10.1 C
Amsterdam

Ramadan: 30 dagen, 30 vragen | ‘De eerste ramadan zonder mijn vader’

Hoda Hamdaoui
Journalist. (Fotograaf: Vera Cornel.)

Lees meer

Deze ramadan stelt de Kanttekening elke dag een vraag aan een Nederlandse moslim. Hoe beleven zij de vastenmaand in coronatijd? Vandaag op ramadan-dag 17: Nabeela Bhatti uit Den Haag. Zij verloor haar vader vijf maanden geleden na een zeer kort ziekbed.


Hoe was de ramadan bij u thuis en hoe anders zal het dit jaar zijn?

‘Toen mijn ouders in de jaren tachtig trouwden, heeft mijn moeder zich bekeerd tot de islam. Ze was katholiek. We zijn islamitisch opgevoed door onze ouders. Samen met mijn twee oudere zussen ging ik op jonge leeftijd naar Arabische les en Koranles. Ik was nog maar een jaar of zes en stopte op mijn twaalfde, waardoor ik er helaas maar weinig van onthouden heb. Het was heel moeilijk, dat weet ik nog. Mijn zussen waren iets ouder, die weten meer, zij lazen ook al de Koran. De lessen werden door een Pakistaans gezin gegeven, maar er kwamen ook kinderen met Marokkaanse of Somalische ouders. Ik zag er toch een beetje anders uit met mijn Curaçaose moeder, dus ik voelde mij toch niet helemaal thuis daar. Ik vond ook andere dingen leuk, zoals zingen. Toen ik een keer in de krant stond over mijn hobby, hadden kinderen dat gezien en begonnen ze mij uit te lachen. Ze zeiden dat ik geen moslim was als ik zangeres wilde worden. Ik voelde niet dat ik er echt bij hoorde. We gingen als gezin ook naar een Surinaamse moskee, wat belangrijk was, omdat de preken in het Nederlands werden gegeven. Dat was fijner voor mij en mijn zussen, maar ook voor mijn moeder.

‘Er heerste wel een ramadansfeer thuis. Mijn vader kwam mij dan wakker maken om te gaan eten in de ochtend. Hij maakte het ontbijt voor ons allemaal. Hij moest ons alles uitleggen, ook de vrijstelling van het vasten tijdens je menstruatie. Mijn moeder heeft voorheen ook gevast, maar naarmate ze steeds meer gezondheidsklachten en veel medicatie kreeg kon ze dat niet meer. Soms maakte mijn vader voor de iftar ‘dadelsoep’: gekookte melk met dadels erin. Ik weet niet of het echt Pakistaans is. Mijn vader was wel een uitvinder in de keuken en probeerde gekke combinaties, dus het kan ook wel gewoon iets van hem zijn.


‘Op de basisschool ben ik begonnen met een paar dagen vasten. Op de middelbare school vaste ik de gehele maand, tot mijn zestiende. Het vasten werd daarna steeds minder, en ik stopte een aantal jaar later door ziekte. Sindsdien had ik niet meer gevast. In onze omgeving werd de Pakistaanse kring steeds kleiner, waardoor ik ook steeds minder mee kreeg van de islam. In mijn tienerjaren volgde ik niet alle regels en ging meer mijn eigen gang. Mijn vader vond dat best moeilijk, maar hij zei hierover niets tegen ons. Wel tegen onze moeder. Dat hoort bij de Pakistaanse cultuur.

‘Ik ben als moslim geboren en zo wil ik ook dit leven verlaten’

‘Toen mijn oma van moeders kant nog leefde, bracht mijn vader haar naar de kerk. Mijn oma was blind, dus ze kon er niet alleen naar toe. Mijn ouders gingen met haar mee. En omdat ik te klein was voor de kerk werd ik bij de zondagschool afgezet. Dus ik kreeg ook verhalen van de Bijbel mee. Toch heb ik nooit de drang gehad mij te bekeren tot het katholieke geloof. Misschien omdat ik niet zo veel weet van de islam, kan ik ook niet heel exact zeggen wat ik er precies mooi aan vind. Maar ik ben als moslim geboren, en zo wil ik ook dit leven verlaten.

‘Mijn neefje van dertien jaar, het zoontje van mijn oudste zus, heeft een katholieke vader en hij is ook gedoopt. De afgelopen jaren ging hij met mijn vader mee naar de moskee. Dit jaar vroeg hij mij of ik ging vasten en of een katholiek ook kan vasten. Ik heb hem uitgelegd dat dat kan, dat zijn oma vroeger ook katholiek was en zich tot de islam heeft bekeerd. Dat zijn opa haar niet heeft gedwongen. Nu mijn vader er niet meer is, heeft mijn neefje denk ik meer de drang om te gaan vasten. Ik merk dat hij zijn opa mist en steun zoekt, om samen met iemand te vasten. Hij draagt ook thuis een salwar kameez (traditionele Pakistaanse kleding, red.) en de topi’s (hoofddeksels, red.) van mijn vader. Ik denk dat we ook nog mijn vaders Koran aan hem gaan geven. En ik heb besloten om dit jaar te gaan vasten, ook zodat mijn neefje er niet helemaal alleen voor staat.

‘Ik wilde ook vasten deze ramadan omdat ik het een speciale en mooie maand vind om mijn vader te herdenken. Mijn oudste zus is door ons ook gaan vasten. We hebben de eerste dag samen geopend. Ik ben blijven slapen, zodat we het echt samen konden doen. We hebben ook samen het vasten verbroken met de iftar. Tot nu toe lukt het vasten, al heb ik veel moeite om in de ochtend zo vroeg op te staan voor de suhoor (de maaltijd op de vroege ochtend, red.).

‘De eerste ramadan zonder mijn vader is wel moeilijk. Ik heb het eigenlijk tot nu toe elke dag moeilijk gehad en elke avond gebeden voor hem dat Allah over zijn ziel zal waken. Ja, daar komen ook elke dag wel tranen bij.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!

- Advertentie -