30.1 C
Amsterdam

Palestijnse smeekbede is aan dovemansoren gericht

Fatima Ballah
Fatima Ballah
Midden-Oostendeskundige en publicist.

Lees meer

In de film No Other Land, vertoond op het Haagse Movies that Matter Festival, zien we vijfennegentig minuten lang de afbraakwoede van de Israëlische staat. De Palestijnen zijn veroordeeld tot een leven van strijd voor hun bestaansrecht. We zien hoe hun huizen keer op keer worden platgegooid. Hoe het Israëlische leger met papiertjes komt met daarop vonnissen van hun rechters, die met hun wetten hebben bepaald dat deze Palestijnen niet meer daar mogen wonen. We zien Palestijnen schreeuwen tegen de Israëlische soldaten en vragen hoe zij het zouden vinden als iemand hen komt vertellen dat hun dorpje vanaf nu illegaal is. De soldaten schreeuwen terug dat ze hun werk gewoon doen en dat de Palestijnen zich bij de Israëlische bevelen moeten neerleggen, want mahkama, het Israëlische recht, heeft gezegevierd. En zo wordt, dag na dag, het leven uit de Palestijnen gezogen.

Het verstikkende karakter van de Palestijnse realiteit deed denken aan een voorval in de film The Mother of All Lies, die ook draaide op het filmfestival. Filmmaker Asmae El Moudir met haar familie en buren teruggaat naar een traumatische dag in hun gedeelde verleden: 20 juni 1981. De broodrellen in Casablanca in Marokko. De opstand werd hard neergeslagen door het leger, dat in het wilde weg schoot. De straten waren bezaaid met lichamen die ‘s nachts in massagraven werden verstopt. Duizenden mensen werden gearresteerd. Zo ook buurman Abdullah. Hij nam ons kijkers mee en liet de gevangenis zien van nog geen twaalf vierkante meter, waarin hij samen met tientallen anderen was gegooid. Het was destijds een hete zomerdag. Door de stoom van de hitte en van de lichamen kregen de politieke gevangenen geen lucht meer. Urenlang smeekten ze om lucht, maar niemand kwam ze verlossen. Eén voor één vielen ze neer. Toen de deur uiteindelijk werd geopend, klauterde Abdullah over de lichamen naar buiten. Daar zakte hij in elkaar van uitputting. De soldaten brachten de lijken naar buiten. Abdullah telde er zesendertig. Allen gestikt in onverschilligheid.

Toen de deur uiteindelijk werd geopend, klauterde Abdullah over de lichamen naar buiten

Om niet geraakt te worden door de smeekbedes van mensen die onder jouw toezicht aan het vergaan zijn is een proces van ontmenselijking nodig. Zoals de smeekbedes van de Marokkaanse gevangenen op die afgrijselijke dag werden genegeerd, worden de smeekbedes van de Palestijnen die strijden voor hun bestaansrecht al decennia niet gehoord. De roep om verlossing van de mensen die creperen in concentratiekamp Gaza wordt overstemd door geweld.

In de film I Shall Not Hate wordt een Palestijnse vader door de westerse media gevierd, omdat hij weigert door haat overmand te worden nadat Israël tijdens de bommenregen in Gaza in 2009 zijn drie dochters heeft vermoord. De vader werkte als arts in Israëlische ziekenhuizen en was bevriend met een Israëlische journalist. Zijn hartverscheurende geschreeuw na het besef dat zijn dochters slachtoffer waren van Israëlisch geweld werd live op televisie uitgezonden. Het Israëlische publiek was geschokt over wat er in hun naam was aangericht. Deze Palestijnse vader was wél goed en zijn dochters waren wél onschuldig. Het vuur werd vrijwel meteen gestaakt.

Aan het einde van beide films over de Palestijnse zaak wordt de dystopische realiteit getoond waarin Palestijnen vandaag zijn beland. Waar de dorpelingen in de film No Other Land nog aan het protesteren waren tegen het Israëlische leger, hebben ze nu met eigen handen hun huizen moeten afbreken en zijn ze op de vlucht geslagen. Gewelddadige Israëlische kolonisten verdrijven de Palestijnen van hun land, en worden beschermd door het Israëlische leger.

In de film I Shall not Hate klaagde één vader de Israëlische staat aan voor de dood van zijn dochters. Nu is heel Gaza verwoest en zien we live-beelden van duizenden andere vaders die hun dochters kwijt zijn. Maar hun smeekbedes blijven aan dovemansoren gericht.

De ontmenselijking is compleet. Niet voor niets sloot de Egyptische komiek Bassem Youssef zijn interview over Palestina met de conservatieve Britse journalist Piers Morgan af met de cynische woorden: ‘They die. It’s fine, it’s fine.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -