iets minder dan de 1030 keer dat het woord discriminatie viel.

Antisemitisme ver voor andere discriminatievormen

Een vergelijking tussen vier specifieke vormen van discriminatie laat zien dat er relatief veel aandacht voor antisemitisme is.

In 2025 verschenen in de vijf landelijke kranten 923 artikelen over antisemitisme, 430 artikelen over seksisme, 178 artikelen over moslimdiscriminatie en 63 artikelen over homofobie of homohaat. Antisemitisme kreeg dus meer dan twee keer zoveel aandacht als seksisme, ruim vijf keer zoveel als moslimdiscriminatie en bijna vijftien keer zoveel als homofobie.

Die uitzonderlijke positie is niet nieuw. Antisemitisme kreeg de hele onderzochte periode vanaf 2000 meer aandacht dan de andere specifieke discriminatievormen. Het aantal artikelen nam de laatste jaren zeer sterk toe na de aanslag van Hamas op 7 oktober 2023 en de daaropvolgende genocide in Gaza. Dat gebeurde vaker bij Israëlisch geweld, zoals eerder in 2006 en in 2014.

De berichtgeving over homofobie bleef veel beperkter

Seksisme krijgt sinds 2016 duidelijk meer aandacht. Die groei viel samen met #MeToo en de bredere discussie over seksueel grensoverschrijdend gedrag, vrouwenhaat en ongelijke machtsverhoudingen. De piek lag in 2022, met 489 artikelen. In 2025 waren dat er 430.

De berichtgeving over homofobie bleef veel beperkter. Na een piek van 171 artikelen in 2022 daalde het aantal tot 63 in 2025. Deze telling betreft artikelen waarin woorden als homofobie en homohaat voorkomen. Zij brengt dus niet alle berichtgeving over discriminatie wegens seksuele gerichtheid in beeld.

Het aantal berichten waarin werd gesproken over moslimdiscriminatie kende een eerste piek van 176 artikelen rond 2015 toen er veel vluchtelingen uit Syrië naar Nederland kwamen en er aanslagen in onder andere Parijs plaatsvonden. Sinds eind 2023 is er weer meer aandacht voor moslimdiscriminatie. In 2024 en 2025 telde ik in beide jaren 178 artikelen. Artikelen over islamofobie gaan geregeld niet over het uitsluiten van moslims, maar over het gebruik van de term islamofobie.

Aantal meldingen van discriminatie

In hoeverre weerspiegelen deze cijfers het aantal meldingen van discriminatie die gedaan worden? Belangrijk is eerst te melden dat volgens het SCP slechts drie procent van de mensen die discriminatie ervaren, hiervan melding doen bij instellingen die discriminatie registreren. Na het buiten beschouwing laten van 14.402 meldingen over één bericht van de PVV-leider Wilders, ontvingen de antidiscriminatievoorzieinngen in 2025 10.954 meldingen die naar discriminatiegrond zijn uitgesplitst. Van deze bijna 11.000 meldingen ging bijna de helft (4.737) over discriminatie op grond van herkomst. Daarna volgden discriminatie op grond van geslacht met 1.682 meldingen, seksuele gerichtheid met 1.352 meldingen en handicap of chronische ziekte met 1.048 meldingen. Over godsdienstdiscriminatie kwamen 1.014 meldingen binnen, waarvan 731 betrekking hadden op moslimdiscriminatie. Antisemitisme werd 271 keer gemeld en vormde daarmee ongeveer 2,5 procent van het totaal.

Alleen bij antisemitisme verschenen veel meer krantenartikelen dan er meldingen waren

De verhouding tussen het aantal meldingen over discriminatie en het aantal berichten hierover verschilt sterk per discriminatievorm. Alleen bij antisemitisme verschenen veel meer krantenartikelen dan er meldingen waren: 3,4 berichten per melding. Bij seksisme en moslimdiscriminatie kwamen juist ongeveer vier keer zoveel meldingen binnen als er artikelen verschenen. Ook bij geslacht en zeker bij seksuele gerichtheid lag het aantal meldingen veel hoger. Die vergelijkingen zijn wel indicatief: de ADV-categorieën geslacht en seksuele gerichtheid zijn breder dan de zoektermen seksisme en homofobie.

Het aantal geregistreerde incidenten bij de politie geeft een iets anders beeld: van de 10.748 incidenten had 46 procent betrekking op herkomst en 29 procent op seksuele gerichtheid. Antisemitisme volgde, net als voorgaande jaren, met 8 procent van het totaal en moslimdiscriminatie met 4 procent. Bij een deel van de registraties bij de politie gaat om scheldwoorden tegen agenten: bij antisemitisme ‘kankerjood’ en bij seksuele gerichtheid ‘kankerhomo’. Erg creatief zijn we in Nederland niet als het om schelden gaat. Verder gaat het bij de politie in geval van antisemitisme ook vaker om voetbalgerelateerde incidenten.

Woke als wapen tegen emancipatie

De aandacht voor woke in de kranten is in dit verband ook interessant, omdat het woord nauw verbonden is geraakt met het debat over discriminatie en emancipatie. Oorspronkelijk verwees woke naar alertheid op racisme en sociale ongelijkheid. Vooral radicaal-rechtse politici en opiniemakers in de Verenigde Staten gebruikten het vervolgens als een negatief bedoeld verzamelbegrip voor antiracisme, feminisme, lhbtiqa+-emancipatie en dekolonisatie. Het label ‘woke’ wordt gebruikt om deze bewegingen neer te zetten als overdreven, dwingend of zelfs bedreigend. Donald Trump lanceerde een ‘war on woke’ met als gevolg dat de academische vrijheid in de VS onder druk is komen te staan. Die politieke strategie is de afgelopen jaren ook in Nederland ingeburgerd. Niet alleen radicaalrechts waarschuwt voor ‘woke’, maar ook VVD-leider Yesilgöz deed het.

Door zo vaak over woke te schrijven, bevestigen kranten dat dit een belangrijk maatschappelijk conflict is

In de vijf kranten maakte het woord woke een stormachtige opmars. In 2016 verscheen het in de vijf kranten samen drie keer. Gelijktijdig met de opkomst van The Black Lives Matterbeweging en zeer waarschijnlijk als reactie daarop, nam het vanaf 2020 snel toe tot 953 artikelen in 2023. In 2024 daalde het aantal naar 588, maar in 2025 steeg het opnieuw naar 743.

In 2025 verschenen ruim vier keer zoveel artikelen over woke als over moslimdiscriminatie. Ook kreeg woke meer aandacht dan seksisme en homofobie samen. De toon van de berichtgeving verschilt: vooral NRC, de Volkskrant en Trouw schrijven regelmatig kritisch over het begrip en de politieke strijd eromheen. Maar ook kritische berichtgeving draagt bij aan de zichtbaarheid en het gewicht van een onderwerp. Door zo vaak over woke te schrijven, bevestigen kranten dat dit een belangrijk maatschappelijk conflict is. Zo krijgt de politieke strijd tégen emancipatie meer journalistieke ruimte dan de discriminatie waar die emancipatiebewegingen zich tegen verzetten.

Verschillen tussen de kranten

NRC, de Volkskrant en Trouw schrijven over het algemeen het meest over discriminatie, racisme en de afzonderlijke discriminatievormen. In 2025 publiceerden deze kranten bijvoorbeeld ieder meer dan 260 artikelen over racisme, tegenover ongeveer 80 in het AD en De Telegraaf. Deze aantallen alleen kunnen niet zonder meer worden gezien als een maatstaf voor redactionele prioriteit. De cijfers zijn niet gecorrigeerd op het totaal aantal artikelen in de kranten.

De toren van de Westerkerk in Amsterdam, versierd met een regenboogvlag tijdens Gay Pride in 2013. Beeld: Stadsarchief Amsterdam

Trouw besteedde in 2025 net wat meer aandacht aan moslimdiscriminatie, NRC en de Volkskrant schreven iets vaker over seksisme en de Volkskrant besteedde net wat vaker aandacht aan homo- en transfobie. Bij De Telegraaf valt juist de sterk gegroeide aandacht voor antisemitisme op. De krant publiceerde daarover in 2024 en 2025 meer artikelen dan de andere vier kranten. Dat wordt waarschijnlijk deels bepaald door enkele columnisten van De Telegraaf die uitgesproken zijn in hun steun voor Israël en kritiek op dat land sneller koppelen aan antisemitisme. In 2025 schreef De Telegraaf ruim drie keer zo vaak over antisemitisme als over racisme en bijna acht keer zo vaak als over moslimdiscriminatie.

Bij De Telegraaf valt juist de sterk gegroeide aandacht voor antisemitisme op

Kranten verschillen dus niet alleen in hoeveel zij over discriminatie schrijven, maar ook in welke vormen zij benadrukken. Daarmee bepaalt de keuze voor een krant mede welke discriminatieproblemen de lezer vaak ziet en welke gemakkelijker buiten beeld blijven.

Niet minder over antisemitisme, wel meer over de rest

Berichtgeving hoeft uiteraard niet precies de meldcijfers te volgen. Nieuwswaarde, internationale gebeurtenissen, publieke en politieke discussies spelen een rol. Toch blijft de verhouding scheef: antisemitisme vormde in 2025 ongeveer 2,5 procent van de ADV-meldingen en acht procent van de geregistreerde politie-incidenten, maar domineerde de berichtgeving over specifieke discriminatievormen. Andere vormen werden veel vaker gemeld, maar kregen veel minder aandacht.

Antisemitisme is een serieus probleem. De conclusie moet dan ook niet zijn dat kranten minder over antisemitisme moeten schrijven, maar wel dat zij structureel meer aandacht mogen besteden aan andere vormen van discriminatie.

Journalistieke keuzes bepalen mede welke vormen van discriminatie burgers, politici en beleidsmakers als urgent zien. Wanneer rechtsradicale ophef over woke in kranten meer ruimte krijgt dan concrete vormen van discriminatie, dreigt de bescherming van grondrechten, in het bijzonder het gelijkheidsbeginsel van artikel 1 van de Grondwet, ondergeschikt te raken aan politieke agenda’s die emancipatie en antidiscriminatiebeleid juist verdacht maken.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -