De pro-Israëlische denktank Middle East Media Research Institute (MEMRI)vreest dat de Turkse president Erdogan via Pakistan een atoombom probeert te bemachtigen.
Tegen leden van zijn AKP-partij zei Erdogan eind 2019: ‘Sommige landen hebben raketten met kernkoppen, niet één of twee. Maar [ze vertellen ons] dat we ze niet kunnen hebben. Dit kan ik niet accepteren.’
Het enige islamitische land met een atoombom is Pakistan. Turkije en Pakistan hebben goede banden. MEMRI vermoedt dat Erdogan via Pakistan aan een atoomwapen probeert te komen.
MEMRI baseert zich op kritische verhalen in de Indiase media, die berichtten over een ‘duivels plan’ van Turkije om aan kernwapens te komen. In Pakistan zou er steun zijn voor dit plan, en hoge Turkse en Pakistaanse militairen zouden hierover hebben gesproken op een topontmoeting op 22 en 23 december in Ankara.
Daarnaast zouden er in Rusland veel Turkse studenten rondlopen, die zich verdiepen in nucleaire technologie. Ook importeren Turkse bedrijven voor Pakistan onderdelen om atoomwapens te maken uit Europa. Bovendien zou Turkije een aanzienlijk aantal centrifuges kunnen bezitten, die nodig zijn om uranium te verrijken.
MEMRI’s zorgen worden gedeeld door de Amerikaanse non-proliferatieanalist John Spacapan. Ook hij wijst op de speech die Erdogan in 2019 hield voor de AKP, maar ook op het feit dat Turkije kerncentrales aan het bouwen is. Dit is volgens Spacapan een manier om aan atoomtechnologie te komen, die nodig is om een atoombom te maken.
Ook de nauwe politieke en militaire samenwerking tussen Turkije en Pakistan baart de non-proliferatieanalist zorgen. Turkije en Pakistan hielpen Azerbeidzjan in de recente oorlog tegen Armenië om Nagorno-Karabach.
Er zijn op dit moment negen landen met kernwapens: de Verenigde Staten, Rusland, China, Groot-Brittannië, Frankrijk, Israël, India, Pakistan en Noord-Korea.
Een Starbucks-filiaal in de Ierse hoofdstad Dublin moet een klant 12.000 euro betalen, omdat een barista een racistische tekening op haar bekertje kalkte.
Normaal vragen Starbucks-medewerkers om de naam van de klant, waarna ze deze naam op het bekertje schrijven. Maar de Thais-Ierse klant Suchavadee Foley kreeg een tekening van haarzelf met scheefgetrokken ogen op haar beker.
Foley diende een aanklacht in, omdat het filiaal niet wilde toegeven dat de tekening racistisch is. Een rechtbank in Dublin oordeelde dat het Starbucks-filiaal in de fout was gegaan en legde het filiaal een schadevergoeding van 12.000 euro op.
‘Het is duidelijk dat de visuele voorstelling betrekking heeft op haar ras. Het is zo beledigend en zo fantasieloos als een negentiende-eeuwse Punch-cartoon’, zei een jurylid, verwijzend naar het ter ziele gegane Britse tijdschrift.
Het is in ieder geval een beleidsmatige U-bocht. Turkije had nog felle kritiek op de recente normalisering tussen de Verenigde Arabische Emiraten (VAE) en Israël. Daarnaast liet president Erdogan – die zich opwierp als redder van het Palestijnse volk, Israël steevast vergeleek met nazi-Duitsland en het land een terreurstaat noemde – zich niet gelden als een bijster Israël-vriendelijk leider.
‘Turkije is bezig met een charmeoffensief en daar is de toenadering tot Israël een onderdeel van’, vertelt Cengiz Aktar, hoogleraar Politicologie aan de Universiteit van Athene. Turkije zoekt niet alleen toenadering tot Israël, maar ook tot Egypte, de VAE, Saoedi-Arabië en de Europese Unie.
Erdogan zou inzien dat Turkije door zijn agressieve buitenlandse politiek in een isolement dreigt te belanden. Aktar: ‘Er is een conflict met Griekenland en Cyprus, met Armenië, met de Koerden in Noord-Syrië en Noord-Irak en ook de verhoudingen met de Arabische wereld zijn niet optimaal. Turkije moet het buitenlandse beleid wel wijzigen. Want het land bevindt zich nu op een doodlopende weg.’
‘Turkije is bezig met een charmeoffensief en daar is de toenadering tot Israël een onderdeel van’
Volgens de Israëlische journalist Seth J. Frantzman (theJerusalem Post) zijn Erdogans opmerkingen over verzoening vooral voor de bühne. ‘Ze worden vooral verspreid door de Engelstalige Turkse media, die zich richten op niet-Turkse lezers. Doel is om het imago van Ankara te veranderen: van een militaristische autoritaire agressor, naar een die probeert te werken aan de betrekkingen met Europa, de VS, de Golf en Israël.’
De journalist merkt op dat in de bijna volledig gecontroleerde Turkse media geen verandering is gekomen in de Israël-vijandige retoriek. Ankara was in 2020 bovendien twee keer gastheer van een bijeenkomst met Hamas-leiders. Frantzman: ‘Geen enkel land dat verzoening met Israël nastreeft zou Hamas-terreurleiders zo’n boost geven. In feite geeft Turkije Hamas meer legitimiteit dan enig ander land ter wereld. Zelfs Iran deed vorig jaar niet zo veel voor Hamas.’
‘Erdogan heeft zich in het verleden zeer kritisch over Israël en het Joodse volk uitgelaten. Hij is een antisemiet, zoals veel Turken’, voegt hoogleraar Aktar toe. Volgens hem predikt Turkije wel verzoening, maar heeft het weinig concrete stappen gezet. ‘Kijk naar de nieuwe ambassadeur die Turkije voor Tel Aviv heeft benoemd. Ufuk Ulutas heeft weliswaar Hebreeuws gestudeerd, maar staat bekend als zeer pro-Palestijns en ontkende in het verleden het bestaansrecht van Israël. De vraag is daarom of Israël zijn geloofsbrieven zal accepteren.’
‘Erdogan is een antisemiet, zoals veel Turken’
‘Ulutas heeft Israël ervan beschuldigd mensen te deporteren en bloedbaden aan te richten. Hij is openlijk anti-Israël’, zegt Frantzman. Hij gelooft dan ook niet dat Israël zich zal laten verleiden door het Turkse charmeoffensief, omdat Israël al tien jaar lang vijandige retoriek vanuit Ankara te horen kreeg – inclusief de frequente bewering van Ankara dat Israël lijkt op nazi-Duitsland. ‘Israël heeft genoeg van het luisteren naar de hate speech van Ankara.’
Andere tijden
Naast een imagoprobleem heeft Erdogan zich te voegen naar de veranderende geopolitieke verhoudingen. Tot voor kort plaatste Erdogan de Palestijnse kwestie bovenaan de agenda, mede om Saoedi-Arabië af te troeven als leider van de islamitische wereld. Zeker vanwege de normalisering van de Israëlisch-Arabische betrekkingen zag Erdogan een uitgelezen kans om Saoedi-Arabië te ‘vervangen’ en zijn ‘neo-Ottomaanse’ agenda te promoten, vertelt de Griekse Turkije- en Midden-Oostendeskundige Alex Kassidiaris. Turkije ontving ook financiële en politieke steun van Qatar, dat lange tijd gebrouilleerd was met Saoedi-Arabië. Maar inmiddels zoeken Saoedi-Arabië en Qatar weer toenadering, terwijl bij Turkije doordringt dat de Palestijnse kwestie de internationale agenda niet meer zo dicteert als vroeger, aldus Kassidiaris.
‘Daarom probeert Erdogan zich flexibel op te stellen en banden te onderhouden met alle belangrijke spelers in het Midden-Oosten. Hoewel Erdogan door zijn politieke aard anti-Israëlisch is, neemt hij een opportunistische houding aan om veerkrachtig te kunnen reageren op de geopolitieke ontwikkelingen in de regio.’
Een andere factor die de houding van Erdogan beïnvloedt is de sterke banden van Israël met Cyprus, Griekenland en Egypte, legt Kassidiaris uit. ‘Dit zijn allemaal regionale vijanden van Turkije – denk aan hun samenwerking in het EastMed Gas Forum, dat kritiek heeft op de Turkse gasboringen in de Middellandse Zee.’
Turkije dreigde in augustus de betrekkingen met de VAE te verbreken, toen de vredesovereenkomst tussen dat land en Israël werd aangekondigd. Volgens journalist Frantzman toonde Ankara toen zijn ware gezicht: Israël moet worden geïsoleerd en beschimpt in de internationale fora.
‘Erdogan en zijnen beseffen waarschijnlijk dat hoe meer Israël economisch samenwerkt met de Golfstaten en met Griekenland, hoe minder Israël zich hoeft aan te trekken van de Turkse tirades. Turkije weet ook dat Qatar zich inmiddels heeft verzoend met Saoedi-Arabië. Men beseft dat de tijden zijn veranderd.’
De ‘verzoening’ met Israël wordt in Engelstalige Turkse staatsmedia gepusht om het imago van Turkije bij Israëls superbondgenoot Amerika op te krikken, nu Joe Biden aantreedt, zegt Frantzman. De nieuwe president staat een heel ander Turkije-beleid voor dan zijn voorganger Donald Trump, die Erdogan lang als vriend beschouwde en hem ruim baan gaf in Syrië. Ook feliciteerde Erdogan Biden niet met zijn verkiezingsoverwinning. Er is voor Biden verder geen enkele reden om de relatie met een autoritair, door Erdogan geleid Turkije te strakker aan te binden, denkt Aktar.
‘Turkije heeft professionele diplomaten nodig die de relaties met andere landen goed kunnen finetunen, maar die zijn er nauwelijks. Erdogan, die zelf geen buitenlandse talen spreekt, en een kleine groep van getrouwen bepalen het beleid. De afgelopen jaren zijn een heleboel bekwame ambtenaren aan de kant gezet, ook bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, en vervangen door ja-knikkers. Bij de instituties draait het niet langer om professionaliteit, maar om loyaliteit aan Erdogan.’
Tot de komst van Erdogan hadden Turkije en Israël goede relaties met elkaar. Terwijl de Arabische landen tevergeefs probeerden de Joodse staat van de kaart te vegen, erkende Turkije in 1949 als eerste islamitische natie de staat Israël. Volgens hoogleraar Cengiz Aktar zette Turkije deze stap, omdat de politieke elite pro-Westers was en daarom ook pro-Israël.
‘In 1946 werd in Turkije het multipartijensysteem geïntroduceerd, zodat Turkije meer leek op de Westerse democratieën. Het Turkse establishment wilde graag dat Turkije lid zou worden van de in 1949 opgerichte NAVO. Een stap om door het Westen meer geaccepteerd te worden was de erkenning van Israël. Het Turkse beleid wierp zijn vruchten af, want in 1952 werd Turkije lid van het Westerse militaire bondgenootschap.’
Sindsdien hebben Turkije en Israël hechte economische en militaire banden – zo sterk, dat Erdogan er niet in is geslaagd om deze helemaal te breken. Zo groeide de handel en blijven de Israëlische toeristen naar Turkije komen. Aktar:‘Turkije en Israël hebben een hele schizofrene relatie, die veel complexer in elkaar zit dan je op het eerste gezicht denkt.’
Duizenden gezinnen worden door het Koninkrijk der Nederlanden in de ellende gestort. Daarna komen de toegezegde euro’s om het weer goed te maken. Maar voor veel van hen die dit allemaal hebben moeten ondergaan komt er nauwelijks een zucht van verlichting.
Nog voor er ook maar een cent op de rekening van de gedupeerden is gestort, staan deurwaarders en andere schuldeisers alweer klaar om op die voordeuren te bonzen. Er is geld te halen. En dat gaat ook gebeuren. Met gevolg dat er maar weinig compensatie overblijft voor de families die toch al zo zwaar zijn getroffen.
Voor het vervolg van dit verhaal hebben de Engelsen een prachtige uitdrukking: adding insult to injury, het wrijven van zout in de wond. Maar zoals de Britten dus zeggen: eerst slaat de regering injury, diepe wonden, in onze samenleving. Daaroverheen volgt dan om het allemaal nog erger te maken een laaghartige insult, een zware belediging.
Onze inmiddels demissionaire bewindslieden staan na hun aftreden klaar om te vertellen hoe vreselijk het allemaal wel niet is. Institutioneel racisme, discriminatie, bevooroordeling en verkeerde beeldvorming bij de ambtelijke diensten liggen allemaal ten grondslag aan de narigheid. De Belastingdienst, het UWV, het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en nog meer overheden zouden zich aan al deze zaken schuldig hebben gemaakt.
En diegenen die wij als burgers bij de laatste verkiezingen het vertrouwen hebben geschonken? En de bewindslieden zelf? Die hebben de oplossing al klaar liggen. De ambtenaren van deze diensten krijgen bijscholing, stelde demissionair premier Rutte in een brief aan de Tweede Kamer.
Bijscholing om bewuste of onbewuste discriminatie en racisme af te leren? Kennelijk zit de ambtelijke samenleving dus zo in elkaar
‘Het gaat onder andere om trainingen over discriminatie en vooroordelen’, zegt Adriana van Dooijeweert, voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens. ‘Het doel is om mensen ervan bewust te maken dat iedereen onbewust vooroordelen heeft en het risico loopt onbewust te discrimineren. Het is belangrijk om je bewust te zijn van de gevolgen van discriminatie’.
Ho, wacht even. Bijscholing om bewuste of onbewuste discriminatie en racisme af te leren? Kennelijk zit de ambtelijke samenleving dus zo in elkaar. Zonder nadere instructies of training blijven de departementen vol zitten met vooroordelen, racisme en xenofobie. Artikel 1 van de grondwet ligt ergens in de onderste lade? Is dit dan het eindoordeel na de hele toeslagenaffaire over de mensen die hun dagelijkse werk proberen te doen?
De politiek doet een stap terug om over enkele dagen als nieuwe lijsttrekkers, nieuwe kandidaten of lijstduwers ons fraaie Nederland toe te roepen hoe mooi het de komende vier jaar weer door hun toedoen gaat worden. Maar de ambtenaren krijgen als trap na nog even te horen dat zij terug naar de schoolbanken moeten om te leren wat racisme en discriminatie is. Daar zijn zij ‘zich niet bewust van’.
In de Europese geschiedenis kreeg het Duitsland van de vorige eeuw een minister van Propaganda om het volk te leren hoe je kon discrimineren. De grote volksmenner uit die tijd schreef zelfs een boek hoe je mensen bijbrengt anderen als Untermenschen te behandelen. Zonder deze middelen was het mogelijk niet gelukt om de massa hierin mee te krijgen. Racisme en discriminatie is niet aangeboren.
Hier in Nederland, zo’n tachtig jaar later, wordt nu het tegenovergestelde beeld geschetst. De ambtelijke burger ‘discrimineert en sluit uit’. Maar gaat op cursus om dit af te leren.
Falend politiek en overheidsbeleid wordt vertaald in dit beledigende beeld van de samenleving dat wij voorgeschoteld krijgen. Na die diepe wonden thans die zware belediging. Adding insult to injury.
Volgens de Verenigde Staten maakt China zich schuldig aan genocide. Het is de zwaarste aanklacht van een regering tegen het optreden van China tegen de Oeigoerse moslims tot nu toe, aldus the New York Times.
‘Ik geloof dat deze genocide aan de gang is en dat we getuige zijn van de systematische poging van de Chinese partijstaat om de Oeigoeren te vernietigen’, aldus minister van Mike Pompeo (Buitenlandse Zaken) in een verklaring. Hij voegde eraan toe dat Chinese functionarissen ‘betrokken waren bij de gedwongen assimilatie en de uiteindelijke uitwissing van een kwetsbare etnische en religieuze minderheidsgroepering’.
Volgens de Verenigde Naties worden tenminste een miljoen Oeigoeren en andere moslims in heropvoedingskampen gehersenspoeld met communistische propaganda en gedwongen om varkensvlees te eten. Ook sloopt China moskeeën, verbiedt het baarden en probeert het via gedwongen sterilisaties en abortussen de Oeigoerse bevolking te beperken.
Pompeo raakte overtuigd van het feit dat wat China in Xinjiang aan het doen is genocide is, maar vond president Donald Trump en economische adviseurs tegenover zich. Die laatsten waren bang voor de negatieve economische gevolgen van een genocidebeschuldiging door het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.
De Chinese regering heeft eerdere beschuldigingen van mensenrechtenschendingen in Xinjiang van de hand gewezen. Tijdens een persconferentie in Peking vorige week veroordeelden ambtenaren Amerikaanse politici voor het uiten van dergelijke beschuldigingen.
Morgen neemt het kabinet van Trump ontslag, ook minister Pompeo. Joe Biden, die Donald Trump zal opvolgen als president, is ook uiterst kritisch over het beleid van China ten aanzien van de Oeigoeren. Een woordvoerder van Biden had tijdens de verkiezingscampagne al gezegd dat wat er in Xinjiang gebeurt als genocide kan worden bestempeld.
De Turkse oppositiepoliticus Selcuk Özdag en journalist Orhan Uguroglu zijn geslagen door een bende gewapende mannen.
Özdag (foto, links) werd aangevallen op weg naar de moskee, Uruglu (foto, rechts) terwijl hij in de auto probeerde te stappen. De aanvallen gebeurden allebei in enkele uren van elkaar, in de hoofdstad Ankara.
Waarschijnlijk zijn de daders lid van de Grijze Wolven, een militante extreemrechtse organisatie die is verbonden aan de MHP-partij. De MHP zit samen met de AKP van president Erdogan in de Turkse coalitie.
Enkele dagen voordat politicus Özdag (van de conservatieve Toekomstpartij) werd aangevallen had hij de MHP fel bekritiseerd. En journalist Ugoroglu beweert dat zijn aanvallers ‘Wij komen van de MHP’ hebben gezegd.
De MHP nam maar alvast afstand van de Grijze Wolven, door te stellen dat er ‘veel gekken’ rondlopen. Sommige lokale MHP-afdelingen zeiden wel dat de aanvallen terecht waren.
In het verleden zijn linkse activisten, Koerden, alevieten en leden van andere minderheidsgroepen in Turkije vermoord door de Grijze Wolven, terwijl de Turkse staat wegkeek. De militante tak van de MHP werd onlangs in Frankrijk verboden, na aanvallen op Armeniërs in het land.
36 NGO’s uit dertien landen hebben een formele klacht ingediend bij de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. Frankrijk zou zich al dertig jaar schuldig maken aan ‘verankerde structurele islamofobie en discriminatie van moslims’.
Als voorbeeld noemen de NGO’s de recente ‘onwettige en gewelddadige’ invallen bij moskeeën en islamitische organisaties. Sinds de moord op geschiedenisleraar Samuel Paty door een moslimextremist heeft de Franse regering de strijd tegen ‘islamistisch separatisme’ opgevoerd.
Ook noemen zij het hoofddoekverbod op openbare scholen (2004) en het verbod op de niqaab in openbare ruimten (2010).
De 36 leden tellende coalitie omvat belangengroepen en moslimraden uit onder meer Engeland, Amerika, Turkije, Frankrijk zelf. Ook de Nederlandse organisaties Sabir’s Legal Services en Muslim Rights Watch hebben zich aangesloten.
De regering verwierp gisteren nog een hoofddoekverbod voor meisjes. De Franse moslimraad ondertekende op dezelfde dag onder druk van de regering een handvest tegen radicalisering.
Schrijver Abdelkader Benali mag dit jaar de 4 mei-lezing houden in De Nieuwe Kerk in Amsterdam, kort voor de Nationale Herdenking op de Dam. Op social media klinkt naast lof ook kritiek op de keuze voor Benali.
Twitteraars duiken nu massaal op een vermeend antisemitische uitspraak die Benali ooit zou hebben gedaan, opgetekend door Midden-Oosten-correspondent Harald Doornbos in 2010 in HP/de Tijd.
‘We schrijven Beiroet, Libanon, juli 2006, de eerste dagen van de oorlog tussen Israël en Hezbollah’, schrijft Doornbos. ‘Ik loop hem [Abdelkader Benali] op een feestje tegen het lijf. Ik heb geen idee wie hij is, hij heeft nog nooit van mij gehoord. Benali barst los.’
Doornbos vervolgt: ‘Sinds hij een succesvol schrijver is en wat meer geld heeft, komt hij vaker in Amsterdam-Zuid. Jemig, daar blijkt het vol te zitten met joden. En het vervelendste is: het zijn zoveel joden! Amsterdamse joden. Je voelt je als Marokkaan nauwelijks op je gemak. Het lijkt Israël wel. Heel irritant allemaal. Zoveel joden, dat voelt gewoon gek aan. Ik denk: is er soms iets mis met Holland’s leading writer?’
Ook NRC-cartoonist Ruben Oppenheimer is niet blij met Benali’s uitverkiezing, twittert hij: ‘Van alle schrijvers in Nederland kiest Comité 4 & 5 mei de man die ooit over ondergetekende, wiens halve familie door de nazi’s is vermoord, zei: ‘Die cartoonist zou in de Nazi-tijd zich werkelijk hebben uitgeleefd.’ Is die 4 mei-lezing soms een strafopstel voor Holocaust-wappies?’
Oud-journalist Erick Overveen doet op Twitter een extra duit in het zakje: ‘Eind 2004 interviewde ik (collega)schrijver Abdelkader Benali in ’t filmhuis in Venlo. Hij vond dat ik mij niet zo moest opwinden over de moord op Theo van Gogh. Logisch dat we zo iemand voor onze dodenherdenking uitnodigen, toch?’, stelt hij sarcastisch.
Tot nu toe heeft Benali nog niet gereageerd op de kritiek die over hem wordt uitgestort.
Vorig jaar hield schrijver Arnon Grunberg de 4 mei-voordracht, over de concentratiekampen en het belang van herdenken om deze gruwelijkheden in de toekomst te voorkomen. Hij kreeg naast de nodige lof ook felle kritiek, vanwege deze passage: ‘Voor mij was het van begin af aan duidelijk: als ze het over Marokkanen hebben, dan hebben ze het over mij.’
‘De angst voor het jodendom en de jood uit de jaren twintig is ongeveer net zo rationeel als de angst voor de moslim en de islam van heden’, stelde Grunberg gisteren nog in een tweet, die werd geretweet door Benali.
Van de drie islamitische aspirant-omroepen die zich vorig jaar aandienden had de IslamOmroep de beste papieren. De teller bleef echter steken op ruim 16.500 betalende leden, terwijl er op 31 december minimaal 50.000 nodig waren. Te veel wantrouwen onder Nederlandse moslims en de komst van corona maakten de ledenwerving moeilijk.
Van een drieluikdocumentaire over het boerkaverbod als symboolmaatregel tot een discussie over islamitische instituten. De IslamOmroep wilde met zijn uitzendingen een ‘helder islamitisch geluid’ laten horen in Nederland. Dat laten de pilotprogramma’s op zijn YouTube-kanaal duidelijk zien.
Er leven in Nederland zo’n miljoen moslims. Veel Nederlandse moslims hebben het idee niet altijd goed te worden neergezet in het huidige televisieklimaat. Er zou te weinig ruimte zijn voor hun stem. Nadat eind 2015 de laatste publieke moslimomroepen van de buis verdwenen, bleef alleen nog maar het NTR-programma De Nieuwe Maan over. En dat programma is onder moslims nogal omstreden, vanwege de islamkritische koers van (inmiddels oud-)presentatrice Fidan Ekiz en het uitnodigen van de rechtse publicist Jan Roos en Pegida-voorman Edwin Wagensveld.
Het is daarom niet vreemd dat vorig jaar maar liefst drie islamitische aspirant-omroepen zich hadden aangemeld om mee te doen aan het publieke omroepbestel. Elke vijf jaar is er gelegenheid om een nieuwe omroep te beginnen en zendtijd te krijgen op de publieke televisie. De voorwaarde: je moet wel minimaal 50.000 betalende leden hebben. Naast de IslamOmroep deden ook M24 en de Vereniging Moslimmedia mee, maar zij kwamen niet in de buurt van het aantal leden van de IslamOmroep.
Verbindend, maar niet genoeg
De IslamOmroep wilde een omroep zijn voor alle moslims in Nederland en op die manier verbindend zijn, stelt oprichter en imam Azzedine Karrat. ‘We willen niet in groepen of etnische lijnen denken, en niet worden aangestuurd door bepaalde koepelorganisaties. Het Nederlandse burgerschap is gemeenschappelijk.’
Azzedine wist een coalitie te smeden van moskeekoepels die de nieuwe omroep wilden steunen, waaronder de landelijke Federatie Islamitische Organisaties en moskeekoepels in onder meer de regio’s Haaglanden, Rijnmond, Utrecht, Brabant en Zeeland. Alleen grote Turkse organisaties ontbraken, zoals moskeekoepels Diyanet en Milli Görüs. Volgens Karrat kwam dat omdat ze zo goed zijn georganiseerd. ‘Deze organisaties zijn nogal hiërarchisch. Daarom was het niet te doen om een initiatief te steunen dat niet van henzelf afkomstig is.’
Ook speelde mee dat Karrat scheef voor de Kanttekening. ‘Bij sommige instellingen en organisaties werd het idee gewekt dat ik voor Gülenisten zou werken’, aldus de imam. ‘Een van de argumenten die hiervoor werd gebruikt, is dat ik columnist was bij de Kanttekening. Gelukkig is het bij de meerderheid van de individuen verdwenen, maar bij instellingen en organisaties is dat beeld wel langer blijven hangen.’
Onder de leden die zich hebben aangemeld voor de IslamOmroep waren dan ook veel moslims van Turks-Nederlandse afkomst, aldus Karrat. Ook vanuit andere groepen, zoals moslims met een Somalische of Indonesische afkomst, kreeg de omroep steun van imams. Dat het niet is gelukt om voor hen een publieke omroep te starten vindt Karrat dan ook erg jammer.
Die diversiteit in het islamitische landschap maakt het opstarten van een islamitische omroep een lastige onderneming, denkt politicoloog en zelfstandig onderzoeker Ewoud Butter. In Zuilen in de Polder (2018) beschreef hij de geschiedenis van organisatievorming onder Nederlandse moslims.
Butter trekt een vergelijking met het verzuilde verleden van Nederland. Volgens hem zijn er weinig landen waar de islamitische gemeenschap zo divers is als in Nederland. Om een islamitische omroep te starten, moeten uiteenlopende religieuze en etnische groepen samenwerken, stelt hij. Dat leidde in het verleden tot de oprichting van koepelorganisaties.
‘Het ging toen echter vaak mis door onderlinge ruzie. Er was niet alleen strijd over de religieuze richting, maar er was ook vaak strijd tussen de ego’s van bestuurders, vaak van de eerste generatie. Zij wisten wel hoe je een islamitische koepel bestuurt, maar niet hoe je een omroep leidt.’
Dat versnipperde landschap tussen religieuze stromingen, koepelorganisaties, politieke verschillen en etnische groepen is er nog steeds, aldus Butter. Toch ziet hij ook positieve ontwikkelingen. ‘Er komt een nieuwe generatie bestuurders aan die professioneler is en gemakkelijker onderlinge verschillen kan overbruggen.’
Hij denkt dat er uiteindelijk wel een moslimomroep komt. ‘Het is een goed democratisch recht je eigen omroep te beginnen wanneer je je niet vertegenwoordigd voelt in het huidige omroepbestel. Ik zie het als een vorm van emancipatie. Er bestaat in ieder geval een grote behoefte om het anders doen dan De Nieuwe Maan.’
Daar is opiniemaker en publicist Nourdeen Wildeman, informeel betrokken bij de ledenwerving van de IslamOmroep, het mee eens. De Nieuwe Maan is volgens hem veel te negatief en vrijwel alleen maar kritisch over moslims. Een echt op de islam gebaseerde omroep is dan ook een verrijking van het publieke bestel, vindt hij.
‘Er bestaat in ieder geval een grote behoefte om het anders doen dan De Nieuwe Maan’
‘Een omroep met content waar moslims blij mee zijn en waar ze zich bij thuis voelen zou heel goed zijn geweest. Juist als publieke omroep kun je met het bijbehorende budget ook echt professionele producties maken’, aldus Wildeman. ’Zo kan je het kwaliteitsniveau naar boven tillen Ze zeggen wel eens van democratische landen dat het volk de leider krijgt die het verdient. Ik zeg: wij moslims in Nederland krijgen de omroep die we verdienen – geen. Omdat we zoveel verschillende gemeenschappen in ons land hebben werkt het niet.’
Er is niet één moslim waar 50.000 man zich achter scharen, waar alle moslims zich mee associëren, gaat Wildeman verder. Dat is wel gebleken rond de persoon van kartrekker Azzedine Karrat. ‘Een etniciteit-overstijgend initiatief als IslamOmroep is heel belangrijk, maar het is echt nog een uitdaging om de verschillende islamitische gemeenschappen meer te verenigen en los te maken van de etnische verschillen. Daar zijn we nog lang niet.’
Wantrouwen
Daarnaast hebben veel moslims in Nederland wantrouwen richting de omroepen, stelt Wildeman. ‘Ze hebben een negatief beeld van de media en begrijpen niet hoe die werken. Als er een publieke omroep komt, bepaalt die dan wat de islam is? De Nieuwe Maan helpt ook niet om dat te verminderen. Moslims extrapoleren hun negatieve ervaringen met deze omroep naar dit nieuwe initiatief. Daardoor kreeg de IslamOmroep geen kans.’
Ook Karrat noemt dit wantrouwen als een van de redenen waarom de IslamOmroep niet de 50.000 leden haalde. ‘We hadden eerder een moslimomroep (zie kader, red.), en dat was voor velen geen al te positieve ervaring. Het vertrouwen in de media is laag, door de negatieve framing over moslims’, zegt hij.
‘Wij moslims in Nederland krijgen de omroep die we verdienen – geen. Omdat we zoveel verschillende gemeenschappen in ons land hebben werkt het niet’
Onder Nederlandse moslims leeft het gevoel al jarenlang te worden zwartgemaakt in de media, geeft hij aan: ‘‘Hoe gaat het jullie dan lukken als nieuwe omroep?’, was een vraag die mij werd gesteld.’ Daarnaast heerst er ook wantrouwen richting de overheid, omdat deze de publieke omroepen subsidieert. Daardoor denken velen dat de overheid de koers bepaalt, aldus Karrat. ‘Want wie betaalt, die bepaalt, toch?’
De IslamOmroep kreeg het afgelopen jaar dan ook te maken met allerlei haat- en lastercampagnes, vervolgt Karrat. Toen zijn omroep de grens bereikte van 10.000 leden, begonnen op social media en op andere media berichten te verschijnen die de nieuwe omroep in een kwaad daglicht stelden.
‘Blijkbaar namen ze ons eerst niet serieus, maar toen we op een gegeven moment per dag gemiddeld vijfhonderd leden erbij kregen en in het weekend som zelfs duizend per dag, werden sommige mensen zenuwachtig’, zegt Karrat.
Sommige moslims vonden dat de omroep te liberaal is en niet de ‘ware islam’ verkondigt. Er ontstond zelfs een ware complottheorie die stelde dat de IslamOmroep in opdracht van de overheid moslims wilde bespelen, om ze zo een liberale islam aan te smeren.
Maar misschien wel de belangrijkste reden dat de magische grens van 50.000 leden niet werd gehaald, was de komst van het coronavirus. De lockdowns maakten het leden werven in de moskeeën een stuk lastiger, vertelt Karrat. ‘Door corona konden moskeeën bijvoorbeeld weinig doen behalve live online sessies organiseren. En daar spreek je de oudere moskeebezoekers niet mee aan. En juist de jongeren, die wel online te vinden zijn, zijn weer niet zo geïnteresseerd in verenigingen en om ergens lid van worden.’
‘Als je kijkt naar hoeveel steun we hebben gekregen vanuit moskeeën, en hoeveel positieve reacties er waren, dan had het makkelijk gekund’
Omdat de werving grotendeels online plaatsvond, is het overgrote deel van de ruim 16.500 leden veertig jaar of jonger. Karrat is ervan overtuigd dat het zonder lockdowns wel was gelukt. ‘Als je kijkt naar hoeveel steun we hebben gekregen vanuit moskeeën, en hoeveel positieve reacties er waren, dan had het makkelijk gekund. De IslamOmroep was echt even hét gesprek van de dag onder Nederlandse moslims. We kregen aandacht genoeg.’
Waarom is de IslamOmroep niet gaan samenwerken met de twee andere islamitische aspirant-omroepen, om zo gezamenlijk wel die ledengrens te halen? ‘We hebben simpelweg te verschillende visies en doelen’, legt Karrat uit, die wel in gesprek ging met een andere islamitische aspirant-omroep, M24. Volgens Karrat heeft M24 duidelijk meer gekozen voor een multiculturele benadering, zoals die van Omroep Zwart, die wel de 50.000 leden haalde.
‘Er is al genoeg aandacht in programma’s voor de multiculturele samenleving, maar er is te weinig aandacht voor programma’s die gemaakt worden vanuit de islam’, zegt de imam. Met de IslamOmroep wil Karrat naar eigen zeggen het islamitische geluid duidelijk vertegenwoordigen, een stem geven aan Nederlandse moslims en hun praktijken laten zien.
Daarbij streeft IslamOmroep ernaar om binnen de kaders van de islam te blijven. ‘Met de Vereniging Moslimmedia hebben we overigens geen gesprekken gehad’, vertelt hij. ‘Zij waren er later bij gekomen, toen wij al heel ver waren. Ik merk dat zij meer vanuit de Turkse achterban werken.’
Digitaal verder
Ondanks dat de omroep niet genoeg leden wist te behalen voor zendtijd op de publieke televisie kijkt Karrat met een positief gevoel terug. ‘Alles wat we tot nu toe hebben bereikt zie ik als winst. We zijn met nul begonnen en zijn stapsgewijs gegroeid’, zegt hij. ‘Ik ben trots op hoe wij ons hebben georganiseerd, met ruim 130 vrijwilligers die zich geroepen voelden om iets te doen voor de omroep. We hebben ruim 14.500 volgers op Instagram, ruim 11.000 volgers op Facebook en meer dan 16.500 leden. En dat in een paar maanden tijd.’
Instagram-bericht van de IslamOmroep op 1 januari. (Beeld: IslamOmroep)
Over zo’n vier jaar gaat de IslamOmroep het nog een keer proberen als publieke omroep. Tot die tijd gaat de IslamOmroep digitaal verder. Karrat: ‘Die tijd is zo voorbij, kijk maar naar de verkiezingen. Nu gaan we eerst reflecteren. Binnenkort gaan we bekendmaken wat we precies gaan doen en hoe. Het komende jaar wordt sowieso een jaar van experimenteren, veel dingen proberen en ons verder ontwikkelen. De behoefte naar programma’s met een islamitisch perspectief blijft in ieder geval groot.’
De IslamOmroep is niet de eerste moslimomroep die een poging doet om een plek te krijgen tussen de publieke omroepen. In 1986 werd al de eerste moslimomroep opgericht: de Islamitische Omroep Stichting (IOS). Die was opgezet vanuit de Islamitische raad Nederland (IRN), waarbij destijds de Marokkaanse koepel UMMON, de Surinaamse WIM en de Turkse TICF bij waren aangesloten. Later volgde in 1993 de Nederlandse Moslim Omroep (NMO). Die moest vanaf 2004 de zendtijd delen met de Nederlandse Islamitische Omroep (NIO).
Vijf jaar later meldden zich drie nieuwe omroepen: Stichting Moslim Omroep (SMO), Samenwerkende Moslim Organisaties Nederland (SMON) en Stichting Academica Islamica (SAI), die alle drie echter geen zendtijd kregen. In 2012 lukte de Moslimomroep (MO) van de Stichting Zendtijd Moslims (SZM) dat wel. Alle hierboven genoemde omroepen waren omroepen op religieuze of levensbeschouwelijke basis zonder leden. Dit was tot 31 december 2015 wettelijk mogelijk. Vanaf 2016 moesten al deze omroepen onderdak vinden bij één van de grote omroepen. Dat lukte de moslimomroepen niet.
Sindsdien is de enige televisie met islamitische insteek de talkshow De Nieuwe Maan van de NTR. In 2007 meldde de eerste moslimomroep met betalende leden zich, Zenit. Deze omroep wilde de ontwikkeling van een tolerante Nederlandse islam bevorderen, maar haalde niet genoeg leden om mee te mogen doen.
Precies veertien jaar geleden werd de Armeense journalist Hrant Dink vermoord. Voor zijn eigen kantoor bij de krant Agos in Istanbul. Vorig jaar schreef ik een stuk over het boekHrant van Tuba Candar. En nu ik dat teruglees, raak ik weer bedroefd.
De leegte die hij heeft achtergelaten is immens. Een leegte die nog steeds wordt gevuld met diep verankerde gevoelens van angst, wantrouwen, haat en minachting naar ‘de andere kant’.
En hoewel het relatief makkelijk is om vanuit het veilige en rijke Westen hierover te schrijven, is haat een investering in geweld, in de mentale moord op die ‘verdomde andere kant’, een houding die bij genoeg herhaling altijd ook fysiek een uitweg zal vinden.
‘We’ hebben in Nagorno-Karabach, of Artsach, gezien wat die jarenlange en structurele investering in haat heeft opgeleverd. Huilende moeders, genocidaal geweld en vluchtelingenstromen.
Ik herhaal nogmaals wat ik vorig jaar al stelde: een Nederlandse of een Engelse vertaling van het boek Hrant moet verplichte kost zijn in alle scholen waar mensen met een Armeense en Turkse achtergrond onderwijs genieten.
Waar heb ik het over? De wijsheid die Hrant aan de man bracht is van universele waarde. Zijn liefde voor de mensheid moet wereldwijd gaan. Structureel en collectief, omdat de handelaars in giftig nationalisme en de dood ook georganiseerd te werk gaan.
De wijsheid die Hrant aan de man bracht is van universele waarde. Zijn liefde voor de mensheid moet wereldwijd gaan
Inmiddels leren we op school wie Rosa Parks, Martin Luther King en Malcolm X zijn. Voorvechters van de strijd tegen racisme en witte superioriteit in de VS. Waarom worden Hrant Dink of de Koerdische advocaat Tahir Elci niet aan het curriculum toegevoegd?
De geschiedenis van de strijd tegen racisme is ook een geschiedenis van de vreedzame strijd tegen Turks racisme en Turks-islamitische superioriteit. Voor een bredere antiracismebeweging is deze kennis noodzakelijk.
Hrant was in die zin ook een verbinder. Hij streed bijvoorbeeld ook tegen islamofobie door het vroegere, seculiere bewind in Turkije. Zo vertelt hij over een moeder die werd geweigerd bij de afstudeerceremonie van haar dochter: ‘Ik wilde de hoofddoek van die vrouw bij mijn christelijke vrouw omdoen, naar binnen stormen en het volgende schreeuwen: ‘Kom dan, gooi ons ook maar naar buiten.’’ Een aanklacht tegen de seculiere diehards van Turkije, die voortdurend zeggen dat religieuze onverdraagzaamheid wordt opgedrongen door islamitische politici.
Door zelfs zulke praktijken te verdedigen, zijn het seculiere Turken die de religie politiek instrumentaliseren en daarmee een moderne variant van onverdraagzaamheid aanstoken. Seculieren moeten die onverdraagzaamheid neutraliseren, anders zal het zich tegen henzelf keren, zei Hrant al twintig jaar geleden. De seculiere intolerantie van toen is nu vervangen door de religieuze intolerantie van Erdoganisten, maar deze woorden gelden ook voor islamofoob Nederland.
Ook legde Hrant de vinger op de zere plek wat betreft de nostalgische herinneringen binnen meerderheidsculturen aan leden van een minderheid. ‘Dagelijkse vertellingen die besprenkeld zijn met zinnen als ‘Mijn vaders leermeester was een Armeniër’, ‘Yaya Mari uit onze buurt maakte zulke pilaki-gerechten, dat we onze vingers erbij aflikten..’, ‘We waren als bloedbroeders met Kevork in het leger’, het kan niet op. In die mate zelfs, dat wij gewend zijn geraakt aan het feit dat jullie niet eens door hebben dat jullie voor jezelf aan het applaudisseren zijn met dat nostalgisch geaai, hoe oprecht bedoeld ook. Het feit dat we onszelf als jullie antieke spullen zien, of als jullie hobby. Maar deze oppervlakkige nieuwsgierigheid, zonder verdieping, is een vorm van egoïsme. De echte vraag is: waarom zijn ze verdwenen?’
De herdenking dit jaar, sorry broeder Hrant, bezorgde mij vooral dit gevoel van falen en schuld. Want deze column is een afgestofte herinnering aan een vermoorde Armeniër van een Turk, van ik die de volgende dag weer keert tot de gesegregeerde orde van de dag, en op 24 april daar weer mee wordt geconfronteerd. Segregatie is kennelijk fijn, maar o-zo-dodelijk op de langere termijn.
Onze site gebruikt cookies en vergelijkbare technologieën onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren en daardoor onze website verbeteren.
Deze website gebruikt cookies om uw gebruikservaring op deze website te verbeteren. Van deze cookies worden cookies aangemerkt als "Noodzakelijk" in uw browser bewaard, deze cookies zijn essentieel voor het functioneren van de website. Bijvoorbeeld het opslaan van uw keuze of u wel of geen cookies wilt hebben. Wij maken ook gebruik van cookies van derde partijen die ons helpen met het analyseren en begrijpen van de gebruik van deze website door u. Deze cookies worden alleen gebruikt als u daar toestemming toe geeft. U heeft ook de mogelijkheid om uzelf uit te sluiten voor deze cookies. Dit zal echter effect hebben op uw gebruikerservaring.
Noodzakelijke cookies zijn absoluut nodig voor het functioneren van de website. De cookies in deze categorie zorgen alleen voor de veiligheid en het functioneren van deze website . Deze cookies bewaren geen persoonlijke gegevens
Deze cookies zijn niet strict noodzakelijk, maar ze helpen de Kanttekening een beter beeld te krijgen van de gebruikers die langskomen en ons aan te passen aan de behoeftes van onze lezers. Hiervoor gebruiken wij tracking cookies. Bij het embedden van elementen vanuit andere websites zullen er door deze sites ook cookies worden gebruikt.