De Israëlische regering heeft onlangs de massamoord op de Armeniërs in het Ottomaanse Rijk tijdens de Eerste Wereldoorlog officieel als genocide erkend. Daarmee erkent zij ook impliciet het eigen daderschap in de Gaza-genocide, stelt criminoloog Yarin Eski.
De Armeense premier Nikol Pashinyan reageerde vorige week terughoudend op de Israëlische erkenning van de Armeense genocide. Hij benadrukte dat Armenië de genocide niet als politiek wapen wil gebruiken.
Serj Tankian, zanger van de metalband System of a Down, kleinzoon van overlevenden van de Armeense genocide en al decennialang een van de bekendste pleitbezorgers voor internationale erkenning daarvan, reageerde woedend. Volgens Tankian wordt de gitzwarte geschiedenis van zijn volk misbruikt voor geopolitieke doeleinden. Jarenlang hield de Israëlische regering die erkenning namelijk tegen vanwege de strategische relatie met Turkije. Die was belangrijker dan de historische werkelijkheid.
Nu de toch al gespannen relatie tussen Israël en Turkije door hun tegenstrijdige belangen in Syrië na de val van de Assad-regering verder is verslechterd en de twee landen op ramkoers liggen, komt de erkenning de Israëlische regering goed uit. Volgens Tankian gebeurt dat juist op het moment dat diezelfde regering zelf genocide pleegt in Gaza. Hij schreef op Instagram: ‘Ze gebruiken onze geschiedenis, onze genocide, onze pijn voor hun politiek gewin.’
Uiteraard verwierp de Turkse president Erdogan de Israëlische erkenning van de Armeense genocide. Hij stelde dat Israël, gezien het grote aantal Palestijnse doden in Gaza, geen moreel gezag heeft om Turkije de maat te nemen. Hij zei: ‘Onze geschiedenis is vrij van genocide, massamoord, onderdrukking en kolonialisme.’
Motie van Wilders
Ook in Nederland is de erkenning van de Armeense genocide als politiek wapen gebruikt. Geert Wilders diende een motie in waarin hij stelde ‘dat er brede wetenschappelijke erkenning is dat de Armeense volkerenmoord aangemerkt moet worden als genocide’ en de regering verzocht ‘niet langer te spreken’ over ‘de kwestie van de Armeense genocide’, maar over ‘de Armeense genocide’. Daarmee wilde hij de Nederlands-Turkse bevolking, die de genocide nog steeds niet erkent, dwarszitten. De motie haalde het destijds niet.
Vreemd, overigens, dat Wilders toen wel, maar ten aanzien van Gaza niet luistert naar genocidewetenschappers en hun oordeel dat er een genocide plaatsvindt. Ook het huidige kabinet-Jetten lijkt, net als de vorige kabinetten, nog steeds niet naar experts te (willen) luisteren. Het is namelijk nog altijd ‘niet opportuun‘ de Armeense genocide te erkennen en het officiële standpunt blijft dan ook om te spreken over de kwestie van de Armeense genocide. We polderen op elk onderwerp, blijkt maar weer.
Dat is opmerkelijk, omdat juist Adolf Hitler een van de eerste regeringsleiders was die de Armeense genocide erkende, hoewel het genocideconcept zelf nog niet bestond. ‘Wie herinnert zich vandaag nog de uitroeiing van de Armeniërs?’, vroeg Hitler in 1939 tijdens zijn Obersalzberg-rede. Het is een cynische erkenning van de Armeense genocide. Volgens historici wilde Hitler ermee aantonen dat volkerenmoord ongestraft kan blijven, zelfs als er overeenstemming over is dát die heeft plaatsgevonden.

De geestelijk vader van genocide als begrip, de Pools-Joodse advocaat Raphael Lemkin, reageerde precies tegenovergesteld op de Armeense volkerenmoord. Mede geïnspireerd door deze geschiedenis – en die van de Holocaust – ontwikkelde hij het concept genocide. Hij maakte dergelijke vernietiging benoembaar en werkte eraan die strafbaar te stellen, in het bijzonder door genocide juridisch en moreel toepasbaar te maken. Dat kader is later verdragsrechtelijk verankerd in de Genocideconventie.
Straffeloosheid is terug
Vandaag de dag, in onze extreem multipolaire wereld, waar de Trumps, Poetins en Xi’s het voor het zeggen hebben, lijkt de rechtvaardiging van genocide terrein te winnen ten koste van het universaliteitsbeginsel van de Genocideconventie. Dat verdrag wordt eigenlijk keihard genegeerd door de machtigste landen der aarde. Het dwingende verbod op genocide wordt zo een dode letter. Of scherper gezegd: de straffeloosheid na de Armeense genocide die Hitler inspireerde, is terug, maar ditmaal vermomd als politieke schijnheiligheid.
De taal die machthebbers gebruiken, verdraait en verbergt de gruwelijke werkelijkheid
Nog erger vind ik dat dergelijk cynisch opportunisme eerder regel dan uitzondering is. Het past precies bij het gevaarlijke retorische spel dat regeringen vandaag de dag spelen, niet alleen met de feiten over de Gaza-genocide, de Armeense genocide of de eerste en tweede genocide in Darfur, maar met nog veel meer genocides. De taal die machthebbers gebruiken, verdraait en verbergt de gruwelijke werkelijkheid. Zo ontstaat geopolitieke ruimte die veelal uitmondt in nog meer mensenrechtenschendend massageweld.
De Frans-Joodse filosoof Jacques Derrida, die zich altijd kritisch uitliet over het Israëlische koloniale bezettingsbeleid in Gaza, sprak van violence originaire, oorspronkelijk geweld. Daarmee doelde hij op het idee dat wij, zodra we de wereld (theoretisch) proberen te vatten in taal, onvermijdelijk geweld doen aan de complexiteit van de werkelijkheid. Maar ook dat elk rechtsstelsel en iedere grondwet – juridische taal dus – historisch zijn voortgekomen uit, in principe, een onwettige daad van (massa)geweld. Dat geldt voor de stichting van de Turkse, Israëlische, Amerikaanse, Russische en Chinese natiestaat, en vele andere natiestaten.
Dat betekent dat woorden er dus écht toe doen. Volkskrant-commentator Raoul du Pré schreef vorige week nog dat in ons parlement systematisch ‘huisvijanden’ worden gecreëerd. Politici dragen zo bewust bij aan een klimaat van haat en polarisatie dat uiteindelijk hun eigen gezag en ambt ondermijnt.
Israëlische regering valt door de mand
Daarom vind ik de cynische Israëlische erkenning van de Armeense genocide zo intrigerend. Met die erkenning legt de Israëlische regering niet alleen de eigen dubbele moraal bloot, maar valt zij ook, heel simpel gezegd, door de mand.
Door het universaliteitsbeginsel van genocide te erkennen, erkent zij impliciet dat genocide niet exclusief aan de Holocaust is verbonden. Daarmee bevestigt de Israëlische regering de formeel-juridische universaliteit van het genocideverbod zoals dat sinds 1948 verankerd is in de Genocideconventie. Dat is in strijd met het officiële Israëlische standpunt dat de Holocaust een absoluut unieke genocide of zelfs een unieke gebeurtenis is. Die opvatting, die ook binnen delen van de Holocauststudies invloedrijk was, is nauw verweven met de identiteit van de staat Israël.
De Holocaust of welke genocide dan ook een uitzonderingspositie toekennen, is inmiddels een sterk bekritiseerde manier van prioriteren tussen genocides.
Juridische gevolgen
De Israëlische zelfondermijning hier zou zomaar eens juridische gevolgen kunnen hebben, specifiek door de Israëlische erkenning van bepaalde gebeurtenissen, zoals doelgerichte arrestaties, gedwongen deportaties, uithongering, onteigening van land en eigendommen en uiteindelijk de massamoord op de Armeniërs. Deze voltrok zich vrijwel volledig op een manier die sterk vergelijkbaar is met de huidige genocide in Gaza en andere genocides.
Inmiddels zijn er al 14 landen die sinds 2024 de Gaza-genocide erkennen
Ook opmerkelijk is dat de Israëlische regering, in casu de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Gideon Sa’ar, ter rechtvaardiging van de erkenning erop wees dat inmiddels 32 landen de Armeense genocide erkennen, terwijl Turkije die volgens hem nog altijd systematisch ontkent en bagatelliseert.
Inmiddels zijn er al 14 landen die sinds 2024 de Gaza-genocide erkennen. Als we de Israëlische redenering van erkenning van de Armeense genocide in getal en tijdlijn consequent toepassen, zou ook op die manier de Israëlische regering indirect een patroon (h)erkennen ten opzichte van de Gaza-genocide.
Dan heb ik het nog niet eens over de VN-rapportages, juristen en mensenrechtenorganisaties die al enkele jaren waarschuwen voor de systematische uithongering, illegale Israëlische nederzettingen, gedwongen migratie en de massale slachting van burgers in Gaza, waarbij meerdere malen dat alles tezamen wordt opgevoerd als bewijs voor genocidale intentie en genocide. Onlangs verscheen opnieuw een schrijnend rapport over het structureel uitroeien van kinderen in Gaza. Naast deze officiële kanalen zijn er talloze onofficiële die afgrijselijk audiovisueel materiaal verzamelen als bewijs, zoals deze website (let op: het is echt ijzingwekkend wat daar te zien is).
Hoop op Zohran Mamdani
Zelfs vergeleken met de genocides in Rwanda (1994) en Srebrenica (1995), uitgezonden op tv, is er nu al veel meer (live) inzicht in de Gaza-genocide. Er is ook meer en sneller dan ooit erkenning door regeringen. Er is zelfs een zaak aanhangig gemaakt bij het Internationaal Strafhof en een arrestatiebevel uitgevaardigd tegen onder andere Netanyahu zelf. In september dit jaar zal de Israëlische premier naar New York gaan om de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties bij te wonen. Internationaal vestigt men de hoop op de burgemeester van New York, Zohran Mamdani, om hem inderdaad te arresteren, mocht Netanyahu daar arriveren. Netanyahu lijkt dat niets te schelen.
Van het ‘recht op zelfverdediging’ als legitimatie voor het genocidale geweld tot het betwisten van slachtofferaantallen; van het instrumentaliseren van kritiek op de Israëlische staat als antisemitisme tot iedere Palestijn een Hamasaanhanger noemen en hen zo te dehumaniseren; van het oorlogsrecht herinterpreteren tot het zwartmaken van VN-gezant Francesca Albanese; en van het toelaten van voedselhulpdistributie waarop verhongerde Palestijnen afkomen, die vervolgens doodgeschoten worden door het Israëlische leger, tot de opportune erkenning van de Armeense genocide (en er zijn nog veel meer voorbeelden) – er wordt middels bedrog een genocide ontkend terwijl die gaande is.
Uiteindelijk is dat zelfbedrog en zelfondermijning. Want in hun strijd om internationale legitimiteit, waarin het erop lijkt alsof zij de genocide gepleegd door de ander nodig hebben voor een listige afleidingsmanoeuvre, geven namelijk zowel de Israëlische als de Turkse regering het eigen genocidedaderschap toe.
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

