Het Syrische regime heeft positief gereageerd op een verzoek van de Turkse seculiere oppositiepartij CHP om te gaan praten, nu de onrust tussen de landen toeneemt. ‘De intentie om af te spreken is gedeeld, maar we moeten het nog eens worden over de voorwaarden’, aldus de CHP-woordvoerder. Zo meldt de Turkse nieuwssite Bianet.
Ook president Erdogan zelf heeft aangegeven te willen praten met zijn Syrische collega, maar hier is het Syrische regime nog niet op in gegaan. De twee presidenten hebben elkaar sinds het begin van de Syrische burgeroorlog (2011) niet meer ontmoet.
In Turkije heerst grote onvrede over de miljoenen gevluchte Syriërs, die sinds het begin van de oorlog in Turkije verblijven. Lange tijd werd gedacht dat ze uiteindelijk wel weer zouden terugkeren. Dat is niet gebeurd. Met op de achtergrond de verslechterde economische omstandigheden is deze onvrede recentelijk omgeslagen in geweld en racisme. Veel Turken geloven in xenofobe complottheorieën, bijvoorbeeld over de zogenoemde ‘arabisering’ van Turkije. De regering van Erdogan zou dit doelbewust faciliteren, aldus critici.
De seculiere partij heeft zich vanaf het begin van de Syrische burgeroorlog tegen de opname van grote aantallen vluchtelingen gekeerd en wil ze het liefst allemaal terugsturen. De regering lijkt steeds gevoeliger voor dat standpunt. Maar er spelen ook andere zaken. Turkije heeft namelijk in een groot aantal delen van Noord-Syrië troepen gestationeerd, omdat het met argwaan kijkt naar de Koerdische Autonome Regio. Turkije ziet liever geen onafhankelijk Koerdische bestuur in deze regio. Het Syrische regime wil dat Turkije eerst al haar troepen uit het noorden van Syrië terugtrekt voordat er gesprekken plaatsvinden.
De leider van de seculiere partij CHF zei begin juli al dat een bezoek naar Damascus ophanden was. Hij zei toen dat hij de vluchtelingenkwestie zou oplossen en daarvoor ook fondsen uit Europa zou binnenhalen.
Vandaag is het negentwintig jaar geleden dat in Srebrenica 8000 jongens en mannen werden vermoord. Srebrenica-overlever en genocidedeskundige Alma Mustafic wil meer aandacht voor deze volkerenmoord. ‘Er is nog steeds geen fatsoenlijke herdenking.’
Alma Mustafic was 14 jaar toen Srebrenica viel. Haar vader Rizo Mustafic werkte als elektricien voor de Nederlandse soldaten die voor de VN in Srebrenica waren om er de burgerbevolking te beschermen. De Dutchbatters stuurden hem echter weg van de compound en hij werd daarna, samen met meer dan 8000 andere Bosnische mannen en jongens, door het Bosnisch-Servische leger vermoord. Zijzelf wist met enkele families de massamoord te overleven en vluchtte naar Nederland.
Mustafic houdt de Nederlandse staat verantwoordelijk voor de dood van haar vader en voerde jarenlang een rechtszaak. De Hoge Raad oordeelde in 2013 uiteindelijk dat de Nederlandse staat volledig verantwoordelijk is voor de dood van Rizo Mustafic.
Tegenwoordig werkt Mustafic als onderzoeker bij het lectoraat Duurzame Gemeenschappen aan de Hogeschool Utrecht. Eerder dit jaar erkenden de Verenigde Naties 11 juli als internationale herdenkingsdag van de genocide in Srebrenica. Een positieve stap, vindt Mustafic.
Wat is de betekenis van de VN-resolutie om 11 juli tot internationale herdenkingsdag van de genocide in Srebrenica uit te roepen?
‘In elk normaal land zou zo’n verschrikkelijke gebeurtenis als de genocide in Srebrenica op een waardige manier herdacht worden, zodat slachtoffers en nabestaanden de pijn enigszins kunnen dragen. Maar helaas is dat nog lang niet het geval. De genocide wordt door Servische daders en hun bondgenoten ontkend en zelfs verheerlijkt. Het is een continue, terugkerende natrap van Servische nationalisten en separatisten (de Serviërs in Bosnië die zich bij Servië willen aansluiten, red.). Dat verstoort het rouwproces en de weg naar duurzame vrede.
‘Wij zeggen toch ook niet, laten wij de Holocaust niet meer herdenken’
Net zoals in het geval van de Holocaust mag er geen ruimte zijn voor de genocide-ontkenning in het geval van Srebrenica. De betekenis van de Dodenherdenking is voor ons allemaal, zodat toekomstige generaties ermee opgroeien en hopelijk wat ervan opsteken. Maar als we in het geval van Srebrenica niet eens weten wat er allemaal is gebeurd, dan is zo’n resolutie uiterst noodzakelijk. Het is allemaal bedoeld om de herinnering levend te houden, zodat mensen, instellingen, landen en regeringen bij de les blijven.’
‘Het is volstrekt irrelevant wat de Servische president Vucic vindt van deze resolutie. We vragen nazi’s toch ook niet wat ze van de Holocaust vinden? Of IS van de Yezidi-genocide en China van de Oeigoerse genocide? We moeten niet vergeten dat Vucic onderdeel was van het Milosevic-regime dat verantwoordelijk is voor de genocide. Dat hij trouw blijft aan die oude politiek en alles in zijn vermogen doet om de genocide te bagatelliseren, is niet zo verrassend. Ik wil niet teveel woorden aan hem vuilmaken.’
Alma Mustafic
Heeft de internationale erkenning het Servische nationalisme niet alleen maar opgezweept?
‘Dat vind ik wel een beetje een gekke vraag. Wij zeggen toch ook niet, laten wij de Holocaust niet meer herdenken, want misschien schiet dat bij sommigen in het verkeerde keelgat? Het laat volgens mij zien hoe diepgeworteld en springlevend de ideologie van het Groot-Servische rijk is. Voor de Bosnische moslims is er geen plek in die Groot-Servische gedachte, het is de ideologie die de genocide heeft veroorzaakt. Sommigen Bosniakken trekken daarom weg. In die zin is de genocide niet echt afgelopen. De Servische reactie laat juist zien hoe hard deze resolutie nodig is.’
Zie je ook andere ontwikkelingen bij Serviërs?
‘Er zijn genoeg Serviërs die mensenrechten hoog in het vaandel hebben. Dat zij in Servië niet zichtbaar zijn, komt doordat bijna alle media door Vucic worden gecontroleerd. Helaas is er een generatie Serviërs met alleen maar leugens en ontkenning opgegroeid. Maar dat wij, hier in Nederland, die progressieve Serviërs ook geen stem geven, is kwalijk. Dat is echt een gemiste kans. Denk aan mensen als Vladimir Petrovic die bij het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD) in Amsterdam werkt. Zijn academische werk staat in Servië op de zwarte lijst. Dat zegt genoeg over de academische vrijheid daar. Verder staat er niks in die resolutie dat aanstootgevend kan zijn voor Serviërs. Er staat alleen dat feiten over de genocide, die tientallen malen juridisch zijn vastgesteld, niet meer te ontkennen zijn. Dat is het minimale wat men kan doen voor de slachtoffers.’
Over Nederland gesproken, op LinkedIn plaatste je vorige week een foto van het nieuwe kabinet met de tekst: ‘Zo begon het ook in ex-Joegoslavië met de opkomst van extreemrechts, en het eindigde in genocide’. Nederlanders zullen aanstoot nemen aan zo’n post. Hoe ga je daarmee om?
‘Dat kan wel zo zijn, maar veel Nederlanders vinden het ook fijn. Als genocide-expert en onderwijskundige kan ik mijn ogen niet sluiten voor patronen die zich herhalen. Dan vind ik het ook mijn plicht om te waarschuwen. Een herdenking is ook altijd een waarschuwing. De vervolging van een groep mensen begint nooit met vernietigingskampen. In het geval van Srebrenica begon het ook met xenofobe woorden die wij in het begin totaal hebben genegeerd. Genocides beginnen met woorden. Met het aanwakkeren van haatspraak, dehumanisering, discriminatie. De taal die we gebruiken is cruciaal. Het is de eerste fase. Wanneer meerdere lagen van de maatschappij, zoals de politiek en media, maar ook kunst, cultuur en onderwijs dehumaniserende taal gebruiken, zijn mensen binnen tien, twintig jaar bereid om genocide te plegen. De leiders van zulke haatpolitiek zullen natuurlijk nooit hardop zeggen dat ze genocide op mensen die zogenaamd anders zijn zullen plegen, maar ze weten dondersgoed waarmee ze bezig zijn.
‘Processen die tot geweld kunnen leiden, moeten we in de kiem smoren’
‘De ander’ wordt neergezet als gevaar voor de eigen mensen. Als gevaar voor het voortbestaan van het eigen volk, waar de ander niet bij hoort en nooit bij zal horen. Zo gaat het bij elke genocide. Hun verhaal wordt altijd verkocht als bescherming van het eigen volk, nooit als vernietiging van de ander. Als je dat verhaal lang genoeg vertelt, gaan mensen dat op een gegeven moment geloven.
‘Nu hebben we een kabinet met een aantal ministers die zich zeer xenofoob hebben uitgelaten. Dat verzin ik niet. Dat hebben ze echt zelf gedaan. Daarop wijs ik in mijn post. De uitkomst van haatpolitiek kan in het ergste geval leiden tot genocide. Wees gewaarschuwd.’
Je hebt de optie van commentaar uitgeschakeld onder die post.
‘Veel mensen gaan niet constructief het gesprek aan. Er komt veel haatspraak bij kijken. Dat is dus precies wat we moeten vermijden. In Nederland heeft iedereen de mond vol van vrijheid van meningsuiting. Maar sorry, racisme is geen vrijheid van meningsuiting. Processen die tot geweld kunnen leiden, moeten we in de kiem smoren. Laat experts aan het woord. We hebben jarenlang de haat en leugens ongeremd hun werk laten doen met als gevolg dat de haat nu regeert. Nee, zulke stemmen ga ik niet versterken met een beroep op ieder mening telt, of hoor en wederhoor.’
Vier jaar geleden complimenteerde Geert Wilders Srebrenica-veteraan Anne Mulder. Hoe kijk jij daarnaar?
‘Dubbel. Ik ken Mulder persoonlijk. Hij was goed bevriend met mijn vader. Hij zegt altijd: ‘Weet je, je vader was mijn ontspanning in die hel in Srebrenica. Met hem kon ik altijd diepzinnige gesprekken voeren’. Dus ik mag Anne Mulder heel graag. Ik weet dat hij echt veel geleden heeft en hele zware littekens met zich meedraagt. Het is goed dat wie dan ook hem een warm hart toedraagt, als het om zijn verhaal in Srebrenica gaat. Dat heeft Wilders goed gedaan. Daar is niks mis mee.’
Maar is het niet iets typisch Nederlands om Dutchbatters een hart onder de riem te steken?
‘Wij moeten hier in Nederland inderdaad een keertje beseffen dat het in Srebrenica niet in de eerste plaats ging om de Nederlandse soldaten. Ik zeg niet dat hun verhaal er niet mag zijn, maar er wonen hier meer dan 60.000 Bosnische Nederlanders. Zij zijn slachtoffers die door de hel van de Bosnische genocide zijn gegaan. Wij kennen hun verhalen helemaal niet.
‘Die 60.000 Bosnische Nederlanders zijn ook onze mensen’
‘Je hebt mensen die vastzaten in concentratiekampen, martelkampen, zelfs verkrachtingskampen. Dat zijn ook onze mensen. Zij wonen en werken hier, ze dragen bij en betalen keurig netjes belasting. Toch is er geen plek voor hun verhaal. Ik vind het pijnlijk dat we niet eens op zoek gaan naar die mensen. Wij waren toch verantwoordelijk voor hun veiligheid? Ik heb zo vaak een voorstel ingediend om zulke verhalen en documentaires te maken. Steeds worden die afgewezen met we hebben al iets over Srebrenica. Dat gaat dan over onze jongens. Die 60.000 Bosnische Nederlanders zijn ook onze mensen, denk ik dan.’
Hoe zou de nationale Srebrenica-herdenking in Nederland eruit moeten zien? Er lijkt vrij weinig te gebeuren dit jaar.
‘Bijna dertig jaar later is er nog steeds geen fatsoenlijke herdenking geweest. Zo heb ik nooit een minister-president of iemand van het koningshuis bij de herdenking in Den Haag gezien, zoals hoort bij een nationale herdenking. Een herdenking die ook de grote massa bereikt. In de VN-resolutie is opgenomen dat er stappen moeten worden ondernomen voor bekendheid, zodat er veel mensen op afkomen. De herdenking in Nederland wordt georganiseerd door vrijwilligers. Ze doen het hartstikke goed met de middelen die ze hebben. Maar het zou mooi zijn als de staat of de regering hier echt achter staat, zoals bij de slavernijherdenking. Om iets op poten te zetten, zijn middelen nodig. Je kunt ook niet alles in één dag proppen. In de aanloop naar 11 juli moeten er documentaires, films, theatervoorstellingen en conferenties worden gehouden, zodat mensen echt hun pijn en verhaal kunnen delen en de gebeurtenissen een plek krijgen in het collectieve geheugen. De resolutie is dus niet alleen een erkenning, maar vooral ook een aansporing om kennis en bewustwording over de genocide in Srebrenica te vergroten.’
Wat staat er nog meer in die VN-resolutie?
‘Het gaat om kennis en bewustwording, en dat begint met educatie. Academische instellingen worden expliciet opgeroepen om meer onderzoek te doen en onderwijs over Srebrenica te verzorgen. Maar ook de journalistiek heeft een taak te vervullen. Ik verwacht veel meer artikelen van de Nederlandse pers hierover, zodat Srebrenica net zo gaat leven als de Dodenherdenking op 4 mei. Ook als individu kun je bijdragen. Je kunt naar de herdenking komen. Kijk wat binnen je mogelijkheden ligt en handel in lijn met die resolutie.’
Martin Bosma werd geweigerd bij de slavernijherdenking op 1 juli. Zijn PVV’ers welkom bij de Srebrenica-herdenking in Den Haag?
‘Ik begrijp wel dat die man niet welkom is, want hij heeft uitspraken gedaan die tegenover de missie en visie van de slavernijherdenking staan. Gevoelsmatig zou ik geen voorstander zijn van een PVV’er bij de Srebrenica-herdenking. Maar wie ben ik om voor de Bosnische gemeenschap te spreken? Ik ben er namelijk ook altijd voor om met mensen in gesprek te gaan. Dat is echt een voorwaarde om dichter bij elkaar te komen. Ik zou ook een keer met Wilders willen zitten en hem diep in de ogen kijken. Kijken of hij echt meent wat hij zegt, of dat het voor hem een middel is om aan de macht te komen. Maar er is bij mij wel een grens. Dat is genocide-ontkenning.’
Veel politici die een volkerenmoord erkennen, geven niet thuis bij een genocide die niet in hun straatje past. Zo staan Denk-politici op de voorste rij bij de herdenking van de genocide in Srebrenica, maar komen ze niet op 24 april als de Armeense Genocide wordt herdacht. Veel Nederlandse politici zijn bij de herdenking van de Armeense Genocide, maar niet bij de herdenking van de Nakba, de verdrijving van meer dan 700.000 Palestijnen na de stichting van Israël in 1948.
‘Ja, dan denk ik: wat kom je hier doen? Zo ontaarden herdenkingen in symboolpolitiek. Dat gebeurt niet alleen bij de PVV. Heel veel politici reageren op deze manier. Waar zijn ze in hemelsnaam mee bezig?’
Afgelopen weekend is het Israëlcentrum in Nijkerk beklad. De politie verdenkt pro-Palestina activisten. Zondag stond de politie met een stormram op de stoep bij een geschrokken Marlisa Hommel. ‘Ik was boven en stopte mijn dochtertje in bed.’
Op LinkedIn deelt de 33-jarige Marlisa Hommel haar verontwaardiging over de politieactie. ‘Omdat ik voor vrede ben en mij uitspreek tegen de misdaden van Israël ben ik gearresteerd’, schrijft ze. ‘Als doodnormale docent Engels word ik kennelijk als staatsgevaarlijk gezien. Extreemrechts is aan de macht. Doodeng. Blijf je uitspreken mensen, laat je niet intimideren.’ Ze eindigt haar post met de slogan Free Palestine.
Wat is er precies gebeurd?
Hommel: ‘Er was zondagochtend een actie van Justice Now (de pro-Palestijnse tak van Extinction Rebellion, red.) in Nijkerk. Daarbij zijn leuzen met krijtspray aangebracht op het Israëlcentrum dat producten uit Israël importeert en van de organisatie Christenen voor Israël is. Ze verdenken mij ervan dat ik te maken heb met die bekladding.’
Was je hierbij betrokken? Wat is volgens jou precies gebeurd bij het Israëlcentrum?
‘Omdat er een onderzoek loopt, doe ik daar geen uitspraken over. Het demonstratierecht in Nederland is een groot goed.’
Wat is de tenlastelegging?
‘Vernieling en openlijke geweldpleging. Ze denken dat er een groep achter zit.’
Je bent erg geschrokken.
‘Zondagavond kwamen een stuk of acht agenten met gezichtsbedekking en een stormram mijn huis binnen. Mijn partner zag iets buiten en deed de deur open. Ik heb geen idee of ze wilden aanbellen of die stormram gebruiken. Ik was boven en stopte mijn dochtertje in bed. Opeens hoorde ik boven op de overloop ‘Politie, maak je kenbaar!’. Dus ik doe de deur van de slaapkamer open en daar staat een groep agenten. Voor de ogen van mijn vierjarige dochtertje moest ik mee. Dat was een nare ervaring, ook voor haar.’
En toen?
‘Ik heb advocaat Willem Jebbink kunnen bellen. Gelukkig was hij zondagavond bereikbaar. Ik moest maandag staatsexamens afnemen. Daarom hebben ze mij nog dezelfde avond vrijgelaten.’
‘Het is totaal onnodig om met zoveel politiegeweld iemands huis binnen te vallen’
Wat nu?
‘Volgens mijn advocaat is het mogelijk dat er een rechtszaak komt. De politie heeft mijn telefoon in beslag genomen.’
Op sociale media koppel jedeze arrestatie aan de opkomst van extreemrechts.
‘Amnesty heeft onlangs een rapport gepubliceerd, waarin wordt betoogd dat het demonstratierecht in Nederland steeds verder onder druk staat. De angst leeft dat met extreemrechts aan de macht dit nog erger zal worden. Die arrestatie heeft er misschien niet direct mee te maken, maar indirect is het wel intimidatie. Voor het delict waarvan ik word verdacht – krijtspray en posters plakken op een gebouw – krijg je doorgaans slechts een boete. Geen gevangenisstraf. Het is totaal onnodig om dan met zoveel politiegeweld iemands huis binnen te vallen en mensen te intimideren. Ik vermoed dat zulke acties vaker gaan voorkomen en dat de onderdrukking heftiger wordt.’
Op LinkedIn schrijf je dat je kennelijk als staatsgevaarlijk wordt gezien
‘Misschien was die aanduiding over de top, zo net na mijn arrestatie. Als ik echt als staatsgevaarlijk wordt beschouwd, hadden ze meteen de deur ingeramd en mij onder schot en met handboeien om afgevoerd. Toch vind ik het machtsvertoon intimiderend en tekenend.’
Marlisa Hommel
Bedoel je dat veiligheidsdiensten onder kabinet-Schoof de vrije hand hebben?
‘Ik ben zowel klimaatactivist als pro-Palestina-activist. In het kabinet zitten allemaal ministers die racistische uitspraken hebben gedaan. Zij ondermijnen de Grondwet. Het is een gevaarlijke kafkaëske situatie (naar Franz Kafka, auteur van het boek Der Prozess, waarin de hoofdpersoon verstrikt raakt in een ondoorgrondelijk rechtssysteem, red.). Ze nemen, behalve omvolking, hun woorden niet terug. Het is nu meer van: zand erover. Doen alsof er niks aan de hand is. Ik krijg sterk het gevoel dat wolven in schaapskleren ons land besturen.’
Waar komt je activisme voor Gaza uit voort?
‘Binnen Extinction Rebellion heb je een groep die Justice Now heet en zich bezighoudt met kolonialisme. Daar komt mijn activisme voor het klimaat en Gaza samen, bij ecocide en sociale rechtvaardigheid. Klimaatverandering komt ook doordat het neoliberale beleid mensen en de natuur uitbuit. Dat neoliberale beleid stamt uit het kolonialisme en begon al in 1621 bij de Banda-eilanden in de Molukken. Daar heeft Nederland een genocide gepleegd om een koloniale monopolie te kunnen vestigen op nootmuskaat. Ze hebben niet alleen mensen vernietigd, maar ook de natuur. Dat gebeurt nu ook in Palestina. Er is veel gas voor de kust van Gaza. British Petroleum heeft een contract afgesloten met Israël om gas van Gaza te gaan winnen. Ook Amerika is er bezig met gaswinning. Israël pleegt een ecocide.’
Wat moet Nederland doen?
‘In ieder geval stoppen met het ondersteunen van Israël, het leveren van F-35 onderdelen en van onze belastingcenten in cassatie gaan. Uit onderzoek blijkt dat de meerderheid van de Nederlanders niet achter deze oorlog staat, maar de overheid luistert niet echt naar de burgers.’
De Eerste Kamer stemde gisteren in met een wetsvoorstel dat het mogelijk maakt mensen een permanente verblijfsvergunning te weigeren die in Nederland geboren zijn of hier vanaf hun vierde levensjaar wonen, als zij veroordeeld zijn voor een zwaar misdrijf.
Minister Marjolein Faber (PVV) van Asiel en Migratie noemt dit op X goed nieuws. De PVV is erg kritisch over migratie en wilde stevige maatregelen om migratie naar Nederland in te dammen. Ze is om die reden ook blij met het stoppen van de bed-bad-brood-regeling.
Critici stellen echter dat de door de Eerste Kamer aangenomen wet in strijd is met de beginselen van onze rechtsstaat. ‘Mensen die hier geboren zijn, zijn Nederlands maar niet voor dit (en het vorige) kabinet met hun racistische ideeën over wie wel/geen ‘echte’ Nederlander is’, schrijft antropoloog en islamdeskundige Martijn de Koning boos.
Onderzoeksjournalist Sam Gerrits beaamt dit en gelooft dat ‘het grote deporteren’ begonnen is. ‘Als je in Nederland bent geboren en veroordeeld bent voor een zwaar misdrijf, toedeledoki! De volgende stap is een licht misdrijf. Daarna verdenking van een misdrijf. Het is allemaal zo doorzichtig als wat. Ik schaam me kapot.’
Trouw-journalist Jan-Albert Hootsen is ook kritisch, maar gelooft niet dat het kabinet-Schoof deze strijd zal winnen. ‘Dit is rechtstreeks in strijd met het internationaal recht en zo ongeveer alle internationale verdragen die Nederland hieromtrent heeft ondertekend. Dit wordt een stortvloed aan rechtszaken bij het Europees Hof die Nederland allemaal gaat verliezen.’
Om de sociale cohesie te bevorderen die een flinke deuk opliep vanwege protesten en spanningen ten gevolge van de Gaza-oorlog, benoemt de Australische regering coördinatoren voor de bestrijding van antisemitisme en islamofobie. Zo meldt de Amerikaanse nieuwszender CNN.
De Australische premier Anthony Albanese zegt dat de oorlog in Gaza tot ‘spanningen en verdriet’ leidt binnen de Joodse en islamitische gemeenschap van Australië.
‘Het leeuwendeel van de Australiërs wil dat het conflict overwaait. Ze willen een harmonieuze maatschappij waar mensen van verschillende komaf met elkaar overweg kunnen’, zegt Albanese. Toch zorgt de oorlog voor grote polarisatie in Australië tussen pro-Israëlische en pro-Palestijnse groepen.
Albanese heeft daarom de Australische advocaat Jillian Segal aangesteld voor overleg met de Joodse gemeenschap in de bestrijding van antisemitisme. De naam van de islamofobie-coördinator die dezelfde taak krijgt voor de moslimgemeenschap is nog niet bekend gemaakt.
Sinds de oorlog zijn anti-Joodse en anti-islamitische incidenten exponentieel toegenomen. Zo zou sinds oktober het aantal antisemitische incidenten met 400 tot 500 procent zijn gegroeid.
Australië steunt een tweestatenoplossing en wil sinds december vorig jaar een onmiddellijk staakt-het-vuren in Gaza en onvoorwaardelijke vrijlating van de gijzelaars.
Lamine Yamal (16) heeft geschiedenis geschreven als jongste doelpuntenmaker ooit op een EK of WK. De Spaanse aanvaller met deels Marokkaanse roots (zijn vader is Marokkaans, zijn moeder komt uit Equatoriaal-Guinea) maakte gister de gelijkmaker tijdens de halve finale tegen Frankrijk. Spanje won de wedstrijd uiteindelijk met 2-1.
Yamal die in clubverband voor FC Barcelona uitkomt, heeft al meerdere records op zijn naam staan. Zo was de tiener al de jongste debutant en doelpuntenmaker in de Spaanse Primera División en de jongste speler in de Champions League.
Zijn vader Mounir Nasraoui is trots. ‘Bedankt dat je mij de gelukkigste vader ter wereld hebt gemaakt’, zou hij hebben gezegd na zijn debuut op dit EK. Zijn Instagram-account zit vol met foto’s van zijn zoon in actie.
Ook Marokkaanse Nederlanders zijn fier op de verdiensten van Yamal. ‘Hij is ook een beetje van ons’, zegt de Leidse academicus Nadia Bouras bij een foto van de voetballer en zijn grootmoeder.
De Republiek van Weimar (1919-1933) behoort vermoedelijk na het Derde Rijk (1933-1945) tot de meest bestudeerde periodes uit de Duitse geschiedenis. In Het Weimar experiment. De politieke en culturele geschiedenis van Duitsland 1918-1933 beschrijft Frits Boterman de alternatieve utopieën die in die tijd ontstonden.
Slechts veertien jaar bestond deze republiek – nog altijd twee meer dan het Derde Rijk – maar de Bondsrepubliek heeft het van de oprichting in 1949 tot de Duitse Hereniging van 1990 al bijna driemaal zo lang uitgehouden. Bijna zo lang als het voorafgaande Duitse Keizerrijk (1871-1918). Ook in herenigde vorm bestaat die nu al meer dan drie decennia.
Veertien jaar slechts – slechts even lang als de hele regeerperiode van Mark Rutte dus. Dat waren in Nederland vier kabinetten; in Duitsland was dezelfde periode goed voor veertien kabinetten, waarvan er geen eentje langer zat dan net twee jaar, het kortste nog geen twee maanden. Het kan natuurlijk zijn dat het kabinet-Schoof dat laatste ondertreft, maar het zegt iets over de geringe politieke stabiliteit.
Bovendien werd in Berlijn de laatste drie jaar voortdurend op basis van nooddecreten geregeerd. Het was de opmaat naar Hitler die sinds 30 januari 1933 rijkskanselier, met het Ermächtigungsgesetz op 23 maart dat jaar de noodtoestand uitriep en daarmee de weg effende voor een ongekende dictatuur.
De Weimarrepubliek wordt dan ook nooit los gezien van zijn rampzalige afloop, en ook zelden zonder die blik in de inktzwarte toekomst bestudeerd. Dat geldt ook voor het nieuwste boek van de onlangs plotseling overleden Amsterdamse historicus Frits Boterman, dat postuum verschenen is. Drie jaar geleden publiceerde diens Leidse collega Patrick Dassen reeds een lijvige pil, De Weimarrepubliek 1918-1933. Over de kwetsbaarheid van de democratie. Dat was een in hoofdlijnen chronologisch opgezette verhandeling, waarin de auteur duidelijk wilde maken dat dit rampzalige einde zeker niet onvermijdelijk was.
De aanpak van Boterman in Het Weimar experiment. De politieke en culturele geschiedenis van Duitsland 1918-1933 dat van een grote eruditie en brede blik getuigt, is een andere. Niet de chronologie, maar de ideologie vormt in zekere zin de rode draad door zijn verhaal. Uitgangspunt is de militaire nederlaag die Duitsland in 1918 geleden had en tot de als vernederend ervaren ‘dictaat’-vrede van Versailles leidde. Omdat die nederlaag door het Duitse thuisfront niet voorzien was – zelfs bij de capitulatie stonden de Duitse legers nog tot diep in Frankrijk, zodat zij voor de buitenwacht onverslagen leken – werd die nederlaag door veel Duitsers aan verraad geweten: de Dolkstootlegende. Omdat het de democratische partijen, in het ‘glorieuze’ Keizerrijk nog in de oppositie, waren die nu de toon zetten en vervolgens de vrede tekenden, was daarmee ook die nieuwe Weimarrepubliek met een zware hypotheek belast.
‘Velen hadden niets op met de als on-Duits beschouwde democratisch-republikeinse staatsvorm’
Velen hadden niets op met de als on-Duits beschouwde democratisch-republikeinse staatsvorm – ter rechterzijde miljoenen conservatieven die om de val van het Keizerrijk bleven treuren, ter linkerzijde radicale marxisten, die op de democratische ‘burgerlijke’ revolutie van 9 november 1918 een tweede communistische wilden doen volgen, die dan de arbeidersheilstaat zou moeten brengen. Dit naar het voorbeeld van de Februari- en Oktoberrevolutie in Rusland in 1917.
Slechts drie partijen – die bij de eerste verkiezingen in 1919 nog een ruime meerderheid haalden, maar daarna niet meer – stonden volmondig achter de nieuwe republiek: de sociaal-democratische SPD, de katholieke Zentrumpartei en de links-liberale DDP. Alle andere politieke groeperingen waren Weimar zeker aanvankelijk vijandig gezind; in de loop van de jaren twintig volgde dan bij sommigen hooguit een vorm van passieve acceptatie. De enorme economische problemen, die mede aan de politieke instabiliteit ten grondslag lagen, droegen er ook aan bij dat maar een klein deel van de Duitsers de republiek als de hunne beschouwde.
Dat versterkte, als vlucht uit de onbevredigende werkelijkheid, in haar kring de hang naar alternatieven voor de bestaande staats- en samenlevingsvorm. Die konden dan, in de worden van Boterman, het karakter van maatschappelijke utopieën aannemen. Deze utopieën staan aan de basis van de opzet van zijn boek.
Hij onderscheidt er zeven, die elk een eigen hoofdstuk krijgen, waarbij zowel die utopie als ideologisch denkpatroon wordt ontleed. Dat is een heel verrassende aanpak, die tot veel vruchtbaar inzicht leidt. Wel bestaat het nadeel dat de hoofdlijnen van de historische ontwikkeling die in de nazidictatuur uitmondde, enigszins ondersneeuwen. In een laatste hoofdstuk, waarin hij Hitlers machtsovername poogt te verklaren, maakt de auteur dat gemis overigens enigszins goed.
De populariteit van die zes ‘echte’ utopieën beschouwt Boterman min of meer als een vlucht uit de onvolmaakte werkelijkheid
De eerste utopie die Boterman bespreekt, is wat hij als ‘de republikeinse droom’ betitelt: in feite wat de aanhangers van de Weimarrepubliek als ideaal voor ogen stond, en als gevolg van de immense problemen maar ten dele kon worden gerealiseerd. Het falen daarvan, het feit dat de feitelijke republiek ook niet echt voldeed aan de verwachtingen van de eigen aanhangers, schiep ruimte voor alle andere dromen – van degenen die onverschillig of zelfs vijandig tegenover die republiek stonden. De populariteit van die zes ‘echte’ utopieën beschouwt Boterman min of meer als een vlucht uit de onvolmaakte werkelijkheid. In plaats van ernaar te streven om de Weimarrepubliek te verbeteren, wilden de anderen hem vernietigen dan wel negeren.
Die daarna besproken alternatieve utopieën zijn allereerst twee uitgesproken politieke: het ultralinkse internationale marxisme en zijn droom van een ‘echte’ revolutie, waarbij men de toekomst aan zijn zijde meende te hebben; en de sterke rechtse nationalistische tegenkrachten, die naar het verleden terugverlangden, en een soort conservatieve tegenrevolutie in gang wilden zetten. Daarna volgen twee meer cultureel-mentale utopieën: de vage droom van ‘moderniteit’ in het algemeen (met als tegenhanger het vasthouden aan de ’traditie’) en, al meer specifiek, de Amerikaanse droom: Amerika met haar massacultuur als concreet voorbeeld van zulke moderniteit – of als schrikbeeld. Het gaat hier om de verering van moderne kunst. Muziek en techniek, de strijd voor vrijheid en emancipatie van vrouwen en seksuele minderheden, die uiteraard ook een tegenreactie opriep. Cultuur en politiek waren overigens nauw verweven.
De laatste twee utopieën waren degenen die in 1933 zegevierden en vervolgens tot in het extreme werden doorgevoerd. De ene is uiteraard het nationaalsocialisme, als een reactionaire utopie, die een racistisch ultranationalistisch programma met moderne massamedia en techniek verbond. De ultieme vorm daarvan vormde de laatste door Boterman besproken utopie, de in Duitsland ook vóór 1933 al in opmars zijnde eugenetica, die nu met de nazi-ideologie een duivelspact sloot. Haar streven om niet de samenleving, maar de mens zélf door selectie te verbeteren mondde zo uit in medische experimenten en uiteindelijk in massamoord.
Haar streven om niet de samenleving, maar de mens zélf door selectie te verbeteren mondde zo uit in medische experimenten en uiteindelijk in massamoord
Een boek als dit kun je dezer dagen niet lezen zonder ook aan het heden te denken, nu het rechts-extremisme in Europa opnieuw overal electoraal in opmars is, en zelfs in een aantal landen – waaronder, anders dan in de tijd van de NSB, ook in Nederland – tot de regering is doorgedrongen. Bij alle verschillen – noch een oorlog, noch een massamoord staat bij deze antirechtstatelijke democratievijandige partijen op het programma – vallen twee parallellen op.
De ene is het gemak waarmee traditionele centrumrechtse partijen en hun kiezers tot samenwerking besluiten, omdat zij hun eigen centen belangrijker achter dan andermans grondrechten. Liever discriminatie van minderheden die hen zelf nooit zal raken dan hogere belastingen als gevolg van samenwerking met links. De tweede is de illusie dat je fascistoïde partijen kunt inkapselen en fatsoeneren door met ze samen te werken. Dat dacht ‘burgerlijk rechts’ in Duitsland op 30 januari 1933 ook. En ook in De Haag stond de ijskast al weer na een paar dagen wagenwijd open.
Frits Boterman, Het Weimar experiment. De politieke en culturele geschiedenis van Duitsland 1918-1933, 416 blz., €39,90.
De brand bij het huis van de Rotterdamse wethouder Faouzi Achbar (Denk) is vermoedelijk aangestoken. Dat zei de politie tegen nieuwssite NU.nl.
Het incident vond zaterdagavond plaats, toen er niemand thuis was bij de familie Achbar. De wethouder was namelijk in Berlijn, voor de wedstrijd Nederland-Turkije.
De familie is inmiddels ergens anders ondergebracht. Hoewel Achbar erg geschrokken is, gaat het naar omstandigheden goed met hem, zo meldt de nieuwswebsite. De politie onderzoekt de zaak en kan nog niks over een mogelijk motief en eventuele dader zeggen.
Denk Rotterdam neemt de zaak hoog op en noemt de brand een ‘directe aanval op de democratie en onze rechtsstaat’. De partij roept de autoriteiten op om de daders zo snel mogelijk te vervolgen.
Buiten partijleider Stephan van Baarle heeft nog niemand van de landelijke politiek gereageerd op de mogelijke brandstichting. Van de lokale politiek wenst Mina Morkoç van GroenLinks Rotterdam sterkte toe.
Drie wetenschappers betogen in een artikel in medisch tijdschrift The Lancet dat de oorlog in Gaza in werkelijkheid aan meer dan 186.000 Palestijnen het leven heeft gekost.
Het ministerie van Volksgezondheid in Gaza heeft 38.153 doden geteld sinds het begin van de oorlog in oktober 2023. Volgens wetenschappers Rasha Khatib, Martin McKee en Salim Yusuf is dit cijfer echter een onderschatting van het werkelijke aantal doden, dat waarschijnlijk vele malen hoger ligt. Er liggen namelijk nog duizenden mensen onder het puin, die nog niet gevonden en begraven zijn.
Daarnaast sterven er steeds meer Palestijnen in Gaza aan de indirecte gevolgen van de Israëlische agressie, door ziekte of honger. Israël heeft immers de voedseldistributie, de gezondheidszorg en de sanitaire voorzieningen in Gaza verwoest.
‘Het totale dodental zal naar verwachting hoog zijn, gezien de intensiteit van dit conflict; de verwoeste infrastructuur voor gezondheidszorg; het ernstige tekort aan voedsel, water en onderdak; het onvermogen van de bevolking om naar veilige plekken te vluchten; en het verlies van financiering voor UNRWA, een van de weinige humanitaire organisaties die nog actief is in de Gazastrook.’
De wetenschappers komen uit op een schatting van meer dan 186.000 doden. Ze roepen op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren en het geven van humanitaire hulp aan de Palestijnen in Gaza. Ten slotte betogen ze dat het belangrijk is om de ware omvang van het lijden in Gaza nauwkeurig vast te leggen, ook omdat dit een historische en juridische plicht is.
Bij een brand en explosie in een asielzoekerscentrum in het Duitse Bucholz in der Nordheide (ten zuiden van Hamburg) is gisteren een vrouw omgekomen. Twintig anderen raakten gewond.
Zo meldt de Duitse nieuwszender Deutsche Welle. De omgekomen vrouw moet nog geïdentificeerd worden.
De explosie vond plaats nadat de politie was gearriveerd om een melding van brandgevaar in het asielzoekerscentrum te onderzoeken. Na de explosie vloog het hele pand in brand.
De twee agenten die samen met twee medewerkers het pand ingingen roken op dat moment benzine, zo verklaart de politie. Ook de agenten raakten gewond. De oorzaak van de explosie is nog niet bekend. Het onderzoek loopt nog.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.