Home Blog Pagina 115

Je kunt Lavrov die bejaardentrui niet kwalijk nemen

0

De vrede van Alaska is er niet van gekomen. Logisch ook: het is geen plek om vrede te stichten. Hooguit kun je er een conflict bevriezen. President Trump had je misschien kunnen paaien met een vredesverdrag in Jamaica. Dat hoort tenslotte ook bij de Verenigde Staten. Zon, palmbomen, muziek van Bob Marley op de achtergrond – misschien kun je daar zelfs wereldvrede mee afdwingen.

In Alaska stapte de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Lavrov, rillend in een dikke trui uit de auto. Op die trui stond CCCP. Dat staat voor Союз Советских Социалистических Республик. In het Nederlands werd dat afgekort tot USSR: de Unie van Socialistische Sovjetrepublieken. Voor iedereen die na 1980 geboren is, zegt dat al nauwelijks meer iets.

Je kunt Lavrov moeilijk kwalijk nemen dat hij zo’n bejaardentrui aantrekt. Zijn werkterrein is inmiddels flink ingeperkt. Hij kan als minister van Buitenlandse Zaken eigenlijk alleen nog in Noord-Korea op de thee. Heel soms mag hij bij de Arabieren aankloppen, maar die zorgen er wel voor dat hij niet te vaak langskomt. Arabië is uitgegroeid tot een diplomatiek centrum en zal hem op gepaste afstand houden.

Heel soms mag hij bij de Arabieren aankloppen

De Franse president Macron stelde voor om het volgende overleg dan maar in Genève te houden. In zijn hart had hij liever Versailles voorgesteld. In de tsarentijd was de Russische adel immers dol op Frankrijk en spraken ze in hun salons Frans. Tsaar Poetin zou dat vast wel waarderen. Maar Versailles heeft geen blijvende vrede gebracht; eerder het zaadje voor de Tweede Wereldoorlog.

Zwitserland heeft een lange traditie van verdragen. Het Verdrag van Sèvres was voor de Ottomanen een bittere pil. Zelfs vandaag krijgt een Turk bij het horen van die naam bijna kotsneigingen. Het Verdrag van Lausanne, dat leidde tot de oprichting van het huidige Turkije, houdt de Turkse samenleving nog altijd bezig. Had men toen echt niemand anders dan die dove Ismet Inönü kunnen sturen om meer uit de onderhandelingen te slepen?

Als stad kun je je naam dus maar beter niet verbinden aan vredesonderhandelingen. Je maakt er nooit iedereen blij mee.

Vorige maand reed ik door Schengen, een vredig dorpje in Luxemburg, omringd door bosrijke heuvels. Het Verdrag van Schengen staat symbool voor het vrije verkeer binnen de Europese Unie. Dat geeft vrijwel iedereen een goed gevoel.

‘Meisjeszaak’ Turkije: 19 mensen veroordeeld voor Gülen-lidmaatschap

0

In Turkije is uitspraak gedaan in de zogenoemde ‘meisjeszaak’. Negentien verdachten zijn veroordeeld tot gevangenisstraffen van drie tot zeven jaar, meldt Turkish Minute. Volgens de rechtbank maken zij deel uit van de Gülenbeweging, die in Turkije als ‘terroristische organisatie’ wordt aangemerkt, maar internationaal niet zo wordt gezien.

De zaak trok vorig jaar aandacht toen bekend werd dat dochters van vermeende Gülensympathisanten waren opgepakt en volgens critici zelfs gegijzeld om hun ouders te kunnen vervolgen. ‘In de rechtszaal werd al snel duidelijk dat het niet ging om wat deze meisjes hadden gedaan, maar dat ze zijn opgepakt om hun ouders achter de tralies te krijgen’, zei Dem-parlementariër Ömer Faruk Gergerlioglu destijds tegen de Kanttekening.

De meisjes werden van ‘terrorisme’ beschuldigd enkel omdat zij Koranlessen volgden, huiswerkbegeleiding kregen, deelnamen aan studentenbijeenkomsten of woonden in appartementen die in verband zouden staan met de Gülenbeweging. In de bewijsvoering van het Turkse OM is nergens sprake van geweld of wapenbezit.

In totaal stonden 41 personen terecht. Elf van hen kregen wegens lidmaatschap straffen van 6 jaar en 3 maanden tot 7 jaar en 6 maanden. Acht anderen kregen 3 jaar, 1 maand en 15 dagen wegens steun aan de Gülenbeweging, aldus de Turkse website Bold. Van één vrouw is bekend dat zij tot zes jaar cel kreeg, terwijl haar dochter werd vrijgesproken.

Mensenrechtenadvocaten bestempelen de veroordelingen als een ernstige inbreuk op de vrijheid van vereniging, de vrijheid van godsdienst en het privéleven.

Fatimazhra Belhirch (D66): ‘Waar is de medemenselijkheid gebleven?’

0

Fatimazhra Belhirch, nummer 8 op de kandidatenlijst van D66, zet zich in voor een inclusieve samenleving. ‘Na de laatste verkiezingsuitslag vroegen mensen mij in tranen: mag ik hier nog wel zijn?’

Wanneer Fatimazhra Belhirch (49) op de vroege ochtend café Floor in Rotterdam binnenstapt, verschijnt meteen een brede lach op haar gezicht. ‘Niet letten op hoe ik ga zitten’, waarschuwt ze. Ze heeft spierpijn van het tuinieren bij haar moeder en bovendien enkele intensieve campagnedagen achter de rug.

Belhirch, momenteel senator in de Eerste Kamer, staat op plek 8 van de D66-lijst – volgens de huidige peilingen genoeg voor een zetel in de Tweede Kamer. In de senaat houdt ze zich bezig met buitenlandse zaken, defensie en ontwikkelingssamenwerking, thema’s die aansluiten bij haar ervaring als topambtenaar bij Buitenlandse Zaken. ‘Maar ook de arbeidsmarkt en kansengelijkheid vind ik belangrijk’, zegt ze, eenmaal gesetteld met een kop thee. Spraakzaam is ze, en van die stijve spieren is niets te merken. ‘Het is cruciaal dat iedereen kan meekomen.’

Iedereen moet kunnen meekomen, zeg je. Betekent dat dat er nu geen gelijke kansen zijn op de arbeidsmarkt?

‘Zeker niet. Vooral bij sollicitaties gaat het vaak mis: zo’n 40 procent ervaart nog steeds discriminatie, soms zelfs meer. Het treft 50-plussers, zwangere vrouwen, mensen met een handicap en mensen met een biculturele achtergrond. Samen met minister Van Gennep probeerde ik dit met wetgeving te verbeteren, maar het voorstel strandde met één stem verschil in de Eerste Kamer. Dat vind ik echt pijnlijk, zo laat je mensen in de steek.’

‘Sommige partijen vonden dat discriminatie nauwelijks nog voorkwam’

‘De wet had bedrijven verplicht sollicitatieprocedures eerlijker te maken, met toezicht daarop, vertelt ze. Onderzoek laat zien dat veel ongelijkheid ontstaat door kleine toevalligheden in gesprekken. Stel je alle kandidaten dezelfde vragen, dan voorkom je dat een klik – ‘Hé Sophie, zit jij ook op hockey?’ – de doorslag geeft. Toch haalde dat voorstel het niet. ‘Sommige partijen vonden dat discriminatie nauwelijks nog voorkwam, of dat het werkgevers te veel zou belasten’, zegt Belhirch. ‘Ook de VVD stemde tegen, terwijl ministers van die partij de oorspronkelijke opstellers zijn.’

Je was directeur van Stichting voor Vluchteling-Studenten (UAF). Wat vind je van de asielplannen van jouw partij?

‘We hebben een humaan asielbeleid nodig. Zo kan het niet doorgaan: mensen worden van opvang naar opvang gesleept, zonder enig perspectief. We willen dat wie hier komt, veel sneller een bestaan kan opbouwen en  vanaf dag een kan meedoen.

‘Volgens D66 kan dat door de procedure anders te organiseren. Mensen zouden al in het buitenland een aanvraag moeten kunnen doen. Zo weten ze vóór vertrek of ze recht hebben op asiel en hoeven ze hier niet jarenlang in een azc te wachten.’

Maar is dat niet riskant? Die mensen zijn kwetsbaar. Hoe zorg je dat het veilig is in aanmeldcentra buiten Europa?

‘Die zorg is terecht. Juist daarom moet er fors worden geïnvesteerd in ontwikkelingssamenwerking, in VN-organisaties (IOM, UNHCR) en in de hulpstructuren waar de afgelopen jaren op is bezuinigd. Daarbij moet je altijd kijken naar de geopolitieke context en inzetten op conflictpreventie en armoedebestrijding: landen selecteren die dit op een menswaardige manier kunnen organiseren.

‘Onlangs was ik in Jordanië, de grootste opvangplek in de regio voor Syrische vluchtelingen. Zij doen het daar, met alle uitdagingen. Als Europa dit wil, werken zij  mee – mits er serieus wordt geïnvesteerd, in hun economie én in de bescherming van de kwetsbare vluchtelingen die daar verblijven.’

Je hield in juni een toespraak tijdens de Algemene Vergadering van de VN. Waar ging die over?

‘Dat was heel bijzonder om te mogen doen. Ik riep op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren in Gaza en tot een tweestatenoplossing voor Palestina en Israël. Ik zit in het bestuur van een commissie voor vrede en internationale veiligheid van de Interparlementaire Unie, waarin 181 parlementen samenwerken.

‘Onze resolutie heeft inmiddels veel gesprekken op gang gebracht. We vragen parlementariërs zich krachtiger uit te spreken in hun eigen parlement, en je merkt dat sommigen zich daardoor gesteund voelen. Zo proberen we ook Israëlische en Palestijnse parlementariërs te helpen stappen vooruit te zetten. Parlementariërs hebben namelijk ook een verantwoordelijkheid.’

Hoe kijkt D66 zelf tegen deze kwestie aan?

‘Wij pleiten voor een duurzaam staakt-het-vuren. Dat is cruciaal. Daarnaast moet er humanitaire toegang komen en moeten er echte sancties worden opgelegd. De maatregelen die nu worden aangekondigd, zijn vooral symbolisch. Een visumverbod voor twee ministers die hier toch nooit zouden komen, heeft nul effect.

‘Nederland, als thuisland van het internationaal recht, zou veel meer verantwoordelijkheid moeten nemen’

‘Ik sprak onlangs Israëlische en Palestijnse deskundigen. Vooral de Israëliërs zeiden: ‘Jullie moeten daadkrachtiger zijn. Niet wekenlang praten over sancties, maar ingrijpen.’ Het kabinet heeft nu eindelijk – veel te laat – een importverbod ingesteld voor producten uit de bezette gebieden. Dat is een eerste stap, maar Nederland, als thuisland van het internationaal recht, zou veel meer verantwoordelijkheid moeten nemen.

‘Wat ons betreft moet je de Israëlische ambassadeur stevig aanspreken, een wapenembargo overwegen en samen met Europa harder optreden met handels- en diplomatieke sancties. Diplomatie moet altijd openblijven, maar je kunt en moet veel krachtiger stelling nemen. Nederland spreekt zich nu onvoldoende uit tegen Netanyahu’s oorlogszuchtige beleid, ook waar dat neerkomt op oorlogsmisdaden of zelfs genocide.’

Marokkaanse Nederlanders vertellen vaak dat ze al jong begaan waren met het lot van de Palestijnen. Geldt dat ook voor jou?

‘Ik ben opgegroeid met het idee van rechtvaardigheid en gelijkwaardigheid. Mijn ouders gaven ons als meisjes – ik heb drie zussen – altijd mee: jullie zijn gelijkwaardig aan jongens, net zo gelijk als ieder ander. Thuis spraken we veel over onrecht in de wereld, of dat nu ging over Zuid-Afrika of over de Palestijnse kwestie. En ja, het kan best dat dit onderwerp door mijn islamitische achtergrond vaker bij ons aan tafel kwam.

‘Toch wil ik niet in een hokje worden gezet als pro-Israël of pro-Palestina. Ik ben pro-mensenrechten, voor het internationaal recht. Dat is misschien de jurist in mij (Belhirch studeerde rechten, red.), maar ook gewoon de persoon die ik ben.

‘Over de oorlog in Gaza: je kunt niet wel medemenselijkheid tonen voor Israëli’s en niet voor Palestijnen. Natuurlijk moet je verdriet hebben om gijzelaars, die moeten worden vrijgelaten, maar het kan niet zo zijn dat er nauwelijks aandacht is voor Palestijnse slachtoffers. Dat doet pijn, ook hier in Nederland. Mensen herkennen dat gebrek aan gelijkwaardigheid, en dat raakt diep.’

Je gebruikt vaak de term ‘medemenselijkheid’. Wat bedoel je daarmee?

‘Voor mij betekent het dat je je echt inleeft in de ander: dat je iemand hoort, ziet en begrijpt. Jij en ik verschillen misschien in achtergrond, werk of ideeën, maar in de kern zijn we hetzelfde: mens. Het gaat erom dat je voelt waar de ander zich zorgen over maakt en wat hem of haar drijft.

‘Nu zie je vaak dat mensen vooral naar zichzelf of hun eigen groep kijken. In het debat over Gaza hoor je soms zelfs dat kinderen die door het Israëlische leger worden gedood ‘handlangers van Hamas’ zouden zijn. Dan vraag ik me af: waar is de medemenselijkheid gebleven?

‘Er heerst een angstige stilte rond het benoemen van wat er gebeurt: onschuldige mensen die verhongeren en worden vermoord. Landen kijken toe, en die stilte maakt mensen bang. Dat hoor ik terug van mensen met een migratieachtergrond, moslims, in heel Europa. Zij vragen zich af: kan dit ons ook overkomen?

‘Onlangs was ik in Sarajevo. Daar herinneren mensen zich nog levendig Srebrenica. Door de beelden uit Gaza zijn ze bang dat het weer kan gebeuren. En in Jordanië bezocht ik het grootste Palestijnse vluchtelingenkamp, waar families al sinds 1968 zonder perspectief leven. Een man zei daar tegen me, terwijl zijn zoontje van negen naast hem zat: ‘Vergeet ons niet. Geef ons een stem. Wij zijn ook mensen.’

‘Die woorden laten me niet los. We hebben politici nodig met moreel leiderschap: mensen die moed en lef tonen, maar altijd met medemenselijkheid als basis. Zonder dat wordt leiderschap kil. Het gaat erom niet jezelf of je achterban voorop te zetten, maar te kijken naar wat het beste is voor de samenleving als geheel.’

Vind je dat D66 moreel leiderschap toont?

‘Ja, bij ons staat voorop dat mensen zich vrij voelen, zichzelf kunnen zijn en zich gehoord weten. Voor mij persoonlijk betekent dat: je mag mensen nooit laten vallen, zeker niet degenen die het moeilijk hebben.

‘Wat ik moeilijk vind is dat de politieke reactie in Nederland zo vaak uitblijft, recent nog toen moskeeën brieven kregen met bloedvlekken en haatteksten. Woorden doen ertoe. Ook in de media. Bij een programma als Vandaag Inside klinkt Johan Derksen de ene keer verstandig, maar zegt hij de andere keer iets kwetsends over minderheden. Vorige week zei hij dat Marokkaanse jongens hun zusjes zouden slaan. Zo’n opmerking komt hard aan bij Marokkaanse Nederlanders.

‘Mijn neefjes en nichtjes groeien op met Wilders, die keer op keer zegt dat moslims en Marokkanen hier niet thuishoren’

‘De laatste verkiezingsuitslag heeft mij echt veel pijn gedaan. Natuurlijk omdat D66 verloor, maar vooral omdat een partij die bevolkingsgroepen wegzet zo groot werd. Mensen vroegen me in tranen: ‘Mag ik hier nog wel zijn?’ – terwijl ze van de derde of vierde generatie zijn, hier geboren en getogen.

‘Ik ben bijna vijftig en heb alle labels voorbij zien komen: buitenlander, medelander, allochtoon, moslima, bicultureel. Ik maakte de Centrumpartij mee, dat waren nog luchtigere tijden. Mijn neefjes en nichtjes groeien op met Wilders, die keer op keer zegt dat moslims en Marokkanen hier niet thuishoren. Dat doet iets met je. Daarom blijf ik benadrukken: dit land hebben we samen opgebouwd, eerste generatie, tweede et cetera en we moeten ook samen verder. Dit is ook ons land.’

Waarom zegt Rob Jetten niet expliciet: ‘Wij staan pal voor Nederlandse moslims en Marokkanen. Stop met die haat’?

‘Dat doet hij wel. Hij heeft meerdere keren duidelijk gemaakt dat het klaar moet zijn met het wegzetten van mensen.’

Maar in reactie op Vandaag Inside bijvoorbeeld?

‘Dat viel samen met de drukte van de campagne. Onze partij staat echt voor inclusiviteit, maar ik heb zelf ook wel even getwijfeld: reageer je of niet? Want geef je iemand daarmee niet juist extra aandacht?

‘Feit blijft: Derksen weet niet waar hij het over heeft. Ik hoorde iemand op de radio zeggen: ‘Zo gaat het toch in die gezinnen.’ Nou, ik kan je vertellen: zo gaat het niet. Misschien in een enkel gezin, maar dat geldt evengoed voor autochtone Nederlandse gezinnen. Het probleem is dat zulke uitspraken worden gebracht alsof ze representatief zijn. Zo wordt een hele bevolkingsgroep weggezet.’

Afgelopen juli gebeurde dat ook met de opmerking van Filemon Wesselink in het tv-programma De Voetbalzomer. Hij vond het niet kunnen dat er bij het behalen van een diploma een Marokkaanse vlag naast de boekentas hing in plaats van een Nederlandse.

‘Voor mij is dat juist een toppunt van integratie: je vrij voelen om jezelf te kunnen zijn. Het uithangen van een Marokkaanse vlag betekent helemaal niet dat je je minder Nederlands voelt. Ik ben trots op dat ik Nederlands ben en trots dat ik Marokkaans ben. En zo ben ik trots op dat Marokko zich al heeft geplaatst voor het WK, en als Nederland straks kwalificeert, ben ik daar óók trots op. Het een sluit het ander niet uit.

‘Het uithangen van een Marokkaanse vlag betekent helemaal niet dat je je minder Nederlands voelt’

Laat ik dan ook die beruchte cartoon van Wilders erbij halen. Hij bedoelde het racistisch, maar ik dacht: je kunt er ook iets positiefs in zien. Die gerimpelde vrouw met hoofddoek laat zien dat ze gewoond, gewerkt en meegebouwd heeft aan Nederland. Die rimpels en zorgen vertellen dat verhaal. Er zijn ook problemen, maar die worden vaak uitvergroot, terwijl de positieve verhalen veel minder aandacht krijgen.’

En waarom gebeurt dat dan niet?

‘De media spelen daar een grote rol in. Er is weinig aandacht voor positiviteit of rolmodellen. Op talkshows en in kranten zie je vooral de uitersten, terwijl het met de meeste mensen gewoon goed gaat.

‘En laten we eerlijk zijn: Nederland is een prachtig land, daar ben ik trots op. Waar we nu staan, is opgebouwd door ons allemaal, door generaties die hier kwamen werken en ondernemen. Kijk naar de verrijking van onze cultuur, de keuken, het ondernemerschap. Dat verhaal moet veel vaker verteld worden.’

Je hebt nu een goed verhaal. Waarom lukt het D66 niet om meer stemmen te krijgen uit groepen die dit eigenlijk ook aanspreekt?

‘Dat is een breder probleem. Een deel van deze groepen weet ons zeker te vinden, maar veel mensen met een andere etnische of culturele achtergrond voelen zich niet gehoord of gezien. Uit onderzoek van het Opiniehuis na de vorige verkiezingen bleek dat zij daardoor ook steeds minder vaak gaan stemmen. Ze voelen zich onvoldoende vertegenwoordigd. Hun zorgen, zoals discriminatie, en hoe erover ze in het politiek debat wordt gesproken, dit krijgt te weinig weerwoord in de politiek. In de Eerste Kamer valt het nog mee, maar in de Tweede Kamer gaat het er hard aan toe en bij dit kabinet wordt het vaak niet genoeg tegengesproken. Soms wel, maar niet structureel. Daar kunnen we echt beter in worden: meer verbinding zoeken en laten zien dat we dit samen doen.

‘Mensen moeten gaan stemmen. In de Eerste Kamer heb ik zelf gezien: het maakt écht uit wie er aan tafel zit.’

Ben je hoopvol over de toekomst? Of vrees je dat de polarisatie alleen maar erger wordt, zoals sommigen zeggen?

‘Ik kies voor hoop, maar ook moed en leiderschap. Natuurlijk ben ik realist: we staan op een belangrijk moment in de geschiedenis, met oorlogen en conflicten wereldwijd. Ook in Nederland zie je dat onze democratische waarden onder druk staan en dat de manier waarop we met elkaar omgaan verslechtert. Dat baart zorgen.

‘Als premier ben je het gezicht van Nederland, dan moet je het goede voorbeeld geven’

‘Maar juist daarom geloof ik dat we de weg omhoog kunnen vinden, als we elkaar verbinden in plaats van wegduwen. Vorige week zei premier Schoof dat we moeten ophouden met polarisatie. Mijn reactie is: trek dan zelf die handschoen aan. Als premier ben je het gezicht van Nederland, dan moet je het goede voorbeeld geven. Moreel leiderschap is niet vingerwijzen, maar verantwoordelijkheid nemen: medemenselijkheid tonen, verbinding zoeken en ook moeilijke besluiten durven nemen. Het kan wel.’

Hoe moet Nederland omgaan met een partij als de PVV?

‘De PVV is geen democratische partij. Daarom werken we in de Tweede Kamer aan wetgeving die moet voorkomen dat ondemocratische partijen in een kabinet terechtkomen. Er ligt nu een voorstel dat partijen verplicht een ledenstructuur en interne democratie te hebben – en dat is belangrijk.

‘Maar uitsluiten betekent voor mij niet dat je PVV-stemmers wegzet. Integendeel: je moet die mensen serieus nemen en met hen in gesprek gaan. Waarom hebben ze PVV gestemd? Soms is het een tegenstem, soms baseren kiezers zich op uitspraken van Geert Wilders die feitelijk niet kloppen. Dan is het belangrijk om dat recht te zetten en duidelijk te maken wat wél de feiten zijn.’

Rechter wil vertrouweling Marokkaanse koning horen in zaak over lekken staatsgeheimen

0

De rechtszaak tegen de Marokkaans-Nederlandse Abderrahim El M., die ervan wordt verdacht staatsgeheimen te hebben gelekt aan de Marokkaanse overheid, is een nieuwe fase beland. De rechtbank wil een vertrouweling van de Marokkaanse koning horen.

Dat meldt NRC. El M. werkte eerder als analist bij terrorismecoördinator NCTV en wordt verdacht van het lekken van staatsgeheimen aan Marokkaanse inlichtingendiensten op het hoogste niveau.

De zaak, die al sinds februari loopt, heeft een nieuwe wending gekregen nu de rechtbank in Rotterdam heeft voorgesteld om Yassine Mansouri, hoofd van de buitenlandse inlichtingendienst DGED en vertrouweling van koning Mohammed VI, als getuige te horen. El M. zou mogelijk direct contact met hem hebben gehad.

Veiligheidsexperts stellen dat dit de diplomatieke banden tussen beide landen kan schaden. Marokko-deskundige Paolo de Mas zei tegen NRC dat Mansouri een van de machtigste mannen in Marokko is en tot de binnenste kring van de koning behoort. Hij acht het bovendien onwaarschijnlijk dat El M. contacten op dat niveau had.

Volgens dezelfde krant is er wel reden om Mansouri te verdenken van spionage. Zijn naam kwam naar voren in een zaak over Marokkaanse inmenging in het Europees Parlement in Brussel. De Marokkaanse inlichtingendienst wordt er bovendien van beschuldigd spionagesoftware te gebruiken om journalisten, activisten en politici in binnen- en buitenland af te luisteren. Volgens de AIVD bespioneert de Marokkaanse overheid ook de diaspora in Nederland.

Diplomatieke betrekkingen gaan gewoon door

Tot nu toe zijn er geen signalen dat de zaak tegen El M. de diplomatieke banden tussen Marokko en Nederland schaadt. De Marokkaanse regering heeft zich voor zover bekend niet uitgesproken over de kwestie. Integendeel, de diplomatieke betrekkingen gingen gewoon door. In februari was toenmalig staatssecretaris Eric van der Burg van Asiel nog in Rabat, voor een ontmoeting met de Marokkaanse minister van Binnenlandse Zaken over migratie, een belangrijk samenwerkingsthema.

Trouw meldt daarnaast dat het Openbaar Ministerie geen toegevoegde waarde ziet in het ondervragen van medewerkers van de Marokkaanse inlichtingendienst. Ondertussen is wel Dick Schoof gehoord, destijds de baas van El M., om ‘de interne visie’ te vernemen over de verdachte en zijn toegang tot staatsgeheime en vertrouwelijke stukken.

El M. werd in 2023 aangehouden op Schiphol, waar hij op het punt stond een vlucht naar Marokko te nemen. Hij had vertrouwelijke documenten bij zich die hij volgens justitie wilde lekken aan de Marokkaanse geheime dienst. In zijn huis werden nog meer documenten aangetroffen. De zaak wordt in februari voortgezet. El M. mag het proces in vrijheid afwachten.

Lees ook:
Zaak over spionage voor Marokko van start

Kabinet erkent genocide in Gaza niet, volgt Turks voorbeeld bij Armeense genocide

0

Ondanks het rapport van de VN-onderzoekscommissie die stelt dat Israël genocide pleegt in Gaza, wil het Nederlandse kabinet niet spreken van genocide. Het beroept zich daarbij op het nog uitblijvende oordeel van het Internationaal Gerechtshof, een strategie die eerder ook door andere staten – zoals Turkije bij de Armeense genocide – werd toegepast.

Deze week concludeerde een onafhankelijke VN-commissie van rapporteurs dat Israël genocide pleegt op de Palestijnen in Gaza. Daarmee sluit de VN zich aan bij de reeks genocide-experts, mensenrechtenorganisaties – waaronder Israëlische – en ngo’s die dat eerder al vaststelden

Toch beweegt het Nederlandse kabinet niet mee en houdt het daarmee bondgenoot Israël de hand boven het hoofd. Volgens demissionair minister David van Weel (VVD) is deze houding in lijn met het eerder vastgestelde kabinetsstandpunt dat Nederland ‘in de regel terughoudend is om situaties als genocide te kwalificeren’.

In de Tweede Kamer is bovendien geen meerderheid voor erkenning van genocide in Gaza, dat Van Weel bagatelliseert tot een ‘situatie’. Volgens de demissionair minister moet de weigering om van genocide te spreken echter ‘niet worden gezien als ontkenning van de ernst van de situatie in Gaza’. ‘Het menselijk leed is ongekend en gaat niet aan het kabinet voorbij’, aldus Van Weel.

In Turkse ontkenningsretoriek wordt steevast gewezen op ‘het lijden’ van de Armeniërs, waarbij tegelijkertijd het Turkse lijden wordt aangehaald om te concluderen dat beide bevolkingsgroepen hebben geleden. Dat het Armeense lijden, vergelijkbaar met het huidige Palestijnse, van een andere orde was, raakt daarbij ondergesneeuwd.

Pro-Palestina-demonstratie tegen Israëlisch team bij EK honkbal in Rotterdam: ‘Dit is sportwashing’

0

Omdat Israël morgen gewoon meedoet aan het EK honkbal in Rotterdam, hebben pro-Palestijnse activisten protesten aangekondigd.

Eerder deze maand besloot het College van B&W dat het Israëlische team en Israëlische supporters gewoon welkom waren. Linkse partijen in de gemeenteraad hadden protest aangetekend, maar volgens burgemeester Carola Schouten (ChristenUnie) gaat de gemeente niet over het al dan niet toelaten van Israëlische sporters; die verantwoordelijkheid ligt bij het Internationaal Olympisch Comité (IOC).

De Rotterdam Palestina Coalitie (RPC) kondigt daarom demonstraties aan tijdens de wedstrijden van het Israëlische team, te beginnen op zaterdag 20 september bij honkbalvereniging Neptunus. ‘We gaan voor de hoofdingang staan en demonstreren’, zegt Iman Fawzi van de RPC. ‘Hoeveel mensen er zaterdag zullen komen weten we niet precies. Soms zijn we met vijftig, soms met een paar honderd.’

Iman benadrukt dat de protesten vreedzaam zullen verlopen. ‘We zijn niet van plan om het veld op te gaan en wedstrijden te verstoren, of iets dergelijks. We geven demonstranten vooraf een briefing en leggen uit wat het plan is.’

Ze is niet bang voor borden met provocerende teksten die als antisemitisch kunnen worden uitgelegd, of demonstranten die zich misdragen. ‘Bij andere demonstraties is het altijd goed gegaan, dus ik verwacht geen gedoe.’

Beeld: Rotterdam Palestina Coalitie

Volgens de RPC wordt door de deelname van Israël aan het honkbaltoernooi de genocide in Gaza genormaliseerd. ‘Dit is sportwashing’, zegt Iman. Ze wijst erop dat er spelers in het Israëlische team zitten die bij het Israëlische leger (IDF) hebben gediend. ‘Wij willen geen oorlogsmisdadigers in de stad.’ Ze vertelt dat minimaal drie spelers in het IDF hebben gediend. En wellicht zitten er onder de supporters ook IDF-soldaten en -veteranen. ‘Nee, het gaat ons niet om alle Israëli’s, maar om de mensen die betrokken zijn bij de bezetting en de genocide in Gaza.’

Iman vreest dat de aanwezigheid van het Israëlische team kan leiden tot spanningen rond de wedstrijden, bijvoorbeeld wanneer agressieve Israëlische supporters besluiten de confrontatie aan te gaan met activisten. ‘We hebben in onze brief aan de burgemeester gezegd dat de situatie onveilig is. Door oorlogsmisdadigers uit te nodigen vergroot je de kans op rellen.’ Ze wijst in dit verband op de Maccabirellen in Amsterdam, die werden uitgelokt door extreemrechtse supporters van de Israëlische voetbalclub Maccabi. ‘Maar de burgemeester wilde niet naar onze waarschuwing luisteren.’

In elke speech giet Netanyahu een scheut islamofobie

0

Benjamin Netanyahu gaf van de week een lezing aan een Trump-afvaardiging die in Israël op bezoek was gekomen om zich op de hoogte te stellen van het genocidale geweld in Gaza. Met hun welbevinden nam de premier het woord.

Israël ligt internationaal onder vuur door wat het aanricht in Gaza. De regering-Netanyahu doet niet aan zelfonderzoek om wellicht tot de conclusie te komen dat de ingeslagen weg zinloos is, los van het feit dat het meer dan 100.000 onschuldige mensen heeft geraakt: doden en gewonden. Zo zit premier Netanyahu niet in elkaar; hij deed waar hij goed in is: olie op het vuur gooien.

Als antwoord op het isolement – lees: pariastaat – kon Israël niet anders dan nog meer militair geweld voorbereiden. De Bijbelse ploegscharen moeten tot zwaarden worden gesmeed, niet omgekeerd. Om de joods-christelijke beschaving te redden zal Israël het nieuwe Sparta worden, de Griekse stadsstaat voor wie permanente oorlogsvoering de reden van bestaan was.

Tot zover was er niets nieuws gezegd; de oprichters van de staat Israël spraken al over de onmogelijkheid van vrede met de Palestijnen. Als zij winnen, verliezen wij; als wij winnen, verliezen zij. Een bikkelharde zero-sum-game. Deze grondhouding heeft het gebied sindsdien in de wurggreep. Alle vredesinitiatieven die sindsdien zijn begonnen, hebben dat helaas niet kunnen oplossen.

Je kunt het gerust aan Benjamin Netanyahu overlaten om in elke speech die hij houdt een scheut islamofobie te gieten. Ook deze keer: het isolement van Israël zou te danken zijn aan de ‘ongebreidelde immigratie van islamitische minderheden’.

Het zijn deze keer niet alleen de moslims, maar juist mensen uit vele gezindten die opstaan tegen de genocide

Wow! Wat een eer! De paar procent moslims in Europa hebben fort Israël doen trillen op zijn grondvesten, wat een ongelofelijke prestatie! Mag ik Netanyahu erop wijzen dat tot voor kort alle inspanningen van moslims om op te komen voor de Palestijnen in de marge van de Europese samenlevingen plaatsvonden? Met andere woorden: niemand die ernaar omkeek. Sterker nog: propagandisten van Israël gebruikten die demonstraties om critici van Israël af te schilderen als oosterse antisemieten.

Ondanks de hartstochtelijke inspanningen van Marokkanen en Turken vanaf de jaren zeventig voor de Palestijnse zaak heeft dit op geen enkele wijze het politieke beleid jegens Israël veranderd. Hartstochtelijke demonstraties tegen de bezettingsmacht, tegen de inval in Beiroet, tegen het optreden van Israël tijdens de eerste Intifada zijn voorbijgetrokken.

Dat wereldwijd mensen opstaan tegen het ongekende machtsvertoon op Gaza is een breed gedragen oppositie. Het zijn deze keer niet alleen de moslims, maar juist mensen uit vele gezindten die opstaan tegen de genocide. Het merendeel is ontkerkelijkt, seculier tot in de diepste vezels, en dus ook niet te vangen in het schadelijke apocalyptische frame van moslims tegen de joods-christelijke beschaving, het script dat Benjamin Netanyahu continu afspeelt voor de westerse media.

Ook bij de moord op Charlie Kirk wees Benjamin Netanyahu naar een moslimland; hij deed dit in een filmpje waarin hij de suggestie dat Israël achter de moord zou zitten van zich afwierp. Hij legde de schuld voor die aantijging bij geld uit Qatar. En daarnaast: Kirk was een moedige strijder in de continue strijd om de joods-christelijke beschaving te beschermen.

Te beschermen tegen wie? Dat hoefde hij er niet bij te zeggen. De goede verstaander vult dat zelf wel in. Moslims. Altijd die moslims.

Wilders houdt tirade over migratie en islam tijdens Algemene Politieke Beschouwingen

0

‘Genoeg is genoeg,’ zei Wilders in zijn kenmerkende stijl gisteren tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, om vervolgens zoals zo vaak zondebokken aan te wijzen. ‘Geven we ons land definitief weg aan Afrikanen, Arabieren en criminele allochtonen, of worden we weer de baas in ons eigen land?’

‘Daarnaast richtte hij zijn pijlen op het ‘links-liberale multiculturalisme’. Dat zou Nederland volgens hem op ‘nationale zelfmoord’ afsturen.

Wilders kreeg echter ook weerwoord, onder meer van GroenLinks-PvdA-leider Frans Timmermans. ‘Wij zijn met zijn allen Nederland’, zei hij, en volgens hem is er een grens overschreden. In zulke gevallen moeten politici naar voren treden en laten zien waar ze voor staan. ‘Anders kunnen mensen denken dat je instemt met wat er gezegd wordt’, legde hij uit.

Op sociale media oogstte Timmermans lof voor zijn optreden. ‘Uiting van moslimhaat is een standaard geworden in de Tweede Kamer tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen. Gelukkig spreken de fractievoorzitters van GroenLinks-PvdA, Partij voor de Dieren en DENK zich sterk uit’, schrijft wetenschapper Charifa Zemouri op LinkedIn.

Ex-militair Ali Eddouadi reageerde aangeslagen op de woorden van Wilders en vindt dat hij harder moet worden aangepakt. ‘Ik haat haat, omdat het gif is voor ons land’, schrijft hij in hoofdletters op LinkedIn. Hij pleit voor een andere aanpak: ‘Dat betekent dat hij vaker te horen moet krijgen dat hij de boom in kan en wij hier thuishoren. Vindt hij het lastig met moslims te leven, dan is er een exit voor hem – en voor niemand anders.’

Trump wil hard optreden tegen ‘linkse terreurgroepen’

0

President Trump schuift de verantwoordelijkheid voor de moord op Charlie Kirk af op links Amerika en kondigt harde maatregelen aan tegen wat hij ‘linkse terreurgroepen’ noemt, meldt de NOS.

Direct na de aanslag op Kirk stelde Trump dat progressieven ‘de omstandigheden’ hadden gecreëerd die de moord mogelijk maakten. Nu lijkt hij die woorden in daden om te zetten. Daarbij krijgt hij steun van zijn ministers, die zelf rechts-extremistische denkbeelden uitdragen, maar die niet rekenen tot de ‘omstandigheden’ die tot de moord hebben geleid.

Vicepresident J.D. Vance zei in de podcast van de inmiddels doodgeschoten Kirk, die door anderen wordt voortgezet: ‘We moeten het hebben over deze enorme destructieve beweging van links-extremisme die de afgelopen jaren is opgekomen. Ik geloof dat dit deels de reden is dat Charlie Kirk werd vermoord door de kogel van een sluipmoordenaar.’

Trump gaat daar keihard in mee, eveneens zonder extreemrechts te noemen. ‘Radicaal links veroorzaakt veel geweld, ze pakken dit grootser aan. Ik denk dat ze ons land haten. Ze zijn verantwoordelijk voor het terrorisme dat we tegenwoordig in ons land zien’, aldus Trump.

Trump spreekt zelfs over ‘wraak en vergelding’, precies de acties waartegen de rechtsstaat ooit werd ingericht om eigenrichting en nieuw bloedvergieten te voorkomen. Daar lijkt de president zich weinig van aan te trekken. Hij wil een lijst laten opstellen van ‘linkse terreurorganisaties’ die opgespoord en uitgeschakeld moeten worden. Ook de financiers van linkse protesten wil hij aanpakken.

De toestanden in Amerika na de moord op Kirk roepen associaties op met de McCarthy-periode, toen Republikeinen in de jaren na de Tweede Wereldoorlog op jacht gingen naar ‘communisten’, maar ook met de Amerikaanse Burgeroorlog, toen Amerika jarenlang met zichzelf in de clinch lag, met honderdduizenden doden tot gevolg.

Intussen is bekend geworden dat de beroemde latenightshow van Jimmy Kimmel van de buis is gehaald. Hij merkte op dat Republikeinen een politiek slaatje willen slaan uit de moord op Kirk.

Waarom statushouders wel voorrang moeten krijgen op de woningmarkt

0

Hoewel de schijnwerpers de afgelopen weken stonden op de strafbaarheid van illegaliteit, is er nog dat andere wetsvoorstel dat de PVV door de Tweede Kamer loodste toen linkse Kamerleden even de andere kant opkeken: het afschaffen van de voorrangspositie van statushouders op de woningmarkt.

Waarom zorgen voor nieuwkomers, als de ‘gewone Nederlander’ moeite heeft met het vinden van een huis? En: statushouders zouden in zulke grote getale sociale huurwoningen betrekken dat het aanbod voor de ‘gewone Nederlander’ er alleen maar minder op wordt. Hier moet wat aan gedaan worden, door statushouders voortaan uit te sluiten van een voorrangspositie, vindt de PVV.

Vooropgesteld, het gaat misschien niet om zulke hoge aantallen als je zou denken. In 2022 werd tussen de 6 en 7 procent van de sociale huurwoningen toegewezen aan statushouders, nieuwkomers die een verblijfsvergunning hebben gekregen en dus in Nederland mogen wonen. Het ging om 11.000 woningen, op een totaal van 162,5 duizend sociale huurwoningen die dat jaar vrijkwamen.

Bovendien zijn er tal van redenen om juist wel, en juist voor deze groep, te zorgen. Experts hebben vanuit verschillende hoeken beargumenteerd waarom statushouders wél voorrang zouden moeten krijgen, of waarom het voorstel van de PVV geen stand houdt. We zetten de argumenten op een rijtje.

Mona Keijzer

De meest recente, en misschien wel meest verrassende, uitspraak kwam van minister van Volkshuisvesting Mona Keijzer, nota bene dezelfde bewindsvrouw die in februari dit jaar het wetsvoorstel indiende om statushouders niet langer voorrang te geven. Toch is ze het niet eens met het PVV-voorstel dat op 1 juli werd aangenomen in de Tweede Kamer.

Dit amendement, ingediend door Jeremy Mooiman (PVV), stelt voor om de wet zo te wijzigen dat statushouders in alle gevallen worden uitgesloten van voorrang, ook als ze tot een categorie behoren die wel voorrang verdient, zoals slachtoffers van huiselijk geweld of daklozen. Statushouders kunnen simpelweg nooit tot zo’n categorie behoren, aldus het amendement.

Cruiseschip Galaxy in Amsterdam wordt gebruikt als noodopvang voor 1500 asielzoekers. Beeld: de Kanttekening

Dit is, zo zag ook Keijzer, discriminatie op grond van nationaliteit en dat mag niet in Nederland of in andere EU-landen. Dit betekent echter niet dat ze opeens voorstander is van voorrang voor statushouders. Integendeel, de demissionair minister zet in op haar eigen wetsvoorstel, waarop ze in september een reactie verwacht van de Raad van State. In dit voorstel worden statushouders op gelijke voet geplaatst met andere woningzoekenden. Ze kunnen wel tot een urgentiecategorie behoren, maar zullen ook even hard moeten zoeken als iedereen. Dit is wel zo eerlijk, zo vindt Keijzer.

Oneerlijk speelveld

Of dat nu wel zo eerlijk is, blijft de vraag. Statushouders beginnen immers niet vanaf hetzelfde punt als andere woningzoekenden. Ze beginnen vaak letterlijk vanaf nul. Dit betekent: geen netwerk om op terug te vallen, geen kennis van de woningmarkt en vooral: geen plek op de wachtlijst van de sociale huursector, een lijst waar de ‘gewone Nederlander’ gemiddeld zo’n één tot vier jaar op staat. Dit maakt deze groep kwetsbaar genoeg om het label ‘urgentie’ te verdienen, vinden veel maatschappelijke organisaties.

Hoe moeten statushouders dan aan een huis komen?

Dit oneerlijke speelveld was dan ook een van de kritiekpunten van de Raad van State toen het in 2015 reageerde op een soortgelijk voorstel van Joram van Klaveren, toen lid van de PVV. Hoe moeten statushouders dan wel aan een huis komen als dit niet door middel van een voorrangspositie is, vroeg het zich af. De Afdeling argumenteerde toen bovendien dat het schrappen van deze voorrangscategorie, en niet de andere categorieën, indirecte discriminatie is op basis van nationaliteit. De onderbouwing waarom het juist statushouders zijn die het moeten ontgelden, ontbrak.

Mits de Afdeling compleet anders is gaan kijken naar deze kwestie, heeft ook het voorstel van Keijzer weinig kans om te worden omarmd door deze instantie. Dezelfde kritiekpunten zijn namelijk ook op haar wetsvoorstel van toepassing.

Wachten op een woning

En dan zijn er de vele bezwaren van de asielketen zelf. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) voorop, want dit krijgt direct te maken met de gevolgen. Deze instantie is verantwoordelijk voor – de naam zegt het al – de huisvesting van asielzoekers. Maar als statushouders geen woning kunnen vinden, moet het COA zich over hen ontfermen. Zolang dit het geval is, blijven ze in de asielzoekerscentra, waar chronisch te weinig plek is en de gemiddelde wachttijd nu al zeven jaar bedraagt, aldus de instantie.

In 2024 waren er ongeveer 19 duizend statushouders in de opvang, van wie er ruim 13 duizend wachtten op een woning, schreef het vorig jaar. In 2025 is ruim een derde van de bewoners van COA-locaties statushouder. ‘De statushouders moeten langer wachten, er zullen meer opvangplaatsen nodig zijn en de kosten nemen flink toe.’

‘Dit maakt integratie bijna onmogelijk’

Ook VluchtelingenWerk wijst op deze negatieve gevolgen, vooral voor de statushouders zelf. Volgens hen is het vanuit een azc bijna onmogelijk om te beginnen met een nieuw leven. ‘Zonder huisvesting is het voor statushouders moeilijk om werk te vinden, een opleiding te volgen en sociale contacten op te bouwen. Dit maakt integratie bijna onmogelijk’, schreef het in reactie op het voorstel van Keijzer.

Praktische bezwaren

Dit is ook wat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten keer op keer stelt. Integratie is niet alleen een kwestie van sociale bewogenheid, er komen veel praktische zaken bij kijken en dit begint allemaal bij huisvesting. Gemeenten hebben nu een wettelijke taak om statushouders huisvesting te bieden en om de inburgering te regelen, en deze zijn nauw met elkaar verbonden. Wanneer statushouders in azc’s blijven wonen, zijn ze niet verbonden aan een gemeente, verliezen gemeenten grip op wanneer en hoeveel statushouders zich melden en worden ze zo belemmerd in hun regierol, aldus de VNG.

Deze regierol van de gemeente dreigt met de huidige wetsvoorstellen verloren te gaan. Want in feite is er geen sprake van voorrang voor statushouders. Gemeenten hebben een taakstelling om een bepaald aantal statushouders te huisvesten. Zonder prioritering kunnen ze niet aan deze taakstelling voldoen. Kritische politici wijzen op het feit dat gemeenten het voorrangsprincipe gebruiken om aan de norm te kunnen voldoen. De PVV wil zelfs dat de taakstelling helemaal verdwijnt.

De PVV wil zelfs dat de taakstelling helemaal verdwijnt

De VNG is kritisch op zowel het amendement van de PVV als het wetsvoorstel van Keijzer. In een brief aan de Eerste Kamer op 5 september schreef het dat het verbod op voorrang, zoals voorgesteld door de minister, de wettelijke taakstelling voor gemeenten om statushouders te huisvesten zo goed als onmogelijk maakt. Het PVV-voorstel noemt het onwerkbaar en onuitvoerbaar.

Het is nu aan de Raad van State en de Eerste Kamer om de voorstellen te behandelen. Het is niet duidelijk of dit nog voor de verkiezingen gebeurt.