18.3 C
Amsterdam
Home Blog Pagina 744

Rusland: sushiketen trekt reclame met zwarte man in na bedreigingen

0

Een Russische sushi-bezorgketen heeft zich verontschuldigd voor een advertentiecampagne met een zwarte man. De reclame is zelfs ingetrokken, volgens de directeur omdat hij doodsbedreigingen kreeg.

Sushiketen Yobidoyobi, dat in 65 Russische steden actief is, plaatste twee weken geleden advertenties met een zwart model. Op een van de advertenties wordt deze man omringd door drie witte vrouwen. De social media-accounts van het keten werden al snel overspoeld met hatelijke opmerkingen.

Veel haatreacties kwamen van de extreemrechtse groep Male State, die zich keert tegen feministen, LHBT-activisten en biraciale relaties. Op social media heeft deze groep meer dan 100.000 leden. Op Telegram heeft de leider van Male State zijn volgers opgeroepen tot ‘echte’ actie.

De directeur van Yobidoyobi meldt dat aanhangers van Male State negatieve recensies over zijn sushirestaurant schreven en links naar de social media-accounts van de advertentiemodellen online verschenen. Zelf kreeg hij talloze doodsbedreigingen en tientallen hatelijke telefoontjes. Male State-aanhangers zouden ook valse bestellingen bij Yobidoyobi hebben geplaatst.

De directeur besloot te buigen voor de extreemrechtse druk. Yobidoyobi haalde de advertenties weg en plaatste een verontschuldiging op de Instagrampagina: ‘Namens het hele bedrijf willen we onze excuses aanbieden voor het beledigen van het publiek met onze foto’s. We hebben alle inhoud verwijderd die deze hype veroorzaakte.’

Op hun Vkontakte-pagina – Vkontakte is het Russische zusje van Facebook – plaatste Yobidoyobi een verontschuldiging ‘aan de Russische natie’, omdat het bedrijf ‘het Russische volk pijn had gedaan’ met de foto’s.

Deze verontschuldigingen schieten bij progressieve Russen in het verkeerde keelgat. ‘Schaamt u zich zelf niet voor deze beschamende verontschuldiging, geschreven alsof de Taliban met machinegeweren over u heen stond?’ schrijft iemand op Instagram.

Dit is niet het eerste intimidatie-incident in Rusland. In juli trok het bedrijf VkusVill een reclamespot met een LHBT-koppel terug en bood het zijn excuses aan. Het bedrijf werd voor de advertentie aangevallen door conservatieve activisten, die VkusVill ‘homopropaganda’ verweten. Sommige klanten rekenden VkusVill af voor het intrekken van de advertentie en het aanbieden van excuses. De gevolgen voor het LHBT-koppel waren ernstiger: de twee vrouwen maakten vorige maand bekend dat ze met hun gezin Rusland zijn ontvlucht, nadat ze met de dood waren bedreigd door activisten.

Afghaanse journaliste die primeur had met Taliban-interview is gevlucht

0

In één klap werd ze wereldberoemd: de Afghaanse journaliste Beheshta Arghand, die eerder deze maand de primeur had als vrouw een Taliban-woordvoerder te interviewen. Inmiddels is de grond haar toch te heet onder de voeten geworden en is ze haar land ontvlucht, bericht CNN.

‘Ik heb het land verlaten omdat ik, net als miljoenen anderen, bang ben voor de Taliban’, zegt Arghand.

Volgens de eigenaar van het Afghaanse nieuwsnetwerk TOLO waar ze werkte, is haar zaak symbolisch voor de situatie in Afghanistan.

‘Bijna al onze bekende verslaggevers en journalisten zijn vertrokken. We hebben als een gek gewerkt om ze te vervangen door nieuwe mensen.’

Volgens Arghand was het interview met de Taliban-vertegenwoordiger moeilijk, maar deed ze het voor de Afghaanse vrouwen. ‘Ik zei tegen mezelf: ‘Een van ons moet beginnen… Als we in onze huizen blijven of niet naar onze kantoren gaan, zullen ze zeggen dat de dames niet willen werken’, maar ik zei tegen mezelf: ‘Begin met werken.’ Dat zei ze ook tegen de Taliban-vertegenwoordiger.

In de dagen erna hoorde Arghand steeds meer nieuwsberichten over intimidaties door de Taliban, die zich ook op de nieuwsmedia richtten. Daarom besloot de journaliste haar land te ontvluchten.

Arghand sluit niet uit dat ze ooit terugkeert naar Afghanistan. ‘Als de Taliban doen wat ze hebben gezegd – wat ze hebben beloofd – en de situatie beter wordt, en ik weet dat ik veilig ben en er geen gevaar voor mij is, zal ik teruggaan naar mijn land en zal ik werken voor mijn land en voor mijn volk.’

Militariabeurs betreurt verkoop Jodenster: ‘Deze glipte erdoorheen’

0

Op een militariabeurs in Houten werd een gedragen Jodenster verhandeld. Dat had niet mogen gebeuren, aldus organisator Gaston Vrolings in reactie op ophef die dit weekend ontstond.

Volgens Vrolings verhandel je een Jodenster niet op een beurs. ‘Dat zal ik alle standhouders laten weten’, zegt hij. ‘Deze ene is er doorheen geglipt.’

Op de beurs werden anderhalve week geleden dolken met hakenkruizen, een buste van Adolf Hitler, SS-insignes, Hitler-postzegels en onderscheidingen uit de nazitijd verhandeld.

Ronny Naftaniel van het Centraal Joods Overleg (CJO) noemde de verkoop van de spullen ‘walgelijk’, nadat hij hier afgelopen zaterdag door het tv-programma Kassa mee werd geconfronteerd. Samen met het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) heeft Naftaniel aangifte gedaan tegen Vrolings.

‘Als je een gedragen Jodenster verkoopt, ga je misschien niet over een wettelijke grens. Maar je gaat wel over een morele grens’, zegt ook de directeur van de Expo-hallen in Houten, waar de beurs geregeld wordt gehouden. Hij heeft deze ochtend een gesprek met Vrolings.

Hoewel Vroling afstand neemt van de gedragen Jodenster, dient de beurs verder een educatief doel en er vindt er niets ontoelaatbaars plaats, zegt hij. ‘Al veertig jaar bestaan deze beurzen en het zijn doodgewone verzamelaars die de beurs bezoeken.’

Nationaal Coördinator Antisemitisme Eddo Verdoner heeft hier twijfels over. ‘Het is naïef te denken dat het hier alleen gaat om een aantal stoffige verzamelaars, zeker ook als je kijkt naar het opkomend rechtsextremisme in Europa.’

Ook bij Biden is het America First, Israel Second – en wij lopen erachteraan

0

Velen waren in een jubelstemming toen Joe Biden de Amerikaanse presidentsverkiezingen won. Nog eens vier jaar Donald Trump? Nee, dan maar Sleepy Joe, zoals Trump zijn tegenstander noemde. Misschien ben ik te cynisch geworden door te veel gebroken beloftes van politici door de jaren heen, maar ik begreep werkelijk de vreugde niet.

We hadden immers al Barack Obama gehad, die met campagnes over Change en Hope werd verkozen, maar uiteindelijk een van de grootste teleurstellingen bleek voor Amerika én voor de rest van de wereld. Ongelijkheid en onrechtvaardigheid namen alleen maar toe onder Obama’s presidentschap. En in het Amerika dat Obama achterliet kon een Trump de verkiezingen winnen. Dus hoezo moest ik blij zijn met Biden, die ook nog eens vicepresident was onder Obama?

Op de dag na de verkiezingsoverwinning vorig jaar schreef ik op Facebook: ‘I just can’t be happy that Trump lost today. Sorry, I just can’t. The violent American system didn’t lose. It still dominates the world and Biden is not going to change that, without being challenged. He represents American nationalism, western and white primacy, just like Trump.’

Het verbale geweld van Trump mag dan wel gestopt zijn, maar het werkelijke geweld en de vernedering van ongelijkheid en oorlog gaat door. Je kon het al zien in de reactie van Biden op de Israëlische oorlogsmisdaden in de laatste Gaza-oorlog. Als je daar een verschil denkt te kunnen vinden in hoe Trump, Obama, Bush of Clinton daarop hebben gereageerd – ‘Israël heeft het recht zichzelf te verdedigen’ –, dan leef je op een ander planeet. Ook voor Biden is het America First, Israel Second en de rest van het Westen loopt erachteraan.

Het verbale geweld van Trump mag dan wel gestopt zijn, maar het werkelijke geweld en de vernedering van ongelijkheid en oorlog gaat door

Het zijn onschuldige Palestijnen, Koerden, Irakezen, Syriërs, Ethiopiërs en nu weer Afghanen die daarvoor een dodelijke prijs betalen. Ze zijn allemaal meerdere malen verraden door de Verenigde Staten en hun Europese bondgenoten. Ja, ook door onze Nederlandse regering, met al haar leugens over vrijheid en democratie, die telkens maar weer holle frasen blijken te zijn.

Het doet me altijd weer denken aan een gewelddadige verhoor- en martelscene in de film Three Kings uit 1999. Een Irakese soldaat vraagt aan een gevangengenomen Amerikaan waarom ze in Irak zijn. Wanneer de Amerikaan reageert dat Saddam Hoessein de regio heeft ontwricht en zij de stabiliteit gaan herstellen, houdt de Irakees het niet meer en giet door middel van een CD-hoes olie in de mond van de gevangene: ‘Here is your stability, my man!’

Ik was veertien toen ik deze film in de bios zag. Het was voor het vak CKV in 3 havo. We schreven er met mijn Turkse matties lyrische recensies, zodat onze witte docent besloot om de film ook te gaan zien. ‘Meester, meester, heeft u Three Kings nou eindelijk gezien?’, vroegen we elke week in de klas. ‘Ja, hele goeie film! Ik lees er elke dag over in de krant’, zei de heer Demaret, en gaf mij zijn Volkskrant, die hij elke dag uit zijn koffer haalde, met een groene appel ernaast.

Twee jaar later, op 11 september 2001, vonden de aanslagen plaats op de Twin Towers in New York. George W. Bush, ‘de leider van de vrije wereld’, ontwrichtte met zijn kruistocht en zijn – ‘Either you are with us, or you are with the terrorists’ – de wereld en verdeelde die in good guys en bad guys. Jan Peter Balkenende, Wouter Bos, Mark Rutte, Lodewijk Asscher – deze rechtse en ‘linkse’ politici steunden deze politiek van leugens en racisme. Een politiek die duizenden mensen het leven heeft gekost. Een politiek waar Nederland nog steeds geen rekenschap voor heeft afgelegd. Nog steeds niet.

Tja, vind je het gek dat de Taliban en ISIS dan – reality check – aan de deur kloppen. En nu wil Joe Biden de ‘War on Terror’ beëindigen. Zo werkt het dus niet. Twintig jaar oorlog betekent nog eens minimaal twintig jaar extra zorg voor de Afghanen die daar slachtoffer van zijn geworden. Evacueer de Afghanen, open de grenzen, weg met Fort Europa. Laat je oren niet hangen naar ‘Auschwitz back for blacks’. Luister een keer naar de slachtoffers.

Peiling: helft Amerikanen wil minder militaire steun aan Israël

0

50 procent van de Amerikanen vindt dat de militaire hulp aan Israël moet worden beperkt. Dat blijkt volgens de Chicago Council Survey, dat zijn opinieonderzoek in juli uitvoerde.

Twee derde van de Democraten vindt dat Israël ‘het gebruik ervan in militaire operaties tegen Palestijnen moet verbieden’. Een derde is tegen een dergelijk idee. Onder Republikeinen is het precies andersom.

Hoe moet het Israël-Palestinaconflict worden opgelost? Ook daarin betuigen de Amerikanen steeds meer sympathie voor de Palestijnen. 56 procent vindt een onafhankelijke Palestijnse staat op de Westelijke Jordaanoever en Gaza acceptabel. 60 procent ziet een éénstaatoplossing, waarbij Israëliërs en Palestijnen als gelijkwaardige burgers worden behandeld, ook wel zitten

Ook andere recente onderzoeken tonen steeds minder draagvlak voor onvoorwaardelijke Amerikaanse steun aan Israël. In een Gallup-enquête van maart stelde voor het eerst een meerderheid onder Democraten dat de Verenigde Staten druk moeten uitoefenen op Israël – en niet op Palestina. En in een opiniepeiling van het Jewish Electorate Institute van juli gelooft een op de drie Joden dat Israëls behandeling van Palestijnen verwant is aan anti-zwart racisme in de Verenigde Staten. Een kwart van de Joodse Amerikanen vindt zelfs dat Israël een apartheidsstaat is.

Hoewel het draagvlak voor onvoorwaardelijke steun voor Israël dus afneemt, hebben de Verenigde Staten hun pro-Israëlische beleid nog niet bijgesteld.

Vorige week maakte de Amerikaanse president Biden voor het eerst lijfelijk kennis met de nieuwe rechtse Israëlische premier Naftali Bennet (foto). Amerika zegde toe Israel te helpen met ‘alle mogelijke middelen om zichzelf te verdedigen tegen Iran’, dat onlangs de zeer anti-Israëlische hardliner Ebrahim Raisi aanstelde als president.

‘Turkije en Taliban naderen deal over Kabul Airport’

0

Turkije staat op het punt om eerdaags een deal met de Taliban te sluiten over de internationale luchthaven op Kabul, aldus nieuwswebsite Middle East Eye.

Het idee zou zijn dat Turkije de luchthaven zal beveiligen via een privébedrijf, met behulp van voormalige soldaten en politie. Samen met de golfstaat Qatar zal Turkije dan de luchthaven exploiteren. De deal zou ook inhouden dat Turkije de Taliban als legitieme regering erkent.

Dit weekend maakte de Turkse president Erdogan ook bekend dat de Turkse ambassade is teruggekeerd naar haar gebouw in de hoofdstad Kabul. Andere NAVO-landen hebben hun diplomatieke missies in Afghanistan teruggetrokken, nadat de Taliban twee weken geleden de macht in het land overnamen.

‘Ons plan is nu om onze diplomatieke aanwezigheid op deze manier te behouden’, zei Erdogan. De Turkse president zei ook dat Turkije de sussende verklaringen van de Taliban tot verwelkomt met ‘voorzichtig optimisme’, maar dat die woorden dan wel gepaard moeten gaan met daden.

Taliban: vrouwen mogen studeren, maar niet in één ruimte met mannen

0

Afghaanse vrouwen mogen studeren aan de universiteit, maar de Taliban willen een einde maken aan gemengde klassen. Dat zegt Abdul Baqi Haqqan, de interim-minister voor Hoger Onderwijs van de Taliban.

De minister zegt dat de Taliban ‘een redelijk en islamitisch leerplan willen scheppen dat in overeenstemming is met onze islamitische, nationale en historische waarden en anderzijds in staat is om te concurreren met andere landen’.

Meisjes en jongens zullen ook gescheiden worden op lagere en middelbare scholen, maar dat was ook onder de pro-westerse regering regel in het conservatief-islamitische Afghanistan.

De Taliban hebben beloofd de vooruitgang op het gebied van vrouwenrechten te respecteren, maar alleen in overeenstemming met hun strikte interpretatie van de islamitische wet.

‘De (…) mensen van Afghanistan zullen hun hoger onderwijs in het licht van de sharia in veiligheid voortzetten zonder in een gemengde mannelijke en vrouwelijke omgeving te verkeren’, aldus de minister.

In de jaren negentig van de vorige eeuw kozen de Taliban voor een striktere koers. Meisjes mochten toen helemaal niet naar school. Velen vrezen een terugkeer naar dit regime.

Utrechts festival wil inclusief feestje, maar blundert met Turks en Arabisch

0

Spring Utrecht organiseert van 16 tot 19 september een rondreizend feest door de Domstad, met ontmoetingen, dans en theater, dat ook inclusief moet zijn. Probleem: een promotieposter met Arabische en Turkse teksten staat vol taalfouten.

Spring is een organisatie die festivals voor podiumkunsten organiseert, waaronder het festival Ark Utrecht dat elk jaar in Utrecht plaatsvindt. ‘We vieren de stad met bewoners van alle wijken, leeftijden, achtergronden, opleidingen en overtuigingen’, aldus Spring. Maar in haar poging om inclusief te zijn maakt de organisatie een aantal fouten.

Op de poster staat ‘Join the party!’, met daaronder vertalingen in het Arabisch en Turks. Maar de tekst in het Arabisch is van links naar rechts geschreven en met losse letters, twittert journalist Franka Hummels die de poster tegenkwam. De Arabische taal wordt in werkelijkheid van rechts naar links geschreven en met de letters aan elkaar vast.

Daarnaast klopt ook het Turks – ‘Şenliğe sen de katil!’ – niet, zien twitteraars die de Turkse taal machtig zijn. ‘Katıl’ zonder punt betekent ‘doe mee’, maar ‘katil’ mét een punt, zoals op de poster te zien is, betekent ‘moordenaar’.

Er staat nu dus: ‘Aan het feest jij ook moordenaar.’ ‘Krijgt zo’n affiche gelijk een hele andere lading van’, merkt de Turks-Nederlandse Trouw-columniste Emine Ugur op.

Spring Utrecht heeft nog niet op de ophef gereageerd.

Hoe reli-nationalisme de democratie aantast in Hongarije, Turkije en India

0

Op het eerste gezicht hebben Hongarije, Turkije en India weinig met elkaar gemeen: de landen verschillen enorm qua grootte, inwoneraantal en ook qua religie. Maar schijn bedriegt. Alle drie de landen zijn een autoritair pad ingeslagen en raken steeds verder verwijderd van de liberale democratie en daarbij behorende rechtsstaat. In hun strijd maken premier Viktor Orbán van Hongarije, president Recep Tayyip Erdogan van Turkije en premier Narendra Modi van India gebruik van nationalisme én religie. Waarom zijn ze hierin zo succesvol?

Hongarije: discours zonder ideologie

Sinds 2010 zijn Orbán en zijn conservatieve partij Fidesz aan de macht in Hongarije. Fidesz begon na de val van het communisme als een progressieve anticommunistische partij, maar transformeerde al snel in een conservatieve, populistische partij die het christelijke karakter van de natie benadrukte. Als premier schermde Orbán constant met traditioneel-christelijke waarden. Hij verscheen pontificaal op de foto met zijn eigen grote gezin, hij deelde premies uit aan gezinnen met meer kinderen en bond de strijd aan met ‘LGBT-propaganda’.  Ook werd Hongarije onder zijn premierschap steeds conservatiever en autoritairder. De onafhankelijkheid van de rechterlijke macht staat sterk onder druk, het gaat slecht met de persvrijheid – Hongarije staat op plek 92 van de persvrijheidsindex van Reporters Without Borders (RSF) – en hoewel Hongarije officieel godsdienstvrijheid kent, bevoordeelt de staat dankzij Fidesz de Rooms-Katholieke Kerk en de Gereformeerde Kerk financieel.

Oppositiepartijen zijn niet verboden: dat kan Hongarije niet maken als EU-lid. Maar ze worden wel gepest, vertelt de Brits-Hongaarse religiejournalist Alexander Faludy. ‘Zo worden er rechtszaken tegen deze partijen aangespannen, worden in aanloop naar de verkiezingen boetes uitgedeeld met als doel om de verkiezingscampagne te verstoren en vinden er soms invallen in partijkantoren plaats, waarbij computers in beslag worden genomen. Mensen die actief zijn bij oppositiepartijen ondervinden hiervan schade in hun zakelijke en professionele leven. Maar Orbán stuurt politieke tegenstanders niet naar de gevangenis, zoals Erdogan dat bijvoorbeeld wel doet’, zegt Faludy.

Volgens Faludy lijdt premier Orbán aan een messiascomplex, wat vaker het geval is bij autoritaire leiders. ‘Orbán gelooft dat hij de enige is die Hongarije kan redden. Hij is een man met een missie, die zich bekeerd heeft tot het calvinisme. In 1998 was Orbán met Fidesz voor het eerst premier geworden, maar in 2002 verloor hij onverwachts de verkiezingen, legt de journalist uit. ‘Orbán viel toen in een diep gat en verdween een paar maanden van de radar. Waar hij heeft uitgehangen? Geen idee. Hierover bestaan wilde geruchten. Maar Orbán kwam uit de crisis. Dankzij de geestelijke steun van de calvinistische dominee Zoltán Balog herpakte hij zich en vond hij zichzelf opnieuw uit.’

Balog speelt een hele belangrijke rol in het hedendaagse Hongarije, legt Faludy uit. Hij is sinds begin dit jaar het hoofd van de gereformeerde kerk in Hongarije, maar was van 2012 tot 2018 minister van Human Resources, een ‘superministerie’ dat onderwijs, gezondheidszorg, cultuur en minderhedenbeleid omvatte. ‘Dat de staat nu de gereformeerde kerk en de katholieke kerk sterk bevoordeelt, is vooral te danken aan Balog. Hij is ook verantwoordelijk voor het segregeren van de Roma binnen het onderwijssysteem, een omstreden discriminerende beleidsmaatregel.’

‘Debrecen, de tweede stad van Hongarije en de geestelijke hoofdstad van gereformeerd Hongarije, is ook het centrum van Fidesz’

Ongeveer de helft van de Hongaren ziet zichzelf als christelijk. De calvinisten, die slechts elf procent van de Hongaren uitmaken, vormen de harde kern van Orbáns achterban. ‘Debrecen, de tweede stad van Hongarije en de geestelijke hoofdstad van gereformeerd Hongarije, is ook het centrum van Fidesz’, vertelt Faludy. ‘Toen Fidesz in 1993 van een progressieve partij een ruk naar rechts maakte, organiseerde Orbán niet toevallig een conferentie in deze stad.’

De calvinisten zijn dan wel een kleine minderheid in Hongarije, maar hebben onevenredig veel invloed, legt de journalist uit. ‘Premier István Tisza, die ervoor zorgde dat Hongarije de Eerste Wereldoorlog inrolde, was een calvinist, maar ook admiraal Miklós Horthy, die van 1920 tot 1944 het land leidde. Dit komt omdat een aanzienlijk deel van de oude Hongaarse adel calvinistisch was en politieke ambten bekleedde.’

Veel Hongaarse calvinisten wonen in Transsylvanië, dat sinds 1920 bij Roemenië hoort. Dankzij Fidesz hebben de Hongaren in de gebieden die tot 1920 bij Hongarije hoorden stemrecht gekregen, en zij zijn Orbáns trouwste supporters. Mede dankzij deze kiezers behoudt Orbán de twee derde meerderheid die nodig is om de grondwet aan te kunnen passen, aldus de journalist. ‘Hongaren in West-Europa, die vaak progressiever zijn, worden geconfronteerd met veel administratieve rompslomp als ze willen stemmen. Maar voor de conservatieve, vaak calvinistische Hongaren in Roemenië heeft Orbán het proces expres heel makkelijk gemaakt.’

Maar hoe zit het met de katholieken? De overgrote meerderheid van de Hongaarse christenen is immers katholiek. ‘Fidesz zit in een coalitieregering met de conservatief-katholieke partij KDNP, waarmee Fidesz ook een lijstineenschuiving is aangegaan. Dat de KDNP ondanks deze zeer verregaande samenwerking nog steeds niet officieel is gefuseerd met Fidesz komt door de katholieke geestelijkheid in Hongarije, die de protestantse Orbán nog steeds niet helemaal vertrouwt’, legt Faludy uit. Toch steunen de meeste katholieke geestelijken – net als hun calvinistische collega’s – het beleid van Orbán. ‘Geestelijken die zich verzetten tegen de uitholling van de democratische rechtsstaat bestaan, maar ze zijn een uitzondering. Veel vaker werken geestelijken hier actief aan mee.’

‘Orbán kan het, ondanks zijn retoriek over islamitische vluchtelingen, buitengewoon goed vinden met Erdogan’

Als voorbeeld noemt Faludy de hetze tegen George Soros, die door de katholieke bisschop aartsbisschop Gyula Marfi is gestart, drie jaar voordat Orbán er zelf over begon. De Hongaars-Amerikaanse miljardair en filantroop, die van Joodse afkomst is, promoot met zijn Open Society Foundation liberale waarden en wordt daarom door Orbán en andere conservatieve en populistische politici als een gevaarlijke vijand gezien. De hetze tegen Soros leidde in 2019 tot de gedwongen verhuizing van de Central European University van Hongarije naar Oostenrijk, omdat het door Fidesz gedomineerde parlement wetswijzigingen had doorgevoerd die de status van deze door Soros gefinancierde particuliere universiteit in gevaar brachten. ‘De haatcampagne tegen Soros is heel opportunistisch’, benadrukt Faludy, ‘want dankzij een beurs van Soros kon Orbán naar de universiteit.’

Opportunisme is dan ook het belangrijkste wezenskenmerk van de partij van Orbán, concludeert de journalist. ‘Fidesz heeft geen ideologie, maar alleen een discours. Fidesz heeft meerdere gezichten. Aan de ene kant verdedigt de partij een christelijk-nationaal narratief en worden vluchtelingen, vooral die van islamitische afkomst, zwart gemaakt. Maar aan de andere kant zit het Hongarije van Fidesz als Makaristan samen met Turkije, Azerbeidzjan, Turkmenistan en andere Turkse landen in de Turkse Raad, die overwegend islamitisch is. Hongarije zwijgt over de discriminatie van christenen in deze landen en is een van de weinige landen in de Europese Unie die de Armeense Genocide niet heeft erkend. En Orbán kan het, ondanks zijn retoriek over islamitische vluchtelingen, buitengewoon goed vinden met Erdogan.’

Turkije: eerder pragmatisch dan islamistisch

In Turkije is sinds 2003 Erdogan aan de macht, eerst als premier en vanaf 2014 als president. Het afgelopen decennium werd het land stap voor stap steeds autoritairder. Op dit moment zitten duizenden politieke tegenstanders in de gevangenis, waaronder sympathisanten van de Gülenbeweging en aanhangers van de pro-Koerdische HDP, de tweede oppositiepartij in het land. Turkije staat op plaats 153 van de persvrijheidsindex van RSF: niet alleen hebben AKP-aanhangers de belangrijkste mediakanalen opgekocht en bestaan er nauwelijks onafhankelijke nieuwsmedia in het land, maar ook zitten er nog altijd tientallen journalisten in de gevangenis.

Erdogans AKP dankt haar succes deels aan een bottom-up-benadering, vertelt schrijver, antropoloog en Turkije-deskundige Jenny White, hoogleraar Turkish Studies aan de Universiteit van Stockholm. ‘AKP’ers gingen de arme wijken in, deden veel voor gewone mensen. De seculiere CHP liet zich nooit in deze wijken zien, alleen in verkiezingstijd voor een mooie fotoshoot. Dat de AKP onder veel gewone Turken nog steeds populair is, komt door dit sociale werk. En omdat het heel goed ging met de Turkse economie in de beginjaren van Erdogans bewind. Hij heeft hierdoor veel krediet opgebouwd bij de mensen, vooral de oudere generaties.’

‘De AKP is een politiek bedrijf. Het is een pragmatische partij, zonder islamistisch politiek programma’

Jongeren zijn kritischer over Erdogan. Zij associëren hem met de kwakkelende economie van nu, met vriendjespolitiek – afgestudeerden krijgen moeilijk een baan, je komt makkelijker aan een baan als je de juiste connecties hebt – en met religieus conservatisme. Turkse jongeren staan nu afstandelijker tegenover de islam, iets waar het Turkse presidium voor Godsdienstzaken Diyanet zich grote zorgen over maakt. Diyanet fungeert als een soort van staatskerk in Turkije en heeft goede banden met de AKP. Dankzij de AKP kreeg Diyanet meer geld en invloed. Zo krijgen pasgetrouwde stellen nu ook advies van Diyanet. White: ‘Vroeger, toen de seculiere CHP nog aan de macht was, bestond Diyanet ook, maar was de organisatie veel minder aanwezig in de samenleving. En Diyanet bemoeide zich al helemaal niet met het privéleven van mensen. Dat is nu anders geworden.’

Het is verleidelijk om de AKP te omschrijven als een islamistische partij en Erdogan als een islamistische politicus, zegt White, maar dit is volgens haar een populaire misvatting. ‘De AKP is een politiek bedrijf. Het is een pragmatische partij, zonder islamistisch politiek programma. Erdogan is een vrome moslim die de islam gebruikt voor politieke doeleinden, maar ook hem kun je niet islamistisch noemen.’ White interviewde hem jaren geleden, toen hij nog burgemeester was van Istanbul. ‘Hij is een hele charismatische man, maar heeft ook dominante, autoritaire trekken. Dat Turkije onder Erdogans leiding weer in autoritaire richting is opgeschoven verbaast mij daarom niet. Maar het is pertinent onjuist om dit aan islamisme toe te schrijven’, zegt ze.

Erdogan is ook geen Turkse nationalist, vertelt White. Het Turkse nationalisme is sterk verbonden met de Republiek Turkije die in 1923 werd gesticht. Het Turks-zijn werd toen gekoppeld aan de soennitische islam – waardoor alevieten, christenen en Joden werden buitengesloten – en aan de Turkse etniciteit en taal – wat vooral lastig was voor Koerden die niet wilden assimileren tot Turk.‘Dit nationale discours zorgde voor een overzichtelijke wereld. Iedereen die hier niet in meeging was de vijand, of in ieder geval een potentiële verrader.’ Maar Erdogan heeft dit vertrouwde wereldbeeld overhoop gehaald door zijn strijd tegen Gülenisten – ook soennitische moslims – en door weer terug te grijpen op het Ottomaanse Rijk (1299-1923).

‘Door het jaar 1453 als startpunt te nemen voor de Turkse identiteit – de verovering van Constantinopel door sultan Mehmet II – in plaats van 1923 – de stichting van de moderne Republiek Turkije – heeft Erdogan de ramen naar de islamitische wereld wagenwijd opengezet. Het Ottomaanse Rijk was een islamitisch wereldrijk. Voor Erdogan zijn grenzen minder belangrijk geworden. Turkije voert nu een actieve buitenlandse politiek – op de Balkan, in het Midden-Oosten, Centraal-Azië, Noord-Afrika en de Kaukasus – en benadrukt de islamitische broederschap. Met wisselend succes. Veel Arabieren herinneren zich het Ottomaanse Rijk als onderdrukkende imperialistische macht en zijn blij hiervan te zijn bevrijd.’

Het Ottomanisme van Erdogan heeft volgens White weinig met de historische realiteit van doen, maar is vooral ‘romantische kitsch’: ‘In 2015 ontmoette Erdogan zijn Palestijnse collega Mahmoud Abbas. Ze schudden elkaar de hand voor het presidentiële paleis in Ankara in het bijzijn van zestien acteurs die zich hadden verkleed als soldaten. Deze soldaten vertegenwoordigden de zestien Turkse staten uit het verleden, van de Xiongnu-confederatie in het huidige Mongolië tot aan het Ottomaanse Rijk. Maar historisch gezien klopte er niets aan die uniformen. De soldaten zagen er volgens critici uit als figuranten van een historische low-budget dramafilm.’ Erdogan wilde volgens White de indruk wekken dat Turkije een grote mogendheid is met een roemrijk verleden. Hij kon daarom ook niet lachen om een tweet van een linkse Turkse professor, die grapte: ‘Degene die de badjas draagt, welke staat vertegenwoordigt hij?’ De professor werd ontslagen.

Maar nog belangrijker dan Ottomaanse romantiek en de islam, zijn machtspolitiek en geld. ‘Met Hongarije heeft Turkije een goede band omdat het een Turks broedervolk is, ook al is Hongarije christelijk, maar ook omdat er met de Hongaren handel gedreven kan worden. Turkije heeft drones aan Hongarije en Polen verkocht, want dit levert veel geld op, maar verloochent de islamitische Oeigoeren die door China worden onderdrukt, omdat China veel economische macht heeft.’

‘Wie tegen Erdogan is heeft hem persoonlijk verraden, en heeft bovendien landverraad gepleegd’

Uiteindelijk is Erdogan volgens White een pragmatische machtspoliticus, die gebruik maakt van de islam en een romantische voorstelling van het Ottomaanse verleden om mensen aan zich te binden, met als doel om zo lang mogelijk aan de macht te kunnen blijven. ‘De Turkse politiek kun je vergelijken met een suikerspin. Erdogan is de stok, zijn getrouwen en zijn aanhangers vormen de gesmolten suiker die om de stok heen zijn gedraaid. Het draait uiteindelijk om persoonlijke loyaliteit aan de grote leider, om trouw aan Erdogan die het land gaat redden. Wie tegen Erdogan is, heeft hem persoonlijk verraden, en heeft bovendien landverraad gepleegd. De term ‘verrader’ wordt in Turkije zeer vaak gebezigd. En als je een ‘verrader’ bent, dan krijg je doodsbedreigingen binnen.’

India: reli-populisme als afleiding

In India zijn premier Modi en zijn hindoe-nationalistische Bharatiya Janata-partij (BJP) sinds 2014 aan de macht, maar na Modi’s herverkiezing in 2019 is het beleid geradicaliseerd. In augustus dat jaar besloot Delhi de autonomie van het overwegend islamitische Kashmir in te trekken en de noodtoestand in deze staat af te roepen. In september werden via een administratieve handeling twee miljoen moslims plotsklaps stateloos gemaakt. In december nam het Indiase parlement de controversiële Citizenship Amendment Act (CAA) aan, die het voor migranten makkelijker maakt om Indiaas staatsburger te worden – maar niet voor moslims.

Met de persvrijheid in India is het ook droevig gesteld. Het land staat op plek 142 van de RSF-ranglijst. Volgens de persvrijheidswaakhond proberen hindoe-nationalisten alle ‘antinationale ideeën’ te weren uit het publieke discours en worden er op sociale netwerken gecoördineerde hetzes, inclusief doodsbedreigingen, gevoerd tegen kritische journalisten. In Kashmir is de situatie nog erger, waar journalisten door de politie en door paramilitairen worden geïntimideerd en veel onafhankelijke media-outlets zijn gesloten.

De rechterlijke macht in India is daarentegen nog redelijk onafhankelijk, hoewel rechters nauwelijks hebben geprotesteerd tegen de erosie van de rechtsstaat onder de BJP, vertelt professor Ashok Swain, hoogleraar in Vredes- en Conflictonderzoek aan de universiteit van Uppsala in Zweden. Modi ontpopt zich steeds meer tot een autoritaire leider, waaromheen nu een persoonlijkheidscultus ontstaat, vervolgt hij. ‘Zijn portret staat nu ook op een vaccinatiecertificaat voor het coronavirus. Alsof Modi de mensen heeft gered.’

‘In India wordt de politiek steeds religieuzer en wordt religie steeds politieker’

De BJP, de partij van Modi, bestaat sinds 1980, en komt voort uit de hindoe-nationalistische beweging Rashtriya Swayamsevak Sangh die al veel langer bestaat. De RSS werd in 1925 opgericht, in dezelfde tijd dat in Egypte de Moslimbroederschap ontstond, zegt Swain. Volgens hem valt de RSS goed met de Moslimbroederschap te vergelijken.

‘Ook de RSS politiseert religie, in dit geval het hindoeïsme. Het politiseren van religie is schadelijk voor het hindoeïsme, dat misschien wel de meest diverse religie van de wereld is, met meer dan dertig miljoen goden. Hindoe-nationalisten willen het geloof standaardiseren. Ze willen meer eenheid. Uniforme regels over hoe je bidt, hoe je eet, hoe je naar andere religies kijkt.’

Maar het hindoe-nationalisme is in de eerste plaats schadelijk voor de islam, benadrukt Swain. ‘Vijftien procent van de Indiërs is moslim en de islam hoort al eeuwenlang bij India, maar volgens hindoe-nationalisten is de islam in India een Fremdkörper. Ook het christendom en het Sikh-geloof zijn de vijand en worden bestreden. De heftigheid van de haat hangt heel erg af van de staat waar je vandaan komt. In sommige staten wonen nauwelijks moslims, maar is er wel een aanzienlijke christelijke minderheid. In die staten zijn vooral de christenen het slachtoffer van hindoe-nationalistische haat.’

‘Kerk en staat zijn in India officieel gescheiden, maar religie en politiek raken steeds meer met elkaar vermengd’, vertelt de Indiaas-Zweedse hoogleraar. ‘De seculiere Congrespartij, die na Indiase onafhankelijkheid voor lange tijd de bovenliggende partij was, behandelde alle religies op gelijk niveau. Maar de BJP doet dat niet, die bevoordeelt het hindoeïsme. Een zorgelijke ontwikkeling. In India wordt de politiek steeds religieuzer en wordt religie steeds politieker. De gouverneur van de Indiase staat Uttar Pradesh, Yogi Adityanath, is een hindoeïstische monnik en draagt ook religieuze kleding.’

Net als Fidesz en de AKP zet de BJP religie pragmatisch in, met als doel dat de regering aan de macht kan blijven, aldus Swain. ‘Het reli-populisme van de BJP is vooral als afleiding bedoeld voor de alledaagse problemen van mensen. De regering voert een ongelooflijk slecht beleid tegen de coronapandemie, met honderdduizenden doden tot gevolg. Maar door de hele tijd naar de moslims en andere niet-hindoes te wijzen als zondebok, komt Modi ermee weg. Net als Orbán en Erdogan gebruikt Modi religie om mensen te mobiliseren. 80 procent van India is hindoe. Wat doe je dan als demagoog? De meerderheid proberen wijs te maken dat zij wordt bedreigd door allerlei ‘gevaarlijke’ minderheden. Orbán doet dat ook. Hij wijst naar de vluchtelingen.’

Massa’s worden bovendien door religie opgezweept en religieuze tegenstellingen kun je uitbuiten als demagoog. ‘Vorig jaar zomer wijdde Erdogan de Hagia Sophia weer in als een moskee: een symbolische overwinning van de islam op het christendom. In diezelfde zomer legde Modi de eerste steen voor de bouw van de tempel in Ayodhya, op de plek waar honderden jaren een moskee stond die in 1992 door hindoe-nationalisten werd gesloopt: een symbolische overwinning van het hindoeïsme op de islam.’

‘Het reli-populisme van de BJP is vooral als afleiding bedoeld voor de alledaagse problemen van mensen’

Hoewel Modi qua stijl lijkt op Orbán en Erdogan, heeft India met Hongarije nauwelijks een band en met Turkije een slechte band. ‘Met collega Donald Trump, toen hij nog president van de Verenigde Staten was, kon premier Modi goed opschieten, net als met de populistische president Jaïr Bolsonaro van Brazilië’, vertelt Swain. ‘Maar Hongarije is maar een klein land in het verre Europa, dat economisch gezien nauwelijks van belang is voor India. Met Turkije zijn de betrekkingen slecht omdat Turkije bondgenoot is van Pakistan, en dat land steunt in het conflict met India over Kashmir.’

Oeigoeren in Afghanistan vrezen dat Taliban ze uitleveren aan China

0

Net als miljoenen andere Afghanen hebben Oeigoeren in Afghanistan nu te maken met een andere realiteit, een waar de Taliban de leiding hebben. Maar Afghaanse Oeigoeren hebben nog een probleem erbij: de Taliban kunnen het goed vinden met China, dat in eigen land de Oeigoerse, islamitische minderheid onderdrukt.

Er wonen zo’n tweeduizend Oeigoeren in Afghanistan. Hoewel velen van de tweede generatie zijn – hun ouders zijn lang geleden naar Afghanistan gevlucht – staat nog steeds op hun Afghaanse identiteitskaarten dat zij Oeigoerse of Chinese vluchteling zijn.

Naar schatting miljoenen Oeigoeren zitten in Chinese heropvoedingskampen, die tot doel hebben de Oeigoerse identiteit te wissen. Steeds meer experts en parlementen spreken van genocide, ook omdat China bezig is met gedwongen anticonceptie onder Oeigoeren. Afghaanse Oeigoeren vrezen dat China hen kan aanpakken, nu de Taliban de macht hebben.

‘Dat is nu de grootste angst voor Oeigoeren in Afghanistan’, zegt een Oeigoerse man van in de vijftig in Kabul tegen de BBC. ‘We vrezen dat de Taliban China zullen helpen onze bewegingen onder controle te krijgen, of dat ze ons zullen arresteren en uitleveren aan China.’

Alle Oeigoeren in Afghanistan die met de BBC hebben gesproken vertelden de Britse omroep dat ze zich thuis hebben verstopt sinds de Taliban het land innamen. Slechts af en toe communiceren ze met elkaar via de telefoon.

‘We zijn nu als een levend dood volk’, zegt een andere Oeigoerse man in Kabul. ‘Te bang om zelfs maar naar buiten te gaan.’

Een man in Mazar-i-Sharif vertelt de BBC dat hij zich met zijn vrouw, kinderen en andere familieleden in het huis verstopte.

‘We zitten nu tien dagen thuis, ons leven staat on hold‘, zei hij. ‘Op onze identiteitskaarten staat duidelijk geschreven dat we Oeigoeren zijn.’

China verzoekt buitenlandse mogendheden om Oeigoerse dissidenten te arresteren en naar China terug te sturen. China en de Taliban staan ideologisch gezien ver uit elkaar, maar hebben gemeenschappelijke belangen.

‘China staat welwillend tegenover de Taliban zolang die de Oeigoerse extremisten maar in toom houden’, schreef de Volkskrant anderhalve week geleden. De Taliban op hun beurt hopen op economische concessies en broodnodige investeringen van China. De Oeigoeren in Afghanistan vrezen een onderhandelingsmiddel voor de Taliban te kunnen zijn.

In juli nodigde China een hoge Taliban-delegatie uit naar Tianjin, waar minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi zei te verwachten dat de groep ‘een belangrijke rol zou spelen in het vredes-, verzoenings- en wederopbouwproces van het land’. De Taliban beloofden dat ze ‘niemand zouden toestaan ​​Afghaanse grond tegen China te gebruiken’.

‘We zijn helemaal gestopt met winkelen en verlaten ons huis niet’, aldus een Oeigoerse vrouw in Mazar-i-Sharif, die opgroeide in Xinjiang. ‘We leven in angst. We hebben hulp nodig. Help alsjeblieft.’