In 1944 vlogt Joodse Eva haar leven

Loïc Michels
Loïc Michels
Journalist gespecialiseerd in Europa en 'nieuwe' Nederlanders.

Lees meer

‘Ik woon bij mijn grootouders’, vlogt de 13-jarige Eva in februari 1944. ‘Kan je het geloven? GAAP!’ De Joodse Eva geeft haar volgers een inkijkje in haar leven door middel van stories, korte stukjes film die gebruikers op Instagram-profielen plaatsen. Door de lens van een smartphone toont ze, met een overdaad aan hashtags, filters en emoji’s, haar omgeving: een keurig huis vol antieke meubels, haar beeldschone moeder, haar kleine nichtje en ‘Annie, mijn BFF. Ze danst net als Josephine Baker.’ Eva laat ons kort een meisje met vlechtjes zien, dansend op oude jazz.

Eva woont in Hongarije, en in februari 1944 zijn Joden daar nog veilig. Maar al snel slaat de sfeer om, en om de zoveel dagen plaatst Eva een story met de nieuwste ontwikkelingen. In de persoonlijke vloggerstijl van onvaste camera’s en onflatteuze hoeken zien we hoe de sfeer grimmiger wordt en discriminerende incidenten zich opstapelen. In de story van 19 maart maakt Eva ons getuige van een nieuw dieptepunt. Vanuit de ramen horen Eva en haar klasgenoten het gepiep van tanks en de dreunen van strak marcherende laarzen. Ze kijkt naar buiten en laat ons zien dat haar rust definitief voorbij is: de nazi’s annexeren Hongarije.

Nu anno 2019 de laatste overlevenden van de Holocaust hoogbejaard zijn en de Tweede Wereldoorlog steeds verder de geschiedenis in drijft, is het de vraag hoe we de herinnering levend houden. De opkomst van sociale media biedt wellicht uitkomst. Is het mogelijk om de gruwelen van de Holocaust bij de jongste generatie over te brengen via hét social medium van deze tijd: Instagram?

‘Laten we iets ingrijpends doen’

De Israëlische zakenman Mati Kochavi en zijn dochter Maya besloten een poging te wagen. ‘Buiten Israël is de herinnering aan de Holocaust aan het verdwijnen’, zegt vader Kochavi tegen de New York Times. ‘We dachten: laten we iets ingrijpends doen.’ Na het lezen van ongeveer dertig tienerdagboeken besluiten ze hun verhaal te baseren op het dagboek van Eva Heyman, en haar hoofdpersoon te maken. Vader Kochavi: ‘Eva’s dagboek heeft iets heel moderns en herkenbaars.’

Eva Heyman leefde in het Hongaarse Nagyvarad, een stadje met honderdduizend inwoners, waarvan een vijfde deel Joods was. Ze groeide op in een gezin uit de middenklasse, en begon met het schrijven van haar dagboek op haar dertiende verjaardag in februari 1944. Ze droomde ervan om nieuwsfotograaf te worden, wat verklaart waarom ze al haar gebeurtenissen filmt. Wanneer de Duitsers haar familie bevelen naar het getto te verhuizen, schrijft ze zelfs hoe ‘alles gebeurde zoals in een film.’

Om de vertaalslag naar film te maken zetten de Kochavi’s een grote productie op, die volgens de New York Times enkele miljoenen en bijna vierhonderd medewerkers betreft – voor sommige scènes gebruiken ze authentieke tanks, trucks en motors. Eind april zetten ze het verhaal in zeventig kleine episodes, van samen bijna een uur, op het Instagram-account @Eva.stories. Precies zoals een hedendaagse tiener zou doen.

Meteen trok de pagina de volle aandacht: nog voordat het account geactiveerd was had een marketingcampagne in Israël al meer dan tweehonderdduizend volgers getrokken. Op het moment van schrijven is dat gegroeid tot 1,7 miljoen, met publiciteit van kranten en publieke personen uit de hele wereld. De Israëlische minister-president Netanyahu sprak zijn steun uit in een videoboodschap, het Witte Huis gaf het aandacht en de bekende Amerikaanse comedian Sarah Silverman twitterde erover: ‘Wie kijkt er @Eva.stories op IG [Instagram]? Wow.’

Trigger

Ook in Nederland bekijken velen @Eva.stories met belangstelling. Sommigen, zoals Bas Kortholt, doen dat beroepsmatig. Kortholt is researcher bij Herinneringscentrum Kamp Westerbork en geïnteresseerd in nieuwe ontwikkelingen die helpen het verhaal van de Holocaust verder te vertellen.

Voor hem zijn sociale media zeker een welkome aanvulling – maar absoluut geen vervanging. ‘Elk medium heeft zijn voor- en nadelen. Ook het vlugge Instagram.’ Sociale media verweven de herinneringsboodschap in het alledaagse, waarna – zo hoopt Kortholt – het publiek de tweede stap neemt en zich gaat verdiepen in de Holocaust. ‘Het is een moeilijke vergelijking’, zegt Kortholt, ‘maar ook bij films gaan mensen kijken nadat ze een trailer hebben gekeken. Ik hoop dat verhalen op sociale media triggers zijn om boeken te kopen, een documentaire te kijken of ons herinneringscentrum te bezoeken.’

Uiteindelijk is het de vraag: is het verhaal verder verteld? ‘Het gaat ons uiteindelijk allemaal om hetzelfde doel: nooit meer.’ Kortholt benadrukt echter dat mensen zo divers zijn dat er niet één manier is om de ernst van de Holocaust over te brengen. ‘Voor de één is een foto de trigger – voor de ander is dat de koppeling met de actualiteit, een persoonlijk verhaal, of het grotere verhaal van heel Nazi-Duitsland.’

Beperkingen

Zelf ziet Kortholt zijn Herinneringscentrum Kamp Westerbork nog niet zo snel in de voetsporen treden van vader en dochter Kochavi en hun gebruik van Instagram-stories. Hoewel medewerkers er zeker naar kijken en van leren, zijn het budget en de middelen te beperkt. Daarnaast is het heel moeilijk om te voorspellen of iets een succes wordt. ‘Als jij mij een kant-en-klaar recept aan kan leveren, kunnen wij het ook doen.’

Bovendien plaatst Kortholt kanttekeningen bij het bereik van zoveel mogelijk mensen als doel nummer één: ‘Als bezoekersaantallen de graadmeter van succes zijn, moeten we eigenlijk een tweede Anne Frank-museum neerzetten – dat is het verhaal wat heel veel mensen trekt. Maar dan doen we geen recht aan de andere honderdduizend mensen die uit Westerbork weggevoerd zijn.’

Ten slotte is er altijd het probleem van smaak. Kortholt weet dat elke vernieuwing en verandering in het herinneren met verzet te maken krijgt. ‘De één wil het hele kamp opnieuw opbouwen om het levendig te houden. Anderen wilden alles helemaal kaal laten, voor hen is zelfs een monument al ‘een kermis’.’

Dramatisering

Ook @Eva.stories loopt risico niet gevoelig genoeg met de materie om te gaan. Er is een haast eeuwigdurende discussie over de middelen die toegestaan zijn om het verhaal van de Holocaust te vertellen – mag je een gruwelijk verhaal veranderen of doelbewust spannend vertellen?

@Eva.stories dramatiseert het verhaal van Eva zeker, en bouwt de spanning op met zorgvuldig gekozen, spraakmakende gebeurtenissen. Nadat de nazi’s Hongarije annexeren, laat Eva zien hoe ze voor het eerst haar Jodenster moet dragen, hoe Duitse soldaten hun buurt terroriseren en alle huizen leegroven – en hoe uiteindelijk alle Joden naar de getto’s moeten verhuizen.

In Israël menen sommige critici dat de banale vorm, met alle hashtags en filters van de hedendaagse Instagram-cultuur, ongepast is. ‘Het is een vertoning van slechte smaak’, schrijft de Israëlische muzikant en maatschappijleer-leraar Yuval Mendelson in een opiniestuk voor de Israëlische krant Haaretz. ‘Het is een korte stap van ‘Eva’s Verhaal’ naar selfies voor de poorten van Auschwitz’, schrijft hij, verwijzend naar de ophef die regelmatig terugkeert wanneer tieners schijnbaar achteloos lachend voor selfies poseren bij Holocaust-monumenten.

Toch lijkt Mendelson in de minderheid. Zelfs het officiële herinneringscentrum in Israël, Yad Vashem, staat achter de middelen van @Eva.stories, blijkt uit een persbericht: ‘Het gebruik van sociale media om de Holocaust te herdenken is zowel legitiem als effectief.’ Ook het Nederlandse Anne Frank-huis ziet brood in het gebruik van sociale media. In een reactie laat het weten dat sociale media belangrijk voor ze is om jonge mensen te bereiken en dat het verhaal van de Holocaust en Anne Frank altijd wordt verteld met nieuwe methodes. ‘Bijvoorbeeld stripverhalen, musicals, films, Virtual Reality, enzovoorts. Dit leverde soms controverse op, maar inmiddels is een stripboek als lesmethode volledig geaccepteerd.’

Identificatie als sleutel

Iemand die zich van een grotere afstand voor @Eva.stories interesseert, is Rob van der Laarse. Als hoogleraar Heritage and Memory of War and Conflict aan de Universiteit van Amsterdam ziet hij @Eva.stories in de lange traditie van Holocaust-vertellingen met behulp van dagboeken. Die verhalen, zo stelt hij, worden continu ‘gemedialiseerd’, van dagboek naar film naar musicalstuk en weer terug. Een Instagram-vertelling is slechts een volgende stap in het vertellen van de Holocaust op een persoonlijke manier, toegesneden op de beeldcultuur van nu.

De traditie van het uitwerken van Joodse tienerdagboeken is in de twintigste eeuw vanuit Amerika overgewaaid. De redenen daarvoor zijn talrijk en complex, maar één daarvan is zeker de heldenrol die de VS zichzelf moesten aanmeten. Hun kostbare inmenging in de oorlog, waar veel Amerikaanse zonen sneuvelden, moest worden gerechtvaardigd, vertelt Van der Laarse. ‘Verhoudingsgewijs was er een ongekend hoog slachtofferaantal onder Amerikaanse jongens. Dan zoek je altijd naar een reden: hebben we gevochten voor justice en een right war?’ Waar het aanvankelijk nauwelijks meewoog in de beslissing de oorlog in te gaan, bleek later de gruwelijke Holocaust de perfecte kandidaat om de oorlog zin te geven.

Gemotiveerd om het publiek te doordringen van de onmenselijkheden en ongehinderd door eigen gemengde gevoelens van daderschap die Europeanen tartten, stortten uitgevers, schrijvers en filmmakers zich op manieren om de verhalen aangrijpender te maken. Techniek nummer één voor de verhalen aan de man brengen: het vertellen van persoonlijke, behapbare verhalen waarmee het publiek zich kan identificeren. Het dagboek is daar perfect voor.

Als voorbeeld geeft Van der Laarse het bekendste dagboek, dat van Anne Frank. De VS liepen voorop in het gebruik van haar verhaal. In Nederland was aanvankelijk geen uitgever geïnteresseerd en volgde de doorbraak pas nadat een Engelse vertaling verscheen. Ook het Anne Frank-huis opende eigenlijk als een documentatiecentrum van hedendaags racisme in plaats van een herdenkingsplek voor Anne Frank en de Holocaust. ‘Maar daar klopten steeds meer Amerikaanse toeristen aan de deur die haar dagboek hadden gelezen: ‘Mogen we op bezoek om te kijken?’ Pas na vele Amerikanen zag het Nederlandse Anne Frank-huis de emotionele waarde van het verhaal.

Wat betreft de inhoud ziet Van der Laarse dan ook niet veel nieuws bij @Eva.stories: ‘Het is in wezen nog steeds het Anne Frank-verhaal.’ De ‘Instagramificatie’ van het dagboek, dat de hoofdpersoon in de vorm giet waarin zoveel tienermeisjes vandaag de dag opereren, vergroot die identificatie weer. ‘Je zit haast letterlijk in haar huid.’

Dat het medium Instagram op een vernieuwende manier wordt gebruikt verbaast Van der Laarse niet. ‘Alle nieuwe storytelling­-technieken worden als eerste op de Holocaust toegepast.’ In dit geval ziet hij succes in de grote kijkersaantallen, en hij verwacht dan ook dat @Eva.Stories veel navolging zal krijgen. Ook denkt hij dat de identificatie van Holocaustverhalen nog lang niet zal stoppen. ‘We zien hier een generatie die het helemaal niet heeft meegemaakt, de hele beleving – maar toch een steeds emotioneler, indringender medium daarvoor kiest. Dat is nog in volle gang.’

‘Instagram heeft in ieder geval een veel diepere laag gekregen’, zeg Van der Laarse. Inderdaad – @Eva.stories bewijst hoe Instagram ook duistere verhalen kan huisvesten. In het laatste shot zie je Eva in een wagon. Zoals alle vloggers die de kijker iets willen toevertrouwen, filmt ze haar hoofd van beneden – maar zij zegt niks. Ze snikt terwijl honden blaffen en met een doffe dreun de deur dicht valt. Het is over met de story. De kijker keert terug naar het Instagram-dashboard.

- Advertentie -

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here