Op 4 mei herdenken we de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en van latere oorlogen en missies waarbij Nederland betrokken was. Tijdens de Nationale Herdenking staan alleen deze slachtoffers centraal, en niet die van andere conflicten, zoals de genocide in Gaza. Wat vind je daarvan?
Mostafa Hilali, militair
‘Op 4 mei ben ik gewoon twee minuten stil. Conform onze nationale traditie herdenk ik de Nederlandse gevallenen in de Tweede Wereldoorlog, inclusief de onschuldige slachtoffers van nazi-Duitsland en het keizerlijk Japan. Ook herdenk ik mijn collega’s en kameraden die in dienst van Nederland zijn gesneuveld tijdens missies.
Ik zie helaas een verscheuring in mijn digitale vriendenkring. Enerzijds zijn er mensen die vinden dat 4 mei niet mag veranderen en roepen dat ‘woke Nederland’ de herdenking misbruikt voor een politieke agenda. Dat is opmerkelijk, want de invulling van Dodenherdenking verandert al decennia; er worden steeds groepen toegevoegd. Anderzijds zijn er vrienden die geen traditionele herdenking willen vanwege het leed in Gaza en andere plekken in de wereld, en de rol die Nederland daarin speelt. Zij vinden dat we geen recht van spreken hebben als het gaat om ‘nooit weer’.
Ik heb gemengde gevoelens bij beide standpunten. Ik weet niet of het verbreden van de herdenking met de slachtoffers in Gaza iets zal verbeteren aan de situatie daar. Sterker nog, ik denk dat het de sympathie voor het Palestijnse volk eerder schaadt dan helpt. Ook ben ik geen voorstander van het koppelen van de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust aan wat er nu gebeurt in Gaza en de Westbank. Hoe verschrikkelijk het ook is, het is niet hetzelfde als wat de nazi’s hebben gedaan.
Laatste punt: de beste manier om slachtoffers van oorlog en bezetting te herdenken, is door actief bij te dragen aan het beëindigen ervan. Wie op 4 mei plechtig meedoet, maar de rest van het jaar oproept tot meer oorlog en bezetting, is in mijn ogen hypocriet en het niet waard om ‘nooit weer’ te roepen.’
Yunus Kaplan, docent maatschappijleer
‘Ik merk dat die vraag niet meer vanzelfsprekend voelt. Niet omdat ik niet wil herdenken,
maar omdat alles eromheen steeds sneller vastloopt. Alsof je moet kiezen. Alsof stilte niet genoeg is. Alsof die iets moet betekenen, iets moet zeggen. Terwijl stilte voor mij juist het tegenovergestelde was. Even niets hoeven. Niet uitleggen. Niet verantwoorden. Ik sta stil op 4 mei, maar ik merk dat die stilte minder stil wordt. Alsof er toch iets verwacht wordt. Een kant. Een reactie. En dat is precies wat schuurt: dat zelfs stilte niet meer neutraal is.’
Ruben Arnhem, docent
‘Sinds ik het als kind kon beseffen, ben ik stil op 4 mei. Twee minuten lang, bij een oorlogsmonument. De afgelopen vier jaar mag ik zelfs vanuit een bestuursfunctie een krans leggen bij een oorlogsmonument, een moment dat elke keer weer indruk maakt.
Tijdens de Nationale Herdenking herdenken we burgers en militairen die zijn omgekomen in de Tweede Wereldoorlog, de koloniale oorlog in Indonesië en bij latere missies waarbij Nederland betrokken was. Die afbakening is bewust, aangezien het een nationale herdenking is.

Als we naar de geschiedenis kijken en het nieuws volgen, dan weten wij dat er altijd wel ergens in de wereld een oorlog gaande is. Ik begrijp dat sommige mensen ook stil willen staan bij andere oorlogen die nu spelen. Dat is menselijk. Zij zijn vrij om dat elders te herdenken in petit comité.
In het Verenigd Koninkrijk wordt de Eerste Wereldoorlog groots herdacht, terwijl wij daar niets voor organiseren, omdat Nederland niet betrokken was bij deze oorlog. Andere oorlogen verdienen ook aandacht, maar wel op andere momenten.’
Ayala Levinger, softwareontwikkelaar
‘Ik ben Joods en afstammeling van overlevenden van Auschwitz. Voor mij is de Tweede
Wereldoorlog geen abstract historisch onderwerp, maar een directe familiegeschiedenis. Daarom heb ik persoonlijk geen formele twee minuten stilte nodig om stil te staan bij wat mijn grootouders hebben meegemaakt. Die herinnering is continu aanwezig en vormt een blijvend referentiekader voor hoe ik naar oorlog, vervolging en genocide kijk. En ook voor hoe ik naar herdenkingen kijk.
De Nationale Herdenking op 4 mei is altijd selectief geweest in wie er wordt herdacht. Maar sinds de genocide in Gaza en het steeds zichtbaarder worden van Israëls imperialistische ambities in West-Azië is deze selectieve herdenking ronduit cynisch. Deze herdenking is in mijn ogen respectloos voor de slachtoffers en voor het publiek, zowel op de Dam als thuis, wanneer politieke leiders plechtige woorden uitspreken over het voorkomen van herhaling, terwijl zij geen daadwerkelijke stappen zetten om hedendaags massaal geweld en mensenrechtenschendingen te stoppen, of daar zelfs indirect en direct aan bijdragen.
Hoe kunnen de woorden en rituelen van deze herdenking nog serieus worden genomen?
Ik voel zelf walging bij het idee dat prominente figuren, zoals Willem-Alexander, straks een centrale rol zullen spelen, terwijl hij kort daarvoor nog de hand schudde van Donald Trump, een wereldleider die enkele dagen eerder nog sprak in termen als ‘een hele beschaving zal vannacht sterven, om nooit meer terug te brengen’ en letterlijk dreigde om een volk van met meer dan 90 miljoen mensen uit te roeien. Door het bezoek niet te annuleren, worden zulke uitspraken genormaliseerd op het hoogste diplomatieke niveau en moeten we dan geloven wanneer de koning ‘nooit meer’ zegt?’
Dimple Sokartara, communicatieadviseur
‘Ik ben stil voor de slachtoffers van de oorlog toen, maar neem ook voor mezelf dat moment om stil te zijn voor de slachtoffers van andere oorlogsmisdaden die zich veel recenter hebben afgespeeld. Hierbij denk ik aan de slachtoffers in Gaza, maar ook in Congo en Iran. En de vele Indonesische mensen wier levens zijn ontnomen, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.’
Ahmed Abdillahi, postbezorger
‘Eerlijk gezegd doe ik zelf niet echt mee aan de twee minuten stilte op Dodenherdenking.
Maar ik ga er wel altijd respectvol mee om. Je zal mij in die twee minuten geen rare dingen zien doen. Ik snap ook wel waarom veel mensen er wél aan meedoen. Het is natuurlijk een belangrijk moment om stil te staan bij de Tweede Wereldoorlog en andere oorlogen waar Nederland bij betrokken is geweest.
Tegelijk merk je dat er iets aan het veranderen is. Steeds meer mensen vragen zich af of de manier waarop we nu herdenken nog wel past bij deze tijd. De samenleving verandert, dus het is eigenlijk logisch dat zo’n traditie ook een beetje mee verandert. Sommigen zeggen bijvoorbeeld: betrek ook andere, meer recente conflicten, zoals wat er speelt in Gaza. Anderen vinden juist dat je het moet houden zoals het is. Voor mij laat dat vooral zien dat mensen er verschillend in staan. En dat is ook oké, zolang we er maar respectvol over blijven praten. Uiteindelijk zien we vanzelf welke kant het opgaat.’
Nu u hier toch bent...
Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.
Vertel mij meer!

