10.3 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 486

Turkije wil meer uitleveringen zien van Zweden

0

Turkije wil dat Zweden meer concessies doet aan Turkije om toe te mogen treden tot de NAVO. Ook nadat Zweden onlangs de Koerdische Mahmut Tat heeft uitgeleverd vanwege vermeende banden met de PKK.

De uitlevering van Tat is volgens de Turkse justitieminister Bekir Bozdag een ‘goede start’, maar nog niet genoeg voor Zweeds NAVO-lidmaatschap. Het parlement van Turkije, dat als NAVO-lid vetorecht heeft, moet lidmaatschap nog altijd goedkeuren, maar wil eerst meer concessies van de Zweden.

‘We hopen dat nieuwe uitleveringen zullen volgen, dat zou hun oprechtheid en goede wil tonen’, aldus Bozdag.

Tat had in 2015 asiel aangevraagd, nadat hij in Turkije tot een gevangenisstraf van zes jaar en 10 maanden was veroordeeld voor banden met de Koerdische militante beweging PKK, die door Turkije, maar ook de EU en de NAVO als ‘terreurorganisatie’ wordt beschouwd.

Maar Bozdag wil meer zien: ‘In lijn met het trilaterale memorandum met Zweden en Finland, moeten ze ook alle wapenembargo’s tegen Turkije opheffen, hun anti-terrorisme wetgeving veranderen, en alle terroristen uitleveren die Turkije uitgeleverd wil zien, aldus Bozdag.

Daarmee doelt Bozdag ook op mensen die worden geassocieerd met de Gülenbeweging, waaronder journalist Bülent Kenes. Hij wordt door Turkije medeverantwoordelijk gehouden voor de couppoging en als ‘terrorist’ beschouwd. Erdogan heeft expliciet om zijn uitlevering gevraagd.

Zweden en Finland willen sinds de Russische invasie in Oekraïne bij de NAVO, maar lopen tegen Turkse bezwaren aan. Turkije zegt dat de twee landen PKK-militanten en andere groepen onderdak verleent.

Nieuwe moskee in Zoetermeer – na 10 jaar wachten

0

Vandaag gaan de eerste heipalen van het Islamitisch Centrum Zoetermeer de grond in. De plaatselijke islamitische gemeenschap heeft tien jaar moeten wachten tot het bouwplan definitief werd gerealiseerd, meldt Omroep West.

De stad kent vier moskeeën, maar de wijk Oosterheem nog niet. De moskee is ontworpen door het Amsterdamse architectenbureau Dutch Architect en zal een modern en duurzaam gebouw worden zonder minaretten, aldus de moskee zelf. Er zullen maximaal tweehonderd bezoekers kunnen komen.

Nadat bewoners in 2018 het plan opvingen, kwam er bezwaar. Men was bezorgd om de parkeerruimte in de buurt van de moskee en dat het uitzicht van de bewoners minder zou worden. Ook was er zorg om geluidsoverlast door luidsprekers en ‘ongeoorloofde staatssteun’.

De rechter gaf uiteindelijk de tegenstanders geen gelijk; er werd geld voor de moskee opgehaald door middel van crowdfunding.

Antiracisme-prijs voor Harry en Meghan

0

Gisteren hebben de Britse prins Harry en Meghan Markle een antiracisme-award ontvangen in New York.

De twee bezochten het Ripple of Hope Gala, georganiseerd door de Robert F. Kennedy Foundation, dat leiders in het zonnetje zet die zich inzetten voor sociale verandering.

Volgens de Foundation hebben Harry en Meghan ‘prioriteit gegeven aan rechtvaardigheid, inclusiviteit en duurzaamheid op hun werkplek en in de wereld’.

Eerder wonnen onder meer Barack Obama en Hillary Clinton de prijs.

Harry en Meghan wonnen de prijs een dag nadat Netflix de trailer voor de documentaire Harry & Meghan online zette. Daarin heeft Harry kritiek op zijn koninklijke familieleden. Zij zouden verhalen over zijn leven met Meghan hebben gelekt om de ‘oorlog van de familie tegen Meghan’ te steunen.

Vorig jaar maart onthulden Harry en Meghan bij Oprah Winfrey dat een ongenoemd lid van de koninklijke familie – niet koningin Elizabeth en ook niet prins Philip – een racistische opmerking zou hebben gemaakt over hun zoon. Meghan zou daarna zelfmoordgedachten hebben gekregen.

‘Saoedische kroonprins claimt leiderschap Midden-Oosten’

0

Vrijdag vindt een belangrijke internationale top plaats in Saoedi-Arabië, waarvoor China en veel Arabische landen zijn uitgenodigd. De Saoedische kroonprins Mohammed Bin Salman probeert het leiderschap in het Midden-Oosten op zich te nemen, schrijft het internationale persbureau Reuters.

Bin Salman kwam onder vuur te liggen vanwege de gruwelijke moord op journalist Jamal Khashoggi in 2018, maar nu heeft de kroonprins een comeback gemaakt. En door de banden met China aan te halen wordt het koninkrijk minder afhankelijk van de Verenigde Staten. Nu al is het koninkrijk de belangrijkste olieleverancier van China.

Het bezoek van de Chinese leider Xi Jinping naar Saoedi-Arabië, die vandaag al aankomt in het koninkrijk, komt op een moment dat de Saoedisch-Amerikaanse betrekkingen op een dieptepunt staan. Ook is er veel onzekerheid op de wereldwijde energiemarkten vanwege de oorlog in Oekraïne en maakt Washington zich zorgen over de groeiende invloed van China in het Midden-Oosten.

De internationale top is ook voor binnenlandse consumptie bedoeld, zegt geopolitiek analist Jonathan Fulton. ‘Misschien stuurt Bin Salman ook signalen naar de VS, maar… hij maakt zich meer zorgen over wat de mensen in het koninkrijk denken.’

De kroonprins wil graag overkomen als een sterke leider en laten zien dat Saoedi-Arabië een belangrijke internationale speler is, die serieus wordt genomen door de wereldmachten.

Religie verteer je niet

0

Niet-gelovigen, die in sommige gevallen een zondag of twee als kind meegesleurd werden naar de kerk, vragen me weleens of de islam hetzelfde lot als dat van het christendom in het Westen zal hebben. In sha Allah, antwoord ik dan grinnikend, met Gods wil. Alsof ik er verstand van heb. En sowieso zou elke voorspelling slechts wat over mij zeggen.

Immers: wie preekt over de toekomst, heeft het over zichzelf, vermoed ik. Want een voorspelling behelst eigen wensen of dromen, is altijd gebaseerd op je eigen verhaal, kennis of omgeving. Maar, omdat ik graag en vaak met anderen spreek over geloofsbeleving, is het begrijpelijk dat die vraag ter sprake komt. Al klinkt in die vraag wel altijd een gebedje, namelijk dat ook moslims het licht zullen zien en dus van hun religie zullen afvallen.

Voor mij is religie een zoektocht. Al neem ik het mezelf kwalijk dat ik zoek. Ik ben namelijk geboren in een rechtschapen islamitisch nest en leerde daarna van de oudere jongens op de speeltuin het een en ander over geloven. Alleen: ik wilde niet voor lief nemen wat me was geschonken. Dat mijn moeder – mijn vader had een ijzeren vuist en was afwezig in mijn leven – en daarom oudere zussen en broer moslim zijn, maakte niet dat ik evenzeer moslim wilde zijn. Enerzijds had ik de wens om mijn eigen identiteit vorm te geven, anderzijds wilde ik zelf kiezen voor Allah.

Enerzijds wilde ik mijn eigen identiteit vormgeven, anderzijds wilde ik zelf kiezen voor Allah

Daarom bezocht ik een tijdje een christelijke jongerenclub bij mij in de Haagse Schilderswijk. Om kennis op te doen en het christendom als de waarheid al dan niet uit te sluiten. Die club werd door vier en soms vijf andere jongeren bezocht. We aten chips, dronken wat, vertelden hoe onze week was en de begeleider las voor uit de Bijbel, waar we weinig van begrepen maar wel over discussieerden; hij vertelde over Jezus en dan weer over God en bad voor ons en de rest van de wijk.

Slechts als ik zelf zou kiezen om te geloven, vanaf nul, zo dacht ik, zou ik zuivere intenties hebben. En als er iets is dat God belangrijk vindt, dan zijn het zuivere intenties, nietwaar?

Als ik het überhaupt aandurfde om met andere moslims te spreken over mijn twijfels, dan gaven ze aan dat zij die vreemd vonden. Sommigen zeiden zelfs dat het zomaar waswas, duivelse influisteringen, zouden kunnen zijn. En ik werd alvast gewaarschuwd: wie religie verlaat, heeft altijd te weinig gebeden, gesmeekt en kennis opgedaan. Wee je gebeente: twijfel is dus niet de motor van kennis.

Voor de duidelijkheid: ik ben geen afvallige – ik zou niet eens durven. Sterker nog: ik denk dat ik nooit meer niet zou kunnen geloven. De ideeën over goed en kwaad zijn hardnekkig. En misschien zijn het inderdaad duivelse influisteringen, toch? Religie schud je niet van je af, verteer je niet, je scheidt het niet uit. Bovendien, als je denkt niet meer te geloven, ben je er nog veel meer mee bezig.

Bunschoten: racistische ‘Sinterklaas’ geeft zichzelf aan bij politie

0

In Bunschoten heeft een man (49) zichzelf bij de politie aangegeven, nadat hij in een video uitgedost als Sinterklaas opriep tot geweld tegen een gekleurde man die ‘het kinderfeest verpest’.

De man gaf zichzelf gisteren aan, maakte de lokale politie vanmiddag bekend. De man wordt verdacht van opruiing, meldt AD Amersfoort.

De video is gemaakt na een geweldincident op zaterdag. In het centrum van Bunschoten liep het uit de hand toen er een Sinterklaasfeest – in Bunschoten nog met Zwarte Pieten – bezig was.

Een twintigjarige man, afkomstig uit Rotterdam, werd door een bezoeker uitgescholden voor ‘Zwarte Piet’. Dit liep uit in een woordenwisseling en uiteindelijk een fysieke confrontatie.

Een 59-jarige vrouw en 62-jarige man uit het naburige Amersfoort raakten hierbij gewond en moesten naar het ziekenhuis. De Rotterdamse man is op verdenking van het plegen van geweld aangehouden.

In de video vraagt ‘Sinterklaas’ om deze ‘smerige zwarte bloedhond af te leveren’. ’Je mag alles met hem doen wat je wil. Laat geen haar van hem heel.’ De video is lokaal veel gedeeld.

Kort nadat de video zaterdag online kwam, was de verspreider (56) al aangehouden door de politie.

Al Jazeera naar Strafhof om dood journalist: ‘Israëlische oorlogsmisdaad’

0

Al Jazeera stapt naar het Internationaal Strafhof in Den Haag. De Arabische nieuwszender wil een strafrechtelijk onderzoek naar de dood van Jazeera-journalist Shireen Abu Akleh door een Israëlische soldaat.

Abu Akleh versloeg op in mei een ‘anti-terrorismeactie’ door het Israëlische leger op de bezette Westelijke Jordaanoever, toen zij werd getroffen door een kogel. Eerst ontkende Israël betrokkenheid, maar na aanhoudende kritiek verklaarde het leger dat de Palestijnse Abu Akleh waarschijnlijk was gedood door een Israëlische soldaat – wel per ongeluk. Daarom startte Israël geen strafrechtelijk onderzoek. Abu Akleh’s familie stapte daarop naar het Strafhof. Al Jazeera zet die stap nu ook.

Volgens de nieuwszender gaat het om een oorlogsmisdaad vanuit Israëlische zijde. Al Jazeera kan Israël niet zelf aanklagen. Maar de omroep kan wel een zaak aan het strafhof voorleggen. Een openbaar aanklager aan het strafhof kan de zaak dan overnemen.

Tijdens een persconferentie in het Haagse Marriott Hotel vertelt advocaat Cameron Doley (foto, rechts), die al Jazeera juridisch bijstaat, dat ze veel nieuw bewijs hebben dat Shireen Abu Akleh opzettelijk is vermoord. Israël zou al Jazeera tot zwijgen zou willen brengen. Daarom moeten degenen die verantwoordelijk zijn voor haar moord rekenschap afleggen.

Collega-advocaat Rodney Dixon (foto, midden) vervolgt: ‘Deze zaak moet prioriteit krijgen en zo snel mogelijk worden opgepakt door het Internationaal Strafhof.’ Het is nog niet bekend of het hof de zaak in behandeling zal nemen.

Al Jazeera wil niet alleen de militair wil vervolgen die het fatale schot heeft gelost, maar ook zijn bazen. Dixon: ‘Niet alleen de militair die schoot is verantwoordelijk, maar ook zijn leidinggevenden.’

Het is niet de eerste keer dat al Jazeera door Israël is aangevallen, vervolgt Dixon. Vorig jaar mei bombardeerde Israël het kantoor van al Jazeera in de Gazastrook. Ook zijn journalisten van de Arabische zender door Israël gemarteld.

‘De moord op Shireen past in een breder patroon van Israël, om al Jazeera de mond te snoeren, om de waarheid het zwijgen op te leggen. De moord op haar past in een wijdverspreide en systematische campagne.’

Antoine Bernard van persvrijheidswaakhond Reporters Without Borders (RSF) beaamt dit: ‘Het Israëlische leger maakt journalisten doelbewust tot doelwit. Het Israëlische leger zal dit blijven doen, als het recht niet zegeviert.’

Frane Maroevic van het International Press Institute: ‘Er zijn achttien Palestijnse journalisten vermoord door Israël in de laatste twintig jaar. Nog veel meer zijn bedreigd, aangevallen, enzovoort.’

Lina Abu Akleh, het nichtje van Shireen, is ook aanwezig (foto, links). ‘Mijn familie weet nog steeds niet wie het fatale schot afvuurde en welke commandanten verantwoordelijk zijn voor de dood van mijn tante’, vertelt ze. ‘Maar Israël wil de zaak niet onderzoeken. Israëlische soldaten worden bijna nooit ter verantwoording geroepen. Dit zorgt voor straffeloosheid. Daarom is het de verantwoordelijkheid van de internationale gemeenschap om tot vervolging over te gaan. Het gaat hier om oorlogsmisdaden.’

Journalist Walid Omery, directeur van al Jazeera in Jeruzalem, vertelt dat Shireen een vest droeg met daarop de tekst ‘press’. Iedereen kon dat zien, aldus Omery. ‘Als we zeggen: ‘Gerechtigheid voor Shireen’, dan bedoelen we: ‘Bescherm journalisten.’ Het gaat niet om het geweld van die soldaat alleen, het gaat om het Israëlische beleid tegen journalisten.’ Israël vermoordde Shireen Abu Akleh eigenlijk zelfs twee keer, aldus Omery. De tweede keer was tijdens haar begrafenis, toen de Israëlische politie de begrafenisstoet aanviel.

Er zijn verschillende manieren om te achterhalen wie er allemaal betrokken zijn bij de moord op Shireen Abu Akleh, aldus advocaat Dixon. ‘Zo is het mogelijk om via de nummerborden van de militaire voertuigen de eenheden te achterhalen, en zo ook de militaire commandanten.’

Dixon wijst weer op het principe van ‘superieure verantwoordelijkheid’: het Israëlische leger heeft de plicht om deze moord goed te onderzoeken. ‘Dat Israël dit principe negeert, is een schending van het internationaal humanitair recht. Superieure verantwoordelijkheid staat niet in de wetboeken van alle landen, maar het is wel internationale wetgeving. Dat zet aanklagers hopelijk tot actie aan.’

Israël erkent het International Strafhof niet, maar dat is volgens Dixon geen probleem. Hij antwoordt dat door het strafhof veroordeelde misdaders kunnen worden opgepakt en vervolgd in landen die het hof wel erkennen. ‘Op die manier heeft het Internationaal Strafhof in het verleden hooggeplaatste oorlogsmisdadigers toch te pakken gekregen.’

Israël reageert dat het een eventueel strafrechtelijk onderzoek naar de dood van Shireen Abu Akleh niet zal accepteren. Lina Abu Akleh: ‘We verwachten niet dat Israël zal meewerken aan dit onderzoek.’ Bernard van RSF: ‘De Israëlische reactie bewijst dat een onpartijdig onderzoek nodig is.’

Slachtoffer Griekse pushback: ‘Ik dacht dat we afgeschoten zouden worden’

0

De NGO #StopPushbacks vroeg gisteravond in gezelschap van journalisten, artiesten en Turkse vluchtelingen aandacht voor de ‘aanhoudende deportaties’ naar Turkije. Hoewel Griekenland deze praktijk ontkent, worden veel aangekomen migranten wel degelijk terug richting Turkije geduwd. Volgens de aanwezige sprekers zijn deze pushbacks nu gewelddadiger dan ooit, maar kijken de Europese politiek en media goeddeels weg.

De avond in Brussel, symbolisch gehouden in de Europakapel in het midden van de Europese Wijk, wordt geleid door de Turks-Belgische Ugur Tok. Deze academicus en mensenrechtenactivist wordt door Turkije vervolgd omdat hij zou sympathiseren met de Gülenbeweging.

Veel (vermeende) Gülen-sympathisanten vluchten van Turkije naar het Europese vasteland, omdat Erdogan hen de schuld geeft van de mislukte couppoging van 2016. Ook zij zijn vaak slachtoffer van pushbacks. En wat extra desastreus is voor vermeende Gülen-sympathisanten, activistische Koerden en andere Turkse dissidenten die door Griekenland worden teruggeduwd: terug in Turkije belanden zij dikwijls alsnog in de cel.

Als eerst krijgt Alberto Ares (foto, links) het woord. Hij is directeur van een Jezuïtische vluchtelingenorganisatie uit Spanje, die in heel Europa actief is en nu vooral in Oost-Europa. ‘Er moet een nieuw narratief over migranten en vluchtelingen verteld worden. Daar werken we aan’, zegt hij. ‘Pushbacks zijn een grote zaak. Bijna alle grote organisaties hebben hier rapporten over geschreven. Het zijn mensenrechtenschendingen. Iedereen heeft recht op een juiste afhandeling van hun asielaanvraag.’

Dan merkt hij het verschil op met Oekraïners, die ruimhartiger worden opgevangen en door Europese regelgeving ook meteen aan het werk mogen. ‘Daarin is te zien dat het om politieke wil gaat. Wanneer dat er is, is er veel mogelijk.’

Dan is de uit Griekenland ingevlogen journalist Ingeborg Beugel (de Groene Amsterdammer) aan de beurt (foto, rechts). Maar voor wie het nog niet wist, wordt eerst nog de spectaculaire woordenwisseling met de Griekse premier Kyriakos Mitsotakis getoond, die Beugel een jaar geleden tijdens een persconferentie beschuldigde van ‘liegen’ over de pushbacks.

Moderator Tok wil eerst van Beugel weten wie zij is. Is zij een journalist of activist? Beugel doet haar jas uit en gaat er goed voor zitten. ‘Ik ben niet interessant, ik ben gewoon een journalist uit Nederland. Het gaat om wat daar gebeurt met de pushbacks’, begint ze.

‘En die hele schijntegenstelling tussen journalistiek en activisme kan mijn rug op’, merkt ze vervolgens op. Ze haalt de Filipijnse journalist en Nobelprijswinnaar Maria Ressa aan: ‘In de strijd voor feiten en de waarheid is journalistiek activisme’.

Beugel: ‘We spreken de waarheid tegenover de machthebbers. Dat is onze business.’

Ze vervolgt: ‘Deze clash met de Griekse premier van november 2021 kwam na bijna twee jaar aan leugens over de pushbacks die vanaf begin 2020 steeds meer toenamen.’ Turkije gooide toen de grenzen open, om Europa te bewegen tot steun in een conflict tussen Turkije en het Assad-regime in het Syrische Idlib.

Dan stelt ze aan het publiek een vraag: ‘Weten jullie wat pushbacks zijn?’ Ze staat op en begint te vertellen hoe een pushback van A tot Z eruit ziet. Ze vertelt over de Griekse kustwachten die ‘heel sjiek gekleed zijn’. En daartegenover plaatst ze de overvolle vluchtelingenkampen op Lesbos en Samos. ‘Waar vrouwen, zwangere vrouwen en kinderen elke dag de doodsangsten uitstaan.’

‘Pushbacks zijn een schending van alle internationale verdragen. Absoluut crimineel’

Beugel: ‘Pushbacks zijn een gecoördineerde actie vanuit Griekenland, waar migrantenboten worden getraceerd, de motoren worden kapotgemaakt en de boten weer worden teruggestuurd naar Turkije. En op land gebeurt dit door gewapende mensen, die helemaal in het zwart zijn gekleed. Dit is een schending van alle internationale verdragen die Griekenland en de EU hebben getekend. Het is absoluut crimineel.’

Beugel zegt vol verbijstering dat het is alsof de leden van de Griekse kustwacht begin 2020 ‘in één dag tot monsters zijn veranderd’.

‘Het is een diep vernederende en traumatiserende ervaring, waarbij alles van de vluchtelingen worden afgepakt. Zelfs tot het geld dat ze in hun anus hebben verstopt. Het gebeurt de hele tijd. Onafgebroken. En wij betalen er als Europeanen voor. Ik vraag me echt af wat met al dat gestolen geld en spullen van vluchtelingen gebeurt. Wordt dat door die mannen in het zwart verdeeld?’

Voordat Beugel klaar is, wil ze nog het verhaal van de groepje vluchtelingen vertellen die op een klein rotseiland voor de Turkse vast kwamen te zitten – zonder voedsel en water. Een Syrisch meisje van vijf dat door een schorpioen was gebeten, kwam daarbij om.

‘Journalisten die dit verhaal naar buiten brengen, worden juridisch vervolgd. Het is een uitputtingstactiek tegen ons. Op een gegeven moment zeiden de Grieken zelfs: ‘Het eiland is Turks. Laat henzelf maar helpen.’ Pas na drie weken kwamen er Grieken. Het meisje was toen al overleden.’

In 2015, bij de start van de vluchtelingencrisis, was de hele wereld geschrokken. Maar hoe zit het nu? ‘Pushbacks zijn het nieuwe normaal geworden. De EU-commissie in Brussel is de vuile partij hier. Ze doen helemaal niks.’

Tok vindt het bevreemdend dat Turkije als een veilig land wordt gezien. Hij vraagt speciale aandacht voor Turkse vluchtelingen die ook worden teruggeduwd. ‘Er zijn 80.000 Turken het land uit gevlucht. En duizenden teruggestuurd.’

Een van die gevluchte Turkse pushbackslachtoffers is Hüsniye (foto, midden). Zij werkte op de universiteit, maar is na de couppoging van 2016 haar baan verloren, zoals zoveel mensen die worden gelinkt aan de Gülenbeweging. Hüsniye ontvluchtte Turkije vanwege de ‘rechteloze situatie’

‘Met een rugzak zijn we vertrokken in 2019’, zegt Hüsniye en ze vertelt over de modderige wegen waarop ze liepen om het politiebureau te bereiken voorbij de Evros, de rivier die Turkije scheidt van Griekenland. Een paar honderd meter voordat ze daar aankwamen, werden ze omcirkelt door militaire voertuigen. Er kwamen mannen uit met zwarte uniformen.

Ze werden gearresteerd. Hun telefoons werden afgepakt en moesten ontgrendeld worden – waarschijnlijk om te kijken of er opnames waren gemaakt van de mannen in het zwart. Ze moesten een auto instappen. ‘Dit allemaal terwijl ze ons uitlachten. ‘We vroegen: ‘Waar gaan we heen?’ ‘Dat zien jullie wel’, zeiden ze.’

‘Ze brachten ons naar een bureau op een open terrein. Hier hebben ze ons gefouilleerd. En dat gebeurde op een heel lelijke manier.’

Ze moesten zich uitkleden. Naast iedereen. Daarna werden ze in een busje gestopt en door gewapende mannen in een kniepositie gedwongen voor de rivier, tegenover de Turkse grens. ‘We stonden gebukt. Het leek echt op zo’n moment dat we één voor één afgeschoten zouden worden. Mensen begonnen te schreeuwen. En diegenen die zich verzetten, werden geslagen. Op hun hoofd.’

Dan vertelt Hüsniye over een vrouw die uit de groep werd geselecteerd en werd meegenomen. ‘Ik hoorde haar schreeuwen en gillen. Daarna moest ik mee. Ze wilden me weer fouilleren. Maar ik zei: ‘Raak me niet aan!’ Ik begon te schreeuwen en te huilen.’

‘De bewaker zei: ‘Niet huilen, geef me je geld.’ Hij dreigde met een mes op mijn buik’

Zichtbaar gepijnigd meldt Hüsniye dat de hele reis al een situatie is waarin je je emoties constant in bedwang moet houden. ‘Maar op dat moment dacht ik: ik ga liever dood, dan dat er iets met mij wordt gedaan. De bewaker zei: ‘Niet huilen, geef me je geld.’ Hij dreigde met een mes op mijn buik. Ik heb hem toen het geld gegeven dat ik nog had. En daarna hebben ze ons de rivier in geduwd. We zijn naar de Turkse kant gelopen. En ja, daar begint het Turkse gevaar van het leger en politie. We moesten onopgemerkt weer thuis zien te komen.’

Hüsniye zegt dat ze nog steeds psychologische problemen heeft. Ze waagde pas na een jaar nog een poging. Toen is ze via de Egeïsche Zee gekomen; ze is nu twee jaar in Nederland.

Moderator Tok sluit de avond af: ‘We zien dit allemaal niet in het nieuws. Daarom is het belangrijk om op evenementen als deze bij elkaar te komen. Verdragen, die bindend zijn, worden geschonden. Schendingen zijn strafbaar. En toch gebeurt het. Het is tijd om elk moment te gebruiken om dit te agenderen, zoals de journalist Beugel dat probeert te doen.’

‘Door gedichten te schrijven, leer ik hoe open de Nederlandse cultuur is’

Elke maand gaat de Kanttekening in gesprek met vluchtelingen en statushouders in Nederland. Hoe zijn ze hier gekomen? En hoe hebben zij hun nieuwe leven in Nederland opgebouwd? Deze maand: Osama Alloush (34). Hij ontvluchtte Syrië en belandde in Nederland, waar hij zijn droom om dichter te worden wist te verwezenlijken.

Midden in de oude binnenstad van Zwolle wijst Alloush trots naar de buitenmuur van het stadhuis. Hieraan hangt zijn ingelijste gedicht tussen andere gedichten. ‘Ik ben een schrijver en Nederland heeft mij de kans gegeven om te schrijven wat ik wil en om mijn mening te uiten’, vertelt hij.

Vijf jaar geleden ontvluchtte hij Syrië. Alloush is dichter en werkt bij de gemeente Zwolle als woonbegeleider voor vluchtelingen. Hij is geboren en getogen in Salamiyah, in West-Syrië. Zijn familie komt uit de Ismaïli-gemeenschap, een stroming binnen de sjiitische islam, die een meerderheid vormt in de regio. De rest van Syrië kent een soennitische meerderheid.

‘Mijn familie had het niet breed, waardoor mijn vader overdag en in de avond moest werken. Mijn moeder werkte als docent op een basisschool. Omdat zij haast geen tijd voor hun kinderen hadden, verbleven mijn twee broers en ik het grootste deel van onze tijd bij onze grootouders.’

Hij vertelt hoe hij door zijn moeilijke tijd in Syrië al op jonge leeftijd met een volwassen blik naar de wereld keek. ‘Toen ik zes jaar was, zag ik mijn grootouders huilen. Ik begreep niet waar hun verdriet en angst vandaan kwam. Toen leerde ik dat hun twee zonen – mijn ooms, dus – in de gevangenis werden vastgehouden omdat zij lid waren van de communistische Arbeiderspartij en als vijand van het Assad-regime werden gezien. Allebei werden ze wegens hun politieke mening tot vijftien jaar gevangenisstraf veroordeeld.’

Hij bezocht met zijn grootmoeder beide ooms in de gevangenis. ‘Opeens duwde een van de soldaten me naar achteren, dus verstopte ik me achter mijn grootmoeder. Een van de soldaten zei dat mijn oma met haar wandelstok niet naar binnen mocht. Maar ze was niet bang en zei: ‘Raak mijn kleinzoon nooit meer aan.’ Ik ben erg trots op mijn dappere grootmoeder.’

‘Toen we eenmaal binnen waren, wilde mijn oom mij een snoepje geven en stak zijn hand door de tralies naar mij toe. De bewaker pakte gelijk het snoepje, om te controleren of er iets in zat dat verboden was. Daarna pas gaf hij het snoepje aan mij.’

Brief aan Fatima

Het is koud, dus lopen we een café binnen en nemen plaats in een rustig hoekje. Alloush neemt een slok van zijn koffie en vertelt hoe hij al op zijn zesde wist dat hij schrijver wilde worden.

‘Toen ik op de basisschool zat, ontdekte een juf dat ik al heel goed kon schrijven voor mijn leeftijd nadat ik een brief aan haar had geschreven. Haar naam was Fatima. Ze werd zo emotioneel van de brief, dat ze mijn vader opbelde en vertelde over mijn schrijftalent. Sindsdien was mijn droom mensen blij maken met schrijven. Schrijven is een manier om uit te drukken wat mijn ziel en mijn hart zeggen. Zeker in een zware tijd van armoede hebben mensen dat steuntje in de rug nodig. En: het vraagt geen financiële middelen, alleen een pen en papier.’

Omdat zijn familie geen geld had voor hobby’s of sport dook Alloush in zijn vrije tijd na school de boeken in. ‘Toen ik kind was kon ik niet met mijn klasgenoten op schoolreis omdat mijn familie het geld er niet voor had. Bij mijn grootvader stond een boekenkast met boeken over filosofie. Vanaf mijn achtste jaar pakte ik dikke pillen uit de kast. Ik las de boeken van de beroemde Duitse filosoof Friedrich Nietzsche en gedichten van de Ierse dichter en toneelschrijver William Butler Yeats. Mijn favoriete schrijver was de Franse dichter Charles Baudelaire.’

In 2014 rondde hij zijn studie Filosofie af aan de universiteit in Damascus en begon hij te werken als filosofiedocent op de hogeschool in Damascus. In diezelfde periode ontmoette hij zijn oude juffrouw Fatima opnieuw. ‘Ik sprak haar aan en ik vroeg of ze zich mijn brief kon herinneren. Haar ogen straalden – ze herkende mij gelijk. En ze wilde graag weten of ik dichter was geworden.’

Maar algauw ontdekte Alloush dat de Syrische samenleving niet de vrijheid biedt om te schrijven wat je wilt schrijven. Hij verlangde ernaar om in een land te leven waar hij wel kon groeien als schrijver, zonder onderdrukking mee te maken. Intussen was in Syrië al drie jaar een burgeroorlog aan de gang. ‘Het was verschrikkelijk: de IS-strijders kwamen heel dichtbij, tot vijf kilometer van onze stad Salamiyah. Ons leven stond op het spel. Daarom vluchtte mijn broer in 2015 naar België. Ik wist dat ik geen toekomst meer had in Syrië, maar toch wilde ik in eerste instantie niet vluchten: ik wilde voor mijn familie zorgen en was bang was om hen achter te laten.’

Angst om in leven te blijven

Zijn vader haalde hem toch over om zijn droom als dichter na te jagen. Daarom besloot Alloush alsnog om Syrië te ontvluchten. ‘Het was de moeilijkste en pijnlijkste beslissing in mijn leven. Wat zou er met mijn familie gebeuren straks?’

Hij reisde honderden kilometers te voet van Syrië naar de West-Turkse havenstad Izmir, om vanaf daar door te reizen naar Griekenland. Maar het was niet makkelijk om de doorreis te maken. Daarom sliep hij een maand lang bij de ingang van moskeeën en kerken – en soms zelfs op straat.

Uiteindelijk slaagde hij erin om met vijftien andere Syrische vluchtelingen met een boot naar Griekenland te vluchten. ‘Ik was enorm bang, omdat ik niet kon zwemmen en de zee onrustig was tijdens onze tocht. We waren midden op zee en ik rook de geur van de dood. Ik weet nog dat het, met de Griekse kust in de verte, ging stormen en de golven heel hoog werden. Ik kreeg het zoute zeewater in mijn gezicht en in mijn ogen. En omdat de jeepboot heen en weer ging, moest ik extra mijn best doen om de rand van de boot niet los te laten. Anders zou ik in het water vallen.’

Na een tocht van vijf uur kwamen ze aan op het Griekse eiland Rhodos. ‘De mensen keken ons met grote ogen aan. Onze kleding was helemaal nat en vies geworden. Er kwam een glimlach op mijn gezicht. Eindelijk was het ons gelukt om levend en wel op Rhodos aan te komen.’

Maar ook de Griekse samenleving wordt, net als de Syrische, geteisterd door zware armoede. De autoriteiten zaten niet te wachten op vluchtelingen. ‘Omdat de leefomstandigheden in de Griekse vluchtelingenkampen ondraaglijk waren, besloten wij naar een klein hostel te gaan dat speciaal voor vluchtelingen bestemd was. Hier sliep ik enkele dagen samen met bijna twintig mannen in een kleine ruimte. Maar het grootste gedeelte van de tijd sliep ik in parken of op straat. Er was door hulpverleners hulp geboden aan de vluchtelingen, waardoor we een maaltijd per dag kregen. Zo bracht ik mijn twee maanden in Griekenland door.’

Alloush realiseerde dat hij hier geen toekomst kon opbouwen. Om zijn schrijversambitie te verwezenlijken, vond hij dat hij naar Nederland moest gaan. ‘Ik wist dat ik in Nederland de kans zou hebben om te schrijven, te schreeuwen, te ademen… te leven zonder angst. Daarom reisde ik door naar Nederland. Ik weet nog dat ik tijdens de kerstperiode aankwam in Amsterdam. Het was heel koud. Ik werd overgeplaatst naar het asielzoekerscentrum in Ter Apel, waar ik voor het eerst sinds mijn vertrek uit mijn thuisland Syrië goed kon uitrusten en voldoende te eten en te drinken kreeg. Ik voelde mij eindelijk weer een beetje gezond worden. In het asielzoekerscentrum schreef ik mijn eerste gedicht.’

Gedichten met een Arabisch accent

Nadat Alloush in 2017 zijn verblijfsvergunning had gekregen, kreeg hij een woning in Zwolle. Hij kon niet wachten om de Nederlandse taal en cultuur te leren, vertelt hij. ‘Tegen andere Zwollenaren zeg ik altijd: ‘Ik woon wel in Zwolle, maar ik ben niet geboren met blauwe vingers.’ ‘Blauwvinger’ is een bijnaam voor Zwollenaren. Hij glimlacht.

Al snel kwam hij in contact met de Zwolse dichter Trijntje Goskeren van het Zwols Dichterscollectief. Zij begeleidden hem om een eigen dichtbundel te schrijven. Vorig jaar kwam zijn eerste bundel uit: Gedachten van een Syrische dinosaurus.

‘Sinds ik in aanraking kwam met dichters hier in Nederland ben ik vaak op dichtersavonden en literaire festivals. In Syrië kende ik alleen angst en had ik geen vrijheid om te schrijven wat ik wilde. Ik heb veel herinneringen aan de oorlog in Syrië en wil in mijn gedichten over het onrecht en de oorlog, maar ook over de liefde schrijven.’

‘Hier kom ik op dichtersavonden en literaire festivals. In Syrië had ik geen vrijheid om te schrijven’

‘Arabische dichters dragen gedichten voor alsof zij zingen. Wat we in de Arabische literatuur noemen: de zeeën van Arabische poëzie.’ Maar Alloush zingt niet. ‘Ik houd juist van vrije proza, waarin niet wordt gerijmd, omdat ik een opstandige geest heb die zich niet aan beperkingen wil houden, zelfs niet in de poëzie.’

‘Ik spreek heel langzaam en probeer dit te doen met veel gevoel. Ik lees Nederlandse gedichten met Arabisch accent, dat vinden de bezoekers van de literaire festivals bijzonder. Door gedichten te schrijven, leer ik hoe open de Nederlandse cultuur is. Dit is geen lofprijzing, maar een feit: telkens als ik mij moe voel en op het punt sta te vallen hier in Nederland, strekt een hand zich uit om me vast te houden, zodat ik weer kan opkrabbelen. Dit is altijd een Nederlandse hand geweest.’

Naast dichter is Alloush woonbegeleider bij de gemeente Zwolle en helpt hij Oekraïense vluchtelingen. ‘Ik vind het bijzonder werk, omdat ik zelf als vluchteling hier ben gekomen.’

Hij vervolgt: ‘Ik probeer de Nederlandse geest, Nederlandse gewoonten en de oeroude Nederlandse cultuur in te passen en te begrijpen. Nederland is het land van de mooiste bloemen ter wereld. De grond is goed voor bloemen, dus moet dit land ook goed zijn om een nieuw leven op te bouwen. Maar probeer jouw eigen bloemen te planten.’

Turken boos op Netflix om ‘schandalige’ landkaart

0

Veel Turken zijn boos op Netflix en de Amerikaanse docuserie Pepsi, Where’s My Jet, die sinds enkele weken op de streamingdienst te zien is. De serie toont een kaart waarop Armenië deels is gelokaliseerd in het oosten van waar normaliter Turkije ligt.

De gewraakte afbeelding komt voor in de eerste aflevering. Het oosten van Turkije wordt als Armeens grondgebied gepresenteerd, meldt de Turkse krant Yeni Safak.

En dat is tegen het zere been van Turken – daarbinnen. Yeni Safak, een regeringsgezinde krant, noemt de kaart ‘schandalig’.

Armeense media hebben de ophef ook opgepikt en reppen over de kaart van ‘historisch Armenië’.

Veel Armeniërs verlangen terug naar dit ‘oude Armenië’, dat verloren ging tijdens de Armeense genocide. In 1915 verdreef en vermoordde het Jong-Turkse regime honderdduizenden Armeense burgers van het Ottomaanse Rijk. Vorige week promoveerde de Turkse historica Aysenur Korkmaz aan de Universiteit van Amsterdam op dit onderwerp.

De docuserie Pepsi, Where’s My Jet gaat over een Amerikaanse student die meedoet aan een spaaractie van het colamerk Pepsi. Een Pepdi-commercial meldde dat je bij zeven miljoen punten zelfs een vliegtuig kon winnen, wat omgerekend 700.000 dollar bleek. De student benaderde investeerders en kocht samen met hen voor zeven miljoen punten aan Pepsi. Maar Pepsi, geconfronteerd met deze verwoede spaaractie, beweerde dat de reclame-opmerkingen over de jet een grap waren. De rechter stelde Pepsi in het gelijk.