De Belgische premier Alexander De Croo zegt dat zijn land geen Israëlische extremisten zal toelaten die geweld plegen tegen Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever. Dit schrijft hij op X. ‘Geweld tegen burgers zal gevolgen hebben’, schrijft hij.
‘Extremistische kolonisten op de Westelijke Jordaanoever komen België niet meer in. ‘We zullen met de Verenigde Staten samenwerken als het gaat om sancties tegen personen die betrokken zijn bij acties die de vrede, veiligheid en stabiliteit op de Westelijke Jordaanoever
ondermijnen.’
De Belgische maatregelen tegen Israëlische extremisten volgen op die van de Verenigde Staten. Eerder deze week kondigde het ministerie van Buitenlandse Zaken aan dat er een reisverbod komt tegen extremistische kolonisten die betrokken zijn bij aanvallen op Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever. Minister van Buitenlandse Zaken Anthony Blinken kondigde deze stap aan, nadat hij Israël vorige week had gewaarschuwd dat de regering van president Joe Biden actie zou ondernemen in reactie op de aanvallen.
Blinken heeft geen individuele visumverboden aangekondigd, maar woordvoerder Matthew Miller vertelde het reisverbod afgelopen dinsdag van kracht is gegaan en betrekking zouden heeft op ‘tientallen’ kolonisten en hun families. Er volgen nog meer reisverboden als het kolonistengeweld niet stopt.
Het Deense parlement heeft een wet aangenomen die het in het openbaar verbranden van een exemplaar van de koran verbiedt. Dit bericht de Arabische nieuwszender Al Jazeera.
Het wetsvoorstel werd donderdag aangenomen met 94 stemmen voor en 77
tegen in de 179 zetels tellende Folketing, het Deense parlement. Het
voorstel verbiedt ‘ongepaste behandeling van geschriften met
aanzienlijk religieus belang voor een erkende religieuze gemeenschap’.
Degenen die deze wet overtreden riskeren een geldboete of een
gevangenisstraf van maximaal twee jaar. De Deense koningin moet de wet
nog ondertekenen voordat de wet formeel van kracht wordt. Dat gebeurt
vermoedelijk nog deze maand.
Dit jaar werden in Zweden en Denemarken in het openbaar korans verbrand door rechtsextremisten. Deze koranverbrandingen hebben tot woedende
reacties in de islamitische wereld geleid. Zo probeerde een woedende
menigte in juli dit jaar de Deense ambassade in Bagdad te bestormen.In
Nederland verscheurde Edwin Wagensveld van Pegida begin dit jaar een
exemplaar van de koran. ‘De Koran is een fascistisch boek. Net zo erg
als Mein Kampf. Aanhangers volgen dezelfde ideologie als Hitler’, zei
hij toen. Voor zijn uitspraken kreeg Wagensveld in november 40 uur
taakstraf, wegens groepsbelediging. Het verscheuren of verbranden
van een koran is echter nog niet strafbaar in Nederland.
Thung Tjeng Hiang (1897-1960) was Chinees, Indonesiër en ook Nederlander. En hij was de eerste hoogleraar virologie in de wereld. Journalist Frans Glissenaar schreef zijn fascinerende biografie, ‘Tussen de vier zeeën’.
Zijn levensverhaal is om twee redenen heel bijzonder, legt Glissenaar uit. ‘Ten eerste waren de Chinezen uit Nederlands-Indië van zijn generatie de eersten die de gelegenheid kregen om in Nederland te studeren. Daardoor kreeg hij een heel andere kijk op de wereld dan als hij in Indië was gebleven. Ten tweede was hij een voorloper in de ontwikkeling van de virologie. Nederland heeft hierin altijd een vooraanstaande rol gespeeld. Nederlandse wetenschappers waren de eersten die het bestaan van virussen ontdekten en hier onderzoek naar deden. Wetenschapper Martinus Willem Beijerinck was degene die de term ‘virus’ bedacht.’
Hoe kwam Thung in virologie terecht, waarom koos hij dit als specialisme?
‘Thung ging naar Wageningen. Zijn familie zat in landbouw. Ze hadden theeplantages in Indië. Het was logisch dat hun zoon iets moest gaan studeren op het gebied van de landbouw, want dan hadden zij er ook iets aan. Aanvankelijk deed Thung de algemene richting, maar hij specialiseerde zich in plantenziektenkunde. Veel plantenziekten werden veroorzaakt door virussen. Daarin heeft hij zich steeds verder verdiept en hij ontdekte ook nieuwe dingen, hoe virussen functioneerden.’
Wat was zijn belangrijkste wetenschappelijke ontdekking?
‘Dat virussen konden muteren. Hij noemde woord ‘muteren’ niet, maar schreef dat virussen zich aanpassen aan de veranderende omstandigheden. Virussen zijn een levend iets, ontdekte Thung. Dat was een nieuw inzicht in die tijd. Veel van zijn kennis is trouwens nu wel een beetje verouderd, ingehaald door nieuwe wetenschappelijke inzichten. Maar dat betekent niet dat zijn eerste stappen overbodig zijn. Want je bouwt kennis op bestaande kennis.’
‘Toen Thung zich in de jaren twintig en dertig verdiepte in virussen kon je die nog niet zien, want de elektronenmicroscoop bestond nog niet. Die kwam pas eind jaren dertig. Later gebruikte Thung deze microscoop ook en publiceerde hij over wat hij zag.
‘Vlak na de oorlog schreef Thung het boek Grondbeginselen der virologie. Dat is jarenlang, tot in de jaren zestig, gebruikt als handboek door Nederlandse studenten. Nu is het verouderd.
‘In Wageningen kwam een apart laboratorium voor virologie. Aanvankelijk wilde de universiteit dat alleen plantenvirussen bestudeerd zouden worden, maar Thung stak hier een stokje voor. Een virus is een virus, zei hij. Laten we dit laboratorium voor virologie noemen. Want we willen virussen bestuderen. Plantenvirussen gedragen zich niet anders dan andere virussen.
´Nederlanders ontworpen daarom een soort apartheidssysteem, met aparte wijken waar Chinezen mochten wonen’
‘Thung voelde aan dat zijn werk belangrijker zou worden. Want de wereld wordt steeds kleiner en mensen reizen steeds meer. Daardoor worden virussen ook sneller verspreid. Dat hebben we nu ook kunnen zien met covid-19.’
De Chinese Thung groeide op in Indonesië, toen dat nog een Nederlandse kolonie was. Hoe was de positie van de Chinezen?
‘Je kunt hun positie vergelijken met die van de Joden in de diaspora. De Joden waren verspreid over veel landen, eeuwenlang. In heel Azië woonden grote groepen Chinezen buiten China. In Thailand, Maleisië, Indonesië. China is een groot en dichtbevolkt land. Er gebeurde daar veel, oorlogen, epidemieën, enzovoort. Die leidden ertoe dat veel mensen hun geluk buiten China gingen zoeken. De Chinezen buiten China waren werkzaam in de handel, omdat ze vaak werden uitgesloten voor andere beroepen. Dat is heel erg te vergelijken met de positie die Joden eeuwenlang in Europa innamen. En net als de Joden werden en worden de Chinezen als buitenstaanders gezien, die een bedreiging zouden vormen voor de lokale bewoners.
‘Toen Nederlanders steeds meer gebieden gingen bezetten, kregen ze steeds vaker te maken met Chinese middenklasse. Zij waren nodig om economie draaiende te houden. De Nederland wilden de Chinezen niet als concurrenten. Ze moesten in het gareel worden gehouden. Nederlanders ontworpen daarom een soort apartheidssysteem, met aparte wijken waar Chinezen mochten wonen en met plekken waar ze niet mochten wonen. Ook wezen de Nederlanders vertegenwoordigers aan die namens Chinese gemeenschap moesten onderhandelen met het bestuur.’
Maar de positie van Chinezen was wel beter dan die van Javanen en andere Indonesiërs toch?
‘Inderdaad. Ze hadden bepaalde privileges. Ze konden land pachten, land kopen enzovoort. Chinezen waren ook in de positie om eisen aan Nederlands-Indische regering te stellen. Bijvoorbeeld dat ze goed onderwijs kregen. De koloniale overheid wilde dat aanvankelijk niet. Daarop gingen de Chinezen in Indië hun docenten uit China halen. Dat vonden de koloniale autoriteiten niet zo fijn, want ze vreesden voor buitenlandse invloed. Daarom kwamen er Nederlands-Chinese scholen.’
Hoe rijk en invloedrijk was de familie van Thung?
‘Zijn vader kwam uit een invloedrijke familie. Hij had samen met zijn broers de succesvolle naamloze vennootschap ‘De negen broeders’ opgericht. Thungs vader was niet zo rijk en succesvol als zijn broers, maar bezat wel een theeplantage en een rijstpellerij. ’
Waarom ging Thung studeren in Nederland? En wat vond hij van Nederland?
‘In Nederlands-Indië kon je niet studeren, de middelbare school was hoogste wat je kon doen. Dat kwam voort uit het idee dat inlanders niet hoefden te studeren. En witte Nederlanders konden voor studie wel naar Nederland. Dus als je wilde studeren moest dat buiten Indië gebeuren. Nederland was daarvoor de meest logische plek, vanwege de taal.’
‘Thung ging samen met twee neven naar Nederland om te studeren. Dit was wellicht een familiebesluit, om de oudste zoons naar Nederland te sturen om daar te studeren. Dat was goed voor ‘De negen broeders’. De familie wilde meegaan in vaart der volkeren, op de hoogte zijn van nieuwste ontwikkelingen. En studeren was ook goed voor je maatschappelijke status.’
Hoe beleefde Thung Nederland?
‘Hij werd positief ontvangen. Je merkte wel paternalisme. Medestudenten noemden Thung hun ‘bruine broeder’. Dat was niet-discriminerend bedoeld, maar het was wel taal die we tegenwoordig discriminerend noemen. Thung schreef in het studentenblad van Wageningen over de Chinese cultuur en over Nederlands-Indië, om uit te leggen wie hij was, als buitenbeentje.
‘Thung heeft zich nooit gediscrimineerd gevoeld, zei hij zelf. Wel werd hij als exotisch gezien. Er waren maar weinig niet-witte studenten in Wageningen. Een van zijn neven studeerde er en een andere Indonesiër.
‘Indonesië was voor Nederlandse studenten in Wageningen geen onbekend land. Veel studenten verdiepten zich in tropische landbouw omdat ze naar Indonesië wilden gaan. Studentenverenigingen organiseerden rijsttafels en lezingen met sprekers over Indonesië.’
Hoe stond Thung tegenover het Indonesische nationalisme? Was hij een voorstander van de Indonesische onafhankelijkheid?
‘Thung stond daarin ambivalent. In zijn studententijd steunde hij de Indonesische nationalistische beweging. Hij kende enkele leiders ook, waaronder Soewardi Soerjaningrat en Mohammed Hatta, die in Rotterdam studeerde. Ook werd Thung redacteur van het blad van de Liga tegen Imperialisme en Koloniale Onderdrukking, een best wel linkse organisatie die – zoals later bleek – was geïnfiltreerd door Moskou.
Frans Glissenaar
‘Maar toen Thung was afgestudeerd werd hij gematigder. Hij wilde een baan zoeken in Nederlands-Indië. Via een collega-student vond hij een baan bij het Proefstation voor Vorstenlandsche Tabak, een organisatie van koloniale planters. Het was een hele tour om daar te mogen werken, want enkele planters hadden lucht gekregen van Thungs ideologische opvattingen. Thung kon er werken als hij zou zwijgen over politiek. Dat heeft vervolgens ook gedaan. In de loop der tijd is hij zich ook steeds meer als een koloniaal gaan gedragen bovendien…’
Vertel.
‘In het blad voor tabaksplanters schreef Thung een artikel over hoe bepaalde virussen zich via onkruid konden verspreiden. Hij gaf planters tips over hoe ze het onkruid konden weghalen. Thung schreef dat dit niet zo veel hoefde te kosten, je kon hiervoor kinderen, van twaalf jaar, inzetten. Hij pleitte in dit artikel dus voor kinderarbeid.’
‘Thung kreeg, vanwege zijn Nederlandse opleiding, een goed salaris, 1100 gulden per maand, net als de witte Nederlanders. Indo-Europeanen kregen een lager salaris, tussen de 400 en 500 gulden. Javanen ten slotte verdienden tussen een tientje en honderd gulden. Er was een duidelijk rassenonderscheid, als het ging om belonen. Thung had ook veel Javanen in dienst. Een chauffeur, een kok, een meisje voor de kinderen. Hij ging zich, en dat was denk ik onvermijdelijk, koloniaal gedragen.’
Heeft hier later nog kritisch op gereflecteerd? Of op zijn linksere positiekeuze in zijn studententijd?
‘Nee, Thung was heel flexibel voor zichzelf, hij was niet een hele principiële persoon. Tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd voerde hij een middenkoers. Hij zei tegen de witte Nederlanders dat ze meer begrip moesten hebben voor de Indonesische positie, maar tegelijkertijd kwam hij ook op voor de Chinezen. Voor de Chinezen was de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog een moeilijke tijd. Veel Indonesiërs beschouwden de Chinezen als de handlangers van de Nederlanders. Dat was niet helemaal terecht. Maar het leidde wel tot discriminatie van en geweld tegen Chinezen.
´Veel Indonesiërs beschouwden de Chinezen als handlangers van de Nederlanders´
‘Aan het nieuwe Indonesië heeft Thung trouwens een belangrijke bijdrage geleverd. Hij heeft de landbouwfaculteit opgezet van de Universiteit van Indonesië in Bogor. Een van zijn leerlingen, Tojib Hadiwidjaja, werd later rector van deze universiteit en minister van Landbouw van Indonesië. Thung is bovendien in 1956 nog een jaar gasthoogleraar op deze universiteit geweest.’
De Chinezen hadden in de koloniale tijd een betere positie dan de Indonesiërs. Hoe veranderde hun positie toen de Nederlanders eind 1949 de soevereiniteit overdroegen aan de Republiek Indonesië?
‘Zeker in eerste instantie verslechterde hun positie. De Chinezen, Indo-Europeanen en zelfs aan de Nederlanders werd na de soevereiniteitsoverdracht de keuze voorgelegd om Indonesiër te worden. Maar ze moesten wel hun andere paspoort opgeven. Je kon niet én Indonesiër én Nederlander zijn, of én Indonesiër én Chinees. Het was of-of. Vrijwel alle Nederlanders, twee derde van de Indo-Nederlanders en ongeveer de helft van de Chinezen wilden daarom geen Indonesiër blijven.
‘Halverwege de jaren vijftig, tijdens de zogenoemde Konfrontasiepolitiek, kozen veel Nederlanders, Indo-Europeanen en Chinezen die wel voor het Indonesische staatsburgerschap hadden gekozen er alsnog voor om hun koffers te pakken, omdat ze door president Soekarno als zondebok werden bestempeld. Chinezen werden fysiek aangevallen en soms voor de rechter gesleept, omdat ze geldwoekeraars zouden zijn. Veel Chinezen vertrokken naar China, anderen naar Nederland. Daarom kreeg Nederland vanaf de jaren vijftig zo veel Chinees-Indonesische restaurants. Nog steeds worden Chinezen in Indonesië gediscrimineerd. Elke keer als er onrust is in het land worden Chinezen aangevallen. Tegelijkertijd spelen rijke Chinezen nog een steeds een belangrijke rol in de Indonesische economie. Maar dat is een kleine groep. De meeste Chinezen in Indonesië zijn helemaal niet zo rijk.’
Voelde Thung zich Chinees, Indonesiër of Nederlander?
‘Alle drie, denk ik. Hij bleef zich altijd verdiepen in de Chinese cultuur. Hij had zijn studie in Wageningen ook tijdelijk stopgezet, om in Leiden sinologie en filosofie te studeren. Thung was trots op zijn Chinese wortels, maar vond ook dat Chinezen zich moesten ontwikkelen. Ze konden leren van westerse wetenschap, hij stelde een symbiose voor.
‘Het grootste deel van zijn leven heeft Thung in Nederland gewoond en gewerkt. Hij voelde een band met Indonesië, maar ik denk dat hij zich toch net een beetje meer Nederlander voelde.’
En voelde Thung zich ook een wereldburger? De titel van uw boek is namelijk ‘Tussen de vier zeeën zijn wij allen broeders’, een citaat van Confucius dat Thung graag aanhaalde.
‘Voor Thung betekende het wereldburgerschap in de eerste plaats dat wetenschappers over de hele wereld contact hadden met elkaar. Hij vond tijdens de Koude Oorlog dat westerse wetenschappers ook in contact moesten blijven met wetenschappers uit de Sovjet-Unie en China. Hij stond een detente voor en maakte zich grote zorgen over het gevaar van kernwapens.’
‘In 1960 overleed Thung plotseling, aan de gevolgen van een hartaanval. Dat was tijdens een bijeenkomst van de plaatselijke Rotary in Wageningen, waar de Nederlandse staatssecretaris van Buitenlandse Zaken Hans van Houten een verhaal hield. Vlak voor zijn dood hield Thung een vurig pleidooi voor ontwapening, een cri de coeur. Mogelijk werd die hartenkreet hem fataal.’
Het gebruik van artikel 99 van het Handvest van de Verenigde Naties door secretaris-generaal Antonio Guterres heeft aanzienlijke onrust veroorzaakt in de wereldgemeenschap. Zijn stap werd genomen om de aandacht te vestigen op de escalerende en uiterst ernstige humanitaire crisis die zich nu afspeelt in Gaza. Dit illustreert de ernst van de huidige crisis, aangezien er slechts vier keer eerder in de geschiedenis van de Verenigde Naties is gegrepen naar dit artikel.
Guterres waarschuwt dat het aantal Palestijnse slachtoffers in het conflict de 16.000 heeft overschreden. Daarbij is meer dan 80 procent van de inwoners van Gaza gedwongen hun huizen te verlaten en staat de gezondheidsinfrastructuur op instorten. De brief beschrijft levendig de ernstige vernietiging van civiele infrastructuur, het verlies van meer dan duizend VN-hulpverleners en het feit dat de burgerbevolking in Gaza niet wordt beschermd. Gaza zal met onherroepelijke gevolgen te maken krijgen. Gevolgen die de vrede en veiligheid bedreigen van niet alleen Israël en Palestina, maar ook van de rest van de wereld.
De buitengewone maatregel van de VN-chef beoogt de Veiligheidsraad tot actie te dwingen. De Raad heeft eerder problemen ondervonden bij het aannemen van bindende resoluties over het conflict, vanwege zorgen van de Verenigde Staten.
Hoewel Guterres persoonlijk niet de macht heeft om actie af te dwingen, verplicht de aanroeping van artikel 99 de Raad om zich over de kwestie te beraden. Arabische landen, zoals de Verenigde Arabische Emiraten, pleiten momenteel voor een snelle uitvoering van een resolutie die oproept tot onmiddellijk staakt-het-vuren. Desalniettemin zijn er nog steeds aanzienlijke meningsverschillen tussen de leden van de raad.
Onze humaniteit eist dat leiders, voordat er meer kinderen onnodig sterven, de moed moeten hebben om vrede na te streven
Israël handhaaft krachtig verzet tegen elke resolutie, omdat Hamas hiervan zou profiteren. En verder zijn er de westerse landen die tegen de resolutie stemmen, of zich onthouden van stemming, om Israël tegemoet te komen. Er is een grote kans dat dit opnieuw zal gebeuren. Andere strategieën, zoals het pleiten voor humanitaire pauzes, hebben er niet toe geleid dat het geweld stopte. Bovendien beweren sommigen dat het gebruik van artikel 99 meer symbolisch van aard is en de politieke overwegingen binnen de Raad niet ingrijpend veranderen.
Daarom, hoewel Guterres zijn bezorgdheid heeft geuit, zijn de onderliggende factoren die de VN-interventie belemmeren niet significant veranderd. Er is onvoldoende bewijs om aan te geven dat de strijdende partijen bereid zijn een duurzame politieke overeenkomst te bereiken. Zonder een dergelijke houding zullen inspanningen om een bestand tot stand te brengen blijven stagneren.
Guterres heeft gelijk: het voorkomen van humanitaire catastrofes moet de hoogste prioriteit krijgen. Toch is de kans op een oplossing even klein als voorheen. De oorlog, die nu al meer dan dan zestig dagen duurt, is buitengewoon complex van aard. De vastberaden deelname van Guterres geeft aan dat de VN erkennen dat ze niet stoïcijns kunnen blijven toekijken, gezien het alarmerende aantal burgerslachtoffers. Maar zijn buitengewone daad an sich kan geen vrede afdwingen. Guterres heeft de wereld op de situatie in Gaza gewezen, maar liet na een routekaart naar de vrede te presenteren, terwijl de diverse partijen zich verder ingraven in hun grote gelijk. Het voorkomen van rampen die niet te herstellen zijn vereist politieke concessies, die momenteel echter ontbreken.
De 16.000 doden in Gaza zijn het verschrikkelijke gevolg van het falen van de diplomatie en de keuze van de staat Israël om geweld te gebruiken. Want los van alle politieke complexiteiten moeten we de menselijke kant niet uit het oog verliezen. Er zijn Palestijnen vermoord. Er zijn ook Israëliërs vermoord. Al die levens zijn intrinsiek waardevol. Op een gegeven moment wordt het geweld te zinloos om nog door te gaan. Wanneer moeders vrezen voor hun kinderen, te midden van bombardementen, en burgers sidderen van angst, niet wetend of ze de dag zullen overleven. Als dat gebeurt dan zijn we te ver afgedwaald van de kern van wat ons menselijk maakt. Want het besef dat alle levens van waarde zijn vormt een potentiële gemeenschappelijke grond, die bittere vijanden met elkaar delen.
We moeten, met het oog op alle mensen die zijn omgekomen, op zijn minst een poging doen om vrede te stichten. Dat zijn we aan hen verplicht. Onze humaniteit eist dat leiders, voordat er meer kinderen onnodig sterven, de moed moeten hebben om vrede na te streven, in plaats van wraak te zoeken via geweld. Dat is de enige weg. De weg van diplomatie en co-existentie. Dat moet, na zestig dagen bloedvergieten. De mensen die zijn gestorven zijn verdienen het. Degenen die de slachting hebben overleefd verdienen het. De rede eist het. Deze oorlog moet eindigen.
Secretaris-generaal António Guterres van de Verenigde Naties wil dat de VN-Veiligheidsraad bijeenkomt vanwege de situatie in Gaza en doet daarvoor een beroep op artikel 99 van het VN-Handvest. Zo meldt de Arabische nieuwszender Al Jazeera.
Artikel 99 van het VN-Handvest geeft de VN-chef de gelegenheid om zaken voor te leggen aan de Veiligheidsraad die de ‘internationale vrede en veiligheid’ zouden bedreigen. Het gebeurt maar zelden dat een secretaris-generaal naar dit middel grijpt.
Volgens Guterres bedreigt de oorlog in Gaza de internationale rechtsorde. Hij herhaalde zijn oproep voor een ‘onmiddellijk staakt-het-vuren’.
De Verenigde Arabische Emiraten hebben in reactie op de oproep een nieuwe resolutie gemaakt die een nieuw, humanitair staakt-het-vuren moet opleveren. ‘We kunnen niet wachten’, zegt de afgevaardigde van de Emiraten en zegt dat de situatie in Gaza ‘catastrofaal en onomkeerbaar’ is.
Mocht er een resolutie aangenomen worden, zonder veto van deze of gene partij, dan kan dat de VN sancties instellen en zelfs interveniëren. Maar de kans dat dat gebeurt is uiterst klein, gezien de veto’s die Amerika, bondgenoot van Israël, herhaaldelijk inzette, vanwege het zogenoemde Israëlische recht om zichzelf te verdedigen.
Nederland heeft zich in een eerdere stemming voor een staakt-het-vuren afzijdig gehouden.
Buitenlanders die in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt door naturalisatie Duitser willen worden, dienen volgens een nieuwe regeling in de maak eerst Israël te erkennen. Zo meldt de Arabische nieuwssite Middle East Eye.
De lokale politica Tamara Zieschang van de regerende Christen Democraten (CDU) eist in een verklaring dat inburgeraars officieel ‘het Israëlische bestaansrecht moeten erkennen’ en dat ‘alle inspanningen daartegen veroordeeld moeten worden’.
Ook wordt ambtenaren opgedragen extra te letten op ‘sporen van antisemitische gedragingen’ bij immigranten die Duitse burgers willen worden, aldus Zieschang.
Juristen maken wel kanttekeningen bij zulke criteria. Ze vragen zich af of zulke eisen wel in lijn zijn met de grondwet, schrijft Middle East Eye. Nu dienen inburgeraars zich alleen te conformeren aan de vrije, constitutionele democratie in Duitsland, niet aan het bestaan van een ander land.
De oproep voor een nieuwe ‘Israëlische eis’ aan het Duitse burgerschap is ontstaan na het uitbreken van de oorlog in Gaza, die Duitsland verdeelt. De minister van Binnenlandse Zaken Nancy Faeser vindt dat ‘het ontkennen van het bestaansrecht van Israël antisemitisch is’ en dat er niet eens een nieuwe wet nodig is om die eis aan het Duitse burgerschap toe te voegen, ‘ik sta er voor open’, zegt zij.
Palestijnse critici wijzen op de hypocrisie van zo’n eis. Palestijnen die stateloos zijn, zouden een land moeten erkennen die hen bezet en het Palestijnse bestaansrecht actief ontkent. ‘Duitsland erkent mensen zoals ik niet eens als Palestijn’, schrijft de Palestijnse Marwa Fatafta op X. ‘Ik sta hier geregistreerd en leef in Duitsland als stateloos persoon. Er is niks dehumaniserender dan aan Palestijnen te vragen hun bezetter te erkennen, terwijl hun eigen bestaansrecht wordt ontkend.’
Vandaag begint het joodse Chanoekafeest, dat acht dagen duurt. Joden herdenken tijdens dit ‘lichtfeest’ de herovering van de Joodse Tempel in Jeruzalem in 164 voor Christus door de Makkabeeën.
Chanoeka draait om Judas de Makkabeeër, die in 167 voor Christus samen met zijn broers in opstand kwam tegen het Seleucidenrijk in Syrië, een van de opvolgingsstaten van het wereldrijk van Alexander de Grote. Koning Antiochus IV had de joodse tempel ontwijd en wilde de joden de Griekse cultuur opleggen. Judas en zijn broers wilden trouw blijven aan het geloof en de cultuur van hun voorvaderen en rebelleerden. Met hun guerrillaoorlog wisten ze – uiteindelijk – de Seleuciden te verslaan en een eigen koninkrijk te stichten, dat een kleine honderd jaar later door de Romeinen zou worden veroverd.
Het Chanoekafeest herdenkt het opnieuw inwijden van de tempel in 164, nadat die door Antiochus was ontheiligd.
Volgens de Talmoed ontdekten de Makkabeeën tijdens de zuivering van de tempel onder het puin een onaangeroerd flesje met heilige olie. Ze besloten dit flesje te gebruiken om de zevenarmige kandelaar, de menora, aan te steken. De menora moet constant branden, maar in het flesje was er olie voor slechts één dag. Er gebeurde, volgens de Talmoed, een wonder. Het olie uit het ene flesje zorgde ervoor dat de menora acht dagen bleef branden. Daarom duurt het Chanoekafeest ook acht dagen, waarbij elke avond een nieuw lichtje wordt aangestoken op een achtarmige kandelaar.
UNESCO heeft de iftar, de maaltijd die moslims nuttigen na zonsondergang tijdens de ramadan, op de lijst van immaterieel erfgoed gezet. Dit bericht ANP.
UNESCO besloot dit na een aanvraag van Turkije, Iran, Azerbeidzjan en Oezbekistan. Volgens UNESCO versterkt de iftar-maaltijd de familie- en gemeenschapsbanden en worden bovendien liefdadigheid, solidariteit en sociaal contact bevorderd.
De iftar-maaltijd wordt tijdens de ramadan genuttigd na zonsondergang. De ramadan is de islamitische vastenmaand. Moslims mogen in die maand overdag niet eten, drinken of geslachtsgemeenschap hebben. Het is maand van bezinning, waarbij moslims zijn richten op God en veel aan liefdadigheid doen.
Afgelopen dinsdag voegde UNESCO ook het Rotterdamse Zomercarnaval aan de lijst met immaterieel erfgoed toe.
‘Gecondoleerd, sterkte.’ Dat is zowat het enige dat ik weet over de omgang met naasten van een Nederlandse overledene. Het zal wel iets met het calvinisme te maken hebben. Ook de rouw wordt bescheiden gehouden. Begrafenissen zijn in besloten kring. Alleen als je uitgenodigd bent ga je naar de begrafenis.
Bij ons gaat dat anders. Bij het vernemen van het overlijden ga je als je de overledene of naasten wat van nabij kent naar hun huis. Het huis raakt dan al snel vol. Of een moskee in de buurt wordt dan omgedoopt tot rouwlocatie, of een buurtcafé dat afgehuurd wordt , of er wordt een tent voor het huis geplaatst.
De begrafenis is veelal na het eerstvolgende middaggebed in de moskee waar de overledene een band mee had. Het stoffelijk overschot wordt vlak na overlijden opgehaald door mensen van het begrafenisfonds. Voor de dienst doen ze samen met directe familieleden de rituele wassing en wikkelen ze de overledene in een wit gewaad. Zo wordt de overledene naar het middaggebed gebracht. Als formaliteiten dat niet toelaten schuift het proces naar de volgende dag.
De begrafenis is veelal na het eerstvolgende middaggebed
De gesloten kist wordt voor de moskee geplaatst. Mensen sluiten zich daarachter aan. De imam houdt voor de moskee een korte preek over de vergankelijkheid van het leven en er volgt een korte gezamenlijke gebedsdienst. De kist wordt op de schouders genomen. Iedereen probeert mee te helpen met dragen. De kist wordt in de begrafenisauto geplaatst en naar de begraafplaats gebracht of naar het moederland gevlogen om daar begraven te worden.
Na de begrafenis wordt er nog tot drie dagen gerouwd bij het huis van de overledene. Iedereen die ook maar enigszins een band met de familie heeft, legt een bezoek af. Na deze officiële rouw volgen de bezoeken van bekenden die verder weg wonen of die dan verhinderd zijn. Dat proces kan tot enkele maanden duren.
Ik kan me herinneren dat bij het overlijden van mijn opa er veel bezoek naar mijn ouderlijk huis kwam. Streekgenoten brachten een tas mee met twee pakjes suikerklontjes en twee pakjes thee. Lange jaren heb ik dit niet begrepen. Nu zie ik het wel. Voor Europa haar poorten voor onze streek opende was er armoede. Thee en suiker waren nodig om zoveel gasten te kunnen ontvangen. Dit ritueel hadden mijn goedgelovige streekgenoten naar Nederland meegenomen.
Sanae Orchi geeft les in Afrikaanse yoga en leerde zelf ook veel. ‘Het was bijna een hobby, zoeken naar dingen over mijzelf die ik nog niet wist.’
‘Het grappige is dat ik tijdens mijn jeugd weleens yoga heb uitgeprobeerd. Dat was samen met mijn allereerste vriendje, vertelt Sanae Orchi (34). ‘Zijn moeder was yogalerares. Maar ik was jong en zag het als een soort rek- en strekoefening.’
De passie voor yoga ontstond pas tien jaar later, toen de zus van Orchi een bikram yogaschool begon. Ze zocht cursisten voor de eerste klasjes. ‘Mijn lichaam en geest werden uitgedaagd tijdens die yogalessen’, zegt Orchi.
‘Bikram yoga wordt in een warme ruimte met een hoge luchtvochtigheid gegeven. Tijdens de oefeningen werd ik geconfronteerd met mijn eigen gedachtes. ‘Oh, het is te warm.’ Of: ‘Ik kan dit niet meer aan.’ Of: ‘Waarom zou ik dit eigenlijk moeten doen?’ Dit zijn, zo leerde ik later, allemaal uitingen van het ego. Yoga is een vorm van mindfulness. Je traint niet alleen je lichaam, maar ook de mentale en emotionele lagen van jezelf. Angst, schaamte, schuldgevoel, wrok en verdriet zijn emoties – energieën – die niet kunnen stromen.
Tijdens yoga tril je die energieën los en kunnen weggestopte emoties, zoals schaamte, weer bovenkomen. Ik ben tijdens de yogales weleens in huilen uitgebarsten of in gedachten teruggegaan naar een gebeurtenis van vroeger.’
Voor de buitenwereld leidde je een succesvol leven. Je werkte als tv-presentator en je hebt een eigen kledinglijn.
‘Ja. Mensen hebben dus geen idee van wat er binnen in mij gaande is. Zij zien alleen de buitenkant. Sterker nog, ik zag zelf ook alleen die buitenkant. Ik heb jarenlang een gevoel van leegte onderdrukt. Dat probeerde ik op te vullen met dingen van buitenaf. Een reisje boeken, een nieuwe relatie.
‘Ik voelde mij vanaf mijn 25ste zo leeg en ongelukkig. Ik besloot alles op te geven. Mijn werk, mijn relatie en zelfs enkele vrienden heb ik gedag gezegd. Ik bleef over met mezelf en een aantal vragen. Waarom leef ik eigenlijk? Geloof ik in God? Waar kom ik vandaan? Ik besloot op zoek te gaan naar antwoorden en focuste mij op mijn binnenwereld. Ik probeerde verschillende soorten yoga uit, maar ook vormen van meditaties en medicinale planten.
‘Bidden volgens de islamitische traditie is ook een vorm van meditatie’
‘Het was het begin van een spirituele reis waarbij ik veel leerde over mijn onderdrukte gevoelens, ideeën en verlangens. Ik dacht: ‘Wauw, als dit allemaal in mij zit, wat zit er dan nog meer?’ Het was bijna een nieuwe hobby, zoeken naar dingen over mijzelf die ik nog niet wist.’
Je geeft les in Afrikaanse yoga. Is yoga niet vooral een Indiase traditie?
‘De smai tawi-yoga uit Afrika is ouder dan de yoga die voortkomt uit het hindoeïsme en boeddhisme. Duizenden jaren geleden werd er in Egypte al aan meditatie en yoga gedaan. Het Egypte van toen omvatte een groter gebied dan nu.
Je hebt een islamitische achtergrond. Is het voor moslims toegestaan om aan yoga te doen?
‘Ik houd mij niet bezig met halal en haram, regels en verboden. Islam is spiritualiteit, net als het christendom en jodendom. In religies is spiritualiteit georganiseerd. Er zijn bepaalde kaders bedacht waarbinnen spirituele groei het beste kan plaatsvinden. Maar wat als jouw groei juist buiten die kaders verloopt? Is dat dan slecht? Dat denk ik niet.
‘Bidden volgens de islamitische traditie is ook een vorm van meditatie. Bepaalde lichaamshoudingen zijn vrijwel identiek aan yogaoefeningen. Dat is niet gek, als je bedenkt dat deze traditie gericht is op spirituele groei. Ik denk dat je alleen voor jezelf kunt bepalen of iets halal of haram is. Alles wat voor jou helpt bij jouw gezondheid en spirituele groei is in mijn ogen ‘goed’ of ‘toegestaan’. En alles wat je spirituele groei tegenhoudt is ‘haram’, oftewel ‘niet geadviseerd’.
‘Iedereen is uniek en wat voor jou werkt, kan op mij een averechts effect hebben en andersom. Het is mijn doel als mens om spiritueel te groeien. Ik vind mijn inspiratie hiervoor in verschillende tradities, niet alleen de islamitische.’
Geef je ook een Marokkaanse twist aan jouw yogalessen?
‘Je laat mij erg nadenken over wat het betekent om Marokkaans te zijn. Hoe zou ik yoga Marokkaans kunnen maken? Wat betekent dat dan? We hebben allemaal een lichaam en een geest. We hebben allemaal dezelfde basisemoties, en thema’s waarin we uitgedaagd worden. Of je nu Turks, Marokkaans, Surinaams of Indiaas bent.
‘Er zijn talloze manieren om je lichaam en geest in beweging te zetten. Je afkomst doet er niet toe. Je hebt een lichaam, je ademhaling en je gaat ervoor. De deelnemers aan mijn lessen zijn overwegend allochtoon. Weliswaar gemengd, dus met verschillende culturele achtergronden, maar weinig van autochtone komaf. Toen ik zelf met yoga begon, was het publiek overwegend autochtoon.’
Hoe maak jij jouw lessen zo inclusief mogelijk?
‘Wat mij onderscheidt van anderen is dat ik echt kijk naar de mens zelf, voorbij achtergrond, cultuur, religie of geslacht. Ik zie in ieder mens dezelfde kern, een dans tussen mannelijke en vrouwelijk energie. Mijn lessen zijn vaak een mengelmoes van allerlei tradities: van Afrikaanse Smai Tawi en Chinese Qigong tot aan ademtechnieken van Wim Hof. Ik gebruik wat werkt en mix, omdat overal wijsheid in zit. In de kern komen de tradities overeen.
‘Dit geldt trouwens ook voor verschillen tussen mensen. Ik bedoel, ooit is het begonnen met twee mensen. Uiterlijke verschillen zijn ontstaan doordat mensen zich zijn gaan verspreiden over de wereld. Arabieren hebben lange wimpers omdat ze een woestijnvolk zijn. Lange wimpers, zoals ik die heb, zijn handig om je te beschermen tegen zand. Kamelen hebben ook lange wimpers. Mensen passen zich aan hun omgeving aan. Daarom krijgen we bepaalde kleuren en kenmerken. Op de Noordpool zijn beren wit en in het zuiden zijn ze bruin. Maar de spirit is dezelfde. Ik probeer altijd tegenpolen met elkaar te verbinden. Oost en west. Hoofd en lichaam. Overal vind je een puzzelstukje. Als je die allemaal bij elkaar legt dan is de puzzel compleet.
‘Als ik terugdenk aan de vragen die je stelt, dan denk ik dat veel vragen voortkomen uit de behoefte om te labelen. Dat is heel menselijk. In hokjes plaatsen, geeft houvast. Dit is hindoeïsme. Dat is islamitisch. Dat is Marokkaans. Maar een label werkt ook beperkend. Iets is altijd meer dan alleen de naam we eraan geven. Pas als we labels loslaten, zien we het grotere plaatje.’
Hoe gaat het nu met dat gevoel van leegte?
‘Nu weet ik beter wie ik ben. Hoe ik in mekaar steek, wat mijn behoeftes zijn en hoe ik mezelf hierin kan voorzien. Het verschil tussen toen en nu is dat ik toen meer op de automatische piloot stond en leegtes in mijn binnenwereld probeerde op te vullen met dingen uit de buitenwereld. Als ik nu naar erkenning van een ander verlang, weet ik dat er een stukje in mezelf is dat verlangt naar erkenning van mezelf. Liefde buiten mezelf zoeken is vooral een signaal dat ik mezelf meer mag liefhebben. Die leegte, die ik soms nog wel eens ervaar, zie ik nu vooral als een innerlijke roep om te kijken naar wat ik nodig heb en hoe ik mezelf dat kan geven.
‘De meeste mensen die een leegte voelen gaan shoppen, gamen, een serie kijken, afspreken met een ander, een nieuwe relatie zoeken, een vakantie boeken, harder werken of nog meer eten. Maar als je een leegte voelt probeer er dan naar te luisteren. Wat wil dit gevoel je vertellen? Waar komt het vandaan? Wat heb je nodig? Het is vaak iets uit het verleden en zal blijven opduiken, totdat je het recht in de ogen kijkt. Wanneer we ruimte geven aan die innerlijke leegte dan volgt de bevrijdende beweging naar spirituele groei.’
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.