10.6 C
Amsterdam

‘Het gevoel tweederangsburger te zijn, herken ik bij Palestijnen’

Mariska Jansen
Mariska Jansen
Journalist & eindredacteur

Lees meer

Een gesprek met iemand die anders naar Israël-Palestina kijkt, is ‘niet per se het leukste van je leven’, zegt Oumaima Al Abdellaoui. Maar zo blijf je elkaar wel als mens zien.

Een paar dagen na 7 oktober 2023 was Oumaima Al Abdellaoui in de ambtswoning van de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema. De burgemeester had Joden en moslims uit Amsterdam en daarbuiten uitgenodigd. Door het escalerende geweld in het Midden-Oosten waren de spanningen hoog opgelopen.

Al Abdellaoui (24), studente pedagogiek, twijfelde of ze wel wilde gaan, maar liet zich uiteindelijk door een bekende ‘overhalen’. Na de toespraak van de burgemeester had ze daar alweer spijt van. Halsema sprak volgens haar ‘vooral over de aanslag van Hamas’. Die aanslag was ‘verschrikkelijk’, zegt Al Abdellaoui, maar stond volgens haar niet op zichzelf.

Toch bracht de avond in de ambtswoning ook iets goeds voort. Al Abdellaoui ontmoette er Selma Boulmalf, Boaz Cahn en Noa Duizend: een andere moslima en twee Joodse jongeren. Samen besloten ze zich in te zetten voor vrede en onderling begrip en richtten ze Deel de Duif op. Sindsdien geven ze workshops en gaan ze op uitnodiging in gesprek met mensen op scholen, bij bedrijven en andere organisaties.

In dit interview spreekt Al Abdellaoui niet namens Deel de Duif, maar op persoonlijke titel.

Je zei dat je moeite had met wat Femke Halsema zei. Wat stoorde je?

‘Ze benadrukte vooral hoe verschrikkelijk de terreuraanslag was. Dat was die ook, maar ik heb er moeite mee als we de tijdlijn op 7 oktober laten beginnen. Je kunt mensen niet jarenlang hun rechten ontnemen, onderdrukken en in een openluchtgevangenis laten leven en dan verbaasd zijn dat daar geweld uit voortkomt.’

Waar begint die tijdlijn volgens jou?

‘Bij de aanloop naar de stichting van Israël. Het is niet normaal om ergens waar mensen wonen een vlag in de grond te planten en te zeggen: wij gaan hier een nieuwe staat creëren. Even heel gechargeerd gezegd. De stichting van Israël heeft een cyclus van geweld in gang gezet die tot op de dag van vandaag voortduurt.’

Wat ging er door je heen toen je op 7 oktober hoorde over de aanval van Hamas?

‘Ik was verdrietig. Ik voelde pijn en rouw om de onschuldige mensenlevens die verloren zijn gegaan. Tegelijkertijd voelde ik frustratie over hoe anders er wordt gereageerd als er Palestijnse slachtoffers vallen. Ik dacht ook meteen: de reactie van Israël gaat heftig zijn. Ze laten het hier niet bij.’

Hoezo dacht je dat?

‘Omdat ik weet wat voor vernietigingskracht het Israëlische leger heeft. Ook vóór 7 oktober was er al geweld tegen Palestijnen en was Gaza een openluchtgevangenis.

‘Soms moet ik mezelf tegenhouden om niet alles op de voet te blijven volgen’

‘Ik had natuurlijk niet kunnen voorspellen dat het een genocide zou worden. Maar die vernietigingskracht werd in de weken daarna al snel zichtbaar. Iedereen werd gedood, platgebombardeerd. Jong, oud, vrouw, man. Schuldig, niet schuldig. Hamas, geen Hamas.’

Wat voelde je in de eerste maanden van de Israëlische reactie?

‘Machteloosheid. Wij hebben het geluk dat we hier geboren zijn. Het is ook maar toeval dat wij niet in een oorlogsgebied wonen. Mensen maken daar vreselijke dingen mee en je kunt er bijna niks aan doen.

‘Ik heb zoveel vreselijke beelden uit Gaza gezien, zoveel heftig leed. Soms moet ik mezelf tegenhouden om niet alles op de voet te blijven volgen. Het verlamt me bijna en maakt het moeilijk om hoopvol te blijven.

‘Toch moet ik mezelf daar weer uit slepen. Daar voel ik me dan schuldig over. Ik heb het privilege om die beelden opzij te zetten en door te gaan met de waan van de dag, terwijl dit voor andere mensen de dagelijkse realiteit is. Zij kunnen daar niet aan ontsnappen.

‘Ik zag ook wat het hier met mensen deed. Daar hield ik mijn hart voor vast. Moslims en Joden kregen de schuld van wat er gebeurde. Tegelijkertijd dacht ik: mensen krijgen hier te maken met verbale en soms fysieke agressie. Dat is heftig, maar in Israël-Palestina worden mensen vermoord.’

Ook elders in de wereld is veel leed, zoals in Soedan en Congo.

‘Ja. Alleen komt wat er in Israël-Palestina gebeurt iets dichterbij, omdat ik daar al van jongs af aan mee bezig ben.’

Hoe komt dat?

‘Ik heb gewoon een sterk gevoel voor rechtvaardigheid. Ik denk dat het daarvan komt. En wat daar gebeurt, speelt al heel lang. Ik vind het moeilijk om er een naam aan te geven. Het is geen conflict, geen oorlogssituatie. Het is een probleem, een heel groot probleem.

‘En ik ben natuurlijk ook moslima. De Al-Aqsa-moskee in Jeruzalem heeft een bijzondere plek binnen de islam. Wij vereren geen gebouwen of moskeeën, maar er zijn drie heilige moskeeën waarvoor je een reis mag ondernemen en Al-Aqsa is daar één van.’

Speelt er nog meer?

‘Er valt ook een vergelijking te trekken met de positie van moslims hier. Dat gevoel een tweederangsburger te zijn, herken ik bij Palestijnen. Daar is de situatie natuurlijk veel erger dan hier in Nederland. Maar wie zegt dat dit geen voorbode is van hoe het er op een dag ook bij ons aan toe kan gaan? Als ik kijk naar de maatschappelijke ontwikkelingen en het politieke klimaat van de afgelopen jaren, maak ik me daar grote zorgen over.’

Kijken jullie binnen Deel de Duif hetzelfde naar Gaza?

‘Binnen Deel de Duif heeft iedereen er een eigen mening over. Onze overeenkomsten gaan vooral over wat we in Nederland zien en wat hier zou moeten gebeuren.’

Het lijkt me moeilijk om verbinding te zoeken met mensen die heel anders over Palestina denken

‘Ja, hartstikke moeilijk. Maar ik heb de afgelopen jaren geleerd dat iedereen zijn eigen waarheid heeft. We zijn allemaal opgevoed in een ander huis, met andere verhalen en een ander rugzakje. We lezen andere nieuwsbronnen en krijgen op sociale media verschillende dingen te zien.

‘Het is ook wel een beetje de Hollandse cultuur om op je eigen eilandje te gaan leven’

‘Laat ik het zo zeggen: ik houd mensen minder verantwoordelijk voor de denkbeelden die zij hebben, omdat die ook het gevolg kunnen zijn van een samenloop van omstandigheden. Daar heb ik meer begrip voor gekregen.

‘Dat neemt niet weg dat ik nog steeds vind dat mijn waarheid de waarheid is. Ik vind ook dat mensen de verantwoordelijkheid hebben om hun visie te verbreden, zich in te lezen in wat er in Palestina is gebeurd, wat er nu gebeurt en mogelijk gaat gebeuren.’

En als mensen dat niet doen?

‘Daar heb ik moeite mee, maar ik kan niemand dwingen. Het komt volgens mij ook doordat we hier in een bevoorrechte positie zitten: je leeft niet in zo’n situatie en hebt er dus geen last van. Tot het escaleert.’

Heb je het gevoel dat je met Deel de Duif iets bereikt?

‘Ik mag hopen van wel. Ik denk dat ik mezelf anders niet in de spiegel kan aankijken. Ik heb een sterk moreel kompas. Als ik het idee heb dat ik geen impact meer heb, kan ik er ook niet mee doorgaan.

‘Tegelijkertijd zie ik dat de samenleving splijt. Er zijn zoveel hete hangijzers. Het is ook wel een beetje de Hollandse cultuur om op je eigen eilandje te gaan leven. Daar maak ik me zorgen over.

‘Ik hoop dat we laten zien dat je het met elkaar oneens kunt zijn en toch met elkaar kunt praten. Dat is niet per se het leukste gesprek van je leven, maar soms is zo’n gesprek nodig om elkaar als mens te blijven zien en met elkaar om te kunnen gaan en samen te werken. Wij doen dat aan de hand van een aantal regels en een methode.

‘Jaren geleden zou ik het bijvoorbeeld heel moeilijk hebben gevonden om in gesprek te gaan met iemand die pro-Israëlisch is en echt een hardcore zionist. Nu kan ik dat wel. Dat betekent niet dat ik er niet meer tegen ben. Ik vind het nog steeds een heel foute ideologie, maar ik begrijp beter waar die houding vandaan komt.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -