7.8 C
Amsterdam

‘De wereld is nooit hersteld van de Holocaust en de Nakba’

Tayfun Balcik
Tayfun Balcik
Historicus en journalist.

Lees meer

Vandaag wordt op verschillende plekken stilgestaan bij de Palestijnse Nakba. Moet deze herdenking een plek krijgen naast 4 mei in onze herinneringscultuur?

Op steeds meer plekken in Nederland wordt vandaag de ‘voortdurende’ Nakba, Arabisch voor ‘catastrofe’ of ‘ramp’, herdacht. De Nakba verwijst naar de massale verdrijving van Palestijnen bij de oprichting van de staat Israël. In de periode van 1947 tot 1949 werden ongeveer 750.000 Palestijnen verjaagd door zionistische strijdgroepen en werden honderden Palestijnse dorpen verwoest of ontvolkt.

Volgens veel deelnemers aan de herdenkingen is de Nakba nooit gestopt, maar zet die zich in verhevigde vorm voort door de genocide in Gaza en het toenemende geweld van kolonisten op de bezette Westelijke Jordaanoever.

Twee wetenschappers, een schrijver en een politicus die begaan zijn met het lot van de Palestijnen vertellen over de toenemende betekenis van de ‘voortdurende Nakba’ en over de relatie met 4 mei.

Gelijkwaardige ruimte om te rouwen

De schrijver Chris Keulemans gaat vanavond naar de Nakba-herdenking in de Dominicuskerk in Amsterdam, waar ook aandacht wordt gevraagd voor de relatie tussen 4 mei, de herdenking van de Nederlandse oorlogsslachtoffers, en het Palestijnse leed. Dat die geschiedenissen met elkaar in verband worden gebracht, vindt hij niet vreemd.

‘Voor mij is het een logische verbinding. De wereld is nooit hersteld van de Holocaust en de Nakba. De gevolgen maken we nog elke dag mee. Elk slachtoffer is voor niets gevallen. Dat herdenk ik op beide dagen’, zegt hij.

‘Ik begrijp heel goed dat slachtoffers, nabestaanden en geestverwanten hun eigen, specifieke tragedie willen herdenken. Ik hoop ook dat zij in staat zijn om stil te staan bij de connectie met andere tragedies en de slachtoffers daarvan. Als onze samenleving aan allen een gelijkwaardige ruimte zou bieden om te rouwen en te herdenken, dan zou dat begrip over en weer kunnen ademen.’

alestijnse families vluchten uit Galilea, november 1948

Yarin Eski, criminoloog aan de Vrije Universiteit, staat dit jaar voor het eerst stil bij de Nakba. ‘Ik heb in maart 2024 voor het eerst over de Nakba gehoord en daarna steeds meer geleerd over Palestina, de wreedheden en het oorverdovende internationale ontkennen daarvan. Ik wil daar geen onderdeel meer van zijn’, reageert hij.

Ook Eski vindt dat er in Nederland steeds meer aandacht voor deze geschiedenis moet komen. ‘De verbinding tussen 4 mei en 15 mei zit hem er voor mij in dat deze dagen ons eraan herinneren wat ontmenselijking, uitsluiting en massaal geweld kunnen aanrichten, en dat die lessen niet selectief toegepast kunnen worden. De Holocaust is net zo verschrikkelijk als de Nakba. Dat betekent niet dat je verschillende geschiedenissen op één hoop gooit, maar wel dat je bereid bent menselijk leed serieus te nemen. Juist als dat politiek gevoelig ligt’, zegt hij.

‘Aandacht voor Palestijns leed doet niets af aan de betekenis van de Holocaust’

Dat dit ongemak oproept bij veel Nederlanders begrijpt hij. ‘Maar aandacht voor Palestijns leed doet niets af aan de betekenis van de Holocaust of de Tweede Wereldoorlog, net zoals aandacht voor andere genocides en humanitaire rampen, zoals in Soedan, dat ook niet doet.’

Socioloog Joost Jongerden van de Wageningen Universiteit doet vandaag niets bijzonders met betrekking tot de herdenking van de Nakba. ‘Dat wil overigens niet zeggen dat ik niets doe’, zegt hij er meteen achteraan.

‘Ik zet mij onder meer in voor het verbreken van de banden tussen de universiteit waar ik werk en Israëlische universiteiten, in het bijzonder de Hebrew University of Jerusalem (HUJI). Die universiteit is betrokken bij de illegale bezetting van gebieden op de Westelijke Jordaanoever en heeft mogelijk handelingen gefaciliteerd die mensenrechten schenden en zelfs strafbaar zijn onder het Genocideverdrag.’

‘4 mei was voor mij een betekenisvolle dag’

Over de Nederlandse herinneringscultuur rondom 4 mei en de koppeling met 15 mei is hij tot een harde conclusie gekomen. ‘4 mei was voor mij een betekenisvolle dag: een dag waarop degenen werden herdacht die hun leven hebben gegeven in de strijd tegen het fascisme. Maar die betekenis is ons afgenomen’, vindt hij.

Jongerden legt uit: ‘Officieel herdenken we op 4 mei niet alleen meer verzetsstrijders en slachtoffers van de nazi’s, maar ook degenen die zijn gevallen tijdens de koloniale oorlog in Indonesië. Wat mij betreft zouden we juist de slachtoffers van die koloniale oorlog moeten herdenken, niet de uitvoerders. In die verschuiving zie je hoe de betekenis van 4 mei geleidelijk nationalistisch is geherdefinieerd. Niet langer staat centraal waarvoor iemand streed, of waarvan iemand slachtoffer werd, maar vooral dát iemand Nederlander was, los van de rol die diegene heeft gespeeld.’

Opnieuw vormgeven

Hij wil dat 4 mei een bredere betekenis krijgt. ‘Het is belangrijk om 4 mei opnieuw vorm te geven: als een antifascistische herdenking die niet alleen terugblikt op het verleden, maar ook verbonden is met de politieke werkelijkheid van vandaag. De alternatieve herdenking vormt daarvoor een belangrijk begin.’

De Amsterdamse fractievoorzitter van Denk, Sheher Khan, is er vandaag bij in de Dominicuskerk. Over de verbondenheid van de Dodenherdenking op 4 mei met het leed van de Palestijnen zegt hij het volgende: ‘De Dodenherdenking is voor mij een dag om te leren van het verleden door het te koppelen aan het heden. We moeten waakzaam zijn en daardoor aandacht hebben voor de huidige genocide in Gaza en de Westbank. Dat is voor mij de koppeling.’

‘We moeten waakzaam zijn’

Dat sommige mensen dat kwetsend vinden, begrijpt hij wel. ‘We moeten niet per se leed vergelijken, want elke geschiedenis heeft zo zijn eigen specifieke ontstaansgrond en omstandigheden. Maar in bredere zin is er wel degelijk een overeenkomst tussen de Holocaust, de Nakba en de huidige genocide. Dat zit hem in het kolonialisme, het onderliggende raamwerk waardoor die tragedies met elkaar verweven zijn.’

Dat behoeft enige uitleg. Khan haalt de beroemde Frans-Martinikaanse dichter Aimé Césaire aan, die beklemtoont dat Hitler geen anomalie is in de westerse geschiedenis en dat de Holocaust eigenlijk het logische koloniale gevolg was van de daden die westerlingen tot die tijd tegenover niet-witte volkeren hadden gepleegd. ‘Hitler heeft op witte Europeanen slechts toegepast wat Europeanen tot die tijd alleen hadden gereserveerd voor Arabieren, Afrikanen en inheemse Amerikanen’, citeert Khan Césaire. ‘En bij het creëren van een raciale eenheidsstaat is er geen plek voor minderwaardig geachte bevolkingsgroepen, zoals destijds de Joden en nu de Palestijnen.’

Palestijnen in Ramleh geven zich over een de Israelische strijdkrachten tijdens de oorlog van 1948. Beeld: Eldad David

Wat zou Nederland ten slotte moeten doen om de Nakba-herdenking een plek te geven in de Nederlandse herinneringscultuur? En wat is de Nakba-boodschap die Keulemans, Eski, Jongerden en Khan dit jaar willen meegeven?

‘De Palestijnen hebben recht op hun thuis, hun land en hun leven’

Keulemans: ‘Staak elk vervolg op de Nakba. En herstel de situatie die door de Nakba is verwoest. De Palestijnen hebben recht op hun thuis, hun land en hun leven. Vermoord hen niet omdat ze bestaan. En wie de vrijheid heeft om die stem te versterken, waar ook ter wereld, heeft het recht om dat te doen.’

Eski: ‘Ik hoop in ieder geval dat Nederland meer ruimte maakt voor kennis en bewustwording over de Palestijnse geschiedenis, zoals het dat in andere gevallen heeft gedaan en zal blijven doen. Dat het durft op te komen voor internationaal recht en menselijke waardigheid, zoals het Internationaal Gerechtshof en het Internationaal Strafhof dat nota bene vanuit ons land doen. Voor iedereen.’

‘Nooit meer is nu’

Jongerden: ‘De bredere les die ik trek, is het gevaar van nationalisme: wanneer een beweging of staat zichzelf definieert vanuit één exclusieve identiteit, wordt de aanwezigheid van de ander al snel als een existentiële bedreiging gezien. Dat is de logica die kan leiden tot etnische zuivering en genocide, en die ook achter de Nakba schuilgaat. Het herdenken van de Nakba betekent voor mij daarom ook: “nooit meer is nu” en tegelijk een confrontatie met het systematische falen van de politieke orde om dat principe daadwerkelijk te benoemen en te beschermen.’

Khan: ‘Ik denk dat we sowieso weer moeten stilstaan bij de Nakba en dat veel met elkaar samenhangt. Het feit dat we destijds op koloniale wijze wegkeken, duurt eigenlijk nog steeds voort, omdat we institutioneel nog altijd wegkijken van de koloniale agressie die plaatsvindt. Het duurt ook heel lang voordat we inzien dat er een koppeling is met het koloniale verleden. Het is daarom belangrijk om op deze dag bewustwording te verspreiden. Oorlog en vernietiging zijn geen afgesloten hoofdstukken. Het werkt door en culmineert op dit moment in de genocide in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever.’

Nu u hier toch bent...

Goede journalistiek kost geld. Leden en donaties maken onze gebalanceerde berichtgeving over biculturaliteit, zingeving en vrijheid mogelijk. Steun ons daarom als u ons werk belangrijk vindt.

Vertel mij meer!
- Advertentie -