10.3 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 481

Israël praat over wetsvoorstel dat militairen immuniteit verleent

0

De ultrarechtse Israëlische politicus Itamar Ben-Gvir is bezig met een wetsvoorstel dat Israëlische militairen en politieagenten strafrechtelijke immuniteit verleent. De wet moet de vervolging voorkomen van misdaden die tijdens de diensttijd zijn begaan.

Het controversiële wetsvoorstel is onderdeel van de coalitiebesprekingen tussen Ben-Gvirs ultrareligieuze partij Otzma Yehudit en de rechtse Likud-partij van oud-premier Benjamin Netanyahu.

Netanyahu gaat weer een regering vormen en heeft daarvoor de steun nodig van uiterst rechtse splinterpartijen als Otzma Yehudit. Deze partijen willen in ruil daarvoor conservatief-religieuze wetgeving invoeren.

Otzma Yehudit zegt dat de partij niet in het kabinet zitting neemt als de immuniteit voor soldaten en politie niet wordt geregeld.

Defensiefunctionarissen uit hun zorgen over het voorstel. Het zou Israëlische militairen vatbaar maken voor vervolging door het Internationaal Strafhof in Den Haag. Het Israëlische militaire en burgerlijke rechtssysteem verhindert volgens hen de berechting van Israëlische militairen door het ICC wegens (oorlogs)misdaden.

Ben-Gvir wordt wellicht minister van Openbare Veiligheid in het nog te vormen kabinet van Netanyahu. Hij is berucht om zijn anti-Palestijnse uitspraken. Zo noemt hij Arabisch-Israëlische collega-parlementariërs ’terroristen’ en heeft hij opgeroepen tot de deportatie van zijn politieke tegenstanders.

Deze maand zei Ben-Gvir dat een Israëlische militair goed werk had verricht, door een 22-jarige Palestijn van dichtbij dood te schieten. Palestijnse leiders spraken van een ‘executie in koelen bloede’.

Rotterdamse ‘daden’ na slavernij-excuses: gemeente opent subsidiepot

0

De gemeente Rotterdam wil na de excuses voor het slavernijverleden meteen de daad bij het woord voegen. Een gemeentelijke subsidieregeling voor projecten over het koloniaal- en slavernijverleden van Rotterdam die inmiddels was gesloten, zal opnieuw opengaan.

De regeling is bedoeld om de kennis en bewustwording van dit verleden te vergroten onder Rotterdammers. Ambassadeur van de regeling en spoken word-artiest Zaïre Krieger maakte de heropening van de subsidieregeling gisteren bekend op haar Instagrampagina.

‘Gisteren heeft onze staat excuses gedaan voor het slavernijverleden, maar wat zijn excuses zonder DADEN?’ schrijft ze. ‘Ik ben erg blij om ambassadeur te zijn van deze subsidieregeling ‘Rotterdam: Toen en Nu’, die weer open gaat!

De subsidiebedragen kunnen oplopen tot 25.000 euro voor natuurlijke personen en tot 50.000 euro als rechtspersonen.

Eerder stond in dit bericht dat de gemeente Rotterdam meldde dat de subsidieregeling via de Rijksoverheid zal gaan. Een woordvoerder meldt nu dat dit niet klopt. Dit is aangepast. Ook stond in dit bericht dat de gemeentewebsite van Rotterdam vermeldde dat de openstelling nog was uitgesteld. Dit klopte wel, maar is inmiddels niet meer het geval.

Op school geen gebedsruimte, wel een genderneutraal toilet

0

De directie van de mbo-school houdt voet bij stuk. Ook in onze grote stad Amsterdam, waar alles kan en mag. Er komt geen stilteruimte op school. En al helemaal geen gebedsruimte. ‘Als die jongelui zo nodig moeten bidden, dan doen ze dat maar thuis’, zegt een van de bestuurders. Er wordt ook nog iets gebromd over ‘scheiding van kerk en staat’.

We lopen door de gang, terug naar de lift. In de lokalen zitten leerlingen van allerlei pluimage achter de computers. Heel divers, zoals we elkaar ook buiten tegenkomen in de sport, de trein of gewoon op straat. Alle kleuren van de regenboog. In het praktijklokaal van de houtbewerking zie je hetzelfde beeld. Allemaal jonge mensen die met beitels en schaven werken aan hun toekomst.

Als ze zo nodig moeten bidden, dan doen ze dat maar thuis, dreunt het in mijn hoofd. De gezamenlijkheid en diversiteit die zo zichtbaar is in het domein van de leerlingen, de aula, de leslokalen en de kantine, is in de directiekamer van het enorme scholencomplex ver te zoeken.

Natuurlijk duwen wij onze eigen vooroordelen weg. Cognitieve dissonantie heet dat, chique geformuleerd. En we vertellen elkaar dat dat helemaal niks te maken heeft met dat achter die directietafel alleen maar witte, blonde figuren zitten. Mensen die het geloof van hun voorvaderen zelf allang overboord hebben gegooid en die nu hun persoonlijke aversie tegen religie op deze wijze projecteren, over de rug van de nota bene aan hun toevertrouwde leerlingen.

We babbelen nog wat over tolerantie. Juist voor onze projecten over tolerantie, diversiteit en respect komen wij naar scholen als deze. ‘Religie is niet tolerant’, klinkt het vanachter de tafel. Godsdienstvrijheid? ‘Ja, maar niet in de openbare ruimte. Dat doen ze maar aan de keukentafel.’

‘Een ogenblikje, alsjeblieft. Ik wil even naar de wc’, zegt een directielid. Wij wachten op de gang totdat de toiletgebruiker zich weer bij ons voegt. We tellen drie deuren. Rechts de deur naar het damestoilet. Daarnaast het herentoilet. En de derde deur draagt de sticker van het genderneutrale toilet. We kijken elkaar aan en beseffen dat we dit allemaal nogal inconsequent en hypocriet vinden.

De zo geroemde godsdienstvrijheid in ons land is verdwenen. Weggespoeld door het toilet

Met een beroep op compassie, respect, empathie – geef het beestje maar een naam – gunnen wij de benodigde vierkante meters voor fysieke behoeften aan hen die dat op deze manier wensen in te vullen. Prima. Maar als het gaat om geestelijke behoeften worden denkbeelden als ‘de scheiding tussen kerk en staat’, ‘intolerantie van religie’ en ‘Geloof hoort achter de voordeur’ van stal gehaald om toch vooral niet tegemoet te hoeven komen aan die biddende meute op school.

Je gaat niet alleen naar school om jezelf vreemde talen eigen te maken, geschiedenislessen te volgen, te leren koken en bakken of schroevendraaiers en boormachines te hanteren. Het belangrijkste: erachter komen hoe, je samen met de wereld om je heen, stappen zet richting je toekomst. Een toekomst waar je jezelf als volwassen en gelukkig mens staande weet te houden in onze samenleving. De bekrompen, afwijzende houding van zo’n directieteam met betrekking tot de geestelijke vrijheden waar ieder mens in ons tolerante land recht op heeft, toont aan dat het hoogste gezag op school dat nog niet begrepen heeft.

Leerlingen die van huis uit meekrijgen dat hun manier van leven met zich meebrengt dat zij zich drie of vijf keer biddend tot het Allerhoogste gezag horen te wenden, krijgen daar op school dus geen gelegenheid voor. Zij worden met hun gebedskleedjes verbannen naar een hoekje in de parkeergarage. Zoals zwarte mensen in de VS in de jaren vijftig achter in de bus moesten zitten.

De zo geroemde godsdienstvrijheid in ons land is verdwenen. Weggespoeld door het toilet. En dan maakt het helemaal niet meer uit of dat gebeurde in een herentoilet, een damestoilet of in een ‘progressief’ genderneutraal toilet. We zijn hopeloos de weg kwijt.

Turkije: pro-Koerdische partij dreigt subsidie kwijt te raken

0

De hoofdaanklager van Turkije pleit bij het Constitutioneel Hof voor een einde aan de overheidsfinanciering van de pro-Koerdische oppositiepartij HDP. Dat meldt het Turkse persbureau Anadolu.

De aanklager noemt de partij, in navolging van president Erdogan, een vleugel van de terroristische guerrilla-organisatie PKK, die in Turkije, de Europese Unie en Amerika op de terreurlijst staat.

De afgelopen jaren zijn al diverse leden van de HDP veroordeeld wegens vermeende PKK-banden, waaronder oud-leider Selahattin Demirtas. Volgens mensenrechtenorganisaties zijn die banden non-existent en probeert Erdogan de pro-Koerdische oppositie te breken.

De HDP is de op een na grootste oppositiepartij in het Turkse parlement. Volgend jaar zijn in Turkije verkiezingen en de HDP kan een bedreiging vormen voor electoraal succes van Erdogans AKP. Al enige tijd dreigt de partij verboden te worden.

De aanklager zal op 10 januari zijn zaak toelichten. Als het hof hem gelijk geeft, zal de HDP niet alleen haar financiering verliezen, maar kan de partij mogelijk zelfs verboden worden. Ook kan het hof dan HDP-leden het recht ontnemen zich verkiesbaar te stellen.

Europol waarschuwt: extreemrechts bezig met online opmars

0

De dreiging van extreemrechts blijft groeien in Europa, waarschuwde Europol gisteren. Tijdens een anti-terreuractie van de Europese politiedienst zijn meer dan achthonderd gewelddadige of terroristische berichten op internet gevonden.

Europol organiseerde donderdag een gecoördineerde actiedag tegen zulke propaganda, waarbij Nederland en dertien andere Europese landen betrokken waren. Er werden 831 items gevonden op 34 websites, zoals extreemrechtse manifesten of berichten waarin extreemrechtse terroristische aanslagen worden verheerlijkt.

Dit soort inhoud kan lone wolves inspireren om zelf een terreuraanslag te plegen, waarschuwt Europol. ‘Terroristische actoren hebben in hun manifesten gewezen op de cruciale rol van online propaganda in het radicaliseringsproces. Dit laat zien hoe misbruik van internet een belangrijk aspect blijft van gewelddadige rechtse radicalisering en rekrutering.’

Recente aanslagen baren de Europese wetshandhavingsinstantie grote zorgen. In juni werden tien mensen doodgeschoten in een Amerikaanse supermarkt. De schutter was online geradicaliseerd en liet zich inspireren door de aanslag op Nieuw-Zeelandse moskeeën in 2019 waarbij 51 mensen om het leven kwamen. Er wordt aangenomen dat de schutter die eerder dit jaar twee mensen buiten een Slowaakse homobar doodde ook online geradicaliseerd was.

Volgens Europol maken de daders van verschillende extreemrechtse aanslagen deel uit van ’transnationale online gemeenschappen’ en laten zij  ‘zich inspireren door andere gewelddadige rechtsextremisten en terroristen’.

Europol heeft online platforms geadviseerd om strenger op te treden tegen extreemrechtse inhoud, ook om extremistisch misbruik in de toekomst te voorkomen.

Arabieren hekelen ‘racistische’ opmerkingen over Messi’s mantel

0

Er was de afgelopen dagen nogal wat westers racisme merkbaar vanwege de speciale mantel die Lionel Messi droeg tijdens de uitreiking van de wereldbeker. Althans, dat zeggen veel Arabische socialmediagebruikers.

De emir van Qatar overhandigde de mantel zondag aan de Argentijnse voetballer, vlak voor de uitreiking van de wereldbeker die Messi vervolgens omhoog mocht houden.

Veel westerse verslaggevers en kijkers reageerden met verbazing. De Britse krant the Telegraph beschouwde het gebaar als een ‘bizarre daad die het grootste moment in de WK-geschiedenis verpestte’. Op de Franse tv keek een commentator met verbazing toe hoe Messi deze ‘badjas’ aandeed.

Ook in Nederland was veel kritiek op de mantel te lezen. Als het toernooi in Nederland was, zegt een twitteraar, zou Messi dan ook ‘op klompen de wereldcup omhoog tillen’?

Veel Arabische socialmediagebruikers noemen deze kritiek racistisch, meldt nieuwswebsite the New Arab. Het gaat om een bisht: een mantel gemaakt van licht materiaal, met stiksels van – soms – echt goud. Deze wordt gedragen door topambtenaren en personen met een hoge status en juist bedoeld om Messi te eren, zeggen ze.

Zo twittert Muna Abu Sulayman, een Saoedisch-Amerikaanse zakenvrouw en activist: ‘Om te zeggen dat het de ceremonie verpestte, is simpelweg racistisch. Stel je voor dat Messi de kimono had gekregen, een Brits riddergewaad of een Afrikaanse hoed. Niemand zou een woord hebben geschreven.’

Veel moslims zijn al langer boos over de ‘racistische’ en ‘islamofobe’ verslaglegging van het WK door westerse media. Die zouden extra kritisch zijn op Qatar omdat het een moslimland is.

‘Het bespreken van seksueel misbruik is taboe in de Marokkaanse cultuur’

Youssra Zouaghi-De Boer (31) werd in haar jeugd misbruikt door meerdere daders in de familie. Dit bespreekbaar maken, daarop rust nogal een taboe in het Marokkaanse milieu waar ze uit komt. Ze schreef er een boek over. ‘Mijn moeder is een dochter van de eerste generatie. Ze sprak nergens over en ze wist niet beter.’

‘Het is jouw schuld niet. Praat erover, ga hulp zoeken. Onverwerkt leed kan veel ellende veroorzaken.’ Dit zijn de waarschuwende woorden van Zouaghi-De Boer (31). Als jong meisje is ze seksueel misbruikt en daar schreef ze een boek over: Bevrijd van zwijgplicht.

Zouaghi-De Boer heeft haar verhaal opgeschreven om therapeutische redenen en om andere slachtoffers van seksueel misbruik te helpen. Ze vindt het pijnlijk als mensen denken dat haar boek een vorm van aandachttrekkerij is. Ze heeft juist erg getwijfeld of ze dit boek wel zou uitgeven. Toch heeft ze deze stap gezet. Wel zijn op aanraden van haar uitgever alle namen veranderd en koos ze voor zichzelf de naam ‘Afra’, wat geluk betekent.

In Bevrijd van zwijgplicht beschrijft ze de eerste jaren van een Marokkaans-Nederlands gezin in Almere met grote problemen. De moeder wordt op vijftienjarige leeftijd uitgehuwelijkt aan een zeer gewelddadige, aan heroïne verslaafde man. Nog geen jaar later wordt Afra geboren. Later komt daar nog een broertje bij, een lief jongetje dat meervoudig gehandicapt is. De vader verdwijnt  – gelukkig – algauw van het toneel, vanwege een gevangenisstraf in het buitenland. Een rustige tijd breekt aan, totdat de moeder in de problemen raakt en niet meer voor haar kinderen kan zorgen. Enige tijd woont Afra samen met haar broertje bij een vriend van haar moeder. Totdat haar vader vrij komt en zij en haar broertje bij hem gaan wonen. Dan breekt de hel pas echt los.

Haar vader maakt direct duidelijk dat vrouwen geen rechten hebben. Hij behandelt zijn dochter als sloof en verwaarloost haar. Ze is vaak te laat op school, omdat ze voor haar broertje moet zorgen. Regelmatig is er geen eten in huis.

Als ze in groep 3 zit, krijgt Afra van school een briefje mee, omdat ze niet fris ruikt en haar haren niet netjes zitten. Ze durft deze brief niet aan haar vader te geven, want ze is bang dat hij haar zal slaan. In groep 5 is er juf Sabrina, een juf die ze echt vertrouwt. Als ze op een dag thuis een zakje met poeder vindt, neemt ze het mee naar school. Juf Sabrina schrikt als ze de drugs ziet en zegt dat Afra dit thuis snel moet terugleggen, omdat haar vader anders vast heel boos wordt.

Seksueel misbruik 

Op achtjarige leeftijd wordt ze misbruikt door haar oom Youssef. Hoewel ze vreselijk bang voor haar vader is, besluit ze hem te vertellen wat is voorgevallen. Haar vader blijkt vooral bezorgd over haar eer, of ze nog maagd is. Hij lijkt zich minder druk te maken over het gedrag van zijn neef. Toch besluit hij om aangifte te doen.

‘Toen was hij voor heel even een beschermende vader’, vertelt Zouaghi-De Boer aan de Kanttekening. ‘De politie heeft met mijn oom gepraat, maar die ontkende alles. Daarmee was de zaak gesloten, ik heb hem daarna nooit meer gezien.’

Enige tijd later komt haar grootvader, die in Marokko woont, een tijdje op bezoek bij zijn zoon in Nederland. Eerst vindt Afra dat gezellig, totdat hij tot haar schrik met zijn hand in haar onderbroekje zit. Hij antwoordt dat alle opa’s dat doen. Ze vertelt het aan een tante, maar zij barst in woede uit:

‘Hoe durf je zo over mijn vader te praten!’ roept ze boos. ‘Maar het is echt waar,’ jammer ik. Ze wil het niet horen en geeft mij een klap in mijn gezicht. ‘Waag het niet dit aan iemand anders te vertellen. Je zegt niets, tegen niemand, hoor je me?’ roept ze vol nijd. Ze loopt weg en ik blijf verslagen in de badkamer achter.’

‘Misschien was alles anders gelopen als ik het als eerste aan iemand anders had verteld, bijvoorbeeld aan een docent op school’, zegt Zouaghi-De Boer. ‘Ik denk dat mijn tante schrok van wat ik zei en het niet wilde geloven.’

‘Ik heb mij afgevraagd of ik was misbruikt omdat ik Marokkaanse ben. Maar dat is niet zo. Incest komt in alle culturen voor’

Ze komt uit een omgeving waar niet over seks mocht worden gesproken. ‘Ook het bespreken van incest en seksueel misbruik is taboe in de Marokkaanse cultuur’, vertelt ze. ‘Ik heb mij af en toe afgevraagd of ik was misbruikt omdat ik Marokkaanse ben. Maar dat is niet zo. Incest komt in alle culturen voor.’

Afra gaat vervolgens weer bij haar moeder wonen. Als ze bijna twaalf is, wordt ze opnieuw slachtoffer van seksueel misbruik. Een kennis van haar moeder wil meer dan alleen Afra betasten. Terwijl haar moeder ‘s nachts ligt te slapen, moet Afra met hem naar beneden.

‘In ons nieuwe huis, waar nog altijd geen meubels staan, moet ik op de grond gaan liggen. Hij trekt mijn onderbroekje, gekocht op de kinderafdeling van de Hema, naar beneden.

‘Ik zit nu helemaal in je, hè,’ hijgt hij terwijl ik versteend op de vloer ligt. Ik ril en schaam me enorm.’

Het blijft niet bij deze ene verkrachting. Ze wordt regelmatig door hem verkracht. Afra voelt zich hierdoor vergeten en onzichtbaar.

‘Waarom heeft niemand door wat er gebeurt? Waarom redt niemand mij? Ik ben het niet waard om gered te worden, denk ik. En God dan, vraagt het stemmetje in mijn hoofd? Nou, God had al een hekel aan mij, maar nu natuurlijk al helemaal. Waarom zou hij een meisje dat haar maagdelijkheid kwijt is, willen redden?’

Uiteindelijk ontdekt haar moeder wat er aan de hand is. Ze wil verhaal halen bij de dader. ‘Ze had hem willen vermoorden, maar een vriendin houdt haar tegen’, vertelt Afra. Tot op de dag van vandaag is de relatie met haar moeder heel kwetsbaar. Over de verkrachtingen destijds is weinig gesproken. ‘Mijn moeder is een dochter van de eerste generatie. Ze sprak nergens over en ze wist niet beter.’

Jeugdzorg

Toen Zouaghi-De Boer nog bij haar vader woonde, kwamen er altijd twee vrouwen van Jeugdzorg over de vloer, in verband met haar gehandicapte broertje. Die afspraken waren altijd gepland, dus dan zorgde haar vader dat alles schoon was en dat er gekookt werd.

‘Diezelfde twee dames zijn een keer bij me op school geweest, maar ik durfde niets te zeggen uit angst voor klappen van mijn vader. Dus ik zei maar dat alles thuis in orde was. Als ze hadden beloofd dat ik niet meer thuis terug hoefde te zijn, dan had ik waarschijnlijk wel gepraat. Er is ook een keer iemand van Jeugdzorg onverwacht gekomen, toen mijn vader niet thuis was. Ik heb diegene toen binnengelaten. Ik was aan het koken, schoonmaken en voor mijn broertje aan het zorgen, net als altijd. Mijn vader was woest toen ik het later vertelde. Hij kon het zich niet permitteren dat mijn broertje en ik bij hem weggehaald zouden worden, want dan raakte hij zijn verblijfsvergunning kwijt.’

Toen Zouaghi-De Boer en haar broertje bij hun moeder gingen wonen, is hij met een Nederlandse vrouw getrouwd. Pas toen deze vrouw, als gevolg van zijn mishandelingen, in het ziekenhuis belandde, werd Jeugdzorg wakker geschud.

‘Ik snap niet dat politie en Jeugdzorg niet eerder hebben ingegrepen’, zegt ze. ‘Maar naar aanleiding van mijn boek heeft Jeugdzorg mij uitgenodigd voor een gesprek. Er wordt iemand gezocht die wil praten over wat is misgegaan. Ik heb nog niet besloten wat ik ga doen.’

De Boer-Zouaghi benadrukt dat haar boek geen verwijt richting Jeugdzorg is. Het gaat er haar om dit verhaal te vertellen, zodat andere slachtoffers van seksueel misbruik weten wat ze kunnen doen.

Inmiddels is ze getrouwd en heeft ze haar eerste kindje gekregen. Ze bleek aan post-traumatische stress te lijden. ‘Maar een flinke tijd therapie, yoga, steun van mijn onvolprezen partner, de liefde van mijn gezin én alles opschrijven, hebben mij de rust en kracht gebracht die ik nodig had.’

Het taboe op praten over seks heeft misbruik in de hand gewerkt, vindt ze. Daarom geeft ze aan haar kinderen mee dat niemand aan hen mag zitten – en andersom. ‘De allerbelangrijkste zaken die ik mijn kinderen wil geven zijn liefde, veiligheid, structuur en regelmaat. Dat zijn precies die zaken die ik zelf niet heb ervaren.’

Jeugdzorg wil niet reageren op deze zaak, die ruim twintig jaar oud is. ‘Jeugdzorg Nederland is een overkoepelende organisatie en niet het juiste adres voor dergelijke vragen.’ Deze vragen moeten worden gesteld aan de desbetreffende gemeente, maar die is inmiddels opgegaan in een andere gemeente. Een voorlichter vertelt dat de zaak lastig te achterhalen is. Bovendien viel alles wat met Jeugdzorg te maken had destijds rechtstreeks onder het Rijk en niet onder de gemeente.

Erdogan: veroordeling burgemeester Istanbul is niet definitief

0

De Turkse president Erdogan heeft dit weekend voor eerst gereageerd op de veroordeling van Ekrem Imamoglu, de populaire burgemeester van Istanbul en genoemd als mogelijke tegenstrever van Erdogan bij de volgende verkiezingen.

Imamoglu, lid van de seculiere oppositiepartij CHP, werd vorige week veroordeeld tot 2,5 jaar. Dit, vanwege ‘belediging van de Hoge Kiesraad’. Ook kreeg hij een politiek beroepsverbod. Imamoglu ontkent de aantijgingen en gaat in hoger beroep.

‘Het oordeel is niet definitief, de gehele gerechtelijke procedure moet afgewacht worden,’ zei Erdogan dit weekend, meldt de Turkse nieuwssite Turkish Minute. ‘Volgens onze grondwet voeren rechters hun taak onafhankelijk uit,’ zei hij erbij. Mensenrechtenorganisaties menen juist dat onder Erdogans bewind de rechterlijke macht zijn onafhankelijkheid is ontdaan.

Critici denken dat de zaak-Imamoglu een nieuwe stap is in de machtsconsolidatie van Erdogan en zijn AKP-partij. Imamoglu zou zijn veroordeeld omdat Erdogan dit seculiere kopstuk maar al te erg vreest. Human Rights Watch noemde de celstraf voor Imamoglu al een ‘politieke veroordeling, bedoeld om ‘belangrijke oppositieleden buitenspel te zetten of het zwijgen op te leggen’.

Imamoglu werd genoemd als mogelijke presidentskandidaat die het tegen Erdogan moet opnemen. Hij versloeg bij de lokale verkiezingen in 2019 Erdogans partij AKP in Istanbul en geldt sindsdien als boegbeeld van de oppositie.

De populaire burgemeester wordt nu beschuldigd van het beledigen van de kiescommissie in 2019, nadat die de verkiezingen in Istanbul in eerste instantie ongeldig had verklaard. ‘Degenen die de verkiezingen hebben geannuleerd zijn idioten’, had Imamoglu gezegd. Volgens Imamoglu zelf reageerde hij niet op de kiescommissie, maar op de minister van Binnenlandse Zaken, die Imamoglu op zijn beurt had uitgemaakt voor idioot.

Watertekort dreigt Syrische cholera-uitbraak te versterken

0

In de noordwestelijke provincie Idlib in Syrië is een groot tekort aan water ontstaan. Daardoor dreigt de situatie in het door cholera getroffen gebied te verslechteren, meldt de nieuwssite al Monitor.

De organisatie GOAL verzorgt sinds 2012 de watervoorziening in Idlib, maar is daar inmiddels mee opgehouden omdat Syrië de financiële steun daarvoor stopt.

De jarenlange burgeroorlog in Syrië zorgt dat slechts 50 procent van de water- en sanitaire voorzieningen functioneert. Door het tekort aan water raken gewassen beschadigd, is de economie instabiel en heerst nu cholera.

Syrië startte op 4 december een vaccinatiecampagne tegen cholera. Doordat GOAL is gestopt met de watervoorziening, dreigt de situatie verder te verslechteren.

GOAL heeft volgens de gemeenteraad van de stad Armanaz vijf maanden geleden aangegeven dat de steun voor waterstations eind oktober zou stoppen. De voorzitter van de gemeenteraad stelt dat mensen als gevolg hiervan een watertank van vijfduizend liter moeten kopen. De kosten daarvan zijn ongeveer acht dollar. Volgens de directeur gaat dit veel gezinnen treffen met lage inkomstenbronnen.

Palestijnse broers ‘doelbewust vermoord’ door Israëlische kolonist

0

Afgelopen weekend heeft een Israëlische kolonist de Palestijnse broers Mohammad en Muhannad Yousef Muteir doodgereden. De twee waren op dat moment een kapotte autoband aan het vervangen. Volgens lokale ooggetuigen gaat het om een doelbewuste actie, meldt Middle East Eye.

De broers, beiden dertigers, stonden in Nablus geparkeerd aan de kant van de weg toen de vijftigjarige Israëlische man op hen inreed. Mohammed Muteir was op slag dood, terwijl Muhannad in het ziekenhuis stierf aan zijn verwondingen.

De Palestijnse politicus Mohammed Shtayyeh spreekt van een ‘verschrikkelijke misdaad’. Volgens Palestijnse bronnen waren de twee broers bij hun familie op bezoek in Nablus in de bezette Westelijke Jordaanoever, ter voorbereiding van de bruiloft van hun zus aanstaande vrijdag.

In het vluchtelingenkamp Qalandia, waar de broers woonden, is een algemene staking afgekondigd voor zondag. Volgens het Palestijnse bestuur in Qalandia heeft de kolonist ‘met opzet’ op de broers ingereden. De Palestijnse politicus Hanan Ashrawi noemt het incident ‘een hit and run-moord’. ‘Nog meer Israëlische misdaden die ongestraft blijven’, voegt ze toe.

Vorige week werd ook al een Palestijns meisje van zestien doodgeschoten tijdens een Israëlische ‘anti-terreurinval’ in Jenin. De VS hebben Israël opgeroepen ‘rekenschap te geven’ voor de dood van het meisje, meldt Middle East Eye.

Het Israëlische geweld tegen Palestijnen bij zulke invallen is dit jaar geëscaleerd. Met 218 dodelijke Palestijnse slachtoffers is 2022 het dodelijkste jaar voor Palestijnen sinds 2005.