Home Blog Pagina 950

Van Teheran naar Rotterdam: de vlucht van schrijver Hamed Ahmadi

0
Het zolderappartement van Verhalenhuis Belvédère in de Rotterdamse wijk Katendrecht fungeert de laatste jaren als residentieplek voor schrijvers die hun land zijn ontvlucht. Het Verhalenhuis is het eerste ‘Huis voor Immaterieel Erfgoed’ in Nederland en wil mensen en gemeenschappen in Rotterdam zichtbaar maken via kunst, cultuur en persoonlijke verhalen. Het verhaal van schrijver Hamed Ahmadi (1982) en zijn vrouw Mojde Radan-Koupaei hoort ook in dit huis thuis.

De vlucht van Hamed Ashmadi en zijn vrouw uit Iran is niet recent, maar wel ingrijpend. Hij schreef onder andere toneelstukken en scenario’s voor films. Helaas werd er niets van zijn hand opgevoerd of verfilmd, want zijn creaties voldeden niet aan de eisen van het regime. ‘Mijn werk was te erotisch getint. Let wel: als er bij wijze van spreken in een toneelstuk een hoofddoek wordt afgegooid, dan gaat het in Iran al te ver. Gelukkig werd er wel een dichtbundel van mij gepubliceerd.’

Naar aanleiding van de presidentsverkiezingen in 2009 ontstond de Groene Beweging. Kandidaat Mir-Hossein Mousavi was veel populairder dan zijn conservatieve opponent Mahmoud Ahmadinejad. Toch won Ahmadinejad de verkiezingen. ‘Een heleboel mensen in Iran vertrouwden dit niet. Ik ook niet. Als reactie hierop ontstond de Groene Beweging. We hadden geen specifiek doel, maar mensen die zich hierbij aansloten wilden dat de stemmen herteld werden, of dat de regering opstapte. In ieder geval waren we tegen het regime, tegen de dictatuur. We wilden meer democratie, om te beginnen verkiezingen die eerlijk verliepen.’

Hoewel er al veel aanhangers van de Groene Beweging waren opgepakt, bleef Ahmadi meedoen. Ongeveer twee maanden na het ontstaan van de Groene Beweging werd hij tijdens een vreedzame demonstratie in Teheran gearresteerd door de Sepah, de Iraanse Revolutionaire Garde. Hij werd 20 dagen vastgehouden zonder dat er een rechter aan te pas kwam. Tijdens de verhoren werd Ahmadi, toen 27 jaar oud, behoorlijk geïntimideerd. ‘Het was op zich al extra beangstigend dat ik niet wist hoe lang ik vastgehouden zou worden. De mensen die mij verhoorden lieten doorschemeren dat het nog weleens een behoorlijke tijd zou kunnen duren voordat ik werd vrijgelaten.’

‘In Iran kun je veroordeeld worden tijdens een rechtszaak zonder je aanwezigheid’

In Iran is de situatie in de gevangenissen zeer schrijnend, helemaal in vergelijking met Nederland. Grinnikend vertelt Ahmadi dat hij geen ervaring heeft met een Nederlandse cel. ‘De gevangenis is een vreselijk plek om te moeten zijn, plus dat voor mij de reden niet duidelijk was. Ik had niets gedaan waarvoor je in een gevangenis thuishoort.’

Propaganda

Nadat hij weer op vrije voeten was, werd Ahmadi geïntimideerd. ‘Als je niet wilt dat we je weer oppakken, dan moet je voor ons scenario’s gaan schrijven voor propagandafilms,’ werd hem van overheidswege duidelijk gemaakt. ‘Veel kunstenaars deden dit al. Niet alleen om met rust gelaten te worden, maar ook omdat je er veel geld mee kunt verdienen en veel bekendheid kunt krijgen. Geld en bekendheid zijn prettig. Alleen kon ik het niet aan mijzelf verantwoorden om zulke teksten te schrijven.’ Dat kon in Iran niet en hij besloot eind 2011 om zijn vaderland te verlaten. ‘Een moeilijke beslissing, maar wel een goede.’

Weer gearresteerd

Wat Ahmadi niet wist, was dat er een onderzoek tegen hem liep en dat hij op een lijst stond van mensen die het land niet mochten verlaten. Dit merkte hij pas op de luchthaven van Teheran, waar hij werd gearresteerd. De eerste nacht verbleef hij in een cel op de luchthaven, daarna in een politiecel. Na een dag werd hij naar de beruchte Evingevangenis gestuurd. ‘In Iran kun je veroordeeld worden tijdens een rechtszaak zonder je aanwezigheid. Het bleek dat ik was veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf zonder dat ik het wist. Ik kon mijn hoger beroep tegen betaling in vrijheid afwachten. Mijn beroep was succesvol. Geen gevangenisstraf, maar ik mocht mij van de rechter niet meer bemoeien met activiteiten tegen de Iraanse overheid.’

Maleisië en Armenië

Twee maanden na het hoger beroep kreeg Ahmadi zijn paspoort terug en kon hij het land weer uit. Hij vertrok niet alleen. Inmiddels was hij getrouwd met Mojde Radan-Koupaei. Zij had Japanse literatuurwetenschappen gestudeerd, werkte bij de Japanse ambassade in Teheran, gaf les aan een Japanse school en leidde ook Japanse reisgezelschappen rond. Zij ging met hem mee naar Maleisië.

Een van de belangrijkste redenen dat ze voor Maleisië kozen, was dat je met een Iraans paspoort maar naar een beperkt aantal landen kunt reizen zonder visum. Maleisië is een van die landen. Ahmadi en zijn vrouw verbleven anderhalf jaar in Maleisië. ‘Toen we er nog niet zo lang waren, zijn we overvallen,’ vertelt Mojde Radan-Koupaei. ‘Al onze spullen waren weg en Hamed zijn arm was gebroken. Ons gevoel van veiligheid was weg.’

Ahmadi voegt eraan toe dat Maleisië ook een streng moslimland is. Ze waren op zoek naar vrijheid, wat ze daar niet echt vonden. Zijn vrouw kon niet werken in Maleisië, maar Ahmadi werkte voor diverse Iraanse media. ‘Er zijn Iraanse media buiten Iran die niet aan het Iraanse regime gebonden zijn. Schrijven over Iran en over het regime gaat een stuk beter vanuit het buitenland,’ legt Ahmadi uit.

Na hun verblijf in Maleisië woonden ze vijf jaar in Armenië. Daar had Ahmadi het enorm naar zijn zin. ‘Veel mensen denken dat Armenië een klein, arm land is. De mogelijkheden om er te werken zijn inderdaad beperkt. Voor mij maakte het niet zo uit, want ik kon mijn werk voor de Iraanse media buiten Iran gewoon voortzetten. Ik voelde me er enorm thuis en kon mezelf zijn. Helaas is het erg lastig om in Armenië een verblijfsvergunning te krijgen, net als in Maleisië. Van Armenië vond ik dat veel erger.’

Ahmadi zocht contact met ICORN in Noorwegen. Dit is een stichting die schrijvers en andere kunstenaars ondersteunt die niet in hun eigen land kunnen of mogen blijven. ICORN selecteert je voor bepaalde landen of steden. Het Verhalenhuis Belvédère in Rotterdam is bij ICORN aangesloten. ‘Zo is het contact ontstaan. We wonen hier sinds vorig jaar april.’

Er loopt momenteel een asielaanvraag, maar daar kunnen Ahmadi en Radan-Koupaei verder niets over zeggen omdat de procedure nog loopt. Nota bene op basis van haar verblijfsvergunning heeft Radan-Koupaei geen werkvergunning. Dat vindt ze erg jammer, maar ze aanvaardt de situatie zoals die is. Net als in Maleisië kon ze in Armenië niet werken, wat volgens haar te maken had met de hoge werkloosheid in het land. ‘Armeniërs kunnen in Armenië vaak ook geen baan vinden.’

‘Ik heb in vier landen gewoond, maar mijn beste vrienden heb ik in Rotterdam gevonden’

Niet veilig in Iran

De laatste jaren wordt er regelmatig gedaan alsof Iran een veilig land is. Daar is Ahmadi het niet mee eens. Hij begrijpt wel waar het idee vandaan komt. ‘Het heeft twee oorzaken. Ten eerste zeggen westerse toeristen positieve dingen over Iran. Het beeld dat toeristen hebben is dat het een land is waar elke dag feesten worden gegeven. Het leven is er goedkoop en het is een geweldig land om te leven. Dat klopt niet. Voor Iraniërs die 100 procent achter het regime staan is het een geweldig land om te leven. Niet voor mensen die kritiek durven te uiten.’

De tweede oorzaak ligt bij de media. Volgens Ahmadi berichten veel correspondenten te luchtig over Iran. ‘De media proberen over te brengen dat Iran probeert te moderniseren. Dat is onzin. Vijftig jaar geleden leidden veel mensen in Iran, toen nog Perzië geheten, een modern bestaan. Er bestond een zekere mate van godsdienstvrijheid. Iran stond toen nog onder het bewind van Sjah Mohammad Reza Pahlavi. In 1979 werd alles anders met de komst van Ayatollah Khomeini, nu veertig jaar geleden. De klok werd teruggedraaid. De meeste Iraniërs steunen het theocratische regime niet.’ Desgevraagd legt Ahmadi uit dat de woonplaats daarbij geen rol speelt. Je kunt niet zeggen dat mensen die op het platteland wonen conservatiever zijn dan stadsbewoners. ‘Op het platteland wonen ook moderne moslims.’

Nederland en Rotterdam

Wat vinden Ahmadi en zijn vrouw van Nederland? Ahmadi vertelt dat hij al iets over Nederland wist, omdat hij als jonge jongen enorme fan was van het Nederlands Elftal. ‘Gullit, Van Basten, Hans van Breukelen, Frank Rijkaard. Ik vond ze allemaal geweldig. In Iran werden in die tijd kauwgumpjes verkocht met aan de binnenkant van het papiertje afbeeldingen van voetballers. Ook die van Nederland.’

Zijn vrouw knikt. Zij was fan van Marco van Basten en had foto’s van hem bemachtigd. ‘Voetbal verbindt,’ vinden ze.  Hoewel ze goed op de hoogte waren van de populariteit van het Nederlandse voetbal, dachten ze dat veel mensen in Nederland blond waren en groene ogen hadden. ‘We waren heel verbaasd toen we ook een heleboel mensen met donker haar zagen en vrouwen met een hoofddoek. Rotterdam en Nederland bleken veel multicultureler dan we dachten,’ geeft Radan-Koupaei toe. ‘Ik vind het fijn in Rotterdam. Ik heb in vier landen gewoond, maar mijn beste vrienden heb ik in Rotterdam gevonden. Wanneer we in een andere stad zijn geweest en met de trein in Rotterdam arriveren, voelt het als thuiskomen. Als we in Nederland kunnen blijven, dan blijven we bewust in Rotterdam. Voordat ik naar Europa kwam, hoorde ik dat Europeanen koud en afstandelijk waren. Dat klopt niet. Ik voel de warmte wel degelijk.’

‘Er moet veel veranderen in Iran, om te beginnen een democratisch gekozen humane regering’

Ahmadi had ook een onverwachte ervaring. ‘Ik liep een keer ergens in Rotterdam-Zuid, waar het trottoir even was afgezet omdat er moslims zaten te bidden. Dit beeld kende ik uit Iran, maar had niet gedacht dit hier aan te treffen. In mijn beleving ging er iets dreigends vanuit. Maar een stukje verderop stond een Nederlandse man alles te fotograferen. Hij had er een heel ander beeld van dan ik. Voor hem had het iets vredigs.’

Teruggaan

In Iran kon het werk van Ahmadi niet uitgevoerd of gepubliceerd worden, maar er zijn verschillende boeken van zijn hand uitgegeven in het Farsi, via twee uitgevers in Londen. Hij heeft onder andere een biografie geschreven over Farhad, een Iraanse rockartiest die tot 1979 zeer populair was in Iran. Momenteel werkt Ahmadi aan een boek over Shahyar Ghanbari, een Iraanse zanger en dichter die sinds 1979 in het buitenland woont. Ahmadi heeft daarnaast een drieluik geschreven over zijn tijd in de gevangenis. Het is al verschenen in Farsi onder de titel Goriz az Markaz en in het Engels als Mercury’s Moon.

Ahmadi gelooft niet dat hij weer zal teruggaan naar Iran, zeker niet in de nabije toekomst. Hij heeft nog een moeder en broer in Iran. ‘Ik bel regelmatig met mijn moeder, maar ik durf en kan niet terug. Heel veel familieleden van mij wonen buiten Iran, zoals mijn zusje in Schotland. Er moet veel veranderen in Iran, om te beginnen een democratisch gekozen humane regering.’

Voorlopig verblijven Ahmadi en zijn vrouw dus op de zolderverdieping van Verhalen Belvédère, ongeveer 50 vierkante meter groot. Hoe klein en bescheiden ook, ze zijn er blij mee – al is het wel een prestatie om in zo’n minikeuken te kunnen koken.

Dit interview had niet plaats kunnen vinden zonder de hulp van Nazanin Hedayati, die zo vriendelijk was om als tolk te fungeren.

Studie: godsdienstvrijheid wereldwijd afgenomen, ook in Nederland

0
In de periode 2007-2017 is de godsdienstvrijheid in de wereld sterk afgenomen. Dit stelt het Amerikaanse Pew Research Center in een uitgebreide studie.

Pew heeft voor dit rapport de godsdienstvrijheid in 198 landen onderzocht. Er is gekeken naar beperkingen van godsdienstvrijheid via wetgeving en naar maatschappelijke vijandigheid tegen mensen met een ander geloof.

Een belangrijke conclusie van het rapport is dat vooral in Europa de godsdienstvrijheid meer aan banden is gelegd. In 2007 waren er vijf landen in Europa waar moslimvrouwen van overheidswege beperkt werden in hun kledingkeuze, in 2017 waren dit twintig landen. Het gaat hier onder andere om een het Franse verbod in 2011 op gezichtsbedekkende kleding, maar ook om het Bosnische verbod op het dragen van een hoofddoek op het werk.

Daarnaast voelen gelovigen zich in hun vrijheid aangetast door politici die godsdienstvrijheid meer aan banden willen leggen. Zo voelen moslims en joden zich geïntimideerd door pogingen van verschillende politici in Europese landen om jongensbesnijdenis te verbieden. Ook voelen moslims in Nederland zich minder vrij dankzij de uitlatingen van Geert Wilders, die tegen de ‘islamisering’ van het Westen campagne voert en tegen vluchtelingen met een islamitische achtergrond.

Met de godsdienstvrijheid van religieuze minderheden in islamitische landen is het nog steeds slecht gesteld. In landen als Syrië, Afghanistan, Somalië en Pakistan plegen extremistische religieuze groeperingen veel geweld. In Myanmar zijn moslims juist het slachtoffer van religieus geweld, begaan door de boeddhistische meerderheid.

Onderzoek: afkomst bepaalt het aantal sollicitatiebrieven dat je moet versturen

0

Gezamenlijk onderzoek door de universiteiten van Amsterdam en Utrecht bevestigt dit.

In het onderzoek, uitgevoerd via nep-sollicitaties van jongeren tussen de 23 en 25 jaar, blijkt dat afkomst bepaalt hoeveel sollicitatiebrieven je stuurt voordat je een positieve reactie krijgt.

Gemiddeld moet iemand van autochtone afkomst 2,2 brieven schrijven voor een uitnodiging, iemand met een Turkse achtergrond 3,2 en iemand van Marokkaanse komaf 3,3. Bij jongeren met een Surinaamse of Antilliaanse achtergrond, waar de marges binnen de groepen groot is, werden respectievelijk 2,8 tot 3,9 en 3,7 tot 6,9.

De onderzoekers spreken van discriminatie en zien ‘dat mensen met een niet-westerse achtergrond 40 procent minder vaak gecontacteerd worden dan anderen’.

Het onderzoek is gehouden in goede economische tijden, waarin werknemers minder moeite hoeven te doen om een baan te vinden. Mocht hetzelfde onderzoek worden gehouden in slechtere tijden, dan zullen de verschillen nog groter worden, aldus de onderzoekers.

Koning van Marokko: twaalf paleizen, 600 auto’s en een miljoen horloges

23
Mohammed VI, de koning van Marokko, heeft een fortuin van 5 miljard euro, zo schrijft de Spaanse krant El Espanol. De koning leidt een zeer luxueus leven, terwijl zijn onderdanen met veel moeite de eindjes bij elkaar proberen te knopen.

Volgens het zakentijdschrift Forbes is koning Mohammed VI de rijkste man van Marokko, de op vier na rijkste man van Afrika en staat hij in de top 10 rijkste monarchen van de wereld. De koning heeft zijn enorme fortuin deels geërfd van zijn vader Hassan II, maar tijdens Mohammeds koningschap is het kapitaal vermeerderd.

De Société Nationale d’Investissement, de koninklijke holding, is aanwezig in alle sectoren van de Marokkaanse economie en levert de koning miljarden op. Tegenwoordig bezit de holding aandelen in meer dan dertig bedrijven, waaronder sommige multinationals. Daarnaast ontvangt de koning inkomen uit zijn landerijen en uit onroerend goed. Bovendien krijgen de koning en zijn familie bovendien jaarlijks 250 miljoen euro van de Marokkaanse belastingbetaler.

De koning maakt ook heel veel kosten. Hij heeft twaalf paleizen, waar in totaal elfhonderd dienaren werken. Om dit te kunnen betalen, is de koning elke dag een miljoen euro kwijt. Tevens houdt Mohammed van luxe. Zo heeft hij zo’n 600 auto’s en een miljoen horloges, een prachtig kasteel in Frankrijk, een luxueus zeiljacht en twee privévliegtuigen.

Het Marokkaanse bbp per hoofd van de bevolking is 4.400 dollar. Daarmee staat Marokko op de 86e plaats, tussen Iran (85) en Jamaica (87) in. Ter vergelijking: het Nederlandse bbp per hoofd ligt op 48.222 dollar.

Dehumaniseren kun je leren. Maar je kunt je er ook tegen verzetten

0

Dehumaniseren kun je leren. Aan die stelling moest ik denken toen ik drie weken geleden een aangrijpende foto zag die door de ziel sneed: vader Óscar Alberto Martínez Ramírez (26), samen met zijn bijna tweejarige dochter Valeria. Ze zijn dood. Verdronken in de Rio Grande tijdens een vergeefse poging om de Verenigde Staten binnen te komen. Vader en dochter waren El Salvador ontvlucht, waar geweld, armoede en de corruptie welig tieren. De zwempoging mislukte echter, waarna hun ademloze lichamen op de oever van de Rio Grande aanspoelden. Het leverde dat iconische beeld op: een vader die zijn dochter door zijn T-shirt draagt, zwemmend naar de Amerikaanse Droom. Tevergeefs.

Iedere politieke ramp heeft een eigen iconisch beeld. Denk bijvoorbeeld aan de foto van Mỹ Lai, met dat naakte Vietnamese meisje dat slachtoffer is van een Amerikaans napalmbombardement. Deze foto werd een aanklacht tegen de Vietnamoorlog. Volgens de commentatoren stond de foto van Ramírez en zijn dochter symbool voor het restrictieve migratiebeleid van Donald Trump, waarbij migranten steeds gevaarlijkere routes moeten nemen om the land of the free and the home of the brave te bereiken.

Zo worden onder Trumps zero tolerance-beleid, zoals bekend, duizenden kinderen van hun ouders gescheiden en in detentiecentra geplaatst. Daar leven ze onder erbarmelijke omstandigheden. Inmiddels zijn er tientallen doden gevallen, daarnaast raken sommige kinderen hun ouders kwijt. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat er met walging en verontwaardiging wordt gereageerd op Trumps restrictieve migratiebeleid.

Ook in de rest van de wereld riep de iconische foto ontsteltenis op. Ook in Europa, ook in Nederland. Niettemin, het is makkelijker om de splinter in het oog van de ander te zien, terwijl je je niet bewust bent van de balk in je eigen oog. Want niet zo ver van huis worden migranten net zo onmenselijk behandeld, als het gevolg van het strenge Europese migratiebeleid. En wij kijken toe.

We moeten populistische proefballonnen doorprikken en weer menselijk durven te zijn

Het was het zoveelste drama aan de Europese zuidgrens. De 31-jarige kapitein Carola Rackete besloot drie weken geleden om het reddingsschip Sea Watch 3 in de haven van Lampedusa te laten afmeren, ondanks het expliciete verbod van de Italiaanse autoriteiten. Door dat verbod te negeren riskeerde de Duitse kapitein een gevangenissstraf, maar zij vond de situatie van de migranten aan boord zo knellend dat ze niet anders kon. Zij zag het als haar verantwoordelijkheid om zieke migranten te redden.

Kort na de aankomst werd Rackete door de Italiaanse autoriteiten gearresteerd. Ze zou de regels van de scheepvaart hebben overtreden en medeplichtig zijn aan mensensmokkel. Het redden van mensen in nood wordt gezien als criminele activiteit. Het is goed om te onthouden dat er sinds 1988 bijna 30.000 mensen zijn verdronken in de Middellandse Zee, in hun poging om Fort Europa te bereiken. De migratiedeals tussen Europa en de Libische autoriteiten mogen we uiteraard niet vergeten. Afrikaanse migranten die naar Europa proberen te komen worden door de Libische kustwacht onderschept en in mensonterende detentiecentra geplaatst.

Terwijl het gedoe rond Sea Watch 3, een schip dat trouwens onder Nederlandse vlag voer, nog speelde, kwam de VVD opeens met het lumineuze idee om het redden van migranten en vluchtelingen op zee strafbaar te maken. Een rechtse meerderheid in de Kamer steunde die oproep. Natuurlijk gaat deze VVD-proefballon in tegen internationale verdragen – sterker nog, het is juist strafbaar als je mensen in nood niet helpt. Maar dit maakt voor de VVD niet uit. Het internationale recht geldt blijkbaar alleen voor die mensen die door de VVD als mensen worden gezien. Om ervoor te zorgen dat de migrant geen inspraak krijgt tot het internationale recht moet hij worden gedehumaniseerd. Hij is een bacterie, een bedreiging waar Europa verschoond van moet blijven, ter wille van de interne rust.

Dehumaniseren kun je leren. Maar je kunt je er ook tegen verzetten. Carola Rackete, door het toonaangevende Duitse blad der Spiegel tot ‘Captain Europe’ gebombardeerd, durfde ‘nee’ te zeggen. Zij was burgerlijk ongehoorzaam. Ze volgde niet de wetten van het land, maar luisterde naar haar hart en de principes van het internationale recht. Moge zij een inspiratiebron zijn, opdat wij niet meer hoeven toe te kijken hoe een mensenleven voor onze ogen verdrinkt, terwijl dit helemaal niet nodig is. We moeten populistische proefballonnen doorprikken en weer menselijk durven te zijn.

‘Half wit, half zwart zijn is één van de grootste privileges die je kunt hebben’

1

Filmmaakster Amanda van Hesteren maakte voor de VPRO de korte documentaire ‘Mama en ik: ja maar nee, nee maar ja’, die gaat over de vraag waarom zij en haar moeder anders tegen racisme aankijken. De Kanttekening sprak Van Hesteren – zwarte moeder, witte vader – over deze film, haar ervaringen met racisme en persoonlijke privileges. ‘Volgens mij zijn we eigenlijk heel goed op weg met z’n allen.’

Met welke verwachting begon je aan je documentaire ‘Mama en ik: ja maar nee, nee maar ja’?

‘Ik wilde eigenlijk eerst onderzoeken waarom donkere mensen in het algemeen niet zo snel aantrekkelijk gevonden worden. Alleen maar als je heel erg knap bent, of bekend en succesvol. Dus dat was de oorspronkelijke insteek. Maar toen ik hierover in gesprek ging met mijn moeder, kwam het uiteindelijk al snel uit op racisme en de vraag – haar vraag – of ikzelf niet meer aan de slag moest gaan met mijn ‘zwart-zijn’. Volgens mijn moeder ben ik een bounty die helemaal niks heeft met de black struggle. Ik zou mij te weinig inzetten voor de zwarte emancipatie. Ik was en ben het daar niet mee eens, maar ik vond het een leuke wending en besloot deze vraag in mijn documentaire centraal te stellen.’

Hoe kwam je bij het oorspronkelijke idee dat donkere mensen minder aantrekkelijk worden gevonden?

‘Een witte vriend van mij vertelde dat hij Naomi Campbell de mooiste vrouw op aarde vindt, maar dat als hij tussen een middelmatige witte of zwarte meid moest kiezen, hij voor het witte meisje zou gaan. Omdat het makkelijker is, maar ook vanuit een bepaald soort racisme dat te maken heeft met maatschappelijke status. Dat vond ik interessant. Ik snapte het ook wel. Naomi Campbell is dan een throphy. Ik herkende dat throphy-denken ook wel bij mijzelf.

‘Voor mij maakt kleur eigenlijk niet uit. En daarmee was mijn aanvankelijke vraagstelling toch op een bepaalde manier wel beantwoord – en was het onderwerp ineens heel saai geworden. Het gesprek met mijn moeder daarover opende iets waar de film nu over gaat.’

Wat waren de reacties op je film?

‘Er zijn heel veel reacties op mijn film gekomen, nadat die online ging. Ik heb inmiddels veel zwarte vrouwen gesproken die, net zoals mijn moeder, ook een kind hebben met een witte man. Zij herkennen mijn standpunt over racisme ook in hun eigen kinderen. Ook zij merkten dat racisme een andere rol – soms bijna geen rol – speelt in de levens van kinderen uit een gemengde relatie. Maar er waren ook mensen die op mij afstapten, omdat ze echt niets snapten van mijn verhaal. Inmiddels heb ik alle kanten van het spectrum wel gehoord.’

Denk je dat het uitmaakt, dat iemand uit een gemengd gezin komt?

‘Ja, ik denk dat racisme en de manier waarop je daar last van hebt ook wel iets te maken heeft met de cultuur waarin je bent grootgebracht. Ken je de Nederlandse cultuur door en door vanuit je opvoeding? Dan kun je nog steeds gediscrimineerd worden, maar het maakt misschien wel iets uit voor de manier hoe je er mee omgaat.’

‘Zonde van mijn tijd en energie om mij continu bezig te houden met het eventuele racisme van anderen’

Ben je anders gaan denken over racisme – en wat je er wel of niet mee moet – na het maken van deze film?

‘Nee. Mijn moeder en ik kwamen tot de conclusie dat we fundamenteel van mening verschilden, we agreed to disagree. Ik ben tegen racisme en ik vind het ook goed dat er nu zo veel luide protestgeluiden zijn. Maar die manier is niet mijn manier. Ik doe het anders. Toevallig sprak ik hier gisteren nog over met mijn broertje. Hij staat niet open voor de mogelijkheid dat iets racisme is, vertelde hij. Dat herken ik bij mijzelf. Als ik een afwijzing krijg, dan zie ik het gewoon als een afwijzing. Jammer voor diegene – en ik zoek wel naar een andere manier om mijn doel te bereiken. Dat vind ik een mooiere houding. Het is echt zonde van mijn tijd en energie om mij continu bezig te houden met het eventuele racisme van anderen.’

Maar is dat ook niet een luxe, om zoiets te kunnen zeggen?

‘Ja. Ik heb gelukkig maar weinig ervaring met racisme. Waarschijnlijk ook omdat mijn moeder een hele veilige omgeving heeft gecreëerd voor mij. Maar ik ontken niet dat er racisme is. Toen ik een paar geleden met mijn vriendin Lara in New York was, raakte ik aan het daten met een zwarte jongen. Hij was heel leuk, maar ook erg gepijnigd door het racisme in Amerika. Hij was heel boos op de witte samenleving. Dat vond ik jammer, maar ik begreep het wel heel goed. Hij had drie jaar vastgezeten voor een winkeldiefstal in Macy’s, terwijl hij maar achttien dollar had gestolen. Omdat hij daar erg onder leed en ik niet, werkte onze relatie niet. Zijn zwartheid zat echt in de weg. Ondanks het feit dat ik zelf ook zwart ben. Ik vond het best erg en pijnlijk. Maar ik kon er niks mee. Niks aan te veranderen.’

Je moeder verwijt je een bounty te zijn. Maar als je de documentaire bekijkt krijg je niet de indruk dat je moeder jou en je broer heeft opgevoed in de black community. Klopt dat?

‘Nee, dat is een misverstand, maar ik begrijp wel dat je dat vraagt. Ik ben juist heel erg opgevoed in de zwarte community in Amsterdam-Zuidoost – en ook heel bewust gemaakt van racisme en zwarte emancipatie. Mijn neefjes en nichtjes van mijn moeders kant zijn nog steeds mijn beste buddies. En mijn vrienden zijn ook best gemixt, eigenlijk. Maar de zwarte familie van mijn moeder was en is gewoon heel succesvol. Dat maakt dat mijn ervaring met ‘zwart zijn’ misschien anders is. Kennis en kunde als uitweg voor racisme, met dat idee ben ik opgevoed. Dat komt ook terug in de film.

Is het mogelijk om jezelf als niet-witte man of vrouw te onttrekken aan een wereld waar racisme op allerlei vlakken evident is?

‘Ja. Maar ik denk niet dat studeren de enige manier is om hogerop te komen. Ik ben ook erg gefascineerd door Gee Patta – een jongen die eigenlijk Guillaume Schmidt heet – en een streetwear-imperium heeft opgebouwd. Hij heeft buiten de traditionele ‘witte’ wereld om zijn eigen succesverhaal geschreven. Dat vind ik heel tof. En hij is een goed voorbeeld voor jongeren. Dus dat wil ik ook laten zien.’

Wat zijn jouw persoonlijke privileges?

‘Ik denk dat half wit, half zwart zijn één van de grootste privileges is die je kunt hebben. Je kent dan beide werelden. Ik zie hele andere dingen dan mijn witte vrienden en ook hele andere dingen dan mijn vrienden die echt helemaal zwart zijn. Door die dubbele blik krijg je een andere soort vibe. Onlangs ben ik afgestudeerd aan de Sint-Lucas School of Arts in Brussel, aan de filmfaculteit. Daarvoor studeerde ik communicatiewetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Ik ben blij dat ik gestudeerd heb, de academische wereld heb leren kennen, en daarnaast ook een gewone ramstudie heb gedaan – aan de meer intuïtieve Sint-Lucas School of Arts. Ik ken veel kunstenaars die bang zijn dat ze ergens toch iets hebben gemist, omdat ze niet aan een universiteit hebben gestudeerd.’

‘Volgens mij zijn we eigenlijk heel goed op weg met z’n allen’

Zag je, wat betreft diversiteit, grote verschillen tussen de UvA en de Sint-Lucas?

‘Nee. Op beide instellingen was ik een van de twee niet-witte eerstejaars. Maar bij een richting als architectuur, een richting met een iets hogere baangarantie, zie je wel meer diversiteit. Net zoals je op de UvA meer studenten van kleur rechten ziet doen.’

Wat ga je nu doen?

‘Ik zit sinds een week in Thailand en volg nu een cursus Muay Thai, dat is een soort kickboksen. Ik ga hierover ook een documentaire maken. Mijn broertje is fotomodel. Hij is nu ook hier, samen met zijn vrienden: jonge, mooie succesvolle jongens, ze zijn hier op reflectievakantie. Ze hebben veel geld en succes en hopen hier hun focus terug te vinden. Dat vind ik interessant en een leuk uitgangspunt voor een film. Verder weet ik nog niet wat ik hier ga doen. Ik kijk wel wat er op mijn pad komt, zoals altijd. Ik werk heel intuïtief. Dan komt er iets voorbij waar ik opgewonden van word, en ga ik daar zonder vooroordelen in. Daar komt meestal wel wat uit.’

Wat vind je van het Nederlandse filmwereldje? Wat is je grote droom? En wie zijn je voorbeelden?

‘Ik heb nu voor het eerst een film gemaakt, voor de televisie bij de VPRO. Een interessante ervaring. Hoe begeleid je een kijker in je verhaal? Op de academie ben je veel vrijer in je werk. Toch heb je als documentairemaker meer vrijheid dan als filmmaker. Bij fictie zie je veel stijltjes die je na een tijdje gaat herkennen. Niet erg hoor, maar ik vind het sowieso leuker om echte dingen te zien dan gespeelde scripts.’

Ten slotte: wat heeft Nederland nodig om uit het racismedebat te komen?

‘Volgens mij gaat het nu best wel goed, hoor. Wat ik merk is dat het urban-gevoel, het black-zijn, eigenlijk best wel cool gevonden wordt. Iedereen luistert naar rap en draagt straatkleding. Ik zie heel veel gemengde relaties. Volgens mij zijn we eigenlijk heel goed op weg met z’n allen. Daarom vind ik het op een bepaalde manier soms ook jammer, al dat gedoe over black empowerment en vooral de toon van ‘Wij zijn ook belangrijk, hoor!’. Hiermee cultiveer je alleen maar de minderheidspositie. Laat gewoon de succesverhalen zien, want die zijn er genoeg. Dan krijg je vanzelf een andere blik op mensen met een diverse achtergrond.’

Verenigde Staten bezorgd over positie van moslims in India

0
Nancy Pelosi, de voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, zegt dat het Amerikaanse Congres bezorgd is over de positie van moslims in India. Dat stelt zij in een gesprek met John Chambers, voorzitter van het U.S.-India Strategic Partnership Forum, in Washington D.C.

Pelosi sprak drie jaar geleden, tijdens een bezoek van minister-president Narendra Modi van de nationalistische Bharatiya Janata-partij (BJP), al haar zorgen uitsprak over de situatie van moslims in India. Die zorgen zijn inmiddels  niet weggenomen, verklaart ze.

In India is het geweld tegen moslims de laatste tijd flink opgelaaid. Drie weken geleden ging op social media een video viral waarin de 24-jarige Tabrez Ansari wordt gemolesteerd door een woedende hindoeïstische menigte. Dit gebeurde zeven uur lang, terwijl hij was vastgebonden, hevig bloedde en om genade smeekte, totdat hij overleed. De dood van Ansari zorgde over heel India voor protesten.

Volgens een onderzoek van mensenrechtenorganisatie Equality Labs worden er op sociale media in India veel haatberichten tegen moslims gedeeld. De Indiase onderzoeksjournalist Soma Basu stelt in een ander onderzoek dat de nationalistische BJP van Modi via whatsapp en andere sociale media negatieve berichten verspreidt over moslims, met als doel het hindoeïstische electoraat meer aan zich te binden.

Onderzoek: Britten banger voor extreemrechts dan voor islamisme

0
Het Britse publiek ziet extreemrechtse groepen nu als een grotere bedreiging dan islamistische extremisten. Dit concludeert antiracismewaakhond Hope Not Hate na onderzoek onder ruim zesduizend respondenten.

33 procent van de ondervraagden noemt extreemrechtse organisaties als de grootste bedreiging voor sociale cohesie en de openbare orde. Dit is 5 procent meer dan in februari, toen dit nog 28 procent was. De vrees voor islamistisch extremisme daalde in diezelfde periode: van 35 naar 28 procent.

De timing van de studie is saillant te noemen: vorige week belandde activist Tommy Robinson, oprichter van de extreemrechtse English Defence League, voor negen maanden achter de tralies omdat hij illegale opnames maakte van Pakistaans-Britse verdachten in een grote zedenzaak.

Volgens Hope Not Hate-woordvoerder Rosie Carter zijn mensen banger voor extreemrechts geworden door aanslagen die door extreemrechtse terroristen zijn gepleegd. Ze noemt de aanslag op de synagoge in Pittsburgh, vorig jaar oktober, en de aanslag in Christchurch in maart dit jaar, waarbij 51 moslims om het leven kwamen.

Daarnaast zijn extreemrechtse en racistische propaganda steeds meer zichtbaar geworden, waardoor mensen het gevaar van extreemrechtse groepen beginnen in te zien, aldus Carter. ‘En het is niet zo dat alleen links zich zorgen maakt.’

Volgens Hope Not Hate maken vooral Joodse (57 procent) en islamitische (62 procent) respondenten zich zorgen over extreemrechts, terwijl slechts 18 procent van de Conservatieven-stemmers extreemrechts een probleem vindt.

‘#RacistPresident’ trending na Trumps ‘racistische tweets’ over linkse vrouwen

0
Tweets van Trump tegen linkse vrouwen uit het Huis van Afgevaardigden zorgen voor grote ophef. Niet alleen in de Verenigde Staten, maar ook in de rest van de wereld.

Afgelopen zondag slingerde de Amerikaanse president Donald Trump een serie tweets de wereld in, gericht tegen de linkse Democratische afgevaardigden Alexandria Ocasio-Cortez, Ilhan Omar, Rashida Tlaib en Ayanna Pressley. Deze dames, bekend als ‘the squad’,  vertegenwoordigen niet alleen de nieuwe, uiterste linkervleugel van de Democratische Partij, maar behoren bovendien tot een etnische minderheid.

Trump schreef dat deze vier vrouwen niet zo’n grote mond tegen hem moeten hebben, omdat ‘de landen waar ze vandaan komen’ een puinhoop zouden zijn en de Verenigde Staten ‘het machtigste en beste land van de wereld is’. In zijn tweets stelde hij voor dat de vier ’terug moeten gaan’, om de problemen in die landen eerst maar even op te lossen.

De tweets van Trump zorgen wereldwijd voor grote ophef. Op Twitter is de hashtag #RacistPresident trending. Veel linkse Amerikanen vonden al langer dat Trump een racist was, maar met deze tweets zou het masker dan definitief zijn afgevallen. Democraat Ayanna Pressley, een van Trumps doelwitten, twitterde terug: ‘Wij zijn zoals democratie eruit ziet. En wij gaan nergens heen. Behalve terug naar (Washington, red.) D.C., om te strijden voor de families die u dagelijks marginaliseert en belastert.’

Trump viel de vier squad-leden aan omdat zij al langer overhoop liggen met Nancy Pelosi, de Democratische voorzitter van het Huis van Afgevaardigden. Pelosi hoort bij de gematigde vleugel van de Democraten, die moeite heeft met de radicale politiek van de vier vrouwen. Alexandra Ocasio-Cortez beschuldigde Pelosi op Twitter vorige week nog van racisme, door te suggereren dat the squad wordt tegengewerkt omdat ze een andere huidskleur hebben.

Trump hoopte met zijn tweets olie op het vuur te gooien en de verdeeldheid in de Democratische Partij verder aan te wakkeren. Zijn tweets hebben echter het tegenovergestelde bereikt.

Na drie jaar houdt de coup Turkse Nederlanders nog altijd in zijn greep

0
Vandaag is het precies drie jaar geleden dat in Turkije de mislukte coup tegen Recep Tayyip Erdogan plaatsvond. De nasleep van de staatsgreep trekt nog altijd diepe sporen in de Turks-Nederlandse gemeenschap. ‘Wij waren landverraders, terroristen.’

‘Ik heb echt heel veel geluk gehad’

Talha* moest na de coup zijn vaderland Turkije ontvluchten en woont nu, na een tussenstop van zeven maanden in Indonesië en een kort verblijf in een azc, in Rotterdam. ‘15 juli 2016 was voor mij een hele vreemde dag’, vertelt hij. ‘Het was namelijk ook de dag dat ik de laatste examens voor mijn studie theologie moest doen.’

Omdat hij sympathiseerde met het gedachtegoed van de Hizmet-beweging van Fethullah Gülen, volgens Erdogan het brein achter de staatsgreep van 2016, werd Talha in het najaar ontslagen op de privéschool waar hij godsdienstonderwijzer was. ‘De school kwam er namelijk achter dat ik de app ByLock op mijn mobiele telefoon gebruikte, waarmee je versleutelde berichten kunt versturen. Volgens de Turkse geheime dienst waren alle ByLock-gebruikers lid van de Hizmetbeweging en dus terroristen.’

Nadat hij werd ontslagen, wist Talha dat het niet lang meer zo duren voordat hij gearresteerd zou worden. ‘Een vriend van mij was twee maanden eerder gearresteerd, een maand nadat ook hij zijn baan had verloren. Ik besloot daarom om zo snel mogelijk het land te ontvluchten. Een andere vriend van mij woont in Indonesië. Daar ging ik naartoe. Ik heb een vlucht geboekt en vier dagen na mijn ontslag zat ik in het vliegtuig, op weg naar mijn vrijheid. Het was een enorm risico om meteen het vliegtuig te pakken, ik had ook gearresteerd kunnen worden. Maar ik dacht: als ik toch gearresteerd word, liever meteen dan nog een maand wachten.’ Talha kon echter gewoon doorlopen bij de douane. ‘Ik heb ik echt heel veel geluk gehad.’

Talha verbleef zeven maanden in Indonesië, totdat hij besloot om Nederland te gaan, waar hij zich echt veilig voelde. ‘Waarom? Er was een incident met de beroemde basketballer Enes Kanter, een verklaard tegenstander van Erdogan en sympathisant van de Hizmet-beweging. Toen hij in Indonesië was hebben mensen, waarschijnlijk Turkse geheime agenten die in opdracht handelden van Erdogan, geprobeerd om hem te ontvoeren, zodat hij in Turkije terecht kon staan voor zijn zogenaamde misdaden. Gelukkig mislukte deze kidnappoging, maar ik voelde mij daarna niet meer veilig in Indonesië.’

‘Ik ben echt geweldig behandeld door het IND, compleet met een kopje thee’

En toen opeens kwam Nederland in het nieuws, vanwege de diplomatieke rel met Turkije. Talha geloofde dat hij in Nederland daarom wel veilig zou zijn. Aangekomen op Schiphol vroeg hij meteen asiel aan en legde ook uit waarom. ‘Ik ben echt geweldig behandeld door de mensen van de IND, compleet met een kopje thee.’

Het verblijf in het AZC duurde ook zeven maanden. Talha: ‘Het was voor mij een tijd om alles goed mentaal te verwerken. Ik was alles kwijt. Mijn baan. Mijn familie. Mijn mooie auto. Ik had niets meer. Gelukkig werd ik goed geholpen door Turkse Nederlanders die net als ik ook de Hizmet-filosofie waren toegedaan. Ik heb mijn leven weer opgepakt en werk nu bij een ICT-bedrijf in Rotterdam. Eigenlijk vind ik dit werk veel leuker dan voor de klas staan. Maar de manier hoe ik daar achter ben gekomen kwam – eufemistisch gezegd – via een omweg.’

Talha gelooft er heilig in dat de staatsgreep tegen Erdogan een inside job is – dus door de president zelf georkestreerd. ‘Erdogan noemde de coup een geschenk van God, omdat hij hierdoor de mogelijkheid had gekregen om het land te herscheppen. Dit is voor mij echt het bewijs dat hij er zelf achter zit. De arrestatie van duizenden politieke tegenstanders, het ontslag van honderden rechters, het feit dat Turkije hierdoor in een echte dictatuur is veranderd, dat is volgens mij allemaal gepland. De precieze feiten over wat er gebeurd is, dat zullen we voorlopig niet te weten komen. Maar voor mij is wel veel duidelijk.’

‘Een soort 9/11’

De coup en zijn nasleep hebben ook diepe sporen getrokken in de Turkse gemeenschap in Nederland. Historicus Tayfun Balcik, projectleider bij The Hague Peace Projects en sinds juni columnist bij de Kanttekening, heeft de gebeurtenissen met grote intensiteit beleefd. ‘Het was een enorme shock, een soort 9/11, een waterscheiding die er echt diep inhakt’, vertelt hij. ‘Op 15 juli was ik met Turkse, Armeense en Koerdische vrienden van mijn dialooggroep in Zwitserland. Toen we ’s avonds, na een wandeling zonder mobiel bereik, in ons hotel aankwamen, hoorden we van de coup en gingen we meteen naar onze hotelkamers, om onze familie en vrienden bellen.’

Daarna heeft de groep van middernacht tot vijf uur in de ochtend al het nieuws gevolgd via Twitter en andere media. Balcik: ‘Het voordeel van het feit dat we een gemengde groep waren was dat snel alle onzin eruit werd gefilterd. Het gerucht dat de PKK achter de coup zou zitten bijvoorbeeld. Dankzij de Koerden die mee waren hoorden we al snel van het PKK-statement dat zij hier toch echt buiten stonden en dit als een interne Turkse aangelegenheid beschouwden.’

Op 17 juni kwam Balcik in Nederland terug, om vervolgens bijna gelijk daarna met zijn familie op vakantie naar Turkije te gaan met de auto. ‘Dat was ook een hele aparte belevenis. We konden het land in, maar overal was de spanning voelbaar. Zo waren er milities, de ‘democratische wachters’, die kazernes blokkeerden en de wegen in de gaten hielden. Ook was er in Trabzon een pro-Erdogandemonstratie, waar mensen de herinvoering van de doodstraf eisten, volgens hen de enige juiste straf voor hoogverraad.’

Je zou denken dat Balcik blij was om daarna weer in Nederland te zijn, maar ook hier was de spanning om te snijden, hoewel op een andere manier. ‘In Nederland snapten veel mensen niks van de gebeurtenissen in Turkije en begonnen ze ons op een andere manier te bekijken. Ik woonde 31 jaar in Nederland, maar snapte nu eindelijk hoe het is om Marokkaan te zijn, om als groep collectief weggezet te worden. Mijn etniciteit was opeens een probleem. Turkse Nederlanders werden weer geproblematiseerd. Geert Wilders en columniste Ebru Umar vonden het jammer dat de coup niet was gelukt, een sentiment dat onder rechts Nederland breder leefde.’

Foto: Tayfun Balcik

‘Ze zeiden tegen mij: ‘Als je naar Turkije gaat, dan weten we je te vinden’

Balcik vond dit onbegrijpelijk. ‘Erdogan is heel fout, dat vind ik ook, maar tijdens de coup zijn meer dan tweehonderd mensen omgekomen. Er is grof geweld gebruikt. Dat hakte er enorm in bij ons, Turkse Nederlanders. Maar voor die kant was nauwelijks aandacht. Er was vanuit de witte Nederlanders heel weinig empathie voor ons. Er heerste vooral wantrouwen. Alsof wij allemaal Erdogan-aanhangers zouden zijn.’ Volgens Balcik valt dit wel mee. ‘Van de Turkse Nederlanders die gingen stemmen steunde 65 tot 70 procent Erdogan tijdens het referendum om het presidentiële systeem in te voeren en daarna tijdens de presidentsverkiezingen. Maar mensen vergeten dat ongeveer de helft van de stemgerechtigden niet gestemd heeft.’

‘Hierna kwamen de spanningen in de Turkse gemeenschap zelf’, vervolgt Balcik. ‘Er ontstond een diepe sfeer van wantrouwen, vooral tussen de Turkse Nederlanders die pro-Erdogan waren en de Turkse Nederlanders die Gülenist waren. Ik ben geen nationalist, maar kom uit een Grijze Wolven-familie. De ruzie tussen de Erdoganisten en Gülenisten bekijk ik daarom van een afstandje.’ Er zijn hele heftige dingen gebeurd, vertelt hij. ‘Een vechtpartij op Plein ’40-45 in Amsterdam bij Halal Fried Chicken bijvoorbeeld. En tijdens een dialoogbijeenkomst met de toenmalige minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher,  waar ik ook aanwezig was, beet een nationalistische Turk een Gülen-sympathisant kwaad toe: ‘Je was al een Koerd, nu ben je ook een Gülenistische terrorist.’’

Op sociale media is Balcik in de nasleep van de coup niet bedreigd. Wel kreeg hij veel bedreigingen binnen nadat hij op 24 april dit jaar een krans heeft gelegd bij het Armeense Genocide-monument. ‘Ze zeiden tegen mij: ‘Als je naar Turkije gaat, dan weten we je te vinden.’ Omdat ik de Armeense Genocide erken, ben ik sommige van mijn Turkse vrienden kwijtgeraakt.’

Balcik gelooft niet dat de coup een inside job is. ‘Dan moet je met bewijzen komen, en die zijn er vooralsnog niet. Wel wordt de coup geframed door Erdogan als een Gülenistische coup, terwijl er onder de officieren die de coup pleegden behalve Gülenisten ook seculiere Kemalisten zaten. Maar die laatsten krijgen de schuld niet, omdat Erdogan de steun van de seculieren nodig heeft. De coup heeft er ook toe geleid dat de alliantie tussen zijn AKP en de nationalistische MHP steviger is geworden.’

‘Erdogan is democratisch gekozen’

Zeki Baran, voorzitter van het Inspraakorgaan Turkse Nederlanders, heeft een andere lezing. ‘We hebben als Turkse gemeenschap niet goed duidelijk gemaakt aan de buitenwereld wat we meemaakten’, vertelt hij. ‘Nederlanders begrepen niet goed wat er gebeurde. De coup was een opstand tegen de rechtsstaat, tegen de democratie. Dit had enorme gevolgen, ook voor onze Nederlandse samenleving. Dit hebben we helaas niet goed kunnen vertellen aan onze buren, aan onze vrienden.’ Baran benadrukt dat er veel Turkse slachtoffers zijn gevallen tijdens de coup en dat dit een grote schok was. ‘Er is uit solidariteit gedemonstreerd op de Erasmusbrug in Rotterdam, met allemaal Turkse vlaggen. Maar de Nederlandse media hebben hier niet goed over bericht. Ze dachten dat deze Turken tegen Nederland zouden zijn. Dat is niet zo. We wonen vijftig jaar in dit land, we houden van Nederland, we zouden zelfs – als het nodig is – ons leven geven voor Nederland.’

Over de nasleep van de coup is Baran heel duidelijk. ‘Dat is echt van andere orde. Ik woon in Nederland, ik houd mij bezig met Nederlandse politiek, daar moet de discussie in Nederland over gaan, niet over Turkse binnenlandse aangelegenheden.’ Kwesties die in Turkije spelen hoeven volgens Baran niet in Nederland te worden besproken. ‘Nederland bemoeit zich echt veel te veel met Turkije, men doet bovendien alsof Turken hier een veiligheidsprobleem zijn. Minister-president Mark Rutte heeft in 2017 handig op het Nederlandse wantrouwen ingespeeld door een Turkse minister die naar Rotterdam was gereisd het land uit te zetten. En dankzij deze diplomatieke rel heeft Rutte de Tweede Kamerverkiezingen kunnen winnen.’

Op 15 juli 2016 gingen veel burgers na een oproep van president Erdogan de straat op, om zich te verzetten tegen de legereenheden die de coup pleegden (Foto: Associated Press)

‘Nederland bemoeit zich echt veel te veel met Turkije’

Heeft Baran de indruk dat drie jaar later de rust weer een beetje is weergekeerd, in Turkije maar ook in Nederland? ‘Het was niet onrustig in 2016. Die rust is er nu, maar die was er ook toen. Er zijn altijd problemen, er is altijd wel wat. Die ‘vechtpartij’ bij dat kiprestaurant waar Balcik het over heeft, dat was gewoon een zakelijk conflict. De media hebben dit opgeblazen.’ Volgens Baran is het echte probleem die vreselijke staatsgreep. ‘In 1980 was er ook een staatsgreep in Turkije. Dat heeft voor een groot trauma gezorgd. Die staatsgreep was heel slecht voor Turkije, voor de democratie. Daarom is het ook zo jammer dat het Westen, Europa en Amerika, niet pal achter de Turkse democratie is gaan staan na de mislukte coup. Erdogan is democratisch gekozen. Hij gaat straks ook democratisch weg, als het Turkse volk het wil.’

Maar al die journalisten en dissidenten in de gevangenis dan, is dat geen probleem? ‘Dat zijn binnenlandse aangelegenheden’, antwoordt Baran. ‘De Europese Unie is hypocriet, heeft twee gezichten. Als de EU echt een gesprek met Turkije over de mensenrechten had gewild, dan had men het juridische dossier moeten afhandelen tijdens de toelatingsgesprekken over het Turkse EU-lidmaatschap. Maar dat deed men niet. Er is bij de EU een enorme onwil om zich echt voor mensenrechten in te zetten.’

‘Wij waren landverraders, terroristen’

Saniye Calkin is directeur van Platform INS, dat zich sterk maakt voor dialoog en vreedzaam samenleven, en ze is een openlijke Gülen-sympathisant. ‘Ik ben er altijd open over geweest dat ik een Gülen-sympathisant ben. Na de coup, waar de Gülenisten de schuld van kregen, ben ik geïntimideerd, beledigd en bedreigd. Ook mijn ouders van bijna 70 en mijn dochters op straat zijn toen lastiggevallen. Wij waren landverraders, terroristen. Dit gebeurde in de eerste dagen, de eerste weken na de coup.’ Op sociale media wordt Calkin af en toe wel eens lastiggevallen, ‘maar de ergste intimidatie is nu gelukkig wel voorbij.’

Calkin is blij met de serieuze aanpak van de politie en OM, zoals dat zij in sommige situaties met boetes en arrestaties hebben opgetreden. ‘Hierdoor zijn de beledigingen, bedreigingen en vernielingen bij mij, maar ook bij andere Hizmet-sympathisanten, gelukkig afgenomen.’ Maar de schade is nog niet voorbij. ‘Het ergste is toch wel dat Turken en Turkse Nederlanders door middel van valse beschuldigingen tegen elkaar zijn opgezet. Buren tegen buren, vrienden tegen vrienden, collega’s tegen collega’s, maar ook broers tegen zussen, ouders tegen kinderen – zelfs huwelijken gingen stuk.’

Foto: Saniye Calkin

‘De beledigingen, bedreigingen en vernielingen zijn gelukkig afgenomen’

Ook de zogenoemde ‘klikturken’ komen ter sprake, Turkse Nederlanders die critici van het Turkse beleid aangeven. De kliklijn is volgens Calkin symptoom van een groter probleem. ‘Je kunt nu niet zomaar naar Turkije toe. Er worden dossiers van mensen aangemaakt. Tijdens de verkiezingscampagne voor de lokale verkiezingen van Istanbul herhaalde Erdogan het nogmaals: ‘Geeft het vooral aan ons door,: kennen jullie aanhangers van FETÖ (pejoratieve benaming voor de Hizmet-beweging, letterlijk Fethullahistische Terreurorganisatie, red.), vertel het’.’ Op vakantie naar Turkije gaan is lastig, maar ook is het onmogelijk om trouwerijen en begrafenissen bij te wonen. ‘Twee van mijn vriendinnen hadden hun vaders verloren. Ze konden hun vader niet begraven omdat ze dan wellicht gearresteerd zouden worden. Ook dan word je namelijk niet met rust gelaten.’

De piek van de onderlinge onenigheid was volgens Calkin het sterkst voelbaar in de periode direct na de coup. Het is nu een stuk rustiger, maar ze ziet nu nog steeds dat er diepe wonden zijn die nog niet genezen zijn. ‘Van Erdoganisten en Gülenisten kun je verwachten dat ze niet gauw dichterbij elkaar gaan komen. Maar ik vind het betreurenswaardig dat ook sommige seculiere Turkse Nederlanders, die actief zijn in het maatschappelijk debat, zich onvoldoende verzetten tegen het feit dat onschuldige mensen massaal voor terroristen worden uitgemaakt – en soms zelfs meegaan in de hate speech en nu ook over ‘FETÖ’ spreken.’ Calkin vindt dit heel bizar: ‘Het bij voorbaat collectief veroordelen van Gülenisten als terroristen staat haaks op de principes van de rechtsstaat.’

Volgens Calkin zit Fetullah Gülen in ieder geval niet achter de coup van 15 juli. Ze vertelt dat Gülen ooit zei dat een leider die met verkiezingen is aangesteld met verkiezingen weer dient te vertrekken. Gülen heeft bovendien gezegd dat als tien procent van de beschuldigingen waar bleek, hij het vliegtuig naar Turkije zou pakken om terecht te staan. ‘Maar belangrijker is dat de Hizmet-beweging een organisatie is die zich altijd heeft ingezet voor dialoog, saamhorigheid, onderwijs en verbinding’, zegt Calkin. ‘Een gewelddadige coup past hier helemaal niet bij.’ Calkin weet niet wat er precies gebeurd is op 15 juli, maar wel dat Erdogan na de mislukte coup de noodtoestand heeft uitgeroepen en nog meer macht naar zichzelf heeft toegetrokken. ‘Het is heel triest om te zien hoe een regering met man en macht dag in dag uit bezig is om een sociale beweging uit te roeien. Heel jammer, vooral ook gezien waar Hizmet voor staat: meer onderwijs, dialoog, saamhorigheid en uiteindelijk vrede.’

*Gefingeerd. Echte naam bij de redactie bekend.