4.9 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 757

Volkswagen Xinjiang ontkent inzet dwangarbeid Oeigoeren

0

Volkswagen staat nog steeds achter het besluit een autofabriek in Xinjiang te blijven exploiteren. Xinjiang is de regio in China van de islamitische Oeigoeren, die op grote schaal worden onderdrukt door het communistische regime.

Minstens een miljoen Oeigoeren en andere minderheden worden in kampen vastgehouden of als dwangarbeiders in fabrieken tewerkgesteld. Sommige multinationals hebben daarom besloten de banden met de Xinjiang te verbreken.

Critici van Volkswagen stellen dat de Duitse multinational een bijzondere morele verplichting heeft om niet betrokken te zijn bij dergelijke praktijken, vanwege de geschiedenis van het bedrijf. Volkswagen werd in 1937 opgericht door de nazipartij en maakte tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruik van dwangarbeid, met inbegrip van gevangenen in concentratiekampen.

‘Ik kan u verzekeren dat we geen dwangarbeid hebben’, aldus Stephan Wollenstein, de CEO van het bedrijf in China, tegen de Britse BBC . Hij runt een fabriek in Urumqi, de hoofdstad van Xinjiang, met zeshonderd werknemers die twintigduizend auto’s per jaar produceren.

De BBC vroeg hem ook of hij absoluut zeker kon zijn van die bewering en de verzekering kon geven dat geen van de werknemers van Urumqi in een kamp was geweest. Wollenstein: ‘Ik denk dat we nooit 100 procent zekerheid kunnen bereiken.’

Europarlementariër Viola von Cramon-Taubadel van de Duitse Grünen neemt met dit antwoord geen genoegen, vertelt ze aan de BBC. ‘Waarom kunnen ze niet zeker zijn? Ze moeten ervoor zorgen dat er geen verband is tussen een werkkamp en dat bedrijf.’

Maar ook als de eigen toeleveringsketen ‘schoon’ is helpt Volkswagen de onderdrukking van de Oeigoeren stelt BBC-journalist John Sudworth: voor de opening van een autofabriek in Xinjiang zijn het partnerschap en de goedkeuring van de Chinese autoriteiten vereist. Het kan volgens Sudworth zomaar zijn dat het bedrijf op die manier stilzwijgend steun verleent aan de repressie van de Oeigoeren.

Rotterdam krijgt speciale ‘discriminatierechercheurs’

0

Rotterdam krijgt speciale ‘discriminatierechercheurs’. Alle partijen in de gemeenteraad, behalve Leefbaar Rotterdam en de PVV, stemden voor.

Het gaat voorlopig om een pilot. De discriminatierechercheurs overleggen met de driehoek (burgemeester, de plaatselijke politiechef en de officier van justitie) en de landelijke politietop. De bevindingen worden gerapporteerd aan de gemeenteraad.

De discriminatierechercheurs moeten onderzoeken welke meerwaarde specialisatie kan hebben bij het aanpakken van discriminatie, schrijft Dagblad 010. Het gaat hierbij onder andere om het herkennen van delicten met een discriminerend aspect, wat het geval kan zijn bij mishandeling, belediging, opruiing, vernieling en doodslag.

Initiatiefnemers van het voorstel om de discriminatierechercheur in het leven te roepen zijn Denk-fractievoorzitter Stephan van Baarle en D66-raadlid Nadia Arsieni.

Raad Amsterdam wil antisemitisme in taxi’s bestrijden, Denk stemt tegen

0

Denk stemde als enige fractie in de Amsterdamse gemeenteraad tegen een motie die het tegengaan van antisemitisme in Amsterdamse taxi’s moet bevorderen. Gisteren werd de stemuitslag bekend.

De motie roept het collegebestuur op om zogeheten ‘mystery guests’, die in taxi’s moeten controleren op de veiligheid van klanten, apart te laten letten op antisemitisme. Het plan was ingediend door D66-raadslid Jan-Bert Vroege en kreeg de steun van alle partijen in de raad, behalve van Denk en SP-raadslid David Schreuders, die een foutje maakte op het stemformulier.

‘‘Taxi in, keppeltje af’ is een uitspraak van een Joodse bewoner die aangeeft dat hij niet altijd zo maar een taxi in kan stappen met zijn kippa op.’ Dit zei Vroege eerder deze week tegen Jonet, om zo het probleem van antisemitisme in Amsterdamse taxi’s te schetsen. Op Twitter geeft hij het tegenstemmende Denk-raadslid Numan Yilmaz een veeg uit de pan, waarmee Vroege eerder dit jaar ook in de clinch lag.

In mei dit jaar vergeleek Yilmaz in een column op internet Gülen-aanhangers met aanhangers van Hitler, Mussolini, Mladic en Franco. Vroege vond deze vergelijking ‘abject’ en stelde hierover raadsvragen. De Amsterdamse wethouder Diversiteit Rutger Groot Wassink (GroenLinks) was het met Vroege eens en noemde de uitlatingen van Yilmaz ‘buitengewoon problematisch’.

Nagorno-Karabach: duurzame vrede nog ver weg

0

De oorlog om Nagorno-Karabach is voorbij. Armenië likt haar wonden, Azerbeidzjan viert de zege. Maar ook Turkije en Rusland hebben gewonnen.

Maandagavond tekenden de Azerbeidzjaanse president Ilham Aliyev, de Armeense premier Nikol Pasjinian en de Russische president Vladimir Poetin een staakt-het-vuren. Hiermee kwam een einde aan de strijd om Nagorno-Karabach, die bijna anderhalve maand duurde en enkele duizenden slachtoffers maakte. 

Azerbeidzjan viert het verdrag als een overwinning: het mag alle gebieden die het veroverde in Nagorno-Karabach houden. Daarnaast moet Armenië zich terugtrekken uit alle Azerbeidzjaanse gebieden buiten Nagorno-Karabach waar het sinds de wapenstilstand van 1994 militair aanwezig was. De Armeense premier Pasjinian noemt het akkoord ‘onbeschrijflijk pijnlijk voor mij en voor ons volk’. 

‘Dit is geen vredesakkoord, dit is een machtsakkoord tussen dictators Poetin en Erdogan’, zegt de Armeens-Nederlandse ambtenaar Armine Stepanyan, die familie heeft wonen in Nagorno-Karabach. ‘Armenië is gedwongen om te tekenen bij het kruisje. Dit, om verder bloedvergieten en etnische zuiveringen op de Armeniërs te voorkomen.’ 

Armenië is volgens haar het slachtoffer geworden van imperialistische ambities van Rusland en Turkije. Turkije hielp Azerbeidzjan in de oorlog tegen Armenië, Rusland keurde dit goed. ‘Het is bewezen dat Turkije jihadisten heeft laten meevechten in de oorlog. En Erdogan heeft gezegd dat onder zijn hoede het land weer islamitisch wordt.’

Stepanyan is opgelucht dat de oorlog voorbij is. Tegelijkertijd houdt ze haar hart vast. ‘In Artsach (de Armeense naam voor Nagorno-Karabach, red.) woonden 150.000 Armeniërs, die aan het front staan of naar Armenië gevlucht zijn. Een deel van mijn familie is naar Armenië gevlucht, een ander deel is nog in Artsach.’

Stepanyan heeft dagelijks contact met haar familie. ‘Terug naar het kapotgebombardeerde Nagorno-Karabach onder het Azerbeidzjaanse regime zien ze niet als een optie. De mensen die nog in Artsach zijn willen niet weg. Ik weet niet hoe dit verder gaat aflopen. Ik weet wel dat Armenië de gevolgen niet alleen kan dragen.’  

Azerbeidzjaanse overwinning

De Azerbeidzjaanse overwinning is juist goed nieuws voor de honderden Azerbeidzjaanse ontheemden, die het geweld van deze oorlog zijn ontvlucht. Dat geldt ook voor de tienduizenden Azerbeidzjanen die in de jaren negentig Nagorno-Karabach moesten ontvluchten, na de eerste oorlog (1988-1994) in dit gebied, en sinds die tijd in vluchtelingenkampen wonen. 

‘Azerbeidzjaanse ontheemden kunnen nu naar huis terugkeren’, vertelt de Azerbeidzjaanse journaliste Arzu Geybulla ons. ‘Niet meteen natuurlijk, want het zal tijd kosten om de gebieden schoon te maken, de infrastructuur opnieuw op te bouwen en pas dan de verhuizing goed te keuren. Maar president Ilham Aliyev heeft keer op keer herhaald dat de Azerbeidzjaanse regering alle nodige stappen en maatregelen zal nemen om de ontheemden terug te brengen naar hun huizen en hun leven in die gebieden weer op te laten bouwen.’

De Azerbeidzjaans-Nederlandse studente Aynur Hasanzadeh vierde ‘de dag van de overwinning’ in Istanbul. ‘Ik was net geland met het vliegtuig en aangekomen in de stad, toen bekend werd gemaakt dat Azerbeidzjan de oorlog had gewonnen. We hebben minder gewonnen dan gehoopt, maar we zijn niet ontevreden.’ 

Azerbeidzjan heeft Nagorno-Karabach niet volledig teruggekregen. Er is een Armeens rompstuk overgebleven, dat door Russische vredestroepen wordt beschermd. Ook moeten deze troepen de Lachin-corridor openhouden, die dit rompstuk met Armenië verbindt. ‘De Russen blijven er voor minimaal vijf jaar, maar dit kan worden verlengd’, vertelt ze. ‘Ik denk dat de Russen niet zomaar weg zullen gaan.’ 

De kaart zoals deze er na de overeenkomst uitziet. De rode en olijfgroene gebieden blijven Azerbeidzjaans. Het gestreepte deel zal uiterlijk 1 december 2020 aan Azerbeidzjan overgedragen worden. In het lichtgroene stuk van de kaart, het deel van Nagorno-Karabach dat resteert, zal de Russische vredesmacht gestationeerd zijn (Beeld: Wikimedia Commons)

Er komt daarnaast een multinationale vredesmacht, waar mogelijk ook Turkse militairen aan zullen deelnemen. ‘In Azerbeidzjan zijn we erg pro-Turks, ongeacht het regime. We zijn ook erg blij dat Turkije Azerbeidzjan heeft geholpen. Turkije wordt steeds machtiger. Daar is Rusland bang voor. Maar Turkije is helaas nog niet machtig genoeg om de vredesbepalingen te dicteren.’ 

Voor Turkije is de overwinning van Azerbeidzjan hoe dan ook een overwinning, aldus journaliste Geybulla. Turkije heeft zich verzekerd van de belofte van een corridor die de oostelijke horizon van het land drastisch verbreedt: van Oost-Turkije naar de Kaspische Zee, via de Azerbeidzjaanse exclave Nachitsjevan – in feite een nieuwe handelsroute tot aan Centraal-Azië. Daarnaast vergroot Turkije de economische invloed in Azerbeidzjan, onder andere door te investeren in de wederopbouw van Nagorno-Karabach.

Russische invloed

Wat veel Azerbeidzjanen steekt, is dat Rusland de vredesvoorwaarden heeft bepaald en toezicht zal blijven houden in Nagorno-Karabach. Studente Hasanzadeh: ‘In de jaren negentig hadden we de Russen ons land uitgestuurd, nu zijn ze weer terug.’

Kaukasus-analist Jelger Groeneveld ziet Rusland dan ook als grote winnaar van het conflict. ‘Turkije heeft Azerbeidzjan aan de overwinning geholpen, maar de regeling betekent dat er Russische troepen op Azerbeidzjaans grondgebied zijn. Over Turkse troepen wordt in het akkoord tussen Armenië en Azerbeidzjan niets gezegd, hoewel de komst van deze troepen ook niet wordt uitgesloten. Het is nogal vaag.’ 

De Russen hebben daarnaast hun invloed in Armenië uitgebreid, vertelt Groeneveld. ‘Niet alleen zijn de Armeniërs in het resterende deel van Nagorno-Karabach voor hun veiligheid afhankelijk van Russische troepen, ook de legitimiteit van premier Pasjinian wordt door veel Armeniërs nu in twijfel getrokken.’ 

Pasjinian, die in 2018 aan de macht is gekomen dankzij de zogenoemde Fluwelen Revolutie, voerde een pro-democratisch beleid dat haaks stond op de belangen van Rusland. ‘Vandaar ook dat Rusland Armenië niet te hulp wilde schieten. Nu is Armenië aan de genade van Moskou overgeleverd. En dit betekent weer Russische invloed in het land.’ Het zou Groeneveld niet verbazen als Pasjinian binnenkort plaatsmaakt voor een zetbaas van Moskou. 

‘Nu is Armenië aan de genade van Moskou overgeleverd’

Of de vrede tussen Armenië en Azerbeidzjan echt duurzaam is, is overigens nog maar de vraag, aldus de Britse Kaukasus-deskundige Thomas de Waal in the New York Times. Nagorno-Karabach moet weer worden opgebouwd, vluchtelingen moeten veilig kunnen terugkeren naar hun huizen, landmijnen moeten worden verwijderd. Er moet humanitaire steun komen, mensenrechtenschendingen moeten worden aangepakt en de geïsoleerde regio moet worden opengesteld voor internationale en VN-organisaties. Kwesties waar de politici in Moskou en Ankara weinig kaas van hebben gegeten, of domweg niet in geïnteresseerd zijn. 

De Waal: ‘Wat in de nacht van 9 november werd ondertekend, was slechts een overeenkomst voor Nagorno-Karabach. Er is nog veel meer nodig om vrede te bereiken.’

Wij ‘diasporakinderen’ moeten ons eigen fotoarchief vastleggen

0

Een vrolijke, jonge en strijdlustige vrouw kijkt opgewonden de camera in. Het is nu bijna een jaar geleden dat ik via social media op deze foto stuit. Een weergave waarin ik de vrouwelijke Turkse migrant zie zoals ik haar nooit eerder gezien heb. Het beeld druist in tegen de huidige stereotypering van de eerste generatie Turks-Nederlandse vrouwen. Maar deze foto doet meer: ze herinnert ons aan een vergeten geschiedenis. Deze eerste generatie vrouwen heeft hard gewerkt voor de kost en de arbeidsomstandigheden waren niet mild.

De foto stamt uit 1978 en is gemaakt door Bertien van Manen. In mijn podcastserie NederTürk vertelde fotograaf Cigdem Yuksel mij dat deze fotoserie het enige collectief bewaarde fotoarchief is van deze vrouwen. Yuksel: ‘Ik heb archieven in het hele land gemaild, van Deventer tot Eindhoven, en ik moet helaas tot de conclusie komen dat er heel weinig bekend is in de reguliere archieven.’

Deze constatering is het bewijs dat we niet enkel zouden moeten vertrouwen op landelijke instituties als het gaat om geschiedvertelling. Maar ook leunen op de orale geschiedenis wordt steeds risicovoller. De vrouwen op de foto, die het verhaal uit eerste hand kunnen vertellen, sterven uit. Dan rest de vraag: wat kunnen we wél doen?

Op Instagram vind ik de pagina Diasporaturk, een Duits platform waar geschreven wordt over de Turkse migratiegeschiedenis in Noord-Europese landen. Volgers van de pagina kunnen familiefoto’s sturen, die vervolgens gedeeld worden met een breder publiek. De foto’s zijn voor vele tweede en derde generatie personen een bron van herkenbaarheid.

Een andere Instagrampagina waar over de Turkse geschiedenis bericht wordt is Balkanism, waar vooral culturele tradities, oude films en muziek over de verschillende Balkanlanden voorbij komen. Deze pagina’s zijn enorm populair onder ‘diasporakinderen’, waar ook ik onderdeel van ben. De posts brengen gesprekken over de digitale tafel. Met elkaar berichten we over posts die op de pagina verschijnen, we posten en reposten en even voel ik die collectieve verbondenheid. Een verbondenheid die deels bestaat door het gebrek aan informatie in regulier toegankelijke bronnen.

Ik moet terugdenken aan mijn schooltijd. Op de middelbare school en later op het HBO heb ik zelden les gehad over de migratiegeschiedenis in ons land. En dat is raar. De industriële arbeidsmigratie heeft invloed gehad op alle facetten van onze maatschappij: politiek, economie en zorg worden erdoor gekleurd. Verschillende industriële steden zouden niet zijn wat ze zijn zonder de komst van arbeidsmigranten. Zoals Yuksel beaamt: ‘Ons land is gekenmerkt door (arbeids)migratie, dit is hoe het land is opgebouwd.’

Een Instagrampagina is leuk, maar niet voldoende. En een Nederlandse variant op DiasporaTurk of Balkanism bestaat niet eens. Wat kunnen we doen voor de generatie onder ons, om te voorkomen dat ook zij zelf heel actief op zoek moeten gaan naar een deel van hun identiteit? Ik wil niet dat er over mijn geschiedenis onderwezen wordt als een hoofdstuk achteraf in een van de keuzevakken.

Ook sprak ik met de Schiedamse geschiedenisdocente Figen Yurdem, die zegt dat inspecties nu beginnen na te denken over onderbelichte thematieken zoals de Nederlandse koloniale geschiedenis. Maar op het gebied van de Turkse migratiegeschiedenis is Nederland nog lang niet zover.

De dominante groep heeft een gebrek aan interesse voor het perspectief van de minderheid

Yurdem: ‘Onderwijsland is erg traag als het gaat om nieuwe ontwikkelingen, helemaal in het geschiedenisonderwijs. Ik voel mij als docent geschiedenis verantwoordelijk om het narratief van de geschiedenis van alle leerlingen te behandelen. Helaas zijn de eindtermen bepaald vanuit een Westers perspectief en is er in de praktijk weinig ruimte voor persoonlijke invulling.’

En zo creëren we willens en wetens weer een generatie waarin herkenning en representatie gebrekkig aanwezig zijn. De dominante groep heeft een gebrek aan interesse voor het perspectief van de minderheid. Maar dit zijn feiten waar we ons niet zomaar bij neer moeten leggen.

Laten we beginnen met het vastleggen van de verhalen. Zo is Yuksel nu zelf bezig met het fotograferen van de eerste generatie Turks-Nederlandse vrouwen. Ook jij kunt je bijdrage daaraan leveren. Lees hier hoe.

Duitse studie: etnische minderheden structureel benadeeld door politie

0

Mensen uit etnische minderheidsgroepen worden structureel benadeeld door de Duitse politie, concluderen Duitse criminologen in een nieuw onderzoek.

Onderzoeker Laila Abdul-Rahman vertelt aan Deutsche Welle dat klachten over racisme en politiegeweld in het algemeen niet serieus worden genomen, terwijl verklaringen van de politie en ambtenaren wel worden geloofd.

Geweld door politieagenten wordt bijna nooit vervolgd door openbare aanklagers. In meer dan 90 procent van de gevallen trekken de officieren van justitie de aanklacht in en komt het onderzoek te vervallen. Hierdoor verliezen slachtoffers van politiegeweld hun geloof in de rechtsstaat en doen ze geen aangifte, vertelt de onderzoeker, waardoor de werkelijke cijfers van politiegeweld nog veel hoger liggen.

Volgens Abdul-Rahman is het in Duitsland niet zo erg gesteld als in de Verenigde Staten, maar is de situatie wel degelijk zorgelijk.

Nida overhandigt petitie voor verbod beledigen profeet aan Kamer

0

De islamitische partij Nida gaat de veelbesproken petitie tegen belediging van de profeet Mohammed aan de Tweede Kamer aanbieden. De petitie is inmiddels door ruim 120.000 mensen ondertekend.

Vanavond om acht uur zal Nida-leider Nourdin el Ouaali (foto, rechts) samen met de initiatiefnemer van de petitie, imam Ismail Abou Soumayyah (foto, links), de zaak live op Facebook toelichten, zo meldt de partij. Bij 40.000 geldige handtekeningen is de Tweede Kamer verplicht de petitie in ontvangst te nemen en te behandelen.

De petitie stelt dat het beledigen van de profeet Mohammed niets te maken heeft met de vrijheid van meningsuiting en wil dit verbieden. ‘Het is eerder een tekort aan fatsoen en leidt ook nog eens tot maatschappelijke spanningen alsook het structureel beledigen van moslims.’

Initiatiefnemer Ismail Abou Soumayyah kwam vorig jaar in het nieuws omdat hij als salafistische imam een lezing zou geven in de Rotterdamse Essalam Moskee, samen met een vertegenwoordiger van de islamistische organisatie Hizb-ut-Tahrir, dat een kalifaat wil stichten. Na vragen van CDA, VVD en Leefbaar Rotterdam over hun komst werd de bijeenkomst afgeblazen.

Nida heeft op dit moment zetels in Rotterdam, Den Haag en Almere, maar nog niet in de landelijke Tweede Kamer. Daar hoopt de partij bij de verkiezingen van maart verandering in te brengen.

Partijleider Nourdin el Ouali kwam eerder in het nieuws toen hij voorstelde om islamitische organisaties die in Frankrijk dreigen te worden verboden ‘een veilig toevluchtsoord’ te bieden.

Oostenrijkse kanselier Kurz wil ‘politieke islam’ verbieden

0

De Oostenrijkse kanselier Sebastian Kurz is van plan om de ‘politieke islam’ strafbaar te stellen. Hij wil dit doen naar aanleiding van de terroristische aanslag in Wenen van vorige week, waarbij enkele mensen omkwamen.

De Oostenrijkse regering stelt draconische maatregelen voor om terrorisme en de radicale islam aan te pakken. Terroristen moeten levenslang achter de tralies blijven of elektronisch na hun vrijlating worden gesurveilleerd. Ook worden bepaalde ‘extreme’ politieke en religieuze handelingen strafbaar.

Verenigingen of moskeeën die geacht worden een rol te spelen in de ‘radicalisering’ kunnen sneller worden gesloten. Tevens kunnen burgers straks potentiële gewelddadige activiteiten op een online platform melden en wordt er een centraal register van imams opgezet.

Het meest radicale voorstel van de Oostenrijkse regering is de strafbaarstelling van de ‘politieke islam’, ‘met als doel diegenen aan te pakken die geen terroristen zijn, maar wel de voedingsbodem voor terrorisme creëren’, aldus Kurz.

Turkije-correspondent Toon Beemsterboer (NRC) vindt de voorgestelde maatregelen ver gaan. ‘Kurz radicaliseert’, twittert hij.

Het Oostenrijkse parlement zal in december over de voorstellen van de regering stemmen.

Vlak na de aanslag in Wenen pakte Oostenrijk enkele islamitische activisten en academici op. Afgelopen maandag werden ruim dertig moslims gearresteerd. Veel arrestanten werden diezelfde avond nog vrijgelaten. Ook sloot Kurz een moskee en een islamitische vereniging die bij zouden hebben gedragen aan het gedachtengoed van de aanslagpleger, die geïnspireerd was door IS.

Eerder werd bekend dat de Franse overheid ‘islamitisch separatisme’ wil aanpakken. Zo is de overheid bezig om moslimorganisaties die ‘vijanden van de republiek zijn’, zoals het Collectief Tegen Islamofobie in Frankrijk, te verbieden. Franse moslims die in dezelfde categorie passen kunnen het land worden uitgezet. Daarnaast houdt de regering strenger toezicht op onderwijs en moskeeën.

VU-wetenschappers: Mohammed-cartoons zijn een schop omlaag

0

Mohammed-cartoons kwetsen een groep die toch al in de hoek zit waar de klappen vallen. Dat betogen wetenschappers Pieter Coppens (Islamstudies) en Johan Roeland (Media, Religie & Populaire Cultuur), werkzaam aan de Vrije Universiteit van Amsterdam.

De wetenschappers zijn het faliekant oneens met ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers, die vindt dat moslims moeten leren incasseren. Het christelijk geloof wordt al decennialang bespot, aldus Segers, maar christenen hebben geleerd hier goed mee om te gaan. Coppens en Roeland vinden Segers’ analyse ontoereikend: moslims in Nederland worden gemarginaliseerd, zeggen ze in de Volkskrant.

‘Het opzettelijk beledigen van de religieuze gevoelens van een in veel opzichten gemarginaliseerde minderheid van kleur die geen noemenswaardige politieke of institutionele representatie kent, is wezenlijk anders dan wanneer dat gebeurt in een setting waar die religieuze groep de politieke macht heeft en religie zelf als instrument van onderdrukking gebruikt.’

Coppens en Roeland hekelen ‘de seculiere elite in Parijs’, die besloot om de Mohammed-cartoons van op overheidsgebouwen te projecteren. Hiermee werden moslims in de banlieus en de voormalige Franse koloniën diep gekwetst, terwijl die het volgens de twee al zo moeilijk hebben.

‘Vrijheid van meningsuiting geeft ruimte om te kwetsen – maar een samenleving die het bewust kwetsen van minderheden tot kunst heeft verheven en de handelingsmogelijkheden van minderheden beperkt tot ‘incasseren’, moet zich ernstig achter de oren krabben en zich afvragen hoe menselijk ze nog is’, besluiten de auteurs. ‘Als het devies van medegelovigen als Segers (…) enkel ‘incasseren’ is, moet men zich afvragen wat nog de waarde van die andere grote waarde is, die diep in het dna van veel religieuze tradities zit: de waarde van compassie.’

Turksheid brengt net als witheid een overgeërfde blindheid met zich mee

0

Het mag weer. Eén moslim gaat door het lint, en alle moslims hebben het gedaan. Ook zo’n dankbaar onderwerp, net voor de verkiezingen. Alle praatjes over institutioneel racisme tijdens de zomer zijn allang vergeten. We moeten en zullen moslims leren wat ‘vrijheid van meningsuiting’ is.

Succes ermee, witte docenten op zwarte scholen. Maar jullie begrijpen vast wel dat het doordrukken van racistische tekeningen weinig met die vrijheid van meningsuiting te maken heeft. Het is een vrijheid, geen plicht. ‘Waar is mijn vrijheid?’ zullen islamitische leerlingen vragen. Het is niet meer dan logisch dat moslims gaan tegensputteren.

‘We staan samen in de modder’, zou VU-antropoloog Sinan Cankaya wellicht zeggen. Ik liet zijn nieuwe boek Mijn ontelbare identiteiten even staan, toen ik het cadeau kreeg. Het leek me te confronterend om te lezen, dit boek van een andere hoogopgeleide Turkse Nederlander die het net even beter lijkt te hebben getroffen dan een 35-jarige Turkse Amsterdammer die nog bij zijn ouders woont.

Toen de institutionele druk echter te groot werd, heb ik me er toch aan gewaagd. Het bood me troost tussen al die boze tweets door. Het voelde als een gesprek, ook door zijn zweverige stijl, met een lotgenoot die ik nooit heb gehad in mijn studententijd.

Elke krantenkop is een mokerslag, laat Cankaya zien. Bijna in alles wat hij meemaakt – op school tussen witte kinderen, bij een voetbalwedstrijd Turkije-Nederland, bij zijn racistische leraar, toen hij later onderzoek deed bij de politie – wordt hij geconfronteerd met zijn afkomst, vooral door witte mensen die ook racisme en discriminatie in Nederland bagatelliseren. Steeds weer wordt zijn loyaliteit en betrouwbaarheid getest.

‘Meneer Cankaya, u bent zelf Turks, hoe objectief is uw onderzoek dan?’

Cankaya: ‘Het wantrouwen of ik niet een dubbele agenda heb. Deze vragen worden bijna nooit gesteld aan witte onderzoekers.’

‘Heeft u zelf voorbeelden van discriminatie?

Cankaya: ‘Met andere woorden: ik ben alleen interessant als ervaringsdeskundige, om deze verhalen daarna weg te wuiven als anekdotisch’.

‘Kent u andere mensen die zelf discriminatie hebben ervaren?’

Cankaya: ‘Oftewel: gekleurde mensen zijn nuttig om toegang te krijgen tot moeilijk bereikbare groepen, om zo het probleem van witte redacties voor ze op te lossen.’

Het boek is een meesterlijke ontmanteling van vooral witheid: ‘Witte Nederlanders gaan door een crisis, voelen hoe het is om verantwoordelijk te worden gehouden voor iets waar ze geen aandeel in hadden, maar wel de onvoorziene vruchten van plukken, van een oneerlijke geschiedenis die lijnen over de wereldkaarten trok, mensen rangschikte, kapitaal accumuleerde, startposities ongelijk verdeelde, en haar tentakels tot ver in de toekomst strekte.’

Maar Cankaya morrelt ook aan Turksheid. Hoe hij door zijn studie veranderde in een migrant binnen de eigen familie: ‘De pijnlijkste vorm van verplaatsing. Een vreemdeling voor de mensen die het dichtst bij je staan.’ Toch vindt hij praten over Turkije vermoeiend. En weigert hij voorlopig in debat te treden met ‘geharnaste Turkse identiteiten’. Ook neemt hij een voorschot op de kritiek die hij zal krijgen: ‘Ze zullen komen met Koerden en Armenen’.

Natuurlijk zullen ‘ze’ komen. Maar er is een verschil tussen een islamofobe komst en een komst om te leren, te groeien en verantwoordelijkheid te nemen voor de schadelijke en verinnerlijkte vormen van Turksheid die hij en ik in ons dragen.

Tijdens de Armeense Genocide is Yozgat ‘christenvrij’ gemaakt. Massamoordenaar Kemal Bey wordt nog steeds vereerd met een standbeeld

Daar dacht ik aan toen hij Yozgat aanstipte, de stad waar zijn roots liggen, en waar hij zich verveelde tijdens vakanties. ‘De provincie die in opstand was gekomen tegen Atatürk en het Turkse volk had verraden. De plaats van religieuze dwaallichten,’ zegt Cankaya, vooral tegen seculiere Turken, die altijd neerkeken op conservatieve religieuzen die nu hun gram halen met Erdogan.

Er gebeurde toen meer in Yozgat, dacht ik toen ik dat las. In 1915, tijdens de Armeense Genocide, is de stad ‘christenvrij’ gemaakt. Massamoordenaar Kemal Bey wordt nog steeds vereerd met een standbeeld in Bogazliyan. Turksheid brengt net als witheid een overgeërfde blindheid met zich mee voor die oneerlijke geschiedenis.

Cankaya had natuurlijk geen aandeel in de Armeense Genocide. Maar hoe saai Turkije dan ook was tijdens vakanties, wij konden tenminste vrij probleemloos reizen naar de dorpen van onze ouders en grootouders. Een ‘onvoorziene vrucht’ die Armeniërs nooit hebben kunnen plukken. Maar misschien moet ik dat racistische hoofdstuk zelf eens gaan schrijven.