‘Te negatief’, of juist ‘te Nederlands’: film ‘De Oost’ raakt aan diepe wonden

Fitria Jelyta
Fitria Jelyta
Journalist.

Lees meer

Vanaf 13 mei is De Oost te zien op streamingdienst Amazon Prime. De veelbesproken speelfilm werpt een blik op een voor het grote Nederlandse publiek weinig besproken geschiedenis: de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd van 1945-1949. Een eerste aanzet om het Indonesische perspectief te belichten op een zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis? We vroegen het aan ingewijden die de film – net als de Kanttekening – eerder mochten zien.


De Oost vertelt het verhaal van de jonge Nederlandse soldaat Johan de Vries – een rol van Martijn Lakemeier -, die zich vrijwillig heeft aangemeld voor het Koninklijk Nederlands Indische Leger (KNIL). In 1946 komt hij aan in Indonesië, nadat Soekarno op 17 augustus 1945 de Indonesische onafhankelijkheid had uitgeroepen. Terwijl Nederland nog herstellende was van de diepe wonden van vijf jaar Duitse bezetting, werden 100.000 soldaten naar Indonesië gestuurd om ‘de orde te herstellen’.

Al snel ontmoet Johan Raymond Westerling, bijgenaamd ‘de Turk’. In de film wordt hij gespeeld door de Marokkaans-Nederlandse acteur Marwan Kenzari. De Vries raakte gecharmeerd van de beruchte kapitein, die ‘terroristische elementen’ onder de Indonesische bevolking met harde hand wist neer te slaan. Westerling en zijn ‘Depot Speciale Troepen’ (DST) zouden uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de massa-executies van honderden Indonesische burgers op Zuid-Sulawesi. 

Voor het eerst in beeld

De film vertoont een harde realiteit, vindt Jeffry Pondaag, voorzitter van de Stichting Comité Nederlandse Ereschulden (K.U.K.B). Met zijn stichting ondersteunt hij Indonesische nabestaanden in rechtszaken tegen de Nederlandse staat voor de misdaden die Nederlandse militairen hebben gepleegd tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd in de jaren 1945-1949. In Nederlandse geschiedenisboeken staat deze strijd officieel nog bekend als de ‘politionele acties’. Veel van de nabestaanden en slachtoffers die Pondaag bijstaat, hebben tijdens deze periode dierbaren verloren door toedoen van Westerlings hardhandige optreden op Zuid-Sulawesi.

‘Tijdens de rechtszaken vertelden Indonesische nabestaanden wat hun familieleden is overkomen en waar zij getuige van moesten zijn.’ De nabestaanden klagen de Nederlandse staat aan voor onder meer standrechtelijke executies, menselijke tweegevechten en onthoofdingen. ‘Nu zijn die verhalen voor het eerst in beeld gebracht. Dat laat wel een indruk achter’, zegt Pondaag na afloop van een voorvertoning van de film, waar hij door filmproducent Sander Verdonk voor werd uitgenodigd.

‘We hebben een eigen vertelling gemaakt op basis van historische feiten’, legt Verdonk uit. ‘Het laatste deel van de film is minder ernstig in beeld gebracht dan het werkelijk is geweest. In het derde dorp zijn meer dan driehonderd mensen geëxecuteerd.’

Hij wijst op de grafische scènes waarin Westerling zijn troepen beval om kampongs binnen te vallen, plat te branden en de inwoners in het gareel te houden. Met behulp van militaire inlichtingen had hij lijsten met namen samengesteld van Indonesische burgers die van terreurdaden verdacht werden. Hij riep die namen een voor een op. De opgeroepen verdachte verscheen voor Westerling, er werd naar zijn naam gevraagd, waarna hij dit bevestigde en van Westerling een kogel door het hoofd kreeg.

‘In de film zagen we dat de Nederlandse soldaten de massagraven van deze standrechtelijke executies moesten graven. Dat klopt niet’, zegt Pondaag, die bij de totstandkoming van De Oost werd benaderd door de filmcrew ter inzage van de historische feiten. Volgens Pondaag moesten de inwoners op de lijst van Westerling hun eigen graf graven voordat zij werden doodgeschoten, waarna Indonesische ooggetuigen de massagraven moesten dichten.

Multi-perspectiviteit

‘Los van de vraag of je wel of geen voorkennis hebt van de koloniale geschiedenis vind ik dit een goede film’, zegt Henry Timisela, directeur van het Moluks Historisch Museum. ‘Het laat vooral de multi-perspectiviteit van de koloniale geschiedenis zien. Dat ondersteunen wij als museum van harte.’

Westerlings DST bestond naast Nederlandse soldaten ook uit Molukse KNIL-militairen. In De Oost werd de Molukse trouw aan de Nederlandse vlag belichaamd door het personage Samuel Manuhio, een Molukse KNIL-soldaat die werd gespeeld door de Moluks Nederlandse acteur Joenoes Polnaija. Toen Samuel werd gevraagd of hij het niet vreemd vond dat hij zijn eigen mensen moest doden, antwoordde hij dat hij de Indonesische bevolking niet als zijn gelijke ziet.

‘Destijds waren er Molukse mannen die ervoor hadden gekozen om onder de Nederlandse vlag te vechten. Maar er zijn ook Molukkers die voor de Indonesische republiek hebben gevochten tegen de Nederlanders’, zegt Timisela. ‘Dat zijn verhalen die wij als instituut ook willen uitbrengen. Wat dat betreft staan wij er neutraal in.’

Hij begrijpt wel dat de film confronterend kan zijn voor met name Molukse Nederlanders, met grootouders die voor het KNIL hebben gevochten. Zo maakte de jongere broer van Timisela’s grootmoeder deel uit van Westerlings DST. ‘Dat neemt niet weg dat, naar mijn weten, de film op historische feiten is gebaseerd. Feiten en fictie lopen door elkaar heen, maar de executies hebben daadwerkelijk op die manier plaatsgevonden. Ook daarom is het belangrijk om de verschillende perspectieven in deze geschiedenis te belichten. Dit is de juiste stap richting collectieve traumagenezing’, aldus Timisela.

Confronterend

‘Wat ik in de film zag, dat is wat mijn opa heeft gedaan’, zegt historica en auteur Marjolein van Pagee, die de dezelfde voorvertoning bijwoonde als Jeffry Pondaag. Ook voor haar was de film confronterend. ‘Ik had de film alleen veel sterker gevonden als de hoofdpersonage een soldaat was die geen gewetenswroeging kreeg’, zegt Van Pagee. Zij wijst op het feit dat de jonge soldaat in de film aan de methodes van Westerling begon te twijfelen. Dat liet hij ook blijken door het op te nemen voor een Indonesische burger, wat hem door Westerling niet in dank werd afgenomen.

‘Ik heb met veel oud-veteranen gesproken. Zij hadden totaal geen gewetenswroeging voor hun daden’

‘Ik heb met veel oud-veteranen gesproken die daar waren. Zij hadden totaal geen gewetenswroeging voor hun daden’, vervolgt Van Pagee. ‘Het valt mij op dat in vertellingen van de Nederlandse geschiedenis het altijd gaat om een hoofdpersoon die spijt krijgt – en dus heel menselijk is.’

Volgens filmproducent Sander Verdonk heeft regisseur Jim Taihuttu voor een hoofdpersoon gekozen die een zo groot mogelijk publiek moet aanspreken. ‘Een blanke soldaat zou makkelijker gevolgd worden door het Nederlandse publiek met weinig voorkennis van deze geschiedenis’, reageert hij op Van Pagee. Het perspectief van de hoofdpersonage moet de kijker daarnaast langzaam maar zeker meenemen in de banaliteit en de zinloosheid van deze oorlog, aldus Verdonk.

‘Een blanke soldaat zou makkelijker gevolgd worden door het Nederlandse publiek met weinig voorkennis van deze geschiedenis’


‘Stel nu dat we voor een hoofdpersoon hadden gekozen zonder gewetenswroeging. Wat voor film zouden we dan zien?’, vraagt hij aan de historica. Van Pagee: ‘Dan zou het gaan over hoe het kan dat iemand geen gewetenswroeging krijgt over zulke verschrikkelijke daden. Dat is dus wat in de werkelijkheid is gebeurd. En waarom kan dat? Vanwege de ideologie waarmee iemand op oorlogspad wordt gestuurd.’

Kort geding

Nog voor de lancering van De Oost was er veel kritiek op de keuzes die Taihuttu heeft gemaakt voor zijn vertelling van deze geschiedenis. In de trailer, die vorig jaar in september verscheen, was te zien dat de Nederlandse soldaten in Westerlings DST zwarte uniformen droegen. In de film draagt de omstreden kapitein een snor, die volgens de Federatie Indische Nederlanders (FIN) teveel doet denken aan die van Adolf Hitler. FIN-voorzitter Hans Moll noemde De Oost na het zien van de trailer een ‘puur anti-Nederlandse propagandafilm’.

De Indische organisatie heeft een kort geding aangespannen tegen de filmmakers. Er moet een disclaimer worden geplaatst, die het fictieve karakter van de film benadrukt. Er wordt al een disclaimer vertoond, maar die krijgen we pas te zien na de aftiteling. FIN is van mening dat deze disclaimer veel eerder en veel prominenter in beeld moet komen. De uitspraak van het kort geding volgt vandaag.

De federatie stelt bovendien dat Nederlandse militairen niet naar de voormalige kolonie werden gestuurd ‘om de Indonesische vrijheidsstrijd neer te slaan’, zoals de film doet beweren, maar om een eind te maken aan de Bersiap. Tijdens deze gewelddadige periode tussen 1945 en 1946 hebben Indonesische verzetsstrijders duizenden (Indische) Nederlanders gemarteld en vermoord vanwege hun Nederlandse en Europese etniciteit. Ook Chinezen, Molukkers en Japanners werden vermoord.

‘Als wij die disclaimer zouden moeten plaatsen zou dat een aantasting zijn van de vrijheid van meningsuiting’, zegt Verdonk tegen NU.nl. Bovendien zou Nederland hebben besloten om militair in te grijpen vanwege het uitroepen van de Indonesische onafhankelijkheid door Soekarno en Hatta, en niet vanwege Bersiap. ‘De disclaimer die zij willen is daarmee historisch incorrect’, aldus de filmproducent. 

Ongenuanceerd

‘Ik ben het volledig eens met FIN’, zegt Hein Scheffer, voorzitter van het Veteranen Platform. Naar aanleiding van een voorvertoning van de film hebben de oud-strijders een statement uitgebracht waarin staat dat De Oost een ‘eenzijdig en ongenuanceerde benadering hanteert van het militaire optreden in de voormalige kolonie.’

‘In de film worden hoofdzakelijk negatieve punten van de Nederlandse soldaten naar voren gebracht. Dan heb ik het over hoerenloperij, drank en vechtpartijen. Alleen dat belichten is ongenuanceerd’, zegt Scheffer.

Volgens hem zouden de Nederlandse soldaten ook de Indonesische bevolking hebben geholpen, en was het hardhandige optreden van Westerling er ook om Indonesische opstandelingen te bestraffen die buitensporig geweld gebruikten en misbruik maakten van hun eigen bevolking. Daarnaast werden de geweldplegingen die de opstandelingen toepasten weinig in beeld gebracht, stelt hij. Zo werden aan het begin van de film een dorpsleider en zijn echtgenote vertoond, die zouden zijn onthoofd door Indonesische rebellen. De onthoofding zelf werd niet in beeld gebracht, in tegenstelling tot het geweld van de Nederlandse troepen tegen de Indonesische bevolking.

‘De film toont hoofdzakelijk negatieve punten van de Nederlandse soldaten: hoerenloperij, drank en vechtpartijen. Alleen dat belichten is ongenuanceerd’

Het Veteranen Platform heeft met name kritiek op het lespakket ‘De wereld van De Oost’, dat de makers op basis van de film ontwikkelen voor (middelbare) scholen. ‘Filmmakers hebben de artistieke vrijheid om een eigen interpretatie op de geschiedenis los te laten, en als die disclaimer er prominenter aan het begin van de film komt, dan is de film voor ons meer acceptabel. Maar de film vormt de basis van het lesmateriaal dat ze ontwikkelen’, zegt Scheffer. ‘Er zijn een heleboel elementen die je kunt gebruiken uit ons koloniaal verleden om onze jeugd bewustwording bij te brengen.’

Als voorbeeld noemt Scheffer de plantages waar handelsgewassen werden verbouwd. Dit zorgde volgens hem voor voorspoed en welzijn voor de Nederlands-Indische bevolking. ‘Om onze schooljeugd bewustzijn bij te brengen over het koloniale verleden door de politionele acties uit te lichten en wat Westerling had gedaan, dat vind ik niet gepast.’

Misdaden

Ondanks de commotie rondom de film is producent Sander Verdonk ervan overtuigd dat het een goede eerste aanzet is om verschillende perspectieven op het koloniale verleden te belichten. ‘Een goede oorlogsfilm is altijd een anti-oorlogsfilm. Ik ben altijd verslaafd geweest aan geschiedenis. Het verbaasde mij zeer toen ik dankzij regisseur Jim Taihuttu besefte hoeveel er verzwegen is.’

Verdonk wijst ook op de vele boeken en documentaires, die het grote publiek maar niet weten te bereiken. ‘Daardoor was er behoefte om een – wat korter door de bocht – populair-culturele uiting te maken over deze koloniale geschiedenis. Wij willen laten zien dat daar heftige dingen zijn gebeurd. Tegelijkertijd willen we een manier vinden om het publiek daarin mee te krijgen met een hoofdpersonage die niets heroïsch doet. Maar hopelijk wel iets heeft gedaan wat we nu allemaal zouden doen.’

‘Dat vraag ik mij dus af’, reageert Francisca Pattipilohy op Verdonk tijdens een nabespreking van de film. De 95-jarige Pattipilohy is jaren actief geweest in de zwarte- migranten-, en vluchtelingenvrouwenbeweging, en heeft de voormalige kolonie doorleefd. Volgens Pattipilohy zou het Nederlandse leger in Indonesië vijfduizend militairen hebben verloren tussen 1945-1949. Het Indonesische leger verloor naar schatting tussen de vijftig- en honderdduizend mannen.

‘Het is Nederland dat de misdaden pleegde tegenover de Indonesische bevolking, niet de soldaten’

‘Er wordt niets gezegd over de honderdduizenden Indonesische burgers wiens levens zijn beroofd. Dit weet het Nederlandse volk ook niet. Wat kan deze film hieraan bijdragen?’, vraagt zij zich hardop af. ‘Waar ik nu zo bang voor ben, is dat na het zien van deze film de soldaten worden beschuldigd van de misdaden die zij hebben gepleegd. Het is Nederland dat de misdaden pleegde tegenover de Indonesische bevolking, niet de soldaten. Zij hebben van Nederland het foute beeld gekregen dat ze iets goeds deden voor hun land. Het is zo jammer dat dat niet meer naar voren werd gebracht in de film.’

‘Je zou toch de koning moeten uitnodigen om De Oost te zien’, zegt Jeffry Pondaag tegen Sander Verdonk. ‘Dan ziet hij waar hij zich voor heeft verontschuldigd tegenover Indonesië. En als hij de film niet wilt zien, kun je daarover berichten.’

UPDATE: Er komt geen disclaimer vóór de film. In het kort geding over de disclaimer oordeelde de rechter dinsdagmiddag dat de producent als aangeklaagde ‘niet aan veroordeling kan voldoen’. De rechten zijn al verkocht aan Amazon en dus is die verantwoordelijk, niet de producent. FIN laat de Kanttekening weten de uitspraak ‘teleurstellend’ te vinden en zich nog te beraden of er verdere stappen komen.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -