Twee WhatsAppgroepen, voor en tegen het AZC aan de Sportlaan

Ahlam Benali
Ahlam Benali
Journalist en publicist

Lees meer

Op de avond dat de eerste vijftien asielzoekers aankwamen in Loosdrecht, vlogen er fakkels en vuurwerk richting het gebouw waar ze net hun tas hadden neergezet. En de brandweer werd tegengehouden terwijl de struiken tegen het gebouw al vlam hadden gevat. Dit gebeurde alleen maar om wie ze zijn en waar ze naartoe waren gebracht.

Ik moest aan die avond denken toen ik vorige week door de gangen liep van het voormalige ziekenhuis aan de Sportlaan in Den Haag. Bij de ingang staat een bronzen beeld van Asklepios. De Griekse god met een staf in zijn hand en een slang die zich er kronkelend omheen wikkelt. Hij staat er al sinds 1960 als wachter tussen leven en dood. Hij hielp iedereen. Nooit heeft hij gevraagd wie er binnenkwam.

Twaalf jaar geleden lag ik hier zelf, uitgeput en intens gelukkig. Midden in de nacht hoorde ik mijn zoon voor het eerst huilen, zo hard dat het leek alsof hij wilde dat iedereen het wist. Niemand vroeg toen wie hij was of waar hij vandaan kwam. Hij werd gewoon liefdevol opgevangen. Nu is de ruimte veranderd in een tijdelijke theaterzaal, de rest van het gebouw staat leeg en stil. Het had een nieuwe bestemming moeten krijgen. Een asielzoekerscentrum.

Tijdens de commotie rondom die plannen speelde theatergezelschap Firma Mes daar de voorstelling Roomservice. De makers wonen zelf in de buurt en kregen ook de bewonersbrief over het azc op de mat. En in plaats van te demonstreren kozen ze ervoor om te luisteren naar de buurtbewoners, winkeliers, het COA, statushouders en de gemeente. Wat ze ophaalden, zag je terug op het toneel.

In de wijk ontstonden twee WhatsApp-groepen. De één tegen de komst van de asielzoekers en de ander die de nieuwkomers welkom heet. De voorstelling liet ook zien dat vriendschappen in de wijk kapot gingen, want elke kant had zijn eigen waarheid, en die waarheden pasten niet meer bij elkaar.

Wat zouden ze denken nu ze mij hier zien lopen?

En toen kwam de zin die dwars door me heen sneed. Dat mensen niet ergens naartoe vluchten, maar ergens vandaan. Ze laten een huis achter, ouders die ze misschien nooit meer terugzien. Bommen die ’s nachts vallen op daken waar kinderen sliepen. Dit alles ruilen ze in voor een tent, een overvolle boot, een wachtkamer zonder uitzicht. En niemand doet dat voor het plezier, en al helemaal niet voor een gebouw dat, zodra ze aankomen, in brand kan worden gestoken.

Met die gedachte nog in mijn hoofd liep ik na de voorstelling de wijk in, samen met mijn vriendin Bettelies. Ik zag villa’s met dubbele opritten, dure auto’s zonder een spatje vuil, geparkeerd op een paar honderd meter van een gebouw dat had moeten wachten op mensen die niets meer hebben. Hoe kan het dat mensen die werkelijk alles hebben, een ander niet eens het allerkleinste gunnen? Ze noemen het bezorgdheid om veiligheid, maar eigenlijk is het de angst voor gelijkheid.

Een man liep voorbij met zijn hond en keek zonder groet langs ons heen, en verderop deden twee vrouwen bij hun fiets alsof wij er niet waren. Wat zouden ze denken nu ze mij hier zien lopen? Misschien zien ze niet mij, maar alleen een hoofddoek, iemand die volgens hen terug moet naar haar eigen land?

Ik moest weer denken aan een scène uit de voorstelling die ik nog niet kon loslaten. Een buurtbewoner werd daarin boos omdat er een dakloze in zijn tuin lag te slapen. Ik vroeg me af hoeveel verslaving en huiselijk geweld er achter al die dichte voordeuren in deze wijk schuilgaan. Een dakloze die in een tuin slaapt is zichtbaar en krijgt een oordeel, maar wat zich achter deze voordeuren afspeelt, blijft onzichtbaar.

De nieuwe coalitie van Den Haag heeft afgelopen vrijdag besloten dat er geen azc komt aan de Sportlaan. De Griekse god heeft geboortes gezien en de dood, en nu ook een wijk die de deur dichthoudt voor mensen die niets anders vragen dan wat hij al zestig jaar symboliseert. Hulp bieden zonder te vragen wie je bent.

In Loosdrecht kreeg afkeer van de ander een vlam, en hier krijgt die een handtekening en beleid. Minder zichtbaar, maar niet minder hard. Deze wijk was niet bang voor wat er kon gebeuren, maar voor wat het zichzelf al had wijsgemaakt.

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -