Home Blog Pagina 394

Koran, Bijbel en Thora klonken op Prinsjesdag

0

De genodigden in de Grote Kerk in Den Haag kregen afgelopen Prinsjesdag een spirituele boodschap mee. Zoals ieder jaar werd er uit de Bijbel, Thora en Koran voorgedragen. 

‘Het is een mooie opening geworden, met allemaal mensen uit verschillende culturen en religies. Het was een zwaar jaar, maar we gaan met goede moed ook in het nieuwe jaar alle moeilijkheden te lijf’, zegt demissionair premier Mark Rutte tegen de Turkse nieuwssite Tr724.

‘Ik doe voor het eerst aan de zegening van parlementariërs in de Grote Kerk mee’, zegt de imam die uit de Koran heeft gereciteerd. ‘Voor de eenheid en verbondenheid in het land en voor de ontmoeting van mensen van verschillende culturele komaf, is dit een mooie traditie, die voortgezet dient te worden voor de toekomst van Nederland. Deze mooie ervaring neem ik voor altijd mee’, aldus de imam.

‘Mijn vrouw is gevaarlijker dan ik’

Elke maand gaat de Kanttekening in gesprek met vluchtelingen en statushouders in Nederland. Hoe zijn ze hier gekomen? En hoe hebben zij hun nieuwe leven opgebouwd? Deze maand: Sermin en Hüseyin Dogruer uit Turkije.

Sermin en Hüseyin en hun twee kinderen leefden hun leven in vrij anoniem. Ze werkten allebei als schoolpsycholoog op een middelbare school. Dit alles veranderde door de mislukte staatsgreep van juli 2016, waar volgens de Turkse regering de islamitische geestelijke Fethullah Gülen verantwoordelijk voor was. ‘Twee maanden na de couppoging begonnen de scholen weer. We werden allebei ontslagen, want alle ambtenaren die Gülenist waren, raakten hun baan kwijt. Ik werd gearresteerd en gevangengezet’, vertelt Hüseyin.

Sermin was ook in gevaar. ‘Mijn schoonouders zorgden voor onze kinderen. Ik moest onderduiken. Gelukkig mochten de kinderen wel naar school en op bezoek bij Hüseyin. Het was een traumatische en emotionele periode voor hen. Onze dochter was toen een jaar of vier, haar broer is vier jaar ouder.’

Hüseyin benadrukt nog eens dat dit drama puur het gevolg is van het feit dat ze aanhangers van Gülen zijn. ‘In Turkije wordt iemand die Gülenist is als terrorist beschouwd. Sermin en ik waren actief betrokken bij de beweging. Dat wil zeggen: actieve leden van de beroepsvereniging. De ‘bewijzen’ voor ons ‘terrorisme’? Dat we een rekening hebben bij de Bank Asya, dat we lid zijn van een Gülenistische beroepsvereniging – in ons geval een soort vakbond voor leerkrachten – en dat we gebruik maken van een specifieke app. Dit communicatiemiddel zit gewoon in de App Store, maar via deze app zou de staatsgreep zijn gepland.’

‘Alle media in Turkije zijn in handen van Erdogan en zijn aanhangers’

Sermin knikt instemmend. ‘Mensen in Turkije vinden ons slecht’, zegt ze op wat zachtere toon. ‘Door de propaganda van president Erdogan kunnen ze de waarheid niet zien. Ze worden niet goed voorgelicht. Erdogan en zijn vrienden hebben na de mislukte coup voor negatieve berichtgeving gezorgd. Alle media in Turkije zijn nu in handen van Erdogan en zijn aanhangers, met uitzondering van sommige sociale media.’

Na anderhalf jaar mocht Hüseyin de gevangenis verlaten. Zijn hoger beroep mocht hij in vrijheid afwachten, maar er hing hem in totaal zes en een half jaar gevangenisstraf boven het hoofd. Ze hadden afgesproken dat als Sermin ook in gevaar zou zijn, ze zouden proberen te vluchten. Sermin liep het risico op 7,5 jaar cel. ‘Zij is dus gevaarlijker dan ik,’ grinnikt Hüseyin.

Over de vluchtroute willen ze om veiligheidsredenen niets zeggen. Het is hen gelukt om in Griekenland terecht te komen. ‘We wisten niet waar we naartoe wilden. Eerst moesten we zien weg te komen. In veiligheid zijn was het belangrijkste. Eenmaal in Griekenland zijn we hier serieus over gaan nadenken. Duitsland, België, Frankrijk, Nederland. Het werd uiteindelijk Nederland, want daar hoorden we goede berichten over.’

Op de vraag of ze bekend waren met het Nederlandse klimaat moeten ze glimlachen. Hüseyin blijkt uit een warm deel van Turkije te komen. Voor Sermin is het klimaat niet zo belangrijk.

Hüseyin en Sermin hebben vanaf het moment van aankomst in Nederland de legale weg bewandeld en zijn onafhankelijk van elkaar in het asielzoekerscentrum (azc) in Ter Apel terecht gekomen. ‘Ik was er het eerste met de kinderen. Hüseyin kwam iets later’, zegt Sermin. ‘Wij zijn slechts één dag en nacht in Ter Apel geweest en gingen daarna naar Budel. Van daaruit kwamen we in een azc in Assen. Hüseyin was een week in Ter Apel. Op dat moment waren de omstandigheden goed. Wat ik heel moeilijk vond, was mijn eerste echte interview met de immigratiedienst IND. Dat had ik in Budel. Je moet dan veel informatie geven. Ik was een beetje bang. Er werken Turkse ambtenaren in Nederland. Zouden zij dit kunnen lezen? Wat zouden ze hiermee doen? Gelukkig was de tolk een Nederlandse. Dat voelde veilig.’

Vijftien maanden wachten

Geduld hebben. Dat was volgens Hüseyin en Sermin het lastigste tijdens hun verblijf van twintig maanden in het azc in Assen, nota bene in de coronaperiode. ‘Geduld, maar actief geduld’, legt Hüseyin uit. ‘We legden ons beslist niet bij alles neer. Alleen mochten we van onszelf niet boos worden over alles wat tegenzat. Sommige bewoners hebben heel snel een burgerservicenummer, andere mensen niet. De één had heel snel een huis, een ander moest langer wachten. Een van de belangrijkste momenten was het krijgen van een BSN-nummer. Zonder dát nummer ben je in Nederland niets. We moesten er vijftien maanden op wachten. De IND verwees ons naar het COA (Centraal Orgaan opvang Asielzoekers) en andersom. We kregen te horen dat het lange wachten door personeelstekort kwam, te weinig professioneel personeel, enzovoort. Het was moeilijk om dat te aanvaarden.’

In het azc in Assen werd veel georganiseerd, van taalwandelingen tot naai- en haakcursussen. Dat wil zeggen: totdat de corona toesloeg. ‘Die activiteiten zorgden ervoor dat we ons welkom voelden. We hebben daar bijzondere mensen leren kennen, die ons alles leerden over de cultuur van Nederland en de feesten die hier gevierd worden. Sinterklaas, Sint Maarten, Oudejaarsdag. We hebben bij iemand oliebollen gebakken en mochten daar blijven om de jaarwisseling te vieren. Dat was heel belangrijk voor ons. Het gaf ons een gevoel van thuis te zijn,’ vertellen ze.

‘Er was geen hiërarchie. We waren vluchtelingen en we wilden niet zielig gevonden worden. Na de kennismaking met verschillende vrijwilligers wisten we dat er niet op ons werd neergekeken’, zegt Sermin.

Allebei hebben ze goede herinneringen aan het azc van Assen. ‘Een azc moet sfeer opbouwen. De deur openen voor vrijwilligers. Het werkt ook inspirerend. Als je ziet hoeveel mensen er iets voor je willen doen, dan ga je vanzelf dingen terug doen. Verder werkten de vluchtelingen die er al waren de nieuwkomers in. Bovendien kon je praten met lotgenoten.’

Bij de Gülenbeweging staan onderwijs en zelfontplooiing hoog in het vaandel. Volgens Hüseyin en Sermin heeft dit hun integratieproces iets vergemakkelijkt, vooral omdat ze open stonden voor nieuwe dingen. Het blijft natuurlijk moeilijk om gedwongen te zijn je land te verlaten, zeker als je tegen de veertig loopt. Toch vinden ze hun weg weer.

Loopbaancoach

Hüseyin en Sermin zijn allebei hoogopgeleid. Helaas zijn er, vooral in het verleden, veel voorbeelden te noemen van asielzoekers die theoretisch opgeleid zijn en noodgedwongen als schoonmaker moesten werken. Dat is bij dit echtpaar niet gebeurd. Inmiddels woont het gezin in Zeist, wat hen erg goed bevalt, en ze werken allebei in Utrecht. Hüseyin is gezinswerker bij een welzijnsorganisatie, Sermin werkt bij Movisie als onderzoeker op het gebied van diversiteit en inclusie. Ze geven allebei aan dat ze dit te danken hebben aan hun loopbaancoach bij Vluchtelingenwerk Nederland. Dat ze hun capaciteiten kunnen benutten wordt mogelijk gemaakt door deze professionele hulp.

‘Hij geloofde in ons’, zegt Sermin.

‘De loopbaancoach was van mening dat we onze energie en ervaring moesten benutten. Eerst vond ik een stage via hem. Deze werkervaringsplek was voor negen maanden. Na die periode kreeg ik een baan aangeboden als gezinswerker. Ik ben er ontzettend blij mee’, aldus Hüseyin.

‘Als je ziet hoeveel mensen je willen helpen, dan ga je vanzelf dingen terug doen’

Sermin kwam bij Movisie terecht in het teken van een opstapbaanproject. Een lastig woord, zeker voor een nieuwkomer, maar het lukt. Voor mensen die vier jaar in Nederland zijn, spreken ze behoorlijk goed Nederlands. Als er soms iets misgaat, dan verbeteren ze elkaar.

‘Ik werk mee aan een onderzoek over onzichtbare vrouwen in Nederland die hoog zijn opgeleid’, vertelt Sermin. ‘Mijn collega’s zijn heel aardig en helpen me bij het vinden van oplossingen als iets niet goed lukt. Ik voel me daar thuis. Het is ook fijn om Turkse mensen te kunnen interviewen. Ik mag nog een jaar blijven. Wat er daarna gaat gebeuren, weet ik niet. Dit is het werk wat ik al langer wilde doen, maar nu is het dus werkelijkheid geworden.’

Ook Hüseyin is blij met zijn collega’s. Hij voelt zich gemotiveerd. In het begin was hij bang voor opmerkingen zoals ‘Wat doet hij hier? Hij spreekt nog niet goed Nederlands.’ Maar die reacties bleven uit.

Hüseyin en Sermin weten dat niet iedereen in Nederland positief tegenover asielzoekers staat, maar ze benadrukken dat ze het tegenovergestelde hebben ervaren. Ze krijgen heel veel hulp, nog steeds. Niet alleen hulp, maar ze ervaren ook hartelijkheid. Soms zit dat in ogenschijnlijk kleine dingen, zoals een taalcoach die tegen Sermin zegt: ‘Je bent mijn meid!’

Zorgen

Hüseyin en Sermin concentreren zich op het opbouwen van hun nieuwe leven in Nederland, maar ze maken zich zorgen over de huidige situatie in Turkije. ‘De boeken van Gülen mogen daar niet meer worden uitgegeven of verkocht. Sterker nog, je mag ze niet in je bezit hebben. Als de buurman bij je komt en ziet dat er een boek van Gülen in je boekenkast staat, dan kunnen ze besluiten naar de politie te stappen. Daarna kun je een huiszoeking verwachten.’ Dit bevestigt dat ze niet voor niets zijn vertrokken.

Is de gemeenschapszin terug in het politieke debat? Dit vindt ons panel

0

In de verkiezingscampagne zingt op dit moment één woord rond: bestaanszekerheid. Keren de politieke partijen zich af van het liberale individualisme? Is er meer oog voor gemeenschapszin? Dit vindt ons panel.

Ahmed Abdillahi, postbezorger:

‘Ja, inderdaad iedereen heeft er de mond vol van, maar concrete maatregen zie ik nog niet. Waarom komt geen ene partij met het idee van een miljonairsbelasting om de gemeenschapszin op te krikken. Iedereen die meer dan een miljoen heeft op zijn rekening, voelt er niks van als daar een forse, progressieve belasting op komt. Maar met die miljoenen aan belastinggeld, kunnen we wel wel keihard de armoede bestrijden. Zolang zulke ideeën niet collectief worden besproken, zie ik helemaal geen gemeenschapszin. De gemeenschap valt uit elkaar. Iedereen is hyperindividueel bezig. Dat is allemaal toegenomen sinds Nederland afstand heeft genomen van de verzorgingsstaat en alles aan de markt heeft overgelaten. Maar vergis je niet, marktpartijen zijn er niet voor het algemeen belang. Het zijn vooral zakkenvullers.’

Ibrahim Özgül, ondernemer en bestuurder:

‘Er is altijd gemeenschapszin geweest. Wij Nederlanders, waar we dan ook vandaan komen, zijn altijd sociaal geweest. Als dat niet zo was geweest, dan hadden we al lang elkaar het leven zuur gemaakt. Dat is vooralsnog niet gebeurd in Nederland. Nederland is nog lang geen harde samenleving, zoals we die in Amerika, Frankrijk of Turkije kennen. Landen waar veel meer armoede en geweld is. In de jaren Rutte is er wel een kleine groep elitairen, en een groepje middenklassers die zich elitair willen gedragen, ontstaan. Een bovenlaag die zich nog meer heeft verrijkt. Zij hebben zich afgescheiden van de rest van de samenleving en zien eigenlijk niet meer wat voor schade hun rijkdom veroorzaakt bij mensen die niet kunnen meekomen: Laaggeletterden, uitkeringsgerechtigden, arme immigranten. Als iedereen harder werkt voor deze mensen dan lossen we het ook op.’

Anushka Soekhradj, sociaal werker:

‘De behoefte aan gemeenschapszin is terug en ja die ervaar ik wel, maar de gemeenschapszin zelf is nog niet. De verdeling onder mensen is sinds Rutte’s kabinet groter dan ooit. Dat de campagnes ingericht worden rondom modewoorden woorden als ‘bestaanszekerheid’ en ‘gemeenschapszin’ zegt vooral iets over het gat in de markt, de behoefte eraan. Het beantwoord aan een onvervuld verlangen. Deze woordkeuze benadrukt een positieve benadering maar is vooral een verkooppraatje voor de verkiezingen: armoedecijfers en het gebrek aan verbondenheid laat zien hoe wankel we in essentie zijn. Laten we de campagnes vooral loszien van de verkiezingsprogramma’s, hierbij geldt dus ook: eerst zien dan geloven.’

Mostafa Hilali, militair:

‘Volgens de Dikke van Dale is gemeenschapszin het gevoel van verbondenheid met je medemensen of de gemeenschap waartoe je behoort en de bereidheid in haar belang te handelen. Ik denk dat gemeenschapszin vanuit de verbondenheid met de “eigen” gemeenschap erg sterk is. Helaas is die gemeenschap echter niet Nederland an sich, maar eerder een subgroep zoals boeren, “allochtonen” of 7-vinkers. Die vorm van verbinding is te smal en zorgt juist voor verwijdering en het tegenover elkaar staan. En het is helaas die vorm van gemeenschapszin die veel personen en partijen bedoelen als ze daar nu over praten.

Wat we echt nodig hebben is een gemeenschapszin op basis van het land waar we allemaal wonen en waartoe eenieder die hier woont onvoorwaardelijk toe behoort. En waarbij je niet gelijk uit de groep wordt geplaatst als je een kleine of grote fout maakt. Als dat het geval is, dan is er sprake van verbondenheid met elkaar als medemensen en kunnen we pas echt over 1 gemeenschap spreken. De partij die dat uitdraagt zal mijn stem krijgen.’

Dimple Sokartara, communicatieadviseur: 

‘Ik denk dat tot op zekere hoogte de gemeenschapszin weer terug is. Zelfs mensen die heel individualistisch te werk gingen hebben intussen wel door wat de implicaties zijn van hebzucht. En dat die hebzucht ook een tol eist. Denk aan hogere huren, uitgeklede zorg en duur openbaar vervoer. Het is ook aan de politiek om de verkoop van sociale huur te stoppen en huisjesmelkers de pas af te snijden. Dat gebeurt nu al een beetje. En ik denk dat hierdoor mensen in Nederland doorhebben dat je niet te individualistisch kan zijn, omdat het niet de realiteit is. Of men het nou wil of niet, er blijft altijd een grote groep mensen over die hulp nodig heeft van anderen. Denk aan armeren, ouderen, mensen die chronisch ziek zijn enz. Dit gebeurt dan via het belastingstelsel, maar ook de strijd voor eerlijke lonen. Dus gemeenschapszin keert wel terug. Alleen weet ik niet of dat komt vanuit het idee dat iedereen in de samenleving naar hetzelfde niveau getild moet worden, of dat men vooral beperkt wordt door maatregelen van de overheid. In ieder geval is het bewustzijn dat niet iedereen het goed heeft. Vooral de inflatie heeft dat ontmaskerd, de koopkracht is enorm gedaald. Dat zijn feiten waar men niet echt omheen kan. Dus ja, er moet veel meer gebeuren om aan mensen bestaanszekerheid te bieden.’

Jakob de Jonge, kunstenaar:

‘Bestaanszekerheid en gemeenschapszin hebben natuurlijk met elkaar te maken. Een gevoel van gemeenschap kan niet bestaan als één groep afhankelijk is van de voedselbanken en rijkelui staan te genieten op de Wassenaars en Zuidassen van deze wereld. Als je deze kloof laat groeien en er is geen bestaanszekerheid voor de onderklasse, dan kan er geen sprake zijn van gemeenschapszin. De manier waarop Frans Timmermans hierover praat, een beetje desperaat laten zien dat ze er zijn voor de armeren, klinkt dit wrang uit de mond van een partij die zo lang heeft meegewerkt aan het neoliberaal afbraakbeleid van alle sociale zekerheden.

Dus het komt bij mij niet echt geloofwaardig over als het uit de hoek van PvdA-GroenLinks komt. Je kan niet zwalken van links naar rechts, je hebt een goed verhaal nodig met de nodige uitleg. Waar is de analyse over het feit dat we zo’n rijk land zijn en dat er toch zoveel mensen afhankelijk zijn van de liefdadigheid van de voedselbanken? Leg dat maar eens uit aan de mensen. En leg ook maar eens uit hoe we daar uit gaan komen. Gaan de sterkste schouders, de zwaarste lasten dragen? Dit gebeurt allemaal nog steeds niet.’

Verenigde Naties: landen moeten nadenken over herstelbetalingen

0

De Verenigde Naties vinden dat landen herstelbetalingen kunnen overwegen als maatregel om mensen van Afrikaanse afkomst te compenseren die afstammen van tot slaaf gemaakten. Dit staat in een nieuw uitgebracht rapport van secretaris-generaal Antonio Guterres.

Geen enkel land heeft, volgens het rapport, op alomvattende wijze verantwoordelijkheid genomen voor de trans-Atlantische slavernij, die heeft geleid tot de ontworteling van naar schatting 25 tot 30 miljoen mensen uit Afrika gedurende meer dan 400 jaar. Herstelbetalingen kunnen een oplossing zijn: ‘Volgens de internationale mensenrechtenwetgeving kan compensatie voor economisch berekenbare schade, voor zover passend en evenredig aan de ernst van de schending en de omstandigheden van elk geval, ook een vorm van herstel zijn.’

Wel wijst het rapport op de juridische haken en ogen die aan de kwestie van herstelbetalingen kleven. ‘In de context van historische misstanden en schade geleden als gevolg van kolonialisme en slavernij, kan de inschatting van de economische schade uiterst moeilijk zijn vanwege de tijd die verstreken is en de moeilijkheid om de daders en slachtoffers te identificeren.’ Tegelijkertijd benadrukt het rapport dat deze juridische complexiteit landen niet van de plicht ontslaat om serieus naar herstelbetalingen te kijken.

De Europese Unie verklaarde in juli dit jaar dat de trans-Atlantische slavernij tot ‘onnoemelijk lijden’ heeft geleid en zinspeelde daarbij ook op de noodzaak van herstelbetalingen voor deze ‘misdaad tegen de menselijkheid’.

COA vraagt verlenging van crisisnoodopvang in Nijmegen en Heumen

0

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wil dat de twee crisisnoodopvanglocaties in Nijmegen en Heumen (voor in totaal 2000 asielzoekers) langer openblijven. Dat heeft het COA officieel gevraagd aan beide gemeenten. Dit meldt de nieuwssite Welingelichte Kringen.

De locaties liggen dicht bij elkaar en zouden eind dit jaar moeten sluiten. Maar volgens het COA zou de opvang van asielzoekers in Heumen in ieder geval een half jaar verlengd moeten worden. Hoe lang de opvang in Nijmegen verlengd zou moeten worden is nog niet bekend.

Overigens werd gisteren bekend dat driekwart van de COA-medewerkers slachtoffer is van ongewenst gedrag. ‘Het gaat vooral om uitschelden, intimidatie en bedreigingen, meldt de NOS. COA-topman Milo Schoenmaker vindt het absoluut niet kunnen. ‘Het behoud van bevlogen en betrokken medewerkers heeft voor ons prioriteit. Dankzij hun tomeloze inzet is de opvang en begeleiding van asielzoekers mogelijk. Ongewenst gedrag tast het werkplezier aan en zorgt voor veel stress. Het is onacceptabel dat medewerkers, die vaak al een hoge werkdruk ervaren, hier last van hebben,’ zegt hij. De organisatie zegt aan de slag te gaan met de aanpak van ongewenst gedrag zowel tussen bewoners onderling als tussen medewerkers.

‘Het onderwerp bespreekbaar maken in teams is de eerste prioriteit. Daarnaast werkt het COA aan de verbetering van de informatievoorziening en de nodige ICT-infrastructuur die goede samenwerking en communicatie faciliteert. Ook gaat het COA verder met het programma dat in 2022 is gestart om de situatie rond overlastgevende bewoners te verbeteren. Dit programma heeft tot doel een veilige woon- en werkomgeving voor bewoners, medewerkers en omgeving te creëren’, staat op de website van het COA.

Wapenstilstand in Nagorno-Karabach afgekondigd na Russische bemiddeling

0

De autoriteiten van de etnisch-Armeense enclave Nagorno-Karabach zijn akkoord gegaan met een staakt-het-vuren, melden zij in een verklaring. Ook het ministerie van Defensie van Azerbeidzjan, dat gisteren het offensief begon, spreekt van een wapenstilstand. Zo meldt de NOS.

Eerder vandaag leek het erop dat het om een lang offensief zou gaan. De Azerbeidjzaanse dictator Ilham Aliyev was onverbiddelijk. ‘Het offensief stopt alleen als de Armeniërs zichzelf overgeven’, zei hij gisteren tegen de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken. En dat lijkt te zijn gebeurd na Russische bemiddeling.

‘Afgesproken is dat het leger van Nagorno-Karabach wordt ontbonden en ontwapend en dat Armeense troepen zich terugtrekken uit de enclave’, schrijft de NOS.

Er leven 120.000 etnische Armeniërs in de enclave die sinds de verloren oorlog drie jaar geleden is omsingeld door Azerbeidjzaanse eenheden. Alleen de Lachin-corridor fungeerde tot voor kort als levenslijn voor de Armeniërs in het gebied.

Nagorno-Karabakh wordt internationaal beschouwd als Azerbeidjzaans grondgebied, maar werd na de val van de Sovjet-Unie bezet door de Armeense republiek. Toen moesten duizenden Azeri’s het gebied verlaten.

Volgens Armenië zijn er tenminste 100 mensen gedood en honderden gewonden gevallen.  Rusland, die ook militair aanwezig is in het gebied, is inmiddels begonnen met de evacuatie van Armeense burgers. Ongeveer 2000 Armeniërs zijn uit de meest gevaarlijke gebieden geëvacueerd.

Terwijl Rusland en de Verenigde Staten meteen ‘beide kanten’ in het conflict opriep tot een staakt-het-vuren, stond Turkije vanochtend fier achter het militaire offensief van ‘broederstaat’ Azerbeidjzan. ‘Het gebied is van Azerbeidzjan’, zei de Turkse president bij de Verenigde Naties.

Volgens Armenië zijn er tenminste 27 mensen gedood en 200 mensen gewond geraakt. Rusland, dat ook militair aanwezig is in het gebied, is begonnen met de evacuatie van Armeense burgers, waarbij ongeveer 2000 mensen uit de meest gevaarlijke gebieden zijn geëvacueerd.

Terwijl Rusland en de Verenigde Staten ‘beide kanten’ in het conflict oproepen tot een staakt-het-vuren, staat Turkije resoluut achter het militaire offensief van ‘broederstaat’ Azerbeidjzan. ‘Het gebied is van Azerbeidzjan’, zei de Turkse president bij de Verenigde Naties.

Turkije: universiteitsrectoren nemen deel aan protest tegen lhbtiq+ beweging

0

Twee Turkse universiteitsrectoren hebben deelgenomen aan een anti-lhtbiq+ protest in Istanbul, waarbij ze volgens de pro-Koerdische website Duvar ‘haatdragende uitlatingen’ hebben gedaan.

Saffet Köse van de Izmir Katip Celebi Universiteit en Nevzat Tarhan van de Üsküdar Universiteit spraken tijdens de Grote Familiebijeenkomst op 17 september in Istanbul. Deze bijeenkomst, georganiseerd door islamisten en nationalisten, keerde zich tegen lhtbiq+ gemeenschap.

‘Voor de redding van onze generatie, het voortbestaan van onze samenleving, de vrede van onze natie en de voortzetting van de mensheid roep ik iedereen op het gezin als instituut te beschermen, om met één hart te zijn tegen de lhbt-indoctrinatie’, zei Köse. Hij riep de Turkse overheid op maatregelen te nemen tegen homo’s, lesbiennes, transpersonen en queers, die hij omschreef als ‘een bedreiging voor de hele mensheid, een uitdaging voor de natuurlijke orde en een poging tot sociale verdorvenheid.’

Nevzat Tarhan van de Üsküdar Universiteit keerde zich in zijn speech ook tegen lhtbiq+. Volgens hem hangt alles af van een goede opvoeding. Kinderen met homoseksuele neigingen kiezen er uiteindelijk voor om hetero te zijn, homoseksualiteit komt voor in ‘zwakke gezinnen’ en is te wijten aan ‘zwakke familiebanden’ en ‘slechte vrienden’. ‘Daarom is het belangrijk om deze te corrigeren.’

‘Er is steeds minder begrip voor andersdenkenden’

0

Filosoof Lammert Kamphuis ziet het om zich heen: meer en meer mensen trekken zich terug in hun eigen gelijk. Het zwart-wit denken doet hem denken aan zijn jeugd binnen een strenge kerkgemeenschap.

De jeugd van Lammert Kamphuis (40) binnen de kerkelijke gemeenschap van Kampen was overzichtelijk. Een wereld van zwart en wit en nul tinten grijs, noemt de filosoof het in zijn pas verschenen boek Verslaafd aan ons eigen gelijk (De Bezige Bij). Een middenweg bestond niet. De gereformeerd-vrijgemaakte gemeenschap waartoe hij behoorde was uitverkoren om in een verbond met God te leven, was de stellige overtuiging. De gemeenschap had eigen kerken, verenigingen, scholen en een krant. De leer van de kerk was neergelegd in een geloofsbelijdenis van honderdnegentwintig vragen en antwoorden. ‘Die antwoorden leerden we als kind uit ons hoofd’, vertelt Kamphuis. ‘We werden door de dominee overhoord. Wat gebeurt er na de dood? Wat is de zin van het leven? Daar waren duidelijk antwoorden op.’

De eerste scheurtjes in zijn rotsvaste wereldbeeld ontstaan als Kamphuis 23 jaar is. Hij studeert theologie aan de vrijgemaakt-gereformeerde Theologische Universiteit in Kampen en besluit filosofiecolleges te volgen aan de Universiteit Utrecht. ‘Mijn doel was om ongelovigen te kunnen overtuigen van mijn geloof. Daarvoor wilde ik weten hoe ze dachten. Ik kwam nooit in contact met mensen buiten de kerk.’

Het tegenovergestelde gebeurt, er komen barsten in uw overtuiging.

‘Ja, dat was een langzaam proces. Ik herinner mij nog goed mijn eerste college in Utrecht. De docent haalde een paar filosofische ideeën aan. Er werden vragen gesteld over ethiek en de zin van het leven en toen was het college afgelopen. Ik was verbaasd en vroeg aan de docent of de volgende keer de antwoorden kwamen. Hij zei toen iets in de trant van ‘in de filosofie zijn we meer van de vragen dan van de antwoorden’. Terug in de trein naar Kampen dacht ik daar lang over na. De filosofiecolleges werkten voor mij als een soort bevrijding.’

Maar u wist de antwoorden toch wel vanuit uw geloof?

‘Ja, ik was nog steeds overtuigd van de antwoorden die ik kende. Ik was er mijn leven lang in gepokt en gemazeld. Ik had verwacht dat ik daar ook duidelijke antwoorden zou krijgen. Andere antwoorden, maar wel duidelijke. Ik dacht dat de docent zou zeggen: zo en zo is het. En dan zeg ik nee, ik denk dat het zo is. Gewoon een stevige positie, twee antwoorden tegenover elkaar.

Het verbaasde me dat er ook een andere manier van leven of een andere levenshouding bestond. Dat je blijkbaar kunt leven met een bepaalde twijfel. De Franse schrijver André Gide zegt: ‘Vertrouw hen die de waarheid zoeken en wantrouw hen die de waarheid gevonden hebben.’ Misschien was dit wel de eerste keer dat ik iemand tegenkwam die niet pretendeerde de waarheid gevonden te hebben.’

In uw boek beschrijft u hoe vrijgemaakt-gereformeerden reageerden op wetenschappelijke kennis die haaks staat op wat in de Bijbel staat.

‘In de kerk werd er gedaan aan wat psychologen cognitieve dissonantiereductie noemen. Als je een bepaalde overtuiging hebt en een tegenovergestelde zienswijze leert kennen, dan levert dat spanning op. Wat je dan doet, is proberen die spanning te reduceren. Die neiging is eigen aan de mens. Als ik bijvoorbeeld verwacht dat ik een bepaald gewicht heb, maar de weegschaal een heel ander gewicht aangeeft, is mijn eerste gedachte dat er iets mis is met de weegschaal.

‘Mijn doel was om ongelovigen te kunnen overtuigen van mijn geloof’

In de kerk passen ze dat toe op wetenschappelijke kennis die op gespannen voet staat met de Bijbel, zoals de ouderdom van de aarde. De wereld zou ongeveer 6000 jaar geleden door God zijn geschapen. Maar als er dan vanuit de wetenschap fossielen gevonden worden die miljoenen jaren oud zijn, dan zit je natuurlijk met een probleem. Een dissonantie reducerende oplossing is dan dat God die fossielen bewust in de aarde heeft gestopt om ons geloof te testen. Blijven we wel in zijn Woord geloven? Op die manier los je als gelovige de spanning op en kun je weer door.’

De dogmatische overtuigingen ziet u nu weer om u heen?

‘Ja, tien jaar geleden ben ik uit die kerkelijke bubbel gestapt. De laatste tijd zie ik dynamieken in de samenleving die me doen terugdenken aan mijn eigen jeugd. Naar binnen gericht, overtuigd zijn van het eigen gelijk en weinig begrip voor andersdenkenden.

In mijn boek haal ik een bundel aan onder redactie van socioloog Paul Dekker over polarisatie in Nederland. Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen inhoudelijke en affectieve polarisatie. De inhoudelijke polarisatie is op sommige terreinen toegenomen, zoals bij immigratie, maar bij andere onderwerpen zijn de standpunten minder ver van elkaar komen te liggen, zoals bij kernenergie. In deze bundel haal ik onderzoek aan waaruit blijkt dat er vooral sprake is van affectieve polarisatie. We krijgen steeds meer hekel aan mensen met andere ideeën dan wij, aan de andere kant van het politieke of levensbeschouwelijke spectrum.’

De demonstraties van Extinction Rebellion roepen veel emoties op. Er is een groep die met de demonstranten sympathiseert, maar bij anderen zorgen ze juist voor grote ergernis. Is dat zo’n polariserend onderwerp?

‘Jazeker, er zijn mensen die vonden dat de politie te hard optrad tijdens de boerenprotesten van vorig jaar. Die hoor je niet op het moment dat de politie optreedt tegen de demonstranten op de A12, en andersom. Dat is logisch, ons hoofd werkt zo. We zijn gevoeliger voor onrecht tegen iemand met wie we ons identificeren.

Maar het is goed om je daar bewust van te zijn. Dat betekent niet dat je geen kritiek meer mag hebben op het optreden van de politie. Maar het is goed je te realiseren dat het zo werkt. Het kan helpen om eerlijk te reageren.’

En dan is er nog de kritiek dat de demonstranten allemaal wit zijn en de demonstraties niet inclusief. Ook een polariserend onderwerp.

‘Ik weet niet of dat zo is, maar het blijkt wel dat onze sociale netwerken steeds homogener worden. Daar zit een bepaald risico in. Op die manier ontstaan ‘echokamers’, waarin afwijkende geluiden niet binnenkomen. Dat is een van de oorzaken waarom we affectief polariseren. Als we mensen met een andere achtergrond of overtuiging weinig tegenkomen in ons leven, dan gaan we ook minder begrip voor hen krijgen.

Andersom geldt dat ook. In de wetenschap heet dat de contacthypothese. Door contact met andersdenkenden, verminderen onze vooroordelen. Dan is het niet meer zo makkelijk om anderen meteen weg te zetten als idioten of wappies.

Mijn eigen vriendenkring is nu homogener qua opleidings- en welvaartsniveau, dan de gemeenschap waarin ik ben opgegroeid. Ik dacht toen ik uit de kerk stapte: nu ontmoet ik meer diversiteit. Maar als ik heel eerlijk ben, is mijn bubbel nu minder divers dan in de kerk.’

Hoe komt dat? 

‘De Pools-Britse socioloog Zygmunt Bauman (1925-2017, red.) zegt dat onze samenleving ‘vloeibaar’ is geworden. De structuren en gemeenschappen waarin we vroeger leefden waren stabiel. Onze woonplaats, onze relatie en ons werk bleef in veel gevallen ons hele leven gelijk. De levens van nu zijn veel vloeibaarder, beweeglijker. We verhuizen meer dan voorheen, gaan van baan naar baan en blijven lang niet altijd meer bij onze eerste echtgenoot.

Terwijl voorheen brachten we meer tijd door in gezelschap dat we niet zelf gekozen hadden. Op de sportclub of vrijwilligersvereniging kwamen we mensen met andere opleidingsniveaus en achtergronden tegen. Er was meer sociale menging. Nu we kunnen kiezen, vermijden we liever de mensen die anders zijn dan wij. De mensen met wie we omgaan, rijden op dezelfde soort fiets, luisteren naar dezelfde podcasts, lezen dezelfde websites en hebben dezelfde vakanties.’

U noemt ‘perspectivische lenigheid’ als oplossing: de vaardigheid die je in staat stelt je in andere perspectieven te verplaatsen. Hoe werkt dat?

‘Wat ik zelf een heel treffend voorbeeld vind, is een onderzoek waarbij proefpersonen met een groot litteken van schmink op hun hoofd over straat moesten lopen om te kijken naar de reacties. Vlak voor ze de straat opgingen, zei de visagiste: ‘Wacht, ik moet dat litteken even bijwerken.’ Maar in plaats van dat ze dat deed, haalde ze het ongemerkt van hun gezichten af. De proefpersonen dachten dus dat ze met een enorm litteken liepen, maar in werkelijkheid was er niets te zien. Toen ze terug waren vroegen die onderzoekers: ‘Hoe was het op straat?’ Ze vertelden dat ze vies werden aangekeken of er was met een enorme boog om hen heen gelopen. Je interpreteert dus de dingen die je ziet op zo’n manier dat het bij je aannames past.

We moeten ons ervan bewust zijn dat als wij ergens iets van vinden, het ook onze tunnelvisie wordt. Dat wil niet zeggen dat we geen opvattingen kunnen hebben. Maar het is goed om af en toe vanuit een ander perspectief te denken. Dat is perspectivische lenigheid.

Het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie, heeft een murder board. Een afdeling die ieder voorstel van het Pentagon probeert lek te schieten, vanuit het idee dat je daarmee een eventuele blinde vlek kunt voorkomen. Zo’n afdeling had de Belastingdienst de afgelopen jaren ook goed kunnen gebruiken. Maar een murder board in ons eigen hoofd is waarschijnlijk ook geen slecht idee.’

GroenLinks-PvdA mag Israël wel wat feller bekritiseren, vinden deze partijleden

0

GroenLinks en PvdA benoemen in hun gezamenlijke concept-verkiezingsprogramma niet dat Israël zich schuldig maakt aan apartheidspolitiek tegen de Palestijnen. Kritische partijleden willen een principiëlere koers.

‘In het Israëlisch-Palestijnse conflict streven we naar een rechtvaardige tweestatenoplossing’, staat er in het conceptprogramma te lezen. GroenLinks-PvdA veroordeelt alle vormen van geweld: Israëlisch geweld, maar ook Palestijns geweld. Tegelijk gaat het volgens GroenLinks en PvdA om een ‘asymmetrisch conflict’: Israël blijft maar nederzettingen bouwen op Palestijns grondgebied en werpt economische belemmeringen op die Palestijnen hard raken en een duurzame vrede in de weg staan. GroenLinks-PvdA wil dat Nederland de Palestijnse staat erkent, dringt er bij de Palestijnse Autoriteit op aan vrije verkiezingen te organiseren, vindt dat Israël aan de democratische rechtsstaat moet vasthouden en heeft kritiek op het valselijk labelen van producten uit de bezette gebieden, die het opschrift ‘made in Israel’ krijgen.

De kritiek van GroenLinks-PvdA is echter veel te voorzichtig, vindt PvdA-lid Edwin van ’t Pad, die ook werkzaam is voor de pro-Palestijnse organisatie The Rights Forum. Hij diende om deze reden een amendement in, waarin de tweestatenoplossing wordt afgewezen en expliciet wordt gezegd dat Israël zich aan apartheid schuldig maakt. Zaterdag is het ‘amendementendag’. Dan kunnen leden van GroenLinks en PvdA online stemmen over wijzigingen van het verkiezingsprogramma. Daarna zal het amendement – naar verwachting – worden behandeld op het congres van 14 oktober.

‘De paragraaf in het concept-verkiezingsprogramma over Palestina lijkt uit de vorige eeuw te stammen’, zegt Van ‘t Pad. ‘Geen expert gelooft nu nog in de tweestatenoplossing. Dat is een obstakel voor de vrede geworden. Als je nog blijft vasthouden aan de tweestatenoplossing dan bevestig je de status quo en dus de bezetting van Palestina.’

‘De tweestatenoplossing is een afleidingsmanoeuvre van Israël om de annexatiepolitiek op de Westelijke Jordaanoever voort te zetten’

Van ’t Pad vindt het daarnaast onbegrijpelijk dat de Israëlische apartheid niet wordt benoemd. ‘Human Rights Watch, Amnesty International, Al Haq en B’tselem doen dit wel. Ik begrijp niet dat GroenLinks-PvdA dit niet durft. Het is om politieke redenen, heb ik gehoord. Nederland zou hier niet aan toe zijn. Israël een apartheidsstaat noemen zou te ambitieus zijn. Maar dat vind ik een hele rare redenering. Schrap die hele klimaatparagraaf dan ook maar, als je niet te ambitieus wil zijn.’

Een ander amendement over de Palestina-paragraaf is ingediend door de Werkgroep48. Deze werkgroep, die zich bezighoudt met het Israëlisch-Palestijnse conflict, is actief in Wageningen. Het amendement van Werkgroep48 benoemt de apartheid ook, maar keert zich – in tegenstelling tot het amendement van Edwin van ’t Pad – niet expliciet tegen de tweestatenoplossing. ‘Die oplossing is niet werkbaar, maar is een afleidingsmanoeuvre van Israël om de annexatiepolitiek op de Westelijke Jordaanoever voort te zetten’, zegt W48-bestuurslid Rik Hoevers. ‘De meest rechtvaardige oplossing, op lange termijn, is inderdaad een eenstaatoplossing, een staat waar de rechten van alle mensen worden gewaarborgd. Maar dat is helaas nog ver weg. Bovendien, als je je heel erg focust op de eenstaatoplossing dan speel je de Israëllobby in de kaart. Die roept dan dat je de staat Israël van de kaart wilt vegen en dus antisemitisch bent. Daarom leggen wij de focus op mensenrechtenschendingen.’

Wel spreekt een tweede amendement van Werkgroep48 zich expliciet uit tegen de antisemitisme-definitie van de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA). ‘We verzetten ons tegen de IHRA-definitie, die kritiek op Israël vereenzelvigt met antisemitisme’, staat er in de door Werkgroep48 voorgestelde tekst. ‘In Nederland word je, op het moment dat je je uitspreekt tegen het koloniale, racistische apartheidsregime, vereenzelvigd met antisemitisme. Dat is oneigenlijk. Want kritiek op Israël is geen antisemitisme’, licht Hoevers toe.

Van ’t Pad verwacht niet dat de partijbesturen van GroenLinks en PvdA zijn amendement zullen steunen, of dat van Werkgroep48. Hij zegt heel benieuwd te zijn hoe beide besturen straks gaan beargumenteren waarom ze tegen zijn amendement zijn. ‘Het zou raar zijn als zij dit alleen met gelegenheidsargumenten doen.’

Ondertussen organiseren de afdelingen van GroenLinks en PvdA in de stad Utrecht woensdag een politiek café over Israël en Palestina. Leden van beide partijen kunnen er in gesprek gaan met experts: Berber van der Woude (bestuurslid van The Rights Forum), Thomas van Gool (PAX voor Vrede) en Esther van der Most (Plant een Olijfboom). Iman Abrontan van GroenLinks Utrecht, die het event mede-organiseert, vertelt dat het al voor de zomer gepland was, en dus geen reactie is op de paragraaf over Israël en Palestina in het concept-verkiezingsprogramma. Ook benadrukt Abrontan het mensenrechtenaspect. ‘Je kunt wel zeggen dat opkomen voor Palestina links is, en sympathie hebben voor Israël rechts, maar dan ga je voorbij aan de eigenlijke discussie: er worden mensenrechten geschonden. Als het andersom was, en een Palestijnse staat de mensenrechten van Israëlische Joden schond, dan waren we net zo kritisch geweest.’

Prinsjesdag – Wat betekent dat voor multicultureel Nederland

0

Vandaag is het Prinsjesdag, het begin van het nieuwe parlementaire jaar. Wat zijn de plannen van het demissionaire kabinet voor het komende jaar? De Kanttekening keek live mee naar de Troonrede en legde de plannen voor multicultureel Nederland onder een vergrootglas.

Elfde Troonrede van Willem-Alexander, oog voor verbinding

Vandaag is het alweer de elfde Troonrede voor koning Willem-Alexander. In zijn toespraak veel aandacht voor de oorlog in Oekraïne, maar ook voor ‘heling en verbinding’ vanwege de honderdvijftigjarige viering van de afschaffing van de slavernij. Ook noemt hij het bezoek van de regering aan het Caribische deel van het koninkrijk.

‘Verbinding ontstaat waar mensen bij elkaar komen. Dat gebeurt niet vanzelf. Er is blijvende inzet voor nodig’, zegt de koning.

Gelijkheid

Willem-Alexander benadrukt in de troonrede de behoefte aan meer gelijkheid, bestaanszekerheid, volkshuisvesting en goed onderwijs. En dan: ‘Niet iedereen heeft dezelfde kansen in Nederland. Daarom blijft de bestrijding van racisme en discriminatie hoog op de agenda staan. Met veel aandacht voor het koloniale verleden,’ aldus de koning.

Toeslagenouders

De koning wil herstel van het vertrouwen in de overheid, specifiek ook van de toeslagenouders. ‘Die moeten sneller worden geholpen’, zegt hij. ‘Voor het toeslagenleed moet zo snel mogelijk een oplossing komen met meer keuzes en regie voor de ouders.’

Twee miljard naar koopkracht

Concreet gaat er twee miljard naar extra koopkrachtregelingen. Zo gaan de huurtoeslag en het kindgebonden budget omhoog. En ook is er volgend jaar compensatie voor de stijgende energiekosten.

Armoedebestrijding Caribisch Nederland

Ook gaat er extra geld naar de armoedebestrijding in Caribisch Nederland. Zo komt er 32 miljoen euro ten behoeve van de koopkracht in Caribisch Nederland.

Immigratie

Een heikel punt voor de verkiezingen is immigratie. De koning zegt dat er ‘belangrijke keuzes’ moeten worden gemaakt. De instroom moet ‘beheersbaar’ worden gemaakt. Daarnaast benadrukt hij dat er voldoende asielopvang moet zijn.

Kerken en moskeeën

Opvallend is dat de koning de kerken en moskeeën noemt als plekken waar ‘verschillen worden overbrugd’ voor een ‘gezamenlijke toekomst’.

Herwaardering cultuur

Er komt een cultuurkaart voor jongeren en er wordt geïnvesteerd in bibliotheken in de wijken.

Miljoenennota

Hoewel de koning in de Troonrede zei dat de bestrijding van discriminatie hoog op de agenda staat, is in de miljoenennota niet gespecifieerd hoeveel geld er extra gaat naar de bestrijding ervan. Wel is in de miljoenennota te lezen:

‘Ruim een op de tien Nederlanders (11%) geeft in 2021 aan zich in het afgelopen jaar gediscrimineerd te hebben gevoeld. Dat zijn meer dan 1,6 miljoen mensen. Er bestaat een samenhang tussen het ervaren van discriminatie en gevoelens van onveiligheid. Van de mensen die zich in 2021 gediscrimineerd voelden, zei 57% zich wel eens onveilig te voelen en 7% vaak onveilig, ten opzichte van 30% en 1% in de groep zonder discriminatie-ervaring. Discriminatie kan mensen ook belemmeren in het volwaardig meedoen in de samenleving. Zo kan discriminatie op de stage- en arbeidsmarkt leiden tot werkloosheid onder specifieke groepen, en kan veelvuldige discriminatie tot (mentale) gezondheidsproblemen leiden.’

En:

‘Nederland is dichtbevolkt en wordt drukker, diverser en grijzer. In 2022 immigreerden 403.108 personen naar Nederland en emigreerden 179.310 personen uit Nederland. Sinds 2007 is bijna ieder jaar het merendeel van de migranten afkomstig uit de EU of Europese Vrijhandelsassociatie. 2022 is een uitzondering, vanwege de ontheemden uit Oekraïne. Het blijft van belang dat mensen in nood kunnen worden opgevangen. We moeten voorkomen dat we de spankracht van de samenleving overvragen, want dat gaat ten koste van het draagvlak voor migratie in onze samenleving. De toegenomen migratiebewegingen voor bijvoorbeeld asiel, werk of studie dragen bij aan ons land, maar brengen ook druk met zich mee voor de inrichting van ons land, de (sociale) voorzieningen en onze economie. Hiertoe moet in de komende periode belangrijke keuzes worden gemaakt over de procedures, opvang, huisvesting, woningbouw, integratie en grensbewaking (zowel Europees als nationaal).