Ramadanzoetjes helpen niet tegen negatieve frames

Tayfun Balcik
Tayfun Balcik
Programmacoördinator bij The Hague Peace Projects voor de Armeens-Koerdische-Turkse werkgroep. Lid van de Nieuw Amsterdam Raad (Pakhuis de Zwijger).

Lees meer

In het artikel ‘Moeten media positieve en negatieve aandacht voor de islam balanceren?’ (vorige week in de Kanttekening) doet publicist Gert Jan Geling uitspraken over moslims en ‘de islam’ die weinig corresponderen met de mediawerkelijkheid omtrent deze groepen. Geling verwijst naar mijn rapport Moslims in Nederlandse kranten, waaruit blijkt dat de vier grootste kranten van Nederland vooral negatief over moslims schrijven én dat er een positieve correlatie is tussen moslimbetrokkenheid bij de nieuwsproductie en genuanceerde berichtgeving over moslims. Hiertegenover plaatst Geling het onderzoek van Aalt Smienk, waarin staat dat positieve en negatieve aandacht voor de islam in de media elkaar in redelijke mate afwisselen. Ook is Geling ervan overtuigd dat de media ‘geen anti-islamitische bias’ hebben, maar dat negatieve berichtgeving een mediawet is. Tevens zou er ‘veel’ en ‘positieve’ aandacht zijn voor de ramadan en ‘de islam’ in mainstream media, die we als ‘goedmakertje’ kunnen beschouwen voor de doorgaans overmatige negatieve berichtgeving.

Hoewel ik het optimisme van Geling waardeer, spreken de cijfers anders. Ik heb voor deze gastcolumn de proef op de som genomen en onderzocht wat de Volkskrant tijdens de ramadan voor positiefs heeft bericht. Van 6 mei 2019 (start ramadan) tot 18 mei 2019 zijn er 123 berichten verschenen in de Volkskrant die direct of indirect over ‘de moslims’ en ‘de islam’ gaan. Hiervan zijn 67 berichten (54,5 procent) negatief, 32 (26 procent) neutraal en 24 (19,5 procent) positief of ‘pro-divers’. Bij negatief nieuws domineert berichtgeving over ‘moslimterreur’ met een percentage van 22,8 procent. Daarmee is terreur nog steeds het nummer één onderwerp waarmee moslims en ‘de islam’ worden geassocieerd. Vervolgens komen onderwerpen als multicultureel onbehagen, integratie, vrouwenonderdrukking en ongewenste moslimimmigratie aan bod als terugkerende onderwerpen.

Bij positieve en pro-diverse berichtgeving draait het om nieuws waarbij bijvoorbeeld discriminatie van moslims wordt aangekaart, en inderdaad soms ook berichtgeving over de ramadan. Over de ramadan zijn er in de Volkskrant welgeteld vier berichten verschenen. Twee positieve berichten: een column van Ibtihal Jadib waarin de ramadan als ‘gezelligste maand’ wordt beschreven en de feestelijke deelname van de koning bij een buurtiftar. Deze berichten werden echter tenietgedaan door (1) een weinig sympathiek stuk van columnist Arthur van Amerongen, waarin het niet-vasten en de losbandigheid van Saoediërs met prostituees in Puerto Banús (Spanje) provocatief wordt voorgesteld als ‘verlichte Europese islam’ en (2) het bericht dat moskeeën beveiligd worden tijdens de ramadan, wat niet zozeer een negatief frame is van de Volkskrant, maar wel een herinnering aan het feit dat de ramadan in Nederland niet alleen maar positiviteit oproept in de maatschappij.

Met andere woorden: negatieve berichtgeving over ‘de moslims’ en ‘de islam’ is een structureel probleem in mainstream media. Deze problemen kunnen niet met ramandanzoetjes worden opgelost. Een fundamentele discussie over de islambias en dubbele maat met betrekking tot ‘terreurberichtgeving’ dient gevoerd te worden. Zie bijvoorbeeld hoe moordverdachte Thijs H. werd neergezet als ‘leuk’, terwijl de dader van de aanslag in Utrecht, Gökmen T., al na een paar uur een ‘terrorist’ werd genoemd. En in de berichtgeving over de mishandelde Syriërs in Enschede viel op dat er werd gesproken over een ‘Enschedese volkswijk’, met eenzijdig en veel aandacht voor mensen die vooral kwijt willen dat ze ‘geen racisten’ zijn. Dit terwijl buurten met een hoge concentratie van mensen met een migratieachtergrond in soortgelijke verhalen vooral opduiken als ‘probleemwijken’.

Al met al is er nog een lange weg te gaan om tot feitelijke, genuanceerde berichtgeving te komen, berichtgeving die wél bijdraagt aan meer wederzijds begrip tussen bevolkingsgroepen en niet leidt tot meer stigmatisering. Dat lukt veel beter met moslims binnen redacties, en daar schort het nog steeds aan. Hier de kille cijfers: aan de productie van de 123 berichten over moslims en de islam in de Volkskrant, hebben in totaal 108 mensen gewerkt als nieuwsmaker. Daarbij waren slechts zes nieuwsmakers met een moslimachtergrond betrokken, dat is een moslimaandeel van niet eens zes procent. De discussie over moslims anno 2019 is helaas nog steeds een witte aangelegenheid. Wie weet is er al meer verandering bij de volgende ramadan. Ik houd het in ieder geval bij.

- Advertentie -

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here