Home Blog Pagina 446

‘Imazighen hebben andere zorgen dan tatoeages die verdwijnen’

0

Terwijl oudere Marokkaanse vrouwen zich schamen voor Amazigh tatoeages, laten jonge vrouwen ze juist zetten. Wat is het verhaal achter de traditionele lichaamsversiering?

Het is gissen waar de dalende populariteit van deze traditionele tatoeages sinds de jaren zeventig en tachtig vandaan kwam. Was het een gevolg van de toenemende invloed van de islam, die tatoeëren verbiedt? Of waren ze simpelweg uit de mode geraakt?

In 2007 schreef Asis Aynan in zijn boek Veldslag en andere herinneringen over zijn moeder: ‘Ze roept tegenwoordig dat ze haar tiggaz [Amazigh tatoeages] moet laten verwijderen. Vroeger had ik dit niet erg gevonden, (…) maar inmiddels verzet ik mij hiertegen. Ze wil de tatoeages laten verwijderen omdat ze niet meer passen bij haar religieuze overtuiging.’

De moeder van Asis Aynan behoort net als veel andere Marokkaanse Nederlanders tot de Imazighen, een volk uit het Rifgebergte in Marokko. En net als veel generatiegenoten worstelt ze met de traditionele tatoeages op haar lichaam.

Dat gold ook voor de grootmoeder van Manal Aziz. Ze behoorde tot de Ishelhiyen uit het Atlasgebergte. Dit volk kent eveneens een traditie van tatoeages zetten. ‘Het liefst had ze de tatoeages weg laten halen, want die waren haram volgens haar’, vertelt Aziz, oprichter van een welzijnsproject voor jongeren in Marokko.

‘Ik ben het daar niet mee eens. Ik vind ze absoluut niet haram. Voor mij zit er een grote scheiding tussen cultuur en religie. Ik maak onderscheid tussen de dingen die daadwerkelijk schadelijk kunnen zijn voor mij en anderen, en dingen die dat niet per se zijn. En dat doe ik in de context van het heden en niet van het verleden.’

Een paar jaar geleden heeft Aziz Amazigh tatoeages laten zetten. De versieringen zelf zijn voor Aziz niet het belangrijkste. ‘Het gaat mij meer om het proces van het zetten. Mijn tatoeages zijn allebei gezet door Izgar, een vriend en activist die zich sterk maakt voor het behoud van de Amazigh cultuur. Mijn eerste tattoo heb ik genomen tijdens een festival in Marrakesh. Daar gaf hij een workshop over Amazigh tatoeages, en over de traditie en cultuur die daarbij horen. In die setting heb ik de tatoeage laten zetten. Voor mij ging het veel meer om dat moment en veel minder om het hebben van de tatoeage.’ Dat is volgens Aziz ook in lijn met de traditie. ‘Want het gaat veel meer om het proces eromheen: het sociale aspect, de gemeenschap en hechting.’

Antropoloog Malika Ouacha, deskundige op het gebied van de Amazigh cultuur, vertelt dat de tatoeages traditioneel over het hele lichaam van de vrouw worden gezet. ‘Je kunt er net als op stof patronen op aanbrengen. Er zit niks spiritueels achter of zo. Het was gewoon een bezigheid. Ik heb vrouwen tijdens mijn veldwerk gesproken die bijvoorbeeld juist op hun armen en handen patronen aanbrachten, omdat ze tapijt aan het weven waren. De tatoeages dienden als geheugensteuntje.’

‘Ze wil de tatoeages verwijderen omdat ze niet meer passen bij haar religieuze overtuiging’

Wat vindt Ouacha van het verdwijnen van Amazigh tatoeages in recente tijden? Volgens haar is dit een normale ontwikkeling, want culturen en tradities ontstaan en verdwijnen weer. ‘In Noord-Afrika is dat onder andere het gevolg geweest van migratie, maar ook van islamisering. Wat je ziet, is dat vroeger – en dan heb ik het over vóór de arabisering van dit gebied, die rond de elfde eeuw begon – de islam wel leidend was, maar niet zozeer werd opgelegd door geestelijken. Dat gebeurde pas vanaf de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Dorpsvrouwen die tatoeages lieten zetten, kregen van geestelijken te horen dat dit volgens de islam niet mocht. De volgende generatie deed het daarom niet meer. Maar nu zie je dat vrouwen wel weer tatoeages zetten.’

Wat vindt Ouacha van Marokkaanse-Nederlanders die het erg vinden dat de tatoeages aan het verdwijnen zijn? ‘Natuurlijk heb ik emotioneel wel verbinding met de tatoeages, maar als antropoloog moet je afstand kunnen nemen van je emoties’, reageert Ouacha. ‘Dat maakt dat ik kan zeggen dat het niet erg is dat deze tatoeages verdwijnen. Dingen veranderen nu eenmaal. Zoals de mensen zelf in de dorpen zeggen: ‘Ach boeien! Wij willen gewoon dat we beter ons land kunnen bewerken, we willen betere faciliteiten en onderwijs.’ Zij hebben hele andere zorgen dan tatoeages die verdwijnen. Wij hebben er hier een nostalgisch gevoel en beeld bij, wat heel logisch is, omdat dat hoort bij het gedrag van mensen die in diaspora leven.’

Ouacha geeft in haar lezingen aan dat de Amazigh tatoeages helemaal niks betekenen. Maar er zijn ook tegengeluiden. Tatoeages zouden wel diverse betekenissen hebben, zeggen critici, van streeksymbolen tot symbolen ter bescherming.

Ouacha ziet dat toch anders. ‘Ik volg mijn empirische data’, legt ze uit. ‘Mijn bevindingen kunnen altijd weerlegd worden. Maar ik heb tot nu toe geen mensen gesproken die aangaven dat een bepaalde tatoeage staat voor de zon, maan, of het vrouwelijke of mannelijke.’ Oucha heeft haar onderzoek naar vrouwenculturen gedaan onder de Zuid-Marokkaanse Amazigh gemeenschappen. Ze houdt de mogelijkheid open dat groepen Imazighen op andere plekken in Marokko, bijvoorbeeld in het noorden, wel betekenissen aan de tatoeages koppelen.

Vanuit wetenschappelijk oogpunt is de aanname populair dat de betekenis van de tatoeages door de jaren heen verloren is gegaan. Ouacha kan die verklaring echter niet onderbouwen. ‘Dat is voor mij ook de schoonheid van antropologie: dat er niet één antwoord is. Het is heel belangrijk om daaraan vast te houden, omdat je zo de nuance alle ruimte geeft. Zeker bij een onderwerp dat zo persoonlijk kan zijn.’

Achttien jaar na Veldslag en andere herinneringen vraag ik schrijver Asis Aynan naar de tatoeages van zijn moeder. ‘Mijn moeder heeft haar tiggaz nog’, antwoordt hij. ‘Ze wil ze ook niet weghalen. Voor haar is de tatoeage weghalen hetzelfde als haar hoofdbedekking afdoen.’

Aynan zou het betreuren als Amazigh tatoeages verdwijnen als culturele uiting, en als vrouwen besluiten hun tatoeages te laten verwijderen in een kliniek. ‘Ik stel mij die ruimte voor als een nietszeggende, klinische plek, waar moderne technologie een duizenden jaren oude traditie wegbrandt. De reden dat ze de gezichtskunst weghalen is voor mij nog meer tegenstrijdig. Die tatoeages worden weggehaald omdat een religieus persoon hen dit min of meer opdraagt. Die persoon dringt zijn cultuur op, om de cultuur van iemand anders te laten verdwijnen.’ Aynan zelf heeft al jaren tatoeages. ‘Mijn kinderen zal ik het verhaal over de tiggaz vertellen. Ik hoop dat ze op een dag dezelfde tatoeages zetten.’

‘Fascisme is een Turkse staatstraditie’

0

Koerdisch-Turkse Nederlanders waren zondag bijeen tijdens een ‘solidariteitsetentje’. Dat stond in het teken van de Turkse verkiezingen van 14 mei. De oppositie doet daaraan mee onder de vlag van de Groen Links Partij. Hun boodschap: houd oppositieleider Kemal Kilicdaroglu links.

Het etentje, in hartje Amsterdam, was georganiseerd door de Turkse Groen Links Partij in Nederland en de Koerdische vluchteling en journalist Baki Karadeniz. Op het affiche stond uitdagend: ‘Wij zijn hier’. Met gelijk daaronder ook een verbindende boodschap: ‘Gezamenlijk komen we tot verandering’.

De zaal is veel te klein voor de verzamelde menigte, die geduldig wacht op de hoofdspreker van de avond: Faysal Sariyildiz, oud-parlementariër voor de pro-Koerdische partij HDP. Zes jaar geleden ontvluchtte hij Turkije, sindsdien woont hij in Duitsland. In het volgepakte gebouw op het Eerste Weteringsplantsoen staan sommige bezoekers voor de ingang te roken of onwennig om zich heen te kijken.

‘Geen Koerdische kwestie’

Zo ook een Koerdische man met een forse bos krullen. Er zijn nog enkele statafels vrij, met hoge krukstoelen. De krullenbol kijkt achterom. In antwoord op de vraag wat de grootste problemen zijn in Turkije, stort hij een ware tsunami aan informatie uit. Ook hij is Turkije ontvlucht – drie jaar geleden. Hij kwam in een azc terecht en woont nu in Haarlem. De man wil vrijuit praten, zonder dat hij hier later last van ondervindt. Daarom wil hij niet met zijn naam in dit artikel vermeld worden.

‘Ik kom uit Koerdistan’, vertelt hij. ‘Politiek misbruik van religie is het grootste probleem in Turkije. Er is geen Koerdische of alevitische kwestie, zoals zo vaak wordt beweerd. In Turkije is sprake van een Turkse kwestie. Turken zelf zijn het grootste struikelblok voor verandering. Of dit seculiere Turken of islamistische Turken zijn, maakt helemaal niks uit.’

Hij praat maar door. ‘Een gedecentraliseerd, federaal bestuur is de enige oplossing voor Turkije en het hele Midden-Oosten. Zoals ook door onze leider Abdullah Öcalan is beschreven in zijn boeken’, zegt hij, verwijzend naar de leider van de Koerdische Arbeiderspartij PKK. De partij staat in Turkije, de Verenigde Staten en de Europese Unie op de terreurlijst. Öcalan zit sinds 1999 een levenslange gevangenisstraf uit. ‘Hij staat voor democratisch confederalisme’, vervolgt de man met de krullen. ‘Dat is de sociologie van de vrijheid. En die staat of valt met de acceptatie van de multinationale, multireligieuze, multilinguïstische en multiculturele aard van de hele geografie daar. Dit is trouwens ook een van de principes van de Groen Links Partij van Turkije. Lokaal bestuur, bestuur vanuit de regio zelf is de sleutel.’

Ook wijst de man erop dat de Koerdische HDP zich hard maakt voor vrouwenrechten. ‘Het is de enige partij die een duovoorzitterschap heeft geïnstitutionaliseerd, met een vrouw en een man aan het hoofd van elk bestuurlijk orgaan.’ Hij noemt een hele trits namen op, vermoedelijk van vrouwelijke PKK-strijders, wier opofferingen volgens hem de emancipatie en vrijheid van de Koerdische vrouwen hebben bevorderd. En de bevrijding van de Koerdische vrouw hebben we op haar beurt weer allemaal te danken aan Öcalan, beweert hij, en aan de martelaren van de PKK, de politieke slachtoffers, en de vele vermiste burgers die standrechtelijk zijn geëxecuteerd.

‘Turkije heeft een fascistisch systeem, met een dictator aan het hoofd’

Ook wil hij nog kwijt dat de Koerdische slogan Jin, jiyan, azadi (‘Vrouw, leven, vrijheid’), die tijdens de Iraanse protesten wereldberoemd werd, is gemunt door Öcalan. ‘Niemand vermeldt dat, maar het zijn wel Koerdische vrijheidsstrijders die daar een prijs voor hebben betaald.’

Als hij is uitgeraasd, zegt hij nog dat ‘er genoeg is gepraat’. ‘Het is tijd voor actie, om alle woorden in praktijk te brengen.’

‘Fascistisch systeem’

Precies op tijd, want Mustafa Ayranci, directeur van HTIB, verwelkomt iedereen en vertelt over zijn Koerdische roots. ‘Veel mensen weten niet dat ik Koerdisch ben, maar ik ben als Koerd geboren in Konya. Mijn vader en moeder waren Koerdisch. Ik sprak tot mijn zevende geen Turks. Pas toen ik in Turkije naar school ging, heb ik dat geleerd.’

Ayranci vertelt over de eerste dag dat hij naar school ging en vanwege zijn Koerdische klederdracht door een Turkse leraar werd afgetuigd. ‘Ik wist niet dat dat racisme was. Ik wist niet dat mijn strijd tegen racisme daar begon. Al vijftig jaar strijd ik daar nu tegen. En die strijd ging door in Nederland. Deze plek is open voor iedereen. Voor Armeniërs, alevieten, Koerden. We zijn democratisch. We hebben als HTIB vanaf het begin twee doelen gehad: gelijke rechten in Nederland en de democratisering van Turkije.’

Dan komt hoofdspreker Faysal Sariyildiz aan het woord. Over Turkije is hij kort maar krachtig. ‘Er is daar sprake van een compleet fascistisch systeem tegenover Koerden, met een dictator aan het hoofd. De hele maatschappij is met dit kwaad vergiftigd. Het natiebesef in Turkije is fascistisch. Onder de banieren van het Turkisme en islamisme wordt de bevolking met succes gemanipuleerd.’

Sariyildiz stelt een ‘wetenschappelijk alternatief’ voor.  ‘Het gaat niet om individuele verandering, maar om structurele en systemische verandering.’ Ook wijst hij naar de economische malaise in Turkije. ‘Turkije zit economisch aan de grond. Er is geen geld en 40 procent van de bevolking werkt voor een hongerloontje, rond het bestaansminimum. Dan hebben we het nog niet over de aardbeving van februari gehad. Het is bijna niet voor te stellen, maar op de veelvuldig gestelde vraag waarom het leger niet vanaf het begin ingreep, kan de regering schaamteloos zeggen dat soldaten in Syrië en Irak het vaderland aan het verdedigen waren. En daarmee komt de regering ook nog weg. Dit is een regelrechte vernedering voor alle slachtoffers van de aardbeving.’

Volgens Sariyildiz staat het stelsel dat in de regeerperiode van de AKP is ontstaan door polarisatie en economisch wanbeleid onder spanning. ‘En toch kan het zo zijn dat Turken die geen brood op de plank kunnen brengen voor hun familie, zich laten leiden door een fascistische ideologie. Er is veel onwetendheid, een verwrongen menselijkheidsbesef.’

Sariyildiz stelt zijn hoop op een ‘antifascistisch blok’ van Koerden en socialistische partijen, zoals de Turkse Arbeiderspartij (TIP). Dit blok is principieel anders dan de twee andere blokken, van de AKP van president Recep Tayyip Erdogan en de verenigde oppositie onder Kemal Kilicdaroglu. ‘Die twee blokken verdedigen als puntje bij paaltje komt de status-quo’, vindt Sariyildiz. ‘Het is belangrijk dat het antifascistische blok zich diepgaand nestelt in de haarvaten van de maatschappij.’

Als iemand Sariyildiz vraagt hoe antifascistische systeemverandering er in de praktijk uit moet zien, verwijst hij naar de Koerdische autonome staat in Noord-Syrië. ‘De ontwikkelingen tijdens de burgeroorlog in Syrië waren de trigger voor de fascistische draai die Erdogan in 2014 maakte. Uiteindelijk zal het regime van Erdogan aan zijn einde komen. We gaan door met de strijd.’

‘Kilicdaroglu links houden’

Voordat het eten wordt geserveerd neemt Nuri Karabulut, de broer van voormalig SP-Kamerlid Sadet Karabulut, de microfoon als derde spreker. ‘Ons stemadvies is Kilicdaroglu voor het presidentschap en de Groen Links Partij voor het parlement.’

Karabulut waarschuwt de aanwezigen: ‘Het is heel verleidelijk, maar ook kortzichtig om te zeggen: ‘Laten we eerst van Erdogan afkomen, daarna kijken we wel verder.’ Want helaas loopt het altijd mis met zo’n strategie. Het is daarom belangrijk om op goede wijze oppositie te voeren. En dat is helaas niet gebeurd. De Turkse oppositie zegt in haar convenant niets over de Koerden of over het secularisme. Dat komt omdat nationalisten en islamisten ook in de oppositie zijn vertegenwoordigd. Ook zegt het convenant niks over het vrouwenverdrag’, voegt hij toe, verwijzend naar het Istanbul-verdrag uit 2011, dat gaat over vrouwenrechten en dat in 2021 door Erdogan is opgezegd. Daarom heeft volgens Karabulut de Koerdische oppositie de taak om Kilicdaroglu ‘links te houden’.

‘Negatieve energie’

Na de maaltijd is er nog een vragenuurtje. Een man uit de zaal heeft kritiek op de opmerking van Sariyildiz dat Turkije nog nooit zo’n fascistisch regime heeft meegemaakt als dat van Erdogan: ‘Dat klopt niet. Ik was in de jaren negentig in Koerdistan en toen zijn er meer dan vierduizend dorpen platgebrand. Mensen werden standrechtelijk geëxecuteerd. Het fascisme was er toen al, en daarvoor trouwens ook. Fascisme is een Turkse een staatstraditie.’

Daarna ontstaat er discussie over de Alleingang van de Turkse Arbeiderspartij (TIP) van Ahmet Sik. De partij heeft geen kandidaat naar voren geschoven voor de presidentsverkiezingen en staat bij de gelijktijdige verkiezingen voor het parlement alleen. Aangezien in Turkije een landelijke kiesdrempel van 7 procent geldt, kunnen kleine partijen die niet bij een coalitieblok zijn aangesloten, zoals de TIP, relatief moeilijk in het parlement verkozen worden. Als ze zich wel aansluiten bij een coalitieblok kunnen ze toch zetels halen, als het blok als geheel boven de 7 procent van de stemmen komt. ‘Waarom gaat Sik alleen de verkiezingen in?’, vraagt een vrouw zich daarom af. ‘Ik kan er met mijn verstand niet bij.’

‘Het brengt ons geen stap verder om deze discussie nu te voeren’, reageert Sariyildiz. Maar iemand anders in de zaal is kritisch op zowel de HDP als de TIP: ‘De HDP is te passief gebleven tegenover de TIP. Er zijn zoveel mensen dood, in de gevangenis beland of gevlucht. Nu is er een enorme kans om tot een oplossing te komen. Sik brengt dat in gevaar. En wanneer hij wordt bekritiseerd, komt hij met klassieke Turkse verwijten, dat de HDP te Koerdisch-nationalistisch is.’

‘Dit is negatieve energie’, reageert een andere bezoeker. ‘Natuurlijk is het belangrijk om kritiek te hebben. Maar de verkiezingen op 14 mei zijn te belangrijk om te verzanden in gekissebis. Laten we met positieve energie de toekomst tegemoet gaan.’

‘De Zoon van de Gazelle’ wint publieksprijs Beste Filosofische Kinderboek

0

Het islamitische kinderboek De Zoon van de Gazelle is zaterdag door het publiek uitgeroepen tot het beste filosofische kinderboek van 2022.

De Zoon van de Gazelle is een bewerking van de twaalfde-eeuwse vertelling Hayy ibn Yaqzan, Arabisch voor ‘de levende zoon van de waakzame’. Het gaat over een jongen die in zijn eentje op een eiland woont. Met een gazelle die zich als moeder opwerpt en een schildpad als vriend, groeit de nieuwsgierige jongen op tot filosoof en mysticus.

Het verhaal Hayy ibn Yaqzan is geschreven door de islamitische wetenschapper en filosoof Abu Bakr Muhammad Ibn Tufayl (ca. 1110-1185) uit Al-Andalus, het huidige Spanje. Het is onlangs hertaald door de filosofen Kamel Essabane en Sabine Wassenberg, en geïllustreerd door Karuna Wirjosemito.

‘Een boek dat de lezer uitnodigt mee te denken met de hoofdpersoon en gedachten te vormen over de grote vragen van het leven’, schrijft de website Week van de Kinderfilosofie over dit boek.

De jury wees het boek Gedachten Denken van Annelies Beck, geïllustreerd door Hanneke Siemensma, als winnaar aan. De Zoon van de Gazelle won met een ‘overdonderende aantal stemmen’ de publieksprijs.

Minister Dijkgraaf: internationale studenten moeten Nederlands leren

0

Onderwijsminister Robbert Dijkgraaf (D66) wil dat alle internationale studenten straks de Nederlandse taal gaan leren. Dit schrijft universiteitskrant Ad Valvas (Vrije Universiteit, Amsterdam).

Een betere beheersing van het Nederlands vergroot volgens Dijkgraaf de kansen van internationale studenten op de Nederlandse arbeidsmarkt. De kans is groter dat deze studenten, na hun afstuderen in Nederland blijven hangen. Gistermiddag stuurde de minister een brief over internationalisering in het hoger onderwijs naar de Tweede Kamer.

Dijkgraaf wil dat hogescholen en universiteiten de Nederlandse taal in het onderwijs ‘behouden en versterken’: ‘Nederlands is en blijft de hoofdtaal, waarbij de toegestane uitzonderingen beter worden gedefinieerd. Dat maakt toezicht hierop mogelijk.’

Om de plannen van de minister werkelijkheid te laten worden is er wel een nieuw wetsvoorstel nodig. Op zijn vroegst in september 2024 zal de nieuwe wet van kracht kunnen zijn.

Ten slotte wil Dijkgraaf dat universiteiten als bestuurstaal het Nederlands hanteren. Twee universiteiten – de Universiteit Twente en de Technische Universiteit Eindhoven – hanteren het Engels als bestuurlijke voertaal, Maastricht is tweetalig.

Het aantal internationale studenten groeit. Afgelopen studiejaar waren er ruim 115.000 internationale studenten in ons land, 3,5 keer zo veel als in het studiejaar 2005-2006. Het kost veel moeite om al deze studenten op tijd te kunnen huisvesten.

Marokko wil miljoen stuks vee importeren voor Offerfeest

0

De Marokkaanse regering wil een miljoen geiten, schapen en runderen importeren voor Eid Al Adha, het Offerfeest. Dit feest zal dit jaar naar verwachting eind juni plaatsvinden.

Rachid Benali, voorzitter van de Marokkaanse Confederatie van Landbouw en Plattelandsontwikkeling, zei dat Marokko vijf miljoen stuks nodig heeft voor de feestdag, aldus Morocco World News. Er komen nu een miljoen dieren tekort.

Eid Al Adha is een belangrijke islamitische feestdag, waarbij het offeren van een dier, meestal een schaap, geit of koe, een belangrijk ritueel is. Moslims herdenken dan het offer van de profeet Ibrahim, die van Allah zijn zoon Ismaël moest offeren. Toen Ibrahim zijn zoon wilde doden, sneed het mes niet.

In de weken voorafgaand aan Eid Al Adha neemt de vraag naar vee in islamitische landen aanzienlijk toe. Vleesprijzen stijgen dan, vooral als het aanbod van vee beperkt is.

Marokko wil niet dat arme Marokkanen zich blauw betalen aan een stuk rood vlees, en is daarom van plan om veel vee uit het buitenland te importeren, zodat de prijs redelijk blijft. Sinds februari dit jaar heeft het koninkrijk in totaal 32.000 runderen en schapen geïmporteerd.

Verzoek om stilteruimte is vragen om voorkeursbehandeling

0

‘De afgelopen weken was er veel media-aandacht voor gebedsruimten op openbare scholen en moslimleerlingen die daarom zouden vragen.’ Zo beginnen Shawintala Banwarie en Kamel Essabane hun betoog in deze krant waarin ze openbare scholen oproepen om gehoor te geven aan de vraag van moslimleerlingen om een stilteruimte waarin ze kunnen bidden. Want: ‘In feite, is het verzoek van deze moslimleerlingen niet anders dan het verzoek van leerlingen om een voetbalveld te hebben, of een spelruimte.’  Het eerste wat ik dacht toen ik die vergelijking met het voetbalveld las was: eindelijk mensen die voetbal gelijkstellen aan religie.

Dat ‘het openbaar onderwijs in Nederland zich niet profileert als ‘neutraal’ of ‘religievrij’, maar als ‘actief pluriform’, houdt niet automatisch in dat de openbare school zich ‘daarmee committeert (…) aan ruimte bieden aan diversiteit, en dus ook aan levensbeschouwing’ in de vorm van een stilteruimte, zoals de auteurs beweren.

‘Actief pluriform’ betekent dat de school openstaat voor iedereen, precies zoals de wetgever van haar vraagt. Een openbare school is toegankelijk voor ieder kind. De enige reden waarom een school een kind kan weigeren is als er geen plek meer is. Dit in tegenstelling tot een bijzondere school. Die kunnen van ouders eisen dat zij de ‘grondslag’ waarop de school is gebaseerd, onderschrijven.

Dit is niet de enige, om Nietzsche te parafraseren Umwertung der Werte, herwaardering van waarden, die de beide auteurs hanteren. De auteurs verwijten de scholen de leerprestaties en burgerschapsvorming van kinderen te belemmeren door stilteruimtes te weigeren. Dat is vreemd. Deze scholen geven duidelijk aan waar ze voor staan, namelijk open voor iedereen en niemand een bijzondere behandeling. De vraag om een stilteruimte is een vraag om een voorkeursbehandeling en daaraan doet het openbaar onderwijs niet.

Doel van het Nederlandse onderwijs is niet de religieuze behoefte van een leerling te bevredigen

Ze gaan verder: ‘dat openbare scholen vooral met goed onderwijs bezig moeten zijn en niet met religieuze behoeften, negeert de pedagogische en burgerschapsopdracht van het onderwijs.’ Een volgende bijzondere verdraaiing. De pedagogische en burgerschapsopdracht van het onderwijs is verwoord in de kerndoelen en dan vooral kerndoel 43: ‘De leerling leert over overeenkomsten, verschillen en veranderingen in cultuur en levensbeschouwing in Nederland, leert eigen en andermans leefwijze daarmee in verband te brengen, leert de betekenis voor de samenleving te zien van respect voor elkaars opvattingen en leefwijzen, en leert respectvol om te gaan met seksualiteit en met diversiteit binnen de samenleving, waaronder seksuele diversiteit.’ Dus om leerlingen bij te brengen dat er verschillende manieren zijn om naar de wereld te kijken en te respecteren dat niet iedereen dezelfde opvattingen heeft.

Doel van het Nederlandse onderwijs is niet de religieuze behoefte van een leerling te bevredigen. Net zoals het ook geen doel van het onderwijs is om de sportieve behoefte van een leerling te bevredigen.

Echt lachwekkend wordt het in de laatste alinea. Als de auteurs de volgende vraag stellen: ‘Willen openbare scholen een verlengstuk zijn van het neoliberalisme dat enkel gericht is op presteren en economische bijdrage, of willen ze staan voor persoonlijke vorming en burgerschapsvorming?’ Dat is nogal een verwijt. Openbare scholen hangen dus toch een ‘ideologie’ aan, het neoliberalisme, en leiden kinderen op tot ‘werkslaven’.

De meest bijzondere Umwertung der Werte is dat de auteurs de bijzondere scholen spiegelen. Daar waar bijzondere scholen van ouders en leerlingen kunnen vragen om de grondslag van de school te onderschrijven, verwachten zij dat een openbare school de ‘grondslag’ van ouders en kinderen onderschrijft. Dat is iets wat het openbaar onderwijs bij wet niet kan en mag.

Het eerste museum over de islam binnenkort van start in Rotterdam

0

Binnenkort opent in Rotterdam het eerste islamitische museum van Nederland. Het Islam Experience Museum is een initiatief van voormalig PVV-Kamerlid Joram van Klaveren, die zich in 2019 tot de islam bekeerde.

‘Het primaire doel van dit museum is om misconcepties over de islam weg te nemen’, vertelt Van Klaveren. ‘Daarnaast willen we meer empathie creëren voor elkaar.’

Van Klaveren vertelt dat hij tijdens zijn PVV-Kamerlidmaatschap ‘onkruid heeft gezaaid’ over de islam. ‘Ik zou het geen boetedoening willen noemen. Maar ik wil wel het werk waar ik medeverantwoordelijk voor ben geweest counteren met de activiteiten die ik nu doe.’

Sinds drie-en-een-half jaar geeft Van Klaveren met het Islam Experience Center (IXC) voorlichting over de islam op scholen, hogescholen en universiteiten. ‘Aan de hand van virtual reality willen we mensen op een plek brengen en hen meenemen op een reis door de tijd.’ Door een virtual reality-bril op te zetten, kunnen mensen virtueel ‘rondlopen’ in het zevende-eeuwse Arabië.

Omdat Van Klaveren veel enthousiaste kreeg over dit programma, ontstond het idee om ook een museum te starten. ‘Het is heel basic. We vertellen met virtual reality en hologrammen over de islam en willen op deze manier mensen een ervaring meegeven. Het is geen traditioneel museum, met oude spullen en stoffige boeken.’

Van Klaveren licht een tipje van de sluier op: ‘Bij binnenkomst word je straks verwelkomt door een virtuele oudere moslimman, die je ook in onze mobiele presentaties voorbij ziet komen. Je komt in een kamer met manen die licht geven. Je kan op een stoel zitten, die meebeweegt, en je belandt in het Huis der Wijsheid in Bagdad, het zevende-eeuwse Mekka van de profeet Mohammed en je ziet de beroemde uitvindingen die moslims hebben gedaan. In een andere kamer kun je een virtual reality-bril opzetten en de Rotskoepel-moskee in Jeruzalem, de Aya Sophia in Istanbul en de stad Medina zien en daar de gebedsoproepen horen. Verder is er een kamer met hologrammen van de islamitische relikwieën die in het Topkapimuseum in Istanbul te zien zijn.’

Ook wil Joram van Klaveren de bezoekers empathie meegeven voor hun medemens. De bezoeker komt in een klas te zitten, maar niemand van de kinderen wil naast je zitten. Dan opeens zie je een spiegelbeeld van jezelf, en blijkt dat je in een rolstoel zit. Van Klaveren: ‘We willen mensen helpen zich te verplaatsen in de gevoelens van een ander.’

Het oud-Kamerlid hoopt dat het museum in juni de deuren kan openen, maar helemaal zeker is dit nog niet. ‘We moeten nog testen of alles wel goed werkt. Pas dan sturen we een persbericht de deur uit, met de datum voor de officiële opening van het museum.’

Niet aan islamitische stroming gebonden

Joram van Klaveren was van 2010 tot 2017 lid van de Tweede Kamer, tot 2014 voor de PVV van Geert Wilders. Daarna ging hij verder als eenmansfractie, en trad hij toe tot de fractie Groep Bontes/ Van Klaveren, die al snel werd omgedoopt tot de partij VoorNederland. Deze partij wist in 2017 onder het lijsttrekkerschap van Jan Roos geen Kamerzetels te halen. Na zijn bekering tot de islam nam hij afstand van de vaak felle, islamofobe uitspraken die hij als politicus had gedaan.

Het museum krijgt geen subsidie, en wordt gefinancierd door donateurs uit de islamitische gemeenschap, waaronder Joram van Klaveren zelf. Aan de IslamOmroep laat het Islam Experience Center weten niet aan een specifieke stroming in de islam verbonden te zijn: ‘We zijn slechts eenvoudige moslims die de soenna van de Profeet (vzmh) in de praktijk proberen te brengen. We zijn etnisch en stromingen overstijgend en werken met ieder individu dat onze boodschap wil helpen verspreiden. De organisatie drijft op zeer diverse medewerkers en vrijwilligers. Moslims – zowel mannen als vrouwen – met Maleisische, Indonesische, Marokkaanse, Syrische, Turkse, Pakistaanse, Amerikaanse, autochtoon Nederlandse, Antilliaanse, Surinaamse en Nieuw-Zeelandse roots maken dit prachtige project mogelijk. Deze grote verscheidenheid van mensen geeft uiteraard ook de universele boodschap van de islam schitterend weer.’

Turkse oppositie wil ‘scherpe draai’ in buitenlandbeleid

0

Er is een reële kans dat de Turkse president Erdogan de presidentsverkiezingen van 14 mei verliest. Wat zou de impact van dat verlies zijn op de rest van de wereld? Nieuwssite Middle East Eye hield dit weekend het buitenlandbeleid van de Turkse oppositie uitgebreid tegen het licht.

Zal Turkije zich bijvoorbeeld terugtrekken uit Libië en Syrië? Worden de banden aangehaald met de VS en Israël? Of blijft Turkije nog steeds de vreemde eend in de bijt van de NAVO?

Dat het niet echt botert tussen de Amerikaanse president Joe Biden en Erdogan is geen geheim, meldt Middle East Eye. Biden wil dan ook dat de oppositie aan de macht komt. Vroeg in de verkiezingscampagne bracht Kemal Kilicdaroglu, leider van de CHP, de grootste oppositiepartij van Turkije ook een bezoek aan het land.

Dit allemaal kan, volgens Middle East Eye, ‘een scherpe draai’ in het buitenlandbeleid van Turkije betekenen.

Volgens Unal Cevikoz, oud-ambassadeur en adviseur van Kilicdaroglu in internationale betrekkingen, zal de oppositie werken aan ‘de normalisering van de verhoudingen met de buurlanden, de EU en de NAVO’.

Dat betekent een beleid van ‘non-interventie in de binnenlandse zaken van buren, een onpartijdig buitenlandbeleid en toewijding aan de internationale normen’.

Deze pilaren zijn niet nieuw. Het is een ‘terugkeer’ naar het Turkije van de jaren tachtig en negentig, dat recht tegenover het islamistische expansionisme van Erdogan staat. De seculiere CHP haalt ijverig de pakkende slogan van de stichter van de Turkse republiek Mustafa Kemal Atatürk (1881-1938) aan, ‘Vrede thuis, vrede in de wereld’. Al was er van ‘vrede thuis’ (met de genocide op Koerden in 1937) en in het buitenland (met de annexatie van Syrisch grondgebied in 1939) weinig sprake.

‘Waarom zijn we in Somalië? Geen reden. Waarom zijn er duizenden soldaten in Qatar? Of in Libië, waar we een kant hebben gekozen in de burgeroorlog. Dit zal bij een machtswissel allemaal herzien worden’, aldus Cevikoz over de inmenging van Turkije in buitenlandse conflicten.

Dan is er Syrië, meldt Middle East Eye. Met Assad zal een dialoog worden aangegaan. Vooral om Syrische vluchtelingen terug te sturen. ‘Turkije heeft een kant gekozen in de Syrische burgeroorlog en die zal gecorrigeerd worden. Turkije zal echter niet meteen uit Syrië vertrekken. Het grensgebied wordt ook onder nieuwe machthebbers niet overgelaten aan ‘terroristische groepen’.’

Kilicdaroglu zei in maart dat hij de Syriërs binnen twee jaar wil terugsturen. Maar dat zal vast veel langer duren. ‘Het zal op vrijwillige basis gebeuren, maar het moet gepaard gaan met wederopbouw en intensieve samenwerking. We willen deze last zeker met de EU, VS en de VN delen.

Het Westen is ook benieuwd naar de opstelling tegenover Rusland. Erdogan kan met beide partijen goed overweg. Dat zal onder Kilicdaroglu niet veranderen. Turkije zal de westerse sancties tegen Rusland hoe dan ook niet volgen.

Wel zullen de besluiten van het Europese Hof over de vrijlating van de filantroop Osman Kavala en de Koerdische leider Selahattin Demirtas op navolging kunnen rekenen. De belofte van Kilicdaroglu aan Turkse kiezers dat zij visumvrij de Schengen-zone kunnen bezoeken, is ‘optimistisch’, volgens Middle East Eye.

Mexicaanse senaat erkent Armeense Genocide

0

De Mexicaanse senaat heeft onlangs de Armeense Genocide uit 1915 (Eerste Wereldoorlog) erkend. Daarmee sluit het Latijns-Amerikaanse land zich aan bij de ruim dertig (voornamelijk westerse) landen, die de systematische moord op meer dan anderhalf miljoen christelijke Armeniërs en Assyriërs bestempelen als ‘genocide’. Dit tegen het zere been van Turkije, dat druk uitoefent om deze erkenning tegen te houden, aldus de Amerikaanse nieuwssite Fresno Bee.

Leden uit de kleine Armeense gemeenschap in Mexico verzamelden zich zaterdag verheugd bij de ‘Armeense klok’ in Mexico-stad om ‘de martelaren uit 1915 te eren’, maar ook als dank voor de erkenning van de Armeense Genocide door de Mexicaanse senaat. Een belangrijke overwinning voor de Armeense gemeenschap, zegt de Armeense-Mexicaan Carlos Antamarian.

Een paar jaar eerder was er nog iets te vieren: de verwijdering van het standbeeld van de vorige president van Azerbeidzjan Heydar Aliyev (vader van de huidige dictator Aliyev) uit een park in Mexico. Met Azerbeidzjan heeft Armenië meerdere bloedige conflicten achter de rug. De situatie is nog steeds gespannen met schermutselingen in het grensgebied.

De Armeense diaspora in de VS, Canada en Argentinië is veel groter. De gemeenschappen groeiden direct na de Armeense Genocide. Ook in Mexico dus, waar ongeveer driehonderd Armeniërs naartoe emigreerden en waarvan het merendeel weer verder trok naar de Verenigde Staten. Nu leven er zo’n vijfhonderd Armeniërs in Mexico.

Piet Emmer: ‘Beeld van dekolonisatie Nederlands-Indië is niet in steen gebeiteld’

0

In de bijdrage Rechtse historici komen met alternatieve feiten over Indonesië (de Kanttekening van 19 april 2023) noemt de auteur elke mening en elk feit, dat hem of haar niet bevalt, ‘rechts’ of  ‘omstreden’.

De schrijver lijkt niet te beseffen dat de geschiedenis geen kant-en-klaar product is, maar onderhevig is aan voortdurende veranderingen en dat het verleden bovendien bestaat uit vele lagen, waar telkens een laag aan kan worden toegevoegd.

Dat is ook het geval met de geschiedschrijving over de dekolonisatie van Nederlands-Indië. Nog tijdens dat conflict werden er in Nederland talloze krantenartikelen, week- en maandbladbijdragen over geschreven en waarschijnlijk hebben de Indonesische journalisten zich evenmin onbetuigd gelaten. Meteen na afloop van de dekolonisatie kwam er een stroom van reportages en boeken op de markt, waarin militairen, bestuursambtenaren en burgers hun belevenissen vastlegden. Er zullen zeker ook publicaties zijn verschenen, waarin een poging werd gedaan de hele dekolonisatie te beschrijven en te analyseren inclusief voorgeschiedenis en afloop. De meeste van zulke analyses verouderden snel, omdat ze verschenen zijn voordat de archieven van de betrokken overheidsinstanties openbaar werden, de stroom herinneringen en memoires was opgedroogd en er een poging was gedaan om soortgelijk materiaal van de Indonesische kant te inventariseren en te gebruiken.

Er zullen in de toekomst zeker nog nieuwe analyses worden gemaakt

Die fase zijn we in de geschiedschrijving van de dekolonisatie van Nederlands-Indië inmiddels voorbij. De overheidsarchieven over deze periode zijn in beginsel openbaar, het aantal memoires en persoonlijke belevenissen zal nauwelijks nog toenemen en er is grote belangstelling onder de Nederlandse geschiedkundigen om soortgelijk materiaal van de andere partij in hun geschiedverhaal een plaats te geven. Bovendien behoren de huidige historici tot een generatie, die niet in Nederlands-Indië heeft gevochten en de dekolonisatie überhaupt niet bewust heeft meegemaakt. Al deze factoren helpen om het beeld van de dekolonisatie steeds genuanceerder te maken. Dat beeld zal echter nooit in steen gebeiteld zijn, want er kunnen nog steeds wijzigingen optreden en er zullen in de toekomst zeker nog nieuwe analyses worden gemaakt door bij voorbeeld de dekolonisatie in Nederland en Nederlands-Indië te vergelijken met soortgelijke gebeurtenissen in de Engelse, Franse, Portugese, Duitse, Noord-Amerikaanse en Russische imperia. Misschien is het mogelijk ook de bronnen van Indonesische kant te vergelijken met die van andere onafhankelijkheidsbewegingen.

De nieuwe bundel met opstellen onder redactie van Bouke Geersing over de dekolonisatie van Nederlands-Indië is zeker niet het laatste woord zoals de schrijver in de Kanttekening lijkt te vrezen. Was hij op de hoogte geweest van de manier, waarop een geschiedbeeld ontstaat, dan had hij de nieuwe bundel niet afgekeurd, maar juist begroet. Ook al strookt de inhoud van een aantal bijdragen niet met zijn of haar privé opvattingen, dan nog zou een wetenschappelijk historicus elke goed gedocumenteerde en beredeneerde toevoeging aan het bestaande geschiedbeeld moeten toejuichen.